Raadsmededeling convenant regionale samenwerking Maatschappelijke Opvang (MO) en Beschermd Wonen (BW) Oost-Veluwe (2022-30612)
Tekst van het document
Mededeling aan de gemeenteraad/voorhangprocedure
5 juli 2022
Onderwerp:
convenant regionale samenwerking Maatschappelijke Opvang (MO) en Beschermd Wonen (BW) OostVeluwe
Nummer: Z-22-05757_2022-30612
Programma:
5. Sociaal Voorst
Openbaar
Inleiding Het college is van plan een besluit te nemen over het hierboven genoemde onderwerp. Voordat wij definitief een besluit nemen krijgt u de gelegenheid hierover uw mening te geven. De gemeenten in de regio Oost-Veluwe zijn van plan per 1 januari 2023 een nieuw convenant te sluiten voor regionale samenwerking op het gebied van MO en BW op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015. Aanleiding is het nieuwe verdeelmodel. Ondanks dat de invoering van het objectieve verdeelmodel als onderdeel van de doordecentralisatie van BW opnieuw is uitgesteld, kiest de regio Oost-Veluwe ervoor om per 1 januari 2023 op basis van de onderliggende uitgangspunten van de doordecentralisatie en het objectief verdeelmodel samen te werken en het regiobudget MO/BW te vullen. De gemeenten in de regio Oost-Veluwe hebben zich bestuurlijk uitgesproken voor blijvende financiële solidariteit voor MO en BW. Het convenant beschrijft de regionale samenwerking tussen de deelnemende gemeenten in het kader van MO en BW en in het bijzonder de verhouding en afspraken tussen de gemeente Apeldoorn als budgethouder en de regiogemeenten in het kader van taken, financiële verantwoordelijkheden, inspanningen, de beheersing van financiële middelen, eventuele besparingen of aanvullende kosten, de verevening van risico's en monitoring en evaluatie.
Met deze raadsmededeling informeren wij u over het proces om te komen tot een nieuw convenant op basis van financiële solidariteit. Kern van de boodschap De samenwerking in de regio Oost-Veluwe is vastgelegd in een convenant regionale samenwerking MO-BW. Het uitgangspunt hierin is financiële solidariteit. In het kader van het nieuwe verdeelmodel leggen wij een en ander vast en werken dit uit in een nieuw convenant. Met de regio is afgesproken dit onderwerp in twee fasen te bespreken met de gemeenteraad. Dit gebeurt in alle zes betrokken gemeenteraden. Dat kan nog leiden tot wijzigingen in het convenant. Definitieve vaststelling gebeurt in november 2022 in de zes gemeenteraden. Ook vinden informatiesessies plaats over de ontwikkelingen bij MO en BW. Voor de raadsleden van Brummen en Voorst was dat op 30 juni 2022. Nadere toelichting In de afgelopen jaren is met het huidige convenant steeds gekozen voor financiële solidariteit voor dit onderwerp De gemeenten in de regio Oost-Veluwe hebben zich in het Regionaal Bestuurlijk Overleg MO-BW uitgesproken voor blijvende financiële solidariteit voor MO en BW. Dit betekent onder meer het volgende: het vormen van een gezamenlijk regionaal budget waarbij een jaarlijks bij te stellen percentage van het individuele budget voor BW van elke individuele gemeente wordt overgeheveld naar dit regionale budget. Dit percentage is 85.
het restant van de middelen (15%) wordt gebruikt om de lokale infrastructuur te versterken. Door landelijk dalende budgetten vanaf 2024 ziet het ernaar uit dat minder mensen intramuraal BW en vaker beschermd thuis wonen met ondersteuning/begeleiding vanuit de lokale Wmo. Die kosten nemen toe. De overschotten op het regionale budget die er nu jaarlijks zijn, nemen langzaam af, afhankelijk van het slagen van de afbouwopgave.
-1-
Over de uitgaven in de lokale infrastructuur hebben wij afgesproken dat alle zes gemeenten een lokaal jaarwerkplan maken met daarin dezelfde indeling qua onderwerpen, namelijk: zorginfrastructuur in de wijk, welkom in de woonomgeving, wonen, werk en dagbesteding en financiële mogelijkheden. Onderdeel van het plan is een financiële paragraaf. In de lokale uitwerking kunnen zowel lokale als regionale partijen een rol krijgen. Voorbeelden van organisaties die aan herstel werken van mensen met GGZ-problematiek zijn St. Vriendendiensten en Korak. Maar ook Stimenz en St. Mens en Welzijn kunnen een bepaalde rol daarin vervullen.
De huidige vorm van regionale samenwerking bevalt goed Daarom zetten wij de samenwerkingsvorm in de vorm van een netwerkconstructie met Apeldoorn als budgethouder graag voort. Zo'n netwerksamenwerking heeft een convenant als basis. Het convenant wordt vastgesteld in de individuele gemeenteraden. Hiermee wordt de huidige werkwijze vastgehouden. Het nieuwe verdeelmodel heeft ook financiële gevolgen De huidige manier van financieren is dat de centrumgemeente rechtstreeks middelen ontvangt vanuit het ministerie voor MO/BW. Van die middelen houden wij de laatste jaren geld over. Er is geen terugbetalingsverplichting geweest. Dus deze middelen zijn doorgestort naar de gemeenten. In de nieuwe systematiek wordt het totale regionale budget zo'n 40% lager (van € 38 mln. naar € 23 mln.). Daardoor is er naar verwachting geen sprake meer van een overschot. Omdat het overschot niet is begroot, heeft dit geen effect op ons meerjarig financieel perspectief. In een transitietijd van tien jaar stappen wij volledig van de huidige naar de nieuwe verdeelsystematiek over. Voor ons gaat het om ongeveer € 1.700.000 aan totale rijksbijdrage in 2031. Op dit moment zijn binnen de regio 490 opvangplekken beschikbaar. Omdat het budget gaat dalen, wordt ook het aantal opvangplekken teruggebracht naar ongeveer 300. De overige cliënten moeten op een andere manier worden ondersteund.
Om die reden wordt in eerste instantie 85% (ongeveer € 1.450.000) vanuit ons Voorster budget regionaal ingezet en 15% lokaal (ongeveer € 250.000). Of deze verdeling past bij de nieuwe situatie, wordt doorlopend geëvalueerd. Dit maakt onderdeel uit van de afspraken die in het convenant moeten worden vastgelegd. Financiële solidariteit houdt in dat wij tekorten en overschotten binnen de regio met elkaar verrekenen. Het effect hiervan op ons budget is sterk afhankelijk van de exacte afspraken in het convenant. Onze opgave is het afbouwen van regionaal 190 plekken in tien jaar. Als wij niets doen of het lukt totaal niet, dan komen wij in 2027 ongeveer € 50.000 tekort (Voorster aandeel) oplopend naar € 400.000 in 2032. Als wij elk jaar volgens plan afbouwen (= regionaal ongeveer 15-25 plekken) dan ontstaat er geen tekort en houden wij budget over. Maar dit overschot neemt wel jaarlijks af.
Het college van burgemeester en wethouders.
Bijlagen: convenant regionale samenwerking MO/BW Oost-Veluwe (2022-30500)
Informatie over deze mededeling: portefeuillehouder: Peter Wormskamp
RM_2022-30612_convenant_reg_samenw_MO_en_BW_Oost-Veluwe
-2-
medewerker: Peter Krük, senior beleidsmedewerker sociaal domein 0571-27 92 99 peter.k@voorst.nl