Concept Raadsopdracht Bestuurskrachtonderzoek
Tekst van het document
1
Raadsopdracht Bestuurskrachtonderzoek Voorst 2026 Raadsvergadering 9 maart 2026
1. De gemeenteraad van Voorst wil zich aan het begin van de nieuwe raadsperiode 20262030 een onderbouwd beeld vormen van de bestuurskracht van de gemeente en mogelijke maatregelen om de bestuurskracht, waar dat wenselijk is, verder te versterken. Wat zijn de belangrijkste opgaven waar de gemeente voor staat? Hebben we ambtelijk en bestuurlijk voldoende bestuurskracht voor de opgaven en een goede dienstverlening aan onze inwoners? 2. Bij het beantwoorden van deze vragen kan een Bestuurskrachtonderzoek behulpzaam zijn. Voorstel is dat de huidige gemeenteraad, op basis van haar kennis en ervaring in afgelopen periode, deze opdrachtformulering vast stelt. Dat maakt het mogelijk om nog dit voorjaar de opdracht te gunnen en het onderzoek voor de kerst af te ronden. We verzamelen daarmee gegevens die bijdragen aan de standpuntbepaling en verbetermaatregelen waar de volgende gemeenteraad over zal beslissen. Rond de zomer zullen we de nieuwe gemeenteraad in de gelegenheid stellen om -waar gewenst- nog eigen accenten in de vraagstelling aan te geven, die dan in het najaar in het onderzoek zullen worden meegenomen. Hieronder zijn de kaders aangegeven die worden meegenomen in de opdrachtverlening: Inhoudelijke Uitgangspunten; Scope, doorlooptijd en financiën; Inhoudelijke Focus en Proces. Inhoudelijke uitgangspunten 3. Het Bestuurskrachtonderzoek wordt opgezet met open vizier.
Er is nog geen koers bepaald. 4. We koesteren de verworvenheden van onze gemeente. We ervaren op dit moment geen acute problemen die directe maatregelen vragen, maar we vinden het van belang een beeld te vormen wat mogelijke kwetsbaarheden zijn. We willen daarom een beter onderbouwd beeld van wat er de komende periode nodig is voor de maatschappelijke opgaven en een goede dienstverlening aan onze inwoners. 5. Centraal criterium voor de bestuurskracht van de gemeente en mogelijke maatregelen ter versterking is het extern presteren van de gemeente voor inwoners, instellingen, bedrijven. Hoe die prestaties worden geleverd staat niet voorop. 6. De primaire vraag in het onderzoek is of de raad stappen wil zetten en zo ja welke om de bestuurskracht op peil te houden of zelfs te verbeteren. De focus ligt daarbij op de komende raadsperiode. Het perspectief op langere termijn is niet volledig te overzien. De ontwikkelingen in de gemeente en de omgeving zullen in de loop der tijd steeds opnieuw worden bekeken. Scope, doorlooptijd en financiën 7. Het is belangrijk om de discussie en koersbepaling te ondersteunen met feitelijke informatie. Maar omdat het gaat om een afweging van ongelijksoortige factoren kan en zal het niet leiden tot een eenduidige conclusie. Het Bestuurskrachtonderzoek heeft daarom niet de ambitie van compleetheid of sluitende bewijsvoering.
De raad bepaalt uiteindelijk de koers.
www.debaasmanagement.nl
2
8. Het Bestuurskrachtonderzoek brengt feitelijke gegevens en omstandigheden in beeld en mogelijke maatregelen, met voor- en nadelen, maar geeft niet een eigen advies over de te kiezen ontwikkelrichtingen. De koersbepaling is aan de raad, na bespreking van uitkomsten van het Bestuurskrachtonderzoek. 9. Het Bestuurskrachtonderzoek is gericht op het ondersteunen van de politieke discussie over de koersbepaling van de gemeente gedurende de raadsperiode 2026-2030. Het onderzoek moet worden uitgevoerd in de tweede helft van 2026, zodat de gemeenteraad rond de kerst kan spreken over koers en maatregelen in de komende raadsperiode. 10. Op basis van deze opdrachtformulering zal een open aanbesteding worden georganiseerd (uitgaande van een gezonde balans tussen de inzet van eigen gemeentelijke capaciteit en extern toe te voegen expertise/ capaciteit). 11. Op basis van een eigen inschatting en contacten met mogelijke bureaus zal het college een kosteninschatting maken. De provincie zal 50% bijgedragen in de kosten. 12. Een afgebakend budget betekent dat het niet mogelijk is om alle denkbare vragen uitputtend te onderzoeken.
