Bijlage 1 Kadernota 2023-2026
Tekst van het document
Kadernota 2023
Colofon Uitgave Gemeente Voorschoten Postbus 393 2250 AJ Voorschoten Inlichting: gemeente@voorschoten.nl 7 juni 2022
2
Inhoud kadernota 2023 1.
Inleiding ...................................................................................................................... 4
2.
Leeswijzer ................................................................................................................... 6
3.
Uitgangspunten voor de ramingen .................................................................................. 6
4.
Financieel meerjarenperspectief ..................................................................................... 7
5.
Investeringen .............................................................................................................. 13
Bijlage 1: Uitwerking amendement 144 ................................................................................. 17 Bijlage 2: Geactualiseerde nota schuldenbeheersing 2022 ....................................................... 24 Bijlage 3: Knoppen om aan te draaien om begrotingsruimte te creëren? ................................... 25
3
1.
Inleiding
De wereld om ons heen is de afgelopen jaren veranderd en we worden als gemeente steeds vaker geconfronteerd met autonome ontwikkelingen met steeds grotere financiële effecten waar wij nauwelijks grip op hebben. Het gaat dan bijvoorbeeld om de effecten van de herverdeling van de algemene uitkering, opschalingskorting, kostenstijgingen Jeugdhulp en WMO, en taakdecentralisaties. Er komen steeds meer taken bij gemeenten te liggen. Veelal schieten de rijksmiddelen tekort, maar gemeenten wordt wel gevraagd deze nieuwe taken uit te voeren. De decentralisatie van de jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen is daar een voorbeeld van. In 2022 zijn er ook nieuwe taken op het gebied van inburgering bij de gemeenten komen te liggen. Aangezien de formatie van het nieuwe college bij het schrijven van deze kadernota nog niet was afgerond, heeft de nota een beleidsarm karakter. In deze kadernota schetst het college de autonome ontwikkelingen en onderwerpen die onontkoombaar zijn en op de gemeente afkomen in de aankomende jaren. Deze meerjarige ontwikkelingen tonen aan dat het in het laatste jaar van de meerjarenraming knelt. Er is sprake van een sterke terugval van de inkomsten uit de algemene uitkering, waardoor het jaar 2026 niet structureel sluitend is.
Hoewel een structureel sluitend meerjarenbeeld wettelijk niet verplicht is, streeft het college wel naar financieel gezond beleid. Door ook in meerjarenperspectief kritisch te kijken naar (nieuwe) verplichtingen proberen we het risico op nieuwe pijnlijke maatregelen zoals nieuwe bezuinigingen of lastenverzwaringen zo veel mogelijk te beperken. Ook de ruimte onder het financieringsplafond is beperkt. Zeker wanneer rekening wordt gehouden met zaken die nog niet in het meerjareninvesteringsprogramma (zie bijlage 1) zijn opgenomen of gekwantificeerd, maar wel op enig moment hun impact zullen hebben op de begroting. Voor een nadere duiding van de ruimte onder het financieringsplafond verwijzen wij u naar hoofdstuk 5. Deze kadernota presenteren wij u tegen de achtergrond van een aantal belangrijke ontwikkelingen: 1. Doorontwikkeling eigen ambtelijke organisatie Dit is de eerste kadernota van de nieuwe Voorschotense organisatie. Na een periode van ruim een jaar waarin de Werkorganisatie Duivenvoorde werd ontvlochten, is per 1 september 2021 de nieuwe, eigen ambtelijke organisatie van de gemeente Voorschoten van start gegaan. Met een nieuwe organisatiestructuur én -cultuur zet de organisatie zich in om de gemeentelijke taken zo goed mogelijk uit te voeren voor de inwoners van Voorschoten.
Opgavegericht, datagericht, samenwerkend, inclusief en met participatie van inwoners: dit zijn kernwaarden die het werken van de nieuwe organisatie definiëren. In het afgelopen jaar hebben we een vliegende start gemaakt met een nieuwe organisatie. Een zelfstandige ambtelijke organisatie vraagt om andere keuzes en een herijking vanuit financiële zelfstandigheid. We hebben hard gewerkt om na een inventarisatie de basis op orde te krijgen. Er is daarbij prioriteit gegeven aan het op orde brengen van de interne werkprocessen in het kader van de “basis op orde”. Ook is er gewerkt aan o.a. heldere overlegstructuren en heldere beschrijvingen van rollen van medewerkers en management. Daarnaast is er sprake van een 4
reparatie van de startformatie per 1 september 2021 in zowel de(ze) kadernota als de voorjaarsnota. De bereikbaarheid van de gemeente is daardoor onderbelicht geraakt. Onlangs heeft de gemeente Voorschoten een onderzoek laten verrichten om de kwaliteit van de telefonische bereikbaarheid van de gemeente te onderzoeken. Uit dit onderzoek, gedaan door het onderzoeksbureau Telan, is gebleken dat de telefonische dienstverlening op vele fronten tekort schiet. Zo wordt niet altijd opgenomen of wordt er niet teruggebeld. De gemeente was zich niet op alle fronten bewust van deze slechte bereikbaarheid. Het onderzoeksbureau heeft een aantal aanbevelingen gegeven waar het gaat om het verbeteren van servicerichtlijnen en techniek. We hebben deze aanbevelingen ter harte genomen en zijn met een aantal werkgroepen direct aan de slag gegaan. Het komende half jaar staat dit hoog op de agenda en willen we een flinke kwaliteitsslag maken. 2. De financiële positie van de gemeente Voorschoten wordt als ‘gezond’ beoordeeld. Dit komt onder andere door: - een sluitende meerjarenraming tot en met 2025; - een uitstekend weerstandsvermogen; - een solide financiële positie, gestaafd door de financiële conditie index van de VNG; - een beoogde groei voor aantal woningen in de komende periode.
Dit laat onverlet dat ook de komende periode de gemeente zich zal moeten blijven inzetten om de financiële positie gezond te houden. Overigens overschrijdt het bijgestelde investeringsprogramma het door de raad vastgestelde schuldenplafond van € 53 miljoen in 2026. Om uitvoering te kunnen geven aan het bijgestelde investeringsprogramma is het noodzakelijk het schuldenplafond aan te passen. Om die reden is bij deze kadernota het voorstel nota schuldenbeheersing toegevoegd, onderbouwd met een advies van een extern adviesbureau. Daarin wordt o.a. geconcludeerd dat volgens de VNG en financieel toezichthouder een verruiming van het schuldenplafond geen probleem is, zolang de netto schuldquote1 zich onder de risiconorm van 130% beweegt. Een norm die als risicogrens wordt gehanteerd. 3. Er zijn nog steeds onzekerheden over inkomsten gemeentefonds De gemeente Voorschoten heeft op basis van de maartbrief in deze kadernota rekening gehouden met negatieve gevolgen van de herijking gemeentefonds voor 2023 tot en met 2025. Momenteel beraden de VNG en de Raad voor Openbaar Bestuur (ROB) zich over het nieuwe verdeelmodel, en heeft de minister aangegeven dat het nieuwe model tijdig wordt geëvalueerd alvorens het kabinet een definitief besluit zal nemen voor 2026 en verder. Dat maakt de structurele uitkomsten vanaf 2026 in hoge mate onzeker.
Tevens wordt in het laatste jaar van het meerjarenbeeld de oploop van de opschalingskorting, die in de jaren daarvoor is bevroren, in zijn volle omvang door het Rijk toegepast. Daarnaast is het onduidelijk hoe het accres (de groei van de rijksuitgaven) zich na 2025 zullen ontwikkelen.
1 Netto schuldquote is een percentage dat gerelateerd is aan de inkomsten (voor mutaties reserves), dat wil
zeggen dat bij een netto schuldquote van 100% de schulden niet hoger mogen zijn dan het niveau van de inkomsten.
