CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Bemalingsadvies ijskelder gemeentehuis Voorst in Twello (2021-40917)

gemeenteraad 12 juli 2021, gemeente VoorstBij agendapunt: Brieven over schade door ijskelder gemeentehuis6.046 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

Betreft

:

Bemalingsadvies IJskelder bij het Gemeentehuis Voorst te TWELLO

Opdrachtgever

:

Gemeente Voorst T.a.v. Dhr. E. Bakx Postbus 9000 7390 HA TWELLO

Behandeld door :

ir. D.P.J. Oostveen (088-5130218)

Kenmerk

:

R2001194-03

Datum

:

23 juni 2020

MOS GRONDMECHANICA B.V. Correspondentieadres:

Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam

Telefoonnummer: +31(0)88-5130200

Hoofdkantoor Rotterdam Albert Plesmanweg 47

3088 GB

Rotterdam

Vestiging Helmond

Vossenbeemd 90B

5705 CL

Helmond

Vestiging Almelo

Het Wendelgoor 13

7604 PJ

Almelo

Vestiging Amsterdam

Pleimuiden 8B

1046 AG

Amsterdam

Vestiging Suriname

Ds Martin Luther Kingweg 150

District Wanica

Suriname

Tel. +597-488188

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

Inhoudsopgave Pagina

1. INLEIDING ................................................................................................................................ 4 2. PROJECTINFORMATIE .............................................................................................................. 5 3. UITGEVOERD GRONDONDERZOEK ........................................................................................... 6 3.1

Grondonderzoek voor verbouwing gemeentehuis........................................................ 6

3.2

Grondonderzoek ter plaatse van de ijskelder................................................................ 6

4. SCHEMATISERING VAN DE ONDERGROND ............................................................................... 7 4.1

Geotechnisch profiel...................................................................................................... 7

4.2

Geohydrologische schematisering................................................................................. 7

4.3

Grondwaterstanden en stijghoogten ............................................................................ 8

5. BEMALINGSADVIES .................................................................................................................. 9 5.1

Algemeen ....................................................................................................................... 9

5.2

Bemalingssysteem ......................................................................................................... 9

5.3

Prognose van het debiet ................................................................................................ 9

5.4

Alternatief met damwanden (bouwfase) .................................................................... 10

6. INVLOED OP DE OMGEVING .................................................................................................. 11 6.1

Algemeen ..................................................................................................................... 11

6.2

Verlaging van de grondwaterstand ............................................................................. 11

6.3

Zettingen ...................................................................................................................... 11

6.4

Landbouw, natuur en stedelijk groen .......................................................................... 12

6.5

Verplaatsen van grond(water)verontreinigingen ........................................................ 12

6.6

Invloed op het zoet/zout grensvlak ............................................................................. 12

6.7

Overige grondwateronttrekkingen .............................................................................. 13

7. REGELGEVING BOUWPUTBEMALING ..................................................................................... 14 7.1

Onttrekken van grondwater ........................................................................................ 14

7.2

M.e.r.-beoordeling....................................................................................................... 15

7.3

Lozen van bronneringswater ....................................................................................... 15

8. CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN ........................................................................................... 17

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

Bijlage A

Grondonderzoek

Bijlage B

Meetreeksen DinoLoket

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

-4-

1. INLEIDING Dit rapport betreft het bemalingsadvies voor de aanleg van een ijskelder bij het gemeentehuis van de gemeente Voorst te Twello. Voor dit plan heeft Mos Grondmechanica de volgende rapporten uitgebracht: -

Rapportage grondonderzoek: R2001194-01, datum 14 mei 2020;

-

Geotechnisch advies (funderingsadvies): R2001194-02, datum 28 mei 2020.

Onder opdrachtnummer 1903297 is grondonderzoek uitgevoerd en zijn geotechnische adviezen opgesteld voor de verbouwing van het gemeentehuis. Als adviseur is SolarEis Benelux BV uit Elst (Gld.) betrokken bij dit project.

Figuur 1-1

Projectlocatie

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

-5-

2. PROJECTINFORMATIE Het project betreft de aanleg van een IJskelder bij het gemeentehuis van de gemeente Voorst te Twello. Ten behoeve van dit project is een voorlopige bouwtekening, inclusief uitgraving, beschikbaar gesteld. Uit dit document en aanvullende informatie van de adviseur zijn de volgende projectgegevens afgeleid: 

De kelder (buffer) is cirkelvormig, de diameter van de funderingsplaat bedraagt 14,7 m;

De bouwputbodem heeft een diameter van 15,7 m, de voorkeur van de opdrachtgever gaat uit naar een ontgraving onder talud.

Het aanlegniveau van de keldervloer varieert volgens opgave van circa NAP +0,45 m (rand) tot circa NAP -0,25 m (verdikking in het midden).

Voor het geval van een calamiteit, waarbij de buffer geleegd moet worden, wordt een bemaling geplaatst om opdrijven te voorkomen, de maximaal toelaatbare grondwaterstand bedraagt in dat geval 1 m boven onderkant bodemplaat (dus NAP +1,45 m).

