Bijlage 3 Was-wordt tabel
Tekst van het document
Was-wordt-tabel Wijziging Algemene subsidieverordening Voorschoten 2019 o.b.v. het Model Algemene Subsidieverordening 2013 VNG model – update juni 2019
Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Toelichting (wijziging)
Geldend vanaf 28-06-2019 Intitulé Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Voorschoten houdende regels omtrent de verstrekking van subsidies (Algemene Subsidieverordening Voorschoten 2019) De raad der gemeente Voorschoten;
Geldend vanaf DATUM Intitulé Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Voorschoten houdende regels omtrent de verstrekking van subsidies (Algemene Subsidieverordening Voorschoten 2019) De raad der gemeente Voorschoten;
Het betreft een wijziging van de bestaande verordening. Dit is dan ook in het besluit opgenomen door eerste wijziging toe te voegen.
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 mei 2019;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van DATUM;
gelet op de artikelen 147, eerste lid en 149 van de Gemeentewet;
gelet op de artikelen 147, eerste lid en 149 van de Gemeentewet;
besluit:
besluit:
•
•
Vast te stellen de volgende Algemene subsidieverordening Voorschoten 2019:
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Vast te stellen de volgende eerste wijziging van de Algemene subsidieverordening Voorschoten 2019:
Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder:
Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder:
a. Aanvrager of organisatie: een rechtspersoon als bedoeld in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, zonder winstoogmerk.
a. Aanvrager of organisatie: een rechtspersoon als bedoeld in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, zonder winstoogmerk;
b. College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Voorschoten.
b. Awb: de Algemene wet bestuursrecht;
c. Europees steunkader: een mededeling, richtsnoer, kaderregeling, besluit of vrijstellingsverordening op het gebied van staatssteun die de Europese Commissie of de Raad van de Europese Unie, gelet op artikelen 106, derde lid, 107, 108 en 109 van het Verdrag heeft vastgesteld. d. Jaarlijkse subsidie: subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt. e. Raad: de gemeenteraad van de gemeente Voorschoten. f.
Subsidieplan: het door de raad periodiek vastgestelde subsidiebeleid, waarin voor te subsidiëren activiteiten en uitvoerende organisaties algemene en specifieke voorwaarden zijn opgenomen.
c. Europees steunkader: een mededeling, richtsnoer, kaderregeling, besluit of vrijstellingsverordening op het gebied van staatssteun die de Europese Commissie of de Raad van de Europese Unie, gelet op de artikelen 106, derde lid, 107, 108 of 109 van het Verdrag heeft vastgesteld, waaronder de Algemene groepsvrijstellingsverordening: Verordening (EU) nr. 2017/1084 van de Commissie tot wijziging van Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU L 156/1); d. Jaarlijkse subsidie: subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt.
Toelichting Algemene opmerking vooraf: De gewijzigde verordening volgt het nieuwe VNG-model. In dit model is college vervangen door burgemeester en wethouders. Dit heeft tot gevolg dat sommige artikelen die inhoudelijk ongewijzigd zijn toch in deze lijst opgenomen moeten worden. De wijzigingen inclusief de aangepaste werkwoordsvormen (indien van toepassing) zijn cursief aangegeven. Met gelijktijdige wijziging van de titel van artikel 1 vinden de volgende aanpassingen plaats. Artikel 1 onderdelen b, e en f komen te vervallen in de gewijzigde (nieuwe) verordening. Waarom onderdeel b komt te vervallen is hiervoor al uitgelegd. Onderdeel e komt te vervallen, omdat de raad anders dan in de intitulé niet in de gewijzigde verordening voorkomt. Onderdeel f komt te vervallen omdat er in de nieuwe systematiek geen sprake meer is van een subsidieplan maar een kader subsidiebeleid. Artikel 1 onderdelen c en g komen gewijzigd in de gewijzigde (nieuwe) verordening terug.
g. Wet: Algemene wet bestuursrecht (Awb).
e. Verdrag: Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (PbEU C 326/47); f.
Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor een bepaald met name genoemde organisatie en/of beleidsterrein.
Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 2. Reikwijdte
Artikel 2. Reikwijdte
1. Deze verordening is van toepassing op verstrekking van subsidies door het college, met uitzondering van subsidies waarvoor bij afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen en subsidies als bedoeld in artikel 4:23 lid 3 van de wet (subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is).
1. Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies door burgemeester en wethouders, met uitzondering van subsidies waarvoor bij afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen en subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, van de Awb.
2. Ten aanzien van subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is, kan het college bepalen dat deze verordening geheel of gedeeltelijk van toepassing is.
Aan de gewijzigde verordening zijn twee nieuwe onderdelen conform het VNG-model toegevoegd, namelijk onderdelen d, e en f.
2. Ten aanzien van subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, van de Awb (subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is) kunnen burgemeester en wethouders bepalen dat deze verordening geheel of gedeeltelijk van toepassing is.
Toelichting In lid 2 is de verwijzing naar het specifieke artikel uit de Awb opgenomen.
Bestaande tekst Artikel 3. Subsidieregelingen Het college kan bij nadere regeling (hierna te noemen: subsidieregeling) voor te subsidiëren activiteiten en uitvoerende organisaties voorwaarden vaststellen welke niet in het door de raad vastgestelde subsidieplan zijn opgenomen.
Nieuwe tekst Artikel 3. Subsidieregelingen Burgemeesters en wethouders kunnen bij nadere regeling (subsidieregeling) vaststellen welke activiteiten in aanmerking kunnen komen voor subsidie. Voor zover van toepassing, wordt hierin tevens bepaald welke doelgroepen voor subsidie in aanmerking komen, hoe de subsidie wordt berekend en hoe de subsidiebedragen worden uitbetaald.
Toelichting Het woord Subsidieplan is vervangen door het woord Subsidieregeling. Verder is de tekst conform het VNG-model gewijzigd.
Bestaande tekst Artikel 4. Europees steunkader 1. Voor zover dat ten behoeve van het voldoen aan een Europees steunkader noodzakelijk is, kan het college bij subsidieregeling afwijken van deze verordening en deze aanvullen.
Nieuwe tekst Artikel 4. Staatssteunregels 1. Voor zover dat ten behoeve van het voldoen aan een Europees steunkader noodzakelijk is, kunnen burgemeester en wethouders bij subsidieregeling afwijken van deze verordening en deze aanvullen.
Toelichting De titel is gewijzigd. Inhoudelijk is de tekst gelijk gebleven.
2. Bij subsidieregelingen waarbij is bepaald dat toepassing kan worden gegeven aan een Europees steunkader, verwijst de subsidieregeling naar het toepasselijke steunkader.
2. Bij subsidieregelingen waarbij is bepaald dat toepassing kan worden gegeven aan een Europees steunkader, verwijst de subsidieregeling naar het toepasselijke steunkader.
3. Bij subsidies waar een Europees steunkader op van toepassing is, verwijst de verleningsbeschikking naar de toepasselijke bepalingen van het steunkader.
3. Bij subsidies waar een Europees steunkader op van toepassing is, verwijst de verleningsbeschikking naar de toepasselijke bepalingen van het steunkader.
4. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen alleen de activiteiten, doelstellingen, resultaten en kosten in aanmerking die voldoen aan de eisen van het toepasselijke steunkader.
4. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen alleen de activiteiten, doelstellingen, resultaten en kosten in aanmerking die voldoen aan de eisen van het toepasselijke steunkader.
Bestaande tekst Artikel 5. Subsidieplafonds en begrotingsvoorbehoud 1. Het college kan subsidieplafonds vaststellen. In dat geval bepaalt het bij subsidieregeling de wijze van verdeling van de betrokken subsidie.
Nieuwe tekst Artikel 5. Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud 1. Burgemeester en wethouders kunnen subsidieplafonds vaststellen. In dat geval bepalen zij bij subsidieregeling de wijze van verdeling van de betrokken subsidie.
2. Het college kan een subsidieplafond verlagen als: a. het wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd; en b. de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd.
2. Burgemeester en wethouders kunnen een subsidieplafond verlagen als: a. het plafond wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd; en b. de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd.
3. Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging
3. Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging
Toelichting De titel is gewijzigd. Aan lid 2 onderdeel a is het woord ‘plafond’ toegevoegd.
en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende aanvragen.
en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende aanvragen.
4. Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de verleningsbeschikking wordt daarop gewezen.
4. Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de verleningsbeschikking wordt daarop gewezen.
Bestaande tekst Artikel 9. De aanvraag 1. Een aanvraag voor subsidie wordt schriftelijk ingediend bij het college.
Nieuwe tekst Artikel 6. De Aanvraag 1. Een aanvraag om subsidie wordt schriftelijk ingediend bij burgemeester en wethouders. Als hiervoor een aanvraagformulier is vastgesteld geschiedt dit met gebruikmaking daarvan.
2. Het college kan een standaard aanvraagformulier vaststellen.
2. Bij de aanvraag legt de aanvrager in ieder geval de volgende gegevens over: a. een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd; b. de doelen en resultaten welke met die activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen; c. een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van deze activiteiten. Het dekkingsplan bevat een bij anderen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve van dezelfde activiteiten,
Toelichting Artikel 6 (oud) komt te vervallen. De tekst van dit vervallen artikel luidde: Artikel 6. Meerjarige subsidies 1. Het tijdvak waarvoor een subsidie wordt verleend is maximaal vier jaar. 2. Een meerjarige subsidie wordt verleend onder het voorbehoud dat jaarlijks voldoende financiële middelen ter beschikking worden gesteld. Artikel 9 leden 1 en 2 (oud) zijn samengevoegd en vernummerd tot artikel 6 lid 1 in de gewijzigde verordening. In het VNG model is geen onderscheid gemaakt tussen aanvragen tot en boven de € 50.000.
Bestaande tekst 3. De aanvraag tot € 5.000,- bevat in ieder geval de volgende gegevens: a. een beschrijving van de activiteiten waarvoor aanvrager subsidie aanvraagt; b. het maatschappelijk doel waaraan wordt bijgedragen; c. een overzicht van de geraamde inkomsten en uitgaven, voor zover deze betrekking hebben op de activiteit(en) waarvoor subsidie wordt aangevraagd. 4. Een aanvraag vanaf € 5.000,- bevat in ieder geval de volgende gegevens: a. Een beschrijving van de activiteiten (activiteitenplan) waarvoor aanvrager subsidie aanvraagt; b. Een beschrijving van de maatschappelijke doelen en resultaten die met de activiteit(en) wordt nagestreefd; c. Een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van deze activiteiten. Het dekkingsplan bevat een opgave van bij anderen aangevraagde subsidies of
onder vermelding van de stand van zaken daarvan; d. als het een subsidie betreft boven de € 50.000 de stand van de egalisatiereserve op het moment van de aanvraag.
Als gevolg van het wegvallen van genoemd onderscheid zijn artikel 9 leden 3 en 4 (oud) conform het VNG-model verdisconteerd in artikel 6 lid 2 van de gewijzigde verordening.
Nieuwe tekst 3. Een rechtspersoon die voor de eerste keer subsidie aanvraagt, legt tevens over: a. een afschrift van de oprichtingsakte van de rechtspersoon dan wel van de meest actuele versie van de statuten; 4. het laatst opgemaakte jaarverslag, jaarrekening dan wel de balans van de staat van baten en lasten en de toelichting daarop of, als deze documenten ontbreken, een verslag over de financiële positie van de aanvrager op het moment van de aanvraag.
Toelichting Artikel 9 lid 5 (oud) is vernummerd tot artikel 6 lid 3 van de gewijzigde verordening en volgt de tekst van het VNG-model.
4. Bij subsidieregeling kan van de voorgaande leden worden afgeweken.
Artikel 9 lid 6 (oud) is als gevolg van het vervallen van artikel 6 (oud) eveneens komen te vervallen. Artikel 9 lid 7 (oud) is vernummerd tot artikel 6 lid 4 van de gewijzigde verordening.
vergoedingen ten behoeve van dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van zaken daarvan; d. Bij een aanvraag om subsidie boven de € 50.000 de stand van de algemene of egalisatiereserve of andere voorziening(en) op het moment van de aanvraag. 5. Indien voor het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar geen subsidie werd aangevraagd, dient bij de aanvraag ook te worden ingediend: a. Een afschrift van de oprichtingsakte van de rechtspersoon dan wel van de meest actuele versie van de statuten; b. De laatst opgemaakte jaarrekening dan wel de balans van de staat van baten en lasten en de toelichting daarop of, als deze documenten ontbreken, een verslag over de financiële positie van de aanvrager op het moment van de aanvraag. 6. Subsidie kan worden aangevraagd voor een periode van maximaal vier jaar. 7. Bij subsidieregeling kan van de voorgaande leden worden afgeweken.
