CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadvoorstel oprichten bijzondere begraafplaats Veurseweg 180 (cie).docx

Commissie Wonen, Ruimte & Groen Voorschoten 16 maart 2023, gemeente voorschotenBij agendapunt: Oprichten bijzondere begraafplaats Veurseweg 1801.998 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Zaaknummer:

Z/21/055882/332756

Datum collegebesluit:

dinsdag 17 januari 2023

Datum commissievergadering:

donderdag 16 maart 2023

Datum raadsvergadering:

donderdag 5 april 2023

Soort Voorstel:

Raadsvoorstel

Onderwerp:

Principeverzoek oprichten bijzondere begraafplaats aan Veurseweg 180 te Voorschoten

Portefeuillehouder:

Wethouder Van der Elst

Programma:

Ruimtelijk ontwikkeling

Kernboodschap:

Er is een aanvraag binnengekomen voor het oprichten van een bijzondere begraafplaats aan de Veurseweg 180 te Voorschoten. De begraafplaats zal ten behoeve zijn voor de medeoprichter van ‘Van der Valk’ hotelketen en zijn vrouw. Het gaat om een graf met steen achter op het perceel aan de Veurseweg 180.

Bijlagen:

Bijlage 1: Weergave planlocatie bijzondere begraafplaats Veurseweg 180 Voorschoten. Bijlage 2: Uitsnede wettekst Wet op de lijkbezorging

Beslispunten:

1.

De raad besluit om medewerking te verlenen aan het oprichten van de bijzondere begraafplaats op de aangewezen locatie aan de Veurseweg 180 te Voorschoten

Relatie met:

Niet van toepassing

Gemeente Voorschoten Leidseweg 25 | Postbus 393, 2250 AJ Voorschoten | T 14071 | E gemeente@voorschoten.nl | www.voorschoten.nl BTW NL 00179762B01 | KvK 27381083 | IBAN NL43 BNGH 0285 0796 70 | BIC BNGHNL2G

Inleiding en samenvatting Er is in 2021 een principeverzoek binnengekomen om een bijzondere begraafplaats op te mogen richten aan de Veurseweg 180 te Voorschoten. De bijzondere begraafplaats is ten behoeve van de medeoprichter van de hotelketen: ‘Van der Valk’ en zijn vrouw. De medeoprichter van de hotelketen is ooit in de gemeente Voorschoten begonnen en heeft overal in het land een ‘Van der Valk’ hotel gerealiseerd. Hij kan in die zin gezien worden als een ‘markant’ persoon. De medeoprichter van de hotelketen wenst dicht bij de locatie waar zijn keten is gestart (de Veurseweg 180) begraven te worden. De wens van de initiatiefnemer is om een graf met steen op de aangewezen locatie te mogen aanleggen (zie bijlage 1). Inhoudelijk gezien bestaat het verzoek uit de vraag om op de aangewezen locatie een bijzondere begraafplaats te mogen realiseren en een verwijzing naar artikel 41 van de wet lijkbezorging (zie bijlage 2). In artikel 40 lid 1 van Wet lijkbezorging staat dat de gemeenteraad bevoegd is gronden aan te wijzen waar een bijzondere begraafplaats mag worden aangelegd. Om antwoord te kunnen geven op het principeverzoek zal de gemeenteraad in dit kader een besluit moeten nemen. Eerder heeft een soort gelijk verzoek in de gemeente Voorschoten plaatsgevonden.

