Raadsvoostel Regionaal Nota bodembeheer
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaaknummer:
Z/23/077099/362692
Datum collegebesluit:
dinsdag 5 september 2023
Datum commissievergadering:
donderdag 5 oktober 2023
Datum raadsvergadering:
donderdag 2 november 2023
Soort Voorstel:
Raadsvoorstel
Onderwerp:
nota bodembeheer 2023-2033 regio West-Holland gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude (hierna: nota bodembeheer)
Portefeuillehouder:
Wethouder Schokker
Programma:
7.4 Milieubeheer
Kernboodschap:
Vaststelling nota bodembeheer en bijbehorende oplegnotitie
Bijlagen:
Bijlage 1 nota bodembeheer – met daarin ook de bodemfunctieklassenkaart en de bodemkwaliteitskaart; Bijlage 2 oplegnotitie van de Omgevingsdienst West-Holland;
Beslispunten:
De raad besluit
1. De nota bodembeheer (met de daar in opgenomen lokale maximale waarden en de keuzes voor gebiedsspecifiek beleid) vast te stellen voor het eigen grondgebied; 2. Het gehele grondgebied van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude. Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude aan te wijzen als
beheergebied waarbinnen grond- en baggerverzet mogelijk is op basis van de nota bodembeheer; 3. De bodemkwaliteitskaarten van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude. Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude te accepteren als
bewijsmiddel van de chemische kwaliteit van de toe te passen grond vanuit deze gemeenten; 4.
Onderstaande besluiten met een uitvoerend karakter te mandateren aan het college van burgemeester en wethouders: • wijzigingen van de bodemfunctieklassenkaart; • het toevoegen van aanvullende gegevens aan de bodemkwaliteitskaart die geen invloed hebben op het gebiedsspecifiek beleid; • het onder voorwaarden accepteren van een bodemkwaliteitskaart als bewijsmiddel voor de chemische kwaliteit van de toe te passen grond; • het opnieuw bestuurlijk vaststellen van een gewijzigde bodemfunctieklassenkaart en/of bodemkwaliteitskaart onder voorwaarde dat de wijzigingen geen invloed hebben op het in de nota bodembeheer geformuleerde gemeentelijke gebiedsspecifieke beleid;
5. De nota bodembeheer en de bijbehorende oplegnotitie per 1 december 2023 in werking te laten treden; 6. De nota bodembeheer en de bijbehorende oplegnotitie te publiceren. Relatie met:
Pagina 2 van 11
N.v.t.
Inleiding en samenvatting Kernboodschap Bij allerlei graafwerkzaamheden en bewerkingen van de (water)bodem komt grond en baggerspecie vrij. De regelgeving voor het tijdelijk opslaan en het hergebruik of toepassen van grond en baggerspecie valt onder het Besluit bodemkwaliteit en de Regeling bodemkwaliteit. In de regionale nota bodembeheer staat welke mogelijkheden er zijn voor het toepassen en hergebruiken van grond en baggerspecie. De gemeenten in de regio West-Holland (Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude) hebben een nota bodembeheer opgesteld die aangeeft hoe vrijgekomen grond en baggerspecie op en in de landbodem van de gemeenten kan en mag worden opgeslagen (tijdelijk), hergebruikt of toegepast. De nota bodembeheer geeft regels en richtlijnen voor iedereen die bij het voorbereiden van projecten of het uitvoeren van bodemwerken rekening moet houden met de kwaliteit van de bodem. Toelichting Hergebruik van grond en baggerspecie is sinds 1 juli 2008 geregeld in het Besluit bodemkwaliteit en in de Regeling bodemkwaliteit. Het Besluit kent een landelijk beleidskader (= generiek) en geeft tevens de mogelijkheid aan gemeenten om lokaal gebiedsgericht beleid voor grondverzet vast te stellen (= gebiedsspecifiek).
Er wordt gestreefd naar zoveel mogelijk hergebruik van grond en baggerspecie, zodat minder materiaal hoeft te worden gestort en minder primaire grondstoffen nodig zijn. Voor toepassingen op de landbodem zijn gemeenten het bevoegd gezag. Om conform het besluit op een duurzame manier vorm te kunnen geven aan het grond- en baggerverzet dient een gemeente te beschikken over een: •
bodemfunctieklassenkaart (= weergave van het huidige / toekomstige gebruik van een gebied).
