Bestemmingsplan - toelichting (2021-50078)
Tekst van het document
Cultuurhistorie
Vanaf 1 januari 2012 dient met de wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening, ingegaan te worden op de relatie van het ruimtelijk voornemen en de aanwezige cultuurhistorische waarden. De Hoofdweg vormt de ruimtelijke ruggengraat waarnaar het Klarenbeek is gevormd. Het bebouwingslint langs de Hoofdweg is redelijk jong en is in de laatste helft van de twintigste eeuw gegroeid ter plaatse van het plangebied. In Klarenbeek zijn enkele karakteristieke en monumentale panden aanwezig welke van cultuurhistorisch belang zijn. Onder andere de voormalige Maalderij aan de Hoofdweg is zo'n beeldbepalend bouwwerk van cultuurhistorisch belang voor het dorp. Onder andere in het vernieuwen van de voorgevel van de supermarkt wordt er in bouwstijl aangesloten op dit cultureel erfgoed, waarmee meer eenheid ontstaat met de cultuurhistorie van het dorp. Bij het ontwerp van de supermarkt is 28
Hoofdweg 84a en 86, Klarenbeek
daarmee zorgvuldig aandacht besteed aan passendheid binnen de sfeer en karakteristiek van het dorpslint.
5.5
Verkeer en parkeren
Het plan omvat de uitbreiding van de bestaande supermarkt en de uitbreiding van de naastgelegen kledingzaak. Op het moment dat sprake is van een ruimtelijke uitbreiding, wordt op basis van de CROW publicatie 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie' (317) de parkeernorm berekend voor de uitbreiding van de functies. Immers: met het groeien van de supermarkt en groeiende bezoekersaantallen groeit de parkeernorm ook. Voor het bepalen van de parkeernorm wordt uitgegaan van de functies 'full-service supermarkt' en 'buurt- en dorpscentrum'. De functie 'buurt- en dorpscentrum' omvat alle detailhandel gerelateerde functies op buurt- en dorpsniveau en kan ook worden toegepast voor de hier aanwezige gemengde bestemming. De locatie ligt in het centrum van de bebouwde kom van Klarenbeek, waardoor is uitgegaan van de volgende parameters: Weinig stedelijk gebied; Categorie centrum; Dezelfde parameters zijn ook toegepast bij de parkeerberekening voor de supermarkt in het dorp Voorst. Omdat de situatie tussen beide supermarkten vergelijkbaar is en omdat het parkeerterrein bij de supermarkt in Voorst in de praktijk voldoende capaciteit biedt, is het aannemelijk dat dezelfde parameters voor de berekening van de parkeernorm ook voor de supermarkt in Klarenbeek volstaan.
Parkeren huidige situatie In de huidige situatie zijn er 45 parkeerplaatsen beschikbaar op eigen terrein (parkeren supermarkt én parkeren kledingzaak). Parkeernormen uitbreiding functie supermarkt Voor de functie 'full-service supermarkt' geldt een parkeerkencijfer van 2,5 – 5,1 parkeerplaats per 100 m2 bvo. Er is sprake van een uitbreiding van 441 m2 bvo. De extra parkeerbehoefte bedraagt gemiddeld 17 parkeerplaatsen als gevolg van de uitbreiding van de supermarkt. Aanvankelijk vindt alleen de uitbreiding van de supermarkt plaats en pas in latere fase die van de kledingwinkel. Na de eerste fase en aanleg van het parkeerterrein is een totaal van 78 parkeerplaatsen aanwezig. Er zijn gemiddeld 45 (huidige aantal) + 17 (als gevolg van uitbreiding) = 62 parkeerplaatsen nodig. Na uitbreiding van (alleen) de supermarkt wordt dus ruimschoots voorzien in de benodigde parkeergelegenheid. Parkeernorm uitbreiding functie supermarkt én kledingzaak Voor de functie 'buurt- en dorpscentrum' geldt een parkeernorm van 2,3 – 4,3 parkeerplaats per 100 m2 bvo. Er is sprake van een uitbreiding van 203 m2 bvo. De extra parkeerbehoefte bedraagt gemiddeld 7 parkeerplaatsen als gevolg van de uitbreiding van de kledingzaak. Als gevolg van deze uitbreiding komen echter ook 9 parkeerplaatsen te vervallen. Het definitieve plan voorziet in totaal in 65 parkeerplaatsen.