5
4. Hervormingsagenda Jeugd Bij aanvang van het proces van deze kadernota was er nog geen duidelijkheid over de verdere invulling van de Hervormingsagenda Jeugd. De Hervormingsagenda Jeugd komt voort uit de bestuurlijke afspraken die de VNG en het rijk in 2021 over de jeugdhulp hebben gemaakt om de hulpverlening te verbeteren en het jeugdstelsel beter beheersbaar te maken. Hierbij is de uitspraak van de Commissie van Wijzen het uitgangspunt. Het proces rondom de hervormingsagenda is begin dit jaar opgeschort door de VNG, omdat het huidige regeerakkoord een extra structurele bezuiniging kent van ruim € 500 miljoen vanaf 2025, bovenop de besparingen uit de eerdere uitspraak van de Commissie van Wijzen oplopend tot € 1 miljard waarover al overeenstemming was bereikt tussen de VNG en het ministerie. Dit betekent per saldo een totale bezuiniging van ca. 30% op het totale jeugdzorgbudget van ca. € 5,5 miljard. Inmiddels is duidelijk geworden dat niet de gemeenten maar het Rijk verantwoordelijk is voor de extra bezuiniging uit het regeerakkoord op de jeugdzorg van structureel ruim € 500 miljoen. Die wil het Rijk invullen met eigen bijdragen en/of het normeren van de behandelduur. De precieze uitwerking van deze bezuiniging dient nog verder uitgewerkt te worden.
2.
Leeswijzer
In deze kadernota worden in hoofdstuk 3 eerst de algemene uitgangspunten voor de ramingen weergegeven. Vervolgens komen in hoofdstuk 4 de relevante financiële ontwikkelingen aan bod, inclusief een inhoudelijke toelichting. Deze ontwikkelingen zijn uitgesplitst naar: •
Autonome ontwikkelingen
•
Loon- en prijsontwikkelingen
•
Kapitaallasten
In hoofdstuk 5 is de Investeringsplanning 2023-2026 opgenomen. Tot slot wordt in dit hoofdstuk duiding gegeven aan de financiële effecten zoals die volgen uit de geactualiseerde investeringsplanning in deze kadernota. Daarbij wordt ingegaan op het schuldenplafond en investerings-/afschrijvingsplafond (incl. ruimte). 3.
Uitgangspunten voor de ramingen
De basis voor de begroting 2023 vormen de begroting 2022 en de financiële gevolgen uit de voorjaarsnota 2022 die doorwerken in het meerjarenbeeld. Daarnaast zijn enkele algemene uitgangspunten toegepast. Deze zijn opgenomen in de hieronder gepresenteerde tabel. Tabel 1 Algemene uitgangspunten Onderwerp
Begroting
Begroting
2023
2022
Salarissen De huidige cao loopt tot 1 januari 2023. De cao-onderhandelingen voor een nieuwe cao vanaf 2023 lopen ten tijde van het opstellen van deze kadernota nog niet. Op basis van de gemiddelde loonontwikkeling van de afgelopen jaren schatten we het effect vooralsnog in op 2,4% met ingang van 2023.
2,4%
3,9%
Leveringen derden
3,1%
1,4%
6
Onderwerp
Begroting
Begroting
2023
2022
15%
15%
Woningprognose meicirculaire 2021 Conform subsidieplan
Woningprognose meicirculaire 2021 Conform subsidieplan
ontwerp begroting GR 2023
ontwerp begroting GR 2022
3,1%
1,4%
Tarieven afvalstoffenheffing en rioolrechten Bij de tarieven voor afval en riool is het uitgangspunt kostendekkende tarieven.
Kostendekkende tarieven
Kostendekkende tarieven
Rekenrente Het werken met een vaste rekenrente is met ingang van 2017 volgens het nieuwe BBV niet meer toegestaan. De omslagrente voor 2023 bedraagt 0,5%, idem als 2022. Algemene uitkering De algemene uitkering ramen wij in de kadernota volgens de maartbrief en wordt in de begroting bijgesteld volgens de meicirculaire. Over de meicirculaire ontvangt u een aparte informatiebrief.
0,5%
0,5%
Maartbrief 2022
Meicirculaire 2021
Het indexpercentage voor prijsstijgingen is gebaseerd op het niveau van de geharmoniseerde consumentenprijsindex (hicp) uit het Centraal Economisch Plan 2022 van het CPB. Voor 2022 bedraagt deze 3,1%. We stellen voor de indexering in 2022 daar in te zetten waar knelpunten als gevolg van prijsstijging zich voordoen. Beheer fysieke leefomgeving / openbare ruimte Het indexpercentage voor prijsstijgingen voor het beheer van de fysieke leefomgeving / openbare ruimte is gebaseerd op de prijsontwikkelingen in de Grond-, Weg-, en Waterbouw (GWW). Stelpost areaaluitbreiding Vanwege de voorziene stijging van het aantal woningen wordt rekening gehouden met bijbehorende lasten, waaronder beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Subsidies Voor de gesubsidieerde instellingen gaan wij uit van het vastgestelde subsidieplan. Verbonden partijen Voor de verbonden partijen en deelnemingen gaan wij in de kadernota uit van de ingediende begrotingen. Wij gaan er overigens vanuit dat ook de verbonden partijen zich sterk maken voor verlaging van de bijdragen van de gemeente. Via de vertegenwoordigers in besturen zal dit standpunt met klem worden uitgedragen. Belastingen De aanpassing van de belastingen en rechten is gelijk aan het door het Centraal Economisch Planbureau geraamde inflatiepercentage.
Het percentage geraamd in het Centraal Economisch Plan 2022 van het CPB bedraagt 3,1% (geharmoniseerde consumentenprijsindex).
4.
Financieel meerjarenperspectief
In onderstaande overzichten zijn de diverse ontwikkelingen zoals die in beeld zijn voor 2023 en verder cijfermatig weergegeven. Deze ontwikkelingen worden vervolgens per onderwerp verder uitgewerkt.
