CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Modelbesluit B&W 7e wijziging gemeenschappelijke regeling

gemeenteraad 12 juni 2023, gemeente VoorstBij agendapunt: GGD NOG 7e wijziging Gemeenschappelijke Regeling [voorhangprocedure] [Verplaatst naar raadsvergadering 19 juni 2023]1.385 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Modelbesluit colleges van B&W over de 7e wijziging van Gemeenschappelijke regeling GGD Noorden Oost-Gelderland 2016 versie: CONCEPT- aangepast na AB GGD NOG 6 april 2023 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ……………………………...,

gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van GGD Noord- en Oost-Gelderland d.d. … …………… 2023/2024; gelet op de Wet publieke gezondheid, de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Gemeentewet; gezien de toestemming, als bedoeld in art. 1, vierde en vijfde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, die d.d. …. ............ 2023/2024 van de gemeenteraad is verkregen voor dit besluit; overwegende dat de deelnemers aan Gemeenschappelijke regeling GGD Noord- en Oost-Gelderland 2016 deze regeling voor 1 juli 2024 in overeenstemming moeten brengen met de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 juli 2022;

BESLUIT:

Artikel I. De Gemeenschappelijke regeling GGD Noord- en Oost-Gelderland 2016 wordt gewijzigd als volgt: A. Artikel 1 Begripsbepalingen, aanhef en vierde bullet, komt te luiden: In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:  GGD: het openbaar lichaam, bedoeld in artikel 2 van deze regeling; B. Artikel 4, eerste lid, onder b, komt te luiden: het houden van toezicht op de naleving van de Wet kinderopvang, bedoeld in artikel 1.61, eerste lid, van de Wet kinderopvang. C. Artikel 5, vierde lid, komt te luiden: De directeur is toezichthouder in de zin van artikel 1.61, eerste lid, Wet kinderopvang. Aan de directeur komen de bevoegdheden als toezichthouder toe, genoemd in de Algemene wet bestuursrecht en de Wet kinderopvang. D. Na artikel 7 worden artikel 7a en artikel 7b ingevoegd, luidende: Artikel 7a Zienswijzen 1. Onverminderd de gelegenheid om een zienswijze naar voren te brengen voorafgaand aan het besluit tot het vaststellen of wijzigen van de begroting, bedoeld in artikel 35 van de wet en met inachtneming van artikel 21, zesde lid van deze regeling, stelt het algemeen bestuur de raden van

de gemeenten in de gelegenheid om bij het dagelijks bestuur een zienswijze naar voren te brengen voorafgaand aan het nemen van een van de volgende besluiten: a. de vaststelling van meerjarige financiële en beleidsmatige kaders; b. de vaststelling van een evaluatie bedoeld in artikel 31. 2. Het dagelijks bestuur zendt het ontwerpbesluit twaalf weken voordat het aan het algemeen bestuur ter vaststelling wordt aangeboden, toe aan de raden van de deelnemende gemeenten. 3. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij het ontwerpbesluit, zoals dit aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. 4. Het dagelijks bestuur stelt de raden van de deelnemende gemeenten voorafgaande aan het vaststellen van het besluit schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het eerste lid, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. Artikel 7b Participatie Aan de mogelijkheid om ingezetenen van de gemeenten en belanghebbenden te betrekken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid, genoemd in artikel 10, zevende lid, van de wet, wordt in ieder geval toepassing gegeven op de volgende wijzen: a. ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen een verzoekschrift indienen bij het GGD-bestuur; b.

ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen in een openbare vergadering van het algemeen bestuur het woord voeren over onderwerpen die geagendeerd zijn; c. het dagelijks bestuur legt beleidsdocumenten ter inzage, in ieder geval de ontwerpbesluiten die voor een zienswijze aan de raden worden voorgelegd; d. het dagelijks bestuur draagt zorg voor het uitvoeren van onderzoeken en peilingen onder ingezetenen van de deelnemende gemeenten, cliënten van de GGD en belanghebbenden, om de behoefte aan en de tevreden over de dienstverlening te onderzoeken. E. Artikel 9 Werkwijze, derde lid, komt te luiden: 3. De artikelen 28, eerste tot en met vierde lid, 30, 31, 53, 54, 56, 59 en 60 van de Gemeentewet zijn ten aanzien van de vergaderingen van het dagelijks bestuur van overeenkomstige toepassing. F. Na artikel 13 wordt artikel 13a ingevoegd, luidende: Artikel 13a Gemeenschappelijke adviescommissie Het algemeen bestuur stelt op voorstel van de raden van de deelnemende gemeenten gezamenlijk een gemeenschappelijke adviescommissie in, overeenkomstig artikel 24a van de wet. Deze commissie kan het algemeen bestuur van advies voorzien, de besluitvorming van de raden van de deelnemende gemeenten met betrekking tot de regeling voorbereiden of de raden van advies voorzien. G.

