Bijlage 1 Kadernota 2026 OUDE VERSIE
Tekst van het document
Kadernota 2026
Colofon Uitgave Gemeente Voorschoten Inlichting: gemeente@voorschoten.nl
2
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ..............................................................................................................................3 1 Inleiding ........................................................................................................................................4 1.1 Leeswijzer ...............................................................................................................................5 2 Uitgangspunten ..............................................................................................................................6 3 Startpunt .......................................................................................................................................7 4 Samenvatting Kadernota 2026 .........................................................................................................8 5 Ontwikkelingen Kadernota 2026 ..................................................................................................... 10 A. Autonome ontwikkelingen ......................................................................................................... 10 B. Loon-/ prijsbijstellingen ............................................................................................................ 15 C.
Algemene uitkering .................................................................................................................. 17 D. Gemeenschappelijke regelingen ................................................................................................. 18 E. Neutrale wijzigingen ................................................................................................................. 20 F. Kleine wijzigingen .................................................................................................................... 22 G. Nieuw beleid ........................................................................................................................... 22 H. Ombuigingen/ taakstellingen/ bezuinigingen ............................................................................... 23 I. Actualisatie Kapitaallasten ......................................................................................................... 24 6 Investeringsplanning ..................................................................................................................... 25 6.1 Besloten investeringen ............................................................................................................ 25 6.2 Gewenste investeringen ..........................................................................................................
28 7 Verlengd meerjarenbeeld 2026-2035 .............................................................................................. 30 8 Bijlagen ....................................................................................................................................... 36 8.1 Bijlage 1: Investeringsplanning 2026-2035 ................................................................................ 36 8.2 Bijlage 2: Bestemmingsreserves............................................................................................... 40
3
1 Inleiding Voor u ligt de Kadernota 2026 van de gemeente Voorschoten. In deze kadernota worden de beleidsmatige en financiële kaders gesteld voor de programmabegroting van 2026. De kadernota 2026 gaat over de periode 2026 tot en met 2029 en dus alleen over de komende vier jaar. Het verlengd meerjarenbeeld (hoofdstuk 7) geeft een doorkijk naar de langere termijn en is uitsluitend informatief bedoeld. De onderwerpen zijn namelijk nog niet besloten of zijn nog te onzeker (bijvoorbeeld het gemeentefonds) om in de reguliere kadernota op te nemen. De komende maanden gebruikt het college om tot een sluitende meerjarenbegroting te komen die in november aan de gemeenteraad wordt aangeboden. Er zijn zorgen voor de langere termijn en alle ontwikkelingen worden nauwlettend gevolgd. Het college blijft ook de investeringsplanning kritisch monitoren vanwege de beschikbare middelen, waaronder de grenzen aan de ambtelijke capaciteit. In maart 2026 vinden de gemeenteraadsverkiezingen plaats. Deze kadernota markeert een belangrijk moment in de voorbereiding op deze verkiezingen. Het is een kans om richting te geven aan de strategische koers van onze gemeente voor de komende bestuursperiode. We staan voor grote maatschappelijke opgaven: de energietransitie, woningbouw, bestaanszekerheid, digitalisering en het verder versterken van de lokale democratie.
Wat zijn de prioriteiten voor de komende jaren? Welke keuzes moeten we maken om onze ambities waar te maken binnen de beschikbare middelen? En hoe zorgen we ervoor dat het nieuwe gemeentebestuur straks voortbouwt op een stevig fundament? Daarnaast vraagt het organiseren van verkiezingen ook middelen en voor een eventueel benodigde bijstelling komen we in de begroting 2026 met een financieel effect. De kadernota 2026 is de laatste van dit college voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2026. Het gaat daarom alleen uit van beleid dat al is vastgesteld. Het college legt de nadruk in 2026 op de volgende prioriteiten: • Uitvoeren van het sportaccommodatiebeleid (gezien uitvoering besluitvorming over het zwembad en locatie sporthal) • Voortgang in woningbouwrealisatie • Realisatie van het cultureel centrum in de Kruispuntkerk en daaropvolgend nieuwbouw Fortgensschool. Naast deze prioriteiten is er aandacht voor het verder verbeteren van de dienstverlening aan onze inwoners, zowel op het gemeentehuis als in de wijken. Ook gaan we beleid ontwikkelen in 2025 voor evenementen, zoals bijvoorbeeld voor het evenement Paardenmarkt en komen we in de begroting 2026 met een eventueel financieel effect. De ontwikkelingen van de ambtelijke organisatie blijven inzet vragen om de organisatie toekomstbestendig te laten zijn en kwalitatief op het gewenste niveau te krijgen.
De nieuwe structuur van de organisatie is doorgevoerd en er wordt verder gewerkt aan cultuur, werkomstandigheden en werkprocessen. Er is een nieuwe arbeidsmarkt communicatiestrategie ontwikkeld waardoor Voorschoten op een herkenbare en onderscheidende manier wordt gepositioneerd op de arbeidsmarkt. Ook is deze strategie bedoeld om huidige medewerkers aan Voorschoten te (ver)binden en te laten bloeien. De effecten hiervan worden de komende tijd verder merkbaar. De ramingen van de inkomsten uit het Gemeentefonds voor 2026-2029 zijn in deze kadernota gebaseerd op de decembercirculaire 2024. De effecten van de Voorjaarsnota van het Rijk zijn in deze cijferopstelling nog niet betrokken. Er is alleen een schatting opgenomen van eventuele effecten in het verlengd meerjarenbeeld. De raad wordt via een aparte raadsinformatiebrief over de effecten van de meicirculaire 2025 geïnformeerd. Helaas is er op veel punten nog onzekerheid over de toekomstige ontwikkeling van de uitkering uit het gemeentefonds. De Vereniging Nederlandse Gemeenten adviseert gemeenten om in ieder geval voor de jaren 2026 en 2027 een sluitende begroting voor te leggen. Om het structureel begrotingssaldo in 2026 sluitend te maken, wordt in dit jaar een onttrekking uit de concernreserve voorgesteld. In de overige jaren is dat niet nodig.
Zo volgen we het advies van de VNG, zonder de komende maanden nog een ombuigingstraject te hoeven doorlopen.
4
1.1 Leeswijzer
De reguliere kadernota bestaat uit zes hoofdstukken. Om verder vooruit te kijken dan de gebruikelijke vier jaar, kijken we in een zevende hoofdstuk naar de jaren daarna. Tot slot hebben we in bijlage 1 de investeringsplanning tot en met 2035 opgenomen, en in bijlage 2 de bestemmingsreserves onder de loep genomen. De kadernota is daarmee na deze inleiding zo opgebouwd: Hoofdstuk 2. Uitgangspunten In dit hoofdstuk geven we de indexatiepercentages aan die we hebben toegepast. Hoofdstuk 3. Startpunt Het saldo van de kadernota begint met het saldo van jaarschijf 2026 van de begroting 2025. De wijzigingen die de gemeenteraad sindsdien heeft vastgesteld, veranderen (muteren) dit saldo. Zo ontstaat het startsaldo van de kadernota 2026. Hoofdstuk 4. Samenvatting De samenvatting geeft het eindsaldo weer van de kadernota 2026, uitgesplitst naar de verschillende categorieën van mutaties. We benoemen hierin ook het structureel begrotingssaldo, net als de netto schuldquote. Hoofdstuk 5. Ontwikkelingen We werken in dit hoofdstuk de verschillende categorieën mutaties verder uit. Hoofdstuk 6. Investeringsplanning tot en met 2029 In dit hoofdstuk staan de geactualiseerde investeringen al die voor besluitvorming aan de gemeenteraad zijn voorgelegd. Ook staan hierin nieuwe, gewenste investeringen waarover de gemeenteraad nog een besluit moet nemen. Hoofdstuk 7.
Verlengd meerjarenbeeld In dit hoofdstuk staan ontwikkelingen en investeringen waarover nog besluitvorming moet plaatsvinden, met hun effect op het begrotingssaldo. Bijlage 1 De eerste bijlage bevat een overzicht van de investeringsplanning tot en met 2035. Bijlage 2 We hebben een overzicht gemaakt van de voorgestelde wijzigingen voor de bestemmingsreserves. Hoe lees u de cijfers? Voordelen geven we aan met positieve getallen, nadelen met negatieve getallen (getallen met het symbool -). We hebben de bedragen afgerond op duizendtallen.