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

-6-

3. UITGEVOERD GRONDONDERZOEK 3.1

Grondonderzoek voor verbouwing gemeentehuis

Op 16 en 17 maart 2020 zijn door Mos Grondmechanica in het kader van de verbouwing van het gemeentehuis de sonderingen 1 tot en met 12 uitgevoerd tot een diepte van circa maaiveld -15 à -20 m (maximaal NAP -13,9 m). Naast de conusweerstand (qc) is de plaatselijke wrijving (fs) en de helling (i) gemeten. Uit de plaatselijke wrijving en de conusweerstand is het wrijvingsgetal (Rf) berekend. Dit getal geeft nader inzicht in de aanwezige grondsoorten. Op 13 maart 2020 is door Mos Grondmechanica een boring (B13) uitgevoerd tot maaiveld -5 m. De vrijgekomen grondslag is visueel geclassificeerd en tot boorprofiel verwerkt. Tijdens het boren is grondwater aangetroffen vanaf NAP +4,6 m. De sondeer- en boorlocaties zijn door onze landmeetkundige afdeling in het terrein uitgezet en gewaterpast ten opzichte van NAP. Voor een verdere verslaglegging en de resultaten van dit veldwerk wordt verwezen naar het veldwerkverslag R1903297-01, d.d. 19 maart 2020.

3.2

Grondonderzoek ter plaatse van de ijskelder

Op 4 mei 2020 is door Mos Grondmechanica één sondering op de locatie van de ijskelder uitgevoerd tot een diepte van maaiveld -15,0 m (maximaal NAP -8,9 m). Naast de conusweerstand (qc) is de plaatselijke wrijving (fs) en de helling (i) gemeten. Uit de plaatselijke wrijving en de conusweerstand is het wrijvingsgetal (Rf) berekend. Dit getal geeft nader inzicht in de aanwezige grondsoorten. Op 22 april 2020 is een boring (B1) uitgevoerd tot maaiveld -5,0 m. De vrijgekomen grondslag is visueel geclassificeerd, conform NEN 5104, en tot boorprofiel verwerkt. Tijdens het boren is grondwater aangetroffen vanaf NAP +4,1 m. De sondeer- en boorlocaties zijn door onze landmeetkundige afdeling in het terrein uitgezet en gewaterpast ten opzichte van NAP. Voor een verslaglegging van het uitgevoerde grondonderzoek wordt verwezen naar het werkverslag R2001194-01, d.d. 14 mei 2020. De sondeergrafiek, boorstaat en een overzichtstekening zijn voor de volledigheid opgenomen in bijlage A van dit rapport.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

-7-

4. SCHEMATISERING VAN DE ONDERGROND 4.1

Geotechnisch profiel

De maaiveldhoogte ter plaatse van de sondeerlocatie is NAP +6,16 m. Aan de hand van het uitgevoerde grondonderzoek is het volgende geotechnische profiel opgesteld: 

Vanaf maaiveld is tot circa NAP +1,5 m is overwegend matig fijn, zwak siltig zand aangetroffen. Dit zand is los tot matig dicht gepakt. Hierin zijn conusweerstanden (qc) gemeten van 2,5 MPa (los gepakt) tot 11,0 MPa (matig dicht gepakt).

Vanaf circa NAP +1,5 m is tot een diepte van circa NAP -6,0 m een matig dicht tot dicht gepakt zandpakket aanwezig waarin conusweerstanden zijn gemeten van minimaal circa 9,0 MPa tot maximaal circa 17,0 MPa.

Hieronder is tot een diepte van NAP -8,1 m een vaste klei- of leemlaag aanwezig. In dit pakket zijn conusweerstanden gemeten van 1,2 à 3,0 MPa.

Vanaf NAP -8,1 m is tot de maximaal verkende sondeerdiepte van NAP -8,9 m matig dicht gepakt zand aanwezig, waarin conusweerstanden zijn gemeten van 10,0 tot 15,0 MPa.

4.2

Geohydrologische schematisering

Uit het uitgevoerde grondonderzoek en uit RegisII v2.2 is de geohydrologische schematisering afgeleid. Op basis van Regis wordt vanaf maaiveld tot NAP -7,5 m het eerste watervoerend pakket verwacht. Hieronder wordt tussen NAP -7,5 m en NAP -10,4 m de eerste scheidende aangegeven gevolgd door het tweede watervoerend pakket (tot NAP -44 m). Onder het tweede watervoerend pakket bevindt zich tot circa NAP -98 m de tweede scheidende laag, dit pakket wordt in deze situatie als geohydrologische basis beschouwd. Uit de sondering blijkt dat de eerste scheidende laag enigszins hoger is gelegen dan in Regis aangegeven, namelijk tussen circa NAP -6 m en NAP -8 m. In tabel 4-1 is de gehanteerde geohydrologische schematisering aangegeven. De parameters zijn hierbij voornamelijk gebaseerd op RegisII.

Tabel 4-1:

Gehanteerde geohydrologische schematisering grondlaag

geohydrologische eenheid

geohydrologische parameter

van

tot

doorlaatvermogen

weerstand

[m NAP]

[m NAP]

[m²/d]

[d]

+6 (=maaiveld)

400 -6

eerste watervoerend pakket

-6

-8

eerste scheidende laag

-8

-44

tweede watervoerend pakket

-98r

tweede scheidende laag(1)

-44

300 80 1.300 ∞

(1) De eerste scheidende laag wordt in deze situatie beschouwd als de geohydrologische basis

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

-8-

Om de voeding door neerslag en open water in de omgeving te simuleren, is aan maaiveld een voedingsweerstand van 400 dagen gehanteerd. In het model is geen rekening gehouden met exacte locaties van oppervlaktewater. De geohydrologische parameters zijn afgeleid van algemene gegevens. Met name het doorlaatvermogen van het eerste watervoerende pakket is in dit geval van belang voor de prognose van het debiet. Afwijkingen van deze parameters zijn mogelijk; dit heeft dan ook consequenties op de prognose van het debiet. Opgemerkt wordt dat, gezien de sonderingen, de weerstand van de scheidende laag volgens Regis laag lijkt. De parameters kunnen door middel van pompproef nader worden vastgesteld.