Tabel 2 Actueel startsaldo kadernota Jaartal
2023
2024
2025
2026
Begrotingssaldo 2022
233.000
412.000
465.000
401.000
Najaarsnota
425.000
365.000
360.000
360.000
Overige mutaties
-119.000
-151.000
195.000
235.000
Actueel begrotingssaldo
539.000
626.000
1.020.000
996.000
7
Tabel 3 Actueel begrotingssaldo kadernota Recapitulatie A
Actueel begrotingssaldo
2023
2024
2025
2026
539.000
626.000
1.020.000
996.000
Mutaties kadernota: B
Autonome ontwikkelingen
-701.000
-36.000
130.000
-1.695.000
C
Loon- en prijsontwikkelingen
-179.000
-291.000
-411.000
-418.000
D
Kapitaallasten
136.000
463.000
-165.000
-236.000
-205.000
762.000
574.000
-1.353.000
Saldo na kadernota
-205.000
762.000
574.000
-1.353.000
Incidentele mutaties
-249.000
-52.000
-31.000
-31.000
Sloopkosten en kosten tijdelijke huisvesting Fortgensschool
0
-1.300.000
0
0
Onttrekking aan de reserve onderwijshuisvesting
0
1.300.000
0
0
44.000
814.000
605.000
-1.322.000
Actueel begrotingssaldo na kadernota
Tabel 4 Structureel saldo kadernota
Reëel structureel begrotingssaldo
Het reëel structureel saldo voor de jaren 2023 tot en met 2025 is positief in tegenstelling tot het laatste jaar van de meerjarenraming. Het jaar 2026 is niet structureel sluitend. Dat hangt samen met de sterke terugval van de inkomsten uit de algemene uitkering van het gemeentefonds. Overigens is een structureel sluitend meerjarenbeeld wettelijk niet verplicht. 4.1 Autonome ontwikkelingen De belangrijkste autonome ontwikkelingen (> € 100.000) worden hieronder kort toegelicht. Tabel 5 Autonome ontwikkelingen B
Autonome ontwikkelingen
2023
2024
2025
2026
1 Ontwikkelingen gemeentefonds
1.807.000
2.528.000
2.743.000
1.152.000
2 Jeugdzorg
-493.000
-493.000
-493.000
-493.000
3 WMO
-400.000
-525.000
-654.000
-788.000
4
Cao-ontwikkelingen gemeenteambtenaren
-486.000
-486.000
-486.000
-486.000
5
Invlechting nieuwe ambtelijke organisatie
-257.000
-257.000
-257.000
-257.000
6
Informatiemanagement en Wet Open Overheid
-384.000
-384.000
-384.000
-384.000
7 Langdurig verzuim
-300.000
-300.000
-300.000
-300.000
8 Overige ontwikkelingen
-188.000
-119.000
-39.000
-139.000
-701.000
-36.000
130.000
-1.695.000
Totaal
8
1. Ontwikkelingen gemeentefonds Decembercirculaire Uit de decembercirculaire 2021 volgt voor Voorschoten een bruto voordeel van € 493.000 in 2023 oplopend naar € 837.000 in 2026. Dit komt met name door een aanpassing van de maatstaf ‘ouders met langdurig psychisch medicijngebruik’, en diverse taakmutaties, waaronder het versterken van de dienstverlening en het extra ondersteunen van mensen in kwetsbare posities. De middelen ontvangen via de taakmutaties worden gereserveerd omdat hier concrete taken / werkzaamheden tegenover staan. Maartbrief In de maartbrief wordt al een indicatie gegeven van de aanpassing van het accres (de stijging van het gemeentefonds als gevolg van de stijging in de rijksbegroting). Tot en met 2025 neemt het accres toe, om vanaf 2026 sterk af te zwakken, omdat verwacht wordt dat maar een deel van het accres een structureel karakter heeft. De definitieve accresreeks wordt pas vastgesteld in de meicirculaire. De verwerking van de meicirculaire vindt plaats bij de Najaarsnota 2022 en begroting 2023. Tevens is in de maartbrief vermeld dat besloten is om de oploop van de opschalingskorting te schrappen voor de periode 2023 tot en met 2025. Dit betekent een (tijdelijk) voordeel voor Voorschoten. Herverdeling gemeentefonds In de maartbrief is kenbaar gemaakt dat de invoering van de nieuwe verdeling van de algemene uitkering ingaat per 1 januari 2023.
Bij de invoering van het nieuwe model worden de adviezen van de ROB en de VNG opgevolgd. Deze onderzoeken zullen in 2022 worden opgestart en naar verwachting zijn de uitkomsten daarvan in het voorjaar 2023 bekend. In samenspraak met de VNG, gemeenten en de ROB zal worden bekeken wat de implicaties van de uitkomsten van deze onderzoeken zijn voor het model. Aangezien de geadviseerde onderzoeken nog niet zijn afgerond voorafgaand aan invoering van het model, is besloten het ingroeipad het eerste jaar niet op maximaal € 15 per inwoner te zetten, maar op maximaal € 7,50 per inwoner. Gegeven de ontvangen adviezen van de ROB en de VNG en de reacties van gemeenten hebben de fondsbeheerders verder besloten het ingroeipad te beperken tot drie jaar, 2023 tot en met 2025. Dit houdt in dat de invoering van het nieuwe model tijdig geëvalueerd zal worden en dat aan de hand van deze evaluatie besloten zal worden over het traject 2026 en verder. Voor Voorschoten is het nadeel volgens de laatste berekeningen € 77 per inwoner. Via het ingroeipad is sprake van een nadeel van € 7,50 per inwoner in 2023, € 22,50 per inwoner in 2024 en € 37,50 per inwoner in 2025. Over het restant van het nadeel, € 39,50 per inwoner, moet nog duidelijkheid komen. 2. Jeugdzorg De kosten voor jeugdhulp stijgen. Op basis van de realisatie over 2021 worden de uitgaven voor 2023 en verder naar boven bijgesteld.
De stijgende kosten zijn vooral het gevolg van meer inzet bij dagbehandeling, maar ook gestegen kostprijzen in de jeugdbescherming. Bij het bepalen van
9
het structurele effect is uitgegaan van een gelijkblijvend volume en tariefstijgingen als gevolg van prijsindexatie in 2023. In totaal betreft dit een structurele verhoging van € 493.000. 3. WMO Er is sprake van een verdere kostenstijging voor de WMO. Dit betreft enerzijds indexering en een toename van de netto lasten voor de inzet van huishoudelijke ondersteuning, omdat het vaste abonnementstarief niet meegroeit met de indexering. Het Rijk heeft bij de decembercirculaire 2021 wel extra middelen hiertoe beschikbaar gesteld, maar dit biedt onvoldoende dekking voor de gestegen uitgaven. Anderzijds wordt bij de aanpassing in de kadernota rekening gehouden met de ontwikkeling van het cliëntvolume. Als gevolg van de vergrijzing en toenemende zorgbehoefte wordt verwacht dat het aantal cliënten de komende jaren jaarlijks met 4,5% stijgt. Hierdoor stijgen de uitgaven WMO per 2023 met € 400.000 tot bijna het dubbele in 2026, € 788.000. 4. CAO gemeenteambtenaren Eind 2021 is de huidige CAO voor gemeenteambtenaren afgesloten. Er is sprake van 1,5% loonstijging in 2021 en 2,4% in 2022. Dit is een structureel nadeel van € .000 vanaf 2023 (3,9% van de loonsom). Dit wordt gedeeltelijk opgevangen door de vrijval van de stelpost CAO van € 260.000 structureel.
Tevens heeft de CAO gevolgen voor de secundaire arbeidsvoorwaarden van gemeenteambtenaren, zoals de thuiswerkvergoeding en reiskostenvergoeding en dit nadeel bedraagt structureel € 165.000. 5. Doorontwikkeling nieuwe ambtelijke organisatie De ambtelijke organisatie van Voorschoten is per 1 september zelfstandig geworden. De functies binnen de WODV zijn naar rato verdeeld over de twee gemeenten op een aantal uitzonderingen na, waaronder de afvalinzameling. Nu blijkt dat er in het inrichtingsplan van de gemeentelijke organisatie bij de start van de nieuwe gemeentelijke organisatie een beperkt aantal functies niet of onjuist was meegenomen. Deze functies zijn essentieel voor de uitvoering van het vastgestelde beleid en de gemeentelijke dienstverlening. De formatie wordt daarom in deze kadernota gerepareerd. Het betreft de functies: marktmeester, juridisch adviseur en beleidsadviseur voor het fysieke domein, en secretaris ondernemingsraad. Het geeft een structurele verhoging van de salarislasten van € 257.000. 6. Informatiemanagement en Wet Open Overheid De laatste jaren wordt informatiemanagement steeds belangrijker voor gemeenten. Wijzigende omgevingsfactoren, zoals privacywetgeving, toenemende cyberdreiging, maar ook de komst van nieuwe wetten en taken, zoals de Wet Open Overheid en de Omgevingswet stellen steeds hogere eisen aan de informatiehuishouding.
Om de extra taken die op gemeenten afkomen op ICT-gebied goed te kunnen behandelen is versterking nodig op het gebied van informatiemanagement. Hier wordt uitvoering aan gegeven binnen de dienstverleningsovereenkomst met Wassenaar. Tevens worden de loonstijgingen conform de huidige CAO aan Voorschoten doorbelast. Het bedraagt structureel € 384.000.
