Bijlage 2 Programmabegroting 2024-2027
Tekst van het document
Pagina 69 van 78
4. Bestemmingsreserve frictiekosten Landelijke meldkamer (LMO) − Doel: dekking frictiekosten vorming Landelijke meldkamer (AB 27-6-2019). − Hoogte: € 500.000 (uitkering Rijk). − Duur: 2020-2026. − Mutaties: via AB besluit, geen stortingen meer; onttrekking via jaarrekening al naar gelang de voortgang. 5. Tijdelijke reserve incidentele veranderkosten (organisatieontwikkeling) − Doel: ter dekking van programma “De Expeditie” (organisatieontwikkeling VNOG), zie Toekomstvisie (AB 15-1-2020). − Hoogte: € 500.000 (AB 12-12-2019) + € 540.000 (AB 25-6-2020) = € 1.040.000. − Duur: tot eind 2023. − Mutaties: AB besluit, geen stortingen meer; onttrekking via jaarrekening al naar gelang de voortgang. 6. Reserve frictiekosten Risicobeheersing (frictiekosten Omgevingswet / RB) − Doel: dekken personele frictiekosten transitie Risicobeheersing i.r.t. Omgevingswet. − Hoogte: € 485.000, uit overschot p-budget RB 2020. − Duur: 2021-2024, onttrekking voor inhuur ter vervanging gedurende opleidingen en tijdelijke overbezetting van nieuwe medewerkers, in te werken door vertrekkende medewerkers. − Mutaties: via AB-besluit door vaststelling van de begroting 2021-2024, waarin voor vier jaar een onttrekking van € 121.000 is opgenomen. 7. Tijdelijke reserve flankerende kosten dekkings- en spreidingsplan − Doel: ter dekking van ‘flankerende kosten dekkings- en spreidingsplan’ (AB 25-6-2020).
− Hoogte: € 360.000. − Duur: tot eind 2027. − Mutaties: AB besluit, geen stortingen meer; onttrekking via jaarrekening al naar gelang de voortgang. 8. Reserve vervanging operationeel uniform (dienstkleding) − Doel: dekking vervanging dienstkleding. − Hoogte: € 400.000, uit overschot 2020-2021. − Duur: 2022-2024. − Mutaties: AB besluit bij de jaarrekening, verschil begroting en realisatie. 9. Egalisatiereserve inzetten (uitruk) − Doel: egaliseren van kosten van de uitruk (jaren met weinig en met veel (grote) incidenten worden verevend), bestendig begrotingsbeeld, rustig verloop gemeentelijke bijdrage (AB 25-6-2020). − Hoogte: max. € 400.000. − Duur: geen einddatum. − Mutaties: AB besluit bij de jaarrekening, verschil begroting en realisatie van het budget uitruk binnen het vrijwilligersbudget, als onderdeel van de resultaatsbepaling. 10. Reserve programma Zelfredzaam & Risicobewust − Doel: De grondslag van het programma is de pijler 'Zelfredzaam en Risicobewust' uit de Toekomstvisie. Het doel is om de zelf- en samenredzaamheid te vergroten door het risicobewustzijn van burgers, instellingen en bedrijven te beïnvloeden en hen te stimuleren tot het nemen van
Pagina 70 van 78
− − −
beheersmaatregelen die veiliger gedrag bewerkstelligen. Een ander belangrijk doel is om daar te acteren en te interveniëren waar de risico's zich bevinden. Hoogte: € 550.000, uit jaarrekeningresultaat 2020. Duur: 2021-2023. Mutaties: AB besluit.
11. Bestemmingsreserve frictiekosten RBS − Doel: dekking frictiekosten vanwege landelijke regelgeving die verplicht om de activiteiten voor het Regionaal Brandmeldsysteem (RBS) stop te zetten en over te dragen aan commerciële marktpartijen. − Hoogte: € 200.000, eenmalig gevoed uit jaarrekeningresultaat 2021, AB-besluit 23 juni 2022. − Duur: tot eind 2023. − Mutaties: AB besluit. 12. Reserve Duurzaamheid − Doel: dekking van duurzaamheidsmaatregelen in de bedrijfsvoering van VNOG. − Hoogte: € 100.000, eenmalig gevoed uit Post Onvoorzien, AB-besluit 15 december 2022. − Duur: t/m eind 2026. − Mutaties: AB besluit. 13. Bedrijfsvoeringsreserve − Doel: algemene bufferfunctie en is breed inzetbaar voor prioriteiten (bijv. innovatie) of voor het tijdelijk afvlakken van gemeentelijke bijdragen. Is onderdeel van de weerstandscapaciteit. − Hoogte: De minimale hoogte is 2%, de maximale hoogte is 5% van het begrotingstotaal. − Duur: geen einddatum. − Mutaties: AB-besluit bij jaarrekening over de resultaatbestemming, of anderszins door AB besluiten.