4.3

Grondwaterstanden en stijghoogten

Tijdens het boren is op 22 april 2020 grondwater aangetroffen vanaf NAP +4,1 m. Tevens is op 22 april 2020 een peilbuis van derden aangetroffen en gepeild, hierin is eveneens grondwater aangetroffen vanaf NAP +4,1 m. Uit DinoLoket zijn de gegevens van peilbuizen in de omgeving van het project opgevraagd. Van enkele relevante peilbuizen zijn in DinoLoket gegevens aanwezig. De locaties van de peilbuizen zijn in bijlage B op een topografische ondergrond aangegeven. Ook zijn in bijlage B de tijdstijghoogtelijnen van de peilbuizen opgenomen. In tabel 4-2 is een aantal kenmerken van de peilbuizen aangegeven. Tevens is in deze tabel een aantal statistische grootheden van de gemeten grondwaterstanden opgenomen.

Tabel 4-2: peilbuis

Statistische uitwerking van een aantal peilbuizen in de omgeving van het project maaiveld

filter

statistische eigenschappen

van

tot

HG / HS

GHG / GHS

Gemiddelde

GLG / GLS

[m NAP]

[m NAP]

[m NAP]

[m NAP]

[m NAP]

[m NAP]

[m NAP]

B33E0347_1

+6,02

+2,33

+1,83

+5,14

+4,3

+4,0

+3,6

B33E1188_1

+0,00

+5,12

+4,12

+4,90

+4,5

+4,1

+3,6

B33E1282_1

+5,72

+3,61

+2,61

+5,02

+4,3

+3,9

+3,5

B33E1285_1

+6,53

+3,42

+2,42

+4,75

+4,2

+3,8

+3,4

GMW…22058_1 +6,99 +3,97 +2,97 +4,86 +4,8 +4,5 +4,2 HG / HS = hoogst gemeten grondwaterstand / stijghoogte GHG / GHS = gemiddeld hoogste grondwaterstand / stijghoogte GLG / GLS = gemiddeld laagste grondwaterstand / stijghoogte De GHG/GHS en GLG/GHS worden benaderd met de representatieve hoogste grondwaterstand of stijghoogte (RHG/RHS) en representatief laagste (RLG/RLS) grondwaterstand of stijghoogte. De RHG/RHS is de 85 percentielwaarde van de gemeten reeks waterstanden, dit betekent dat 15% van de metingen een hogere waarde heeft dan de RHG/RHS. De representatieve laagste grondwaterstand of stijghoogte (RLG/RLS) is gedefinieerd op de 15 percentielwaarde. Uit de definitie van de representatieve hoogste en de representatieve laagste waterstand valt af te leiden dat deze met een bepaalde frequentie worden over- en onderschreden. Dit betekent dat de GHG/GHS niet als absoluut maximum grondwaterstand/stijghoogte kan worden gehanteerd. En de GLG/GLS kan niet worden gehanteerd als absoluut minimum grondwaterstand/stijghoogte. Ook de hoogst gemeten grondwaterstand/stijghoogte (HG/HS) kan niet worden beschouwd als een absoluut maximum grondwaterstand/stijghoogte. Het is namelijk niet waarschijnlijk dat juist een meting plaatsvindt als de grondwaterstand/stijghoogte op het hoogste niveau staat.

Peilbuis B33E0347_1 is het meest nabij de projectlocatie gelegen en wordt als maatgevend beschouwd. Voor de projectlocatie wordt een GHG aangehouden van NAP +4,3 m en een GLG van NAP +3,6 m. De actuele grondwaterstand dient voorafgaand aan de uitvoering te worden vastgesteld.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

-9-

5. BEMALINGSADVIES 5.1

Algemeen

De voorkeur van de opdrachtgever gaat uit naar een uitvoering van de ontgraving onder talud. Dit is in principe mogelijk, mits voldoende ruimte aanwezig is voor eens stabiel talud. Het talud dient voor voldoende stabiliteit geheel droog te zijn. Gezien de diepte van de ontgraving en de ondergrond bestaande uit zand wordt met het oog op het ruimtebeslag uitgegaan van een talud 1:2 (v:h). Het algemeen ontgravingsniveau voor de aanleg van de kelder bedraagt NAP +0,45 m (rand) tot circa NAP -0,25 m (verdikking in het midden). Ten behoeve van een goed begaanbare bodem van de bouwput dient de grondwaterstand circa 0,5 m onder de bouwputbodem te worden verlaagd (tot NAP -0,75 m). Uitgaande van een maatgevend hoge grondwaterstand van NAP +4,3 m bedraagt de benodigde verlaging circa 5,1 m. Na aanleg is in het geval van een calamiteit, waarbij de buffer geleegd moet worden, een bemaling noodzakelijk om opdrijven te voorkomen. De maximaal toelaatbare grondwaterstand bedraagt in dat NAP +1,45 m. Uitgaande van een maatgevend hoge grondwaterstand van NAP +4,3 m bedraagt de benodigde verlaging circa 2,9 m.