Mevrouw Begeer heeft op 7 juli 1992 het verzoek ingediend om een bijzondere begraafplaats te mogen oprichten voor haarzelf op het landgoed ‘Berbice’ ,(zaaknr: 709 analoog archief). Mevrouw Begeer was eigenaresse van het buitenplaats ‘Berbice’. Hier heeft de raad uiteindelijk onder voorwaarden een positief besluit op genomen. Een van de voorwaarden is dat de bijzondere begraafplaats opgenomen gaat worden in het bestemmingsplan. Gemiddeld worden in Nederland ca. 5 verzoeken per jaar voor het aanleggen van een bijzondere begraafplaats gedaan. In de jaren 90 heeft de gemeente Voorschoten één soortgelijk verzoek gehad van mevrouw Begeer. Wij verwachten niet dat dit soort verzoeken significant vaker zullen voorkomen in de gemeente Voorschoten. Het opstellen voor beleidsregels omtrent het oprichten van bijzondere begraafplaatsen voor de gemeente Voorschoten is, gezien de geringe frequentie van dit soort verzoeken, niet aan de orde. Indien er medewerking wordt verleend aan het onderliggend principeverzoek zal de initiatiefnemer worden uitgenodigd voor de vervolgprocedure. In dit geval een herziening van het bestemmingsplan/omgevingsplan. Het onderliggend verzoek zal dan verder worden uitgewerkt en in de vervolgprocedure (ontwerpbestemmingsplan/omgevingsplan) en weer bij de raadsvergadering aan de orde komen. Beslispunten: -

De raad besluit om medewerking te verlenen aan het oprichten van de bijzondere begraafplaats, op de aangewezen locatie, aan de Veurseweg 180 te Voorschoten.

Pagina 2 van 7

Beoogd effect Wanneer de raad een besluit heeft genomen over dit verzoek kan het principeverzoek worden beantwoord. Het besluit zal middels een principe-uitspraak worden teruggekoppeld naar de initiatiefnemer. Argumenten 1.1 Gemeente Voorschoten heeft eerder medewerking verleend aan een dergelijk verzoek Op 7 juli 1992 heeft mevrouw Begeer in de gemeente Voorschoten een soortgelijk verzoek ingediend. Mevrouw Begeer had de wens om op haar landgoed ‘Berbice’ begraven te mogen worden. Dit is uiteindelijk ook gebeurd. Mevrouw Begeer was eigenaresse van het ‘Berbice’ landgoed en in die zin ‘markant’ te noemen. 1.2 In Voorschoten heeft een vergelijkbaar verzoek zich tot op heden slechts één keer voorgedaan In de jaren 90 heeft de gemeente Voorschoten een soort gelijk verzoek gehad van mevrouw Begeer. Uit onderzoek is gebleken dat er in Nederland gemiddeld 5 verzoeken per jaar worden gedaan voor het aanleggen van een bijzondere begraafplaats. Wij verwachten niet dat er sprake zal zijn van precedentwerking. 1.3 De medeoprichter van der Valk is aan te merken als een markant persoon. De bijzondere begraafplaats is ten behoeve van de ouders van de huidige eigenaar van ‘Van Der Valk’. De vader van de huidige eigenaar is medeoprichter van de ‘Van Der Valk’ hotelketen. Deze hotelketen heeft vestigingen in heel Nederland.

Ze zijn ooit begonnen in Voorschoten en in die zin is hij markant persoon uit Voorschoten te noemen. 1.4 Aan de voorwaarden uit de Wet op de lijkbezorging kan worden voldaan. In de artikelen 43 t/m 48 van de Wet op de lijkbezorging staat dat indien de begraafplaats wordt gesloten er minimaal 10 jaar geen begravingen mogen hebben plaatsgevonden. B&W zijn bevoegd gezag om de begraafplaats te sluiten. Als gevolg van de bijzondere begraafplaats zijn planologisch gezien in de directe omgeving geen ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk. De bestemming ‘bijzondere’ begraafplaats resulteert in extra eisen met betrekking tot de omgeving(s)(waarden). Gelet op de afgelegen ligging van de beoogde locatie mag geconstateerd worden dat er geen andere belangen worden geschaad alsmede dat er geen ontwikkelingen in de toekomst nabij deze beoogde locatie zijn te verwachten. Uit dien hoofde zijn er geen ruimtelijke belemmeringen. 2.1 De gemeenteraad is bevoegd gezag in het kader van de Wet op de lijkbezorging

