Bijlage 1 Dienstverleningsovereenkomst maatschappelijke ondersteuning Voorschoten en Wassenaar
Tekst van het document
Dienstverleningsovereenkomst MO Taken tussen gemeente Voorschoten en gemeente Wassenaar
Pagina 1 van 17
Inhoud Hoofdstuk 1
Algemene bepalingen ......................................................................................................3
Artikel 1
Begripsbepalingen ...........................................................................................................3
Artikel 2
Doel van de overeenkomst ..............................................................................................4
Hoofdstuk 2
Taken samenwerking ......................................................................................................5
Artikel 3
Taakopdracht MO ............................................................................................................5
Artikel 4
Overdracht rechten en plichten en uitvoering door derden .............................................6
Hoofdstuk 3
Serviceafspraken .............................................................................................................6
Artikel 5
Loket ................................................................................................................................6
Artikel 6
Toegang tot systemen .....................................................................................................6
Artikel 7
Klachten...........................................................................................................................6
Artikel 8
Bezwaren.........................................................................................................................6
Hoofdstuk 4
Governance van de samenwerking .................................................................................7
Artikel 9
Bestuurlijk opdrachtgevers-/opdrachtnemersoverleg ......................................................7
Artikel 10
Gedelegeerd opdrachtgeversoverleg ..............................................................................7
Artikel 11
Accounthoudersoverleg ...................................................................................................8
Artikel 12
Bevoegdheden en verantwoordelijkheden ......................................................................9
Artikel 13
Rapportage ....................................................................................................................10
Hoofdstuk 5
Financiering ...................................................................................................................10
Artikel 14
Raming en verantwoording............................................................................................10
Artikel 15
Financiële raming en verantwoording............................................................................12
Artikel 16
Betaling..........................................................................................................................12
Hoofdstuk 6
Communicatie, geheimhouding en privacy....................................................................13
Artikel 17
Communicatie................................................................................................................13
Artikel 18
Geheimhouding .............................................................................................................13
Hoofdstuk 7
Niet-nakoming, aansprakelijkheid en geschillenbeslechting .........................................13
Artikel 19
Niet-nakoming en Aansprakelijkheid .............................................................................13
Artikel 20
Geschillenbeslechting....................................................................................................14
Hoofdstuk 8
Beëindiging en wijziging ................................................................................................15
Artikel 21
Beëindigen overeenkomst .............................................................................................15
Artikel 22
Transitie Personeel........................................................................................................15
Artikel 23
Eenzijdige beëindiging van de overeenkomst ...............................................................16
Artikel 24
Wijziging overeenkomst.................................................................................................16
Hoofdstuk 9
Overige bepalingen .......................................................................................................17
Artikel 25
Publiekrechtelijke verplichtingen en nietigheid ..............................................................17
Artikel 26
Inwerkingtreding, looptijd en bijlagen ............................................................................17
Artikel 27
Citeertitel .......................................................................................................................17
Pagina 2 van 17
Ondergetekenden: 1. De gemeente Voorschoten, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de burgemeester, drs. N. Stemerdink, ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van 8 juni 2021, hierna te noemen ‘Voorschoten’; en 2. De gemeente Wassenaar, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de burgemeester, drs. L.A. de Lange, ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders 8 juni 2021, hierna te noemen ‘Wassenaar’; Gezamenlijk hierna te noemen gemeenten en afzonderlijk gemeente; Overwegende het volgende:
de gemeenten hebben sinds 1 januari 2013 een gezamenlijke ambtelijke organisatie, die ondergebracht is, in het gemeenschappelijk openbaar lichaam Werkorganisatie Duivenvoorde;
de burgemeesters en colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten op 16 december 2020 hebben besloten om de Werkorganisatie Duivenvoorde op te heffen;
de gemeenten wensen wel te blijven samenwerken op het gebied van Maatschappelijke Ontwikkeling;
de beoogde samenwerking tussen de gemeenten zich kenmerkt door het gezamenlijk bewerkstelligen dat de openbare diensten die zij moeten uitvoeren, die worden verleend met het oog op de verwezenlijking van hun gemeenschappelijke doelstellingen waarbij de invulling van die samenwerking uitsluitend berust op overwegingen in verband met het openbaar belang, een en ander overeenkomstig artikel 2.24c. van de Aanbestedingswet 2012;
deze dienstverleningsovereenkomst legt de onderlinge verantwoordelijkheden en verplichtingen vast conform de besluiten van de colleges en de wensen en bedenkingen van de raden: o
college van B&W van Voorschoten van 8 juni 2021;
o
wensen en bedenkingen gemeenteraad van Wassenaar 25-3-2021;
o
college van B&W van Wassenaar 8 juni 2021;
o
wensen en bedenkingen gemeenteraad van Wassenaar 30-3-2021;
verklaren te zijn overeengekomen als volgt: Hoofdstuk 1 Artikel 1
Algemene bepalingen
Begripsbepalingen
1.1
Accounthouder: een accounthouder overeenkomstig Artikel 11.