5.2

Bemalingssysteem

Voor de aanleg: De bemaling kan worden uitgevoerd met bronnen voorzien van onderwaterpompen. De bronnen kunnen buiten de ontgraving nabij de insteek van het talud worden geplaatst. In dit advies is ervan uitgegaan dat 10 bronnen rondom de ontgraving worden geplaatst. Iedere bron dient een capaciteit te hebben van ten minste 20 m3/u. De filters van de bronnen dienen te worden afgesteld tussen circa NAP -1,5 m en NAP -5,5 m. Calamiteitenbemaling: De bemaling voor de aanleg bevindt zich, omdat onder talud wordt ontgraven, op een te grote afstand van de kelder. Daarom zullen voor de calamiteitenbemaling naa aanleg van de kelder nieuwe bronnen direct rondom de kelder geplaatst dienen te worden. Deze bronnen kunnen direct buiten kelder worden geplaatst. In dit advies is ervan uitgegaan dat 4 bronnen rondom de kelder worden geplaatst. Iedere bron dient een capaciteit te hebben van ten minste 25 m3/u. De filters van de bronnen dienen te worden afgesteld tussen circa NAP +0,0 m en NAP -5,5 m. Geadviseerd wordt de bronnen (zowel in het kader van de aanleg als voor de calamiteitenbemaling) in ieder geval niet dieper te plaatsen dan NAP -6 m; op deze manier wordt de waterremmende laag tussen NAP -6 m en NAP -8 m niet verstoord Alle bronnen dienen te voldoen aan de BRL2100 (mechanisch boren); door het plaatsen van de bronnen door middel van zuigboren kan hieraan worden voldaan.

5.3

Prognose van het debiet

Met behulp van het eindige elementenprogramma MicroFEM is een model voor de grondwaterstroming gemaakt waarin de parameters uit paragraaf 4.2 zijn verwerkt. De straal van het model bedraagt circa 4.000 meter. Met dit model zijn stationaire berekeningen uitgevoerd.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

- 10 -

Op basis van de genoemde uitgangspunten en de nu bekende projectgegevens bedraagt de prognose van het stationaire debiet om de grondwaterstand met 5,1 m te verlagen circa 140 m³/u. De aanvangsdebieten zullen naar verwachting hoger zijn en er zal enige tijd benodigd zijn om de verlagingen te bereiken. Om deze verlaging binnen enkele dagen te bereiken, dient rekening te worden gehouden met een aanvangsdebiet van circa 200 m³/u. Ten aanzien van de calamiteitenbemaling bedraagt de prognose van het stationaire debiet om de grondwaterstand met 2,9 m te verlagen 65 m³/u. Ook hier geldt dat de aanvangsdebieten groter zullen zijn en dat enige tijd benodigd zal zijn om de verlagingen te bereiken. Naar verwachting zal bij een aanvangsdebiet van circa 100 m³/u de verlaging binnen enkele dagen worden bereikt. Indien de verlagingen sneller bereikt dienen te worden, is een hoger debiet noodzakelijk. Dit zal consequenties hebben voor het aantal benodigde bronnen en/of de capaciteit van de bronnen.

5.4

Alternatief met damwanden (bouwfase)

Om het benodigd te onttrekken debiet en daarmee de invloed van de bemaling op de omgeving aanzienlijk te beperken, kan als alternatief worden gekozen om de ontgravingen binnen een bouwkuip geheel omsloten door damwanden uit te voeren. In dat geval wordt geadviseerd een damwand toe te passen tot minimaal NAP -7 m. De damwand wordt dan geplaatst tot in een slecht waterdoorlatend klei- of leempakket. Op deze manier wordt een tijdelijke 'polder' verkregen, die dient te worden bemalen. Opgemerkt wordt dat, afhankelijk van andere randvoorwaarden, het mogelijk is dat vanuit geotechnisch oogpunt een langere damwand noodzakelijk is (de gegeven lengte betreft een vanuit geohydrologisch oogpunt minimaal benodigde lengte). In dit geval zal het debiet en de invloed op de omgeving beperkter zijn en kan worden volstaan met een bouwkuipbemaling (klokpomp in een verdiept gedeelte) met eventueel voor een betere ontwatering aanvullend horizontale drains in de bouwputbodem. Het stationaire debiet is, mits de damwanden voldoende diep en goed in het slot staan, in de orde van 1 à 3 m³/u.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

- 11 -

6. INVLOED OP DE OMGEVING 6.1

Algemeen

Ten gevolge van de bemaling kunnen ook de grondwaterstanden in de omgeving worden beïnvloed. Beoordeeld dient te worden of dit kan leiden tot negatieve effecten, zoals het optreden van (maaiveld)zettingen, invloed op landbouw, natuur of stedelijk groen, het verplaatsen van verontreinigingen of het verplaatsen van het zoet/zout grensvlak. In onderstaande paragrafen worden deze zaken behandeld.

6.2

Verlaging van de grondwaterstand

De verlaging van de grondwaterstand in de omgeving is berekend met behulp van hetzelfde grondwatermodel in MicroFEM waarmee ook het debiet is berekend (zie ook paragraaf 5.3). In tabel 6-1 staat een prognose van de verlaging van de grondwaterstand in de omgeving bij een verlaging van 5,1 m (onttrekking van 140 m³/u; bouwputbemaling) ter plaatse van de bouwput en van 2,9 m (onttrekking van 65 m³/u, calamiteitenbemaling) ter plaatse van de kelder. De vermelde verlagingen betreffen de stationaire situatie. Na het beëindigen van de tijdelijke bemaling(en) zullen de grondwaterstanden en stijghoogten zich herstellen.