5
2 Uitgangspunten Indexaties Om de gemeentelijke organisatie financieel gezond te houden, is het voor een nieuwe begroting belangrijk om rekening te houden met de prijsontwikkeling. In de Kadernota 2026 houden we rekening met een verschuiving naar prijspeil 2026. Daarvoor hanteren we de percentages in de volgende tabel. Onderdeel Lonen Prijzen Gemeenschappelijke regelingen
Percentage 3,6% 2,2% Personeel: 2,1% Materieel: 2,7%
Subsidies
2,7%
Tarieven heffingen/leges
2,2%
Jeugd en Wmo Huren (baten) Investeringen Investeringen scholen
5% 2,2% 2,2% 5,68%
Toelichting CEP 2025, cao-loon bedrijven CEP 2025, HICP Advies werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen (FKGR) Momenteel wordt er gewerkt aan een nieuwe methode om de indexatie van subsidies aan organisaties met vast personeel te bepalen. De uitwerking hiervan is niet gereed voor de afronding van de kadernota. Voor de kadernota wordt daarom uitgegaan van 2,7% gelijk aan het advies van de FKGR voor materiële budgetten. CEP 2025, HICP Op basis van de OVA (Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling) en PPC (prijsindexcijfer particuliere consumptie) CEP 2025, HICP CEP 2025, HICP (indien nodig) VNG norm onderwijshuisvesting 2025
De meeste percentages zijn afkomstig van het Centraal Economisch Plan (CEP) 2025, dat het Centraal Planbureau (CPB) in februari 2025 heeft uitgebracht. HICP is de geharmoniseerde consumentenprijsindex (Harmonised Index of Consumer Prices). Op basis van de aard van diverse budgetten bepalen we waar indexatie nodig is. Overige uitgangspunten Onderdeel Algemene uitkering Omslagrente
Decembercirculaire 2024
Toelichting De meicirculaire 2025 verschijnt te laat om de cijfers te verwerken in de Kadernota 2026. Hierover stellen we een aparte raadsinformatiebrief op.
0,5%
6
3 Startpunt 2026
2027
2028
2029
0
110
712
755
424
-10
-301
-301
0
0
6
6
BW 6 Voorjaarsnota 2025
-100
-100
-100
-100
Startsaldo Kadernota 2026
324
0
317
359
Primair begrotingssaldo (begroting 2025) Begrotingswijzigingen BW 1 Nota van Wijzigingen BW 5 Jaarstukken 2024
Bedragen x € 1.000 Een nadelig saldo is aangegeven met een -, een voordelig saldo met een +. Bovenstaande tabel laat de mutaties zien tussen het begrotingssaldo van de primaire begroting (zoals die in november 2024 is vastgesteld) en het startpunt van de kadernota 2026. •
•
•
Begrotingswijziging 1, Nota van wijzigingen Dit betreft de verwerking van de nieuwe BUIG-budgetten en de septembercirculaire 2024, en is vastgesteld in dezelfde raadsvergadering als de programmabegroting 2025. Begrotingswijziging 5, Jaarstukken 2024 De jaarstukken bevatten door de actualisatie van de grondexploitatie (grex) een kleine mutatie. Ten tijde van het opstellen van deze kadernota is er nog geen besluit genomen over deze begrotingswijziging. Het startsaldo van de kadernota is daarom onder voorbehoud van besluitvorming over de jaarstukken 2024. Begrotingswijziging 6, Voorjaarsnota 2025 De voorjaarsnota laat per uitzondering, door amendement 329, een meerjarige wijziging zien. Ten tijde van het opstellen van deze kadernota is er nog geen besluit genomen over deze begrotingswijziging. Het startsaldo van de kadernota is daarom onder voorbehoud van besluitvorming over de voorjaarsnota 2025.
7
4 Samenvatting Kadernota 2026 2026
2027
2028
2029
324
0
317
359
A. Autonome ontwikkelingen
-601
-163
227
-47
B. Loon-/ prijsbijstellingen
-1.220
-1.220
-1.220
-1.220
C. Algemene uitkering
912
1.496
1.557
2.029
D. Gemeenschappelijke regelingen
21
28
31
20
E. Neutrale wijzigingen
0
0
0
0
F. Kleine wijzigingen
6
6
6
6
-469
-469
-469
-469
H. Ombuigingen/ taakstellingen/ bezuinigingen
-50
100
100
100
I. Actualisatie Kapitaallasten
148
314
470
296
Inzet concernreserve
605
0
0
0
-325
91
1.018
1.074
Startsaldo Kadernota 2026 Mutaties Kadernota 2026
G. Nieuw beleid
Eindsaldo Kadernota 2026 Bedragen x € 1.000
Een nadelig saldo is aangegeven met een -, een voordelig saldo met een +. In bovenstaand overzicht staan alle wijzigingen (mutaties) per categorie, met het eindsaldo na die mutaties. Hoe we het startsaldo hebben berekend, leest u in hoofdstuk 3 Startpunt. We lichten de mutaties hierna per categorie toe in hoofdstuk 5 Ontwikkelingen Kadernota 2026. Structureel begrotingssaldo Het eindsaldo in de tabel is het begrotingssaldo inclusief mutaties in reserves. Om te bepalen wat het structureel begrotingssaldo is, corrigeren we het saldo voor incidentele posten. Dat staat in deze tabel:
Eindsaldo Kadernota 2026 Incidentele posten Structureel begrotingssaldo na Kadernota 2026
2026 -325 -325 0
2027 91 0
2028 1.018 0
2029 1.074 0
91
1.018
1.074
Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen, en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Op basis van de investeringsplanning die nu voorligt (exclusief de wens-investeringen) ontwikkelt de nettoschuldquote zich als volgt:
Grenswaarde netto schuldquote Netto schuldquote na kadernota Ruimte onder grenswaarde
2026 130,0% 41,0% 89,0%
2027 130,0% 54,0% 76,0%
2028 130,0% 66,0% 64,0%
2029 130,0% 74,6% 55,4%
Een netto schuldquote van boven de 130% betekent dat de gemeente een zeer hoge schuld heeft ten opzichte van de inkomsten. Afhankelijk van andere karakteristieken van een gemeente is dit wel of niet alarmerend. Wanneer een gemeente bijvoorbeeld een grote grondpositie heeft wordt vaak een hoge netto schuldquote gerealiseerd. Deze schulden kunnen worden afgelost wanneer de grondexploitatie afloopt en de gronden worden verkocht. De VNG stelt: “Normaal ligt de netto schuldquote van een gemeente tussen 0%
8
en 90%. Als de netto schuldquote tussen 100% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog (oranje). Hij moet niet verder stijgen. Als de netto schuldquote boven de 130% uitkomt, dan bevindt de gemeente zich in de gevarenzone (rood). Het bestuur moet er werk van maken om de schuld te verlagen.” Aangezien Voorschoten geen grote grondexploitatie heeft, betekent een hoge netto schuldquote dat de gemeente het risico loopt de schulden niet meer te kunnen dragen met de inkomsten. De netto schuldquote wordt door de provincie niet meegenomen als toetsingscriterium. De provincie toetst alleen op structureel en reëel evenwicht, ten aanzien van de netto schuldquote wordt wel geadviseerd en er wordt gewaarschuwd voor de risico’s. De netto schuldquote zal echter geen criterium zijn bij het al dan niet toekennen van preventief toezicht. Een hoge netto schuldquote kan echter wel een indicator zijn voor een (toekomstige) niet sluitende begroting. Wanneer alle wens-investeringen ook meegerekend zouden worden voor de netto schuldquote leidt dit onderstaande tabel:
Grenswaarde netto schuldquote Netto schuldquote na kadernota Ruimte onder grenswaarde
2026 130,0% 41,3% 88,7%
2027 130,0% 60,5% 69,5%
2028 130,0% 85,9% 44,1%
2029 130,0% 100,3% 29,7%
9
5 Ontwikkelingen Kadernota 2026
A. Autonome ontwikkelingen Autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen waar de gemeente geen directe invloed op heeft, bijvoorbeeld doordat ze een gevolg zijn van regelgeving van de Rijksoverheid. In de volgende tabel vatten we de autonome ontwikkelingen samen, en onder de tabel lichten we ze toe. A. Autonome ontwikkelingen
2026
2027
2028
2029
A01. Aanpassing rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
-26
-26
-26
-26
A02. Kosten accountant
-35
-35
-35
-35
A03. Bijstelling jeugdzorg inclusief de hervormingsagenda
437
568
702
702
A04. Bijstelling Wmo
-153
-153
-153
-153
A05. Uitstel inkomensafhankelijke eigen bijdrage Wmo
-39
-39
0
0
A06. Jaarplan W&I uitvoeringskosten
-183
-183
-183
-183