10
7. Langdurig verzuim Gemeenten hebben een gemiddeld ziekteverzuim van 5,5%. Voorschoten zit daar vanwege een relatief groot aantal ernstig zieke medewerkers boven met 6,75%. Om (een deel van het) langdurig verzuim op te kunnen vangen beschikt de organisatie over een centraal budget voor ziektevervanging van 1% van de loonsom. De hoogte van dit budget is onvoldoende en zorgt voor knelpunten in de uitvoering van onze taken. Het budget wordt daarom opgehoogd naar 3% van de loonsom en bedraagt structureel € 300.000. 8. Overige ontwikkelingen Er is sprake van verschillende ontwikkelingen met een beperkt financieel effect. Ontwikkelingen zoals het versterken van de dienstverlening en het extra ondersteunen van mensen in kwetsbare posities, extra dividendopbrengsten en de extra kosten die gepaard gaan met de nieuwe subsidiesystematiek voor de bibliotheek en een voordeel door de vrijval dotatie voorziening pensioenen (voormalig) wethouders. 4.2
Loon- en prijsontwikkelingen
Tabel 6 Loon- en prijsontwikkelingen C
Loon- & prijsontwikkelingen
2023
2024
2025
2026
1
Extra inkomsten gemeentefonds a.g.v. prijspeil 2023
671.000
671.000
671.000
671.000
2
Indexatie belastingen en tarieven naar prijspeil 2023
284.000
284.000
284.000
284.000
3
Stelpost prijs en looncompensatie 2023
-928.000
-928.000
-928.000
-928.000
4 Begrotingen GR-en prijspeil 2023
-146.000
-148.000
-153.000
-160.000
5 Stelpost areaaluitbreiding
-60.000
-170.000
-285.000
-285.000
-179.000
-291.000
-411.000
-418.000
Totaal
1. Extra inkomsten gemeentefonds a.g.v. prijspeil 2023 Op het moment van het schrijven van deze kadernota 2023 is de uitkomst van de meicirculaire nog niet bekend. De raad wordt hierover met een aparte informatiebrief geïnformeerd. Door het verschuiven van het basisjaar van 2022 naar 2023 komt de in de algemene uitkering opgenomen indexering van 1,93% voor loon- en prijscompensatie beschikbaar. Dit levert een positief effect op voor de begroting van € 671.000. 2. Indexatie belastingen en tarieven naar prijspeil 2023 De aanpassing van de belastingen en rechten is gelijk aan het door het Centraal Economisch Planbureau geraamde inflatiepercentage. Het percentage geraamd in het Centraal Economisch Plan (CEP) bedraagt voor 2023 3,1% (geharmoniseerde consumentenprijsindex). Deze post wordt ingezet ter dekking van het saldo van de begroting 2023 e.v.
11
3. Stelposten loon- en prijscompensatie 2023 De huidige CAO voor gemeenteambtenaren loopt tot 1 januari 2023. De onderhandelingen voor een nieuwe CAO vanaf 2023 lopen ten tijde van het opstellen van deze kadernota nog niet. Overigens kan gemeentelijk niet worden afgeweken van het uiteindelijke CAO-akkoord. Op basis van de huidige ontwikkelingen schatten we het effect vooralsnog in op 2,4% met ingang van 2023. Dit percentage is overeenkomstig 2022. Bij de levering van derden wordt rekening gehouden met een indexpercentage voor prijsstijgingen dat is gebaseerd op het niveau van de geharmoniseerde consumentenprijsindex (hicp) uit het Centraal Economisch Plan. Voor 2023 bedraagt deze 3,1%. Bij het beheer van de fysieke leefomgeving / openbare ruimte wordt rekening gehouden met een indexpercentage voor prijsstijgingen dat is gebaseerd op het niveau van de grond, weg- en waterbouw index. Voor 2022 bedraagt deze 15%. Voor 2023 gaan we eveneens uit van 15%. 4. Begrotingen GR-en naar prijspeil 2023 De conceptbegrotingen van de gemeenschappelijke regelingen zijn voor zienswijze aangeboden aan de raad. De bijdragen uit de conceptbegrotingen zijn het uitgangspunt voor de kadernota. 5. Stelpost areaaluitbreiding De woningbouwprognose laat een voorzichtige stijging zien van het aantal woningen in de komende jaren.
Voor de dekking van bijbehorende lasten, zoals het beheer en onderhoud van de openbare ruimte, wordt budget gereserveerd. 4.3
Kapitaallasten
Tabel 7 Kapitaallasten D
Kapitaallasten 1
2
2023
2024
2025
2026
136.000
463.000
-165.000
-236.000
Sloopkosten en kosten tijdelijke huisvesting Fortgensschool
0
-1.300.000
0
0
Onttrekking aan de reserve onderwijshuisvesting
0
1.300.000
0
0
Actueel begrotingssaldo
136.000
463.000
-165.000
-236.000
Kapitaalasten - Fasering en prijspeil 2023
Bij de jaarrekening 2021 is voorgesteld een aantal investeringskredieten door te schuiven. Dit heeft tot gevolg dat een deel van de kapitaallasten worden doorgeschoven naar latere jaren. Dit levert een voordeel op in 2023 en 2024.
12
De investeringen zoals opgenomen in deze kadernota komen voort uit de begroting 2022 en beschouwen we als investeringen bestaand beleid. Deze investeringen zijn geactualiseerd en op het prijspeil 2023 gebracht. Dit betreft investeringen die niet gedekt worden uit een reserve of door het gesloten systeem van afvalstoffenheffing of rioolheffing. Het betreft hier de investeringen in: -
MultiFunctionele Accommodatie;
-
Koninklijke Marinelaan / Gemeentewerf;
-
Fortgensschool;
-
Wegen;
-
Bruggen;
-
Tractie.
Deze investeringen leiden tot nieuwe kapitaallasten die binnen de exploitatie gedekt moeten worden. De gevolgen van investeringen sorteren met name op de langere termijn hun effect. In de door de raad vastgestelde nota schuldenbeheersing 2018 zijn de kapitaalasten gemaximeerd om de lasten voor de exploitatie op een aanvaardbaar niveau te houden. De kapitaallasten voor nieuwe investeringen zijn gemaximeerd op € 100.000 per jaar. Nieuwe kapitaallasten zijn exclusief vervangingsinvesteringen en investeringen in het gesloten systeem. De stijging van de kapitaallasten valt binnen het afgesproken plafond. De investeringen ten laste van het zogenaamde “gesloten systeem” (riool en afval) blijven buiten beschouwing voor het plafond. Deze kapitaallasten worden gedekt door de afvalstoffen- en rioolheffing. 5. Investeringen 5.1 Investeringsplanning 2023-2026 In onderstaand overzicht staan de geplande investeringen voor de periode 2023-2026 weergegeven. Het betreft bestaand beleid. Deze investeringen waren ook al bij de begroting 2022 in het meerjareninvesteringsplanning opgenomen. De planning van de investeringsuitgaven zijn geactualiseerd en op prijspeil 2023 gebracht. In tabel 8 staan de investeringen buiten het gesloten systeem (van riolering en afval). In tabel 9 staan de investeringen binnen het gesloten systeem.
Beide investeringen zijn bepalend bij de omvang van de uitstaande en nog aan te trekken leningen en daarmee het schuldenplafond.