Daarom is het van belang dat de gemeenteraad stuurt op de informatievraag: Op welke aspecten van de oordeelsvorming hebben we voldoende informatie? Op welke aspecten hebben we voor ons gevoel nog onvoldoende zicht, terwijl ze wel van doorslaggevende betekenis kunnen zijn voor onze standpuntbepaling? Inhoudelijke Focus 13. Het Bestuurskrachtonderzoek brengt in beeld wat er nodig is voor een goede dienstverlening en voor de maatschappelijke opgaven van de gemeente. - Hierbij worden de verschillende domeinen van dienstverlening apart in beeld gebracht (inwonerszaken; sociale ondersteuning; vergunningverlening/ handhaving; openbare werken). - Ook de voornaamste maatschappelijke opgaven worden naast elkaar beschouwd (ruimtelijk, sociaal, economisch, veilig), zowel voor wat betreft het eigen gemeentelijk functioneren als voor wat betreft het functioneren van (regionale) samenwerking en de rol en invloed van Voorst daarin. Wat zijn op deze onderdelen sterke en zwakke punten? Wat zijn de kansen en bedreigingen? 14. In het Bestuurskrachtonderzoek komen in ieder geval relevante elementen aan de orde zoals: bestuur, organisatie, financiën, samenwerking, participatie en uitvoering. a.
Bestuurlijke kracht: Wat is het vermogen om het politiek bestuurlijke samenspel effectief en constructief in te richten en daarin resultaten te halen? Lukt het om vanuit een strategische visie samenhangende prioriteiten te stellen en ‘de goede dingen te doen’? b. Organisatiekracht: Wat is het vermogen van de organisatie om de taken en opgaven kwalitatief en kwantitatief robuust en professioneel uit te voeren, in de dagelijkse uitvoering maar ook in ontwikkeling en beleid? c. Financiële kracht: Wat is het vermogen om langjarig financiële continuïteit te blijven bieden voor de uitvoering van taken en realisatie van maatschappelijke opgaven? d. Samenwerkingskracht: Hoe doen we het qua participatie en wat is het vermogen om samen te werken met inwoners, maatschappelijke en bestuurlijke partners en daarin resultaten voor de samenleving te halen? 15. Bij het uitwerken van alle vier elementen worden drie invalshoeken gebruikt: zelfbeeld (bestuur en organisatie); inwonersbeeld; partnerbeeld. 16. Het Bestuurskrachtonderzoek focust op de elementen waarop de gemeenteraad een extra informatiebehoefte heeft, als ondersteuning van haar koersbepaling. Naast het behoud van goede dienstverlening betreft dit met name de bestuurskracht in de zin van het sturend vermogen van raad en college. Daarbij spelen factoren zoals:
www.debaasmanagement.nl
3
- taakopvatting, positie en verhoudingen tussen bestuursorganen als raad en college; - de agendasetting in de raad met name op de kaderstellende taak; - de informatievoorziening aan de raad; - de toerusting van de raadsleden (in de introductieperiode en daarna); - het strategisch en beleidsvormend vermogen in de organisatie; - de communicatie en participatie met inwoners en instellingen. 17. Bij alle aspecten wordt de verzameling van feitelijke gegevens helder onderscheiden van de informatie over relevante belangen en meningen. 18. Het Bestuurskrachtonderzoek brengt verschillende mogelijke maatregelen voor versterking van de bestuurskracht in beeld, met voor- en nadelen. Daarbij worden zowel de wenselijkheden als de mogelijkheden realistisch in beeld gebracht. 19. De kansrijkheid van te overwegen maatregelen hangt af van de gemeente zelf, maar de wensen en mogelijkheden van inwoners, maatschappelijke partners, buurgemeenten en andere overheden spelen bij de afwegingen uitdrukkelijk een rol. Het Bestuurskrachtonderzoek richt zich daarom niet alleen op het eigen bestuur en de organisatie van de gemeente, maar tegelijk ook op de omstandigheden en ontwikkelingen bij buurgemeenten en in de verdere relevante omgeving (strategische omgevingsanalyse).
