Bijlage 2 Conceptbrief zienswijze op ontwerpbegroting 2026 en mjr 2027-2029 van de GR ODWH
Tekst van het document
Omgevingsdienst West-Holland Postbus 159 2300 AD LEIDEN
Datum Nummer vraag Ons zaaknummer Onderwerp
3 juli 2025
Datum verzending Behandelaar
de gemeenteraad
Bijlage
-
Z/25/098674/444905 Zienswijze over ontwerpbegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029 GR ODWH
Geachte leden van het dagelijks bestuur, Op 10 april 2025 ontvingen wij per e-mail de ontwerpbegroting 2026 en meerjarenraming 20272029. U geeft aan dat wij onze zienswijze hiervoor uiterlijk in de vergadering van het Algemeen Bestuur op 14 juli 2025 kenbaar kunnen maken. Wij geven u hieronder onze zienswijze op de ontwerpbegroting 2026 en de meerjarenraming 2027-2029. Begroting in overeenstemming met Kadernota Wij constateren dat u de ontwerpbegroting heeft opgesteld volgens de Kadernota 2026 van de ODWH, zoals vastgesteld in het Algemeen Bestuur van 10 maart 2025. De Kadernota biedt het kader waarbinnen de begroting en meerjarenraming worden uitgewerkt. Wij hebben de ontwerpbegroting en meerjarenraming met name getoetst op de beleidsinhoudelijke- en financiële kaders. U heeft conform de Kadernota 2026 van de GR ODWH een indexatie van 2,25 % op de urentarieven in de deelnemersbijdrage verwerkt. Dit is in overeenstemming met de richtlijn van de commissie Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen Hollands Midden (FKGRHM).
Aandachtspunten met betrekking tot de ontwerpbegroting 2026 en mjr 2027-2029 Wij verzoeken u de onderstaande aandachtspunten in overweging te nemen en te verwerken in de ontwerpbegroting/mjr: Structurele verbetering In de ontwerpbegroting worden diverse punten aangehaald, zoals nieuw uitvoeringsbeleid VTH en het structureel verbeteren van de exploitatieruimte, waarover nog besluitvorming moet plaatsvinden en/of de deelnemers geïnformeerd moeten worden. Wij willen hierover graag tijdig geïnformeerd
worden en zouden hieraan graag deadlines willen stellen zodat voor iedereen duidelijk is wanneer de punten op de agenda staan. Taakstelling 2026 Binnen de werkgroep FKGRHM is voorgesteld dat gemeenschappelijke regelingen een taakstelling dienen te realiseren van 6%. De Omgevingsdienst West–Holland heeft hieraan als volgt invulling gegeven (conform vastgestelde Kadernota 2026, Algemeen Bestuur 10 maart 2025): 1. De lasten zullen vanaf 2026 structureel verlaagd worden met 3%. 2. In de periode 2025-2027 zal de dienst zich inspannen om per 2028 de lasten structureel verlaagd te hebben met 6% (inclusief 3% genoemd bij 1). 3. De structurele baten zullen vanaf 2026 met 6% verlaagd worden via van een korting op het dienstplan. We zijn blij dat de omgevingsdienst hiermee op een verstandige wijze invulling geeft aan deze taakstelling. Niettemin is dit geen eenvoudige opgave. Er zou voor 2026 een tekort ontstaan van 3% zonder gebruikmaking van de saldo’s van de bestemmingsreserve per 31-12-2024 en het resultaat over 2024 toe te voegen aan de algemene reserve. Deze toevoeging is noodzakelijk om de taakstelling van 6% deels te kunnen realiseren. Daarnaast zijn in de begroting 2026 de lasten van de Omgevingsdienst West - Holland structureel verlaagd met 3%. Voor de overige 3% heeft de Omgevingsdienst West - Holland de inspanningsverplichting om deze per 2028 structureel in te vullen.
Vermeld wordt dat in 2025 een plan van aanpak wordt opgesteld door de dienst hoe invulling gegeven gaat worden aan deze taakstelling met als doel om vanaf 2028 de structurele lasten en structurele baten in balans te brengen. Graag vernemen wij welke planning uw dienst verbindt aan het plan van aanpak en wij verzoeken u ons te informeren over de inhoud van het (concept) plan van aanpak. Inzet incidentele middelen Op pagina 25 van de ontwerpbegroting 2026/mjr is vermeld dat specifieke uitkeringen en subsidies van het rijk in beginsel een incidenteel karakter hebben, maar doordat deze jaarlijks terugkeren een structurele stroom van inkomsten vormen. Deze inkomsten kunnen worden gebruikt als dekking voor structurele lasten, met name op het gebied van personeel. Wij zijn van mening dat een risico wordt gelopen als vast personeel wordt aangenomen op tijdelijk geld. Kunt u aangeven op welke wijze dit risico wordt beheersd? Verlofvoorziening In de tabel, behorende bij paragraaf 5.1.2. Risicomanagement is risico s6 benoemd: het verlofstuwmeer. De organisatie stuurt op het verminderen van het stuwmeer niet opgenomen verlofuren. In de tabel behorende bij paragraaf 4.4. Reserves en voorzieningen is echter te zien dat de voorziening voor verlofsparen jaarlijks behoorlijk oploopt. Hoe verhoudt dit zich tot elkaar?
Nieuwe nota weerstandsvermogen Bij paragraaf 5.1 weerstandsvermogen is vermeld dat de dienst een voorstel maakt voor een hernieuwde Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement, die meer aansluit bij de actualiteit. Dit punt herkennen wij, gelet op het feit dat deze nota bijna tien jaar oud is. Wij verzoeken daarom de nota op korte termijn te actualiseren met daaraan een duidelijke deadline verbonden.
Met vriendelijke groet, namens de gemeenteraad van Voorschoten,
de griffier,
de voorzitter,
mw. drs. M. Elkerbout
mw. drs. N. Stemerdink