Bijlage 1 Transitievisie warmte 1.0 (raad, wijzigingen geel gearceerd).pdf
Tekst van het document
Transitievisie warmte 1.0 Oktober 2021
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Voorwoord Door wethouder Duurzaamheid Erika Spil Eerste transitievisie warmte: door samen te werken kom je tot een prachtig resultaat!
Dit is de eerste transitievisie warmte van de gemeente Voorschoten. Het Rijk gaf twee jaar geleden opdracht om voor het einde van 2021 een dergelijke visie op te stellen. Deze opdracht komt voort vanuit het Klimaatakkoord. In deze visie schetsen we globaal hoe we kunnen zorgen dat er bij de verwarming van de huizen en andere gebouwen in Voorschoten in 2050 geen CO2 en andere broeikassen meer vrijkomen. Oftewel hoe we vanaf nu tot 2050 stap voor stap, wijk voor wijk, over kunnen gaan van verwarming op aardgas naar verwarming op duurzame warmtebronnen. En ook hoe we nu meteen de energievraag, en dus de CO2-uitstoot, kunnen verkleinen door te isoleren. Ik ben heel blij dat deze warmtevisie er ligt. Er staan verschillende opties in per wijk zoals we die nu kennen voor Voorschoten. Zo zorgen we ervoor dat onze huizen en gebouwen duurzaam, maar goed en comfortabel, verwarmd blijven. Nog niet per huishouden, in de loop van de tijd zal dat wijk voor wijk steeds concreter worden. Er zijn allerlei mogelijkheden in Voorschoten. Bijvoorbeeld warmtenetten met geothermie, aquathermie of restwarmte als bron of warmtepompen. En er gaan opties bijkomen. Maar ongeacht welke keuze er ook wordt gemaakt; zowel in ieder geval technisch als zeker ook financieel moet die haalbaar zijn voor iedereen. Die financiële haalbaarheid geldt zowel voor de gemeente als voor de inwoners zelf.
Ook minder financieel draagkrachtigen moeten hun woning kunnen verduurzamen als zij dat willen. Er gebeurt nu al veel. We zijn er al volop mee bezig. Maar willen we écht doorzetten, dan hebben we het Rijk nodig voor financiële middelen. Bij het opstellen van deze visie hebben wij een beroep kunnen doen op de woningcorporaties De Sleutels en Woonzorg Nederland, netwerkbeheerder Liander, drinkwaterbedrijf Dunea en de provincie Zuid-Holland. Zij waren bereid om zitting te nemen in de projectgroep transitievisie warmte. Ze fungeerden als klankbord en dachten in hoge mate met ons mee. Met de verschillende belangen en randvoorwaarden konden we op deze manier rekeninghouden. Daar wil ik ze graag bijzonder voor bedanken. Graag werken wij met hen in de toekomst verder samen. Alle inwoners en ondernemers van Voorschoten die hebben meegedacht: hen wil ik ontzettend bedanken! Zonder volledig te zijn: het groepje inwoners dat zich erg betrokken toonde en waardevolle feedback gaf bij het maken van de technisch-economische analyse van extern bureau CE Delft. De maar liefst meer dan 600 inwoners die meedachten via de vragenlijst en de ruim 70 inwoners die meededen aan de online werksessie. En de nog eens 200 (waarvan het merendeel nieuwe mensen) inwoners die reageerden op de oproep of alle informatie die was opgehaald goed was verwoord in het participatieverslag.
Dat vind ik werkelijk ongelooflijk. Dat is echt Voorschoten. Net als het initiatief van de bewoners van de Krimwijk. Deze groep is zelf aan de slag gegaan met de verduurzaming van hun woningen, en wil ook andere inwoners enthousiast maken. Daar zijn we heel blij mee! Hen wil ik ook hartelijk bedanken. Voorschoten heeft met het proces van de transitievisie warmte laten zien dat je door samenwerken tot een prachtig resultaat komt.
2
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Projectgroep Deze transitievisie warmte is tot stand gekomen door intensieve samenwerken met een kerngroep van belanghebbenden. Samen vormen zij de projectgroep. Deelnemers aan deze projectgroep zijn de gemeente Voorschoten, Woningcorporatie De Sleutels en Woonzorg Nederland, netwerkbeheerder Liander, waterbedrijf Dunea en de provincie Zuid-Holland. Woningcorporatie De Sleutels ‘Recentelijk heeft de gemeente Voorschoten de transitievisie warmte opgesteld. Wij als woningcorporatie de Sleutels hebben daar een belangrijke bijdrage aan mogen leveren net als andere stakeholders van de gemeente Voorschoten. Door verschillende stakeholders erbij te betrekken maakt dat de TVW belicht is vanuit verschillende invalshoeken. En daardoor breed gedragen wordt. De visie is een mooie onderlegger om verder de opgave energietransitie gezamenlijk op te pakken in de toekomst. Ieder heeft zijn eigen aandeel in de energietransitie en onze rol pakken wij dan ook in de toekomst graag op. Wij kijken uit naar verdere samenwerking in de duurzame toekomst.’ Melanie Ciere, bestuursondersteuner, De Sleutels Woonzorg Nederland Duurzaamheid is een belangrijke pijler voor Woonzorg Nederland. Als landelijke woningcorporatie dragen we op verschillende plekken in het land bij aan de energietransitie.
We zijn blij dat we ook door gemeente Voorschoten actief betrokken zijn bij de ontwikkeling van de transitievisie warmte. En dat eveneens onze bewoners hierin konden participeren. De totstandkoming van deze transitievisie warmte is een mooi voorbeeld en begin van een duurzame samenwerking op het gebied van energietransitie.’ Youandi Gravesteijn-Hofman, bewonersconsulent, Woonzorg Nederland Liander ‘De warmtetransitie is een complexe opgave. Binnen deze opgave is Liander (de netbeheerder) verantwoordelijk voor de aanleg en het beheer van de elektriciteits- en gasnetten. De impact van de transitie op deze netten is groot, er wordt steeds meer gevraagd van het elektriciteitsnet en deze zal op veel plekken moeten worden uitgebreid. Samen met de gemeente en andere partijen moeten we de transitie mogelijk maken. Daarbij is samenwerking cruciaal. Daarom blijft Liander ook graag betrokken bij de verdere uitwerking van de transitievisie warmte in buurtuitvoeringsplannen.’ Hannah Saers, gebiedsregisseur Regio Holland-Rijnland, Liander Dunea ‘De energietransitie brengt uitdagingen met zich mee die de kerntaak van Dunea raken. Als drinkwaterbedrijf heeft Dunea een groot belang in de ondergrond in relatie tot de energietransitie. Verzwaring van elektriciteitsnetten en plaatsing van warmtenetten betekenen meer drukte en meer activiteiten in de ondergrond.
Niet overal zal voldoende ruimte zijn voor netuitbreidingen of aanvullende ondergrondse infrastructuur. Zeker warmtenetten nemen veel ruimte in beslag. Uitdagingen zijn ruimteschaarste, vroegtijdige aanpassing of vervanging van bestaande infrastructuur en een toename van de watertemperatuur in het leidingnet. De laatste kan risico’s veroorzaken voor de drinkwaterkwaliteit – en dus de volksgezondheid. Dunea beheert duingebieden tussen Monster en Katwijk: Solleveld, Meijendel en een gedeelte van Berkheide. Dit gebied is milieubeschermingsgebied voor grondwater (waterwin- en grondwaterbeschermingsgebieden). Voor iedere beschermingszone zijn regels opgenomen die activiteiten in die beschermingszones nader reguleren of verbieden. Bodemenergie en aardwarmte (geothermie) brengen bijvoorbeeld risico’s met zich mee voor de kwaliteit van de bodem en het grondwater. Door Dunea al in de planvormingsfase van de energietransitie te betrekken en samen te werken aan de opgaven die voor ons liggen, creëren we de mogelijkheid om duurzame en integrale ruimtelijke keuzes te kunnen maken.’ Sanne Ebbinkhuijsen, strategisch omgevingsmanager, Dunea
3
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Inhoudsopgave Samenvatting ..................................................................................................................... 6 1.