A07. Bijstelling baten bijstandsregelingen
110
110
110
110
A08. Actualisatie dividendraming
58
58
58
58
A09. Aanvullende afspraken Ambachts- en Baljuwhuis
0
24
24
47
A10. Bijstelling bijdrage vereniging van eigenaren (vve) voor de gymzaal Frans de Vette
-13
-13
-13
-13
A11. Inventaris gymzaal
-15
-15
-15
-15
A12. Correctie inrichting na ontvlechting WODV
-61
-61
-61
-61
A13. Flexibele schil
-350
-350
-350
-350
A14. Arbeidsomstandigheden: gerichte investering in verlaging van ziekteverzuim
-65
-65
-65
-65
A15. Areaaluitbreiding
523
252
416
470
A16. Implementatie Omgevingswet
-225
0
0
0
A17. Adviescommissie Omgevingskwaliteit
-45
-45
-45
-45
A18. Invasieve exoten
-15
-15
-15
-15
A19. Actualisatie rentevisie
-79
144
196
-155
A20. Bijstelling baten Precariobelasting
19
19
19
19
-124
0
0
0
0
0
0
0
A23. Vaste invulling Bibob-specialist
-17
-34
-34
-34
A24. Klantcontactcentrum (KCC)
-181
-181
-181
-181
A25. Invulling inkoopfunctie
-122
-122
-122
-122
Totaal
-601
-163
227
-47
A21. Annuleren onttrekking reserve begrotingsjaar 2026 A22. Frictiekosten toezicht jeugd en Wmo
10
Toelichting A01. Aanpassing rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers In januari 2025 is het rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers gewijzigd. Raadsleden krijgen een hogere vergoeding, zodat zij voorzieningen kunnen treffen voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden. De verhoging dient als compensatie voor het feit dat volksvertegenwoordigers vaak een deel van de werkweek voor de volksvertegenwoordiging bezig zijn en daardoor in hun hoofdfunctie minder pensioen opbouwen. De hogere vergoeding geldt alleen voor raadsleden die de pensioengerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt. Voor Voorschoten betekent dit hogere lasten van € 26.000. A02. Kosten accountant De kosten van de jaarlijkse accountantscontrole zijn hoger dan geraamd. Dit komt doordat het budget in de afgelopen jaren niet is geïndexeerd en door de toename van de specifieke uitkeringen die de gemeente van het Rijk ontvangt. Deze uitkeringen vragen om aanvullende controlewerkzaamheden van de accountant. Dit resulteert in een bijstelling van het budget met € 35.000. Dit hangt voor € 15.000 samen met indexatie en voor € 20.000 met aanvullende controlewerkzaamheden. A03. Bijstelling jeugdzorg inclusief de hervormingsagenda Op basis van de kosten voor jeugdzorg in 2024 stellen we de ramingen bij.
Hierbij hebben we rekening gehouden met nieuwe verdeelpercentages die we in de Serviceorganisatie Zorg Holland Rijnland (SOZ) hebben afgesproken. In plaats van een verdeelpercentage op basis van T-2 (‘twee jaar geleden’), hanteren we nu het verdeelpercentage van T=0. Met het voordeel dat hieruit ontstaat, vervullen we de eerdere taakstelling van € 312.000 in verband met de kostenbesparende maatregelen jeugd. Adviesbureau KokxDeVoogd heeft een rapport opgesteld voor de jeugdzorg in de regio, waaruit diverse acties zijn vastgesteld die kunnen worden uitgevoerd. De bijbehorende kosten (vanaf 2026) en de geschatte besparingen (vanaf 2027) verwerken we in de begroting. A04. Bijstelling Wmo Op basis van de lasten voor de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in 2024 stellen we de budgetten voor 2026 bij. Dit gaat om zowel de volume- als de prijsontwikkeling, die we nog niet goed konden inschatten toen we de begroting 2025 opmaakten. A05. Uitstel inkomensafhankelijke eigen bijdrage Wmo De inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor de Wmo is uitgesteld van 2026 naar 2027. Bij de begroting 2025 gingen we ervan uit dat dit vanaf 2026, met een ingroeipad (omdat we verwachten dat de besparing niet meteen voor 100% optreedt naar 2027, een besparend effect op de Wmo-lasten zou hebben. Door het uitstel komt deze verwachte besparing een jaar later. A06.
Jaarplan W&I uitvoeringskosten Voor de samenwerking op het gebied van werk en inkomen (w&i) informeert het samenwerkingsverband Werk en Inkomen portefeuillehouders in een jaarplan over de activiteiten en bijbehorende kosten. Eventuele financiële consequenties uit het jaarplan Eventuele financiële consequenties uit het jaarplan worden verwerkt in de reguliere planning-en-controlcyclus. Op basis van de samenwerkingsovereenkomst verdelen we de reguliere kosten aan de hand van een vaste verdeelsystematiek: het aantal cliënten op de peildatum en het aantal in- en uitstromers in een jaar. Op grond van het jaarplan 2025 stijgen de uitvoeringskosten voor Voorschoten met € 183.000 ten opzichte van de begroting. A07. Bijstelling baten bijstandsregelingen De baten voor enkele bijstandsregelingen zijn de afgelopen jaren hoger dan begroot. Op basis hiervan stellen we de baten nu structureel naar boven bij, met een voordeel tot gevolg. A08. Actualisatie dividendraming Op basis van de jaarrekeningen 2024 van de BNG Bank en Alliander stellen we de gemeentelijke raming van het te ontvangen dividend bij. We gebruiken het laatst gerealiseerde dividend als uitgangspunt.
11
A09. Aanvullende afspraken Ambachts- en Baljuwhuis Met de huurder van het Ambachts- en Baljuwhuis hebben we afspraken gemaakt over een stapsgewijze verhoging van de huur. Die verhoging hangt samen met de onderhoudswerkzaamheden die de gemeente nog verricht aan het pand. De raming van de huuropbrengsten stellen we bij op basis van deze afspraken. A10. Bijstelling bijdrage vereniging van eigenaren (vve) voor de gymzaal Frans de Vette De gemeente is onderdeel van een vereniging van eigenaren (vve) voor gymzaal Frans de Vette. De jaarlijkse bijdrage voor de vve is verhoogd, waardoor we de raming moeten bijstellen. A11. Inventaris gymzaal De gemeente verhuurt ingerichte gymzalen aan exploitanten, en is daarmee verantwoordelijk voor noodzakelijke vervanging van delen van de inventaris, bijvoorbeeld gymtoestellen. De raming van deze kosten stellen we bij omdat deze de afgelopen jaren niet is bijgesteld en daarmee onvoldoende is. A12. Correctie inrichting na ontvlechting WODV Bij de ontvlechting van de Werkorganisatie Duivenvoorde (WODV) is in de formatie een inrichtingsfout gemaakt. Dit kunnen we voor een deel in de personeelsbegroting opvangen, maar vraagt om een aanvullend budget van € 60.000. A13. Flexibele schil De gemeente Voorschoten is afhankelijk van externe inhuur om aan alle verplichtingen te voldoen, iets dat overigens voor alle gemeentes in Nederland van toepassing is.
Er wordt overgegaan op externe inhuur als één van de volgende situatie aan de orde is: 1. Vervanging bij langdurige ziekte indien het voldoen van wettelijke taken in gevaar komt of andere grote risico’s volgen 2. Specifieke kennis en / of vaardigheden zijn noodzakelijk voor een periode van maximaal twee jaar. 3. Een vacature na een uitgebreid wervingsproces niet ingevuld kan worden. Gemeentes met de omvang van Voorschoten huren op jaarbasis voor 18,8% van de loonsom externe krachten in. Het streven is, mede op basis van de eerste resultaten aangaande de organisatieontwikkeling, als Voorschoten binnen dit percentage te blijven. Belangrijk daarbij is dat het huidige ziekteverzuim gereduceerd wordt tot het landelijk gemiddelde en de bestuurlijke ambities in lijn worden gebracht met de beschikbare gestelde middelen. De gemeente Voorschoten financiert externe inhuur grotendeels uit het vacaturebudget, projectbudgetten en overige ruimte in de personeelsbegroting. Met deze additionele aanvraag voor externe inhuur is voor de komende jaren circa 15% van de loonsom beschikbaar voor externe inhuur. Dit betekent derhalve een verdere reductie van de mogelijkheden tot externe inhuur. A14.