Tabel 6-1: Verlaging

6.3

Prognose van de verlagingen van de grondwaterstand in de omgeving Afstand tot rand bouwput [m]

[m]

bouwputbemaling

calamiteitenbemaling

5,0

<5

-

4,0

10

-

3,0

25

-

2,5

35

circa 5

2,0

55

10 à 15

1,5

80

30

1,0

130

55

0,5

250

130

0,25

450

250

0,10

850

500

0,05

1.300

850

Zettingen

Door het verlagen van de grondwaterstand neemt de korrelspanning in de ondergrond toe. Dit kan in samendrukbare lagen leiden tot zettingen. In het algemeen treden pas zettingen op indien de grondwaterstand wordt verlaagd tot onder het niveau van de gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG). Binnen een straal van maximaal 180 m (100 m bij de calamiteitenbemaling) wordt tot onder de GLG verlaagd.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

- 12 -

De ondergrond bestaat hoofdzakelijk uit zand met op grotere diepte een leem- of kleilaag. Een dergelijke ondergrond is niet zettingsgevoelig. Zettingen ten gevolge van de bemaling worden daarom niet verwacht. Opgemerkt wordt dat in dit advies alleen de zetting als gevolg van de bemaling is beschouwd. Ook zonder bemaling kunnen (maaiveld)zakkingen optreden ten gevolge van bijvoorbeeld zwaar bouwverkeer of het intrillen van damwanden.

6.4

Landbouw, natuur en stedelijk groen

De onttrekking vindt plaats aan de rand van het stedelijk gebied. In de directe omgeving is grasland aanwezig en op enige afstand akkerland. Het grondwater bevindt zich relatief diep onder maaiveld (naar verwachting globaal maaiveld -1,8 à -2,5 m). Gewassen zullen hoofdzakelijk afhankelijk zijn van hangwater. Droogteschade ten gevolge van de bemaling zal daarom naar verwachting meevallen. Wel kan het, met name bij een bemaling in het groeiseizoen, noodzakelijk zijn bomen in de omgeving van extra water te voorzien. In het kader van de te betrachten voorzichtigheid wordt wel geadviseerd (in het kader van de vergunningsonderbouwend bemalingsadvies) bij een uitvoering in het groeiseizoen het eventuele risico op omzetderving bij de akkerbouw te inventariseren.

6.5

Verplaatsen van grond(water)verontreinigingen

Ten aanzien van het verplaatsen van eventueel aanwezige (grondwater)verontreinigingen wordt aanbevolen bij de gemeente en de provincie na te vragen of binnen een straal van 450 m tot het project grondwaterverontreinigingen bekend zijn. In het algemeen mag een grondwateronttrekking geen (negatieve) invloed hebben op bekende verontreinigingen. Indien binnen het invloedsgebied grondwaterverontreinigingen aanwezig zijn, dienen mogelijk aanvullende maatregelen te worden genomen of dient de bemalingswijze te worden aangepast. Op basis van het geoweb van de provincie Gelderland (bezocht op 22 juni 2020) worden binnen een straal van 450 m geen grondwaterverontreinigingen verwacht. Wel bevindt zich op circa 650 m ten westnoordwesten een VOCl verontreiniging. Bij een langere bemalingsduur kan deze wel de nodige aandacht verdienen.

6.6

Invloed op het zoet/zout grensvlak

Het zoet/zout grensvlak wordt op een diepte van NAP -200 m verwacht. Gezien deze grote diepte, heeft de bemaling geen invloed op de ligging van het grensvlak.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

6.7

- 13 -

Overige grondwateronttrekkingen

In het kader van deze opdracht is geen navraag gedaan naar andere grondwateronttrekkingen in het gebied. Deze kunnen worden opgevraagd bij de provincie en/of het waterschap.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

- 14 -

7. REGELGEVING BOUWPUTBEMALING 7.1

Onttrekken van grondwater

Volgens de artikelen 6.4 en 6.5 van de Waterwet is het onder andere verboden zonder vergunning grondwater te onttrekken. Voor industriële onttrekkingen boven 150.000 m³/jaar, voor openbare drinkwatervoorziening en bodemenergiesystemen is de provincie het bevoegd gezag. Voor de overige onttrekkingen, waaronder bouwputbemalingen, worden vergunningen verleend door het bestuur van het waterschap. De regelgeving is per waterschap vastgelegd in de Keur. Voor beperkte inrichtingen zijn voor verschillende categorieën algemene regels opgesteld. Indien de inrichting binnen deze algemene regels valt, hoeft geen vergunning te worden aangevraagd. In dat geval dient de inrichting bij het waterschap te worden gemeld. In het Waterschap Vallei en Veluwe zijn bemalingen ten behoeve van het drooghouden van een bouwput niet vergunningsplichtig (algemene regels, 2013), indien: - De onttrekkingshoeveelheid kleiner is dan 3.000 m³/dag (= gemiddeld 125 m³/uur); - De onttrekking niet langer duurt dan 6 maanden; - De grondwaterstand niet verder wordt verlaagd dan 0,5 m onder het ontgravingsniveau. Indien aan bovenstaande criteria voldaan wordt, kan volstaan worden met een melding voor het onttrekken van grondwater. Indien de te onttrekken hoeveelheid grondwater of de bemalingsduur de bovenstaande criteria overschrijdt, dient een vergunning te worden aangevraagd.

De behandelingstermijn na indienen van een onderbouwde aanvraag bedraagt 8 of 26 weken, afhankelijk van de door het waterschap te volgen procedure (over het algemeen wordt een behandelingstermijn van 8 weken gehanteerd, maar het waterschap kan hier in specifieke gevallen van afwijken). Op basis van de berekende debieten wordt geconcludeerd dat de bemaling voor de aanleg van de kelder vergunningsplichtig is. Een vergunning dient te worden aangevraagd bij het Waterschap Vallei en Veluwe. Geadviseerd wordt ter onderbouwing van deze vergunningsaanvraag dit rapport uit te breiden tot een vergunningsonderbouwend bemalingsadvies. Ten aanzien van de calamiteitenbemaling geldt dat, indien het waterschap deze bemaling als een noodvoorziening beschouwd, deze onder een melding valt. De installatie dient twee weken voor aanleg van de voorziening te worden gemeld bij het waterschap. Geadviseerd wordt vooraf met het waterschap in overleg te treden of de voorziening als een noodvoorziening wordt beschouwd. Indien de voorziening niet als een noodvoorziening wordt beschouwd, is zij gezien debieten eveneens meldingsplichtig, alleen dient zij dan ten minste 5 werkdagen voor aanvang te worden gemeld (bij een bemalingsduur langer dan 8 weken, 2 weken voor aanvang). Afhankelijk van hoe snel bij een calamiteit moet worden geschakeld, is dit mogelijk niet reëel.

