Raadsvoorstel BIZ Dobbewijk 2022
Tekst van het document
VOORBLAD
Voorstel aan de Raad
Zaaknummer: Datum collegebesluit: Datum commissievergadering: Datum raadsvergadering:
Z/21/057739 /266871 dinsdag 28 september 2021 donderdag 4 november 2021 donderdag 18 november 2021
Soort Voorstel: Onderwerp: Portefeuillehouder: Programma:
Adviesnota BIZ Dobbewijk 2022 Wethouder De Bruijn Programma 3 Economie
Kernboodschap:
De raad heeft besloten om de verordening bedrijveninvesteringszone Dobbewijk 2022 vast te stellen. De bedrijveninvesteringszone (BIZ) is een instrument waarmee in een afgebakend gebied een heffing van ondernemers (BIZbijdrage) kan worden ingevoerd ten gunste van dit gebied. De BIZ Vereniging Dobbewijk heeft een activiteitenplan opgesteld waarin zij heeft beschreven welke activiteiten zij wil uitvoeren in de komende 5 jaar. De activiteiten zijn gericht op het verbeteren van de leefbaarheid, bereikbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en economische ontwikkeling in de openbare ruimte. Een voorwaarde voor het in werking treden van de BIZ is dat bij de draagvlakmeting een meerderheid aangeeft de BIZ te steunen. De (anonieme) draagvlakmeting wordt georganiseerd door de gemeente na het vaststellen van de verordening door de raad.
Bijlagen:
Ja Bijlage 1 Uitvoeringsovereenkomst Bijlage 2 BIZ activiteitenplan 2022-2026 Bijlage 3 BIZ informatieflyer Bijlage 4 tekening BIZ gebied Dobbewijk
Beslispunten
De Verordening bedrijveninvesteringszone Dobbewijk 2022, onder de opschortende voorwaarde (vereiste meerderheid) bij draagvlakmeting, per 1 januari 2022 vast te stellen.
Agendapunt: (bijv. een aangehouden stuk of een stuk wat nog moet komen of al geweest is) Toezegging: Amendement/motie: Schriftelijke vragen:
Pagina 1 van 11
Adviesnota aan de Raad Onderwerp BIZ Dobbewijk 2022-2026 Samenvatting De bedrijveninvesteringszone (BIZ) Dobbewijk is sinds de oprichting in 2017 positief ontvangen. BIZ Vereniging Dobbewijk is opgericht met als doel de leefbaarheid, bereikbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en economische ontwikkeling in de openbare ruimte te verbeteren. De huidige BIZ loopt eind 2021 af waardoor wij nu staan voor een verlenging van de verordening BIZ Dobbewijk met 5 jaar voor de periode 1 januari 2022 t/m 31 december 2026. Hiervoor is een nieuwe uitvoeringsovereenkomst (bijlage I) tussen de gemeente en de BIZ Vereniging Dobbewijk vastgesteld. Er is een BIZ activiteitenplan (bijlage II) voor de periode 2022–2026 opgesteld die is opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst. Er is een BIZ verordening opgesteld. De ondernemers in het BIZ gebied zijn eind augustus geïnformeerd door middel van een informatiebrief over de plannen 2022-2026. Om de BIZ Dobbewijk in werking te laten treden voor de periode 2022–2026 heeft het college de uitvoeringsovereenkomst getekend met de BIZ Vereniging Dobbewijk, moet de gemeenteraad de BIZ verordening vaststellen en moet voldaan worden aan de stemvoorwaarden.