Artikel 15 Bestuur GGD - colleges en raden, komt te luiden: Artikel 15 Inlichtingen en verantwoording algemeen bestuur 1. Het algemeen bestuur geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben 2. Het algemeen bestuur verstrekt de inlichtingen, bedoeld in het eerste lid, ten minste door: a. het toezenden aan de raden van verslagen en besluitenlijsten van vergaderingen van het algemeen bestuur;

b. het informeren van de raden over de wijze waarop het bestuur uitvoering geeft aan de openbaarmaking van informatie als bedoeld in de Wet open overheid. 3. Het algemeen bestuur geeft de raden van de deelnemende gemeenten schriftelijk de door een of meer leden van die raden gevraagde inlichtingen. 4. Een lid van het algemeen bestuur geeft het college en de raad van zijn gemeente de door een of meer leden van die organen gevraagde inlichtingen. De inlichtingen kunnen schriftelijk of mondeling worden gegeven. 5. Een lid van het algemeen bestuur is verantwoording verschuldigd aan de raad en het college van zijn gemeente over het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid. H. Artikel 16 Leden algemeen bestuur - colleges en raden, komt te luiden: Artikel 16 Inlichtingen en verantwoording dagelijks bestuur 1. Het dagelijks bestuur geeft het algemeen bestuur alle inlichtingen die het algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. 2. Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan het algemeen bestuur verantwoording schuldig over het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur. 3. Het dagelijks bestuur geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. 4. Het dagelijks bestuur geeft schriftelijk de door een of meer leden van de raden gevraagde inlichtingen. I.

Artikel 21 Begroting, zesde lid, komt te luiden: Artikel 35, eerste, derde en vierde lid, van de wet zijn niet van toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting, waarbij a. geen verandering wordt gebracht in de bijdrage, bedoeld in het tweede lid of in de bijdrage, bedoeld in het derde lid, eerste volzin, en b. geen verandering wordt gebracht in de omvang van de algemene reserve. J. Artikel 25, tweede lid en derde lid, komt te luiden: 2. Het algemeen bestuur stelt een voorstel op voor de financiële, personele en overige gevolgen van de voorgenomen uittreding voor de GGD. Daarbij gelden de volgende uitgangspunten: a. de uittredende gemeente draagt de kosten die het rechtstreekse gevolg zijn van de uittreding en de overige gemeenten ondervinden geen financieel nadeel van de uittreding; b. de gemeente die voornemens is uit te treden draagt de kosten voor het uitvoeren van een onafhankelijk onderzoek naar de financiële, personele en overige gevolgen van de voorgenomen uittreding; c.

het algemeen bestuur onderscheidt in het voorstel voor de gevolgen van de voorgenomen uittreding de volgende kostensoorten: • frictiekosten (eenmalige personele en materiële kosten als gevolg van het uittreden); • direct vervallen kosten (kosten die vervallen bij de uittreding en daaraan verbonden overname van taken); • op termijn te vervallen kosten (kosten die op termijn door te bezuinigen vervallen); • schaalnadelen (kosten die niet wijzigen als gevolg van het uittreden gedurende vijf jaar na uittreding); • aandeel in de reserves en voorzieningen. 3. Het college dat voornemens is uit te treden neemt op basis van het voorstel, bedoeld in het tweede lid, een definitief besluit, onverminderd het bepaalde in artikel 1, tweede tot en met

vijfde lid, van de wet. De uittreding vindt plaats per 1 januari van enig kalenderjaar met inachtneming van een opzegtermijn van ten minste een vol kalenderjaar.

K. Artikel 31 komt te luiden: Artikel 31 Evaluatie 1. Het algemeen bestuur draagt er zorg voor dat ten minste eenmaal per vier jaar een evaluatie van deze regeling plaatsvindt. 2. De evaluatie richt zich op de inhoud van de regeling zelf en op de ervaringen met de gehanteerde werkwijzen. L. Artikel 33 komt te luiden: De regeling kan worden aangehaald als "Gemeenschappelijke regeling GGD Noord- en OostGelderland".

Artikel II. De wijziging treedt in werking op de dag na bekendmaking.

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van …………… d.d. … …………2023/2024,

De secretaris

De burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12762627/1