Pagina 71 van 78
Bijlage 5. Overzicht taakvelden en beleidsindicatoren 2023 ta a kvel den oms chri jvi ng
l a s ten
2024
ba ten
l a s ten
ba ten
0.1
bestuur
20.000
0.10
reserves
169.850
1.414.575
0.4
overhead
13.957.990
178.000
13.276.462
14.000
0.5
treasury
420.300
420.000
1.049.700
1.049.700
0.8
overige baten en lasten
2.541.068
4.311.758
1.1
crisisbeheersing en brandweer
44.773.367 59.870.000
53.671.305
69.787.540
61.882.575 61.882.575
72.309.225
72.309.225
0 1.457.985
De transitie binnen de VNOG in nog niet geheel afgerond. Ook moet van alle functies opnieuw bepaald worden of deze volgens de voorschriften uit het Besluit Begroting en Verantwoording onder het taakveld 0.4 Overhead vallen of onder het taakveld 1.1 Crisisbeheersing en brandweer. Dit wordt ter hand genomen als de transitie is afgerond. De verdeling van kosten tussen de taakvelden overhead en crisisbeheersing en brandweer zullen hierdoor veranderen. Beleidsindicatoren In de voorschriften van het BBV is een basisset van 39 beleidsindicatoren opgenomen. De beleidsindicatoren zijn niet genormeerd door het rijk. De volgende indicatoren moet de VNOG opnemen: Indicator
begroting 2023 begroting 2024
Formatie: aantal FTE per 1.000 inwoners
0,40 0,37
0,40
Apparaatskosten: kosten per inwoner
€ 16,58
€ 15,88
Externe inhuur: kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
0,84% 22,33%
0,50%
Bezetting: aantal FTE per 1.000 inwoners
Overhead: % van totale lasten
0,40
22,44%
Ook hier zal het percentage overhead wijzigen door de verdeling van salarissen tussen overhead en crisisbeheersing en brandweer.
Pagina 72 van 78
Bijlage 6. Geprognotiseerde meerjarenbalans In het BBV is opgenomen dat voor de drie jaren volgend op het begrotingsjaar een geprognosticeerde begin- en eindbalans moet worden opgenomen in de begroting (artikel 22 en 23 – BBV): Begrotingsjaar T
2024
bedrag x 1000 Activa (im) Materiële vaste activa Financiële vaste activa: Kapitaalverstrekkingen Financiële vaste activa: Leningen Financiële vaste activa: Uitzettingen > 1 jaar Totaal Vaste Activa
31-12-2024 63.091
T+1 31-12-2025 80.948
T+2 31-12-2026 97.518
T+3 31-12-2027 88.605
50.821
63.091
80.948
97.518
88.605
5.038 14 2.924 7.976
4.502 14 2.924 7.440
3.269 14 2.924 6.207
1.359 14 2.924 4.297
634 14 2.924 3.572
797 14 2.924 3.735
52.898
58.261
69.299
85.245
101.090
92.341
31-12-2022 17.183 1.482 23.452 42.116
31-12-2023 14.149 766 32.563 47.479
31-12-2024 12.691 916 44.909 58.517
31-12-2025 10.141 1066 63.256 74.463
31-12-2026 7.966 1216 81.126 90.308
31-12-2027 6.616 1366 73.576 81.559
Vlottende schuld Overlopende passiva Totaal Vlottende Passiva
5.564 5.218 10.782
5.564 5.218 10.782
5.564 5.218 10.782
5.564 5.218 10.782
5.564 5.218 10.782
5.564 5.218 10.782
Totaal Passiva
52.898
58.261
69.299
85.245
101.090
92.341
Uitzettingen <1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal Vlottende Activa Totaal Activa Passiva Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schuld Totaal Vaste Passiva
T-2 31-12-2022 44.922
T-1 31-12-2023 50.821
44.922
Pagina 73 van 78
T
Bijlage 7. Meerjarenoverzicht gemeentelijke bijdrage (prognose) Het meerjarenoverzicht is opgesteld op basis van het huidige verdeelmodel. Zoals aangegeven in bijlage 2 is een herijking van het verdeelmodel voorzien in 2024, ingaande per begroting 2025. Eventuele effecten van de herijking zijn in onderstaande tabel niet meegenomen. In het meerjarenoverzicht is geen rekening gehouden met de effecten van de nog komende jaarlijkse Kadernota’s (dat kan ook niet, want ze zijn nog niet verschenen). Dus onder andere de gebruikelijke nog komende jaarlijkse loon- en prijsindexen (die in de Kadernota’s staan) zijn niet verwerkt in het meerjarenoverzicht. Het meerjarenoverzicht toont niet de ontwikkeling van programma 8 (zie bijlage 3); programma 8 komt nog separaat per gemeente erbij.