13
Tabel 8 Investeringsplanning 2023-2026 (buiten gesloten systeem) Investeringen buiten gesloten systeem
2023
2024
2025
2026
Investeringen Bruggen / civieltechnische kunstwerken
€
540.000
€
149.000
€
269.000
€
396.000
Beschikbaar investeringskrediet
€
560.000
€
75.000
€
325.000
€
-
Mutatie benodigd investeringskrediet
€
-20.000
€
74.000
€
-56.000
€
396.000
Investeringen wegen
€
550.000
€
600.000
€
660.000
€
600.000
Beschikbaar investeringskrediet
€
550.000
€
600.000
€
660.000
€
-
Mutatie benodigd investeringskrediet
€
-
€
-
€
-
€
600.000
Investeringen Verkeersmaatregelen / inrichting
€
310.000
€
451.000
€
360.000
€
360.000
Beschikbaar investeringskrediet
€
-
€
-
€
-
€
-
Mutatie benodigd investeringskrediet
€
310.000
€
451.000
€
360.000
€
360.000
MultiFunctionele Accommodatie, wijngaardenlaan
€
-
€
5.205.000
€
-
€
-
Beschikbaar investeringskrediet
€
3.000.000
€
-
€
-
€
-
Mutatie benodigd investeringskrediet
€
-3.000.000
€
5.205.000
€
-
€
-
Koninklijke Marinelaan / gemeentewerf
€
-
€
3.400.000
€
-
€
-
Beschikbaar investeringskrediet
€
2.800.000
€
-
€
-
€
-
Mutatie benodigd investeringskrediet
€
-2.800.000
€
3.400.000
€
-
€
-
Verduurzaming vastgoed
€
-
€
33.000
€
-
€
-
Beschikbaar investeringskrediet
€
-
€
-
€
-
€
-
Mutatie benodigd investeringskrediet
€
-
€
33.000
€
-
€
-
Fortgenschool(bouwkosten)
€
-
€
4.000.000
€
-
€
-
Beschikbaar investeringskrediet
€
3.000.000
€
-
€
-
€
-
Mutatie benodigd investeringskrediet
€
-3.000.000
€
4.000.000
€
-
€
-
Totaal buiten gesloten systeem
€
1.400.000
€
13.838.000
€
1.289.000
€
1.356.000
Totaal beschikbaar investeringskrediet
€
9.910.000
€
675.000
€
985.000
€
-
Totaal verschil
€
-8.510.000
€
13.163.000
€
304.000
€
1.356.000
Tabel 9 Investeringsplanning 2023-2026 (binnen gesloten systeem) Investeringen binnen gesloten systeem
2023
2024
2025
Riolering
€
5.000.000
€
4.000.000
€
2026
4.000.000
€
4.000.000
Beschikbaar investeringskrediet
€
3.381.000
€
4.776.000
€
722.000
€
150.000
Verschil
€
1.619.000
€
-776.000
€
3.278.000
€
3.850.000
Afval
€
250.000
€
250.000
€
250.000
€
250.000
Beschikbaar investeringskrediet
€
Verschil
€
250.000
€
250.000
€
250.000
€
Tractie binnen gesloten systeem
€
148.000
€
26.000
€
40.000
€
-
Beschikbaar investeringskrediet
€
148.000
€
26.000
€
40.000
€
-
Verschil
€
€
-
€
-
€
-
Totaal gesloten systeem Totaal beschikbare investeringskrediet (begroting 2022) Totaal mutaties investeringskredieten (binnen gesloten systeem)
€
5.398.000
€
4.276.000
€
4.290.000
€
4.250.000
€
3.529.000
€
4.802.000
€
762.000
€
150.000
€
1.869.000
€
-526.000
€
3.528.000
€
4.100.000
-
-
€
-
€
-
€
250.000
14
5.2 Effecten investeringen Er is in deze periode in totaal € 36,1 miljoen investeringskrediet benodigd. Bijna € 15,3 miljoen meer dan wat er in de meerjarenbegroting 2022 beschikbaar is gesteld. Dit heeft te maken met forse prijsstijgingen en het actualiseren van kredieten. Aan de nu geactualiseerde investeringsuitgaven binnen en buiten het gesloten systeem is een financieringsbehoefte verbonden, omdat het eigen vermogen niet in liquide middelen beschikbaar is. Eind 2026 leiden de opgenomen investeringen tot een vreemd vermogen-positie van ca. € 54,4 miljoen en een netto schuldquote van rond de 87%. Het schuldenplafond wordt hierdoor met € 1.443.000 overschreden, zie tabel 10. Daarmee overschrijdt het bijgestelde investeringsprogramma het door de raad vastgestelde absolute schuldenplafond van € 53 miljoen in 2026. Om uitvoering te kunnen geven aan de bijgestelde investeringsplanning is het noodzakelijk het schuldenplafond aan te passen. Om die reden is bij deze kadernota het voorstel nota schuldenbeheersing toegevoegd, onderbouwd met een advies van een extern adviesbureau. Daarin wordt o.a. geconcludeerd dat volgens de VNG en financieel toezichthouder een verruiming van het schuldenplafond geen probleem is, zolang de netto schuldquote zich onder de risiconorm van 130% beweegt. Een norm die als risicogrens wordt gehanteerd.
Tabel 10 Ruimte onder huidig schuldenplafond van € 53 miljoen 2022
2023
2024
2025
2026
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar) Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ 24.500.000
€
22.018.000
€ 17.960.000
€ 2.646.000
€
586.000
€ -4.899.000
€
-6.798.000
€ -18.114.000
€ -5.579.000
€
-5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€
2.417.000
€
2.740.000
€
2.800.000
€ 3.519.000
€
3.577.000
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 22.018.000
€
17.960.000
€
2.646.000
€
€
-1.443.000
586.000
Actualisatie Nota Schuldenbeheersing De ambities en uitdagingen waar we als gemeente voor staan manifesteren zich binnen ‘financiële schaarste’. Naast de landelijke financiële spelregels heeft de raad in 2018 een investeringsplafond vastgesteld. Deze is destijds vastgesteld op 100% netto schuldquote en vertaalde zich toendertijd naar een absoluut bedrag van € 53 miljoen. Op basis van de begroting 2022 staat een netto schuldquote van 100% gelijk aan een bedrag van € 62 miljoen. De VNG hanteert daarentegen een risiconorm voor gemeenten van 130% en stelt dat een waarde tussen 100% en 130% als risicovol wordt gezien. Het advies vanuit de VNG is om schulden af te bouwen als de netto schuldquote boven de 130% uitkomt. Inmiddels ligt er een geactualiseerde nota schuldenbeheersing 2022 en een aangepast kader ter besluitvorming voor bij de gemeenteraad. In dit voorstel wordt bij een schuldennorm tussen de 100% en 130% netto schuldquote gesproken over een verhoogd risico waarbij wel investeringen kunnen plaatsvinden. De investeringen worden opnieuw afgewogen (inclusief de vervangingsinvesteringen en investeringen binnen het gesloten systeem). Daarbij zullen investeringen vanuit een wettelijke taak voorrang krijgen op investeringen waarop veel beleidsvrijheid is. Wanneer de schuldennorm boven de 130% netto schuldquote uitkomt vinden er 15
in principe geen (vervangings)investeringen plaats, tenzij de investeringen noodzakelijk zijn om het minimale niveau van dienstverlening aan burgers en bedrijven te kunnen blijven bieden (bijv. instandhouding rioleringsstelsel). Dekkingsaspect investeringen In beginsel zou de ruimte in het vrij besteedbare deel van de concernreserve ingezet kunnen worden om de afschrijvingen verbonden aan nieuwe investeringen te dekken door de benodigde middelen toe te voegen aan de bestemmingsreserve kapitaallasten. Dit vermogen is zoals aangegeven echter niet in liquiditeit beschikbaar. Het heeft om die reden de voorkeur om de afschrijvingslasten van investeringen te dekken binnen de exploitatie zonder de inzet van reserves. Als uitwerking van amendement 154 onderwijshuisvesting stellen we voor om de incidentele kosten bij de nieuwbouw van de onderwijshuisvesting te dekken uit de door de raad nieuw in te stellen reserve onderwijshuisvesting. Deze reserve wordt gevoed door de concernreserve voor een bedrag dat gelijk staat aan de geraamde sloopkosten en tijdelijke huisvestingskosten bij de nieuwbouw van de Fortgensschool in 2024. De overige investeringen in onderwijshuisvesting staan gepland voor na 2026 en vallen daarmee buiten het meerjarenbeeld van deze kadernota.