Er zijn gemiddeld in totaal 69 parkeerplaatsen nodig (45 + (17+7=) 24). Binnen de bandbreedte van het CROW ligt deze behoefte tussen de 61 en 77 parkeerplaatsen. Met een totaal van 65 parkeerplaatsen wordt voldoende inspanning geleverd om de verwachte parkeerbehoefte op het parkeerterrein op te vangen. Dit sluit ook aan op de bestaande ervaringen bij de twee winkels. Het totaal van 65 plaatsen moet dan ook minimaal aanwezig zijn en blijven als in de toekomstige situatie allebei de winkels zijn uitgebreid. In de regels van het bestemmingsplan wordt dit als voorwaardelijke verplichting opgenomen. Wijziging terreinindeling De herindeling van de verkeersruimte is positief. Er is meer ruimte en aandacht voor het langzaam verkeer: een looppad voor voetgangers, een ruime(re) entree, fietsparkeerplaatsen, geen haaksparkeervakken meer aan de Hoofdweg (uitkomend op het fietspad) en het laden en lossen is verplaatst naar de voorzijde. Door voor de nieuwe hoofdingang aan de oostzijde geen parkeerplaatsen te ontwikkelen wordt de situatie verkeerstechnisch ook verbeterd. Winkelend publiek kan zo de winkel verlaten zonder tussen de geparkeerde auto's door te moeten of direct de Hoofdweg of het fietspad op te lopen. Doordat aanrijden voor het laden en lossen direct vanaf de Hoofdweg kan plaatsvinden wordt het heen en weer rijden van de vrachtwagens op het parkeerterrein voorkomen.
Aan deze zuidzijde komt 29
Hoofdweg 84a en 86, Klarenbeek
daarnaast geen winkelend publiek om de veiligheidssituatie te verbeteren. De vrachtwagens verlaten het perceel immers ook aan deze kant zonder de parkeerplaats op te rijden (zie afbeelding 5.5). Per dag worden circa 4 vrachtwagenbewegingen naar het perceel verwacht. Dit aantal is vergelijkbaar met het aantal bewegingen in de bestaande situatie.
Afbeelding 5.5 - Rijcurves vrachtwagens nieuwe situatie
5.6
Water
Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. Het doel van de watertoets is waterbelangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van Rijk, Provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. De toets omvat het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de in ruimtelijke plannen voorkomende waterhuishoudkundige aspecten. Via de digitale watertoets (www.dewatertoets.nl) kan beoordeeld worden welke waterthema's in het plan relevant zijn. De toets is op 1 april 2021 uitgevoerd (Bijlage 7). Het plan is, vanuit de waterhuishouding bezien, voor het waterschap beperkt van belang. De motivering is dat in het plangebied geen belangrijke oppervlaktewateren (zogenaamde primaire of A- watergangen), waterkeringen of gebieden die zijn aangewezen voor regionale waterberging liggen. Dit betekent dat dit plan geen essentiële waterbelangen raakt. Op basis daarvan wordt door het waterschap voor het onderhavige plan een positief wateradvies gegeven. Het waterschap geeft wel enkele algemene aandachtspunten voor de beoogde ontwikkeling. Een belangrijk principe is dat een deel van het hemelwater binnen het plangebied wordt vastgehouden en/of geborgen en dus niet direct afgevoerd wordt naar de riolering of het oppervlaktewater.
Daarnaast adviseert het waterschap om grondwateroverlast te voorkomen door boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand te ontwerpen. Ten slotte benadrukt het waterschap de verontreiniging van afstromend hemelwater te voorkomen door middel van hun beslisboom (toegepaste (bouw)materialen).