Inleiding ................................................................................................................. 10 Landelijke afspraken ....................................................................................................... 10 Regionale samenwerking ................................................................................................. 11 Lokale ambities .............................................................................................................. 11
2.
Technisch-economische analyse ................................................................................. 13 Doelstellingen................................................................................................................. 13 Proces ........................................................................................................................... 13 Resultaten ..................................................................................................................... 14
3.
Participatie gebouweigenaren .................................................................................... 19 Doelstellingen................................................................................................................. 19 Proces ........................................................................................................................... 19 Resultaten ..................................................................................................................... 20
4. Warmtevisie 1.0, 2021-2026 ............................................................................................ 22 Route naar 2050 ............................................................................................................. 22 Handelingsperspectief tot 2030 ......................................................................................... 24 5.
Uitvoeringsprogramma ............................................................................................. 27 Communicatie en participatie ........................................................................................... 27
4
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Leeswijzer Deze visie is als volgt opgebouwd. Als eerste leest u een samenvatting. In hoofdstuk 1 staat de inleiding. Daarin staat de aanleiding voor deze transitievisie; de opdracht vanuit het Rijk die elke gemeente heeft gekregen en hoe die opdracht is uitgevoerd. Het gaat over landelijke ambities en wat die betekenen voor Voorschoten. Ook leest u over de relatie tussen de transitievisie warmte, de Regionale Structuur Warmte en de Regionale Energie Strategie. In hoofdstuk 2 worden de resultaten van de technisch-economische analyse behandeld. Op basis daarvan is vervolgens een participatietraject uitgevoerd. De resultaten hiervan worden in hoofdstuk 3 behandeld. In hoofdstuk 4 leest u de integrale warmtevisie en vervolg. In hoofdstuk 5 gaan we in op ‘Hoe nu verder?': het uitvoeringsprogramma vanaf 1 januari 2022. Buurten en wijken We hanteren overal in deze visie 'buurten’ terwijl sommige delen van het dorp als wijken worden aangeduid door de inwoners of ook wel als wijkgemeenschap. Waar we buurten zeggen, bedoelen we deze natuurlijk ook. Tegelijk spreken we ook van wijkuitvoeringsplannen, terwijl dat dan vaak plannen op buurtniveau betreft. Dat komt omdat wijkuitvoeringsplan een term is die de rijksoverheid vaak gebruikt. Zo gebruiken we in deze visie buurten en wijken dus door elkaar.
5
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Samenvatting De aanleiding voor het opstellen van deze transitievisie warmte is een opdracht vanuit het Rijk. Internationaal is namelijk afgesproken om de temperatuurstijging door klimaatverandering niet verder te laten stijgen dan 2 °C, met inspanningen om die stijging verder te beperken tot 1,5 °C. De beperking moet worden bereikt door de uitstoot van broeikasgassen zoals CO2 te verminderen. In Nederland is deze afspraak vertaald in het Klimaatakkoord. Hierin hebben vijf sectoren afspraken gemaakt, waaronder de sector Gebouwde omgeving. De Gebouwde omgeving bestaat uit bijna 7 miljoen huizen en 1 miljoen andere gebouwen in Nederland. De doelstelling van deze sector is om in 2050 CO2-neutraal te zijn en in 2030 3,4 megaton minder CO2 uit te stoten. Als tussendoelstelling is afgesproken om in 2030 1,5 miljoen woningen aardgasvrij te verwarmen. Om de doelstellingen te realiseren heeft de gemeente de regierol gekregen voor de transitie naar duurzame verduurzaming van de Gebouwde omgeving. Die bestaat uit drie stappen: 1. Opstellen transitievisie warmte 2. Opstellen routekaart en buurtuitvoeringsplannen 3. Realisatie
Vanuit het Rijk zijn twee doelstellingen meegegeven voor de transitievisie warmte: 1. Beschrijving van het tijdpad voor de stapsgewijze verandering naar een duurzame verwarming van de gebouwde omgeving. Per buurt geeft de gemeente aan hoe de route naar aardgasvrij eruit zal zien. 2. Voor de buurten waarin de gemeente vóór 2030 aan de slag gaat, staan in de transitievisie warmte ook de mogelijke warmtealternatieven weergegeven. Tijdens dit proces in Voorschoten hebben inwoners, gebouweigenaren, woningcorporaties, netwerkbeheerder, drinkwaterbedrijf en de provincie Zuid-Holland veelvuldig meegedacht. Dit document, de transitievisie warmte (TVW), is het resultaat van deze inspanning. De transitievisie warmte van de gemeente Voorschoten is samengesteld op basis van een technisch-economische analyse in samenwerking met adviesbureau CE Delft en een uitgebreid participatietraject in samenwerking met adviesbureau +anderen. De gecombineerde resultaten van deze twee onderdelen hebben uiteindelijk geleid tot de eerste transitievisie warmte van de gemeente Voorschoten.
Figuur 1. De transitievisie warmte in Voorschoten komt voort uit een technisch-economische analyse en een uitgebreid participatietraject. Beide onderdelen lichten we hieronder toe. Technisch-economische analyse In de technisch-economische analyse is uitgezocht wat de technologische mogelijkheden zijn voor ieder kansrijk duurzaam warmtealternatief om het aardgas te vervangen. Daarnaast is gekeken of deze warmtealternatieven ook economisch haalbaar zijn. De ene warmteoplossing is immers beter
6
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
betaalbaar voor de eindgebruiker en/of de samenleving dan de andere warmteoplossing, maar is technisch misschien minder geschikt. De technisch-economische analyse geeft een eerste beeld van de kansrijke mogelijkheden per buurt in Voorschoten voor de route naar 2050 en het handelingsperspectief tot 2030. Participatietraject In de totstandkoming van de transitievisie warmte was de inbreng van de inwoners en gebouweigenaren van Voorschoten minstens zo belangrijk. In het tweede en derde kwartaal van 2021 kon iedere inwoner, ondernemer, of anderszins betrokkene in Voorschoten meedenken over de warmtetransitie. Daarvoor is een uitgebreide vragenlijst uitgezet en zijn twee werksessies georganiseerd waarbij iedereen welkom was om zijn of haar kennis, mening of ideeën te delen. Inwoners konden aangeven wat hun voorwaarden zijn voor een goede warmtetransitie, en wat zij zien als kansen en dilemma’s. In totaal hebben hier meer dan 600 inwoners aan deelgenomen. Gecombineerd met de resultaten uit de technisch-economische analyse heeft dit uiteindelijk tot de eerste transitievisie warmte van de gemeente Voorschoten geleid. Route naar 2050 In het jaar 2050 zullen alle gebouwen in de gemeente Voorschoten aardgasvrij zijn. Van de huidige aardgasgestookte ketels gaan we de gebouwen uiteindelijk verwarmen via een hernieuwbaar CO2neutraal systeem.
Op hoofdlijnen kunnen we drie systemen op basis van infrastructuur onderscheiden. Dit zijn 1) via een warmtenetwerk, 2) via elektriciteit of 3) via hernieuwbaar gas. Om tot deze eindoplossing te komen kunnen we nog twee tussenstappen maken: 1) isolatie en kierdichting; dit is in alle gevallen wenselijk en 2) optioneel via een hybride verwarmingssysteem. Dit bestaat uit een elektrische warmtepomp voor de basislast en met een aardgasketel voor de piekbelasting. De route naar 2050 zal in chronologische volgorde bestaan uit: 1. Starten met vermindering van energieverbruik door isolatie, kierdichting en eventueel lagetemperatuurverwarming volgens de Standaard (verderop in de visie vindt u uitleg over de Standaard). Dit geldt voor alle oplossingen. 2. Kiezen voor een tussenoplossing. Hierbij gaat het om een hybride warmtepomp. De warmtepomp levert de basislast aan warmte en die gasketel levert de piekbelasting. Voordeel van dit systeem is dat het aardgasverbruik direct daalt. Ook levert de warmtepomp warmte met minder CO2-uitstoot. Dit systeem draagt direct bij aan de reductie van aardgasverbruik en CO2-uitstoot. 3. Per buurt een geschikte warmteoplossing door één van de drie opties 1) warmtenet, 2) allelectric of 3) duurzame gassen.
