CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Informatiebrief 2 Regionale samenwerking voor sportaccommodaties motie 348

Gemeenteraad Voorschoten 29 januari 2026, gemeente voorschotenBij agendapunt: Informatiebrieven van het College van B&W1.118 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nr. 2 Informatiebrief Zaaknummer:

Z - 25/096258

Documentnummer:

433786

Datum:

Dinsdag 6 januari 2026 / verzonden 6 januari 2026

Onderwerp:

Regionale samenwerking voor sportaccommodaties, motie 348

Portefeuillehouder:

Wethouder Schokker

Bijlage(n):

Nee

Geachte Raad, Op 3 april 2025 heeft u motie 348 aangenomen, die oproept om met buurgemeenten (Leiden, Oegstgeest, Zoeterwoude en Leiderdorp), hierna ‘Leidse regio’, te onderzoeken of het mogelijk is toe te werken naar een intensieve regionale samenwerking met betrekking tot sportaccommodaties. Daarbij is verzocht te onderzoeken welke financiële samenwerking mogelijk is voor realisatie en beheer van huidige en toekomstige sportaccommodaties. Aan de hand van deze raadsinformatiebrief geeft het college van B&W uitvoering aan deze motie en stelt u op de hoogte van de voortgang van het regionale capaciteitsonderzoek. Doel Met het onderzoek wil de Leidse regio inzicht krijgen in de huidige en toekomstige vraag naar en het huidige en toekomstige aanbod van sportaccommodaties. Alle raden van de Leidse regio hebben een motie met dezelfde strekking aangenomen. Er wordt zowel gekeken naar de situatie in elke afzonderlijke gemeente als naar de regio als geheel. Ook wil de Leidse regio inzicht krijgen in de regionale samenhang van opgaven en knelpunten, en de mogelijkheden voor gezamenlijke oplossingen en samenwerkingen. De afstand naar sportvoorzieningen en de reisbereidheid van sporters spelen daarbij een rol. Inhoud van regionaal capaciteitsonderzoek De inhoud van het regionaal capaciteitsonderzoek is opgebouwd uit onderstaande kaders.

Afbakening sportaccommodaties Het onderzoek richt zich op de volgende typen sportaccommodaties: Gemeente Voorschoten Leidseweg 25 | Postbus 393, 2250 AJ Voorschoten | T 14071 | E gemeente@voorschoten.nl | www.voorschoten.nl BTW NL 00179762B01 | KvK 27381083 | IBAN NL43 BNGH 0285 0796 70 | BIC BNGHNL2G

•

Binnensport: gymnastiek/turnen, badminton, basketbal, volleybal, (zaal)handbal, (zaal)korfbal, (zaal)voetbal.

•

Buitensport: atletiek, hockey, rugby, tennis en voetbal.

•

Badwater: leszwemmen en zwemsporten.

Uitgangspunten Het recente capaciteitsonderzoek van de gemeente Leiden uit 2023, destijds uitgevoerd door Tienorganisatieadvies, wordt als uitgangspunt gehanteerd. Dit onderzoek wordt vervolgens aangevuld met bevindingen uit het eerder uitgevoerde capaciteitsonderzoek van de gemeente Voorschoten die ten grondslag liggen aan het ‘Sportaccommodatiebeleid 2024–2030’. Voor de gemeente Voorschoten dient het regionale capaciteitsonderzoek als aanvulling op de reeds uitgevoerde onderzoeken die ten grondslag liggen aan het ‘Sportaccommodatiebeleid 2024–2030’ en aan het onderzoek ‘Doorzwemmen na 2030’. Het regionale onderzoek is nadrukkelijk bedoeld ter aanvulling en niet ter vervanging van deze bestaande beleidsdocumenten. Het onderzoek vormt geen belemmering voor het opstellen van het Programma van Eisen (PvE). Bij het opstellen van het PvE voor het nieuwe sportcentrum (sporthal en zwembad) wordt het regionale perspectief meegenomen, inclusief eventuele regionale behoefte. Om een uniforme werkwijze te hanteren en vergelijkbare uitkomsten te realiseren, wordt gewerkt met één vastgesteld capaciteitsonderzoek voor de Leidse regio als leidende methodiek. Onderzoekskaders en knelpunten

•

De huidige en toekomstige ruimtebehoefte voor de voetbalsport wordt als kader meegenomen. Mulier Instituut erkent dat de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB) terughoudendheid hanteert ten aanzien van het delen van data, aangezien de KNVB-regie over de eigen gegevens wil waarborgen. De gegevens kunnen namelijk gevoelig voor uiteenlopende interpretaties zijn. Door de KNVB te betrekken in dit proces, verwacht Mulier Instituut dat ze medewerking verlenen.