Arbeidsomstandigheden: gerichte investering in verlaging van ziekteverzuim Om het ziekteverzuim structureel terug te dringen, nemen we maatregelen om de gezondheid en vitaliteit van onze medewerkers te verbeteren met:
• • •
een structureel preventief medisch onderzoek (PMO); een intensieve rol voor de bedrijfsarts; een vitaliteitscoach die begeleiding biedt.
Dit is niet vrijblijvend, maar noodzakelijk: het PMO is een wettelijke verplichting en volgt op de eerder uitgevoerde risico-inventarisatie & evaluatie (RI&E). Op basis van de resultaten van de RI&E pakken we preventief knelpunten aan die anders kunnen leiden tot langdurige uitval. Dit vraagt om een structurele ophoging van het arbobudget met € 65.000. Deze investering is essentieel om het verzuim omlaag te brengen en de inzetbaarheid van onze medewerkers te vergroten. A15. Areaaluitbreiding Areaaluitbreiding is de groei van het dorp: de toename in woningen en inwoners. Dit zorgt aan de ene kant voor hogere baten uit het Gemeentefonds en voor hogere belastinginkomsten. Aan de andere kant zorgt dit voor hogere lasten voor beheer, onderhoud en dienstverlening. Jaarlijks bepalen we de mate van areaaluitbreiding en maken we een inschatting van het effect daarvan op de baten en lasten. Daarvoor maakten we eerst altijd een inschatting op basis van het aantal woningen. Dat doen we nu anders: we
12
maken voortaan een inschatting op basis van het aantal inwoners, want dat geeft een reëler beeld. Uit deze methode blijkt dat er sprake is van lagere belastingopbrengsten dan we hadden verwacht doordat de toename van het aantal inwoners lager is dan verwacht. Daar staat tegenover dat we de inschatting van de lasten hierdoor naar beneden kunnen bijstellen. Per saldo is er sprake van een voordeel. A16. Implementatie Omgevingswet In de Omgevingswet is de verplichting opgenomen dat elke gemeente op 1 januari 2032 over een gebiedsdekkend definitief, integraal omgevingsplan beschikt. Het definitief omgevingsplan moet het huidige tijdelijke omgevingsplan (oftewel de oude bestemmingsplannen) en de gemeentelijke verordeningen en overige regels over de fysieke leefomgeving vervangen. Ook nieuwe regels en voorschriften die sinds de Omgevingswet bij de gemeenten zijn belegd (de zogeheten ‘bruidsschat’) moeten daarin worden verankerd. Het definitief omgevingsplan is vanaf 2032 het nieuwe, verplichte toetsingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen en vergunningaanvragen. Deze transitie is een meerjarig project dat voor rekening van gemeenten komt (het rijk heeft enkel een compensatie-vergoeding voor de vertraagde invoering van de Omgevingswet uitgekeerd).
Ondertussen moet de winkel ook openblijven in de zin dat de afhandeling van planologische procedures en vergunningaanvragen gewoon doorgaat. Om een zorgvuldige transitie naar een definitief omgevingsplan, met continuïteit van de dienstverlening, te borgen is het nodig om vooraf een plan van aanpak op te stellen (ook wel transitiestrategie genoemd). Hiervoor wordt budget aangevraagd bij de kadernota. Op basis van de transitiestrategie zal duidelijk worden welke kosten verwacht worden om in Voorschoten tot een definitief omgevingsplan in 2031 te komen. In het verlengd meerjarenbeeld zijn hiervoor indicatief al bedragen opgenomen (zie paragraaf 08 van hoofdstuk 7 – verlengd meerjarenbeeld 2026-2035). Deze zijn gebaseerd op ervaringscijfers van vergelijkbare gemeenten die al een definitief omgevingsplan hebben vastgesteld. A17. Adviescommissie Omgevingskwaliteit Sinds 2024 vergadert de Adviescommissie Omgevingskwaliteit Voorschoten (AOV) ruim twee keer zo vaak als in de jaren daarvoor. Daar zijn drie redenen voor: 1. het aantal aangevraagde vergunningen en vooroverleggen is toegenomen; 2. de projecten zijn complexer geworden; 3. het aantal vergunningsaanvragen voor verduurzaming van monumenten is toegenomen. Vanwege de huidige bouwopgave verwachten we niet dat de overleguren afnemen. Dit brengt hogere kosten met zich mee.
De inkomsten uit de bouwleges, die hiermee samenhangen, hebben we eerder al geactualiseerd en naar boven bijgesteld. A18. Invasieve exoten Door klimaatverandering neemt de overlast door invasieve exoten en ongedierte toe. Invasieve exoten zijn dieren of planten die hier van nature niet voorkomen en hier door de mens zijn terechtgekomen. Deze exoten zijn mogelijk schadelijk. De kosten voor bestrijding ervan blijken de afgelopen jaren hoger dan het budget. Daarom stellen we voor om dit structureel naar boven bij te stellen met € 15.000. A19. Actualisatie rentevisie Op basis van de actuele investeringsplanning zijn ook de te verwachte aan te trekken kort- en langlopende geldleningen geactualiseerd. Hierin wordt gerekend met een verwacht rentepercentage van 3,23 procent voor de langlopende geldleningen. Dit ligt hoger dan ten tijde van de begroting 2025, toen 2,94 procent gehanteerd is. Voor de kortlopende geldleningen is nu 2,24 procent gehanteerd, ten tijde van de begroting 2025 was deze 3,38 procent. A20. Bijstelling baten Precariobelasting Precariobelasting is een heffing voor het gebruik van openbare grond. De baten voor precariobelasting zijn op basis van huidige inzichten structureel te laag geraamd, waardoor een ophoging van de baten noodzakelijk is. Het voordeel bedraagt circa € 19.000. A21.
Annuleren onttrekking reserve begrotingsjaar 2026 In de begroting 2025 bleek dat het structureel saldo van begrotingsjaar 2026 niet voldoende was. Er was sprake van een tekort van € 124.000. Nieuwe begrotingsregels staan gemeenten toe om een nadelig structureel begrotingssaldo op te vangen met een reserveonttrekking. Dit is bij de begroting 2025 zo
13
verwerkt om het saldo sluitend te krijgen. Om in deze kadernota een neutraal beeld te schetsen van het saldo, draaien we deze onttrekking nu terug. A22. Frictiekosten toezicht jeugd en Wmo De taken voor toezicht op de Wmo en jeugd hebben we extern belegd. De frictiekosten die daardoor ontstaan, lopen door tot en met 2026. We stellen voor deze incidentele kosten van € 78.000 te dekken uit de concernreserve. A23. Vaste invulling Bibob-specialist De Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) is belangrijk bij de aanpak van ondermijning. De Bibob-normen die in 2021 zijn vastgesteld, bepalen dat elke gemeente de wet toepast en actueel houdt in beleid. Invulling hiervan met structurele capaciteit (een Bibob-specialist) vanaf halverwege 2026 vraagt om aanvullende middelen van € 17.000 in 2026 en meerjarig € 34.000. A24. Klantcontactcentrum (KCC) Met het verbeterplan KCC/ Burgerzaken brengen we de formatie van het team op orde, maken we een efficiëntieslag en maken we het team meer toekomstbestendig. Er komt een projectleider verkiezingen in de vaste formatie, waardoor we op termijn weer zelfstandig verkiezingen kunnen organiseren en wettelijke vereisten kunnen borgen en vertalen in werkprocessen. Hiervoor zijn we dan niet meer afhankelijk van inhuurkrachten.