Om tot het advies voor een oplossingsrichting of voorkeurswarmtetechniek te komen, is een aantal buurtclusters samengesteld op basis van overeenkomende buurtkenmerken en oplossingsrichting. We benadrukken dat dit een voorlopig advies is op basis van enkel technisch-economische criteria. Bij de definitieve keuze voor een voorkeurswarmtetechniek spelen ook zaken als sociale en organisatorische overwegingen een rol. Hoofddoelstellingen en uitgangspunten Op basis van de route naar 2050 zijn dit de hoofddoelstellingen van de transitievisie warmte: • De gemeente Voorschoten is in 2050 CO2-neutraal. • Doelstelling van de gemeente Voorschoten is dat de warmtetransitie moet verlopen met de laagste nationale kosten. Voor de eindgebruiker betekent dit minimaal woonlastenneutraal. Wat woonlastenneutraal is, wordt nog gedefinieerd door het Rijk. Als er subsidies of andere maatregelen nodig zijn om die woonlastenneutraliteit te bereiken, dan kan dat uitsluitend via Rijksregelingen. • Mogelijke buurten waar Voorschoten voor 2030 kan starten: Bijdorp, Vlietwijk en Krimwijk: o Bijdorp (voorkeurstechniek: MT-warmtenet) lijkt een kansrijke buurt vanwege de realisatietijd van een warmtenet, het hoge aandeel corporatiebezit in de buurt en de leeftijd van het gasnetwerk.
7
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Vlietwijk is de buurt met het hoogste percentage corporatiewoningen in Voorschoten en is vanwege deze contracteerbaarheid kansrijk om met de warmtetransitie aan de slag te gaan. Voorkeurstechniek zal een MT-warmtenet of warmtepomp zijn. o In Krimwijk is het corporatiebezit ook vrij hoog en een groot deel van de woningen is na 2005 gebouwd. De nieuwere woningen in de buurt zijn kansrijk voor verwarming met een elektrische warmtepomp. Voorschoten gaat tot aan 2030 vol inzetten op energiebesparing om daarmee de CO2uitstoot te verminderen. Deze maatregelen gaan bijdragen aan de CO2-reductiedoelstelling van het Rijk. Ook dragen ze bij aan de haalbaarheid van meerdere warmtealternatieven. Dit zijn maatregelen waar woningeigenaren achteraf geen spijt van zullen krijgen. Dit zijn maatregelen die zorgen voor minder energieverbruik, eventueel comfortverhoging en ze zijn ook haalbaar en betaalbaar. Dit kan door isolatiemaatregelen en lagetemperatuurverwarming te nemen die aansluiten bij de Standaard. De Standaard is afkomstig van het Rijk. (zie verderop voor uitleg over de Standaard). Gebouweigenaren die zelf wel de ambitie hebben om het gebouw aardgasloos te verwarmen kunnen dit via individuele oplossingen doen. De gemeente faciliteert bewoners via het Duurzaam Bouwloket.
In buurten waar nu al duidelijk is dat collectieve systemen niet de oplossing zijn (het buitengebied en de nieuwbouw van Starrenburg en de Krimwijk) en waar een individueel systeem dus de uitkomst is, kunnen inwoners als tussenoplossing kiezen voor een hybride warmtepomp. o
•
• •
Handelingsperspectief tot 2030 De gemeente Voorschoten heeft de ambitie om in 2030: • De gemiddelde CO2-uitstoot per gebouw/woning in 2030 met 11% te reduceren. Dit sluit aan bij de doelstelling van de Regionale Energie Strategie (RES). De gemeente zal hiervoor buurtplannen opstellen samen met belanghebbenden waaronder inwoners hoe het totaal van de gebouwde omgeving deze ambitie kan gaan realiseren. De realisatiegraad zal afhangen van externe factoren zoals de markt, Rijksregelingen, wet- en regelgeving. De gemeente gaat actief op zoek naar knelpunten die de haalbaarheid van het doel of de snelheid ernaartoe belemmeren. De gemeente treft passende maatregelen om deze knelpunten weg te nemen of te verzachten. Financiële gevolgen worden aan de raad voorgelegd. • Per buurt een routekaart op te stellen inclusief doelstellingen en het bijbehorende tijdpad. Het opstellen van de routekaart per buurt zal direct starten na vaststelling van de transitievisie warmte. We beginnen met een beperkt aantal buurten en breiden dat over de jaren uit. Alle lessen en ervaringen uit de buurtplannen vormen input voor de volgende versies van de transitievisie warmte. • Per buurt minimaal een buurtuitvoeringsplan op te stellen voor het halen van de energiereductiedoelstellingen uit de routekaart inclusief CO2-reductie.
• Vanuit de Krimwijk is zelf ook al een bewonersgroep gestart met een aanpak voor verduurzaming van hun woningen. Deze aanpak bestaat uit woningisolatie en vervolgens via een elektrische warmtepomp aardgasvrij maken van de woning. De gemeente omarmt deze aanpak. In de routekaart en buurtuitvoeringsplannen gaan we onderzoeken of deze aanpak ook kansrijk is voor andere buurten. • Mogelijke buurten waar we voor 2030 starten zijn Bijdorp, Vlietwijk en Krimwijk. Oplossingen zijn hiervoor benoemd. Voor de buurten Bijdorp en Vlietwijk zullen we onderzoeken worden of er daadwerkelijk een warmtebron beschikbaar is. Als dit het geval is wordt aan de hand van de routekaart een uitvoeringsplan opgesteld. De nieuwbouw van Krimwijk is in elk geval kansrijk om over te stappen op een elektrische warmtepomp. Voor deze buurt stellen we een uitvoeringsplan op. • Minimaal één herziening (minimaal eens per 5 jaar) van de transitievisie warmte te hebben opgesteld, met daarin de laatste stand van zaken qua techniek en rijksoverheidsbeleid erin verwerkt. • Voor 80% van de buurten een eenduidig warmtealternatief bekend te hebben voor 2030. Bij de tweede iteratie van de TVW (2026) is voor 30% van de buurten het warmtealternatief bekend. Daarom beginnen we direct met een zoektocht naar geschikt lokale warmtebronnen.
8
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Gebouweigenaren en inwoners kunnen nu al aan de slag met het verduurzamen van hun woning, ook als zij pas in de tweede of derde fase aan de beurt komen om geheel CO 2-neutraal te worden. Tot aan 2030 wordt gewerkt aan stap 1 isolatie en stap 2 hybride warmtepompen. Meer informatie over het handelingsperspectief per buurt en de laatste stand van zaken staat op de gemeentelijke website met een online tool: https://www.Voorschoten.nl/Voorschoten-aardgasvrij. Uitvoeringsprogramma Uit de transitievisie warmte komen de volgende projecten voort die de gemeente Voorschoten in de komende periode na vaststelling gaat uitvoeren. 1. 2. 3. 4.
Project: Opstellen Buurtgerichte Routekaarten (2022-2024) Project verankering transitievisie warmte in omgevingsvisie (2023-2025) Onderzoek lokale alternatieve warmtebronnen (2022-2024) Update transitievisie warmte naar de 2.0 versie (2026)
9
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
1. Inleiding Vrijwel alle landen ter wereld sloten in 2015 het Klimaatakkoord van Parijs. Hierin is afgesproken dat de opwarming van de aarde niet verder mag oplopen dan 2 °C ten opzichte van het preindustriële tijdperk en dat de temperatuurstijging als gevolg van broeikasgassen bij voorkeur onder de 1,5 °C moet worden gehouden. In Nederland hebben we de doelstellingen van Parijs vertaald in een nationaal Klimaatakkoord. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de gemeenten de regie krijgen over de warmtetransitie. Als eerste stap stellen alle gemeenten uiterlijk in 2021 een transitievisie warmte (TVW) vast, het document dat nu voor u ligt. De TVW geeft een eerste beeld van de beschikbare voorkeurswarmtealternatieven per buurt in Voorschoten. Ook geeft het aan of er buurten zijn waar de warmtetransitie al vóór 2030 kan starten. Hieronder wordt eerst de landelijke en lokale context geschetst die aan de TVW ten grondslag ligt, waarna we dieper ingaan op de visie zelf en de opbouw daarvan.