1.2
Basisdienstverleningspakket: de basisdiensten die door opdrachtnemer worden geleverd, zoals bepaald in Bijlage I van deze dienstverleningsovereenkomst.
1.3
Bedrijfsvoeringstaken: aan het primaire proces van MO-taken ondersteunende financiële, facilitaire en juridische taken.
1.4
Bestuurlijk opdrachtgever: een bestuurlijk opdrachtgever overeenkomstig Artikel 9.
1.5
Bestuurlijk opdrachtnemer: een bestuurlijk opdrachtnemer overeenkomstig Artikel 9.
1.6
Burgemeester: de burgemeester van Voorschoten en/of Wassenaar.
1.7
College: het college van Burgemeester en Wethouders van Voorschoten of Wassenaar. Pagina 3 van 17
1.8
Diensten: de diensten die de opdrachtnemer op basis van deze dienstverleningsovereenkomst aan de opdrachtgever levert.
1.9
Gedelegeerd opdrachtgever: een gedelegeerd opdrachtgever overeenkomstig Artikel 10.
1.10 Gedelegeerd opdrachtnemer: een gedelegeerd opdrachtnemer overeenkomstig Artikel 10. 1.11 Gemeentesecretaris: de secretaris van de gemeente Voorschoten of gemeente Wassenaar. 1.12 Jaarplan: het plan dat de opdrachtnemer en opdrachtgever gezamenlijk jaarlijks vaststellen over de uit te voeren diensten van de opdrachtgever, de kosten, de in te zetten middelen en te behalen resultaten. 1.13 Meerwerk: werkzaamheden die 1.13.1 voor één gemeente worden uitgevoerd en in het jaarplan zijn opgenomen, 1.13.2 op basis van het vastgestelde jaarplan niet kunnen worden uitgevoerd met de vastgestelde formatie van de afdeling MO, of 1.13.3 aanvullend op het jaarplan worden vastgesteld bij separate opdrachtovereenkomst. 1.14 MO: Maatschappelijke Ontwikkeling. 1.15 OGON: opdrachtgevers-/opdrachtnemersoverleg 1.16 Opdrachtgever: de gemeente Wassenaar die aan de gemeente Voorschoten de opdracht geeft om MO-taken uit te voeren. 1.17 Opdrachtnemer: de gemeente Voorschoten die de opdracht van de gemeente Wassenaar ontvangt om MO-taken uit te voeren. 1.18 Product: een definieerbaar en zo mogelijke tastbaar resultaat van activiteiten die de opdrachtnemer verricht voor de opdrachtgever, zoals een beleidsnotitie of verordening.
1.19 PDCA-cyclus: de cyclus van plan, do, check, act voor de uitvoering van de opdracht in financiële en kwalitatieve zin betreffende prestatie-indicatoren, op basis van jaarplan, begroting, management- en bestuursrapportages alsmede jaarrekening en verantwoording. 1.20 Taak: de taak MO overeenkomstig Artikel 3. 1.21 Taakopdracht: de jaarlijkse opdracht die de opdrachtnemer van de opdrachtgever ontvangt om zijn taken uit te voeren. 1.22 Taakuitvoering: de uitvoering van een taak door de opdrachtnemer. Artikel 2 2.1
Doel van de overeenkomst Het doel van deze dienstverleningsovereenkomst is het vastleggen van de voorwaarden en afspraken waaronder de wederkerige publiek-publieke samenwerking tussen gemeenten op het gebied van MO plaatsvindt met het oog op de verwezenlijking van hun gemeenschappelijke doelstellingen en de overwegingen in verband met het openbaar belang.
