CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsmededeling voorlopige jaarstukken 2020 en concept programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) (2021-23578)

gemeenteraad 14 juni 2021, gemeente VoorstBij agendapunt: Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland: Begroting 2022 en Jaarstukken 2020 (2021-23578)1.299 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Mededeling aan de gemeenteraad/voorhangprocedure

20 april 2021

Onderwerp:

voorlopige jaarstukken 2020 en concept programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG)

Nummer: Z-21-03974_2021-23578

Programma:

6. Veilig Voorst

Openbaar

Inleiding Met deze raadsmededeling informeren wij u over de voorlopige jaarstukken 2020. Ook ontvangt u ter kennisname een overzicht van de reacties op de Kadernota 2022-2025, waarover u in december 2020 bent geïnformeerd en waarop u kon reageren. Daarnaast informeren wij u ook over de concept programmabegroting 2022-2025 en krijgt u de gelegenheid om een formele zienswijze te geven op de concept programmabegroting. Kern van de boodschap Wij vragen u kennis te nemen van de voorlopige jaarstukken 2020, het overzicht van de reacties op de Kadernota 2022-2025 en de concept programmabegroting 2022-2025. Wij hebben geen bezwaar tegen de voorgelegde stukken en verwerken de financiële gevolgen in de meerjarenbegroting. Als u dat wenst, kunt u een formele zienswijze geven op de concept programmabegroting 2022-2025. De VNOG ontvangt de zienswijze graag vóór 3 juni 2021, maar uiterlijk 24 juni 2021. Dan kan deze bij de besluitvorming in het algemeen bestuur (AB) van 24 juni 2021 betrokken worden. Nadere toelichting Voorlopige jaarstukken 2020 Volgens de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) heeft het dagelijks bestuur (DB) de plicht om de raden van de deelnemende gemeenten voor 15 april de voorlopige jaarstukken ter kennisname aan te bieden. Het gaat nog om voorlopige stukken, omdat er bijvoorbeeld na de accountantscontrole nog wijzigingen in de jaarstukken kunnen worden aangebracht.

De verwachting is een positief jaarresultaat 2020 van € 4.929.380. Dit is grotendeels in lijn met de verwachtingen bij de Tweede Financiële Verkenning 2020. De lagere uitgaven zijn vooral een gevolg van de coronacrisis en daarnaast van het op gang komen van de uitvoering van de Toekomstvisie (die in januari 2020 werd vastgesteld). De lagere uitgaven, in hoge mate veroorzaakt door het niet doorgaan van oefeningen in 2020, hebben bij de inzet niet geleid tot daaraan herleidbare fouten. De oefeningen zijn inmiddels weer hervat. Zo blijven de routine en de automatismen in de repressie op peil. De begroting kon nog niet volledig worden uitgevoerd. Dit werd vooral veroorzaakt doordat de pandemie direct leidde tot (per saldo) lagere uitgaven en indirect tot een verdringing van het normale werk, omdat de VNOG de crisis moest bestrijden. De VNOG ontplooide een groot scala aan activiteiten, in hechte samenwerking met de gemeenten en GGD. Gedurende het jaar zijn de raden hierover diverse keren geïnformeerd en is er verantwoording afgelegd. Het is overigens aannemelijk dat ook zónder een coronacrisis in het jaar 2020, niet alle plannen en budgetten, vooral waar deze beïnvloed worden door de beleidsveranderingen in de Toekomstvisie, geheel tot uitvoering en uitgaven zouden zijn gekomen.

Een naadloos onderscheid van onderschrijdingen naar de oorzaken "COVID-19" en "opstart Toekomstvisie" valt echter niet te maken. Helder is evenwel dat van de minder-uitgaven-dan begroot circa € 3,5 tot 4 mln. direct toe te schrijven is aan COVID-19. De onderschrijding valt uiteen in twee grote brokken: het vrijwilligersbudget oefenen voor € 1.950.000 en de exploitatiekosten voor de brandweer (vakbekwaam worden en blijven, materieel en logistiek) voor € 1.850.000. Hier staan aan directe uitgaven van ongeveer € 600.000 voor COVID-19 tegenover: de kosten van de crisisorganisatie en die voor de aanpassing aan de anderhalvemetersamenleving van de VNOG-organisatie (inclusief de posten). De kosten voor zorghotels en teststraten zijn gedeclareerd bij zorgaanbieders/zorgverzekeraars respectievelijk GGD NOG. Het deel voor toezicht en handhaving wordt volgens het AB-besluit gedeclareerd bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).