Provinciale heffingen Op grondwateronttrekkingen zijn 'provinciale heffingen' van toepassing. In het algemeen is sprake van een heffingsvrije voet. Ook bij projecten die onder een melding vallen, kunnen provinciale heffingen van toepassing zijn. Voor de aanvraag van een vergunning zijn meestal apart legeskosten verschuldigd. De grondwaterheffing blijft een verantwoordelijkheid van de provincie. Ook in de Waterwet is deze bevoegdheid exclusief voor de provincie.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

7.2

- 15 -

M.e.r.-beoordeling

Voor (vergunnings-)aanvragen na 16 mei 2017 dient voorafgaand aan de vergunningsaanvraag een aanmeldingsnotitie worden ingediend op basis waarvan het bevoegd gezag binnen 6 weken een m.e.r.-beoordelingsbesluit moet nemen. Het m.e.r.-beoordelingsbesluit dient bij de vergunningsaanvraag te worden bijgevoegd. In bepaalde gevallen kan het m.e.r.-beoordelingsbesluit inhouden dat een m.e.r.-procedure moet worden doorlopen. De m.e.r.-aanmeldingsnotitie mag vormvrij zijn. De vergunningsonderbouwende rapportage wordt beoogd tevens als aanmeldingsnotitie te dienen voor de grondwater gerelateerde aspecten

7.3

Lozen van bronneringswater

Waterkwantiteit De afvoercapaciteit van het open water en van het riool is gelimiteerd. Met name het debiet dat op het riool mag worden geloosd, is in veel gevallen beperkt. Het debiet dat op het open water mag worden geloosd is onder andere afhankelijk van de grootte van het open water, de afvoermogelijkheden en de functie van het oppervlaktewater. In de meeste gevallen mag op het open water een duidelijk groter debiet worden geloosd dan op het riool. In veel gevallen gaat de voorkeur van het bevoegd gezag uit naar het lozen van het bronneringswater op het open water boven het lozen op het riool. Er moet wel rekening mee worden gehouden dat in de (directe) omgeving van het project een geschikte locatie aanwezig moet zijn voor het lozen op het open water. Gezien de berekende debieten is het goed mogelijk dat de waterkwantiteit een limiterende factor gaat vormen. Waterkwaliteit Zowel bij een lozing op het open water als bij een lozing op het riool wordt naast het debiet ook de kwaliteit van het bronneringswater beoordeeld. Als de kwaliteit van het bronneringswater niet direct aan de lozingseisen voldoet, dient in veel gevallen een waterzuivering te worden geplaatst.

Geadviseerd wordt om vooraf een monster van het grondwater te nemen en te analyseren op het standaard pakket voor water en op de lozingsparameters om een indicatie van de waterkwaliteit van het te lozen water te verkrijgen. Vervolgens kunnen de analyseresultaten ter beoordeling aan de waterkwaliteitsbeheerder worden voorgelegd. Regelgeving ten aanzien van de lozing De voorgenomen bronbemaling wordt niet gezien als een inrichting in de zin van de Wet Milieubeheer. Derhalve valt de bij de bronbemaling behorende lozing onder het Besluit Lozen buiten inrichtingen. Dit besluit is per 1 juli 2011 in werking getreden. Dit besluit geldt voor zowel voor lozing op riolering als voor lozing op oppervlaktewater. Bevoegd gezag voor lozing op oppervlaktewater is het waterschap. Bevoegd gezag voor lozing op oppervlaktewater is het waterschap en voor de lozing op de riolering de gemeente (hier uitbesteed aan de omgevingsdienst). Gezien de debieten is ten aanzien van de bouwkuipbemaling zowel een lozing op het riool als een lozing op het open water een maatwerkvoorschrift c.q. een vergunning noodzakelijk is. Ten aanzien van de lozing voor de calamiteitenbemaling wordt geadviseerd in overleg te treden, omdat ook hier een meldingstermijn voorafgaand aan de lozing geldt, hetgeen mogelijk conflicterend is met het karakter van de

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

- 16 -

bemaling/lozing. De proceduretijd voor het verkrijgen van toestemming om het bronneringswater te mogen lozen bedraagt doorgaans 8 weken. Kosten lozen bronneringswater Aan het lozen van bronneringswater zijn in het algemeen kosten verbonden.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