•
bodemkwaliteitskaart (= weergave van de huidige kwaliteit van de bodem in een gebied).
•
nota bodembeheer (= de uitwerking van hoe een gemeente omgaat met de mogelijkheden voor grond- en baggerverzet die het besluit biedt).
Een gemeente kan middels het opstellen van gebiedsspecifiek beleid de lokale bodemkwaliteit en het huidige / toekomstige gebruik en beheer van de bodem beter op elkaar af stemmen. Hierbij moet wel worden vastgehouden aan het basisprincipe van het Besluit; namelijk dat de kwaliteit van de grond en/of baggerspecie die wordt toegepast in een gebied altijd geschikt moet zijn voor de functie die dat gebied heeft. Ook mag er door het grond- en/of baggerverzet niet méér verontreiniging ontstaan dan er voor die tijd in een gebied aanwezig was.
Pagina 3 van 11
De gemeente Voorschoten wil haar huidig duurzaam bodembeheerbeleid nog beter vormgeven. De gemeente heeft daarvoor op 7 maart 2023 haar bestaande bodemfunctieklassenkaart en bodemkwaliteitskaart geactualiseerd en samen met de andere gemeenten van de regio WestHolland een nota bodembeheer opgesteld. De kaarten zijn de instrumenten voor dit duurzame beleid. In de nota bodembeheer is het te voeren grondstromenbeleid weergegeven en zijn regels en procedures voor dit beleid geformuleerd. Voorschoten had een nota bodembeheer met Wassenaar en Leidschendam-Voorburg samen, die was vastgesteld op 10 oktober 2013. Een nota bodembeheer is maar 10 jaar geldig, waardoor vaststelling van een geactualiseerde nota bodembeheer noodzakelijk is. Omdat Voorschoten bodemtaken laat uitvoeren door de Omgevingsdienst West-Holland is aansluiting bij de gemeenten van de regio West-Holland een logische keuze. Het beleid dat was opgenomen in de huidige nota bodembeheer van Voorschoten is nu weer opgenomen in deze nieuwe regionale nota. Aan deze nieuwe nota is in overleg met alle gemeenten van de regio West-Holland nieuw beleid toegevoegd, zoals iets strenger beleid voor het gebruik van grond bij speelplaatsen. Na bestuurlijke vaststelling van voorliggende nieuwe nota bodembeheer komt de hierboven genoemde oude nota bodembeheer te vervallen.
In de collegevergadering van 4 juli 2023 is het ontwerpbesluit tot vaststelling van de nota bodembeheer behandeld. Op de publicatie van het ontwerpbesluit zijn geen zienswijzen ingediend. Het (gebiedsspecifieke) beleid betreft de volgende aspecten: 1.
Het uitbreiden van het gemeentelijke bodembeheergebied tot de gemeentelijke grondgebieden van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude.
2.
Het accepteren van geldige bodemkwaliteitskaarten als bewijsmiddel bij grondverzet van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude. Deze bodemkwaliteitskaarten mogen worden gebruikt als bewijsmiddel van de chemische kwaliteit van de toe te passen grond vanuit deze gemeenten.
3.
Het stellen van strengere eisen bij het toepassen van grond op onverharde kinderspeelplaatsen en moes-/volkstuin(complex)en schooltuinen.
Pagina 4 van 11
4.
Het onder voorwaarden verruimen van regels bij het toepassen van grond op (relatief) schone gebieden met de bodemfunctie ‘Wonen’ of ‘Industrie’ gebieden.
5.
Het onder voorwaarden verruimen van regels bij het toepassen van grond op aangewezen industrie- en bedrijventerreinen in de gemeenten Kaag en Braassem, Leiden, Noordwijk en Teylingen.
6.
Het verruimen van de regels voor het toepassen van grond uit en in de bermen van aangewezen (spoor)wegen met de functie ‘Industrie’.
7.