De uitvoeringsovereenkomst beoogt op hoofdlijnen de afspraken tussen partijen en de verantwoordingsvoorwaarden voor de vereniging te regelen inzake de financiering en realisering van gebiedsgerichte collectieve zaken en de subsidieverstrekking daartoe door de gemeente. Voorts eindigt deze overeenkomst op de dag dat het college vaststelt dat blijkens de uitslag van de draagvlakmeting niet wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 5 van de wet. De verordening regelt de heffing en inning van bijdragen van de gebruikers van de WOZ objecten. Maar ook hoe de opbrengst daarvan in de vorm van subsidie wordt uitgekeerd aan de BIZ Vereniging Dobbewijk. Van deze subsidie wordt het parkmanagement betaald en maatregelen die bijdragen aan een schoon, veilig en duurzaam bedrijventerrein. Ten opzichte van de huidige verordening (2017-2021) is alleen artikel 7 aangepast. Hierin zijn de tarieven van de BIZ bijdragen aangepast in overleg met de BIZ Vereniging Dobbewijk. De tarieventabel geldt voor de looptijd van de verordening 1 januari 2022 t/m 31 december 2026. Beoogd effect De specifieke doelstellingen van de BIZ voor de Dobbewijk zijn: 1. het terrein kwalitatief te verbeteren of minimaal de huidige situatie te behouden; 2. de voorzieningen te verbeteren (overlegstructuur, veiligheid en bereikbaarheid, verduurzamen vastgoedwaarden); 3.
versterken van beheer en onderhoud door private inzet naast de publieke taak; 4. het overleg met de gemeente te structureren; 5. de vereniging te versterken; 6. maatschappelijk ondernemen te stimuleren. Argumenten 1.1 De BIZ verordening stoelt op een belastingheffing en de invoering daarvan is een verantwoordelijkheid van de raad. De BIZ verordening moet worden vastgesteld door de raad. De BIZ verordening is tweeledig. Enerzijds regelt de verordening de noodzakelijke voorwaarden om de BIZ bijdrage te kunnen heffen en invorderen. Anderzijds regelt de BIZ verordening dat de belastingopbrengst als
Pagina 2 van 11
subsidie wordt verstrekt aan de BIZ organisatie (BIZ Vereniging Dobbewijk). De BIZ verordening kan pas in werking treden nadat de draagvlakmeting is gehouden. De BIZ verordening geldt voor een periode van 5 jaar. 1.2 Verlenging BIZ heeft geen gevolgen voor de begroting. De budget neutrale gevolgen van het verlengen van de BIZ voor 5 jaar worden verwerkt in de primitieve begroting 2022-2026 welke op 18 november 2021 ter besluitvorming aan de raad wordt aangeboden. Kanttekeningen Draagvlakmeting is noodzakelijk voor inwerkingtreding BIZ. Het is wettelijk bepaald dat een BIZ enkel in werking kan treden indien uit de draagvlakmeting blijkt dat de meerderheid van de deelnemers voor de invoering van de BIZ is. Hierdoor is er altijd een kans aanwezig dat er niet voldoende meerderheid wordt behaald om de BIZ in werking te laten treden. Na invoering van de BIZ bijdrage bestaat de kans op bezwaar en beroep hiertegen. Tegen de BIZ bijdrage kan bezwaar en beroep worden ingesteld. Dit kan gevolgen hebben voor de hoogte van inkomsten op de BIZ begroting van de BIZ Vereniging Dobbewijk. De ervaring is echter dat in de loop van de jaren het aantal ondernemers dat bezwaar en/of beroep aantekent afneemt. Communicatie Na het vaststellen van de verordening door de raad worden alle ondernemers op het bedrijventerrein geïnformeerd over het besluit.
Er wordt een formele draagvlakmeting georganiseerd waarbij iedereen voor of tegen de BIZ kan stemmen. Na de draagvlakmeting zal de gemeente de ondernemers informeren over de uitkomst van de stemming. Indien er een meerderheid wordt gehaald wordt de verordening op de gebruikelijke wijze gepubliceerd. Zo moet de verordening worden opgenomen in de daartoe bestemde digitale registers en op internet raadpleegbaar zijn. Financiën Dit voorstel heeft geen financiële consequenties. De baten en lasten die verbonden zijn met de uitvoering van de BIZ zijn reeds structureel opgenomen in de huidige begroting, programma 3 Economie, taakveld 3.3 Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen. De opbrengst van de BIZ bijdrage is een belastingsoort die op verzoek van de belastingplichtigen zelf wordt geïntroduceerd. De totale opbrengst, minus de perceptiekosten, zal aan de BIZ Vereniging Dobbewijk als subsidie worden uitgekeerd. De risico’s van eventuele meer- of minderopbrengsten zijn voor rekening van de vereniging. Hierbij kan gedacht worden aan een hoger dan ingeschat aantal te honoreren bezwaren en/of oninbare bedragen als gevolg van bijvoorbeeld faillissement van de belastingplichtige. Meer- of minderopbrengsten komen via een hogere/lagere subsidievaststelling ten gunste/laste van de BIZ Vereniging Dobbewijk. De heffing en inning van de bijdragen wordt uitgevoerd door de BSGR.
