CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Informatiebrief 046 Voortgang samenwerking Warmte Leidse Regio (incl. bijlage).pdf

Gemeenteraad Voorschoten 2 juni 2022, gemeente voorschotenBij agendapunt: Informatiebrieven van het College van B&W2.701 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Informatiebrief Zaaknummer: Documentnummer: Datum: Onderwerp: Portefeuillehouder: Bijlage(n):

Z/22/066075 302593 dinsdag 24 mei 2022 / verzonden: 24 mei 2022 Voortgang samenwerking Warmte Leidse Regio Wethouder Spil Bijlage 1. Voortgangsrapportage programmateam 1e kwartaal 2022

Geachte Raad, Op vijf oktober 2021 hebben de colleges van B&W van de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Katwijk, Oegstgeest, Voorschoten en Zoeterwoude ingestemd met het aangaan van de Samenwerkingsovereenkomst (SOK) Warmte Leidse regio en de daarbij behorende Dienstverleningsovereenkomst (DVO). U bent hierover geïnformeerd via een schrijven met kenmerk Z – 21/043433/2553971. In de overeenkomsten zijn afspraken vastgelegd over de regionale samenwerking op de breedte van de warmtetransitie en de praktische inrichting van de regionale programmaorganisatie. Eén van de afspraken betreft dat u en de leden van de andere raden van de samenwerkende gemeenten tenminste eens per kwartaal worden geïnformeerd omtrent de voortgang van de in het kader van de regionale samenwerking uit te voeren verkennende onderzoeken en de besteding van het budget. In de bijlage vindt u de kwartaalrapportage over het eerste kwartaal van 2022. Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,

A.R. de Graaf, gemeentesecretaris

drs. N. Stemerdink, burgemeester

Deze brief is digitaal vastgesteld. Hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief.

Pagina 1 van 1

Regionaal programma Warmtetransitie Regio Leiden Voortgangsrapportage 1e kwartaal 2022 datum: 4 april 2022 Deze managementrapportage betreft de voortgang van het regionaal programma Warmtetransitie Regio Leiden zoals overeengekomen in de Samenwerkingsovereenkomst Warmte Leidse Regio (WLR) tussen de gemeenten Katwijk, Oegstgeest, Leiden, Leiderdorp, Voorschoten en Zoeterwoude over de periode januari – maart 2022. In het bijbehorende Plan van Aanpak en Dienstverleningsovereenkomst geven deze gemeenten vorm aan een regionale samenwerking op de breedte van de warmtetransitie. Hierbij wordt gestreefd naar een open regionaal energiesysteem waarin de publieke waarden betaalbaarheid, haalbaarheid, duurzaamheid, betrouwbaarheid en tijdigheid geborgd kunnen worden. De rapportage is te lezen als een overall overzicht van de voortgang. Op punten zijn er onderliggende documenten en presentaties opgesteld die detailinformatie bevatten. Waar dat het geval is verwijst deze notitie daarnaar.

1. Algemeen overzicht De onzekerheid rondom de realisatie van WLQ+ is ook in het eerste kwartaal van 2022 nog voelbaar. Waar in eerste instantie een besluit hierover in januari werd voorzien bleek verder uitstel nodig. Besluitvorming over WLQ+ speelt zich af buiten de invloed van de regio, voor WLR houden we daarom rekening met meerdere scenario’s met en zonder WLQ+. Voorzien is nu dat er medio mei 2022 een besluit gaat vallen. Omdat WLQ+ een belangrijke warmtebron is voor de regio is snelle besluitvorming echter zeer wenselijk. De andere grote regionale warmtebron wordt gevormd door de mogelijke inzet van geothermie. De vier ‘operators’ (Yeager, Eavor, Wayland Energy en Shell/D4) ontwikkelden in Q1 in meer of mindere mate initiatieven om een markt voor hun warmte te vinden. Vanuit regionaal belang streeft het programmateam naar samenwerking met en tussen deze bedrijven om te voorkomen dat hun plannen leiden tot eigen infrastructuren. We willen voorkomen dat individuele afspraken met gemeenten hiertoe leiden. Hier lopen de snelheden van de ontwikkelingen echter niet synchroon. De druk bij de operators om afzet te vinden voor hun warmte is groot. Yeager en Shell/D4 onderscheiden zich hier door de combinatie van winning, infrastructuur en levering.