www.debaasmanagement.nl
4
Proces 20. We willen komen tot een eigen gemeentelijke oordeelsvorming. Er is geen behoefte aan een losstaand expert-oordeel van buiten. Tegelijkertijd willen we extern beschikbare kennis benutten en willen we tunnelvisie voorkomen. Daarom streven we in het proces van onderzoek naar een werkbare verhouding tussen inzet van eigen gemeentelijke kennis en capaciteit; betrokkenheid van belanghebbenden (inwoners, instellingen en bedrijven; bestuurlijke partners) en onafhankelijke externe expertise. Dit dient drie procesdoelen tegelijk: a. de werkbelasting voor bestuur en organisatie redelijk houden; b. input van stakeholders optimaal benutten en daarmee draagvlak verkrijgen; c. objectieve kennis en ervaring inbrengen. 21. Consultatie van stakeholders binnen en buiten de gemeente richten we bij voorkeur in door specifieke groepen eerst zelfstandig te horen en daarna met elkaar (en ons) in gesprek te brengen. 22. Voorstel is om het Bestuurskrachtonderzoek in twee stappen op te zetten: In de eerste stap wordt de (intern en extern) beschikbare informatie overzichtelijk in beeld gebracht en besproken in de raad c.q. een daarvoor in te stellen raadswerkgroep. In de tweede stap wordt de benodigde nieuwe informatie verzameld. Om de onderzoekscapaciteit efficiënt in te zetten wordt de hierboven aangegeven focus gehanteerd.
Voor de start van de tweede fase van het onderzoek wordt de nieuwe gemeenteraad in de gelegenheid gesteld om mogelijk aanvullende punten in te brengen waarop zij extra informatie wenst. EERSTE STAP: VERZAMELEN REEDS BESCHIKBARE INFORMATIE Indicatie van reeds (intern of extern) beschikbare informatie: - Meerjarenprogrammabegroting 2026-2029 - Collegeprogramma (komend); - Kader Volkshuisvesting 2026-2027(huidig is Woonvisie Aantrekkelijk Voorst 2025); - Ruimtelijke Toekomstvisie Voorst (in november 2026 nieuwe Omgevingsvisie); - Programma Landelijk gebied; - Programma Water; - Programma Milieu, Afval en Duurzaamheid; - Programma Groen; - Programma Mobiliteit; - Programma Economie; - Kadernota Sociaal Domein; - Communicatievisie; - Participatiebeleid Gemeente Voorst; - Notitie 'Opbrengst variantenstudie 2050 gemeente Voorst voor het Ontwikkelperspectief voor de Regio Stedendriehoek'; - Regionaal Programma Energievoorziening regio Stedendriehoek; - Uitgangspunten gemeente Voorst ten behoeve van de RES 2.0; - Inwonerspanel dienstverlening, bereikbaarheid en communicatie; - Medewerkersonderzoek 2025; - Onderzoek Bestuurscultuur (De Graaf & Broekman); - Provinciale Bestuurskrachtmonitor; - Managementletter Accountant; - Waarstaatjegemeente.nl; - Onderzoeken Rekenkamer; - ROB-rapport ‘Beleidsvrijheid geduid’;
www.debaasmanagement.nl
5
TWEEDE STAP: VERZAMELEN NIEUWE INFORMATIE Suggesties voor mogelijke aanvullende informatieverzameling: - Consultatie van raadsleden, collegeleden, ambtelijke organisatie en griffie (over maatschappelijke opgaven en dienstverlening in relatie tot bestuurskracht, met focus op geselecteerde onderwerpen); - Consultatie van relevante partners binnen de gemeente, waaronder de dorpsbelangenorganisaties (DBO); - Consultatie van buurgemeenten en andere relevante partners in de omgeving; - Consultatie/ enquêtering van inwoners; - Inventarisatie van mogelijke maatregelen voor verbetering van de verhouding tussen ambities en bestuurskracht: a. Scherper kiezen in ambities (vergelijking met andere gemeenten; afbakening verhouding gemeente/ samenleving); b. Investeren in versterking bestuurlijk vermogen (o.a. besturingsfilosofie; versterking PDCA-cyclus en bestuurlijke samenwerkingscultuur -intern en extern); c. Investeren in versterking van organisatie (kwaliteit waar nodig & ‘lean’ waar mogelijk); d. Schaalvergroting in uitvoering/ Versterking samenwerking op bepaalde taken.
www.debaasmanagement.nl