5.3 Voorlopige conclusie Naast relatief grote onzekerheden op het gebied van structurele extra rijksmiddelen voor Jeugdhulp, en de effecten van de herverdeling van de algemene uitkering en de opschalingskorting speelt voor Voorschoten met name de beschikbare ruimte onder het schuldenplafond een belangrijke rol. Op basis van de beschikbare ruimte zit er een limiet aan de investeringen die de gemeente zich kan veroorloven. Het is uiteindelijk aan de gemeenteraad om daar in te prioriteren en keuzes te maken. In bijlage 1 is uitwerking gegeven aan amendement 144, waarin een overzicht is opgenomen van de thans gewenste investeringen op de korte en middellange termijn.
16
Bijlage 1: Uitwerking amendement 144 In de raadsvergadering van 11 november 2021 is amendement 144 vastgesteld. Hierin wordt het college opgedragen een overzicht op te stellen van de thans gewenste investeringen op de korte en middellange termijn, alsmede de gevolgen voor de schuldpositie en de resterende investeringsruimte. Er worden drie categorieën investeringen onderscheiden: 1. investeringen bestaand beleid, zoals opgenomen in de kadernota; 2. nieuwe investeringen als gevolg van wettelijke taken; 3. nieuwe investeringen met keuzevrijheid. De investeringen bestaand beleid betreffen onder andere de Fortgensschool, de gemeentewerf en de multifunctionele accommodatie Wijngaardenlaan. Het betreft niet uitsluitend wettelijke taken. In tegenstelling tot de nieuwe investeringen als gevolg van wettelijke taken, zoals de Nutsschool en RKbs Emmaus. Bij de categorie nieuwe investeringen met keuzevrijheid zijn opgenomen het integraal kindcentrum, nieuwe sporthal en renovatie van het zwembad. In onderstaand overzicht zijn de gewenste investeringen meegenomen op prijspeil 2023 en in de minimale variant. Voor de investeringen waar meerdere uitvoering-opties mogelijk zijn, is eveneens een tabel opgenomen met de verschillende varianten, zie tabel 15.
Tabel 11 Investeringsplanning 2022-2032 (Kadernota) en mogelijke nieuwe investeringen / BBN rapport / minimale variant / prijspeil 2023 Investering
2022
2023
2024
2025
2026
Investeringen Bruggen / civieltechnische kunstwerken
€
575.000
€ 540.000
€
149.000
€
269.000
€ 396.000
Investeringen wegen
€
300.000
€ 550.000
€
600.000
€
660.000
€ 600.000
Investeringen Verkeersmaatregelen / inrichting
€
455.000
€ 310.000
€
451.000
€
360.000
€ 360.000
MultiFunctionele Accommodatie, wijngaardenlaan
€
-
€
-
€ 5.205.000
€
-
€
-
Koninklijke Marinelaan / gemeentewerf
€
-
€
-
€ 3.400.000
€
-
€
-
Verduurzaming vastgoed
€
334.000
€
-
€
33.000
€
-
€
-
Gemeentehuis upgrade & verduurzamen
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Fortgenschool (bouwkosten)
€
-
€
-
€ 4.000.000
€
-
€
-
Tractie (buiten gesloten systeem)
€
77.000
€
-
€
-
€
-
€
-
Nutsbasisschool (bouwkosten)
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
RKbs Emmaus
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Integraal kindcentrum
€
-
€
-
€ 2.415.000
€
-
€
-
Sporthal
€
-
€
-
€
-
€ 9.700.000
€
-
Zwembad Het Wedde (renovatie)
€
-
€
-
€
-
€
€
-
Totale investeringen (buiten gesloten systeem)
€
1.741.000
€ 1.400.000
€ 16.253.000
€ 10.989.000
€ 1.356.000
IWKP (gesloten systeem)
€
1.500.000
€5.000.000
€ 4.000.000
€ 4.000.000
€ 4.000.000
Afval (gesloten systeem)
€
250.000
€ 250.000
€
250.000
€
250.000
€ 250.000
Grondstoffenplan (gesloten systeem)
€
731.000
€
-
€
-
€
-
€
-
Tractie (gesloten systeem)
€
677.000
€ 148.000
€
26.000
€
40.000
€
-
Totale investeringen (binnen gesloten systeem)
€
3.158.000
€ 5.398.000
€ 4.276.000
€ 4.290.000
€ 4.250.000
Totale investeringen
€
4.899.000
€ 6.798.000
€ 20.529.000
€ 15.279.000
€ 5.606.000
-
17
Investering
2027
2028
2029
2030
2031
2032
Investeringen Bruggen / civieltechnische kunstwerken
€ 1.147.000
€ 176.000
€
-
€
-
€
-
€1.768.000
Investeringen wegen
€
600.000
€ 600.000
€ 600.000
€
600.000
€
600.000
€ 600.000
Investeringen Verkeersmaatregelen / inrichting
€
360.000
€ 360.000
€ 360.000
€
360.000
€
360.000
€ 360.000
MultiFunctionele Accommodatie, wijngaardenlaan
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Koninklijke Marinelaan / gemeentewerf
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Verduurzaming vastgoed
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Gemeentehuis upgrade & verduurzamen
€ 11.070.000
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Fortgenschool(bouwkosten)
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Tractie (buiten gesloten systeem)
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Nutsbasisschool (bouwkosten)
€ 4.200.000
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
RKbs Emmaus
€
-
€
-
€
-
€
-
€ 5.100.000
€
-
Integraal kindcentrum
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Sporthal
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Zwembad Het Wedde (renovatie)
€
-
€
-
€
-
€ 8.625.000
€
-
€
-
Totale investeringen (buiten gesloten systeem)
€17.377.000
€1.136.000
€ 960.000
€ 9.585.000
€ 6.060.000
€2.728.000
IWKP (gesloten systeem)
€ 4.000.000
€4.000.000
€ 4.000.000
€ 4.000.000
€ 4.000.000
€4.000.000
Afval (gesloten systeem)
€
250.000
€ 250.000
€ 250.000
€
250.000
€
250.000
€ 250.000
Grondstoffenplan (gesloten systeem)
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Tractie (gesloten systeem)
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Totale investeringen (binnen gesloten systeem)
€ 4.250.000
€ 4.250.000
€ 4.250.000
€ 4.250.000
€ 4.250.000
€ 4.250.000
Totale investeringen
€ 21.627.000
€ 5.386.000
€ 5.210.000
€ 13.835.000
€ 10.310.000
€ 6.978.000
Toelichting: Bestaand beleid Nieuwe investeringen wettelijke taken Nieuwe investeringen met keuze vrijheid
De verduurzaming van het vastgoed is niet opgenomen in de investeringsplanning, met uitzondering van de huidige pilot en een investering in 2024. BBN heeft de verduurzamingsopgave voor de gemeentelijke panden becijfert op minimaal € 12,3 miljoen (bij reactief beleid). Deze investeringen vallen buiten de termijn van deze investeringsplanning. Tabel 12 Ruimte onder huidig schuldenplafond (€ 53 miljoen) Huidig schuldenplafond 53 mln (bestaand beleid) 2022
2023
2024
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 24.500.000
€ 22.018.000
€ 17.960.000
€
2025
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -18.114.000
€ -5.579.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
2.800.000
€
3.519.000
€
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 22.018.000
€ 17.960.000
€
2.646.000
€
586.000
2.646.000
2.646.000
2026 €
586.000 3.577.000
€ -1.443.000
Huidig schuldenplafond 53 mln (bestaand beleid + wettelijke taken) 2022
2023
2024
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 24.500.000
€ 22.018.000
€ 17.960.000
€
2025
