Raadsmededeling beantwoording schriftelijke vragen CDA bestemmingsplan Nieuw Basselt en Fliertlanden, Twello (2022-05495 )
Tekst van het document
Mededeling aan de gemeenteraad
1 februari 2022
Onderwerp:
beantwoording schriftelijke vragen bestemmingsplan Nieuw Basselt en Fliertlanden, Twello
Nummer: Z-21-08833_2022-05495
Programma:
1. Bouwend Voorst
Openbaar
Inleiding De fractie van CDA heeft na de rondetafelgesprekken van maandag 24 januari 2022 schríftelijke vragen gesteld over het bestemmingsplan Nieuw Basselt en Fliertlanden, Twello. Deze vragen gaan over participatie, eventuele financiële schade, bestemmingsplan, sociale woningbouw, stedenbouwkundige verantwoording, de locatiestudie en de uitvoerbaarheid van de verkeersafwikkeling. Met deze raadsmededeling beantwoorden wij de vragen. Kern van de boodschap In de ronde-tafelgesprekken (RTG) van maandag 24 januari 2022 heeft wethouder Lagerweij aangegeven dat de participatie minder is geweest dan wat mogelijk zou zijn. 1. Wat waren de redenen om dat zo te doen? De minimale vereiste voor participatie is wettelijk opgenomen in de Uniforme openbare voorbereidingsprocedure (afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel. 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening). Dit houdt een publicatie in het Voorster Nieuws en Gemeenteblad in, met daarin de aankondiging van de inzagetermijn en de mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze. Bovenop deze wettelijke vereisten, hebben wij op 25 en 27 maart 2021 digitale inloopsessies georganiseerd, vooruitlopend op het ontwerpplan. Diverse omwonenden hadden de behoefte aan een extra toelichting, met één-op-één overleggen zijn die ook gevoerd.
Daarnaast hebben wij op 30 september en 1 oktober 2021 de mogelijkheid geboden om met een fysieke inloop te informeren over het ontwerpbestemmingsplan gedurende de inzagetermijn. Verder is via onze website en het Voorster Nieuws de samenleving geïnformeerd over het plan. Na het vestigen van het voorkeursrecht (op basis van de Wet voorkeursrecht gemeenten) zijn de grondonderhandelingen opgestart. Hierdoor was het pas mogelijk om inzicht in de verkavelingsopzet te geven bij de formele procedure. In de RTG van 24 januari heeft de wethouder aangegeven dat de MER (Milieu Effect Rapportage) zo minimaal mogelijk is gehouden. Als reden gaf hij op dat het toelaatbaar was. Dat vinden wij wat mager. Zeker gezien door de gevoeligheid die reeds aan het begin van het traject bekend was. 2. Kunt u dat nader toelichten? Concreet wat waren de redenen, anders dan dat het "toelaatbaar" is? Gezien aard en omvang van de ontwikkeling is een vormvrije m.e.r.-beoordeling toegestaan, een formele m.e.r.-beoordeling hoeft niet te worden uitgevoerd. Uit toetsing van de ontwikkeling aan de m.e.r.-wetgeving (artikel 7.19, lid 1 jo. 7.17 lid 2 t/m 4 van de Wet milieubeheer en categorie D.11.2 in de bijlage van het Besluit m.e.r) blijft het plan ruimschoots onder de drempelwaarden (een oppervlakte van 100 ha of meer, of een aaneengesloten gebied dat 2.000 of meer woningen omvat).
Door het adviesbureau Lievense/Wsp zijn de effecten van de woningbouwontwikkeling op de aspecten archeologie, natuur, verkeer, water en lucht in beeld gebracht. Deze rapportages zijn onderdeel van het bestemmingsplan. Hierin wordt geconcludeerd dat de effecten niet van significante aard zijn. Er is geen sprake van een grensoverschrijdend effect van de gewenste ontwikkeling. De participatie is niet uitgevoerd zoals het idealiter zou moeten, heeft u gezegd. 3. Op welke wijze heeft zou Covid-19 de participatie belemmerd? Op welke punten is dat concreet gebeurd? In plaats van een digitale inloopsessie hadden wij eind 2020 een fysieke inloop willen organiseren. Door de beperkende overheidsmaatregelen was dit niet mogelijk. De voorbereiding van de digitale inloopsessie kostte tijd, waardoor we de samenleving pas in maart 2021 konden informeren.
-1-
We hebben in de RTG aan de wethouder gevraagd om een indicatie te geven wat de schade zou zijn wanneer de WVG niet door zou gaan. De wethouder gaf aan dat hij een indicatie zou laten opstellen. Twee vragen: 4. Wanneer kunnen wij die opzet verwachten zodat we deze bij onze oordeelsvorming kunnen meenemen? Hoe hoog is die schade? Als er geen nieuwe bestemming aan de gronden binnen Twello Noord wordt gegeven, dan zal er moeten worden afgeboekt. De boekwaarde van dit project (grondaankopen en voorbereidingskosten) bedraagt per 31-12-2021 € 7,5 mln. De gemeente bezit in totaal 27,5 ha. Afboe2 ken naar een agrarische waarde (ca. € 6 per m ) betekent een totale waarde van € 1,65 mln. Dit betekent een afboeking van € 5,85 mln. Als op een later moment een bestemmingswijziging wordt doorgevoerd is er nu geen concrete berekening te maken. Wij verwachten wel een prijsopdrijvend effect vanwege het vervallen van de Wvg en daarmee het risico van tussenkomst van ontwikkelaars. 5. Zeggen wij als raad 'ja' op de vlekken voor bebouwing of zeggen wij 'ja' op de vlekken voor bebouwing plus aantallen en definitieve bestemming? U zegt 'ja' op het laatste. Wij vernamen van de wethouder dat in het appartementencomplex aan de Kruisweg zowel startersappartementen, middenklasse appartementen als hoger geprijsde appartementen zouden worden gebouwd. Dit leidt bij ons tot verwarring. 6.