- 17 -

8. CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN Voor het in den droge realiseren van een IJskelder bij het Gemeentehuis van de gemeente Voorst te Twello is een bemaling noodzakelijk. Geadviseerd wordt de bemaling uit te voeren op bronnen met onderwaterpompen. Op basis van het berekende debiet wordt geconcludeerd dat de bemaling voor de aanleg vergunningsplichtig is in het kader van de Waterwet, tevens dient voorafgaand aan de vergunningsaanvraag een m.e.r.-beoordeling te worden aangevraagd. Voor zowel de m.e.r.beoordeling als de vergunningsaanvraag is het waterschap Vallei en Veluwe bevoegd gezag. Ter onderbouwing van beide aanvragen wordt geadviseerd dit rapport uit te breiden tot een vergunningsonderbouwende effectenstudie. Ten aanzien van de effecten op de omgeving verdienen met name droogteschade (bij een bemaling in het groeiseizoen) en een op enige afstand gelegen grondwaterverontreiniging met VOCL (met name bij een relatief lange bemalingsduur) de nodige aandacht. Als alternatief kan ervoor worden gekozen de kelder binnen een bouwput geheel omsloten door damwanden tot minimaal NAP -7 m uit te voeren. In dat geval kan worden volstaan met een bouwkuipbemaling en zijn de debieten beperkt. Bij een bemalingsduur korter dan 6 maanden is de bemaling niet vergunningsplichtig en kan worden volstaan bij een melding bij het waterschap Vallei en Veluwe.

De invloed van de bemaling op de omgeving is dan naar verwachting zeer beperkt. Ten aanzien van de calamiteitenbemaling wordt een bemaling op bronnen rondom de kelder geadviseerd. De bij de bouw toegepaste bronnen bevinden zich op een te grote afstand van de kelder en kunnen daarom hiervoor niet worden hergebruikt. Ten aanzien van de meldingsplicht of vergunningsplichtig van deze onttrekking en de lozing wordt geadviseerd vooraf in overleg te treden met het desbetreffende bevoegd gezag omdat de regelgeving hieromtrent niet eenduidig is. Belangrijkste aandachtspunten bij het toepassen van een bronbemaling bij aanleg: -

Opstellen van een vergunningsonderbouwend bemalingsadvies

-

Inventarisatie gewassen in verband met mogelijk opbrengstderving van landbouwgewassen (met name bij een uitvoering in het groeiseizoen);

-

Bij een relatief lange bemalingsduur bepalen van de invloed op de op circa 650 m afstand gelegen VOCl verontreiniging;

-

Inventarisatie overige onttrekkingen binnen het invloedsgebied van de bemaling;

-

Het plaatsen van een peilbuis en het daaruit nemen van een monster van het grondwater voor het bepalen van de waterkwaliteit (analyse op het standaard pakket voor water en op de lozingsparameters);

-

Mogelijkheden onderzoeken voor het lozen van bronneringswater.

Opgesteld door: ir. D.P.J. Oostveen (088-5130218)

Rotterdam, 23 juni 2020 Mos Grondmechanica B.V.

Contr. : h.t.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

Bijlage A Grondonderzoek

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Sondering 1 Opdracht Plaats Datum Project

: 2001194 : Voorst : 04-05-2020 : Gemeentehuis

Conus nummer : S15-CFII.1326 Soort conus : Elektrisch Opp. conuspunt : 1500 mm2

Conusweerstand qc [MPa] 10 20

0

NEN-EN-ISO-22476-1 Klasse 3, type TE1 Sondeerunit : SR7 Blad : 1 van 1 α [°]

30

10

Wrijvingsgetal Rf [%] 8 6 4 2

0

MV = NAP + 6.16 m 1.9

5

2.2 2.0 1.8 1.5 1.3

NAP

1.1 1.0 1.0 1.2 1.7

Hoogte z [m] t.o.v. NAP

-5

2.1 2.6 3.0 3.5

-10

-15

-20

Coördinaten RD-stelsel X = 204342.720 Y = 472249.040

-25 0.75

0.50 0.25 Plaatselijke wrijving fs [MPa]

0.00

1

MRSV v4.01 (c) 2018

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel: 088-5130200 - www.mosgeo.com

Opdracht : 2001194 Plaats : Voorst Project : Gemeentehuis

BOORBESCHRIJVING NEN5104

BORING

:

Datum

: 22-04-2020

X

: 204342.720

Boormethode

: Hand

GWS

: NAP +4.09 m

Y

: 472249.040

Boormeester

: EB

Maaiveld

: NAP +6.16 m

Beschrijver

: EB

Opmerking

: -

1

Boorprofiel

Laag nr.

+4.00

1 2 3 4 5 t/m 6 7 8 t/m 9

+3.00

10

+6.00

+5.00

+2.00

11

MOS GRONDMECHANICA B.V.

Diepte [m t.o.v. NAP] van tot

Omschrijving grondlaag

Kleur

1

+6.16

+6.08

Tegel(s)

2

+6.08

+5.56

Zand (matig fijn), zwak siltig

lichtbruin

3

+5.56

+5.21

Zand (zeer fijn), matig siltig, zwak humeus

donkerbruin

4

+5.21

+4.86

Zand (zeer fijn), zwak siltig, zwak roesthoudend

bruin

5

+4.86

+4.76

Zand (matig fijn), zwak siltig

donkerbruin

6

+4.76

+4.61

Zand (matig fijn), zwak siltig

bruin

7

+4.61

+4.16

Zand (matig fijn), siltig

bruin

8

+4.16

+4.01

Leem, matig zandig, zwak oerhoudend

grijs

9

+4.01

+3.81

Zand (matig fijn), matig siltig

grijsbruin

10

+3.81

+2.06

Zand (matig fijn), zwak siltig

lichtgrijs

11

+2.06

+1.16

Zand (matig fijn), zwak siltig

lichtbruin

Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel: 088-5130200 - www.mosgeo.com

Legenda Grind

Leem Grind, siltig

Leem, zwak zandig

Grind, zwak zandig

Leem, sterk zandig

Grind, matig zandig

Grind, sterk zandig

Grind, uiterst zandig

Zand

Overige toevoegingen Zand, kleiig

Zwak grindig

Zand, zwak siltig

Matig grindig

Zand, matig siltig

Sterk grindig

Zand, sterk siltig

Zand, uiterst siltig

Overig Puin

Klei Klei, zwak siltig

Slib

Klei, matig siltig

Water

Klei, sterk siltig Kleistop / afdichtpellets Klei, uiterst siltig Lege monsterbus

Klei, zwak zandig

Klei, matig zandig Bus met ongeroerd monster Klei, sterk zandig Grondwaterstand tijdens boren Stijghoogte in peilbuis

Veen Veen, mineraalarm Peilbuisfilter Veen, zwak kleiig

Veen, matig kleiig

Zandvang

Veen, sterk kleiig

Veen, uiterst kleiig

MOS GRONDMECHANICA B.V.