Het onder voorwaarden verruimen van regels bij het toepassen van grond uit de bodemkwaliteitszones “B1/T1/O1 Historische bebouwing Leiden”, B2. Oude uitbreidingen Leiden’, ‘B3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude’ en ‘VS1 Vooroorlogse bebouwing Voorschoten’.
8.
Het verruimen van de regels voor het toepassen van grond uit en op (voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen en van grond uit en op de plangebieden OffemZuid (fase 1 t/m 3) en Bronsgeest (gemeente Noordwijk) en Nieuw Boekhorst (gemeente Teylingen).
9.
Het verruimen van de regels voor het toepassen van grond uit en ter plaatse van gebieden met toemaakdek (gemeenten Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude).
10. Het verruimen van de regels voor het toepassen van grond uit en ter plaatse van het plangebied Braassemerland in de gemeente Kaag en Braassem en plangebied Nieuw-Rhijngeest in de gemeente Oegstgeest. 11. Het onder voorwaarden verruimen van de regels voor de tijdelijke opslag van grond. 12. Het stellen van (strengere) eisen bij het toepassen van grond met bijmenging van bodemvreemd materiaal (steenachtige materialen, hout, plastic, piepschuim etc.). 13. Het stellen van strengere eisen bij het toepassen van grond met asbest(verdacht) materiaal bij bepaalde bodemgebruiken dat in opdracht van de gemeente wordt uitgevoerd. 14. Het stellen van (strengere) regels bij het hergebruik van PFAS-houdende grond en verspreiden van PFAS-houdende onderhoudsbaggerspecie 15. Het stellen van strengere eisen uit de bodemkwaliteitszones “B1/T1/O1 Historische bebouwing Leiden”, ‘VS1 bovengrond in Voorschoten’ en ‘VS7 bovenen ondergrond in Voorschoten. 16. Het verruimen van de regels bij de tijdelijke uitname van grond bij graafwerkzaamheden bij ondergrondse infrastructuur en groenvoorzieningen en het stellen van regels bij de tijdelijke opslag van grond als deze niet op of nabij de graaflocatie tijdelijk kan worden opgeslagen.
Pagina 5 van 11
17. Het verruimen van de regels voor het toepassen van grond vanuit de bodemlaag dieper dan 2 meter beneden het maaiveld. 18. Het stellen van regels bij het toepassen van grond afkomstig van gebieden waar de gemeenten de bodemkwaliteitskaart niet hebben geaccepteerd als bewijsmiddel voor de chemische kwaliteit van de toe te passen grond. 19. Het stellen van fysische eisen aan toe te passen grond in aangewezen waardevolle natuurgebieden. 20. Het stellen van regels bij het toepassen van gerijpte baggerspecie. 21. Het stellen van regels bij het toepassen van granuliet. 22. Het stellen van regels bij grondverzet met kleine partijen grond. 23. Het stellen van regels bij terugsaneerwaarden en toepassen van grond op saneringslocaties. 24. Het toepassen van grond van of in gebieden die zijn uitgesloten van de gemeentelijke bodemkwaliteitskaart. 25. Het stellen van regels ter plaatse van provinciale en gemeentelijke beschermingsgebieden. 26. Het stellen van regels bij het verspreiden van onderhoudsbaggerspecie en bij het realiseren van weilanddepots. 27. Het gebruik van de bodemkwaliteitskaart bij het vaststellen van de veiligheidsklasse bij graafwerkzaamheden. 28. Het gebruik van de bodemkwaliteitskaart bij bodemverontreinigende activiteiten (bij de interpretatie van een eindsituatie-onderzoek als geen nulsituatieonderzoek beschikbaar is). 29.
Het voorkomen van verspreiding van invasieve exoten door grondverzet (flora, zoals bijvoorbeeld de Aziatische duizendknoop en de Reuzenberenklauw). 30. Het stellen van regels bij de geldigheidsduur van een uitgevoerd onderzoek. 31. Het gebruik van de ontgravings- en toepassingskaart als al een kwaliteitsonderzoek is uitgevoerd. 32. Het stellen van regels bij het toepassen van grond uit een tijdelijke opslag. 33. Het stellen van regels bij het toepassen van grond in grootschalige toepassingen. 34. Het stellen van regels voor de onderzoeksinspanning voorafgaand aan het grondverzet. 35. Het verruimen van meldingregels bij de tijdelijke opslag van grond voorafgaand aan de definitieve toepassing. 36. Het verruimen van de regels bij repeterende vrachten en omvangrijke grondtoepassingen.
