260416 Advies Verkenner
Tekst van het document
16 april 2026
ADVIES VERKENNER – Gemeente Voorst Op maandag 23 maart 2026 hebben de gekozen raadsleden in Voorst aan ondergetekende de opdracht verstrekt om een verkenning te doen naar: “de mogelijkheden voor het vormen van een stabiele meerderheidscoalitie, die: • recht doet aan de uitslag van de verkiezingen; • een programma kan opleveren dat richting geeft aan de opgaven voor onze gemeente in deze bestuursperiode; • een stabiel college kan vormen voor de komende vier jaren.” Op diezelfde avond is in een bijeenkomst van de gekozen raadsleden een duiding gegeven aan de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen op 18 maart. Daarin bleek breed gedragen om eerst te onderzoeken of gekomen kan worden tot een samenwerking tussen Gemeente Belangen (als partij met de meeste stemmen) en VoortvArend Voorst (als partij met de grootste stemmenwinst). Als verkenner heb ik op dinsdag 24 maart en woensdag 25 maart 2026, in aanwezigheid van de raadsgriffier, gesproken met een vertegenwoordiging van alle in de nieuwe gemeenteraad gekozen fracties. In die gesprekken is onder meer aan de orde gekomen wat in de komende raadsperiode de belangrijkste maatschappelijke opgaven zijn. Hierover bestaat in de breedte van de raad grote overeenstemming.
De volgende thema’s kwamen hierbij aan de orde: beschikbaarheid voldoende woningen voor verschillende doelgroepen, huisvesting nieuwkomers, bereikbaarheid en verkeersveiligheid, participatie, bestuurskracht, stabiel financieel beleid en onroerende-zaakbelasting. Uiteraard zijn ook veel andere punten genoemd, maar dan door één of enkele fracties, zoals: energietransitie, natuur en landschap, samenleving (o.m. welzijn, ontmoeting, vrijwilligers, mantelzorgers), sociaal domein en daarbinnen specifiek jeugdhulp. Met het oog op deze opgaven is de vraag naar de bestuurskracht van de gemeente zeer relevant. Niet voor niets heeft de gemeenteraad in vorige samenstelling reeds besloten tot een bestuurskrachtonderzoek. De mogelijke uitkomsten van dat onderzoek zijn door de raad uitdrukkelijk open gelaten en dat uitgangspunt wordt ook door de nieuw gekozen fracties gedeeld. Zeker is dat alle partijen het essentieel achten dat er nu een stabiel bestuur wordt gevormd. Een bestuur dat opereert met voldoende daadkracht en in goede bestuurlijke verhoudingen met raad, inwoners en de bestuurlijke omgeving rondom de gemeente.
Ook is in de individuele gesprekken met de verkenner, kijkend naar de verkiezingsuitslag, door alle fracties opgeroepen tot het in de eerste plaats onderzoeken van de mogelijkheden tot samenwerking tussen Gemeente Belangen en VoortvArend Voorst en aansluitend de mogelijkheden om een meerderheidscoalitie te vormen waarin ook één of meer andere partijen aansluiten.
1
Op vrijdag 27 maart heb ik als verkenner met enerzijds Gemeente Belangen en anderzijds VoortvArend besproken wat de algemene uitkomst uit de eerste gespreksronde was. Ik heb hen daarbij gevraagd om te bevestigen dat zij bereid zijn dit te onderzoeken en wat er naar hun inzicht nodig is om een dergelijke samenwerking stabiel en succesvol te maken. Daarbij is gebleken van een positieve bereidheid tot samenwerking en het overbruggen van mogelijke verschillen op inhoud en stijl van besturen. Er bleek behoefte om met elkaar terug te kijken op de ervaringen in de afgelopen bestuursperioden en het verloop van de recente verkiezingscampagne. Op 27 maart heeft de raad een voortgangsbericht ontvangen waarin is aangegeven dat de verkenner met Gemeente Belangen en VoortvArend Voorst zou verkennen of er een vruchtbare basis is om te bouwen aan een coalitie en hoe die coalitie eruit zou moeten zien. De partijen hebben hierover onder mijn begeleiding gesproken op 2 april en 8 april 2026. Daarbij was ook de griffier aanwezig. Als verkenner is mij uit alle gesprekken gebleken dat er in de afgelopen jaren niet altijd voldoende gelegenheid is geweest of genomen om elkaar te bevragen op het waarom van bepaalde stellingnames en uitspraken en om elkaars gedachten en gevoelens daarbij uit te wisselen. Dit geldt niet alleen tussen Gemeente Belangen en VoortvArend Voorst.