Kadernota 2024-2027 procentuele verdeling 2023 Gemeente Aalten Apeldoorn Berkelland Bronckhorst Brummen Doetinchem Elburg Epe Ermelo Harderwijk Hattem Heerde Lochem Montferland Nunspeet Oldebroek Oost Gelre Oude IJsselstreek Putten Voorst Winterswijk Zutphen
Percentage 3,23% 21,17% 5,61% 4,80% 2,42% 6,60% 2,60% 4,06% 3,35% 5,13% 1,23% 2,02% 4,69% 4,27% 3,13% 2,65% 3,60% 4,39% 2,71% 3,05% 3,62% 5,68% 100,00%
Bijdrage 2024
Bijdrage 2025
Bijdrage 2026
Bijdrage 2027
1.721.000 1.722.000 1.816.000 1.881.000 11.278.000 11.288.000 11.902.000 12.326.000 2.988.000 2.991.000 3.154.000 3.266.000 2.556.000 2.559.000 2.699.000 2.795.000 1.289.000 1.290.000 1.361.000 1.409.000 3.516.000 3.519.000 3.711.000 3.843.000 1.386.000 1.386.000 1.462.000 1.514.000 2.162.000 2.165.000 2.283.000 2.364.000 1.785.000 1.786.000 1.883.000 1.950.000 2.733.000 2.735.000 2.884.000 2.987.000 655.000 656.000 692.000 716.000 1.077.000 1.077.000 1.136.000 1.176.000 2.498.000 2.501.000 2.637.000 2.731.000 2.275.000 2.277.000 2.401.000 2.486.000 1.667.000 1.669.000 1.760.000 1.822.000 1.412.000 1.413.000 1.490.000 1.543.000 1.918.000 1.920.000 2.024.000 2.096.000 2.339.000 2.341.000 2.468.000 2.556.000 1.444.000 1.445.000 1.524.000 1.578.000 1.625.000 1.626.000 1.715.000 1.776.000 1.928.000 1.930.000 2.035.000 2.108.000 3.026.000 3.029.000 3.193.000 3.307.000 53.276.000 53.322.000 56.222.000 58.222.000
Pagina 74 van 78
Bijlage 8. Kredieten 2024-2027 bedrag in € Soort activa
Materieel
Inventaris
PBM Comm.
Paraat
Kredietomschrijving Voertuigen, aanhangers en boten
jaar 2024 14.140.200
totaal 55.460.350
Voertuigen AC/OIV/AGS/FBO/TBO/(H)OvD/CvD
62.000
0
37.000
45.000
144.000
Voertuigen en aanhangers (aggregaten)
840.000
551.000
574.000
0
1.965.000
Overig
Logistieke hulpmiddelen
0
118.000
0
0
118.000
Tankautospuit HV
(Red)gereedschappen, apparatuur, armaturen e.d.
906.200
1.949.700
1.248.000
0
4.103.900
(H)OvD, CvD, AGS, FBO, TBO
Inventaris AGS, apparatuur
19.000 0
0 0
0 0
0 0
19.000 0
0
142.000
0
16.500
158.500
232.000
701.000
49.000
43.000
1.025.000
WVD/Vakbekw.heid
Apparatuur
PPMO baan
PPMO
Personeel
Pakken, laarzen, helmen
WO
Duikuitrusting en -apparatuur
C2000
Verbindingsapparatuur, schermen e.d.
PBM W atervoeren-de armaturen
21.000
0
19.000
63.000
103.000
1.145.000
27.000
614.000
27.000
1.813.000
63.000
16.000
15.000
0
94.000
Ademlucht(apparatuur), was-/droogapparatuur
29.000
0
0
0
29.000
Slangen(apparatuur)
19.000
0
0
0
19.000
56.000
56.000
56.000
757.000
925.000
Werkstat. (w.o.MON) Gebruikersmiddelen ICT Gis.comp. Infrastruc./ Server/ Netwerk
GHOR appl.syst.
Apparatuur
24.000
30.000
18.000
0
72.000
ICT: infrastructuur, applicatiesoftware e.d.