-1-

Het saldo van de jaarrekening 2020 (gecorrigeerd voor COVID-19; "als er geen pandemie geweest was" en voor incidentele uitgaven) is flink lager dan dat over 2019, namelijk 3,8% van de totale begrotingsomvang ten opzichte van 6% in 2019. De VNOG komt met de uitvoering van de plannen èn ook in financiële zin dus op stoom. Het ligt voor de hand om, nu het vermogen van de VNOG op niveau is gebracht, een groot deel van het resultaat terug te betalen aan de gemeenten. Het AB neemt op 24 juni 2021 een definitief besluit over de bestemming van het resultaat. De uitkomst hiervan leggen wij aan u voor in de bestuursrapportage 2021. Binnen de begroting 2021 kunnen nog niet verplichte, maar wel noodzakelijke in te halen activiteiten door corona (vakbekwaamheid en dergelijke) betaald worden. Aangezien in het eerste kwartaal van 2021 de pandemie nog leidt tot lagere uitgaven. Voor de uitrol van het programma 'Zelfredzaam en risicobewust' over alle 22 gemeenten wordt door het DB aan het AB voorgesteld ongeveer € 550.000 van het resultaat te bestemmen voor een bestemmingsreserve. Dit programma gaat over onder andere de uitrol van de uitkomsten van de pilot "dashboard Brandweer" uit Harderwijk (waarin op wijkniveau risico- en doelgroepgerichte activiteiten worden uitgevoerd op basis van wetenschappelijk onderbouwde gedragsinterventies) en van het innovatieproject 'Leefsamen Achterhoek'.

De uitkomsten van de pilot worden in oktober 2021 bekend. Om bij een positieve uitkomst van de pilot de uitrol over alle gemeenten daarna snel te kunnen starten, wordt aan het AB in juni 2021 voorgesteld de reserve in te stellen. De uitrol loopt door in 2022. Overzicht reacties op Kadernota 2022-2025 Op 10 december 2020 heeft het AB de inhoudelijke en financieel-technische uitgangspunten voor de begroting 2022-2025 vastgesteld via de Kadernota 2022-2025. De kadernota is daarna ter kennisname aan de raden aangeboden. Naar behoefte konden raden een reactie geven. Sommige raden hebben hier gebruik van gemaakt. In het bijgevoegde overzicht leest u deze reacties en verzoeken. Waar mogelijk zijn verzoeken om verduidelijkingen verwerkt in de concept programmabegroting 2022-2025, zie bijgevoegd overzicht. Concept programmabegroting 2022-2025 In de programmabegroting zijn de inhoudelijke en financieel-technische uitgangspunten uit de vastgestelde Kadernota 2022-2025 verwerkt. De programmabegroting is opgebouwd volgens de opgaven van de VNOG, zoals vastgelegd in de Toekomstvisie-Opdrachten (vastgesteld door het AB op 15 januari 2020) en het regionaal Beleidsplan (vastgesteld door het AB op 10 december 2020). De raden werden nauw betrokken bij de totstandkoming van deze beide documenten. Op het moment, begin 2021, dat deze begroting werd opgesteld, was de coronacrisis nog volop in gang.

Sinds het begin van deze crisis in 2020 zijn er grote gevolgen geweest voor de VNOG. Aan de ene kant heeft de VNOG veel extra inspanningen moeten leveren en soms andere werkzaamheden moeten oppakken. Aan de andere kant moesten veel normale activiteiten door de maatregelen worden uitgesteld of op een alternatieve manier worden ingevuld. De gevolgen hiervan uit 2020 hebben effect op 2021. En, al naar gelang de ontwikkeling van de crisis in de loop van 2021, is er ook weer een effect op 2022. Dat kan een extra uitdaging vormen voor het behalen van de doelstellingen en de uitvoering van de activiteiten, die in de begroting 2022 staan. De begroting 2022 is opgesteld in de verwachting dat er in 2022 geen last ondervonden wordt van externe verstoringen. In de begroting wordt volgens de kadernota en de werkwijze "Gemeentelijke commissie Van der Jagt" de loon- en prijsindex opgenomen. Deze leiden, samen met de op pagina 28 genoemde autonome ontwikkelingen, voor de gemeente Voorst tot een verhoogde bijdrage van € 21.000; dit is 1,45% hoger dan de bijdrage in 2021. De verhoging is ook inclusief de indexen voor loon- en prijscompensatie. De verhoging van de bijdrage met 1,45% valt binnen onze verwachting over de kostenstijging. Het college van burgemeester en wethouders.

Bijlagen:  voorlopige jaarstukken 2020 (2021-23148)  overzicht van reacties op de Kadernota 2022-2025 (2021-23150)  concept programmabegroting 2022-2025 (2021-23149) Gerelateerde stukken:  raadsmededeling

Informatie over deze mededeling: portefeuillehouder: drs. Jos Penninx ambtenaar: Daphne Heemsbergen, adviseur openbare orde en veiligheid en crisisbeheersing 0571-27 93 42 d.heemsbergen@voorst.nl

RM_2021-23578_voorl_jaarstukken_VNOG

-2-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10051820/1