Landelijke afspraken
Nederland werkte de afspraken van Parijs uit in een eigen Klimaatakkoord, dat onderdeel is van het Nederlandse klimaatbeleid. Het belangrijkste doel van dit Klimaatakkoord is dat de CO2-uitstoot in 2030 49 procent lager moet zijn dan in 1990. Daarnaast moet in 2050 de uitstoot van broeikasgassen met 95 procent verminderd zijn. Om dit te bereiken hebben de overheid, het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties in het Klimaatakkoord afspraken gemaakt over het verlagen van de CO2-uitstoot in de verschillende sectoren: de industrie, mobiliteit, de gebouwde omgeving, elektriciteit en landbouw & landgebruik (zie Figuur 2). Voor de gebouwde omgeving heeft de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) met het Rijk afgesproken dat gemeenten de regisseurs van de warmtetransitie zijn. De taak om een TVW op testellen komt daarmee voort uit het nationale Klimaatakkoord.
Figuur 2: De reductieopgave per onderdeel van het Klimaatakkoord.
10
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Regionale samenwerking
In het Klimaatakkoord is afgesproken dat 30 energieregio's in Nederland een Regionale Energiestrategie (RES) opstellen. De gemeente Voorschoten maakt onderdeel uit van de RES-regio Holland Rijnland (RES HR). De RES HR is op 10 juni 2021 vastgesteld. In de RES 1.0 HR staan de plannen die overheden, netbeheerders, maatschappelijke organisaties, ondernemers en inwoners samen hebben gemaakt voor het grootschalig opwekken van wind- en zonne-energie. De ambitie van HR is om aanvullende opwek van hernieuwbare elektriciteit te realiseren in 2030. Hiervoor zijn zoekgebieden vastgesteld waar de mogelijkheden voor duurzame energieproductie verder worden onderzocht. Het deel van de RES dat over warmte gaat, heet de Regionale Structuur Warmte (RSW). In deze RSW wordt inzicht gegeven in de warmtevraag, het aanbod van warmtebronnen en de (regionale) warmte-infrastructuur. Ook worden de context en regionale samenwerking beschreven. De focus ligt daarmee op kansen voor (grootschalige) warmtenetten. Figuur 3 geeft de verbanden aan tussen de RSW, de RES, de TVW en de wijkuitvoeringsplannen.
Figuur 3: De samenhang tussen de Regionale Energiestrategie, de Transitievisie Warmte en de Buurtuitvoeringsplannen.
Lokale ambities
De gemeente Voorschoten heeft, net als alle andere gemeenten, een belangrijke rol in de uitvoering van het Klimaatakkoord. De gemeente heeft zichzelf als doel gesteld om in 2050 CO2neutraal te zijn. Voorschoten volgt hiermee het landelijke beleid. Een van de manieren om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen is het verminderen van het aardgasgebruik in de woningen en gebouwen in de gemeente. De strategie om dat te bereiken is beschreven in deze TVW. Hierin legt de gemeente vast hoe zij voor 2030 al kan starten met de warmtetransitie van de gebouwde omgeving. Dat geeft ruimte en tijd om de vergaande doelstellingen van 2050 te realiseren. Het opstellen van deze TVW is onderdeel van het takenpakket van het team Lokale Energie Strategie Voorschoten, waarbinnen alle inspanningen op het gebied van de energietransitie samenkomen.
11
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
In de transitievisie warmte beschrijft een gemeente hoe de route tot 2050 eruitziet als de gebouwde omgeving helemaal aardgasvrij is en dus CO2-neutraal. Ook staat er in deze visie welke kansen er zijn tot 2030. Die kansen gaat Voorschoten, samen met de inwoners, daarna uitwerken in wijk uitvoeringsplannen. De wijk uitvoeringsplannen geven richting: wat kan welke buurt wanneer doen richting CO2-neutraal. Vervolgens start de realisatiefase in die buurten waar nu mogelijkheden zijn om aan de slag te gaan. De lessen die de komende jaren worden geleerd, nemen we mee in de herziening van de TVW over vijf jaar, net als de technische ontwikkelingen en maatregelen van het Rijk de komende jaren. Dit heeft op zijn beurt ook weer invloed op de herziening van de RES. Figuur 13 geeft dit schematisch weer. In de praktijk betekent het dat in de komende decennia de verschillende buurten van Voorschoten zich in diverse stadia van ontwikkeling naar CO2-neutraal zullen bevinden.
12
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
2. Technisch-economische analyse In de eerste helft van 2021 is door CE Delft een technisch-economische analyse opgesteld, waarvan de resultaten een belangrijke inbreng hebben in deze transitievisie warmte. In de technisch-economische analyse zijn de technologische mogelijkheden van kansrijke warmtealternatieven uiteengezet, maar is tegelijk ook gekeken naar de economische haalbaarheid van de betreffende warmteoplossingen. CE Delft heeft op verzoek van de gemeente Voorschoten een technisch-economische analyse uitgevoerd. Dat is gedaan met de geactualiseerde informatie die in 2020 beschikbaar kwam, waaronder de vernieuwde Startanalyse die in het najaar van 2020 is gepubliceerd door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Zoals in de inleiding staat is de transitievisie warmte opgesteld aan de hand van een technischeconomische analyse en een traject van inwonerparticipatie. Over de inwonerparticipatie leest u meer in hoofdstuk 3. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de technisch-economische analyse.
Doelstellingen De technisch-economische analyse van CE Delft moest voldoen aan de volgende doelstellingen: 1. Inventariseren welke warmtebronnen en energiedragers beschikbaar zijn voor de gemeente Voorschoten. 2. Het inschatten van de kosten die de verschillende warmtetechnieken met zich meebrengen. Hierbij is gekeken naar de nationale kosten en de eindgebruikerskosten (toelichting in Tabel 1). 3. Het in kaart brengen van de gevolgen die aardgasvrije warmtetechnieken hebben op woningen, gebouwen, de openbare ruimte en de ondergrondse ruimte. 4. Inventariseren welke kansen er zijn om te starten met de warmtetransitie in de gemeente Voorschoten. 5. Inzicht bieden in welke route in de buurtaanpak mogelijk is om in 2050 aardgasvrij te zijn. 6. Het bieden van een handelingsperspectief voor inwoners van de gemeente Voorschoten voor de periode tot 2030. Tabel 1: Toelichting op de verschillende kostensoorten. Kostensoort
Definitie
Nationale kosten
De totale kosten voor de maatschappij van alle maatregelen die (ergens) nodig zijn om over te stappen op een aardgasvrije warmtetechniek, ongeacht wie die kosten betaalt, exclusief belastingen en subsidies.
Eindgebruikerskosten
Alle kosten die een eigenaar/bewoner of huurder betaalt voor de overschakeling op aardgasvrij verwarmen.
Proces
In 2019 is door het Rijk een Leidraad voor het opstellen van de transitievisie warmte beschikbaar gesteld. De Leidraad bestaat uit twee onderdelen, namelijk de ‘Handreiking voor lokale analyse’ van het Expertise Centrum Warmte (ECW) en de ‘Startanalyse’ van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). In 2020 is vervolgens een update van de Startanalyse aan de gemeente Voorschoten verstrekt. De Startanalyse is gebaseerd op landelijke data en geeft inzicht in de technisch-economische gevolgen van vijf verschillende warmtestrategieën die je kunt toepassen ter vervanging van aardgas. Voor achtergrondinformatie: ga naar de website van het Expertise Centrum Warmte: Infographic Startanalyse - Expertise Centrum Warmte. Om ook op buurtniveau inzicht te krijgen in de (technische en economische) haalbaarheid van de verschillende warmtestrategieën heeft CE Delft een technisch-economische analyse opgesteld. Hierbij heeft nauw overleg plaatsgevonden tussen de gemeente Voorschoten, de provincie ZuidHolland, woningcorporaties, de netbeheerder en vertegenwoordiging vanuit inwoners. De technisch-economische analyse schetst per buurt een tijdpad voor de warmtetransitie, biedt een
13
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
concreet handelingsperspectief (‘Wat kunt u doen?’), en wordt Voorschoten-breed gekeken naar de beste kansen om te starten met de warmtetransitie. Aan de hand van Figuur 4 is te zien hoe in de technisch-economische analyse toegewerkt is naar de drie belangrijkste eindresultaten (doelstelling 4 t/m 6, in het geel).
