CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Legesverordening 2026

gemeenteraad 15 december 2025, gemeente VoorstBij agendapunt: Legesverordening Voorst 202614.156 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

en als moet worden beoordeeld of de in het tijdelijke deel van het omgevingsplan bedoelde aanlegactiviteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan respectievelijk het in voorbereiding zijnde omgevingsplan dat voorziet in de bescherming van het stads- of dorpsgezicht, als bedoeld in artikel 22.278, tweede lid, van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, verhoogd met € 545,95; Paragraaf 2.8 Overige activiteiten Artikel 2.29 Omgevingsplanactiviteit: overige geluidshinder Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het in, op of aan een onroerende zaak hebben van hinder die een voor de omgeving opvallend geluid of lichtsignaal kan produceren, bedoeld in artikel 4.1.5 van de APV in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 515,60.

Artikel 2.30 Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in artikel 4.3.2 van de APV in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten a. indien de aanvraag het kappen van 0-3 bomen betreft € 64,90; b. indien de aanvraag het kappen van 4-10 bomen betreft € 97,30; c. indien de aanvraag het kappen van 11-25 bomen betreft € 876,00; d. indien de aanvraag het kappen van meer dan 25 bomen betreft € 1.314,00.

Artikel 2.31 Omgevingsplanactiviteit: reclame Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, als bedoeld in artikel 4.4.2 van de APV in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, en als niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: a. als de activiteit bestaat uit het op of aan een onroerende zaak maken of voeren van die handelsreclame € 515,60;

b. als de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat die handelsreclame op of aan die onroerende zaak wordt gemaakt of gevoerd € 515,60. Artikel 2.32 Omgevingsplanactiviteit: (opslag van roerende zaken en/of objecten plaatsen op de weg) Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit de opslag van roerende zaken in een aangewezen gedeelte van de gemeente, bedoeld in artikel 2.1.5.1 van de APV in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: a. als de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken € 515,60; b. als de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen € 515,60.

Artikel 2.33 Omgevingsplanactiviteit: standplaatsen Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het innemen of hebben van een standplaats, bedoeld in artikel 5.2.3.2 van de APV in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 257,80. Artikel 2.34 Andere activiteiten Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit: a. betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunningsplichtige activiteit, uitgezonderd de activiteit bedoeld in onderdeel b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten €531,10; b. betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 1.

voor een omgevingsplanactiviteit € 332,60; 2. voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit met beknopte onderbouwing € 731,10; 3. voor een buitenplanse omgevingsactiviteit met uitgebreide onderbouwing, bedraagt het tarief: a. voor een plan met een projectgebied tot 5.000 m2, € 9.625,00; b. voor een plan met een projectgebied van 5.000 m2 tot 100.000 m2, € 15.922,90; c. voor een plan met een projectgebied vanaf 100.000 m2, € 25.029,75; 4. voor een in een gemeentelijke verordening als bedoeld in artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit aangewezen vergunningsplichtige activiteit € 531,10. Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften Artikel 2.35 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouw- of sloopactiviteit, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift € 257,10. Artikel 2.36 Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten 1. Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op: a. één milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief € 2.381,15;

b. twee of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit € 1.411,75; 2. Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit € 2.381,15. Artikel 2.37 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift € 257,80. Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid Artikel 2.38 Gelijkwaardige maatregel 1. Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op: a. een bouwactiviteit, bedraagt het tarief, per uur € 128,85; b. een activiteit met betrekking tot cultureel erfgoed, bedraagt het tarief, per uur € 128,85; c. een milieubelastende activiteit, bedraagt het tarief € 1.411,75; d. een andere activiteit dan bedoeld in de onderdelen a, b of c bedraagt het tarief, per uur € 128,85; 2. Het op grond van het eerste lid onder a, b of d verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld.

De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Paragraaf 2.11 Overige tarieven Artikel 2.39 Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit € 128,85. Artikel 2.40 Wijzigen omgevingsvergunning 1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een verleende omgevingsvergunning 1,5% van de gewijzigde (verschil verleend en wijziging) bouwkosten met een minimum van € 700,00. 2. Het bepaalde onder het eerste lid is niet van toepassing als de afwijking zodanig is dat, naar de omstandigheden beoordeeld, van een nieuwe omgevingsvergunning sprake is. Artikel 2.41 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning 1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning € 257,80. 2. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van één voorschrift van een milieubelastende activiteit van een omgevingsvergunning € 1.411,75.

