CConstaterende datVoorst
Koppel je AI →
Document · PDF

Advies Participatieverordening 2

gemeenteraad 25 november 2024, gemeente VoorstBij agendapunt: Verzamelverordening Participatiewet, IOAW, IOAZ gemeente Voorst 20241.213 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Advies Participatie verordening Advies vanuit de Adviesraad Sociaal Domein Gemeente Voorst. 8-11-2023

Adviesraad Sociaal domein gemeente Voorst Secretariaat: p/a Omloop 28, 7391 PM Twello Aan het College van Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Voorst, H.W. Iordensweg 17, 7391 KA TWELLO. Twello, 21 oktober 2023 Betreft: Verzamelverordening Participatiewet IOAW, IOAZ Gemeente Voorst 2023 Geacht college, Met ingang van 1 juli 2023 is de wet “Uitvoering Breed offensief” van kracht, waarmee ook de Participatiewet wijzigt. Het doel is dat meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk komen en blijven. Gemeenten moeten hiervoor bij verordening zaken regelen. Deze wetwijziging beoogt met name het ondersteunen van mensen met een arbeidsbeperking, zodat zij makkelijker werk kunnen vinden en behouden.

De Adviesraad Sociaal Domein van de Gemeente Voorst heeft op een aantal artikelen feedback en geeft daarbij een advies. Daarnaast heeft zij ook bij een aantal artikelen een vraag. Hoofdstuk 2: Re-integratie en uitstroombevordering Artikel 13. Scholing 1. Het college kan de belanghebbende uit de doelgroep reintegratie een scholingstraject aanbieden voor zover de scholing naar het oordeel van het college noodzakelijk is om de stap te zetten naar passend werk. 2. Het scholingstraject: a. is gericht op arbeidsinschakeling of op het behalen van een startkwalificatie op de arbeidsmarkt; b. is beroepsgericht; c. duurt niet langer dan nodig is; d. voor scholing die wordt aangeboden geldt dat de goedkoopste en meest adequate scholingsmogelijkheid wordt ingezet; en e. scholing is gericht op werk waar vraag naar is. Commentaar en advies ASD: De ASD begrijpt en ondersteunt het streven om te letten op de kosten van de scholing en vindt het een terechte voorwaarde dat deze ‘het meest adequaat’ is. De vraag is alleen wat onder ‘meest adequaat’ wordt verstaan. Aangezien het hier om een doelgroep gaat met bijzondere kenmerken en vaak een zekere kwetsbaarheid pleit de ASD ervoor om ook op te nemen dat gekozen dient te worden voor de scholing die het best aansluit bij de kenmerken van de persoon met een arbeidsbeperking. Dus ook een duurdere scholing dan de goedkoopste als deze het

meest passend is bij het niveau en/of de persoonlijke kenmerken van de belanghebbende. Denk hierbij aan onzekerheid, een laag zelfbeeld, laaggeletterdheid of een persoonskenmerk in het autistisch spectrum. Scholing in een kleine groep met veel individuele begeleiding en aandacht is dan vaak noodzakelijk om überhaupt in enig effect te kunnen sorteren. Artikel 14. Sociale activering 1. Het college kan activiteiten in het kader van sociale activering aanbieden aan de belanghebbende uit de doelgroep reintegratie met een afstand tot de arbeidsmarkt. 2. Het doel van sociale activering is een eerste stap op weg naar reguliere arbeid te zetten. Indien arbeidsinschakeling nog niet mogelijk is, heeft het tot doel zelfstandige maatschappelijke participatie mogelijk te maken. 3. Het college biedt de activiteiten uitsluitend aan als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt. 4. Sociale activering richting arbeidsinschakeling wordt in beginsel voor de duur van maximaal een jaar ingezet. Aan sociale activering richting maatschappelijke participatie is in beginsel geen maximale duur verbonden.