Pagina 3 van 7

Artikel 40 lid 1 van Wet op de lijkbezorging geeft aan dat de gemeenteraad bevoegd gezag is voor het bepalen van gronden ten behoeve van een bijzondere begraafplaats, zie bijlage 2: wettekst Wet op de lijkbezorging. Om antwoord te geven op het onderliggend principe-verzoek wordt de raad gevraagd of de raad bereid is om de gronden, die initiatiefnemer heeft aangewezen voor het oprichten van de bijzondere begraafplaats, te bestemmen tot ‘bijzondere begraafplaats’. Kanttekeningen 1.1 Onduidelijk is nog in hoeverre art. 40 lid 3 van toepassing is op onderliggend verzoek. Artikel 40 lid 3 van Wet op de lijkbezorging geeft aan dat het college van B&W er desgevraagd zorg voor kan dragen dat een kerkgenootschap, mede gelet op de staat waarin een bijzondere begraafplaats op grond van het tweede lid moet verkeren, de begraafplaats op redelijke voorwaarden in eigendom kan verwerven. Er is een begraafplaats 300 meter van de beoogde locatie (Rosenburgh). Er wordt nog uitgezocht of deze bepaling van toepassing is bij het onderliggend verzoek. De verwachting is dat er geen noodzaak is om een beroep te doen op de bevoegdheid in art. 40 lid 3.

2.1 Het sluiten van een begraafplaats kan niet eerder dan minimaal 10 jaar na begraving. Ingevolge artikel 44 van de Wet op de lijkbezorging kan een (bijzondere) begraafplaats kan niet eerder dan 10 jaar nadat er een begraving heeft plaatsgevonden worden gesloten. Indien op een begraafplaats gedurende tien jaren geen begraving meer heeft plaats gevonden, kunnen burgemeester en wethouders de begraafplaats gesloten verklaren. De begraafplaats kan dan worden gesloten en de bestemming (evt.) worden gewijzigd. In de voorbereidingsprocedure zal de initiatiefnemer zijn plan verder uitwerken en onderzoeken wat de te verwachten ontwikkelingen zullen zijn voor zijn perceel voor de komende decennia. Nu het hier gaat om een privé-begraafplaats ligt sluiting als bedoeld in artikel 44 niet voor de hand. Inwonersparticipatie en communicatie Gelet op de aard, omvang en de locatie van dit verzoek zal geen inwonersparticipatie worden voorschreven. Er zijn geen woningen of bedrijven nabij het plangebied waardoor de impact van het onderliggend verzoek nihil is. De eindsituatie is een begraafplaats met steen. Dit heeft vanuit ruimtelijk oogpunt ook weinig impact voor de omgeving. Indien er medewerking wordt verleend zal het verzoek op wettelijke voorgeschreven wijze worden gepubliceerd. Een ieder kan dan vervolgens gebruik maken van de bezwaarprocedure.

Financiën De kosten die gemaakt worden bij het in behandeling nemen van dit principeverzoek zullen worden verhaald bij de initiatiefnemer conform de legesverordening Voorschoten 2021. In de