Door ze mee te nemen in het ontwerp van het open regionale energiesysteem (ORES) stuurt het programmateam op regionale samenwerking en inpassing van de geothermische warmte in het ORES. Effectieve regionale samenwerking betekent dat een doelmatige verbinding wordt gelegd tussen warmtevraag en -aanbod. Daarin is het belangrijk is dat informatie over de gemeentelijke inzet en keuzen in de warmtetransitie wordt gedeeld. Vooralsnog zijn de analyses gebaseerd geweest op de TvW’s. Als basis voor een investering in een ORES is concretisering ervan nodig. Inmiddels vertalen gemeenten hun transitievisie naar een wijkaanpak. Voor zover daarin sprake is van mogelijkheden voor collectieve warmtevraag is de omvang en realisatiesnelheid daarvan een belangrijke factor bij de inzet van regionale warmtebronnen. Daarom is het belangrijk de ontwikkeling van de collectieve warmtevraag te kunnen monitoren. In overleg met de gemeenten zal het regionale programma onderzoeken hoe een dergelijke monitoring kan worden vormgegeven. Op 18 maart zijn de nieuwe gemeenteraden gekozen. Dat betekent dat politiek en bestuurlijk de omgeving van de regionale samenwerking is veranderd. Hoe dat uitwerkt is te bezien. In ieder geval betekent dit dat de komende tijd bestuurders en raden zullen worden geïnformeerd over de opzet en doelstelling van de samenwerking.

In Q1 is het gesprek vervolgd met zowel de woningbouwcorporaties als energie coöperaties, verenigd in Rijnland Energie. Voor de woningbouwcorporaties is verduurzaming een groeiend thema dat inmiddels ook op de regionale agenda staat. In het gesprek met hen streven we ernaar om te komen tot een vorm van regionale

1

samenwerking die bijdraagt aan de versterking en versnelling van de verduurzaming van de warmtevraag. Woningbouwcorporaties kunnen in hun planvorming bijdragen aan een regionale warmteagenda die de economische basis voor een ORES versterkt. Met name de warmtetransitie raakt sterk aan individuele inwoners. Energiecoöperaties en andere lokale initiatieven kunnen en willen een belangrijke rol spelen in het versterken van de steun voor het verduurzamen van de warmtevoorziening, waaronder collectieve. Het is expliciet de bedoeling om de regionale aanpak versterkend en verdiepend te laten zijn voor de lokale, wat in goed overleg vorm moet krijgen. In de ontwerpopgave ORES is deze samenhang een expliciet aandachtspunt. In het overleg met Rijnland Energie zoeken we naar mogelijkheden voor onderlinge versterking op regionaal niveau. Het lokaal versterken van individuele initiatieven zien we als een rol voor de individuele gemeenten in het kader van hun lokale aanpak van de warmtetransitie. Vanwege deze samenhang met de aanpak per gemeente zullen we komen tot een bestuurlijk advies over de mogelijkheden van deze onderlinge versterking.

2. Voortgang en resultaten Q1 Het eerste kwartaal van 2022 stond in het teken van een verdere aanscherping van de regionale opgave. Dat betrof zowel het Open Regionaal Energiesysteem (ORES) als de verdere invulling van het programmateam. Onderstaand schema presenteert de aanpak in de tijd voor de komende maanden. De inzet is daarin gericht op het creëren van duidelijkheid zodat eind 2022 duidelijk is welke keuzen voorliggen in de richting van feitelijke realisatie van een ORES. Die keuzen zullen betrekking hebben op de scenario’s voor de technisch-economische

uitvoering als de invulling van de rolneming en de financiering ervan. Deze elementen zullen onderdeel zijn van de voorziene evaluatie van het programma en besluitvorming over voortzetting van de regionale samenwerking. Om dat te bereiken is in Q1 aandacht besteed aan drie belangrijke elementen, de governance, de technisch economische uitwerking en de ruimtelijke impact. De conclusies hieruit zullen een plek krijgen in de routekaart die in mei gereed zal zijn en een agenda oplevert voor vragen die nog moeten worden beantwoord om bovenstaande keuzen te maken. Verkenningen van de bestaande en in ontwikkeling zijnde regelgeving op het gebied van warmtedistributie laat zien dat de gemeenten diverse mogelijkheden worden geboden voor de gewenste sturing op de publieke waarden. Over de publieke rol bij de realisatie van warmtedistributie is van de zijde van het Rijk ook nieuwe besluitvorming in voorbereiding in het kader van de Wet Collectieve Warmte. De huidige warmtewet werkt minder sturend in de governance dan de uitgangspunten voor de nieuwe Wet Collectieve Warmte (WCW) waar het gaat over de rol van gemeenten en de geïntegreerde structuur van de warmtebedrijven. De rol van gemeenten varieert, afhankelijk van of het gaat over de bron, het distributiesysteem en de levering. Voor het