Figuur 4: De opbouw van de technisch-economische analyse.
Resultaten
Hierna worden per onderdeel de resultaten van de technisch-economische analyse beschreven. Beschikbare warmtebronnen voor de gemeente Voorschoten In (de regio) Voorschoten zijn verschillende lagetemperatuur(LT-)warmtebronnen beschikbaar, maar de beschikbaarheid van warmtebronnen van hogere temperatuur is nog onzeker. LTwarmtebronnen met potentie in de gemeente Voorschoten zijn aquathermie, zonthermie en lokale restwarmte. Aquathermie is verwarmen (en koelen) door het gebruik van warmte en koude uit water. Dat kan oppervlakte-, afval- of drinkwater zijn. Zonthermie is het gebruiken van de warmte van de zon, voor warm water, om ruimten te verwarmen of om elektriciteit van te maken door opvang via zonnepanelen. Restwarmte is warmte die vrijkomt bij een productieproces en die een bedrijf zelf niet meer kan gebruiken. Meer uitleg over deze warmtebronnen leest u in de bijlage Technische economische analyse. Deze LT-warmte kan met behulp van elektriciteit worden opgewaardeerd naar MT-niveau. De enige warmtebronnen van hogere temperatuur in de regio zijn geothermie en WarmtelinQ+ (industriële restwarmte uit de haven van Rotterdam). De potentie en/of totstandkoming van deze warmtebronnen is echter nog onzeker. Nader onderzoek moet hierover meer duidelijkheid geven. Warmtebronnen van lage temperatuur zijn warmte uit water (aquathermie) en zon(zonthermie).
Vaak is voor deze bronnen opslag van warmte in de ondergrond nodig. De mogelijkheid voor deze opslag is beperkt in Voorschoten. Kansrijkheid van lagetemperatuurwarmte in een collectieve oplossing moet op buurtniveau verder worden onderzocht. Groengas en waterstof als energiedrager zijn naar verwachting tot 2030 niet beschikbaar voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Ook na 2030 zijn deze gassen waarschijnlijk alleen een optie als er geen andere reële warmtealternatieven voorhanden zijn. De reden is dat het beperkt beschikbare gas eerst nodig is voor de verduurzaming van andere processen (bijvoorbeeld industrie en zwaar transport). Onderstaande figuur geeft de gedachtegang hierover weer.
14
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Een hybride warmtepomp kan in veel gevallen een aantrekkelijke tussenoplossing zijn voor lastig te isoleren woningen om niet volledig, maar wel verregaand CO2 te kunnen verminderen. De hybride warmtepomp combineert een elektrische warmtepomp met een hr-ketel op gas. Op momenten dat de hr-ketel bijspringt is als traditioneel fossiel-/aardgas wordt gebruikt de hybride warmtepomp dus nog niet CO2-neutraal. Mochten duurzame gassen in de toekomst toch beschikbaar komen voor het verwarmen van gebouwen, is het mogelijk om met een hybride warmtepomp zonder CO2 -uitstoot te verwarmen.
Kosten van de warmtetransitie In de TEA is zowel gekeken naar de kosten van de warmtetransitie voor de maatschappij als geheel (nationale kosten), als naar de kosten voor eigenaar-bewoners (eindgebruikerskosten). Bij die laatste gaat het zowel om de eenmalige kosten voor de techniek en om een woning geschikt te maken (aardgasvrij-ready) voor een duurzame warmtetechniek, als de kosten van de energierekening. De analyse laat een aantal belangrijke zaken zien: Bij zowel de nationale- als de eindgebruikerskosten van de warmtetransitie wordt duidelijk dat het blijven verwarmen op aardgas op dit moment de goedkoopste oplossing is. Dit komt doordat alle infrastructuur al aanwezig is en er niets aan woningen aangepast hoeft te worden. Echter, bij het
15
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
verbranden van aardgas komt CO2 vrij, daarom past dit niet bij een CO2-neutrale gemeente. Het landelijke uitgangspunt is dat de overstap naar een aardgasvrije warmtetechniek woonlastenneutraal (op de eindgebruikerskosten) moet zijn. Op basis van de doorrekeningen van CE Delft is met de huidige kostensystematiek nog geen warmtealternatief woonlastenneutraal aan te bieden in Voorschoten. Elders in Nederland zijn er wel nu al mogelijkheden om buurten woonlastenneutraal aardgasvrij te maken. Mogelijk zijn in Voorschoten individuele woningen te vinden die woonlastenneutraal gemaakt kunnen worden. Dit detailniveau is echter niet meegenomen in de studie van CE Delft. Subsidies en nieuw landelijk beleid kunnen helpen om de kosten voor gebouweigenaren te verlagen. Subsidies hebben echter geen invloed op de nationale kosten. Landelijk beleid dat effect sorteert op het verlagen van de prijs van de verduurzaming kan wel effect hebben op de nationale kosten. Betaalbaarheid van de warmtetransitie voor woningeigenaren (eigenaar-bewoners, commerciële verhuurders en woningcorporaties) en huurders is een belangrijk uitgangspunt in de uitwerking van de transitievisie warmte. Voorkeurswarmtetechniek Technisch gezien zijn er veel verschillende mogelijkheden om van het aardgas af te stappen in de gebouwde omgeving, met verschillende technieken en met verschillende temperaturen.
Daarbij wordt over het algemeen onderscheid gemaakt in collectieve oplossingen en individuele oplossingen. Bij collectieve oplossingen stapt meer dan één woning over op een bepaalde techniek, vaak gaat een heel gebied in een keer over. Een voorbeeld van een collectieve oplossing is een warmtenet. Individuele oplossingen kunnen voor iedere woning afzonderlijk worden toegepast. Een voorbeeld daarvan is een warmtepomp. In deze transitievisie warmte wordt onderscheid gemaakt in drie oplossingsrichtingen: 1. Individuele elektrische warmtepompoplossingen 2. Warmtenetten 3. Duurzame bronnen waarbij gebruik wordt gemaakt van bestaande gasnetten Per buurt is door CE Delft een eerste advies over de voorkeurstechniek(en) opgesteld, zie Tabel 2. Dit beeld is tot stand gekomen op basis van de criteria uit het afwegingskader, gecombineerd met specifieke bebouwingskenmerken en de beschikbaarheid van warmtebronnen in een buurt. De criteria uit het afwegingskader zijn: • nationale kosten; • eindgebruikerskosten; • impact openbare en ondergrondse ruimte; • ruimtelijke impact in de woning; • benodigde realisatietijd van de warmtetechnieken. Dit een voorlopig advies is op basis van technisch-economische criteria.