Pagina 6 van 11
37. Het verruimen van de regels bij grondtransport met de bodemkwaliteitskaart als bewijsmiddel. Beoogd effect Op basis van de nota bodembeheer en de bijbehorende bodemfunctieklassenkaart en de bodemkwaliteitskaart is zoveel mogelijk hergebruik van grond en baggerspecie mogelijk, zodat minder materiaal hoeft te worden gestort en minder primaire grondstoffen nodig zijn. Argumenten Conform de eisen van de Besluit bodemkwaliteit is het voor een correcte vaststelling van een bodembeheernota nodig dat: •
De gemeenteraad de nota bodembeheer (met de daar in opgenomen lokale maximale waarden en de keuzes voor gebiedsspecifiek beleid) vast stelt voor het eigen grondgebied.
•
De gemeenteraad het gehele werkgebied van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude aanwijst als beheergebied waarbinnen grond- en baggerverzet mogelijk is op basis van de nota bodembeheer.
Omgevingswet De nota bodembeheer met de bijbehorende kaarten wordt vastgesteld voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet vervallen de huidige wet- en regelgeving voor bodemsanering en het functioneel en nuttig toepassen van grond en gerijpte baggerspecie. Bodem wordt daarmee een integraal deel van de Omgevingswet. Het huidige generieke beleid voor toepassen van grond en baggerspecie is uitgangspunt in artikel 4.1272 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en de Aanvullingswet bodem regelt overgangsrecht voor een beperkt aantal zaken uit opgesteld gebiedsspecifiek beleid. Overig gebiedsspecifiek gemeentelijk bodembeleid verliest onder de nieuwe regelgeving zijn grondslag, indien hier geen nieuwe regels voor opgesteld zijn. Om te voorkomen dat een deel van het nu vast te stellen gebiedsspecifieke regionale bodembeleid bij inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn werking weer verliest, dient het gemeentelijke beleid dat niet valt onder het overgangsbeleid van de Aanvullingswet bodem te worden vastgesteld als een beleidsregel welke blijft gelden onder de Omgevingswet. Hiervoor is door de Omgevingsdienst een oplegnotitie opgesteld (kenmerk D2023-044205, datum 17 april
Pagina 7 van 11
2023), welke gelijktijdig met de nota bodembeheer en de bijbehorende kaarten wordt vastgesteld door de gemeente. Kanttekeningen Rekening moet worden gehouden met de mogelijkheid dat in één van de hierboven genoemde regiogemeenten zienswijzen naar voren worden gebracht en/of bezwaar wordt gemaakt, dat mogelijke aanpassing van de nota bodembeheer tot gevolg heeft. In dat geval wordt de gewijzigde nota bodembeheer in een later stadium nogmaals aangeboden aan de raad ter vaststelling. Er zijn, voor zover bekend, nog geen zienswijzen binnengekomen bij de regiogemeenten en/of de ODWH. Inwonersparticipatie en communicatie Niet van toepassing. Dit betreft specifiek en inhoudelijk complex beleid. Advisering, toezicht en handhaving wordt uitgevoerd door de ODWH. Op de website van de ODWH Financiën Niet van toepassing Juridisch kader Mandateren bevoegdheden Het gebiedsspecifieke grondstromenbeleid en eventuele toekomstige wijzigingen op dit beleid moeten, conform de artikelen 44 en 55 van het Besluit bodemkwaliteit, worden vastgesteld door de gemeenteraad. Om praktische redenen worden besluiten met een uitvoerend karakter gemandateerd aan het college van burgemeester en wethouders. Het betreft besluiten voor: •
wijzigingen van de bodemfunctieklassenkaart;
•
het toevoegen van aanvullende gegevens aan de bodemkwaliteitskaart die geen invloed hebben op het gebiedsspecifieke grondstromenbeleid;
•
het onder voorwaarden accepteren van een bodemkwaliteitskaart van een andere gemeenten als bewijsmiddel voor de chemische kwaliteit van de toe te passen grond;
•
het opnieuw bestuurlijk vaststellen van een gewijzigde bodemfunctieklassenkaart en/of bodemkwaliteitskaart;
•
onder voorwaarde dat de wijzigingen geen invloed hebben op het in deze nota geformuleerde gebiedsspecifieke grondstromenbeleid.