5.7
Economische uitvoerbaarheid
Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor gronden waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen. In afwijking hiervan kan de raad besluiten geen exploitatieplan vast te stellen indien: het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de betreffende gronden anderszins verzekerd is; het bepalen van een tijdvak (waarbinnen de exploitatie van de gronden zal plaatsvinden) of een 30
Hoofdweg 84a en 86, Klarenbeek
fasering van de uitvoering (van werken, werkzaamheden, maatregelen en bouwplannen) niet noodzakelijk is; het stellen van eisen (voor het bouwrijp maken, de aanleg van nutsvoorzieningen en het inrichten van de openbare ruimte in het exploitatiegebied), regels (omtrent het uitvoeren van het bouwrijp maken) of een uitwerking van regels (ten behoeve van de uitvoerbaarheid volgend uit een bestemmingsplan) niet noodzakelijk is. Voor de ontwikkeling is een anterieure overeenkomst gesloten met de initiatiefnemer. De kosten voor het mogelijk maken van de ontwikkeling, evenals eventuele planschadekosten, zijn hiermee anderszins verzekerd. Het plan wordt daarmee economisch uitvoerbaar geacht.
31
Hoofdweg 84a en 86, Klarenbeek
Hoofdstuk 6 6.1
Juridische planopzet
Inleiding
In dit hoofdstuk worden de regels van het plan nader toegelicht. Er wordt inzicht gegeven in de opbouw van de planregels, de gebruikte bestemmingen en de inzet van zogenaamde flexibiliteitinstrumenten.
6.2
Planregels
Een bestemmingsplan kent aan gronden een bestemming toe en verbindt regels aan deze bestemming. Deze regels betreffen het gebruik van de gronden, maar onder meer ook de bouwmogelijkheden. De regels zijn nader onder te verdelen in: inleidende regels; bestemmingsregels; algemene regels; overgangs- en slotregels. 6.2.1
Inleidende regels
In deze regels staan de begrippen verklaard, die in de planregels voorkomen en die om een nadere omschrijving vragen. Verder wordt aangegeven op welke wijze gemeten moet worden om bijvoorbeeld een goot- of bouwhoogte te bepalen. 6.2.2
Bestemmingsregels
Deze regels betreffen het hart van het bestemmingsplan. In de bestemmingsregels wordt aangegeven waarvoor en - zo nodig - hoe de betreffende gronden mogen worden gebruikt en bebouwd. In dit bestemmingsplan komen de volgende bestemmingen voor, waarbij de bestemmingen uit het geldende bestemmingsplan als uitgangspunt zijn genomen: Agrarisch; Gemengd -1; Water. Het komt regelmatig voor dat een tweede functie op een perceel aanwezig is, zoals bijvoorbeeld een leiding. De aanwezigheid van deze leiding brengt de nodige beperkingen met zich mee. Deze beperkingen kunnen ook gelegen zijn onder het maaiveld. In het geval dat er twee functies tegelijk op één perceel geregeld moeten worden in een bestemmingsplan wordt er wel gesproken van een 'dubbelbestemming'. In dit bestemmingsplan komt de volgende dubbelbestemming voor: Waarde - Archeologie middelhoog. De bestemmingsregels kennen een vaste opbouw in bestemmingsomschrijving (toegestaan gebruik), bouwregels, nadere eisen, afwijking van de bouwregels, specifieke gebruiksregels, afwijking van de gebruiksregels, omgevingsvergunning en wijzigingsbevoegdheden. 6.2.3
Algemene regels
De algemene regels hebben betrekking op alle bestemmingen in het plan. In plaats van bij elke bestemming dezelfde regels te plaatsen, kan gebruik worden gemaakt van een algemene regel. Zo zijn er algemene bouwregels, gebruiksregels, aanduidingsregels, afwijkingsregels en wijzigingsregels. Anti-dubbeltelbepaling De anti-dubbeltelbepaling is ook onder de algemene regels opgenomen. Hiermee blijven gronden, die eenmaal in aanmerking zijn genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, buiten beschouwing bij de beoordeling van latere bouwplannen. Strijdig gebruik 32
Hoofdweg 84a en 86, Klarenbeek
In het verleden werd strijdig gebruik (gebruik in strijd met de bestemming) expliciet vermeld bij elke bestemming. Nu is dit strijdige gebruik bij wet (artikel 2.1 Wabo) verboden en wordt het niet langer vermeld in het bestemmingsplan. Al het gebruik dat niet past binnen de doeleindenomschrijving van de betreffende bestemming wordt daarom gezien als strijdig gebruik. 6.2.4
Overige regels
Hieronder zijn het overgangsrecht en de slotregel opgenomen. De eerste regels beschermen een bestaand bouwwerk of gebruik dat afwijkt van de regels. De slotregel geeft aan op welke wijze de regels van het bestemmingsplan kunnen worden aangehaald.