Andere (bijvoorbeeld sociale of organisatorische) overwegingen of beschikbare ruimte in de boven- en ondergrond kunnen ook een rol spelen bij het tot stand komen van een voorkeurswarmtetechniek. Bovendien zullen niet alle gebouwen in een buurt geschikt zijn voor dezelfde warmtetechniek. Vooral wanneer een gebouw sterk afwijkt van de bebouwing in de rest van de buurt, kan een andere warmtetechniek meer voor de hand liggen. Tabel 2: Buurtkenmerken en voorkeurswarmtetechnieken per buurt. Buurtnaam Noord-Hofland
Voorkeurstechniek(en) Toelichting/aandachtspunten MT-warmtenet — Mogelijk uitbreiding van het warmtenet vanuit Leiden — Potentiële LT-restwarmtebronnen in de buurt aanwezig
Adegeest
MT-warmtenet — Mogelijke restwarmtebron in de buurt: zwembad
Boschgeest
MT-warmtenet — Geen LT-restwarmtebron in de buurt aanwezig
Bijdorp
MT-warmtenet (stap naar LT mogelijk) — Gelegen naast de Vlietland: grote potentiële bron voor aquathermie
Vlietwijk
MT-warmtenet of elektrische warmtepomp — Beide opties lijken geschikt: overleggen met stakeholders in de buurt — Gelegen naast de Vlietland: grote potentiële bron voor aquathermie
16
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Starrenburg
Starrenburg II: elektrische warmtepomp Starrenburg I: elektrische warmtepomp of MT-warmtenet — Potentiële LT-restwarmtebronnen in de buurt aanwezig — Gelegen naast de Vlietland: grote potentiële bron voor aquathermie
Dobbewijk
Onderzoeken of MT-net rendabel kan zijn of groengas — Geen LT-restwarmtebronnen in de buurt aanwezig, wel potentie thermische energie uit drinkwater (TED) — Groengas en waterstof in ieder geval tot 2030 niet beschikbaar — Hybride warmtepomp geschikte tussenoplossing
Krimwijk
Nieuwbouw: elektrische warmtepomp Oudere woningen: ‘mee’ met eventueel warmtenet Adegeest Niet één duidelijke voorkeurstechniek — Verder onderzoek nodig
Centrum Nassauwijk
Nieuwbouw: elektrische warmtepomp Rest van de buurt: MT-net — Kleine waterloop in noordwesten van de buurt mogelijke bron voor aquathermie
Bloemenwijk
MT- of HT-warmtenet — Eén potentiële LT-restwarmtebron aanwezig — Aandachtspunt: smalle straten
Buitengebied
Individuele oplossing: elektrische warmtepomp of gasgestookte oplossing — Groengas en waterstof in ieder geval tot 2030 niet beschikbaar
Beschikbaarheid middentemperatuurwarmtebron belangrijk voor realisatie middentemperatuurwarmtenetten Uit Tabel 2 blijkt dat een groot aantal buurten in Voorschoten een MT-warmtenet als voorkeurstechniek heeft. Zoals gezegd zijn in Voorschoten verschillende LT-warmtebronnen beschikbaar, maar is de beschikbaarheid van warmtebronnen van hogere temperatuur is nog onzeker. Gezien de potentie die we zien voor warmtenetten zal Voorschoten de lokale bronnen nader onderzoeken en werkt, samen met vijf andere gemeenten in de Leidse regio, aan het project WarmtelinQ+ Warmtelinq is een ondergrondse leiding die Gasunie wil aanleggen vanuit Rotterdam om huizen en bedrijven in Zuid-Holland van warmte te voorzien. Warmtelinq+ is het doortrekken van die leiding naar Leiden waardoor onder andere ook Voorschoten aan kan sluiten. De hoofdleiding kan restwarmte van bedrijven, warmte via geothermie (warmte diep uit de bodem (zo’n 2000-2500 meter) en aquathermie (warmte verkregen via oppervlakte-, afval-, of drinkwater) transporteren. Kleinere, nog aan te leggen leidingen, vervoeren de warmte vervolgens naar de huizen en bedrijven.
Mogelijke startbuurt(en) en fasering Bijdorp, Vlietwijk en Krimwijk: kansen om samen te starten met corporaties en huurders • Bijdorp (voorkeurstechniek: MT-warmtenet) lijkt een kansrijke buurt vanwege de realisatietijd van een warmtenet, het hoge aandeel corporatiebezit in de buurt en de leeftijd van het gasnetwerk. • Vlietwijk is de buurt met het hoogste percentage corporatiewoningen in Voorschoten en is vanwege deze contracteerbaarheid kansrijk om met de warmtetransitie aan de slag te gaan. Er zijn twee mogelijke voorkeurstechnieken: een MT-warmtenet of warmtepompen. • In de Krimwijk is het corporatiebezit ook vrij hoog en een groot deel van de woningen is na 2005 gebouwd. De nieuwere woningen in de buurt zijn kansrijk voor verwarming met een elektrische warmtepomp. Overige buurten: al wel aan de slag met verduurzaming (handelingsperspectief) De buurten die in latere fases aan de beurt komen, kunnen al wel starten met verduurzamen. De pandeigenaren kunnen hun bezit gaan isoleren. Als richtlijn voor het gewenste isolatieniveau heeft het Rijk een voorstel voor een Standaard en bijbehorende streefwaarden ontwikkeld. Deze standaard geeft aan wanneer uw woning goed genoeg is geïsoleerd om aardgasvrij te worden.
Ook kunnen eigenaren hun woning of pand gereedmaken voor een hybride warmtepomp, zodat die kan worden bijgeplaatst bij de huidige hr-ketel, of geplaatst kan worden zodra de hr-ketel aan
17
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
vervanging toe is. Of dit een nuttige stap is, hangt af van de uiteindelijke warmtetechniek die wordt gekozen voor de buurt en de termijn waarop de buurt gaat overstappen.
18
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
3. Participatie gebouweigenaren In het vorige hoofdstuk zijn de beschikbare voorkeurswarmtetechnieken, oplossingsrichtingen en handelingsperspectief besproken vanuit technisch-economisch oogpunt. Minstens zo belangrijk is de inbreng van de inwoners van Voorschoten. De gemeente vindt het belangrijk dat de geboden warmtealternatieven gedragen worden door de bevolking, en heeft daarom in samenwerking met adviesbureau +Anderen een uitgebreid participatietraject opgezet in het tweede en derde kwartaal van 2021, gericht op inwoners (gebouweigenaren, maar ook huurders) en ondernemers.
Doelstellingen
Het doel van dit participatietraject was om vanuit de dialoog met de bewoners en stakeholders in de buurten tot een goed afgewogen visie te komen die op steun kan rekenen voor een reëel pad voor de komende 30 jaar. Het kan hier gaan over eindoplossingen, maar ook over tussenoplossingen of een handelingsperspectief waar gebouweigenaren nu al mee aan de slag kunnen. Het doel is dat deze visie tot stand komt door participatie van een representatieve vertegenwoordiging uit de buurten. Voor goede participatie is het heel belangrijk dat de inwoners heldere en complete (achtergrond)informatie tot hun beschikking hebben, zoals rapportages, de technisch-economische analyse, veelgestelde vragen over de warmtetransitie etc. De informatie met specifiek genoeg zijn per buurt en er moet voldoende aandacht zijn voor keuzemogelijkheden. Daarbij wordt ook gezocht naar ‘meekoppelkansen’, oftewel projecten die zich in de specifieke buurt voordoen die tegelijk met werk voor de warmtetransitie kunnen worden uitgevoerd, zodat in de verdere planvorming hiermee voldoende rekening kan worden gehouden.
Proces
Gedurende het participatieproces zijn veel meningen, ideeën, zorgen en informatie opgehaald over het overstappen op duurzame warmte in de gemeente Voorschoten. De volgende middelen zijn hiertoe ingezet: •
•
•
•
Het publiceren van een informatiekrant Deze informatiekrant is verschenen als bijlage bij de Voorschotense Krant. Naast informatie over de warmtetransitie en het traject naar de transitievisie warmte, is er in deze krant een oproep tot deelname gedaan om mee te doen aan een vragenlijst en deelname twee online werkplaatsen. Online vragenlijst onder inwoners en ondernemers. Hierbij was het doel om een beeld te krijgen van hoe de inwoners van Voorschoten aankijken tegen de warmtetransitie. Maar liefst ruim 500 inwoners hebben de vragenlijst ingevuld. Zowel het aantal respondenten als de verspreiding van deze respondenten over de verschillende buurten zijn kwantitatief én kwalitatief representatief voor de populatie van Voorschoten. Online werkplaats met betrokken inwoners. Om meer inwoners uit Voorschoten écht een stem te geven in het proces naar de transitievisie warmte zijn er twee online werkplaatsen georganiseerd. In de bijeenkomst ging over de randvoorwaarden die inwoners stellen aan de warmtetransitie en kansen en dilemma’s die inwoners zien met betrekking tot de warmtetransitie. Omwille van de geldende coronamaatregelen vond de bijeenkomst digitaal plaats. Toch heeft dit geleid tot heel veel nuttige inbreng vanuit de inwoners van Voorschoten. Brede terugkoppeling en feedbackronde.