Vraag en advies ASD 14.3: Hoe wordt bepaald of de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en of er verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt? In hoeverre kan dat objectief worden vastgesteld? De ASD vindt dit geen reële voorwaarde, aangezien

mensen zonder arbeidsbeperking altijd veel meer mogelijkheden hebben om elders een baan te vinden dan mensen met een arbeidsbeperking. Dus als door de sociale activering een reguliere werknemer concurrentie ondervindt van iemand met een arbeidsbeperking, dan nog vinden wij dat die sociale activering zou moeten plaatsvinden; immers de persoon met de arbeidsbeperking heeft geen andere mogelijkheden om ergens aan het werk te komen. Dat weegt ons inziens zwaarder dan de concurrentie die ontstaat. De reguliere werknemer heeft meerdere opties, de belanghebbende niet. Artikel 15. Werkstage 1. Het college kan de belanghebbende een werkstage gericht op arbeidsinschakeling aanbieden als de belanghebbende: a. behoort tot de doelgroep re-integratie; en b. nog niet actief is geweest op de arbeidsmarkt of een afstand tot de arbeidsmarkt heeft door langdurige werkloosheid. 2. Het doel van een werkstage is het opdoen van werkervaring of het leren functioneren in een arbeidsrelatie. 3. Het college plaatst de belanghebbende uitsluitend als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt. 4. In een schriftelijke overeenkomst wordt in ieder geval vastgelegd: a. het doel van de werkstage, en b. de wijze waarop de begeleiding plaatsvindt.

5. Een werkstage wordt voor minimaal drie en maximaal zes maanden aangeboden. Commentaar en advies ASD: Punt 3, zie feedback bij artikel 14. Punt 5: Ons advies is om deze periode op te rekken naar 6 tot 12 maanden, in plaats van 3 tot 6 maanden. Toelichting: Belanghebbenden hebben vaak verhoudingsgewijs meer tijd nodig om in een nieuwe situatie te wennen dan een reguliere stagiaire, omdat er vaak sprake is van minder zelfvertrouwen en een laagzelfbeeld. Dit geldt zeker voor een werksituatie waarin alles nieuw is en een stage wordt gelopen. Het kan dus langer duren voordat iemand op zijn gemak is en daadwerkelijk laat zien waar de verborgen talenten zitten. Gun belanghebbenden deze langere periode tot 1 jaar, geef ze meer tijd. Bovendien moet deze doelgroep vaak ook weer wennen aan een arbeidsritme, het nakomen van afspraken en aan het werken in een ondergeschiktheidsrelatie.

Artikel 16. Werkervaringsplek 1. Het college kan aan de belanghebbende die behoort tot de doelgroep re-integratie een werkervaringsplek gericht op arbeidsinschakeling aanbieden, indien de belanghebbende: a. nog niet actief is geweest op de arbeidsmarkt of een afstand tot de arbeidsmarkt heeft door langdurige werkloosheid en waarbij het voor de belanghebbende belangrijk is om arbeidsvaardigheden te verwerven;

b. actief is geweest op de arbeidsmarkt, maar door persoonlijke of economische omstandigheden het werk is kwijtgeraakt en waarbij het voor de belanghebbende belangrijk is om arbeidsvaardigheden in stand te houden. 2. Het doel van een werkervaringsplek is het aanleren en ontwikkelen van werknemersvaardigheden, het opdoen van werkervaring, het opdoen of behouden van werkritme en het leren functioneren in een arbeidsrelatie. Advies ASD Re-integratie kan ook noodzakelijk zijn indien de vorige werkplek niet meer passend is, waardoor naar geheel andersoortige werk gezocht moet worden in een andere branche en bekeken dient te worden of belanghebbende dit andersoortige werk aankan en of dit passend is. Het doel van een werkervaringsplek kan dan ook zijn: verbreden van de werknemersvaardigheden, waardoor een switch naar een andersoortige sector mogelijk is, en er allerlei nieuwe mogelijkheden ontstaan. ‘Een leven lang ontwikkelen’ is anno 2023 het credo, dit aspect ontbreekt in deze omschrijving. Het college plaatst de belanghebbende uitsluitend als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt. 5. In de schriftelijke overeenkomst met de werkgever wordt het leerdoel, de omvang en inhoud van de werkzaamheden en de begin- en einddatum van de werkervaringsplek vastgelegd. Advies ASD

Zie eerder punt over concurrentieverhoudingen. Verder: in de schriftelijke overeenkomst dient ook de aard, inhoud en frequentie van de begeleiding goed vastgelegd te worden. Juist bij deze doelgroep is de coaching en begeleiding essentieel. Dit advies is opgesteld door Lies Meijerink (lid ASD Gemeente Voorst) Katinka Van Heerde, (secretaris ASD Gemeente Voorst Tot een nadere toelichting zijn wij gaarne bereid. Hoogachtend, Martine Huurnink, voorzitter ASD Katinka van Heerde, Secretaris ASD,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14523884/2