CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Reactie bestuur op zienswijzen

gemeenteraad 21 oktober 2024, gemeente VoorstBij agendapunt: Definitieve Gemeenschappelijke Regeling PlusOV1.603 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1: Reactie van het bestuur op de ingediende zienswijzen (GR PlusOV) De zienswijzen die de gemeenteraden hebben ingediend op de concept GR PlusOV zijn besproken in het bestuur van PlusOV en leiden tot enkele aanpassingen in de GR PlusOV. Onderstaand een overzicht van de zienswijzen en de aanpassingen die die het gevolg zijn van deze zienswijzen.

Zienwijzen van de raden van de gemeenten Hattem en Heerde

1. Volgorde kadernota en begroting De raden van Hattem en Heerde zien graag dat ze de mogelijkheid krijgen iets te vinden van de kadernota nog voordat de ontwerpbegroting door het bestuur voor zienswijzen wordt aangeboden aan de raden. Door de kadernota uiterlijk op 1 januari vast te stellen en de ontwerpbegroting pas op 30 april te verzenden aan de raden, ontstaat er een periode voor raden om iets te kunnen vinden van de kadernota. Deze twee data (1 januari en 30 april) zijn nu opgenomen in de GR PlusOV. Gevolg is ook dat de jaarrekening niet op 31 maart maar op 30 april toegezonden wordt zodat de ontwerpbegroting en de jaarrekening wel gelijktijdig aangeboden worden aan de raden. Artikel 12 was: 12.1 Het Bestuur geeft de Deelnemers alle gevraagde inlichtingen. 12.2 Het regelement van orde regelt de wijze waarop de in het eerste lid bedoelde inlichtingen worden verstrekt. 12.3 Het Bestuur zendt jaarlijks voor 31 maart de kadernota en de ontwerpbegroting aan de raden van de deelnemende gemeenten. 12.4 Het Bestuur stelt de kadernota en ontwerpbegroting pas vast nadat ze een inhoudelijke reactie heeft gegeven op de zienswijzen die de raden van de deelnemende gemeenten op de kadernota en de ontwerpbegroting hebben gegeven. 12.5 Het Bestuur zendt jaarlijks voor 31 maart de concept jaarrekening van het voorliggende boekjaar aan de raden van de deelnemende gemeenten. 12.6.

De verslagen van de Bestuursvergaderingen worden binnen 4 weken na vaststelling door het Bestuur gepubliceerd op de website van de Bedrijfsvoeringsorganisatie. 12.7 Een lid van het Bestuur geeft de Deelnemer die hem heeft aangewezen alle inlichtingen die door een of meer leden van die Deelnemer worden verlangd. 12.8 Een lid van het Bestuur is aan de Deelnemer die hem heeft aangewezen verantwoording verschuldigd voor de door hem in het Bestuur ingenomen standpunten. 1

Artikel 12 wordt: Artikel 12 Informatie- en verantwoordingsplicht 12.1 Het Bestuur geeft de Deelnemers alle gevraagde inlichtingen. 12.2 Het regelement van orde regelt de wijze waarop de in het eerste lid bedoelde inlichtingen worden verstrekt. 12.3 Het Bestuur stelt jaarlijks voor 1 januari de kadernota vast. 12.4 Het Bestuur zendt jaarlijks voor 30 april de kadernota en de ontwerpbegroting aan de raden van de deelnemende gemeenten. 12.5 Het Bestuur stelt de begroting pas vast nadat ze een inhoudelijke reactie heeft gegeven op de zienswijzen die raden van deelnemende gemeenten op de kadernota en de ontwerpbegroting hebben gegeven. 12.6 De verslagen van de Bestuursvergaderingen worden binnen 4 weken na vaststelling door het Bestuur gepubliceerd op de website van de Bedrijfsvoeringsorganisatie. 12.7 Een lid van het Bestuur geeft de Deelnemer die hem heeft aangewezen alle inlichtingen die door een of meer leden van die Deelnemer worden verlangd. 12.8 Een lid van het Bestuur is aan de Deelnemer die hem heeft aangewezen verantwoording verschuldigd voor de door hem in het Bestuur ingenomen standpunten.