Nadat +anderen de resultaten van de vragenlijst en de online werksessies samengevoegd had, zijn deze resultaten voorgelegd aan de groep inwoners die heeft deelgenomen aan het participatietraject. Hen werd gevraagd of ze zich herkennen in de resultaten. Aan de hand hiervan is op 27 augustus 2021 een tweede informatiekrant gepubliceerd met de resultaten van het participatietraject. Deze resultaten worden in de volgende paragraaf besproken.
Het participatietraject adviesbureau +anderen heeft bij de uitvoering gebruik gemaakt van de volgende punten die bijdragen aan de doelstelling: 1. Iedereen die dat wil, moet kunnen meedoen. De transitie naar aardgasvrij wonen is een grote operatie met veel gevolgen voor alle inwoners van Voorschoten. Het is belangrijk om inwoners van Voorschoten zo goed mogelijk te betrekken bij deze overstap. Alle inwoners moet de kans gegeven worden om mee te denken en hun mening te geven, op een manier die bij hen past. Technische informatie moet daarom zo duidelijk mogelijk overgebracht worden.
19
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
2. Een flexibel proces met resultaat. Om de transitievisie warmte op tijd af te krijgen, is het proces achter het participatietraject flexibel vormgegeven.
3. Een creatieve mix aan communicatiemiddelen Door de abstractie van het onderwerp is het belangrijk dat de communicatie duidelijk en toegankelijk is, met onder andere beeldtaal en B1-taalgebruik. De informatie richting inwoners wordt laagdrempelig aangeboden om zoveel mogelijk inwoners op het juiste kennisniveau te brengen. Per doelgroep worden verschillende middelen ingezet. 4. Buurtgerichtheid. Geen buurt in Voorschoten is hetzelfde. Er is dus ook niet één oplossing of manier om van het aardgas af te gaan. In het participatietraject is samengewerkt met onderzoeksbureau CE Delft, dat de technisch-economische analyse heeft opgesteld, om tot de beste keuzes per buurt te komen. Dit wordt namelijk niet alleen bepaald door technici, want in de transitievisie warmte speelt ook de mening van de inwoners uit de verschillende buurten een rol.
Resultaten
Het bovenstaande proces heeft tot interessante resultaten geleid. Op basis van de resultaten wordt in deze paragraaf een aantal conclusies getrokken uit het participatietraject. Aan de hand daarvan is een aantal aanbevelingen gedaan. Conclusies: •
•
• • •
Er hebben in totaal ruim 600 mensen meegedacht over de transitievisie warmte tijdens dit participatieproces. Daaraan is te zien dat het een thema is dat leeft in de gemeente Voorschoten. Het is belangrijk om de energie die er los is gekomen vast te blijven houden en inwoners, ondernemers en organisatie langdurig te blijven betrekken bij deze opgave. Er is te zien dat er een verdeeld beeld is over de warmtetransitie: er zijn zowel voorstanders van het aardgasvrij maken van de woningen als tegenstanders. Belangrijk is om met beide groepen in gesprek te blijven en te zoeken naar een manier om gezamenlijk tot de juiste oplossing te komen. Wanneer er gekeken wordt naar de vragen die inwoners hebben en de zorgen die leven is duidelijk te zien dat men zich met name druk maakt om de kosten, de haalbaarheid en de mate van keuzevrijheid. Er is veel behoefte aan concrete informatie en hulpmiddelen om actief aan de slag te gaan. Ook heeft men behoefte aan duidelijkheid over welke rol de gemeente hierin kan spelen. Het is belangrijk voor Voorschoten om, gezien de diversiteit in de verschillende wijken, buurtgericht aan de slag te gaan met deze opgaven. Dit betekent vooral dat het onderwerp naar de mensen toe moet worden gebracht.
Uit de participatie zijn de volgende randvoorwaarden en prioritering voor de warmtetransitie naar voren gekomen: 1. Betaalbaar voor de eindgebruiker / met de meest gunstige terugverdientijd / woonlastenneutraal / voorkomen van energiearmoede 2. Het alternatief moet echt bijdragen aan de duurzaamheidsdoelstellingen 3. Planning moet haalbaar zijn (zowel in tijd als financieel) 4. Eigen invloed op de keuze 5. Betrouwbaarheid van het alternatief (temperatuur in de winter, leveringszekerheid) 6. Minimale noodzakelijke aanpassingen voor gebouweigenaren (zowel binnen als buiten) 7. Laagste nationale (totale) kosten 8. Duidelijkheid over de impact op de lange termijn (rendement, ruimte om nieuwe ontwikkelingen mee te nemen) 9. Buurtgericht / mogelijkheid tot collectieve actie 10. Minimale overlast voor de buurt en openbare ruimte (bijv. geen geluidsoverlast, kappen van bomen) 11. Minimale benodigde tijd om het aardgasalternatief te realiseren 12. Positieve invloed op het wooncomfort (inclusief gebruiksgemak)
20
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Aanbevelingen Op basis van de conclusies uit het participatietraject zijn zes aanbevelingen gedaan die meegenomen worden in de visie. De aanbevelingen zijn: 1. Wees duidelijk over concrete stappen en planning Het is voor inwoners in Voorschoten belangrijk om een overzicht te krijgen van de concrete stappen die tot 2050 gezet worden. Daarbij kan onderscheid gemaakt worden tussen stappen op korte termijn en lange termijn. Inwoners hebben behoefte aan inzicht in wat zij op korte termijn kunnen doen om hun huis te verduurzamen en eventueel aardgasvrijready te maken. Voor de lange termijn hebben inwoners behoefte aan duidelijkheid over plannen voor de woonwijk: wanneer gaat er wat gebeuren in mijn wijk? 2. Zorg voor goede eerlijke informatie voor iedereen Inwoners hebben behoefte aan duidelijkheid over de te nemen maatregelen nu en in de toekomst. Ook wanneer er nog geen duidelijkheid is over de uiteindelijke oplossing, is het belangrijk hier eerlijk over te zijn. 3. Maak zichtbaar wat al gebeurt of geef het goede voorbeeld Er gebeurt al ontzettend veel in de gemeente Voorschoten. Een mooi voorbeeld hiervan is de Krimwijk. Ook tijdens dit proces is duidelijk geworden dat inwoners best bereid zijn om over duurzaamheid na te denken als zij hierin gestimuleerd en gefaciliteerd worden. 4.
De inwoners geven duidelijk aan dat het belangrijk is om van het elkaar te leren en dat goede voorbeelden inspireren. Blijf onderzoek doen en houd ruimte voor nieuwe ontwikkelingen 5. Het is voor inwoners in Voorschoten belangrijk dat het beleid rond de energietransitie flexibel is. Dit betekent onder andere dat de transitievisie tijdig wordt herzien op zowel proces als inhoud. Stimuleer inwoners en gebouweigenaren om nu aan de slag te gaan 6. Inwoners geven aan dat zij behoefte hebben aan ondersteuning bij de duurzaamheidsmaatregelen die van hen worden verwacht. Het gaat zowel om financiële als praktische ondersteuning. Belangrijk daarbij is dat de gemeente zorgt voor goede subsidieregelingen op lokaal niveau die passen bij de te nemen maatregelen.
21
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
4. Warmtevisie 1.0, 2021-2026 In deze visie beschrijft de gemeente Voorschoten haar visie op de warmtetransitie. Voorschoten is een aantrekkelijke woongemeente met een hoog voorzieningenniveau. Dit wil Voorschoten ook blijven. De woningvoorraad is ook zeer divers met veel monumentale bouw, naoorlogse bouw en ook recente nieuwbouw. Dit diverse aanbod van wonen, groen en ruimte, middenin de zeer verstedelijkte gebieden, biedt ideale omstandigheden voor inwoners en geeft ruimte om te ademen. Voorschoten wil haar unieke woonomstandigheden en karakter graag behouden. Tegelijkertijd kijkt Voorschoten ook naar de toekomst met als doel een CO2-neutrale gebouwde omgeving in 2050. De gemeente wil haar inwoners kansen bieden op verduurzaming van gebouwen en werken aan de reductie van de CO2-uitstoot. Deze transitievisie warmte beschrijft niet alleen de ambities en de inhoudelijke opgave, maar ook de wijze waarop deze verder tot ontwikkeling gebracht gaan worden in het vervolgtraject. De woning- en gebouweigenaren zullen hierin centrale rol hebben. De transitievisie vormt de basis voor de warmtetransitie die zal bijdragen aan de gestelde nationale en internationale doelstellingen met betrekking tot het klimaatbeleid. De transitievisie warmte wordt regelmatig geactualiseerd.