2

distributiesysteem ligt een participerende rol voor de hand, wat betekent dat gezocht wordt naar een actieve betrokkenheid gericht op het borgen van de publieke waarden. Hoe dit uitwerkt voor een ORES is afhankelijk van de definitieve keuze voor de uitvoering. Hierover is wel bestuurlijk overleg geweest, maar keuzen of besluiten daarover zijn niet genomen omdat eerst helder moet worden hoe een ORES er uit kan zien en wat dat voor rol vraagt van de regio. Indicatief is wel aangegeven dat gezocht zou moeten worden naar een vorm van publieke invloed zonder daarin financiële risico’s te lopen. Die uitvoering is onderwerp van een ontwerpopdracht naar de technisch-economische uitvoeringsvormen van een ORES. In een energetische analyse is gekeken naar de match tussen vraag- en aanbod van warmte op basis van ontwerpgetallen van warmtebronnen en de transitievisies (Warmtetransitie). In nevenstaande figuur staat de cumulatieve warmtevraag uitgezet voor een representatief jaar, met lage vraag in de zomer, en hoge vraag in de winter. Daaruit volgt dat het aanbod van warmte de verwachte vraag kan dekken. In de externe ontwerp opdracht (Regionale Integratie) worden verschillende varianten van een ORES ontworpen, afhankelijk van scenario’s van omvang en ontwikkelsnelheid van vraag- en aanbod van warmte en de ontwikkelingswijze van het systeem.

Die varianten zullen worden geëvalueerd op hun match met de publieke waarden zodat een afweging kan worden gemaakt. Die afweging wordt in het najaar van 2022 onderdeel van de evaluatie van de regionale samenwerking en de verdere voortzetting. Voor de begeleiding van deze studie is een klankbordgroep ingericht (Partnerstrategie) waarmee wordt toegewerkt naar een gezamenlijk gedragen uitkomst. De realisatie van die uitkomst zal ruimtelijke impact hebben. Samen met de betrokken gemeenten is in het eerste kwartaal 2022 een werkgroep ‘Ruimte’ ingericht die de ruimtelijke consequenties van een ORES zal duiden rekening houdend met andere ruimtelijke plannen zodat de uitkomst ook ruimtelijk (onder- en bovengronds) mogelijk wordt. Een deel van die ruimtelijke impact is zichtbaar in het provinciale inpassingsproces (PIP) van een tracé Rijswijk – Leiden voor WLQ+ en de bijbehorende aanlandingslocatie rond de A44 / N 206 in Leiden. Voor het PIP is vanuit regionaal perspectief inbreng geleverd op de concept Notitie Reikwijdte en Diepgang (NRD) die als basis dient voor de Milieueffectrapportage. Voor de aanlandingslocatie wordt in overleg met de gemeenten Leiden en Oegstgeest, Provincie, Gasunie en Vattenfall gezocht naar de beste manier om deze locatie tijdig beschikbaar te maken.

Hiertoe is ook het overleg tussen partijen en de Universiteit Leiden / Bioscience Park gefaciliteerd om tot een onderling acceptabele oplossing voor de aanlanding en de verdere aansluiting op het bestaande stadsverwarmingsnet van Vattenfall te komen.

3. Voortgang en resultaten in detail Onderstaand overzicht volgt de afspraken als gemaakt in het Plan van Aanpak Warmtetransitie Leidse Regio. Er is bewust gekozen voor een beknopte managementrapportage met een korte duiding van de voortgang per onderwerp. Voor elk onderwerp in de werkstromen duiden we het beoogde resultaat, de huidige stand, het plan voor de benutting van de resultaten en de vervolgstappen voor zover die op moment van rapporteren zijn te overzien.