114.000
788.000
1.190.500
633.000
2.725.500
GHOR voertuigen (Citty Giss)
30.000
0
0
0
30.000
85.500
85.500
111.000
85.500
367.500
Telefonie (w.o.MON) ICT Smartphones GBM GHOR C2000 Bouw/renovatie
Facilitair
jaar 2027 107.200
Piket
Auto/ techniek/ metaal Compressoren, hefbrug, diagnose apparatuur
Huisvesting
jaar 2026 21.210.800
Dienst
Werkplaats
Comm. / ICT
jaar 2025 20.002.150
Verbindings(apparatuur)
0
0
0
0
0
Aanpassing gebouwen, zeecontainers
626.000
0
155.000
0
781.000 1.437.000
Demarcatie
Inrichting/meubilair kazarnes, toegangsbeheer
260.000
280.000
600.000
297.000
Tech.install.
Aanpassing installaties
37.000
0
0
0
37.000
Audio.V.M.
Krediet jaarlijkse vervanging
31.000
31.000
31.000
31.000
124.000
Meubilair
Jaarlijkse vervanging en overig meubileir
Totaal kredietaanvraag
50.000
414.000
72.000
40.000
576.000
18.789.900
25.191.350
26.000.300
2.145.200
72.126.750
Pagina 75 van 78
Bijlage 9. Overzicht gekwantificeerde en niet-gekwantificeerde risico’s Gekwantificeerde risico's Nr. Risico's en oorzaken
Beheersmaatregelen
Kans in %
bedrag
Effect in euro's toelichting berekening
Weerstandscapaciteit € Personele - en materiële kosten afbouw jaren: 75.000 € 450.000, rekening houdend met reservering frictiekosten, opnemen € 150.000
1 Stoppen Openbaar Brand-/Regionaal meldsysteem (OMS/RBS) met gevaar voor discontinuïteit meldingen. Tijdig anticiperen, door de medewerkers een plek te geven in de De VNOG raakt de huidige taak en systemen kwijt. Het risico is dat twee tot drie medewerkers niet formatie. De kans dat dat niet lukt (zonder meerkosten) neemt met ingepast kunnen worden in de formatie. De zekerheid dat deze winstgevende activiteit uit de begroting de jaren af en wordt ingeschat op gemiddeld 50%. Tegelijk wordt valt is structureel opgenomen bij de autonome ontwikkelingen. daarbij gekeken naar het mogelijk behoud van de informatiepositie vanuit het brandmeldsysteem. 2 Geen match tussen de gemeenten en de afd. RCB t.a.v. de uitvoering van taken en dienstverlening, bij de Voldoende aandacht geven aan afstemming tussen de VNOG en de invoering van de nieuwe Omgevingswet. Te grote diversiteit in uitvoering/invulling door gemeenten t.o.v. gemeenten t.a.v. de uit te voeren dienstverlening (tempo en het kwalitatieve en kwantitatieve aanbod van de VNOG. inhoudelijk). Inhuur extra personeel om (tijdelijk) synchroom oude (preventist) en nieuwe taken uit te voeren en met gemeenten af te stemmen over afbouw/overgang taken. 3 Schaarste capaciteit repressieve inzet van vrijwilligers brandbestrijding.
Naast organiseren en participeren in activiteiten en acties die de Door vergrijzing is uitstroom van vrijwilligers te verwachten. Daarnaast is er meer verloop onder binding van vrijwilligers bevorderen, is het opstellen en uitvoeren brandweervrijwilligers, aangezien zij minder lang aan een brandweerkorps verbonden zijn (dit is een van strategisch personeelsplanning (leeftijdsopbouw, gespreksmaatschappelijke trend bij vrijwilligers in het algemeen). Ook is er sprake van schaarste bij het vinden van cyclus, opleidingsplan), per district en per post, van belang. nieuwe vrijwilligers door (algehele) krapte op de arbeidsmarkt, met als gevolg alternatieve keuze mogelijkheden en - druk voor de mensen. 4 Teveel (roostering) uren bestaande (repressieve) bezetting brandbestrijding, geeft risico op fouten, uitval Naast sturing op voldoende inzet repressieve capaciteit en sancties (Arbeidstijden). (vrijwilligers); optimaliseren roosteren beroepsmedewerkers Bij een aantal kazernes (w.o. bij kazernering) is sprake van onvoldoende personele repressieve capaciteit (dagdienst). Ontwikkeling risico houdt verband met uitwerking (m.n.vrijwilligers). bouwsteen Verplichtend Karakter (vrijwilligers). 5 Prijsstijgingen (boven reguliere aanpassing) en vooral m.b.t. brandweermaterieel en -materiaal. Doorrekenen financiële gevolgen (voor weerstandscapaciteit) van Wereldwijde ontwikkelingen (v.a.