•

De behoefte aan sportvelden en -banen op de sportparken wordt bepaald op basis van de toepassing van geaccordeerde richtlijnen. De Atletiekunie heeft echter geen richtlijn(en) beschikbaar. Op basis van het aantal leden van de atletiekverenigingen en

Pagina 2 van 5

de expertise van het Mulier Instituut schatten zij dat er vooralsnog een gegronde analyse gemaakt kan worden.

•

De huidige en toekomstige ruimtebehoefte voor tennis wordt als kader meegenomen. Reeds vallen padel en pickleball echter onder de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond (KNLTB), wat ervoor zorgt dat de data ‘vervuild’ zijn. In het onderzoek wordt namelijk enkel gericht op tennis. Het Mulier Instituut is hier bewust van en houdt hier rekening mee.

•

De herkomst van de bondsleden wordt bepaald aan de hand van postcodegegevens van de sportbonden. Ook wordt hiermee de reisafstand van de leden tot de sportaccommodatie waar de vereniging actief is, berekend. Het Mulier Instituut verwacht van de meeste sportbonden een goede medewerking. Voordat de data voor het onderzoek wordt benut, koppelt het Mulier Instituut dit terug aan de opdrachtgever. Tegenvallende medewerking van sportbonden wordt tevens teruggekoppeld aan de opdrachtgever.

•

Het Mulier Instituut analyseert de reisbereidheid van sporters door landelijke databronnen van het CBS, het RIVM en hun eigen onderzoeksbestanden te gebruiken. Daarbij wordt, waar de data dit toelaat, onderscheid gemaakt naar leeftijdsgroepen en typen sportaccommodaties.

•

Het Mulier Instituut verzamelt en verwerkt bevolkingsprognoses om de toekomstige vraag naar sportaccommodaties tot 2040 te kunnen inschatten op basis van geldende richtlijnen. Daarnaast worden deze prognoses gecombineerd met gegevens over het huidige jaargebruik van de gemeentelijke binnensportaccommodaties, zodat een onderbouwde raming kan worden gemaakt van het toekomstige gebruik.

•

De huidige en toekomstige ruimtebehoefte van ‘badwater’, getypeerd als leszwemmen en zwemsporten, wordt als kader gebruikt. De behoefte aan overdekt zwemwater wordt bepaald met een planningsinstrument. Zwembadmanagers van de gemeentelijke overdekte zwembaden worden benaderd voor de benodigde input.

•

De benodigde capaciteit aan sporthallen wordt berekend op basis van landelijke draagvlakcijfers. Daarnaast wordt het daadwerkelijke jaargebruik van de gemeentelijke binnensportaccommodaties in kaart gebracht, uitgesplitst per zaaldeel, aan de hand van reserveringsoverzichten. Deze combinatie van normatieve en feitelijke gegevens geeft een volledig beeld van de huidige en toekomstige behoefte.

Pagina 3 van 5

Onderzoeksvragen Het doel van het regionale capaciteitsonderzoek is om op lokaal en regionaal niveau de huidige (2026) en toekomstige (2040) behoefte aan sportaccommodaties af te zetten tegen de capaciteit, en – gelet op de reisbereidheid van sporters – in beeld te brengen welke eventuele (toekomstige) knelpunten bovenlokaal opgelost kunnen worden. De onderzoeksvragen zijn als volgt: •

Wat is het huidige aanbod van binnen- en buitensportaccommodaties en overdekte zwembaden?

•

Waar wonen de bondsleden van de verenigingen die (een van de) hoofdgebruiker(s) zijn van de sportaccommodaties?

•

Hoeveel velden, banen, hallen/zalen en overdekt zwemwater zijn er volgens de richtlijnen nodig in 2026?

•

Hoe zal de behoefte zich in 2040 als gevolg van de verwachte bevolkingsontwikkeling ontwikkelen?

•

Wat is de reisbereidheid van sporters naar de sportaccommodatie?

Op te leveren product Het op te leveren product is een rapportage met daarin een analyse van vraag en aanbod per gemeente en voor de regio als geheel. In de rapportage zijn de samenhang en mogelijkheden voor gezamenlijke oplossingen en samenwerkingen uitgewerkt, inclusief afstandsanalyses en reisbereidheid. Voortgang Zoals genoemd is de opdracht gegund aan het Mulier Instituut en Tienorganisatieadvies. De gemeente Leiden trad op als aanbestedende partij. In kwartaal drie van 2026 wordt het regionale capaciteitsonderzoek opgeleverd. In kwartaal vier van 2026 wordt de raad over de rapportage geïnformeerd.

Pagina 4 van 5

Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,

E.A. van Wattingen, gemeentesecretaris

mw. drs. N. Stemerdink, burgemeester

Deze brief is digitaal vastgesteld. Hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief.

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=68270c0c-2623-425b-ae9f-e5f053552cb2