Bestaande tekst Artikel 8. Aanvraagtermijn
Nieuwe tekst Artikel 7. Aanvraagtermijn
1. Een aanvraag om een subsidie wordt ingediend in de periode van 1 juli tot en met 15 september voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft.
1. Een aanvraag om een subsidie wordt ingediend in de periode van 1 juli tot en met 15 september voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft.
2. Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld.
2. Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld.
Bestaande tekst Artikel 11. Beslistermijn
Nieuwe tekst Artikel 8. Beslistermijn
1. Het college beslist op een aanvraag om een subsidie als bedoeld in artikel 8, eerste lid, uiterlijk op 31 december van het jaar waarin de aanvraag is ingediend.
1. Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om een subsidie als bedoeld in artikel 7, eerste lid, uiterlijk op 31 december van het jaar waarin de aanvraag is ingediend.
2. Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld.
Bestaande tekst Artikel 7. Weigeringsgronden
Toelichting Artikel 8 (oud) is vernummerd tot artikel 7 in de gewijzigde verordening. Het oude artikel 7 is vernummerd tot artikel 9 in de gewijzigde verordening. Inhoudelijk is de tekst gelijk gebleven.
Toelichting Artikel 11 (oud) is vernummerd tot artikel 8 in de gewijzigde verordening. Het oude artikel 8 is vernummerd tot artikel 7 in de gewijzigde verordening. Inhoudelijk is het artikel ongewijzigd.
2. Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld.
Nieuwe tekst Artikel 9. Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden
Toelichting Artikel 7 (oud) is vernummerd tot artikel 9 in de gewijzigde verordening. Het oude artikel 9 is vernummerd tot artikel 6 in de gewijzigde verordening.
1. Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de wet weigert het college de subsidie in ieder geval, wanneer: a. de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate zijn gericht op of ten goede komen aan de gemeente Voorschoten of haar ingezetenen; b. de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; c. de te subsidiëren activiteiten en uitvoerende organisaties niet voldoen aan de algemene en specifieke voorwaarden, zoals opgenomen in het door de raad vastgestelde subsidieplan, dan wel door het college vastgestelde (nadere) subsidieregelingen; d. voor de activiteit al gemeentelijke subsidie is verstrekt; e. de subsidieaanvraag wordt ingediend na het plaatsvinden van de activiteit c.q. de aanvangsdatum van de periode waarvoor subsidie wordt aangevraagd; f. het redelijkerwijs te verwachten is dat de subsidieontvanger winst beoogt; g. de aanvrager niet alle benodigde vergunningen en ontheffingen ten behoeve van de gesubsidieerde activiteit heeft of niet aannemelijk is dat deze zullen worden verkregen; h. de aanvrager doelen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet
1. Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid en 4:35 van de Awb, weigeren burgemeester en wethouders in ieder geval: a. als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift; b. als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen; c. als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; d. als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; e. de aanvrager een vrij besteedbaar vermogen heeft dat ten minste vier keer zo hoog is als het subsidiebedrag waarvoor hij op grond van een positieve beoordeling in aanmerking zou komen als het eigen vermogen niet meetelt. Subsidies tot en met € 50.000 zijn uitgezonderd van deze weigeringsgrond; f. als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de interne markt.
De titel is gewijzigd. Verder zijn leden 1 en 2 conform het VNGmodel aangepast. Lid 3 is ongewijzigd.
i.
en/of het algemeen belang of de openbare orde; de aanvrager een vrij besteedbaar vermogen heeft dat ten minste vier keer zo hoog is als het subsidiebedrag waarvoor hij op grond van een positieve beoordeling in aanmerking zou komen als het eigen vermogen niet meetelt. Subsidies tot en met € 50.000 zijn uitgezonderd van deze weigeringsgrond.