2021) van een toenemende vraag in samenhang met schaarste van mogelijke prijsstijgingen van (gebruiks)goederen (w.o. brandstof en aanbod, doen de (grondstof)prijzen w.o. die van energie en katoen, stijgen. Hogere kosten blijven dan kleding). Mogelijke prijsstijgingen van te vervangen (blus)voertuigen voor de VNOG, omdat er een geen mogelijkheid is van nacalculatie. De prijsstijgingen kunnen worden zijn separaat opgenomen. Bij grotere volumes en eigen eisen, kan de versterkt door een gebrekkige marktwerking voor (specifiek) brandweermaterieel en -materiaal. VNOG zelfstandig aanbesteden i.p.v. in IFV verband.
50%
150.000
50%
640.000
Inhuur 4 fte (à € 80.000) voor uitvoering synchroon van taken oud en nieuw bij invoering Omgevingswet, voor 2 jaar.
320.000
70%
408.000
Kosten opleiden 10% meer te werven vrijwilligers: 8 per jaar. Opleidings- en bijkomende kosten € 17.000 per jaar, voor 3 jaar.
286.000
30%
50.000
Mogelijke boete i.h.k.v. de arbeidstijdenwet. Berek.: max. 50 medew. , boete € 200 per dag (max. 5 dagen).
15.000
70%
500.000
Stijging prijzen goederen en materialen (w.o. energie-, brandstofkosten en kleding) boven reguliere index. Kosten per jaar 10 mln., onderscheiden naar stijgingsperc. van 10%, 4% en 2,5% voor resp. 2,5 mln., 4mln. en 3,5 mln.
350.000
6 Niet tijdig realiseren besparingen Toekomstvisie 2020 e.v. jaren, opdracht materieelspreidingsplan (MSP) Doorrekenen incidentele financiële gevolgen (voor brandbestrijding t.a.v. materiële kosten. weerstandscapaciteit) t.a.v.uitgestelde realisatie Vervangingen in het kader MSP worden vertraagd m.n. door prijsstijgingen en schaarste van grondstoffen. besparingsmogelijkheden materiële kosten bij vertraging uitvoering Vertraging vervanging - en voortschrijdende inzichten bij vervanging materieel leiden tot latere MSP. besparingen op de exploitatiekosten. 7 Niet (tijdig) realiseren besparingen Toekomstvisie 2020 e.v. jaren t.a.v. aantallen vrijwilligers. Nagaan/volgen of de minder grote krimp van de De krimp van het repressief beroepspersoneel en/of de vrijwilligers is minder groot door voorschrijdende vrijwilligersbezetting kan worden opgevangen binnen de lopende inzichten betreffende de benodigde bezetting (vrijwilligers) op de brandweerposten in samenhang met de budgetten/begrotingen. inzet van het beschikbare materieel. 8 Uitval voor repressieve inzet brandbestrijding door defect materieel en/of gebrek onderdelen Op voorraad zetten/houden en alloceren van extra (vervangend) voertuigen/brandweermiddelen. Defect materieel kan niet tijdig gerepareerd worden, omdat onderdelen materieel (w.o. onderdelen) voor brandbestrijding. niet voorradig zijn.
Heeft verband met schaarste grondstoffen en een beperkt aantal (overgebleven) leveranciers van brandweermaterieel en -materiaal. 9 Extra prijsstijgingen (en vertraging) aanschaf blusmaterieel bij realisatie MSP o.b.v. Toekomstvisie. Naast de financiële gevolgen (voor de egalisatiereserve) van de Extra prijsstijgingen van blusmaterieel leiden tot hogere kapitaalslasten c.q. eerdere uitputting van de huidige (najaar '22) bekende en verwachte prijsstijgingen - welke (gevormde) egalisatiereserve. zijn verwerkt in de Kadernota-/ Begroting 2024 - extra prijstijgingen voor nog aan te schaffen materieel, als risico doorrekenen (voor weerstandscapaciteit).
50%
225.000
113.000
70%
450.000
30%
90.000
Besparingen op materiële kosten ontstaan later bij opschuiving vervangingsplan materieel van 2022-2025 naar 2024-2027. Eenmalig niet gerealiseerde besparing (onderhoudskosten) in 2024-2026. Berekening extra kosten vrijwilligers bij minder grote krimp aantal (76 i.p.v. 118) . Kosten vergoedingen, opleidingen en trainingen voor 3 jaar. Berekening inhuurkosten (voor 3 jaar) benodigd voor vervangend materieel €. 30.000 per jaar.