Het speelt ook bij en tussen alle andere fracties. Met de rapportage van De Graaf en Broekman is eind 2024 een interventie gedaan op de ontstane bestuurlijke verhoudingen. Dat heeft een aantal zaken in het licht gezet en opgehelderd. Het heeft ook geleid tot een algemene bereidheid om samen te werken aan verbetering van de bestuurlijke cultuur. Desondanks is mij nog gebleken dat er bij de meeste fracties vragen en gevoelens leven over het verloop van bepaalde gebeurtenissen, zowel voor als na de datum van genoemde rapportage. Het is logisch dat raadsdebatten en ook de voorafgaande besprekingen in rondetafelgesprekken niet altijd voldoende gelegenheid geven om dergelijke vragen te stellen en te bespreken. Er is echter ook te weinig gelegenheid genomen om dergelijke contacten in ander verband te onderhouden. Dat is echter wel van belang om te voorkomen dat er over en weer ongetoetste veronderstellingen ontstaan over het gedrag en de motieven van anderen. Veronderstellingen die soms niet juist zijn en dan eens te meer afbreuk kunnen doen aan het onderling vertrouwen en de onderlinge samenwerking. Met de hiervoor genoemde gesprekken met Gemeente Belangen en VoortvArend Voorst zijn een aantal van dit type vragen onderling alsnog besproken. Dergelijke gesprekken hoeven uiteraard niet altijd te leiden tot overeenstemming over dossiers of standpunten, het blijft immers politiek.
Maar het bevordert wel het onderling vertrouwen, alleen al door het kennisnemen van elkaars beleving. In dit verband breng ik de aanbevelingen uit het rapport De Graaf en Broekman nogmaals onder de aandacht van uw raad. Het is belangrijk om komende jaren raadsbreed nadrukkelijk aandacht te blijven geven aan een gezonde bestuurlijke cultuur. In de gesprekken tussen Gemeente Belangen en VoortvArend Voorst speelde daarnaast nog dat de ene partij in de voorafgaande periode in de oppositie zat en de andere onderdeel was van de coalitie. Het vraagt per definitie veel gewenning als partijen na verkiezingen in een andere rol gaan samenwerken. Als coalitiepartners streef je niet naar optimalisering van je eigen partijstandpunten, maar naar oplossingen die alle
2
coalitiepartijen optimaal comfort geven. Dat is een wisseling van perspectief die van begin tot eind aan ieder gesprek een fundamenteel ander karakter geeft. Dat vraagt gewenning en oefening. De eerste stappen daarin zijn afgelopen weken gezet en dat heeft voldoende vertrouwen gegeven om de basis te zijn voor de vorming van een stabiele coalitie. Gemeente Belangen en VoortvArend Voorst hebben daarbij in het bijzonder overwogen dat er grote behoefte is aan stabiel en transparant bestuur. Dit mede gezien de grote opgaven waar de gemeente komende periode voor staat, zowel binnen de gemeente als in regionaal verband. Zoals aangeven in het door de griffier op 10 april 2026 verzonden voortgangsbericht, zijn vervolgens VVD en D66 door mij uitgenodigd voor gesprekken met de delegaties van Gemeente Belangen en VoortvArend Voorst. Daarin is besproken welke bereidheid en welke mogelijkheden er zijn om -in aanvulling op een samenwerking tussen GB en VV- tot een stabiele meerderheidscoalitie te komen, zoals ook gevraagd in de opdracht aan de verkenner. Gezien de beperkte programmatische verschillen hadden hiervoor meerdere partijen in aanmerking kunnen worden gebracht. De keuze om een vervolggesprek aan te gaan met VVD en met D66 is na onderlinge bespreking gezamenlijk bepaald.