Wat is de definitie van het college als het gaat om de bestemming sociale woningbouw? Onder sociale woningbouw verstaan wij - sinds instemming van de raad met de aanbevelingen uit de tussenevaluatie van de Woonvisie - sociale huurwoningen en bereikbare koop tot maximaal de NHG-grens. Dit prijskader hebben we geactualiseerd en sluit nu aan op de landelijke ontwikkelingen. Binnen die bandbreedte zetten wij in op differentiatie in woningtypen en doelgroepen. Juist ook omdat binnen deze doelgroep ook verschillende woonwensen zijn. Zo beogen wij gemengde woonwijken te realiseren, met een mix aan doelgroepen. De NHG-grens is een maximale grens. Wij streven ernaar om goedkopere woningen te ontwikkelen. Naar ons idee past de geplande hoogbouw aan de Kruisweg beter bij de bouw met meerdere bouwlagen bij de Fliertlanden (de flats aan de Oude Binnenweg). 7. Wat is de ratio en de reden achter de beoogde hoogde hoogbouw aan de Kruisweg? Ook bij de Fliertlanden wordt voorzien in een compact woongebouw met maximaal drie bouwlagen, daar is de bouwhoogte maximaal 12 m omdat het parkeren niet onder het gebouw hoeft te worden opgelost. Dit gebouw is beoogd voor sociale huurwoningen en bereikbare koopappartementen. Hierbij is rekening gehouden met het gemeentelijk monument, de boerderij aan de Parallelweg 9. Deze planopzet is afgestemd met de lokale woningbouwcorporatie.
Beide locaties zijn 'verdicht' omdat ze relatief op korte afstand van Twello Centrum liggen. Hier hoort de typologie van 'centrum dorps' wonen bij. Hiermee wordt bedoeld compact wonen, geschikt voor kleinere huishoudens voor verschillende doelgroepen (zoals jongeren en ouderen). Deze doelgroep is het meest gebaat bij een locatie dicht bij het centrum en de voorzieningen zoals het NS-station. Waar eerst 30 woningen gedacht waren konden er meer komen, maar nu zijn het er 100. 8. Hoe zijn de locatiekeuzes en aantallen woningen tot stand gekomen? In de locatiestudie Twello.250 Woningbouwlocaties landschappelijk onderzoek zijn voor de locatie Kruisvoorderweg 30 S-kavels, 40 M-kavels, 4 L-kavels en 1 á 2 XL-kavels ingeschat. Deze inschatting is gemaakt door te rekenen met een bepaalde dichtheid aan woningen per hectare. Hierbij is nadrukkelijk aangegeven dat het aantal woningen kan veranderen op basis van het 'laadvermogen' van de locaties en dat hiermee de totale aantallen woningen van met name de S- en M- kavels mogelijk hierdoor toenemen. Bij de verdere uitwerking is bijvoorbeeld ook gekeken naar het woningbouwprogramma en de verschillende woningtypes, alsook naar het landschap en de ruimtelijke randvoorwaarden.
-2-
Het getuigt van goed bestuur wanneer het college een concreet plan heeft voor de als randvoorwaarde gestelde verkeersafwikkeling, alvorens tot vaststelling van het plan wordt overgegaan. 9. Waarom is het college van mening een oplossing te kunnen vinden voor een goede verkeersafwikkeling, terwijl deskundige bureaus tot tweemaal toe hebben aangegeven daar nog geen oplossing voor te hebben? Het verkeerskundige bureau Goudappel Coffeng heeft verschillende maatregelen geadviseerd om te komen tot een goede verkeersafwikkeling van de nieuwbouw in Twello Noord. Echter, het effect van deze maatregelen moet nader onderzocht worden (de verkeerscirculatie). Dit wordt onderschreven door de verkeersdeskundigen van de provincie Gelderland. Zij vragen weliswaar in hun zienswijze om aandacht voor de aansluitingen op de Rijksstraatweg en de Terwoldseweg, maar stellen niet dat het plan onuitvoerbaar is. Voor de haalbaarheid van het woningbouwplan is het positief dat de wegen gemeentelijk eigendom zijn en deze het juiste planologische kader hebben (de bestemming Verkeer). Hiermee zijn wij in de gelegenheid om verkeersmaatregelen te treffen en kunnen wij het woningbouwplan uitvoeren. Over de verkeersmaatregelen willen wij graag met de omgeving in overleg, ook de nader te bepalen verkeersmaatregelen zijn om eerder genoemde redenen uitvoerbaar.
De uitkomst van dit overleg staat vaststelling van de ruimtelijke kaders van het plan niet in de weg.
Het college van burgemeester en wethouders.
Gerelateerde stukken: schriftelijke vragen fractie CDA
Informatie over deze mededeling: portefeuillehouder: Arjen Lagerweij
RM_2022-05495_beantw_schr_vr_bp_Nieuw_Basselt_en_Fliertlanden_Twello
-3-
medewerker: Wouter IJsseldijk, beleidsmedewerker ruimtelijke ontwikkeling 0571-27 98 48 w.ijsseldijk@voorst.nl