50%
100.000
Berekening kapitaalslasten voor 3 jaar bij een (extra) stijging van 5% van de prijzen voor de vervangingen (10 mln.) van nog aan te schaffen materieel.
50.000
Pagina 76 van 78
315.000
27.000
10 Onvoldoende oefenmogelijkheden voor oefenen onder realistischer omstandigheden voor Vakbekwaam blijven brandweerpersoneel. Oefenmogelijkheden op VNOG-vakbekwaamheidspleinen worden beperkt bij het niet voldoen aan eisen van RI&E (omissies vastgesteld voor ASK). Bij onvoldoende mogelijkheden om met eigen faciliteiten de vakbekwaamheid op peil te houden, zou gekeken kunnen/moeten worden naar het gebruik externe locaties. Dit brengt extra kosten met zich. 11 Noodzakelijke (spoedeisende) aanpassingen aan gebouwen/ installaties voortvloeiende uit afspraken en/of (wettelijke) eisen (w.o. de Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E)). De status van de (uitvoering van de) wettelijk/noodzakelijk vereiste aanpassingen aan de (gemeentelijke) kazernes is onduidelijk, daarbij is onzeker wie de kosten voor deze (spoedeisende) aanpassingen gaat betalen. Extra verhuiskosten tijdelijke huisvesting) en faciliteiten kantoorpersoneel. 12 Onzekerheid termijn en kosten overbrugging na vertrek Europaweg ultimo 2023.
Doorvoeren maatregelen waardoor de vakbekwaamheidspleinen voldoen aan de eisen. Waar nodig (tijdelijk) gebruik maken van (andere) externe locaties.
50%
25.000
Incidenteel extra kosten ter overbrugging i.v.m. voldoen vakbekwaamheidslocaties aan eisen.
13.000
Conform bestuurlijke besluitvorming (dec.'21) afspraken maken met gemeenten in het kader van demarcatie. Voor mogelijke spoedeisen kosten, financiële middelen opnemen.
50%
84.000
Kapitaalslasten: vereiste aanpassingen (alarm)installaties en overige aanpassingen voor 3 jaar.
42.000
In 2022 plannen uitgewerkt voor overbrugging huisvesting medewerkers, na vertrek Europaweg ultimo 2023. Alternatieve mogelijkheden, i.s.m. 1-post gedachte in Apeldoorn, niet verwacht voor 2026. 13 Ontwikkelingen m.n. als gevolg van de corona-pandemie, vereisen aanpassingen benodigde faciliteiten Beleid - en mogelijkheden voor thuiswerken zijn nader uitgewerkt. voor het werken op kantoor en thuis. Toekomstige ontwikkelingen blijvend (aan)deel thuiswerken nog onzeker. Verwachte meerkosten voor thuiswerken opnemen in weerstandscapaciteit. 14 Digitale verstoring, onder meer vanwege cybercrime. Plan van aanpak Baseline informatieveiligheid (BIO) gereed. Belemmerd worden in de uitvoering van crisis- en incidentbestrijdingsactiviteiten en Toekomstige investeringsplannen voorzien in uitwijkmogelijkheden ondersteunende/bedrijfsmatige activiteiten door verstoring van de systemen voor de informatie- en voor (alternatie) uitvoering kritische ICT processen en centralisatie telecommunicatietechnologie. ICT omgeving wordt geraakt door defecten infrastructuur of hardware, van beheer in de toegang van mensen en systemen tot faciliteiten. leverancier kan niet leveren, cybercrime. N.a.v. de cyberaanval in 2020 wordt de ICT-omgeving van de VNOG actief gemonitord, daarmee wordt het risico op en de impact van een volgende hack verminderd.
Het risico op een hack blijft echter bestaan, omdat cybercrime zich snel ontwikkelt en steeds vernuftiger wordt. 15 Te hoge personele kosten (beroeps en vrijwilligers). Doorvoeren interne controle -/beheersmaatregelen, Door onjuiste (aansluiting) basisgegevens; personele wisselingen HRM; onjuiste toepassing cao -/fiscale procesbewaking, procedurevastleggingen en kennisverbetering regelingen en onvoldoende controles/ - kennis, kunnen berekende salarissen/vergoedingen te hoog zijn medewerkers. Uitsplitsen benoemde (oorzaken) risico's. Voor FLOen/of leiden tot boetes / eindheffing (ATW, WKR, FLO, reiskosten, IKB). uitvoering is externe ondersteuning aangetrokken. 16 Inkopen voor te hoge bedragen en/of onjuiste uitvoering/voorwaarden (w.o. aanbestedingen). De Beleid en (centrale) sturing op het inkoop(proces) resp. inkoopdiscipline wordt niet altijd tijdig en juist betrokken in het proces van inkoop en inhuur. De gevolgen verduidelijken en verbeteren en VNOG-breed inzichtelijk maken bij hiervan zijn mogelijke claims van leveranciers. Deze zijn, met inzet van externe juristen, tot op heden welke inkopen er sprake is/kan zijn mogelijke aanbestedingsplicht. onterecht gebleken. 17 Onvoorziene kosten aanspraken van personeel (na dienstongevallen) en stijging verzekeringspremie.