3

Werkstroom Resultaat (PvA) WS1:Energieysteem Ontwerpscenario’s Inzicht in mogelijke en rolneming rolnemingen en relatie met Wet Collectieve Warmte WLR routekaart Plan realisatie ORES

Status

Plan

Vervolgstappen

Bevindingen meenemen in evaluatie najaar 2022 In uitvoering

Opnemen in routekaart

Bevindingen zijn onderlegger bij systeemontwerp

Presentatie van routekaart in mei

Monitoring klimaatbijdrage

Nog te ontwikkelen

Opnemen in routekaart

Routekaart bevat vragen voor evaluatie eind 2022 Inzet afhankelijk van uitvoering ORES

TvW’s geïntegreerd in energetische analyse en ontwerpscenario’s Intensief overleg over realisatie WLQ+

Inpassen realisatie van concrete wijken

Reactie op concept NRD, belang hele regio benadrukt Overleg met Rijnland Energie loopt, zoeken naar doelmatige vorm van regionale betrokkenheid Onderwerp in regulier ambtelijk overleg

Sturen op levering WLQ+ aan gehele regio Betrekken bij comakership regionale aanpak

Geothermie ontwikkeling coördineren, WLQ+ aanlanding faciliteren

Verbinden van geothermie met regionale rol EBN; Meenemen van LT bronnen in ontwerp ORES Voorzien voorjaar ’22 na installatie colleges.

Inzicht impact ORES

WS2: Warmtetransitie Transitievisies Integratie lokale en regionaal vertalen regionale plannen

Overleg Gasunie en Vattenfall WLQ+

Definiëren publieke belangen

SOK Gasunie tracé WLQ+

Vaststellen tracé

Energie coöperaties

Inzicht in lokale warmte initiatieven

Impact warmtetransitie op functioneren gemeenten Bronnen ontwikkeling

Afstemming tussen verantwoordelijkheden lokaal en regionaal Inzicht beschikbare bronnen regio

Bijeenkomst voortgang

Breed inzicht in voortgang

Valt samen met routekaart en informeren van nieuwe raden en bestuurders

Afhankelijk van beslissing over WLQ+

Uitwerken van TvW’s regionaal afstemmen

Realisatie van warmtevraag essentieel voor businesscase ORES Besluitvorming loopt achter door afhaken gemeente R’dam Toezien op regionaal belang in tracékeuze Bestuurlijk advies over lokale betrokkenheid

Overzicht concrete invulling wijkaanpak in ORES uitwerking Operators verbinden aan ontwerp ORES, voorkomen van individuele infrastructuren Afspraken plannen met bestuurders en raden, brede presentatie opstellen.

4

WS3: Partnerstrategie Corporaties Regionale benadering van Corporaties, afstemmen op vraag naar collectieve warmte

Overleg met regionale vertegenwoordiging corporaties loopt, positieve interesse in regionale aanpak en schaal.

Betrekken van corporaties bij ontwikkeling ORES, en van daaruit afstemming met hun plannen. Betrokkenheid partners leidt tot gedragen ontwerp ORES, samenwerking vastleggen in acceptatie eindresultaat ‘22 Samenwerking ambtelijk invullen via regionaal RES warmtetafel

Brede samenwerking partners

Gedragen aanpak regionale warmtetransitie / ORES

Samenwerking krijgt vorm in klankbordgroep bij ontwerp ORES,

Duin- en Bollenstreek

Samenwerking realiseren

Bestuurlijk overleg D&B op 24/3 heeft geleid tot werkafspraken

Innovatie

Inzicht in relevante innovaties

Opnemen in routekaart, marktrijp is belangrijke voorwaarde voor eventuele inzet

Verbinding regionaal en lokaal ontwikkelen

Inzicht in onderlinge afhankelijkheden

Uitvraag naar overzicht innovaties warmtedistributie uitgezet. Uitkomst voorzien mei ’22, Ontwerp ORES gebaseerd op innovatief model. Energetische analyse toont match. Belang van lokale ontwikkeling voor warmtevraag groot. Verdere uitwerking in ORES ontwerp