2. Aanpassen uittreedregeling De raden van de gemeenten Hattem en Heerde geven aan dat het volgens hen niet voor de hand ligt om de uittreedregeling (uit de regeling treden) te koppelen aan de dienstverleningsovereenkomst (DVO). In het verlengde daarvan stellen beide raden dat het volgens hen niet logisch is om de gehele beëindigingsprocedure (stoppen met een DVO) te doorlopen indien het beëindigen van den DVO niet leidt tot uitreding uit de GR. Overweging die het bestuur hier bij heeft is dat het gros van de financiële gevolgen van de samenwerking is geregeld in de DVO’s en het om die reden juist wel logisch is om daar een uitgebreide procedure voor op te nemen in de GR. Het is conform de zienswijzen van de betrokken raden wél logisch om duidelijkere afspraken te maken over de situatie dat een deelnemer uit de GR wil treden. Om die reden is artikel 23 van de GR PlusOV aangepast en in lijn gebracht met de Wgr.

2

Artikel 23 was: Een deelnemer is verplicht uit de Regeling te treden op het moment dat er tussen de Deelnemer en de Bedrijfsvoeringsorganisatie geen enkele Dienstverleningsovereenkomst meer van kracht is.

Artikel 23 wordt: 23.1 De opzegging van de laatste Dienstverleningsovereenkomst die een Deelnemer heeft gesloten met de Bedrijfsvoeringsorganisatie wordt eveneens beschouwt als een verzoek tot uitreding uit de Regeling. 23.2 Een Deelnemer kan niet eerder uit de regeling treden dan voordat alle Dienstverleningsovereenkomsten die de Deelnemer heeft met de Bedrijfsvoeringsorganisatie zijn geëindigd; 23.3 Indien de Regeling slechts twee deelnemers heeft wordt een verzoek tot uittreding beschouwd als een verzoek tot opheffing conform artikel 25. 23.4 De uitredende deelnemer ontvangt een deel van de algemene reserve terug op het moment van uitreding. De omvang van deze teruggave wordt bepaald door de bestaande reserve op 1 januari van het jaar van de uittreding te delen door het aantal inwoners van de alle Deelnemers op 1 januari van het jaar van die uittreding. Uitkomst hiervan is een reservebijdrage per inwoner. De uittredende Deelnemer ontvangt per inwoner van de eigen gemeente deze reservebijdrage per inwoner. 23.5 Behoudens hetgeen aangegeven in artikel 23.4 zijn er aan het uit de Regeling treden geen financiële gevolgen verbonden.

3. Toedelen kosten bij beëindigen van een DVO De raden van Hattem en Heerde geven aan dat ze graag zien dat duidelijk gemaakt wordt voor wie de kosten zijn die de registeraccountant berekent in het geval één of meerdere deelnemers een DVO opzeggen. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de GR. De toedeling van deze kosten wordt geregeld in de te sluiten DVO’s. Uitgangspunt daarbij is dat de kosten zijn voor diegene die ze veroorzaakt.

3

Gezamenlijkheid Uit de bespreking van de zienswijzen van de raden van Hattem en Heerde kwam naar voren dat er behoefte is om meer gezamenlijkheid te organiseren rond de taken genoemd in artikel 4 (het afsluiten van een DVO voor het routegebonden vervoer (RV) en/of het vraagafhankelijke vervoer (VAV)). In de voorliggende GR is nu aangegeven dat het sluiten van een DVO voor het RV en het VAV door een Deelnemer de instemming nodig heeft van het bestuur. Daarmee voorkomen we een wildgroei aan DVO’s die de afzonderlijke gemeenten zouden kunnen sluiten voor het uitvoeren van het VAV en het RV. Eveneens is expliciet aangegeven dat de DVO’s die de deelnemers voor het VAV sluiten identiek aan elkaar zijn en dat de DVO’s die de deelnemers sluiten voor het RV eveneens identiek aan elkaar zijn.