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -18.114.000
€ -5.579.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
2.800.000
€
3.519.000
€
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 22.018.000
€ 17.960.000
€
2.646.000
€
586.000
18
2026 €
586.000 3.577.000
€ -1.443.000
Huidig schuldenplafond 53 mln (bestaand beleid + wettelijke taken & nieuwe investeringen) 2022
2023
2024
2025
2026
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 24.500.000
€ 22.018.000
€ 17.960.000
€
231.000
€ -11.469.000
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -20.529.000
€ -15.279.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
2.800.000
€
€
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 22.018.000
€ 17.960.000
€
231.000
3.579.000
€ -11.469.000
3.880.000
€ -13.195.000
Tabel 13 Ruimte onder schuldenplafond bij netto schuldquote 100% Schuldplafond - 100% netto schuldquote (bestaand beleid) 2022
2023
2024
2025
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 33.845.000
€ 31.363.000
€ 27.305.000
€ 11.991.000
€
2026
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -18.114.000
€ -5.579.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
2.800.000
€
3.519.000
€
3.577.000
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 31.363.000
€ 27.305.000
€ 11.991.000
€
9.931.000
€
7.902.000
9.931.000
9.931.000
Schuldplafond - 100% netto schuldquote (bestaand beleid + wettelijke taken) 2022
2023
2024
2025
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 33.845.000
€ 31.363.000
€ 27.305.000
€ 11.991.000
€
2026
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -18.114.000
€ -5.579.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
2.800.000
€
3.519.000
€
3.577.000
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 31.363.000
€ 27.305.000
€ 11.991.000
€
9.931.000
€
7.902.000
Schuldplafond - 100% netto schuldquote (bestaand beleid + wettelijke taken & nieuwe investeringen ) 2022
2023
2024
2025
2026
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 33.845.000
€ 31.363.000
€ 27.305.000
€
9.576.000
€ -2.124.000
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -20.529.000
€ -15.279.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
2.800.000
€
€
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 31.363.000
€ 27.305.000
€
9.576.000
€ -2.124.000
3.579.000
3.880.000
€ -3.850.000
Tabel 14 Ruimte onder schuldenplafond bij netto schuldquote 130% Schuldplafond - 130% netto schuldquote (bestaand beleid) 2022
2023
2024
2025
2026
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 52.548.500
€ 50.066.500
€ 46.008.500
€ 30.694.500
€ 28.634.500
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -18.114.000
€ -5.579.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
€
€
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 50.066.500
€ 46.008.500
€ 30.694.500
2.800.000
3.519.000
€ 28.634.500
3.577.000
€ 26.605.500
Schuldplafond - 130% netto schuldquote (bestaand beleid + wettelijke taken) 2022
2023
2024
2025
2026
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 52.548.500
€ 50.066.500
€ 46.008.500
€ 30.694.500
€ 28.634.500
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -18.114.000
€ -5.579.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
€
€
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 50.066.500
€ 46.008.500
€ 30.694.500
2.800.000
3.519.000
€ 28.634.500
3.577.000
€ 26.605.500
Schuldplafond - 130% netto schuldquote (bestaand beleid + wettelijke taken & nieuwe investeringen) 2022
2023
2024
2025
2026
Ruimte onder huidige schuldenplafond (begin v/h jaar)
€ 52.548.500
€ 50.066.500
€ 46.008.500
€ 28.279.500
€ 16.579.500
Totale investeringen (binnen en buiten gesloten systeem)
€ -4.899.000
€ -6.798.000
€ -20.529.000
€ -15.279.000
€ -5.606.000
Afschrijving op bestaande investeringen
€ 2.417.000
€ 2.740.000
€
€
€
Ruimte onder huidige schuldenplafond (einde v/h jaar)
€ 50.066.500
€ 46.008.500
€ 28.279.500
2.800.000
3.579.000
€ 16.579.500
19
3.880.000
€ 14.853.500
Hieronder is een grafische weergave van de ontwikkeling van de gewenste investeringen afgezet tegen het huidige schuldenplafond van € 53 miljoen, een schuldennorm van 100% netto schuldquote en 130% netto schuldquote voor de komende jaren.
Ontwikkeling 'Schulden en Investeringen' 150.000
100.000
x € 1.000
50.000
0 2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
-50.000
-100.000
-150.000 Schulden
Schulden (incl simulatie)
Investeringen
Investeringen (incl simulatie)
Schulden (kort en lang) - 130% norm
Schulden (kort en lang) - 100% norm
De blauwe lijn geeft het effect van het geactualiseerde investeringsprogramma bij deze kadernota op de investeringen en schulden weer. De groene stippellijn geeft het effect van de uitwerking van amendement 144 weer. Het wordt vergeleken met een netto schuldquote van 100% (gele lijn) en een netto schuldquote van 130% (oranje lijn). De norm van 130% wordt als risicogrens gehanteerd door de VNG.
20
In onderstaande tabel staan de investeringen met meerdere uitvoeringsopties zoals door BBN geraamd. BBN is een onafhankelijk adviesbureau op het gebied van vastgoedadvies en bouwmanagement. Tabel 15: Investeringen met meerdere uitvoering-opties / BBN rapport / prijspeil 2023 Omschrijving MultiFunctionele Accommodatie, Wijngaardenlaan MultiFunctionele Accommodatie, locatie Kruiskpuntkerk MultiFunctionele Accommodatie, nieuwbouw
Investeringsbedrag € € €
5.205.000 1.986.000 10.451.000
Zwembad Het Wedde, afstoten Zwembad Het Wedde, renovatie Zwembad Het Wedde, nieuwbouw
€ € €
8.625.000 17.250.000
Gemeentehuis upgrade & verduurzamen Gemeentehuis, nieuwbouw
€ €
11.070.000 13.185.000
Verduurzaming gemeentelijk vastgoed Reactief: Allen maatregelen om te voldoen aan wet- & regelgeving Actief: Naast wet- & regelgeving ook maatregelen die zich terugverdienen
€ € €
12.353.000 15.318.000
In onderstaand overzicht zijn bovengenoemde uitvoeringsopties opgenomen waarbij de bijhorende structurele investerings- en exploitatielasten worden afgezet tegenover de reeds beschikbare budgetten in onze meerjarenbegroting. Tabel 16: (Aanvullende) lasten voor investeringen met meerdere uitvoeringsopties / BBN rapport / prijspeil 2023
MultiFunctionele Accommodatie, Wijngaardenlaan
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Investeringskosten Kapitaallasten investering
€
238.905
€
237.843
€ 236.781
€235.720
€ 234.658
€ 233.596
€ 232.534
Onderhoud
€
43.679
€
43.532
€
44.403
€ 45.291
€ 46.197
€ 47.121
€
48.063
Zakelijke lasten
€
6.095
€
6.217
€
6.341
€
€
€
€
6.864
Totaal lasten
€
287.679
€
287.592
€ 287.525
€ 287.479
€ 287.452
€ 287.446
€ 287.461
Beschikbaar budget begroting 2022
€
155.051
€
155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
Aanvullende lasten