De personele aanspraken na een dienstongeval worden voor alle Door veranderingen in de verzekeringsmarkt, wijzigen de mogelijkheden van dekking bij (personele) veiligheidsregio's gelijk getrokken. Onderzocht wordt de aanspraken/- schades. mogelijkheid minder te verzekeren en schades als collectief te dragen. Het eigen risico kan dan meer gaan fluctueren.
50%
330.000
165.000
50%
75.000
30%
500.000
Mogelijke hogere (30%) eenmalige kosten (€ 350.000) en 3 jaar (€ 75.000 p.j.)incidenteel als risico opgenomen voor overbruggingstermijn huisvesting. Berekening kosten (meer) thuiswerken voor 50% van (300) medewerkers. Aanpassingen/extra faciliteiten thuiswerkplek (€ 500 over 3 jaar). Kosten opheffen gijzeling c.q. gevolgen hacks e.d. (o.b.v. cijfers hack 2020).
30%
350.000
Berekening o.b.v. percentage personele kosten 1% van € 35 mln. (beroeps + vrijwilligers).
105.000
10%
150.000
Berekening o.b.v. percentage en volume inkoop (w.o. investeringen) 0,5% van € 30 mln.
15.000
10%
600.000
60.000
18 Stijging reële bijdrage aan IFV door bv. nieuwe taken.
30%
Afhankelijk van de wijze waarop het collectief dragen van schades wordt georganiseerd, gaat de berekening (nog) uit van de verzekeringsoptie met een risico van premiestijging van € 200.000 p.j., voor 3 jaar. 60.000 Berekend risico: stijging 5% huidige bijdrage € 400.000, voor 3 jaar. 2.250.000 Berekening: verwachte investeringen c.q. (her)financiering in de periode 2023 t/m 2027: € 75 mln. Risico stijging rentepercentage gemiddeld van 3% naar 4%, voor 3 jr.
Inbreng in begrotingsproces IFV.
38.000
150.000
18.000
19 Stijging financieringskosten bij aantrekken financiering d.m.v. leningen (vreemd vermogen). Door stijging In de berekende weerstandscapaciteit rekening houden met een van het rentepercentage kunnen de kosten voor (her)financiering toenemen. stijging van de rente.
50%
20 Beboeting en imagoschade door schending van de privacy (overtreding van de algemene verordening gegevensbescherming (AVG)). Processen rond persoonsgerelateerde gegevens worden niet goed uitgevoerd, waardoor privacygevoelige gegvens op onjuiste plaatsen terecht kunnen komen. 21 Hogere kosten (eigen) organisatie OVDG'en (Officieren van dienst geneeskundig). Na opzegging door het Witte Kruis van het (doorlopend) contract voor inhuur van OVDG'en ontstaat het risico dat de uitvoering van deze taak door de VNOG zelf, hogere kosten met zich brengt.
10%
300.000
Mogelijk bedrag boete per overtreding € 300.000. Kans relatief gering.
30.000
50%
375.000
Mogelijke extra kosten voor uitvoering organisatie OVGD'en voor 3 jaar.
188.000
totaal weerstandscap.
3.500.000
Aan plan van aanpak AVG wordt gewerkt. Bewustzijn voor privacyschendingen scherp houden, de uitvoering - en vastlegging van processen toetsen en waar nodig verbeteren. Uitwerking van de uitvoering van deze wettelijke activitiet door de VNOG waardoor inzicht ontstaat welke mogelijke extra kosten daarmee gemoeid zijn.