Artikel 4 was: De bedrijfsvoeringorganisatie heeft voor de verwezenlijking van het belang genoemd in artikel 3 de taak het Doelgroepenvervoer waartoe ze een Dienstverleningsovereenkomst heeft gesloten met een Deelnemer te organiseren en te (doen) uitvoeren. Elke Deelnemer kan een Dienstverleningsovereenkomst sluiten met de Bedrijfsvoeringsorganisatie voor het uitvoeren van het Routegebonden vervoer, het Vraagafhankelijke vervoer of beide.

Artikel 4 wordt: 4.1 De bedrijfsvoeringorganisatie heeft voor de verwezenlijking van het belang genoemd in artikel 3 de taak het Doelgroepenvervoer waartoe ze een Dienstverleningsovereenkomst heeft gesloten met een Deelnemer te organiseren en te (doen) uitvoeren. Elke Deelnemer kan een Dienstverleningsovereenkomst sluiten met de Bedrijfsvoeringsorganisatie voor het uitvoeren van het Routegebonden vervoer, het Vraagafhankelijke vervoer of beide. 4.2 Het Bestuur stelt de inhoud van de te sluiten Dienstverleningsovereenkomsten voor het Routevervoer en het Vraagafhankelijke vervoer vooraf vast. 4.3 De te sluiten Dienstverleningsovereenkomsten voor het Routegebonden vervoer zijn voor alle Deelnemers identiek; 4.4 De te sluiten Dienstverleningsovereenkomsten voor het Vraagafhankelijke vervoer zijn voor alle Deelnemers identiek; 4.5 Voor het sluiten van een Dienstverleningsovereenkomst zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel heeft de Bedrijfsvoeringsorganisatie de toestemming nodig van het Bestuur. Daarbij geldt dat alle Deelnemers stemrecht hebben.

4

Zienswijze van de raad van de gemeente Apeldoorn

1. Aanbieden Evaluatie De raad van de gemeente Apeldoorn ziet graag dat de periodieke evaluatie van de GR gelijktijdig met de begroting wordt aangeboden. Artikel 29 was: Het Bestuur evalueert het functioneren van de Regeling elke 4 jaar vanaf 2024. Het Bestuur stelt daartoe vooraf het doel en de reikwijdte van de evaluatie vast, alsmede de wijze van evalueren. Het Bestuur stelt de Deelnemers op de hoogte van de uitkomst van de evaluatie en stelt de evaluatie eerst vast nadat de deelnemers de gelegenheid hebben gehad hun zienswijze te geven op de uitkomsten van de evaluatie.

Artikel 29 wordt: 29.1 Het Bestuur evalueert het functioneren van de Regeling elke 4 jaar vanaf 2024. 29.2 Het Bestuur stelt vooraf het doel en de reikwijdte van de evaluatie vast, alsmede de wijze van evalueren. 29.3 Het Bestuur verzend de evaluatie gelijktijdig met de begroting aan de raden van de deelnemende gemeenten. 29.4 Het bestuur stelt de evaluatie pas vast eerst nadat de deelnemers de gelegenheid hebben gehad hun zienswijze te geven op de uitkomsten van de evaluatie.

2. Standpunten van het reizigerspanel opnemen in de stukken aan de raden. Het bestuur betrekt de standpunten van het reizigerspanel bij de uitvoering van haar taak en deelt de standpunten desgevraagd ook met de raden. De GR wordt hier niet op aangepast.

Zienswijze gemeenteraad Epe, Hattem, Heerde en Apeldoorn Genoemde raden ontvangen graag alle zienwijzen die door de overige raden zijn ingediend. Deze zienwijze levert geen aanpassing van de GR op. Uiteraard worden de zienswijzen wel gedeeld door het bestuur.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14575300/1