2. Het college kan subsidie weigeren, wanneer: a. de organisatorische en/of financiële continuïteit van de aanvrager en/of de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd onvoldoende is gewaarborgd; b. de aanvrager geen sluitende begroting heeft ingediend; c. er geen evenwichtige verhouding is tussen de verwachte resultaten en de gevraagde bijdrage; d. al in voldoende mate wordt voorzien in de activiteit en/of het doel dat wordt nagestreefd; 3. Bij nadere subsidieregeling kunnen aanvullende weigeringsgronden worden gesteld.
2. Onverminderd het vorige lid weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in ieder geval als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat: a. subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of b. de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het desbetreffende steunkader. 3. Bij nadere subsidieregeling kunnen aanvullende weigeringsgronden worden gesteld.
Bestaande tekst In de huidige tekst ontbreekt abusievelijk een artikel 10. Er is verkeerd doorgenummerd.
Nieuwe tekst Artikel 10. Verantwoording Voor zover dit niet is bepaald bij subsidieregeling, wordt bij de verleningsbeschikking vermeld op welke wijze de subsidieontvanger de besteding van de subsidie dient te verantwoorden.
Toelichting Het nieuwe artikel 10 is conform het VNGmodel.
Bestaande tekst Artikel 12. Verplichtingen van de subsidieontvanger
Nieuwe tekst Artikel 11. Algemene verplichtingen van subsidieontvanger
1. De ontvanger van de subsidie stelt het college onmiddellijk schriftelijk of per email op de hoogte: 1. als duidelijk is dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, niet of niet geheel zullen doorgaan; 2. van wijzigingen van de statuten voor zover het de vorm van de rechtspersoon betreft; 3. als de organisatie die de subsidie ontvangen heeft, ophoudt te bestaan.
1. Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht of dat niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan, meldt de subsidieontvanger dat onverwijld schriftelijk aan burgemeester en wethouders. 2. Een subsidieontvanger informeert burgemeester en wethouders onverwijld schriftelijk over: a. beslissingen of procedures die zijn gericht op de beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot ontbinding van de gesubsidieerde rechtspersoon; b. relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische verhouding met derden;
Toelichting Artikel 12 leden 1 en 2 (oud) zijn vernummerd tot artikel 11 in de gewijzigde verordening en conform het VNG-model aangepast. Artikel 12 lid 3 (oud) is vernummerd tot artikel 12 lid 1 in de gewijzigde verordening.
2. Aan een beschikking tot subsidieverlening kunnen verplichtingen worden verbonden met betrekking tot het beheer, gebruik en beschikbaar stellen en kenbaar maken aan derden van hetgeen met de subsidie tot stand is gebracht.
Het oude artikel 11 is vernummerd tot artikel 8 in de gewijzigde verordening. De titel is gewijzigd.
3. Bij subsidies hoger dan € 50.000, verleend voor activiteiten die meer dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd tot het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording over de tot dan verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten.
c. ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat de subsidieontvanger de aan de subsidie verbonden verplichtingen niet, niet tijdig of niet geheel zal kunnen nakomen; d. wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de bestuurder of bestuurders, en het doel van de rechtspersoon.
Bestaande tekst Artikel 12 lid 3 3. Bij subsidies hoger dan € 50.000, verleend voor activiteiten die meer dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd tot het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording over de tot dan verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten.
Nieuwe tekst Artikel 12. Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen 1. Bij subsidies hoger dan € 50.000, verleend voor activiteiten die meer dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd tot het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording over de tot dan verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten. 2. Bij subsidieregeling of verleningsbeschikking kunnen aan de subsidieontvanger ook andere verplichtingen dan genoemd in artikel 4:37, eerste lid, van de Awb worden opgelegd, voor zover deze strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie. In de toelichting bij de
Toelichting Het gaat hier in feite om een nieuw artikel. Leden 2 tot en met 4 zijn namelijk overgenomen uit artikel 12 van het VNGmodel. Lid 1 betreft het vernummerde artikel 12 lid 3 (oud).