Risico’s Zoals reeds bij de kanttekeningen vermeld, bestaat er een risico dat bij de formele draagvlakmeting blijkt dat er niet voldoende steun is voor de invoering van de BIZ. Als daarvan sprake is treedt de verordening niet in werking. In dat geval kan, indien gewenst, het bestuur van de BIZ Vereniging Dobbewijk het plan zodanig bijstellen dat het nieuwe activiteitenplan met bijbehorende heffingen op voldoende draagvlak van de ondernemers (bijdrageplichtigen) kan rekenen.
Pagina 3 van 11
Duurzaamheid Dit is een onderdeel van de uitvoeringsovereenkomst welke is verwerkt in het BIZ activiteitenplan 2022-2026.
Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,
A. R. de Graaf, gemeentesecretaris
Pagina 4 van 11
drs. N. Stemerdink, Burgemeester
Besluit Registratienummer: Z/21/057738/266871
De raad der gemeente Voorschoten; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 september 2021, gelet op artikel 1, eerste, derde en vierde lid, artikel 2, eerste en tweede lid, artikel 3, eerste lid en artikel 7, eerste en vierde lid van de Wet op de bedrijveninvesteringszones; gezien de uitvoeringsovereenkomst van 29 september 2021 gesloten met de BIZ Vereniging Dobbewijk, besluit: vast te stellen de volgende verordening: VERORDENING BEDRIJVENINVESTERINGSZONE DOBBEWIJK 2022 HOOFDSTUK I Artikel 1
ALGEMENE BEPALINGEN
Begripsomschrijvingen
Deze verordening verstaat onder: -
BIZ bijdrage: belasting zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet op de bedrijveninvesteringszones;
-
bedrijveninvesteringszone: het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ bijdrage wordt geheven. Het aangewezen gebied is vermeld op de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende kaart;
-
college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente;
-
uitvoeringsovereenkomst: tussen de gemeente en BIZ Vereniging Dobbewijk op 29 september 2021 gesloten overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet;
-
wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones;
-
perceptiekosten: de kosten van heffing en invordering, inclusief oninbaar verklaarde vorderingen.
Pagina 5 van 11
HOOFDSTUK II Artikel 2 1.
BELASTINGBEPALINGEN
Belastbaar feit en aard van de belasting
Onder de naam ‘BIZ bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen.
2.
De BIZ bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone.
Artikel 3
Voorwerp van de belasting
1.
Voorwerp van de belasting is een onroerende zaak.
2.
Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in artikel III van de Wet waardering onroerende zaken.
Artikel 4
Belastingplicht
1. De BIZ bijdrage wordt geheven van de gebruiker, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht een in de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaak gebruikt. 2. Voor de toepassing van dit artikel wordt: a.
gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de BIZ bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven;
b.
het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de BIZ bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie die onroerende zaak ter beschikking is gesteld.
3. Indien een onroerende zaak bij het begin van het kalenderjaar geen gebruiker kent, wordt de van de gebruiker te heffen BIZ bijdrage geheven van de eigenaar.
Pagina 6 van 11
Artikel 5 1.
Maatstaf van de heffing
De BIZ bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject vastgestelde waarde zoals deze geldt voor het kalenderjaar.
2.
Indien met betrekking tot de onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van dat belastingobject bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.
Artikel 6 1.
Vrijstellingen
In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: a.
voor de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken;
b.
glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond;
c.
onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;
d.