Pagina 8 van 11
Het vaststellen van nieuw of gewijzigd gebiedsspecifiek beleid (Lokale Maximale Waarden of afwijkende percentages bijmenging bodemvreemd materiaal) kan conform artikel 44 van het Besluit bodemkwaliteit niet worden gemandateerd.
Risico’s Er zijn geen risico’s met betrekking tot dit voorstel. Duurzaamheid Met het vaststellen van de geactualiseerde bodemfunctieklassenkaart, de bodemkwaliteitskaart en de nota bodembeheer kunnen besparingen worden gerealiseerd voor de gemeente en haar inwoners. Hierdoor wordt gefaciliteerd dat: •
de gemeente milieuvriendelijk bodembeheerbeleid in uitvoering brengt dat praktisch uitvoerbaar, milieuhygiënisch verantwoord en transparant is;
•
meer grondstromen kunnen plaatsvinden zonder dat voorafgaand de kwaliteit van de grond moet worden onderzocht. Voor de gemeente en derden kunnen hierdoor besparingen worden gerealiseerd in tijd en kosten;
•
meer toepassingslocaties beschikbaar komen om vrijkomende grond en bagger duurzaam te hergebruiken;
•
het gebruik en de aankoop van primaire én secundaire grondstoffen (bijvoorbeeld zand uit zandwinputten of grond van een grondbank) wordt verminderd;
•
transport-, reinigings- en/of stortkosten van grond en bagger worden beperkt;
•
de druk op het wegennet, de uitstoot van uitlaatgassen, stikstof en fijnstof en het gebruik van energie wordt verminderd (grond hoeft minder ver te worden getransporteerd, geen extra productie door grondverwerker).
Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,
E.A. van Wattingen, gemeentesecretaris
Pagina 9 van 11
drs. N. Stemerdink, burgemeester
Besluit Zaaknummer: Z/23/077099/362692
De raad van de gemeente Voorschoten; Gelet op gelet op de artikelen 44 en 55 van het Besluit bodemkwaliteit en artikel 4.3.2 van de Regeling Bodemkwaliteit, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van dinsdag 5 september 2023, besluit:
1. De nota bodembeheer (met de daar in opgenomen lokale maximale waarden en de keuzes voor gebiedsspecifiek beleid) vast te stellen voor het eigen grondgebied. 2. Het gehele grondgebied van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude. Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude aan te wijzen als
beheergebied waarbinnen grond- en baggerverzet mogelijk is op basis van de nota bodembeheer. 3. De bodemkwaliteitskaarten van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude. Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude te accepteren als
bewijsmiddel van de chemische kwaliteit van de toe te passen grond vanuit deze gemeenten. 4. Onderstaande besluiten met een uitvoerend karakter te mandateren aan het college van burgemeester en wethouders: • wijzigingen van de bodemfunctieklassenkaart; • het toevoegen van aanvullende gegevens aan de bodemkwaliteitskaart die geen invloed hebben op het gebiedsspecifiek beleid; • het onder voorwaarden accepteren van een bodemkwaliteitskaart als bewijsmiddel voor de chemische kwaliteit van de toe te passen grond; • het opnieuw bestuurlijk vaststellen van een gewijzigde bodemfunctieklassenkaart en/of bodemkwaliteitskaart onder voorwaarde dat de wijzigingen geen invloed hebben op het in de nota bodembeheer geformuleerde gemeentelijke gebiedsspecifieke beleid. 5. De nota bodembeheer en de bijbehorende oplegnotitie per 1 december 2023 in werking te laten treden. 6. De nota bodembeheer en de bijbehorende oplegnotitie te publiceren.
Pagina 10 van 11
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Voorschoten, gehouden op donderdag 2 november 2023
de griffier,
de voorzitter,
drs. B.J. Urban
drs. N. Stemerdink
Pagina 11 van 11