subsidieregeling wordt uiteengezet waarom daartoe wordt overgegaan. 3. Bij subsidieregeling kunnen verplichtingen die niet strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie aan de subsidie worden verbonden, voor zover deze verplichtingen betrekking hebben op de wijze waarop of de middelen waarmee de gesubsidieerde activiteit wordt verricht. In de toelichting bij de subsidieregeling wordt uiteengezet waarom daartoe wordt overgegaan. 4. Bij subsidieregeling of verleningsbeschikking kan worden bepaald dat de subsidieontvanger, voor zover het verstrekken van de subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, daarvoor aan burgemeester en wethouders een vergoeding verschuldigd is als zich een gebeurtenis voordoet als bedoeld in artikel 4:41, tweede lid, van de Awb. Daarbij wordt tevens aangegeven hoe de hoogte van de vergoeding wordt bepaald.
Bestaande tekst Artikel 13. Eindverantwoording subsidies tot en met € 5.000
Nieuwe tekst Artikel 13. Wijze van verstrekking en eindverantwoording subsidies tot en met € 5.000
Verschil Formulering VNG model gevolgd. De titel is gewijzigd.
1. Het college stelt subsidies tot en met € 5.000,- per jaar direct vast. Wel zal het college steekproefsgewijs om een verantwoording vragen.
1.
Subsidies tot en met € 5.000 worden door burgemeester en wethouders direct
Lid 1 (oud) is gewijzigd.
vastgesteld of verleend en – tenzij toepassing wordt gegeven aan het
Lid 2 (oud) is komen te vervallen.
volgende lid – binnen 13 weken nadat de
2. De subsidie wordt jaarlijks vóór 1 maart uitbetaald.
activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht,
Er is een nieuw lid 2 en 3 toegevoegd.
ambtshalve vastgesteld. Wel zal het college steekproefsgewijs om een verantwoording vragen.
2. Als bij verlengingsbeschikking de subsidieaanvrager wordt verplicht om op de daarbij aangegeven wijze aan te tonen dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen, vindt de vaststelling plaats binnen 13 weken nadat de gevraagde inlichtingen zijn verstrekt. 3. In geval van verlening van een subsidie van ten hoogste € 5.000 wordt een voorschot verstrekt ter hoogte van de verleende subsidie.
Bestaande tekst Artikel 14. Eindverantwoording subsidies van meer dan € 5.000
Nieuwe tekst Artikel 14. Eindverantwoording subsidies van meer dan € 5.000
Verschil VNG-model formulering aangehouden. Lid 1 is gewijzigd.
1. Bij een subsidie hoger dan € 5.000 dient de aanvrager uiterlijk 22 weken nadat de
gesubsidieerde activiteiten zijn verricht, een aanvraag tot vaststelling in.
1. Bij een subsidie van meer dan € 5.000 dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in. a. in geval van een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, uiterlijk op 31 mei van het jaar dat volgt op het betrokken kalenderjaar;
2. De aanvraag tot vaststelling bevat in ieder geval: a. Een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt in hoeverre de activiteiten waarvoor de 2. De aanvraag bevat: subsidie is verleend, hebben a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in plaatsgevonden; hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de b. Een financieel verslag met in ieder verplichtingen is voldaan; geval de eindafrekening van de activiteit, waarin is toegelicht aan b. een overzicht van de gesubsidieerde welke kostenposten de subsidie is activiteiten en de hieraan verbonden besteed; uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening); c. Bij een subsidie boven de € 50.000 bevat de verantwoording ook een c. Bij een subsidie boven de € 50.000 balans van het (einde van het) bevat de verantwoording ook een afgelopen jaar, een resultatenrekening balans van het afgelopen met een toelichting daarop en een subsidietijdvak met een toelichting onafhankelijke accountantsverklaring. daarop; en Bij subsidies hoger dan € 50.000 wordt d. een controleverklaring, opgesteld door in de beschikking tot subsidieverlening een onafhankelijk accountant. de vorm van de accountantsverklaring 3. Bij subsidieregeling kunnen andere bepaald. termijnen worden vastgesteld of andere gegevens worden verlangd. 3. Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden vastgesteld of andere gegevens worden verlangd.
Lid 2 is gewijzigd waarbij gekozen is voor controleverklaring in plaats van accountantsverklaring.