Pagina 77 van 78
1.125.000
Niet kwantificeerde risico's Nr. Risico's en oorzaken
Beheersmaatregelen
Kans in % bedrag
1 Hogere personele kosten (beloning/vergoeding) -w.o. relatieve aandeel VNOG- bij repressieve inzet van In een zgn. bouwsteen Verplichtend Karakter worden de parttime brandweermensen (i.p.v. vrijwilligers). Uitkomst van het afgeronde project Taakdifferentiatie alternatieven voor het afschaffen van consignatie en kazernering bij n.a.v. Europese eisen omtrent gelijkschakeling van rechtspositie tussen beroeps - en vrijwillige brandweer- vrijwilligers, uitgewerkt. De VNOG is nauw betrokken bij het is dat consignatie en kazernering van vrijwilligers t.z.t. niet meer kan en mag. Alternatieven hiervoor, zoals opstellen van een implementatieplan, dat in 2022 moet worden parttime aanstellingen, zullen resulteren in hogere personeelskosten . opgeleverd voor geheel brandweer Nederland. 2 Toename onderhoudskosten materieel voor repressieve inzet brandbestrijding door langer gebruik bestaand materieel. Bij het later vervangen van bestaande blusvoertuigen, a.g.v. latere levering van de nieuwe, neemt het risico op hogere onderhoudskosten toe. 3 Onzekerheid toekomstbestendige - en efficiënte uitvoering van repressieve taken bij het niet (tijdig) realiseren samenvoeging/-werking kazernes (Toekomstvisie bouwsteen 31 en 31a).
Uitkomsten (nog op te starten) onderzoeken naar samenvoeging/-werking zijn nog niet bekend, zodat er nog geen uitspraken kunnen worden gedaan over mogelijke verbeteringen van de uitvoering van de repressieve activiteiten in en rond de plaatsen Gendringen en Silvolde en in de grensstreek met Duitsland (Dinxperlo-Suderwick). 4 (Nog) geen kwantificering van gevolgen crises (w.o. pandemieën en vluchtelingenopvang). Er bestaat het risico van ontoereikende beschikbaarheid van mensen en middelen voor crises zoals bijv. COVID -19 en de opvang van Oekraïners. Daarbij is de bijstelling van de BDuR in 2022 voor dit doel, zowel een kans als een bedreiging.
5 Uitwerking (operationele) uitvoering demarcatie. De uitwerking/uitvoering van de bestuurlijk vastgestelde demarcatieafspraken kan nog leiden tot onvoorziene (financiële) situaties c.q. tegenvallers. Dit risico raakt ook de hierop betrekking hebbende inkopen. 6 Verontreiniging grond/bodem kazernes en oefenpleinen door PFAS. Bij enkele in gebruik zijnde kazernes en oefenterreinen is mogelijk sprake van PFAS verontreiniging. De omvang hiervan en de mogelijk bijkomende kosten, worden nog nader onderzocht.
Vooreerst beoordelen of de financiële gevolgen van de hogere onderhoudskosten bij latere vervanging blusvoertuigen, kunnen worden opgevangen binnen de bestaande begroting. In 2022 worden er verkenningen uitgevoerd van mogelijke samenvoeging en -werking tussen Gendringen en Silvolde en in de grensstreek met Duitsland (Dinxperlo-Suderwick). Hiermee zal inzicht moeten worden verkregen zowel in mogelijke verbeteringen als - knelpunten (bijv. t.a.v. verschil in verwachtingen, werkgewoonten, cultuur en taal). Een herzien risicoprofiel is vastgesteld op 10 december 2020 met daarin opgenomen, als beleidsprioriteit voor 2021-2024, het risico van een pandemie . N.a.v. de ervaringen met COVID-19, wordt een pandemie als worst-case scenario, (opnieuw) tegen het licht gehouden. Er zal voldoende (in)zicht moeten komen op welke wijze de (v.a. 2023) bijgestelde BDuR-gelden mogen/kunnen worden ingezet. Gesprekken met de gemeenten over het demarcatievraagstuk, hebben inmiddels meer zicht gegeven op de te maken afspraken daaromtrent. Al-werkende-weg zal volledig(er) inzicht (moeten) worden verkregen over de nog uit te werken -/af te spreken punten. Onderzocht wordt welke maatregelen moeten worden uitgevoerd en wat de bijbehorende kosten zijn, op (een drietal) locaties waar mogelijk sprake is van PFAS-verontreiniging.
Pagina 78 van 78
Effect in euro's toelichting Voor verwachte hogere personeelskosten (bij overgang van vrijwilligheid naar parttime dienstverbanden) wordt voor het generieke landelijke aandeel van vrijwilligers, gerekend op een compensatie vanuit rijks-/ gemeentelijke middelen. Mogelijke toename van de kosten, in eerste instantie opvangen binnen de bestaande begroting van M&L.
Er is nu nog geen zicht op de mogelijke omvang van de kosten.