Marktconsultatie

Regulier overleg met marktpartijen bestaat, voor een formele marktconsultatie

Consultatie hangt af van de uitvoering ORES. Er is geen belangstelling voor

Uitwerken ORES scenario’s prioriteit, consultatie volgt

Onderdeel routekaart

Wederzijdse belang van schaal en snelheid gebruiken voor samenwerking. Corporaties onderdeel comakership ORES. In najaar evaluatie voorzien, brede samenwerking laten leiden naar een gedragen bestuurlijke besluitvorming ORES Verdeling warmte is onderdeel RES samenwerking. Aanpak Inzet van bronnen en rol gemeenten onderdeel afstemming maken. Afwegen welke innovaties meegenomen moeten worden in ontwerp ORES

Synergie tussen lokaal (wijkaanpak, infrastructuur) en regionaal belang onderwerp regulier overleg. Afstemming in Werkgroep WLR. Sturen op duidelijkheid voor marktpartijen als basis voor

5

ontbreekt concreet plan.

regionale infra zonder duidelijkheid over warmtevraag wijken Lokale activiteit die in werkgroep regionaal wordt afgestemd Belang van publieke waarden herbevestigen met nieuwe bestuurders en raden

op regionale keuze voor oplossingsrichting

realistische consultatie

In overleg met gemeenten

Communicatie op regionaal niveau afgestemd met RES Gezamenlijke basis ontwikkelen voor onderlinge (af)weging van publieke waarden

Samenwerking vastgelegd

Is getekend

Plan van aanpak voorziet in evaluatie eind ’22 als basis voor eventuele voortzetting

Voorbereiden van evaluatie en identificatie van te evalueren aspecten.

Werkplek programmateam Programmateam

Werklocatie in Leiden

Is voorzien

Programmateam voor WLR

Essentiele functies voorzien. Flexibiliteit ingebouwd ivm situatie na ‘22

Evaluatie WLR

Evaluatie effectiviteit

Aanzet evaluatie in voorbereiding

Bouwen aan effectieve samenwerking. Afbouw inhuur programmateam Evaluatie voorzien in najaar ‘22

Continuering samenwerking

Plan voortzetting na ‘22

Te doen

Q3 ‘22

Rapportage

Inzicht in voortgang

In uitvoering

Elk kwartaal

Tijdelijke inzet Over Morgen eindigt. Inzet expert warmte voorzien. Voorzien in onderbouwing evaluatie. Agenda daarvoor onderdeel routekaart Scenario’s voor voortzetting en rol programmateam ontwikkelen Zie voorliggende rapportage

Communicatie

Inwoners informeren

Partijen betrekken

Borging publieke waarden als benoemd in notitie Governance

WS4: organisatie Samenwerkingsovereenkomst

Partnerstrategie in routekaart

1. Financiën Onderstaande tabel geeft overzicht van de realisatie middelen ten opzichte van de planning zoals opgenomen in PvA WLR:

6

Totaal begroot

Realisatie 2021

Begroot 2022

Realisatie 2022 - Q1

Reservering

Werkstroom 1. Programmatische inspanningen zoals onderzoek, ontwerp & doorrekening open regionaal energiesysteem

600.000

54.800

450.000

36.600

95.200

Werkstroom 2. Versterken van initiatieven, bevorderen ontwikkelingen en voorbereiden op uitvoering (excl. cofinanciering)

450.000

21.900

150.000

18.300

278.100

Werkstroom 3. Omgevingsmanagement, innovatie en markt

350.000

21.900

160.000

18.300

168.100

Werkstroom 4. Organisatie en samenwerking

600.000

11.000

300.000

31.400

289.000

Totaal

2.000.000

109.600

1.060.000

104.600

830.400

In bovenstaand overzicht gaat realisatie 2022-Q1 uit van kas-realisatie, dus op basis van werkelijk gemaakte kosten. In het overzicht begroot 2022 is rekening gehouden met verplichtingen 2022 vanwege personele inzet en uit te besteden werkzaamheden. Een deel daarvan is nog in voorbereiding. Dit betreft onder meer de feitelijke indiensttreding van medewerkers, de inhuur van expertise en de uitbesteding van onder meer ontwerp studie ORES en overzicht innovatiemogelijkheden. Verder voorzien we een aantal projecten die moeten bijdragen aan een goede basis voor de evaluatie eind ’22. Op basis van de actuele planning wordt voorzien dat niet het gehele budget voor 2022 zal worden ingezet. In de rapportage over Q2 zal een update worden gegeven van de prognose realisatie 2022.

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=e24e463e-0632-4f49-89d2-284539132b27