Eed en belofte raadsleden
Tekst van het document
Artikel 14 Gemeentewet: Alvorens hun functie te kunnen uitoefenen, leggen de leden van de raad in de vergadering, in handen van de voorzitter, de volgende eed (verklaring en belofte) af. De voorzitter vraagt het raadslid naar voren om de eed / verklaring en belofte af te leggen.
Artikel 14, lid 1. (tekst verklaring en belofte) “Ik verklaar dat ik, om tot lid van de raad benoemd te worden, rechtstreeks nog middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de raad naar eer en geweten zal vervullen.
Het raadslid antwoordt: “Dat verklaar en beloof ik!”