Tevens komt er uitbreiding van de vaste formatie medewerkers burgerzaken en worden de functies medewerker Burgerlijke Stand en specialist BRP generalistische functies (specialist BRP en Burgerlijke stand). Met deze uitbreiding beogen we te kunnen zorgen voor continuïteit in de kwaliteit van de dienstverlening. A25. Invulling inkoopfunctie De gemeenteraad heeft in 2024 besloten om toe te treden tot de inkooporganisatie Stichting RIJK. Dit om de continuïteit bij inkoop en aanbesteden voor de gemeente Voorschoten te waarborgen en een professionaliseringsslag te maken. Er is sprake van een proefperiode tot en met 31 december 2025. Deze proefperiode wordt medio 2025 geëvalueerd. De middelen voor deze proefperiode zijn eerder ook tot en met 2025 beschikbaar gesteld. Wanneer deze evaluatie leidt tot een voorstel om als Voorschoten structureel aan te sluiten bij de Stichting RIJK, dan moet er per 2026 € 122.000 aan extra middelen beschikbaar worden gesteld (op basis van de begroting 2025 Stichting RIJK). Als uit de evaluatie voortvloeit dat dit niet wordt gecontinueerd, dan moeten deze middelen worden ingezet voor een alternatieve invulling van de inkoopfunctie.
14
B. Loon-/ prijsbijstellingen In de volgende tabel vatten we de loon- en prijsbijstellingen samen. Onder de tabel lichten we die toe. B. Loon-/ prijsbijstellingen
2026
2027
2028
2029
B01. Bijstelling lokale heffingen en leges
232
232
232
232
B02. Dienstverleningsovereenkomst I&D
-265
-265
-265
-265
B03. Indexatie overige lasten
-225
-225
-225
-225
B04. Indexatie jeugdzorg
-299
-299
-299
-299
B05. Indexatie Wmo
-236
-236
-236
-236
B06. Indexatie uitvoeringskosten werk en inkomen
-44
-44
-44
-44
B07. Cao gemeenteambtenaren
-227
-227
-227
-227
B08. Cao politieke ambtsdragers en bestuurders
-38
-38
-38
-38
B09. Opleidingsbudget naar 1,6 procent van de loonsom
-63
-63
-63
-63
B10. Indexatie subsidie voor subsidiepartijen
-74
-74
-74
-74
B11. Indexatie huurbaten
18
18
18
18
-1.220
-1.220
-1.220
-1.220
Totaal Toelichting B01. Bijstelling lokale heffingen en leges
Volgens het huidige beleid verhogen we de heffingen en leges met de geharmoniseerde consumentenprijsindex (HICP) van 2,2 procent. Dit heeft een voordelig effect van € 232.000. B02. Dienstverleningsovereenkomst I&D Op basis van het conceptjaarplan 2026 stellen we de raming bij voor de structurele lasten voor de dienstverleningsovereenkomst informatie en datamanagement (DVO I&D). Dit heeft structureel een nadeel van € 265.000 tot gevolg, waarvan € 163.000 komt door het niet-realiseren van de taakstelling. Het restantnadeel betreft (prijs)bijstelling van de DVO. Daarnaast kent het jaarplan 2026 ook incidentele lasten van € 382.000 voor diverse projecten. We stellen voor om deze te dekken uit de concernreserve. B03. Indexatie overige lasten Om de gemeentelijke organisatie financieel gezond te houden, is het belangrijk om rekening te houden met de prijsontwikkeling bij het opstellen van een nieuwe begroting. In de kadernota 2026 houden we rekening met een verschuiving naar prijspeil 2026. Hiervoor hanteren we de geharmoniseerde consumentenprijsindex. B04. Indexatie jeugdzorg Op basis van de OVA (Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling) en PPC (prijsindexcijfer particuliere consumptie) is de indexatie voor 2026 4,998%. B05.
Indexatie Wmo Op basis van de OVA (Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling) en PPC (prijsindexcijfer particuliere consumptie) is de indexatie voor 2026 4,998%. B06. Indexatie uitvoeringskosten werk en inkomen De lasten van de uitvoeringskosten voor het onderdeel werk en inkomen indexeren we met de geharmoniseerde consumentenprijsindex van 2,2 procent.
15
B07. Cao gemeenteambtenaren De onderhandelingen over de nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst (cao) voor gemeenteambtenaren zijn nog bezig. Op basis van de verwachte afspraken en indexatie uit het Centraal Economisch Plan (CEP) is het uitgangspunt 4 procent loonsverhoging in 2025, aangevuld met 3,6 procent in 2026. B08. Cao politieke ambtsdragers en bestuurders De vergoedingen voor het college en de gemeenteraad hangen samen met de ontwikkeling van de cao voor rijksambtenaren. De ontwikkelingen voor 2026 zijn nog niet bekend, maar we gaan uit van een indexatie van 4 procent. B09. Opleidingsbudget naar 1,6 procent van de loonsom We stellen voor om het opleidingsbudget structureel te verhogen naar 1,6 procent van de loonsom, en dit percentage jaarlijks te indexeren. In het verleden hanteerden we dit percentage al, dat ook overeenkomt met het landelijk gemiddelde van gemeenten in 2023. Door het uitblijven van indexatie in de afgelopen jaren is het aandeel inmiddels gedaald naar circa 1,4 procent van de loonsom. Voorschoten is een organisatie in ontwikkeling. Investeren in de groei, kennis en professionalisering van medewerkers is essentieel om deze ontwikkeling te ondersteunen en de kwaliteit van de dienstverlening op peil te houden.
Met dit voorstel borgen we dat het opleidingsbudget meegroeit met de loonsom en blijft aansluiten bij de ambities van de organisatie en de norm binnen de gemeentelijke sector. B10. Indexatie subsidie voor subsidiepartijen Momenteel wordt er gewerkt aan een nieuwe methode om de indexatie van subsidies vanaf € 400.000 aan organisaties met vast personeel te bepalen. De uitwerking hiervan is niet gereed voor de afronding van de kadernota. Daarom wordt een stelpost opgenomen op basis van het percentage voor materiële budgetten zoals is geadviseerd door het FKGR voor alle subsidiepartijen. De stelpost dient als dekking wanneer bij de begroting 2026 het financieel effect van de indexatie is uitgewerkt. B11. Indexatie huurbaten De huurbaten worden geïndexeerd met de geharmoniseerde consumentenprijsindex van 2,2%. Per saldo leidt dit tot een voordelig effect op het begrotingssaldo.
16
C. Algemene uitkering In de volgende tabel vatten we de algemene uitkeringen samen. Onder de tabel lichten we die toe. C. Algemene uitkering C1. Decembercirculaire 2024 C2. Jaarschijf 2029
2026
2027
2028
2029
93
154
216
0
0
0
0
687
1.150
1.150
1.150
1.150
C4. Actualisatie stelpost herverdeeleffect
192
192
192
192
C5. Huishoudens laag inkomen
-523
0
0
0
Totaal
912
1.496
1.557
2.029
C3. Verschuiven basisjaar
Toelichting C1. Decembercirculaire 2024 In informatiebrief 5 van 21 januari 2025 is het financieel effect van de decembercirculaire uitgelegd. De effecten op 2026 en verder verwerken we in deze Kadernota 2026. C2. Jaarschijf 2029 In deze kadernota wordt jaarschijf 2029 voor het eerst zichtbaar. De raming van de algemene uitkering passen we hieraan aan. C3. Verschuiven basisjaar Zoals ieder jaar verschijnt de meicirculaire na het opstellen van de kadernota. We informeren de raad over de effecten van de meicirculaire met een aparte raadsinformatiebrief. In de meicirculaire actualiseert het Rijk de omvang van het Gemeentefonds onder andere voor de inflatie op basis van de loon- en prijsindexen uit het Centraal Economisch Plan (CEP) 2025. Dit wordt het verschuiven van het basisjaar genoemd. Door het verschuiven van het basisjaar van 2025 naar 2026 kan de gemeente rekenen op € 1.150.000 aan extra inkomsten. C4. Actualisatie stelpost herverdeeleffect Het Rijk heeft besloten in 2026 een pauze van één jaar in te lassen voor de verdere voortgang van de effecten van de verrekening van de effecten van de herverdeling van het Gemeentefonds. Dit betekent dat de herverdeling pas in 2027 verder ingevoerd wordt. Hiermee kan de opgenomen stelpost in 2026 vervallen. C5.