Als meerdere voorschriften milieubelastende activiteit of activiteiten moeten worden aangepast geldt hetzelfde tarief als verschuldigd op grond van hoofdstuk 2 voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning milieubelastende activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft. Artikel 2.42 Intrekken omgevingsvergunning 1. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning, tenzij artikel 2.58 van toepassing is worden geen leges in rekening gebracht. 2. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning milieubelastende activiteit of activiteiten, tenzij artikel 2.58 van toepassing is € 1.411,75.

Artikel 2.43 Beoordeling aanvullende gegevens Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, in behandeling is genomen € 128,85. Artikel 2.44 Beoordeling onderzoeksrapporten De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een verzoek tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit. Artikel 2.45 Wijzigen van het omgevingsplan 1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een wijziging van het omgevingsplan, als de aanvraag betrekking heeft op: a. voor een plan met een projectgebied met een oppervlakte tot 5.000 m2 € 9.625,00; b. voor een plan met een projectgebied met een oppervlakte van 5.000 m2 tot 100.000 m2 € 15.922,90; c. voor een plan met een projectgebied met een oppervlakte van meer dan 100.000 m2 € 25.029,75. 2. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan als bedoeld in artikel 2.8 Omgevingswet € 9.625,00.

Artikel 2.46 Niet genoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan € 515,60. Paragraaf 2.12 Modaliteiten Artikel 2.47 Achteraf ingediende aanvraag Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met 20%, met een maximum van € 2.366,00. Artikel 2.48 Uitgebreide voorbereidingsprocedure Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit: a. als sprake is van een milieubelastende activiteit € 1.844,60; b. als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit € 644,50; c. als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a en b € 644,50. Artikel 2.49 Beoordeling onderzoeksrapporten Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld: a. voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport € 218,05; b.

voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport € 218,05; c. voor de beoordeling van een geluid- of luchtrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting € 218,05; d. voor de beoordeling van een akoestisch rapport betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk € 218,05; e. voor de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport € 218,05; f. voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER), per persoon per uur €128,85; Het bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Een aanvraag wordt in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. g. voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport € 218,05. Artikel 2.50 Advies

1. Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: a. voor een advies van de gemeenteraad € 515,60; b. voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit 2023 gemeente Voorst€ 988,20; c. voor een uit oogpunt van welstand gegeven advies vooroverleg, naar aanleiding van een commissievergadering, mandaatbehandeling of ambtelijke toets, van de gemeentebouwmeester dan wel het Gelders Genootschap, voor de eerste drie adviezen in totaal € 143,25; d. voor een uit oogpunt van welstand gegeven advies vooroverleg, naar aanleiding van een commissievergadering, mandaatbehandeling of ambtelijke toets, van de gemeentebouwmeester dan wel het Gelders Genootschap, voor elk advies boven het aantal van drie adviezen € 143,25; e. voor een advies in andere gevallen: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. 2.

Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Artikel 2.51 Instemming 1. Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan : het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn. 2. Het bedrag, bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Paragraaf 2.13 Vermindering Artikel 2.52 Verminderingen 1.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, dan wel een wijziging van het omgevingsplan, zoals bedoeld in artikel 2.45, voorafgegaan is door een verzoek voor het verkennen en begeleiden van het initiatief, zoals beschreven in artikel 2.4, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt voor de in artikel 2.4, eerste en derde lid bedoelde leges: 100% van de daarvoor verschuldigde leges, waarbij er geen vermindering plaatsvindt voor bedragen tot € 184,60 en waarbij tevens geen vermindering plaatsvindt van het omgevingsoverleg, zoals beschreven in artikel 2.4, tweede, vierde en vijfde lid. 2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning dan wel wijziging van het omgevingsplan gedaan: a. voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het omgevingsoverleg betrekking had; b. in overeenstemming met de uitkomsten van het omgevingsoverleg; en c. binnen 1 jaar na goedkeuring van het schetsplan uitgewerkt (bouw)plan als bedoeld in artikel 2.4, eerste en derde lid. 3.

Als een aanvraag tot het verkrijgen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een grondgebonden zonne-energiesysteem, op eigen grond, voor eigen gebruik, tot een

maximaal vermogen van 15 kWp (enkel kleinverbruik aansluitingen), worden de op grond van hoofdstuk 2, de artikelen 2.5, 2.6 dan wel 2.6A, verschuldigde leges verminderd met 75% van de daarvoor verschuldigde leges. 4. Als een aanvraag tot het verkrijgen van een omgevingsvergunning is ingediend door een stichting of vereniging gevestigd in de gemeente Voorst, die zich blijkens haar statuten de uitoefening ten doel stelt van plaatselijke activiteiten van maatschappelijke, sociale of culturele aard ten behoeve van het algemeen belang, waarbij de activiteiten in hoofdzaak worden verricht door vrijwilligers, worden de op grond van hoofdstuk 2, de artikelen 2.5 dan wel 2.6, verschuldigde leges verminderd met maximaal € 500,00 van de daarvoor verschuldigde leges. Artikel 2.53 Gereserveerd Paragraaf 2.14 Teruggaaf Artikel 2.54 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt 50% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.