Pagina 4 van 7

vervolgprocedure zullen de gemaakte kosten bij de initiatiefnemer worden verhaald middels het kostenverhaal of leges conform de legesverordening 2022/2023. Juridisch kader Gelet op artikel 40 lid 1 van Wet op de lijkbezorging staat dat de gemeenteraad gronden aanwijst waar een bijzondere begraafplaats mag worden aangelegd. Om antwoord te kunnen geven aan het principeverzoek zal de gemeenteraad in dit kader een besluit moeten nemen. Artikel 40 lid 1 van Wet op de lijkbezorging geeft aan dat de gemeenteraad bevoegd gezag is voor het bepalen van gronden ten behoeve van een bijzondere begraafplaats, zie bijlage 2: wettekst wet op de lijkbezorging. Om antwoord te geven aan het onderliggend principeverzoek wordt de raad gevraagd om een besluit te nemen. De gronden dienen door de raad te worden aangewezen om het te mogen bestemmen naar ‘bijzondere begraafplaats. Artikel 40 lid 2 van Wet op de lijkbezorging geeft aan dat burgermeester en wethouders voorwaarden kunnen voorschrijven voor het geschikt maken van de gronden t.b.v. een bijzondere begraafplaats. Het uitgangspunt is om de bijzondere begraafplaats te laten voldoen aan de wettelijke gestelde eisen. Dit zal worden opgenomen in het principe-uitspraak en worden getoetst bij de voorbereidingsprocedure.

Artikel 40 lid 3 van Wet op de lijkbezorging geeft aan dat indien het kerkgenootschap geen eigenaar van de benodigde grond is, dragen burgemeester en wethouders desgevraagd zorg, dat het kerkgenootschap de grond, mede gelet op de staat, waarin deze ingevolge het tweede lid moet verkeren, op redelijke voorwaarden in eigendom kan verwerven. Kunnen burgemeester en wethouders en het kerkgenootschap niet tot overeenstemming komen, dan bepalen gedeputeerde staten op verzoek van een van hen of beide de voorwaarden. Er is een begraafplaats 300 meter van het plangebied (Rosenburgh). Er moet nog worden uitgezocht of deze bepaling van toepassing is bij het onderliggend verzoek. Risico’s 1. Belemmering van de beoogde begraafplaats voor potentiële ruimtelijke ontwikkelingen. Vanuit planologisch oogpunt zijn ruimtelijke ontwikkelingen bij begraafplaatsen doorgaans niet mogelijk. Dit betekent dat wanneer er medewerking wordt verleend aan het onderhavige verzoek er bij het plangebied voor een bepaalde tijd geen ruimtelijke ontwikkelingen kunnen plaatsvinden. Gelet op de aangewezen locatie en de te verwachten ontwikkelingen bij de planlocatie lijkt het erop dat hier geen hinder te verwachten is. De initiatiefnemer zal dit in de voorbereidingsprocedure het onderliggend plan verder uitwerken en onderzoeken wat de impact is van zijn verzoek op de omgeving. 2.

Medewerking verlenen zou precedentwerking tot gevolg kunnen hebben.

Pagina 5 van 7

Besluiten van de gemeente kunnen in beginsel (ongewenste) precedentwerking hebben. In het besluit zal gemotiveerd moeten worden waarom er in dit geval medewerking kan worden verleend. Er is bekend dat er gemiddeld per jaar maximaal 5 van dit soort verzoeken in Nederland worden ingediend. De laatste keer dat de gemeente Voorschoten een dergelijk verzoek binnenkreeg was in 1992 van mevrouw Begeer bij het landgoed Berbice. Als we het vertrekpunt uitgaan dat bijzonder begraafplaatsen enkel en alleen voor markante personen gehonoreerd kunnen worden, dan zal er van ongewenste precedentwerking geen sprake zijn. Duurzaamheid N.v.t.

Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,

A.R. de Graaf, gemeentesecretaris

Pagina 6 van 7

drs. N. Stemerdink, burgemeester

Besluit Zaaknummer: Z/21/055882/332756

De raad van de gemeente Voorschoten; Gelet op Artikel 40 lid 1 van Wet op de Lijkbezorging Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 januari 2023,

besluit: Medewerking te verlenen aan het oprichten van de bijzondere begraafplaats op de aangewezen locatie aan de Veurseweg 180 te Voorschoten.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Voorschoten, gehouden op donderdag 5 april 2023,

de griffier,

de voorzitter,

drs. B.J. Urban

drs. N. Stemerdink

Pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=cb39e95f-c0b5-4967-bf18-2fd115ea6ece