Dit was ingegeven door een aantal factoren zoals de verkiezingsuitslag (beide partijen hebben flinke winst geboekt); programmatische aanknopingspunten en de inzet die deze partijen hebben getoond op het thema van stabiel bestuur en goede bestuurlijke verhoudingen. Bij de uitnodiging is aangegeven dat de Gemeente Belangen en VoortvArend Voorst als eerste met de VVD de mogelijkheden van samenwerking in een coalitie wilden verkennen. Daarnaast is D66 uitgenodigd om in bredere zin te spreken over een vorm van samenwerking hetzij als coalitiepartner dan wel op een andere manier. Op 11 april 2026 hebben onder mijn begeleiding gesprekken plaatsgevonden tussen delegaties van deze vier partijen. Uit die gesprekken is naar voren gekomen dat deze partijen, naast het belang van een stevige coalitie, ook sterk hechten aan blijvende openheid voor bijdragen vanuit alle raadsfracties en de gemeentelijke samenleving. Stabiel bestuur kan niet zonder openheid, transparantie en goede bestuurlijke verhoudingen in de gehele raad. In het verlengde van de oproep die ook D66 heeft gedaan tijdens het duidingsdebat, is daarom gesproken over hoe al tijdens het komende formatieproces gelegenheid kan worden gegeven aan alle fracties om een inhoudelijke bijdrage te leveren aan het op te stellen coalitieakkoord.
De vertegenwoordiging van D66 heeft daarbij aangeven dat -in geval zij geen deel kunnen uitmaken van de coalitie- zij zich vanuit de raad constructief willen opstellen, maar dan in eenzelfde verhouding als alle andere fracties die geen deel uitmaken van de coalitie. Ook de optie van een vierpartijen-coalitie is overwogen, maar daarvoor bleek per saldo te weinig draagvlak. Daarbij is overwogen dat met drie partijen al voldoende meerderheid ontstaat voor een stabiele coalitie (12 van de 21 zetels) en dat op basis daarvan met alle andere raadsfracties constructief overleg mogelijk blijft. Dit mede aangezien de programmatische verschillen met andere partijen op de meeste dossiers overbrugbaar lijken. Gezien de grootte van de gemeente en de aankomende opgaven kan een college met drie wethouders voldoende zijn. De financiële gevolgen van een vierde wethouder zouden in
3
principe beperkt kunnen worden door te werken met deeltijd-wethouders, maar dat betekent dat de eventuele meerwaarde van een extra wethouder ook kleiner wordt. Voor een vierde coalitiepartij en vierde wethouder bleek in de gesprekken onvoldoende basis. Daarnaast is overwogen dat het niet meer wenselijk wordt geacht om te werken met een coalitie waarin niet alle partijen een wethouder leveren. Per saldo is gebleken dat de meeste steun bestaat om coalitiebesprekingen te gaan voeren met Gemeente Belangen, VoortvArend Voorst en VVD. Deze partijen hebben verklaard de bereidheid en het vertrouwen te hebben om in deze samenstelling te komen tot een stabiele meerderheidscoalitie, zoals gevraagd in de opdracht aan de verkenning. Daarbij hebben zij tegelijkertijd aangeven dat zij tijdens de formatie en de gehele komende raadsperiode optimaal ruimte willen geven aan een productieve dialoog met de gehele gemeenteraad. Al met al adviseer ik uw raad om als afronding van de verkenningsfase kennis te nemen van dit advies en aan de fracties van Gemeente Belangen, VoortvArend Voorst en VVD te vragen om initiatief te nemen tot een formatiefase waarin zij gezamenlijk komen tot een coalitieakkoord en een beoogde samenstelling van een nieuw college. De formerende fracties adviseer ik om in de coalitieafspraken tenminste in te gaan om de hiervoor genoemde maatschappelijke opgaven.
Bespreek daarbij hoe al tijdens de formatie gelegenheid wordt gegeven aan alle fracties om een inhoudelijke bijdrage te leveren aan het coalitieakkoord. Verken in de formatie ook hoe het college vanaf het begin de samenwerking met de gehele raad goed vorm kan geven en hoe het college hierover aan de hand van de lange-termijnagenda met (het presidium van) de gemeenteraad afspraken kan maken. Tot slot spreek ik mijn dank uit aan alle gespreksgenoten voor hun openheid en flexibiliteit, ook in hun agendabeheer. In het bijzonder dank ik uw raadsgriffier die mij in het gehele proces op uitstekende wijze met raad en daad heeft bijgestaan.
Jan Herman de Baas Verkenner
4