6.3
Bestemmingen
6.3.1
Agrarisch
De agarische bestemming in het plangebied halveert in oppervlakte en beslaat nu het noordoostelijke deel van het plangebied. Het gaat in het plan om niet te bebouwen agrarische gronden voor (al dan niet hobbymatig) agrarisch gebruik. 6.3.2
Gemengd - 1
De bestemming Gemengd - 1 wordt gebruikt voor het gedeelte van het perceel waar de supermarkt en kledingwinkel staan. Door de uitbreiding van de supermarkt en de parkeerplaatsen breidt de bestemming Gemengd -1 uit. Onder Gemengd - 1 worden de supermarkt, de kledingwinkel en de parkeerplaatsen verstaan, inclusief het bijbehorende buitenterrein met ondergeschikte voorzieningen als groen, tuinen, erven, verhardingen, verkeer- en verblijfsvoorzieningen, laad- en losvoorzieningen, water en openbare nutsvoorzieningen. Gebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen de aangewezen bouwvlakken. Buiten het bouwvlak zijn alleen andere bouwwerken toegestaan. Het bouwvlak is afgestemd op de contour van de te realiseren supermarkt en de beoogde uitbreiding van de supermarkt, waarbij de bestaande rechten worden gerespecteerd. In het bouwvlak zijn bepalingen opgenomen voor de toegestane goot- en bouwhoogte. Ter plaatse van de bedrijfswoning op de verdieping en de entree gelden afwijkende maatvoeringen ten opzichte van het overige gedeelte van de supermarkt. Aan de voorzijde van het pand is een dakoverstek voorzien dat constructief onderdeel uitmaakt van het gebouw, om welke reden het binnen het bouwvlak ligt.
Binnen de bestemming zijn verschillende voorwaardelijke verplichtingen opgenomen om de uitvoerbaarheid van het plan te waarborgen en daarmee het voorkomen van eventuele hinder voor de omgeving. Ook het in de Stedenbouwkundige studie opgenomen beplantingsplan, om te komen tot een goede landschappelijke inpassing van de plannen, is op die wijze geborgd. Daarnaast is een bepaling opgenomen om het nadere onderzoek naar vleermuizen te borgen voorafgaand aan sloop van en/of nieuwbouw in aansluiting op de bestaande gebouwen. 6.3.3
Water
De watergang binnen het plangebied heeft de bestemming Water gekregen. Deze bestemming is opgenomen ter bescherming en behoud van de watergang.
33
Hoofdweg 84a en 86, Klarenbeek
6.3.4
Waarde - Archeologie middelhoog
Het plangebied heeft -met uitzondering van de na onderzoek vrijgegeven delen- een dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie middelhoog'. Voor deze dubbelbestemming geldt dat bij het indienen van een bouwaanvraag voor een bouwwerk met een oppervlakte van meer dan 500m² (middelhoog) met een roering van de grond dieper dan 30 cm tevens een archeologisch onderzoeksrapport moet worden ingediend. Als uit dit rapport blijkt dat de archeologische waarden door het oprichten van het bouwwerk zullen worden verstoord kunnen burgemeester en wethouders bepaalde voorwaarden aan de omgevingsvergunning verbinden. Wanneer de archeologische waarde van het terrein al uit andere informatie (bijvoorbeeld uit eerder uitgevoerd onderzoek) bij de gemeente bekend is, is het niet nodig nieuw onderzoek uit te voeren. Voor een aantal werken en werkzaamheden geldt in beide bestemmingen een omgevingsvergunningvereiste.