Huishoudens laag inkomen In de Nota van wijzigingen 2025 staat dat de maatstaf huishoudens met lage inkomens onzeker is en mogelijk nog leidt tot een negatieve bijstelling. Inmiddels is bekend dat dat negatieve effect zich zal voordoen als we de maatstaf actualiseren in de meicirculaire 2025. Vooruitlopend daarop houden we daar in deze kadernota al rekening mee.
17
D. Gemeenschappelijke regelingen Gemeenschappelijke regelingen zijn juridische samenwerkingsverbanden tussen verschillende organisaties, zoals gemeenten, provincies en omgevingsdiensten. In de volgende tabel vatten we de gemeenschappelijke regelingen samen, en onder de tabel lichten we ze toe. D. Gemeenschappelijke regelingen
2026
2027
2028
2029
D1. Holland Rijnland
39
39
39
39
D2. Veiligheidsregio Hollands-Midden (VRHM)
-15
-15
-15
-15
D3. Serviceorganisatie Zorg
40
43
43
43
D4. Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR)
-22
-20
-20
-20
D5. Omgevingsdienst West-Holland (ODWH)
48
50
53
42
D6. Hecht
17
17
17
17
D7. Rekenkamer WVOLV
-6
-6
-6
-6
-150
-150
-150
-150
D9. Doorschuif btw gemeenschappelijke regelingen
70
70
70
70
Totaal
21
28
31
20
D8. Vrijval taakstelling gemeenschappelijke regelingen
Toelichting D1. Holland Rijnland Op basis van conceptbegroting 2026 van Holland Rijnland stellen we de raming van de bijdrage bij. D2. Veiligheidsregio Hollands-Midden (VRHM) Op basis van de conceptbegroting 2026 actualiseren we de bijdrage aan de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM). D3. Serviceorganisatie Zorg Op basis van de conceptbegroting 2026 en het bijgestelde percentage van het aandeel jeugdzorg van de gemeente Voorschoten in de regio, is de begrote bijdrage aan de begroting van de gemeenschappelijke regeling vanaf 2026 € 189.000 en vanaf 2027 € 181.000. Dat is inclusief de taken die vanuit de gemeenschappelijke regeling uitgevoerd dienen te worden voor het actieplan dat voortkomt vanuit het adviesrapport van KokxDeVoogd. De bijstelling is niet het gevolg van de voorgestelde bezuiniging voor alle gemeenschappelijke regelingen van 6 procent. D4. Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR) Op basis van de conceptbegroting 2026 van de BSGR wordt de raming van de deelnemersbijdrage meerjarig bijgesteld. D5. Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) Het jaar 2026 wordt wel het ravijnjaar genoemd, omdat het Gemeentefonds dan minder geld ontvangt van het Rijk. De omgevingsdienst geeft in 2026 daarom een korting van 5 procent op de totale bijdrage van het werkplan van de gemeente Voorschoten. Dit resulteert in een voordeel van € 31.000.
Daarnaast zijn de budgetten voor de Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) nu centraal begroot, waaruit meer dekking beschikbaar bleek. Dit leidt tot een aanvullend voordeel. D6. Hecht Hecht is een organisatie die zich inzet voor de publieke gezondheid van de inwoners van Hollands Midden. We passen de raming van de bijdrage aan Hecht aan zoals staat in de conceptbegroting 2026. In de begroting van Hecht is de taakstelling van 4,6 procent ingevuld en er heeft een indexatie plaatsgevonden volgens de richtlijnen van de Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen (FKGR).
18
D7. Rekenkamer WVOLV Op basis van de ontwerpbegroting 2026 van de Rekenkamer WVOLV (Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg) passen we het budget voor de bijdrage aan. D8. Vrijval taakstelling gemeenschappelijke regelingen In de begroting 2025 is rekening gehouden met een besparing op de bijdrage aan gemeenschappelijke regelingen vanaf 2026. Deze besparing valt nu vrij. Hiertegenover staan de mutaties in de bijdragen aan de gemeenschappelijke regelingen. Als dit alles per saldo op € 0 uitkomt, betekent dit dat de ombuiging is gerealiseerd. D9. Doorschuif btw gemeenschappelijke regelingen De dienstverlening van de gemeenschappelijke regelingen is vrijgesteld van de heffing van btw op grond van de btw-koepelvrijstelling (samenwerkingsvrijstelling). Dit houdt in dat de dienstverlening aan de gemeenten niet met btw wordt belast en dat de btw op de kosten dan ook niet verrekend kan worden met de fiscus. Omdat een gemeenschappelijke regeling ook geen recht heeft op btw-compensatie bij het Btwcompensatiefonds (BCF), is de btw op de kosten voor gemeenschappelijke regelingen een kostenpost. Hoewel de gemeentelijke bijdrage gebaseerd is op de lasten inclusief btw, is de btw op de kosten van de gemeenschappelijk regelingen geen kostenpost voor de gemeenten.
De wetgever vindt het namelijk ongewenst dat overheidstaken waarvan recht op btw-compensatie bestaat bij het BCF, worden benadeeld vanwege samenwerking in een gemeenschappelijke regeling. Vanuit de zogeheten btwtransparantiemethode kunnen gemeenschappelijke regelingen de btw over de kosten doorschuiven naar de deelnemende gemeenten. De gemeenten kunnen die doorgeschoven btw vervolgens compenseren bij het BCF. Dit doorschuiven van btw werd voorheen niet geraamd. Dit doen we nu wel, wat leidt tot een voordeel. Per saldo blijkt dat de taakstelling op de gemeenschappelijke regelingen, zoals die bij de begroting 2025 was beoogd, is gerealiseerd.
19
E. Neutrale wijzigingen
In de volgende tabel vatten we de neutrale wijzigingen samen. Onder de tabel lichten we die toe. E. Neutrale wijzigingen
2026
2027
2028
2029
E1. Taalklas
0
0
0
0
E2. Inspecties en onderhoud riolering
0
0
0
0
E3. Huur kantoorpanden
0
0
0
0
E4. Zorgplicht bibliotheek
0
0
0
0
E5. Pilot subsidie sportaccommodatiebeleid
0
0
0
0
E6. Beëindiging dienstverleningsovereenkomst Ruimte
0
0
0
0
E7. Bijstelling specifieke uitkeringen (SPUK)
0
0
0
0
E8. Opvang statushouders
0
0
0
0
E9. Overige administratieve wijzigingen
0
0
0
0
Totaal
0
0
0
0
Toelichting E1. Taalklas De Taalklas is opgericht vanwege de komst van de Oekraïense vluchtelingen. Samen met de scholen die het onderwijzend personeel betalen, zoeken we aansluiting bij het Convenant Nieuwkomersonderwijs Leidse regio. In 2026 zijn er nog kosten voor de instandhouding van de faciliteiten van de Taalklas, maar deze worden afgebouwd nu het aantal Oekraïense kinderen afneemt. E2. Inspecties en onderhoud riolering Voor het Integraal Waterketenprogramma 2024-2028 (IWKP) is de staat van onderhoud van het gemeentelijke rioolstelsel in kaart gebracht. Hieruit blijkt dat vervanging en reparatie van rioolonderdelen zoals pompen, gemalen en leidingen noodzakelijk zijn om de werking en veiligheid van het stelsel te waarborgen. Om het rioolstelsel toekomstbestendig te maken, wordt onder andere een centrale persleiding vervangen en verlengd, en worden klimaatadaptieve maatregelen getroffen. Dit gebeurt op een integrale en gebiedsgerichte manier, waardoor het hele rioolstelsel wijk voor wijk op orde wordt gebracht. Tegelijkertijd blijven onvoorziene reparaties onvermijdelijk, bijvoorbeeld bij storingen of calamiteiten. Om deze veilig en tijdig te kunnen uitvoeren, zijn extra financiële middelen nodig. Daarnaast ligt de huidige focus op de wijk Adegeest, waar integrale uitvoering op dit moment plaatsvindt.