Artikel 2.55 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt 85% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Artikel 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt 50% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.

Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt bij gehele intrekking na de indiening van de aanvraag 25% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouwof milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 26 weken na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt 25% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten a.

Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt 25% van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. b. Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. Artikel 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 184,60 wordt niet teruggegeven. Hoofdstuk 3 Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2.3.1.4 van de APV: a. voor de eerste avond € 32,40; b. voor de tweede en volgende avond, per avond € 6,45. Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a. een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet € 577,92; b. een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid van de Alcoholwet € 39,35; c. een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet € 53,55; d. een aanvraag tot het wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Alcoholwet € 53,55; e. een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet, die niet wordt verleend in combinatie met een vergunning als bedoeld in artikel 2.2.2 (evenementenvergunning) van de APV € 39,35.

Paragraaf 3.2 Seksbedrijven Artikel 3.3 Vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3.1.3 van de APV: a. voor het exploiteren of wijzigen van een prostitutiebedrijf (niet zijnde een escortbedrijf) € 1.377,32; b. voor het exploiteren of wijzigen van een escortbedrijf € 662,75. Artikel 3.4 Gereserveerd Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a. een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet € 39,35; b. wijziging van een in onderdeel a bedoelde ontheffing € 39,35. Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt Artikel 3.6 Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.2.2 van de APV (evenementenvergunning) voor een evenement in categorie: a. A, zijnde een klein meldingsplichtig evenement, minder dan 500 personen €0,00; b. A+, zijnde een klein vergunningsplichtig evenement, minder dan 500 personen €102,15; c. B, zijnde een middelgroot evenement van 500 tot 5.000 personen € 204,35; d. B+, zijnde een groot evenement van 5.000 personen of meer zonder risico-scan C € 707,20; e. C, zijnde een groot evenement van 10.000 personen of meer met risico-scan C €3.143,00.

Artikel 3.7 Gereserveerd

Paragraaf 3.5 Standplaatsen Artikel 3.8 Marktstandplaatsvergunningen en andere vergunningen op de markt Het tarief bedraagt voor het: a. in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor een vaste standplaats als bedoeld in de Marktverordening gemeente Voorst 2008 (hierna: Marktverordening) € 193,35; b. verstrekken van een vergunning voor een dagplaats als bedoeld in de Marktverordening€ 128,85; c. verstrekken van een vergunning voor een standwerkersplaats als bedoeld in de Marktverordening€ 128,85. d. verlenen van ontheffing van de verplichting om de standplaats in te nemen tot de sluitingstijd van de markt € 128,85. Artikel 3.9 Overige administratieve dienstverlening markt Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a. overschrijving van een vergunning voor een vaste standplaats op naam van een ander als bedoeld in artikel 5 van het Marktreglement gemeente Voorst 2010 (hierna: Marktreglement) € 128,85; b. toestemming met vervanging van de vergunninghouder als bedoeld in artikel 10 van het Marktreglement € 128,85; c. ontheffing van de verplichting om de standplaats in te nemen tot de sluitingstijd van de markt als bedoeld in artikel 12 van het Marktreglement € 128,85.

Artikel 3.10 Losse standplaatsen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag op grond van artikel 5.2.3.2 (standplaatsvergunning en weigeringsgronden) van de APV € 30,55. Paragraaf 3.6 Gereserveerd Artikelen 3.11 tot en met 3.18 Gereserveerd Paragraaf 3.7 Kinderopvang Artikel 3.19 Kinderopvang Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a. een aanvraag tot het in exploitatie nemen van een kindercentrum of gastouderbureau als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid, Wet kinderopvang €1.168,75; b. een door de houder van een gastouderbureau ingediende aanvraag voor degene die door zijn tussenkomst voornemens is gastouderopvang te bieden, als bedoeld in artikel 1.45, tweede lid, Wet kinderopvang € 676,50. Paragraaf 3.8 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Artikel 3.20 Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking € 30,15. Behorende bij het raadsbesluit van 15 december 2025. Bert Jan Urban griffier

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16405238/1