één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8 van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928, met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen;
e.
natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden;
f.
openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken;
Pagina 7 van 11
g.
waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;
h.
werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;
i.
werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken;
j.
onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst van de gemeente;
k.
straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen – niet zijnde gebouwen – welke zijn geplaatst voor het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri’s, hekken en palen;
l.
plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;
m. begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; n.
onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs;
o.
onroerende zaken die worden beheerd door een vereniging of stichting die geen onderneming drijft, voor zover die objecten bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs, voor club- en buurthuiswerk, voor de beoefening van sport, kunst of cultuur, of voor andere activiteiten van sociale of culturele aard;
p.
onroerende zaken voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst ter zake van brandweerzorg, rampenbeheersing, crisisbeheersing, geneeskundige hulpverlening in de regio en de handhaving van de openbare orde en veiligheid;
q.
onroerende zaken met WOZ-objectcode 5 (objecten in aanbouw);
r.
onroerende zaken met WOZ-objectcode 41 (ongebouwd) of WOZ-objectcode 3621 (Trafo).
2.
In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de BIZ bijdrage van de gebruiker buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden.
Pagina 8 van 11
Artikel 7
Tarief BIZ bijdrage
Het tarief van de BIZ bijdrage bedraagt voor de gebruiker, bij een waarde van: -
niet meer dan € 200.000
:
€
126,00
-
meer dan € 200.000, maar niet meer dan € 300.000
:
€
147,00
-
meer dan € 300.000, maar niet meer dan € 400.000
:
€
210,00
-
meer dan € 400.000, maar niet meer dan € 500.000
:
€
294,00
-
meer dan € 500.000, maar niet meer dan € 800.000
:
€
364,00
-
meer dan € 800.000, maar niet meer dan € 1.000.000
:
€
455,00
-
meer dan € 1.000.000, maar niet meer dan € 1.500.000 :
€
546,00
-
meer dan € 1.500.000, maar niet meer dan € 2.000.000 :
€
637,00
-
meer dan € 2.000.000
€ 1.050,00
Artikel 8
:
Wijze van heffing
De BIZ bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven. Artikel 9 1.
Termijnen van betaling
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.
2.
In afwijking van het bepaalde in lid 1 geldt dat, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 75,-, doch minder dan € 10.000,-, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, de aanslagen moeten worden betaald in maximaal acht termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens één maand later.
3.
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Artikel 10
Looptijd belastingheffing
De BIZ bijdrage wordt ingesteld voor een periode van 5 jaar. Artikel 11
Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de BIZ bijdrage.
Pagina 9 van 11
HOOFDSTUK III Artikel 12
SUBSIDIEBEPALINGEN
Aanwijzing vereniging
BIZ Vereniging Dobbewijk wordt aangewezen als de vereniging als bedoeld in artikel 7 van de wet, waarmee een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht is gesloten, waarin is bepaald dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt verplicht moeten worden verricht. Artikel 13
Buiten toepassing algemene subsidieverordening
Op de subsidie bedoeld in artikel 14 is de Algemene Subsidieverordening Voorschoten 2019 niet van toepassing. Artikel 14 1.
Subsidievaststelling
De subsidie voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst wordt verstrekt aan de in artikel 12 aangewezen BIZ Vereniging Dobbewijk.
2.
De subsidie bedraagt maximaal het bedrag van de jaarlijks te ontvangen BIZ bijdragen, nadat daarop de perceptiekosten in mindering zijn gebracht.
3.
Voor zover dit niet reeds is geschied in de uitvoeringsovereenkomst, kan het college van burgemeester en wethouders nadere regels stellen met betrekking tot de verplichtingen van de subsidieontvanger.
HOOFDSTUK IV Artikel 15
SLOTBEPALINGEN
Overgangsrecht
De ‘Verordening bedrijveninvesteringszone Dobbewijk 2022’, vastgesteld bij raadsbesluit van 18 november 2021, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 16, tweede lid, genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Artikel 16
Inwerkingtreding
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag nadat het college heeft bekendgemaakt dat van voldoende steun als bedoeld in artikel 4 van de wet is gebleken. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022.
Pagina 10 van 11
Artikel 17
Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Verordening bedrijveninvesteringszone Dobbewijk 2022’. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Voorschoten, gehouden 18 november 2021. de griffier,
de voorzitter,
drs. B.J. Urban
drs. N. Stemerdink
Pagina 11 van 11