Door nieuwe inzichten, innovaties, prijsveranderingen en veranderende meekoppelkansen zal de visie minstens elke vijf jaar herzien worden.
Route naar 2050
In het jaar 2050 zullen alle gebouwen in de gemeente Voorschoten aardgasvrij zijn. Van de huidige aardgasgestookte ketels gaan we de gebouwen uiteindelijk verwarmen via een nieuwe hernieuwbare, CO2-neutraal systeem. Op hoofdlijnen kunnen we drie systemen op basis van infrastructuur onderscheiden. Dit zijn 1) via een warmtenetwerk, 2) via elektriciteit of 3) via hernieuwbaar gas. Om tot deze eindoplossing te komen kunnen er nog twee tussenstappen gemaakt worden 1) isolatie en kierdichting, dit is in alle gevallen wenselijk en 2) eventueel via een hybride systeem. Dit bestaat uit een elektrische warmtepomp voor de basislast en met aardgasketel voor de piekbelasting. De route naar 2050 zal in chronologische volgorde bestaan uit: 1. Alle oplossingen starten met reductie van energieverbruik door middel van isolatie volgens de Standaard, kierdichting en eventueel lagetemperatuurverwarming. 2. Als tussenoplossing kan er worden gekozen voor een hybride warmtepomp. De warmtepomp levert de basislast aan warmte en een gasketel levert de piekbelasting. Voordeel van dit systeem is dat direct het aardgasverbruik daalt. Dit systeem draagt direct bij aan de reductie van aardgasverbruik en CO2-uitstoot. 3. Uiteindelijk zal per buurt een geschikte warmte-oplossing naar voren komen door één van de drie opties 1) warmtenet, 2) all-electric en 3) duurzame gassen.
22
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
Zie hieronder deze route grafisch weergegeven:
Voorlopige voorkeurswarmtetechniek voor de buurtclusters in Voorschoten Om tot het advies voor een oplossingsrichting of voorkeurswarmtetechniek te komen, is een aantal buurtclusters samengesteld op basis van overeenkomende buurtkenmerken en oplossingsrichting. Benadrukt wordt dat dit een voorlopig advies is op basis van enkel technisch-economische criteria. Bij de definitieve keuze voor een voorkeurswarmtetechniek spelen ook zaken als boven- en ondergrond, sociale en organisatorische overwegingen een rol. Daarnaast zullen niet alle gebouwen in een buurt geschikt zijn voor dezelfde warmtetechniek. Met name wanneer een gebouw sterk afwijkt van de bebouwing in de rest van de buurt, kan een andere warmtetechniek meer voor de hand liggen. De oplossingsrichting en/of voorkeurswarmtetechniek per buurtcluster is uiteengezet in Tabel 3.
Tabel 3: Buurtkenmerken en voorlopige voorkeurswarmtetechnieken per buurtcluster. Buurtcluster
Overeenkomende kenmerken
Oplossingsrichting/voorkeurswarmtetech niek
1. Jonge woningbouw:
•
➢
Elektrische warmtepomp
Krimwijk (nieuw) Starrenburg (nieuw)
•
Jonge woonwijken gebouwd na 2000 Goed energielabel
2. Naoorlogs:
• •
Laag energielabel Woonwijken gebouwd voor 2000 Isolatieopgave Veel corporatiebezit
➢
Nationale kosten van een middentemperatuurwarmte(MT)-net en warmtepomp liggen dicht bij elkaar. Er zijn dus nog verschillende opties mogelijk. Gemiddeld isolatieniveau is laag. Hier ligt een isolatieopgave.
Noord-Hofland Bijdorp Adegeest Nassauwijk Starrenburg (ouder) Vlietwijk
• •
➢
23
Transitievisie warmte 1.0, oktober 2021
3. Centrum: Centrum Boschgeest Bloemenwijk
• • •
4. Voorschoten buitengebied
➢ ➢
Buitengebied Dobbewijk
➢ ➢ ➢
Bouwjaar: divers Woninglabels: Hoog aantal E, F, G Relatief hoog energieverbruik Buitengebied Zeer lage bebouwingsdichtheid Veel afstand tussen de woningen Woninglabels: Hoog aantal E, F, G Relatief hoog energiegebruik
➢ ➢
➢ ➢
Voor deze buurten is nog geen oplossingsrichting Wel ligt er een isolatieopgave. Woningeigenaren kunnen hiermee starten. Bewoners kunnen aan de slag met individuele warmtetechnieken. Een warmtenet is geen realistische optie in deze buurten. De afstand tussen de gebouwen is zodanig groot dat een businesscase moeilijk rond te krijgen is.
Op basis van de route naar 2050 zijn dit de hoofddoelstellingen van de transitievisie warmte: •
De gemeente Voorschoten is in 2050 CO2-neutraal.
•
Doelstelling van de gemeente Voorschoten is om de warmtetransitie tegen de laagste nationale kosten te laten plaatsvinden en voor de eindgebruiker zal dit minimaal woonlastenneutraal zijn. Woonlastenneutraal zal bepaald worden volgens een nog te bepalen definitie van het Rijk. Als subsidies of andere maatregelen nodig zijn voor woonlastenneutraliteit zal dit uitsluitend via Rijksregelingen kunnen.
•
Mogelijke buurten waar voor 2030 gestart kan worden zijn Bijdorp, Vlietwijk en Krimwijk: o Bijdorp (voorkeurstechniek: MT-warmtenet) lijkt een kansrijke buurt vanwege de realisatietijd van een warmtenet, het hoge aandeel corporatiebezit in de buurt en de leeftijd van het gasnetwerk. o Vlietwijk is de buurt met het hoogste percentage corporatiewoningen in Voorschoten en is vanwege deze contracteerbaarheid kansrijk om met de warmtetransitie aan de slag te gaan. o In Krimwijk is het corporatiebezit ook vrij hoog en een groot deel van de woningen is na 2005 gebouwd. De nieuwere woningen in de buurt zijn kansrijk voor verwarming met een elektrische warmtepomp.
•
Voorschoten gaat tot 2030 in de overige buurten vol inzetten op energiebesparing en daarmee de CO2-uitstoot reduceren. Deze maatregelen gaan bijdragen aan de CO 2reductiedoelstelling van het Rijk en zullen ook bijdragen aan de haalbaarheid van meerdere warmte-alternatieven. Dit zijn maatregelen die zorgen voor minder energieverbruik, eventueel comfortverhoging en ook haalbaar en betaalbaar zijn, zoals isolatiemaatregelen.
•
Gebouweigenaren buiten de startbuurten die zelf wel de ambitie hebben om het gebouw aardgasloos te verwarmen kunnen dit via individuele oplossingen doen. De gemeente faciliteert bewoners via het Duurzaam Bouwloket.
•
In buurten waar nu al duidelijk is dat collectieve systemen niet de oplossing zijn (het buitengebied) en waar een individueel systeem dus de uitkomst is, kunnen als tussenoplossing kiezen voor een hybride warmtepomp.
Handelingsperspectief tot 2030 Hiervoor is de route naar 2050 weergegeven uit drie stappen. Gebouweigenaren en inwoners kunnen nu ook al aan de slag en willen graag weten welke mogelijkheden nu al geboden worden zonder dat er al een aardgasvrij alternatief is. Oftewel: wat kunnen gebouweigenaren nu al tot aan 2030 doen. Tot aan 2030 zal gewerkt worden aan stap 1 isolatie en stap 2 hybride warmtepompen.