2025 03 29 Schriftelijke vraag VAV Gesprek met de gemeente Brummen over bestuurlijke samenwerking of herindeling
Tekst van het document
Schriftelijke vraag (versie 29 maart 2025)
Onderwerp: Gesprek met de gemeente Brummen over bestuurlijke samenwerking of herindeling Geacht college, Naar aanleiding van het artikel in de Stentor van 25 maart 2025 én op basis van aanvullende informatie uit het rapport van de gemeente Brummen over hun bestuurlijke toekomst, is bij ons als fractie van VoortvArend Voorst een aantal vragen gerezen over de gang van zaken rondom het gesprek dat zou hebben plaatsgevonden tussen vertegenwoordigers van de gemeente Brummen en de burgemeester en gemeentesecretaris van Voorst. Uit de stukken blijkt dat dit gesprek deel uitmaakt van een onderzoek naar mogelijke fusies of intensieve samenwerkingen van Brummen met andere gemeenten. Volgens de informatie uit het rapport van Brummen heeft de gemeente Voorst aangegeven op dit moment geen verdere samenwerking aan te willen gaan vanwege interne trajecten zoals het onderzoek naar de bestuurscultuur. Wij hebben naar aanleiding hiervan de volgende vragen: 1. Kunt u bevestigen dat er een gesprek heeft plaatsgevonden tussen de burgemeester en gemeentesecretaris van Voorst en de gemeente Brummen in het kader van hun onderzoek naar bestuurlijke toekomstscenario’s, waaronder herindeling? 2. Klopt het dat de uitkomst van dat gesprek is dat de gemeente Voorst op dit moment afziet van verdere samenwerking vanwege interne prioriteiten, waaronder het traject rond bestuurscultuur? 3.
Wat wordt in dit verband precies bedoeld met ‘bestuurlijke perikelen’? En deelt u deze duiding zoals geformuleerd vanuit Brummen? 4. Wat waren uw intenties en doelstellingen bij het aangaan van dit gesprek met de gemeente Brummen? 5. Waarom is de gemeenteraad voorafgaand aan dit gesprek niet geïnformeerd over het voornemen tot deelname aan een dergelijk strategisch gesprek? 6. Vindt u dat de gemeenteraad ten minste vooraf geïnformeerd had moeten worden over het gesprek en de bedoelde inzet daarin? 7. Was er, gelet op het onderwerp van het gesprek (mogelijke bestuurlijke samenwerking of zelfs herindeling), niet op zijn plaats geweest om eerst mandaat of instemming van de raad te verkrijgen? 8. Waarom is er achteraf geen verslag van dit gesprek gedeeld met de gemeenteraad? 9. Bent u met ons van mening dat de afhandeling van dit soort gesprekken – qua verslaglegging en verantwoording – formeel via het college en niet via de griffie zou moeten verlopen? 10. Vindt u niet dat u met dit gesprek vooruitloopt op een mogelijk proces waarover de raad nog geen richtinggevende uitspraak heeft gedaan?
11. Hoe verhoudt deze werkwijze zich tot de bestuurlijke transparantie en het duale karakter van ons gemeentebestuur? 12. Bent u bereid toe te zeggen dat toekomstige gesprekken over dit type strategische samenwerking of fusievoorstellen uitsluitend plaatsvinden nadat de raad vooraf is geïnformeerd en hierin een kader stellende rol heeft kunnen spelen? Wij verzoeken u vriendelijk doch dringend deze vragen afzonderlijk en volledig te beantwoorden bij voorkeur voor 4 april zodat dit eventueel geagendeerd kan worden.
Twello, 29 maart 2025, Arend Jansen (VoortvArend Voorst)