€
132.628
€
132.541
€ 132.474
€ 132.428
€ 132.401
€ 132.395
€ 132.410
Exploitatiekosten
6.468
6.597
6.729
21
MultiFunctionele Accommodatie, locatie Kruiskpuntkerk
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Investeringskosten Kapitaallasten investering
€
91.173
€
90.768
€
90.362
€ 89.957
€ 89.552
€ 89.147
€
Huurlast
€
346.801
€
353.737
€ 360.812
€ 368.028
€ 375.388
€ 382.896
€ 390.554
88.742
Onderhoud
€
30.697
€
31.311
€
31.938
€ 32.576
€ 33.228
€ 33.892
€
34.570
Zakelijke lasten
€
6.578
€
6.710
€
6.844
€
€
€
€
7.408
Totaal kosten
€
475.249
€
482.526
€ 489.956
€ 497.542
€ 505.288
€ 513.198
€ 521.274
Beschikbaar budget begroting 2022
€
155.051
€
155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
Aanvullende lasten
€
320.198
€
327.475
€ 334.905
€ 342.491
€ 350.237
€ 358.147
€ 366.223
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Exploitatiekosten
MultiFunctionele Accommodatie, Nieuwbouw
2024
6.981
7.120
7.263
Investeringskosten Kapitaallasten investering
€
-
€
315.688
€ 314.394
€ 313.100
€ 311.806
€ 310.512
€ 309.217
Onderhoud
€
-
€
81.154
€
82.777
€ 84.433
€ 86.121
€ 87.844
€
89.601
Zakelijke lasten
€
-
€
11.126
€
11.348
€ 11.575
€ 11.807
€ 12.043
€
12.284
Totaal kosten
€
-
€
407.968
€ 408.519
€ 409.108
€ 409.734
€ 410.399
€ 411.102
Reeds opgenomen lasten
€
-
€
155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
€ 155.051
Aanvullende lasten
€
-
€
252.917
€ 253.468
€ 254.057
€ 254.683
€ 255.348
€ 256.051
2025
2026
2027
2028
2029
2030
403.805
€ 402.011
€ 400.216
€ 398.421
€ 396.626
€ 394.832
€
€
€
€
€
Exploitatiekosten
Zwembad Het Wedde, renovatie
2024
Investeringskosten Kapitaallasten investering
€
-
€
Kapitaallasten boekwaarde
€
-
€
-
Onderhoud
€
-
€
200.381
Zakelijke lasten
€
-
€
6.466
€
185.000
€ 185.000
€ 185.000
€ 185.000
€ 185.000
€ 185.000
-
-
-
-
-
Exploitatiekosten
Overige inkomensoverdrachten
€ 204.389
€ 208.476
€ 212.646
€ 216.899
€ 221.237
€
€
€
€
€
6.595
6.727
6.861
6.999
7.139
Totaal kosten
€
-
€
795.652
€ 797.995
€ 800.419
€ 802.928
€ 805.524
€ 808.208
Reeds opgenomen lasten
€
-
€
256.239
€ 259.680
€ 263.121
€ 266.562
€ 270.003
€ 273.444
Aanvullende lasten
€
-
€
539.413
€ 538.315
€ 537.298
€ 536.366
€ 535.521
€ 534.764
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Zwembad, nieuwbouw
2024
Investeringskosten Kapitaallasten investering
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€ 594.445
Kapitaallasten boekwaarde
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
Onderhoud
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€ 230.086
Zakelijke lasten
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€ 185.000
-
Exploitatiekosten
Overige inkomensoverdrachten
7.139
Totaal kosten
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€1.016.670
Reeds opgenomen lasten
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€ 273.444
Aanvullende lasten
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€ 743.226
22
Gemeentehuis upgrade & verduurzamen
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Investeringskosten Kapitaallasten investering
€
-
€
-
€
-
€ 590.472
€ 587.826
€ 585.179
€ 582.533
Kapitaallasten boekwaarde
€
-
€
-
€
-
€
€
€
€
Onderhoud
€
-
€
-
€
-
€ 181.320
€ 184.946
€ 188.645
€ 192.418
Zakelijke lasten
€
-
€
-
€
-
€ 29.686
€ 30.280
€ 30.886
€
Totaal kosten
€
-
€
-
€
-
€ 801.478
€ 803.052
€ 804.710
€ 806.454
Reeds opgenomen lasten
€
-
€
-
€
-
€ 255.493
€ 255.493
€ 255.493
€ 255.493
Aanvullende lasten
€
-
€
-
€
-
€ 545.985
€ 547.559
€ 549.217
€ 550.961
2026
2027
2028
2029
2030
-
-
-
-
Exploitatiekosten
Gemeentehuis, nieuwbouw
2024
2025
31.503
Investeringskosten Kapitaallasten investering
€
-
€
-
€
-
€ 428.146
€ 426.362
€ 424.549
€ 422.795
Kapitaallasten boekwaarde
€
-
€
-
€
-
€
€
€
€
Onderhoud
€
-
€
-
€
-
€ 141.435
€ 144.264
€ 147.149
€ 150.092
Zakelijke lasten
€
-
€
-
€
-
€
€
€
€
Totaal kosten
€
-
€
-
€
-
€ 577.407
€ 578.609
€ 579.841
€ 581.192
Reeds opgenomen lasten
€
-
€
-
€
-
€ 255.493
€ 255.493
€ 255.493
€ 255.493
Aanvullende lasten
€
-
€
€
-
€ 321.914
€ 323.116
€ 324.348
€ 325.699
-
-
-
-
Exploitatiekosten
-
7.826
7.983
8.143
In het amendement is ook gevraagd naar het combineren van fysieke investeringsprojecten. Eventuele combinaties hebben geen substantiële verschillen in de investeringsbedragen opgeleverd waardoor de meerwaarde van eventuele combinaties, in deze fase van het onderzoek, is komen te vervallen.
23
8.305
Bijlage 2: Geactualiseerde nota schuldenbeheersing 2022 In de geactualiseerde nota schuldenbeheersing wordt voorgesteld om de volgende kaders vast te stellen: 1. De schuldennorm relateren aan netto schuldquote en dit als volgt te faseren: a. < 100% netto schuldquote = groen, dit betekent dat er geen beperkingen zijn en dat vervangingsinvesteringen en gesloten systeem investeringen kunnen plaatsvinden. b. 100 – 130% netto schuldquote = oranje, een verhoogd risico waarbij er wel investeringen kunnen plaatsvinden, maar dat de vervangingsinvesteringen en gesloten systeem investeringen ook afgewogen dienen te worden. c. > 130% netto schuldquote = rood, in principe vinden er geen investeringen plaats, ook geen vervangingsinvesteringen tenzij dit leidt tot onveilige situaties. 2. De toename van kapitaallasten maximeren op € 400.000 voor de raadsperiode 2023-2026 (exclusief vervangingsinvesteringen en investeringen in gesloten systeem, zoals riolering). Daarbij de mogelijkheid te bieden om bij de begroting een voorstel te kunnen doen om het kader te herzien op basis van prijsontwikkelingen en/of begrotingsvolume.
24
Bijlage 3: Knoppen om aan te draaien om begrotingsruimte te creëren?
Kansen (bestuurlijke keuzes)
2023
2024
2025
2026
€0 - €450.000
€0 - €650.000
€0 - €700.000
€0 - €1.100.000
Verminderen van onderhouds- en 2 gebruikerslasten van panden en gronden in eigendom door verkoop2
n.t.b.
n.t.b.
n.t.b.
n.t.b.
Ombuigingen (bijna uitsluitend op niet wettelijke taken)
n.t.b.
n.t.b.
n.t.b.
n.t.b.
n.t.b.
n.t.b.
n.t.b.
n.t.b.
1
3
Mogelijke besparingen hervormingsagenda jeugd
4 OZB verhogen
In het herstelplan 2017-2020 is een deel van de gemeentelijke accommodaties gecategoriseerd als strategische portefeuille. Deze accommodaties zijn aangemerkt als mogelijke ontwikkellocaties of om te worden afgestoten. Daar is destijds rekening mee gehouden in het onderhoudsbudget en was daarmee sprake van een bezuiniging. In 2022 wordt hier op voortgeborduurd en wordt de vastgoedportefeuille herijkt. De vraag die hierbij centraal staat is hoe de maatschappelijke doelstellingen gefaciliteerd kunnen worden door het in eigendom hebben van maatschappelijk vastgoed. Alsdan is duidelijk welke panden de gemeente behoudt, welke panden worden afgestoten en/of er wellicht nog vastgoed dient te worden aangekocht. 2
25