Hierdoor worden geplande werkzaamheden in de wijk Noord-Hofland doorgeschoven, met als gevolg hogere kosten voor noodzakelijk onderhoud en reparaties. In 2025 worden extra inspecties uitgevoerd bij pompen, gemalen en leidingen. De uitkomsten daarvan kunnen leiden tot aanpassingen in de uitvoeringsplanning, die worden verwerkt in het volgende IWKP. Het beschikbare budget is momenteel ontoereikend om de kwaliteit van het rioolstelsel volledig te monitoren en op een planmatige wijze onderhoud uit te voeren. Een bijstelling van het budget is daarom noodzakelijk om risico’s in de openbare ruimte, zoals verzakkingen, lekkages en overstorten van afvalwater, te voorkomen. De voorgestelde extra lasten bedragen € 450.000, waarvan € 200.000 voor onderhoud aan pompen en gemalen, en € 250.000 voor rioolleidingen. Deze uitgaven vallen binnen het gesloten systeem van de riolering en dragen bij aan een duurzame, veilige en betrouwbare waterketen. De gemeenteraad is via een raadsinformatiebrief geïnformeerd over de actuele stand van zaken rondom de riolering. E3. Huur kantoorpanden In verband met de opvang van de Oekraïense ontheemden in het gemeentehuis huren we externe kantoorlocaties. Tegenover de lasten staan gelijke baten, omdat de kosten vanuit de regeling voor Oekraïne worden vergoed. Per saldo is het effect daarom neutraal.
20
E4. Zorgplicht bibliotheek De Openbare Bibliotheek Voorschoten-Wassenaar geeft zowel in Voorschoten als in Wassenaar uitvoering aan de vijf wettelijke taken van een bibliotheek. Om het bibliotheekstelsel te verbeteren is een wettelijke zorgplicht voorzien. De uitkering die gemeenten in voorbereiding op deze zorgplicht ontvangen, bedraagt voor zowel Voorschoten als Wassenaar € 100.000 in 2025 en 2026. De insteek is om de middelen in te zetten voor een toekomstbestendige bibliotheek en hierover bestuurlijk overleg te voeren voorafgaand aan de begroting. E5. Pilot subsidie sportaccommodatiebeleid In het sportaccommodatiebeleid dat is vastgesteld, staat dat de gemeente een 1/3-subsidieregeling aanbiedt aan de verenigingen die in dat beleid worden genoemd om de sportmogelijkheden uit te breiden. We bieden deze subsidieregeling in beginsel aan als pilot om te beoordelen of de regeling past bij de behoefte van de gemeente en de verenigingen. De pilot loopt drie jaar met een totaal van € 600.000, gedekt uit de bestemmingsreserve sportaccommodaties. E6. Beëindiging dienstverleningsovereenkomst Ruimte Op 1 januari 2025 is de dienstverleningsovereenkomst (DVO) Ruimte beëindigd. De medewerkers die taken uitvoerden binnen deze overeenkomst, zetten we vanaf nu in voor rioolwerkzaamheden. Daarmee verminderen we de inzet van een externe partij op dit gebied.
De lagere opbrengsten door de beëindiging van de DVO worden gecompenseerd door lagere lasten aan de externe partij, waarmee de wijziging per saldo neutraal is. E7. Bijstelling specifieke uitkeringen (SPUK) Jaarlijks stelt het Rijk de te ontvangen bedragen bij voor de structurele specifieke uitkeringen (SPUK), zoals die voor inburgering, Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en onderwijsachterstandenbeleid. In de kadernota stellen we zowel de baten als de lasten bij op basis van de actuele beschikkingen. E8. Opvang statushouders Sinds juli 2022 worden niet-toegewezen statushouders opgevangen in Hotel Van der Valk. De wens is om deze opvang te verlengen tot eind 2028. Hiermee geven we invulling aan motie 349, waarin wordt opgeroepen om de huisvesting voort te zetten om te voldoen aan de taakstelling die volgt uit de Spreidingswet. Tegenover de vergoeding die de gemeente van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) ontvangt, worden gelijke lasten geraamd. Het budgettair effect is daarmee neutraal. E9. Overige administratieve wijzigingen Vanuit wet- en regelgeving moeten bepaalde baten en lasten op andere programma's worden begroot dan voorheen. Dit is een administratieve wijziging die geen effect heeft op het totaal aan baten en lasten, of op het vastgestelde beleid.
21
F. Kleine wijzigingen
F. Kleine wijzigingen
2026
2027
2028
2029
Kleine wijzigingen
6
6
6
6
Totaal
6
6
6
6
Toelichting Kleine wijzigingen Kleine wijzigingen zijn onder andere de kosten voor buurtbemiddeling en de baten die de woningcorporaties hieraan sinds 2024 bijdragen. Daarnaast halen we de budgetten van de Rekenkamer, die nu ongewenst van invloed zijn op de ramingen, uit de begroting. Ook nemen we een budget op voor onderhoud van automatische externe defibrillatoren (aed’s) en is de actualisatie van het beheerplan vastgoed verwerkt.
G. Nieuw beleid In de volgende tabel vatten we de wijzigingen voor nieuw beleid samen. Onder de tabel lichten we die toe. G. Nieuw beleid
2026
2027
2028
2029
G1 Zwembad openhouden tot 2040
-289
-289
-289
-289
G2. Uitvoeringsagenda cultuur
-25
-25
-25
-25
G3. Lokaal gezondheidsbeleid
-14
-14
-14
-14
G4. Actualisatie vastgoedportefeuille
14
14
14
14
G5. Werving en selectie
-40
-40
-40
-40
G6. Ontwikkelvisie bedrijventerreinen
-30
-30
-30
-30
G7. Doorstroommakelaar
-10
-10
-10
-10
G8. Invulling taakstelling subsidies preventief veld
-75
-75
-75
-75
-469
-469
-469
-469
Totaal Toelichting G1 Zwembad openhouden tot 2040
Het nieuwe onderhoudsplan van het zwembad voorziet in een termijn tot 2040. De jaarlijkse storting in de voorziening is € 289.000. Dit is in lijn met het raadsvoorstel toekomst Sporthal en Zwembad en bijbehorend amendement 329. G2. Uitvoeringsagenda cultuur Om de ontwikkeling voort te zetten die is ingezet met de bestaande cultuurvisie en de daaruit voortgekomen uitvoeringsagenda’s, zijn extra middelen nodig. Daarmee stellen we ook de Voorschoten Awards zeker. G3. Lokaal gezondheidsbeleid De Wet publieke gezondheid (Wpg) verplicht gemeenten om bepaalde taken uit te voeren op het gebied van de volksgezondheid, zoals het bevorderen van preventie. De gemeente Voorschoten heeft de taken verwerkt in het Lokaal gezondheidsbeleid, maar er is momenteel geen budget beschikbaar om het (hele) beleid uit te voeren. De lasten bestaan uit aanschaf en onderhoud van borden ‘rookvrije generatie’, het terugdringen van middelengebruik bij volwassenen en kinderen, de aanpak van mentale problematiek, bijeenkomsten en participatie, communicatie en voorlichting.
22
G4. Actualisatie vastgoedportefeuille Bij de begroting 2025 is aangegeven dat we de panden Anthoni van Leeuwenhoekkade 37 en de Richard Wagnerlaan 22 afstoten. Op basis van nieuwe inzichten blijven de panden langer in bezit van de gemeente. Zo zijn er mogelijkheden op het gebied van alternatieve huisvesting en uitbreiding van het stroomnet. We moeten de huuropbrengsten en beheerskosten daarom opnieuw begroten. Dit levert nu een voordeel op. G5. Werving en selectie De krapte op de arbeidsmarkt in Nederland is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Veel gemeenten hebben moeite met het werven van personeel voor moeilijk vervulbare vacatures. Dit geldt ook voor de gemeente Voorschoten. Voor het voortzetten van de online arbeidsmarktcampagne (aanvullend op de eenmalige impuls in 2025) en het structureel onder de aandacht brengen van vacatures is structureel € 40.000 nodig. G6. Ontwikkelvisie bedrijventerreinen Op 3 juli 2025 wordt het raadsvoorstel ontwikkelvisie bedrijventerreinen voorgesteld aan de raad. In lijn met het raadsvoorstel nemen we de financiële gevolgen mee in de Voorjaarsnota 2025 en Kadernota 2026. De financiële gevolgen van de ontwikkelvisie voor het uitvoeringsprogramma zouden structureel € 30.000 bedragen. G7. Doorstroommakelaar In Voorschoten is een doorstroommakelaar actief vanuit een pilot bij een woningbouwcoöperatie.