Bestaande tekst Artikel 15. Besluit tot subsidievaststelling 1. Algemeen: het college stelt de subsidie vast binnen 13 weken nadat de aanvraag tot vaststelling is ingediend. 2. Het college kan de beslissing als bedoeld in het eerste lid uiterlijk zes weken verdagen; de subsidieontvanger wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld. 3. De subsidie kan lager worden vastgesteld indien: a. de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel zijn verricht; b. de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen; c. de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid, of d. de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten.
Nieuwe tekst Artikel 15 . Subsidievaststelling subsidies van meer dan € 5.000
Toelichting Artikel conform het VNG-model aangepast: De titel is gewijzigd.
1. Burgemeester en wethouders stellen een subsidie van meer dan € 5.000 vast binnen 13 weken na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling, tenzij bij subsidieregeling anders is bepaald. 2. Deze termijn kan eenmaal voor ten hoogste 6 weken worden verdaagd. 3. Bij subsidieregeling kunnen categorieën subsidieontvangers worden aangewezen waarvoor de subsidie direct wordt vastgesteld zonder dat een aanvraag tot subsidievaststelling hoeft te worden ingediend. 4. Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip, bedoeld in artikel 14, eerste lid, is ingediend, kunnen burgemeester en wethouders de subsidieontvanger schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Als de aanvraag niet binnen deze termijn wordt ingediend, kunnen zij overgaan tot ambtshalve vaststelling.
Lid 1 (oud) is gewijzigd. Lid 2 (oud) is gewijzigd. Lid 3 (oud) is komen te vervallen en keert terug in de nadere subsidieregeling. Een nieuw lid 3 is toegevoegd. Een nieuw lid 5 is toegevoegd. De reden is de wens van het college om een sanctie op te kunnen leggen indien nagelaten wordt een aanvraag tot vaststelling in te dienen. De regels omtrent het opleggen van een sanctie zullen in een nadere regeling worden uitgewerkt.
4. Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip, bedoeld in artikel 14, eerste lid, is ingediend, kan het college de subsidieontvanger schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Wordt de aanvraag niet binnen deze termijn ingediend dan kan het college overgaan tot ambtshalve vaststelling.
5. Deze ambtshalve vaststelling kan leiden tot een korting van tenminste 20% van het verleende subsidiebedrag.
Bestaande tekst Artikel 16. Hardheidsclausule 1. Het college kan deze verordening, met uitzondering van de artikelen 2, 3 en 4, in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover de toepassing van die bepalingen voor die subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen.
Nieuwe tekst Artikel 16. Hardheidsclausule 1. Burgemeester en wethouders kunnen deze verordening, met uitzondering van de artikelen 2, 3 en 4, in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover de toepassing van die bepalingen voor die subsidieaanvrager of ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen.
2. Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit en hiervan wordt periodiek verslag gedaan aan de raad.
2. Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit en hiervan wordt periodiek verslag gedaan aan de raad.
Toelichting In het VNG-model is geen hardheidsclausule opgenomen. De wijziging bestaat eruit dat het college kan is vervangen door burgemeester en wethouders kunnen.
Bestaande tekst Artikel 17. Slotbepalingen, citeertitel en inwerkingtreding 1. De “Algemene subsidieverordening Voorschoten 2016” wordt ingetrokken.
Nieuwe tekst Artikel 17. Slotbepalingen, citeertitel en inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van de bekendmaking.
2. Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van de bekendmaking.
2. Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene subsidieverordening Voorschoten 2019
Toelichting Lid 1 (oud) komt te vervallen. Er is namelijk geen sprake van een intrekking maar van een wijziging van de bestaande (oude) verordening.
3. Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene subsidieverordening Voorschoten 2019.
Bestaande tekst Ondertekening Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Voorschoten,
Nieuwe tekst Ondertekening Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Voorschoten,
gehouden op 13 juni 2019
gehouden op 25 mei 2023
de griffier,
de griffier,
M. Elkerbout
drs. B.J. Urban
de voorzitter,
de voorzitter,
P.J. Bouvy-Koene
drs. N. Stemerdink
Toelichting Wijziging van datum en de namen van de griffier en burgemeester (voorzitter)