6.4
Flexibiliteit in het bestemmingsplan
Flexibiliteit in een bestemmingsplan is handig om ervoor te zorgen dat een bestemmingsplan voldoende beleidsruimte biedt om toekomstige ontwikkelingen mogelijk te maken, die ten tijde van vaststelling van het bestemmingsplan nog niet voorzien zijn. Een bestemmingsplan zonder flexibiliteit kan te star zijn. Indien gebruik wordt gemaakt van de flexibiliteitbevoegdheden, dienen in het bestemmingsplan zelf de grenzen te worden aangegeven door het stellen van nadere eisen, het verlenen van afwijkingen, het wijzigen van het plan of het uitwerken van een plan. In het plan zijn enkele afwijkingsbevoegdheden voor het college van burgemeester en wethouders opgenomen. Deze bevoegdheid biedt de mogelijkheid af te wijken van een in het plan opgenomen regeling. Het is mogelijk van geval tot geval ruimtelijk relevante voorwaarden te stellen en belangen nader af te wegen. Een afwijking mag alleen op relatief ondergeschikte onderdelen betrekking hebben en mag niet tot een bestemmingswijziging leiden.
In dit bestemmingsplan zijn de volgende afwijkingsmogelijkheden opgenomen: bestemming 'Gemengd - 1': om tot een andere landschappelijke inpassing te komen dan het in de regels opgenomen landschappelijke inpassingsplan, mits dit voor een minimaal gelijkwaardige inpassing zorgt; bestemming 'Gemengd - 1': om af te wijken van de in het plan opgenomen akoestische maatregelen, onder voorwaarde dat hierdoor geen onevenredige (milieu)hinder ontstaat voor de omgeving; aanduiding 'Vrijwaringszone - molenbiotoop': ten behoeve van een hogere bouwhoogte, mits de windvangzone en waarde van de molen als landschapsbepalend element niet onevenredig worden aangetast; een algemene afwijkingsmogelijkheid voor de aangegeven of in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages.
Deze afwijking geldt alleen voor maten, afmetingen en percentages die binnen het bouwvlak passen, omdat anders sprake is van een wijzigingsbevoegdheid vanwege een te grote impact op de omgeving; een algemene afwijkingsmogelijkheid voor het bepaalde in het plan en toestaan dat openbare nutsgebouwen, wachthuizen ten behoeve van het openbaar vervoer en naar de aard daarmee gelijk te stellen gebouwen kunnen worden gebouwd, mits de inhoud per gebouw niet meer dan 75 m³ bedraagt; De algemene afwijkingsmogelijkheden mogen niet leiden tot een onevenredige aantasting van: - de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; - het straat- en/of bebouwingsbeeld; - de sociale veiligheid; - de verkeersveiligheid.
34
Hoofdweg 84a en 86, Klarenbeek
Hoofdstuk 7 7.1
Overleg en inspraak
Uitkomsten overleg
Het bestuursorgaan dat belast is met de voorbereiding van een bestemmingsplan pleegt daarbij overleg met de besturen van de betrokken gemeenten en waterschappen en met de diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het geding zijn. Gezien aard en omvang van het plan is geen sprake van directe rijksbelangen. Om die reden heeft geen vooroverleg plaatsgevonden met het Rijk. Over het plan heeft informeel vooroverleg plaatsgevonden met de provincie Gelderland, ook vanwege het belang van bescherming van de molenbiotoop. Deze is in het plan voldoende gewaarborgd. Tegen het plan bestaan geen bezwaren. Op grond van de digitale watertoets heeft waterschap Vallei en Veluwe een positief wateradvies gegeven.
7.2
Inspraak
Op 4 september 2006 heeft de gemeenteraad besloten dat het college van burgemeester en wethouders in het kader van de voorbereiding op ruimtelijke procedures waarmee zij belast is, slechts inspraak verleent voorafgaand aan de zienswijzenfase als sprake is van een plan dat een ingrijpende verandering kan hebben op de ruimtelijke structuur van de gemeente Voorst. Hiervan is met dit plan geen sprake.
7.3
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan Hoofdweg 84a en 86, Klarenbeek heeft vanaf 15 juli 2021 voor een periode van zes weken voor iedereen ter inzage gelegen. Tijdens deze periode heeft een ieder de mogelijkheid gehad zienswijzen over het plan naar voren te brengen. Van deze mogelijkheid is geen gebruik gemaakt.
35