De doorstroommakelaar ondersteunt 55+-huurders die nu een eengezinswoning huren bij de doorstroom naar een gelijkvloerse, kleinere woning. Zo voorkomen we op termijn kosten voor woningaanpassingen, bijvoorbeeld een traplift, en komen er meer huurwoningen voor gezinnen beschikbaar. Dit bevordert de doorstroming op de woningmarkt. Om in de toekomst een mogelijke bijdrage te kunnen doen om de doorstroommakelaar in de toekomst te behouden voor Voorschoten, stellen we voor om een budget van € 10.000 op te nemen als bijdrage voor dit initiatief. G8. Invulling taakstelling subsidies preventief veld In de begroting 2025 hebben we een taakstelling opgenomen op de subsidies voor preventieve activiteiten sociaal domein breed. Voor deze taakstelling is deels een alternatieve invulling beschikbaar. Dit alternatief bestaat grotendeels door de doorontwikkeling van de integrale toegang en het hele proces van toeleiden jeugd weer bij de gemeente te beleggen, dit voordeel bedraagt € 115.000. Daarnaast blijken de huurlasten van het het pand Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) € 10.000 lager. Het voorstel is om de resterende taakstelling van € 75.000 niet in te vullen. Hiermee kan Voorschoten Voor Elkaar haar activiteiten op voldoende robuust niveau blijven realiseren.
Voorschoten voor Elkaar heeft de afgelopen twee jaar een aanvullende subsidie voor compensatie van de cao ontvangen van € 200.000 deze vervalt per ingang van 2026. Voor dit bedrag worden er minder taken uitgevoerd.
H. Ombuigingen/ taakstellingen/ bezuinigingen In de volgende tabel vatten we de ombuigingen, taakstellingen en bezuinigingen samen. Onder de tabel lichten we die toe. H. Ombuigingen/ taakstellingen/ bezuinigingen
2026
2027
2028
2029
H1. Abri’s en buitenreclame
-50
100
100
100
Totaal
-50
100
100
100
Toelichting H1. Abri’s en buitenreclame Vanaf 2025 kan Voorschoten de huidige overeenkomst voor reclame in abri’s beëindigen. Dat biedt de mogelijkheid om abri’s en andere reclame-uitingen, bijvoorbeeld aan lantaarnpalen, voordeliger te exploiteren. De verwachte hogere opbrengsten van € 100.000 brengen in 2026 wel aanloopkosten met zich
23
mee. We kunnen beleid opstellen en een inkooptraject doorlopen. Mocht blijken dat de exploitatie ook structureel hogere lasten met zich meebrengt, dan kunnen we die dekken uit de stelpost voor areaaluitbreiding.
I. Actualisatie Kapitaallasten
I. Actualisatie Kapitaallasten
2026
2027
2028
2029
I1. Stelpost afslag investeringsplanning 30 procent
-167
-278
-434
-577
I2. Actualisatie kapitaallasten Kadernota 2026
315
591
904
873
Totaal
148
314
470
296
Toelichting I1. Stelpost afslag investeringsplanning 30 procent Bij de begroting 2025 is er een afslag op de investeringsplanning van 30 procent opgenomen, door middel van een stelpost. Dit had voor investeringen buiten het gesloten systeem lagere kapitaallasten tot gevolg, die ten gunste van het begrotingssaldo komen. Deze stelpost wordt geactualiseerd op basis van de nieuwe investeringsplanning. I2. Actualisatie kapitaallasten Kadernota 2026 Op basis van de geactualiseerde investeringsplanning zijn ook de kapitaallasten (rente- en afschrijvingslasten) herberekend. Deze mutatie betreft alleen de actualisatie van de reeds besloten investeringen. Daarbij is ook rekening gehouden met een afslag van 30% op het besloten deel van de investeringsplanning. De actualisatie laat vanaf 2026 voor alle jaren een voordelig effect zien.
24
6 Investeringsplanning In de tabellen in paragraaf 6.1 staan de geplande investeringen voor de periode 2026-2029. Het gaat om bestaand beleid. Deze investeringen hadden we ook al bij de begroting 2025 in de meerjareninvesteringsplanning (MIP) opgenomen. We hebben de planning van de investeringsuitgaven geactualiseerd en waar nodig op prijspeil 2026 gebracht. Tot slot hebben we in paragraaf 6.2 ook een aantal wensinvesteringen weergegeven.
6.1 Besloten investeringen
In tabel 6.1.1 staan de investeringen buiten het gesloten systeem, in tabel 6.1.2 de investeringen binnen het gesloten systeem (riolering, afval en begraafplaats). Investeringen zijn bepalend voor de omvang van de uitstaande en nog aan te trekken leningen en daarmee voor de schuldennorm van maximaal 130 procent netto schuldquote die de raad heeft vastgesteld, conform de Nota schuldenbeheersing 2022.
25
Tabel 6.1.1 Investeringsplanning 2026-2029 (buiten gesloten systeem) Investeringsplanning 2026 - 2029 Omschrijving investering Grieglaan Zwaluwweg Tuinderspad Grieglaan (Fortgenschool) Debussylaan Welterdreef - Het Wedde Totaal Bruggen / civieltechnische kunstwerken
€ € € € € € €
2026 35.000 35.000
€ € € € € € €
2027 803.803 654.951 1.458.754
€ € € € € € €
2028 65.495 75.000 75.000 215.495
€ € € € € € €
2029 -
Vervanging wegen - Adegeest fase 2 Vervanging wegen - Adegeest fase 3 Vervanging wegen - Adegeest fase 3 Vervanging wegen - Adegeest fase 4 Admiraal de Ruytersingel, vervanging asfalt Vervanging wegen o.b.v. beheerplan 2028 - 2040 Totaal Investeringen wegen
€ € € € € € €
62.000 660.000 129.000 200.000 1.051.000
€ € € € € € €
129.000 230.000 359.000
€ € € € € € €
708.288 708.288
€ € € € € € €
499.302 908.288 1.407.590
Vervangingsinvesteringen OVL Gemiddeld bedrag jaarschijf (2028-2034) Totaal Investeringen Openbare verlichting Fietsveiligheid div. Leidseweg Verkeersveiligheid Mozartlaan (motie 336) Totaal Investeringen Verkeersmaatregelen / inrichting Kruispuntkerk Fortgensschool (voorbereidingskrediet) OBV nieuw IHP Fortgensschool OBV nieuw IHP Nutsbasisschool OBV nieuw IHP RKbs Emmaus OBV nieuw IHP Ontwikkelvisie centrum, onderdeel Voorstraat (fase 1) Ontwikkelvisie centrum, onderdeel Kruispuntkerkplein (fase 2) Ontwikkelvisie centrum, onderdeel Schoolstraat (fase 2) Ontwikkelvisie centrum, onderdeel kerkplein Dorpstraat (fase 2) Ontwikkelvisie centrum, onderdeel Aanlooproutes (fase 3) Ontwikkelvisie centrum, onderdeel Deltaplein (fase 3) Ontwikkelvisie centrum, onderdeel Gemeentehuis (fase 4) Vervangen 8 banen Forescate - onderlaag (nav sportaccommodatiebeleid) Vervangen 8 banen Forescate - toplaag (nav sportaccommodatiebeleid) Vervangen 8 banen Forescate - ledverlichting (nav sportaccommodatiebeleid) Honk- en softbal (nav sportaccommodatiebeleid) Honk- en softbal (nav sportaccommodatiebeleid) Hockey (nav sportaccommodatiebeleid) Handbal (nav sportaccommodatiebeleid) Voetbal (nav sportaccommodatiebeleid) Voetbal (nav sportaccommodatiebeleid) 3x toplaag veld 1,2,3 Hockey (nav sportaccommodatiebeleid) 3 toplaag Tennis Adegeest (nav sportaccommodatiebeleid) 6 roodzand velden Sporthal (nav
sportaccommodatiebeleid € 8 mln.)(excl. ophoging cf sporthal standaard, besluit zwembad- sporthal) Totaal Vastgoed
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
108.098 108.098 62.500 180.000 242.500 2.500.000 211.360 264.200 680.000 630.000 44.000 432.000 84.000 265.750 159.450 -
€
76.626
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
76.626 1.525.725 500.000 210.000 640.000 311.990 134.470 401.814 115.867 -
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
100.000 100.000 3.525.725 1.580.000 406.066 4.000.000
€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
100.000 100.000 818.293 812.375 630.000 290.000 406.066 1.491.389