Afkortingen CRS

Constant Rate of Strain test

DSS

Direct Simple Shear test

SDR

Samendrukkingsproef

TRX

Triaxiaalproef

VGM - Bepaling volumegewicht monster (zonder verdere beproeving) Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam Tel: 088-5130200 - www.mosgeo.com VGB

Bepaling totaal volumegewicht bus

. Ior

H.W 1

g

swe

den

1 3en

SITUATIE GRONDONDERZOEK B 6471

MOS GRONDMECHANICA

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

Bijlage B Meetreeksen DinoLoket

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

2,5 1-1-1986

3,0

3,5

4,0

4,5

5,0

5,5

1-1-1990

1-1-1994

1-1-1998

1-1-2006

Datum

1-1-2002

1-1-2010

1-1-2014

Meetreeksen DinoLoket

1-1-2018

1-1-2022

GMW000000022058_1

B33E1285_1

B33E1282_1

B33E1188_1

B33E0347_1

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

Stijghoogte [m NAP]

Opdracht : 2001194 Plaats : Twello Project : Gemeentehuis

MOS GRONDMECHANICA B.V. Albert Plesmanweg 47, 3088 GB Rotterdam - Tel. 088-5130200 - URL: www.mosgeo.com

45494a p43

MOS GRONDMECHANICA B.V.

drs. I.V

Hieronder treft u de dienstverlening van Mos Grondmechanica b.v. aan. Voor specifieke diensten die niet direct in het overzicht terug zijn te vinden kunt u uiteraard vrijblijvend contact met ons opnemen. VELDWERK

GEOTECHNISCH ADVIES

Sonderen op land, water en in beperkte ruimte, elektrisch, waterspanning, dissipatie, seismisch, magnetisch, geleidbaarheid, Bolconus, T-bar en slagsonderen

Paalfundering Fundering op staal Grondkerende constructies Bouwputontwerp Omgevingsbeïnvloeding (Plaxis) Zettingsanalyse (bouwrijp maken, opslagtanks) Taludstabiliteit Tankbouwadvies Trillingsprognose Schade expertise Review en 2nd Opinion

Geotechnisch boren en (on)geroerde monstername Peilbuizen en waterspanningsmeters plaatsen X, Y en Z metingen en Lintvoegmetingen Plaatdruk-, CBR- en CPM proeven In situ doorlatenheidsproeven LABORATORIUM Classificatie proeven (o.a. vol. gewicht, KVD, PI) Samendrukkingsproeven (Oedometer en CRS) Triaxiaalproeven DS en DSS-proeven Doorlatenheidsproeven Dichtheidsbepaling (Proctor en CBR) Cementbentoniet onderzoek GEOMONITORING Deformatiemeting (inclino- en extensometing) (Grond)waterspanningsmeting Zettingsmonitoring Trillingsmonitoring (SBR) Akoestisch doormeten van palen (CUR 109) Online meetgegevens via portal

GEOHYDROLOGISCH ADVIES Bemalingen (incl. retourbemalingen) Vergunningsaanvragen Pompproeven Omgekeerde Osmose Barrièrewerking Drainage Infiltratie hemelwater BEMALINGEN (MOS GRONDWATERTECHNIEK) Bronbemaling Ondergrondse energie-opslag Pomp- en leidingsystemen Brandputten

MILIEU (MOS MILIEU B.V.) Verkennend-, nader- en saneringsonderzoek Partijkeuringen besluit bodemkwaliteit (Bbk) Saneringsbegeleiding. Waterbodem onderzoek. Vergunning aanvragen. 2nd Opinion / Contra-Expertise Bodemonderzoeken. Meer weten? Vragen? Offerte aanvragen?

OVERIG Uitvoeringsbegeleiding

Bezoek onze website www.mosgeo.com Mail ons op info@mosgeo.com Mail ons op offerte@mosgeo.com

Mos Grondmechanica opereert structureel vanuit 5 vestigingen in Nederland en in Suriname. Via het zusterbedrijf Mosgeo b.v. worden wereldwijd projecten uitgevoerd, daar waar onze specifieke kennis en ervaring wordt gevraagd.

MOS GRONDMECHANICA B.V. Correspondentieadres :

Albert Plesmanweg 47, 3088 GB, Rotterdam

Centraal telefoonnummer : +31(0)88-5130200

Hoofdkantoor

Albert Plesmanweg 47

3088 GB

Rotterdam

Vestiging Helmond

Vossenbeemd 90B

5705 CL

Helmond

Vestiging Almelo

Het Wendelgoor 13

7604 PJ

Almelo

Vestiging Amsterdam

Pleimuiden 8B

1046 AG

Amsterdam

Mosgeo B.V.

Albert Plesmanweg 47

3088 GB

Rotterdam

Vestiging Suriname

Ds Martin Luther Kingweg 150

District Wanica

Suriname

Tel. +597-488188

milieukun

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10399598/1