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Taken samenwerking
Taakopdracht MO De gemeente Voorschoten voert als opdrachtnemer van de gemeente Wassenaar met inachtneming van de door de bestuursorganen van Wassenaar gestelde kaders, regelgeving, de beschikbaar gestelde middelen, het uitvoeringsbeleid en bijbehorende randvoorwaarden de volgende MO-taken uit:
Pagina 4 van 17
3.1.1
Uitvoering van de taken en bevoegdheden van het college op grond van Wet maatschappelijke ondersteuning, Jeugdwet en Participatiewet;
3.1.2
Uitvoering van de taken en bevoegdheden van het college op grond van wetgeving en autonome gemeentelijke taken op het terrein van sport, kunst, cultuur, bibliotheek, toezicht en handhaving kinderopvang, onderwijs en volksgezondheid en algemeen subsidiebeleid;
een en ander uitgewerkt in het basisdienstverleningspakket 3.2
Tot de taakuitvoering overeenkomstig lid 3.1 hoort in ieder geval: 3.2.1
Beleidsvoorbereiding, beleidsadvisering en beleidsuitvoering;
3.2.2
Inkoop en subsidiering in naam van de opdrachtgever van maatschappelijke voorzieningen;
3.2.3
Vertegenwoordiging van opdrachtgever in lokale, regionale, bovenregionale en landelijke ambtelijke organen, gremia en overleggen;
3.2.4
Rekening houden met uitvoeringsbeleid, waaronder - onder meer - wordt verstaan de structurering van het werk door opgavegericht werken, participatief, communicatief en een duidelijk intern opdrachtgeverschap/opdrachtnemerschap.
3.3
De taken die opdrachtnemer in opdracht van opdrachtgever uitvoert zijn opgenomen in het Basisdienstverleningspakket MO. Op basis van het Basisdienstverleningspakket MO en de beschikbare formatie wordt elk jaar een jaarplan opgesteld met daarin 3.3.1
Vaste werkzaamheden die jaarlijks moeten plaatsvinden;
3.3.2
Prioriteiten die voor een specifiek jaar worden gesteld, maar werkzaamheden behelzen die niet jaarlijks hoeven plaats te vinden;
3.3.3
Vooraf bepaald meerwerk dat gedurende het jaar zal worden verricht.
3.4
Indien gedurende het jaar blijkt dat naast de werkzaamheden genoemd in lid 3.3 nog andere werkzaamheden plaats moeten vinden, vindt in gezamenlijkheid een afweging plaats of die betreffende werkzaamheden in plaats van in het voornoemde lid genoemde werkzaamheden treden, dan wel dat sprake is van niet vooraf bepaald meerwerk. Opdrachtgever en opdrachtnemer gaan in het geval van niet vooraf bepaald een opdrachtovereenkomst aan, waarin in ieder geval bepaald wordt welke diensten van de opdrachtgever worden uitgevoerd, de kosten, de in te zetten middelen met inbegrip van de daaraan gerelateerde bedrijfsvoeringtaken en de te behalen resultaten.
3.5
Opdrachtgever mag voor MO-taken zoals bedoeld in lid 3.1, die zijn opgenomen in het jaarplan, geen opdrachten aan derden verstrekken. Voor taken bedoeld in lid 3.1 die niet in het jaarplan staan, kan, na overleg met opdrachtnemer, opdrachtgever een derde partij inschakelen. Voor taken niet bedoeld in lid 3.1 staat het de opdrachtgever vrij een derde partij in te schakelen.
3.6
Onderdeel van de basisdienstverlening, overeenkomstig lid 3.1 en 3.2, vormen de bedrijfsvoeringstaken. Daaronder vallen in ieder geval, maar niet alleen, advisering, begeleiding bij inkooptrajecten, behandeling van bezwaren door de commissie voor de behandeling van bezwaarschriften van de gemeente Voorschoten en beroepen, klachten, verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur, aansprakelijkstellingen en verzekeringen.
Artikel 4 4.1
Overdracht rechten en plichten en uitvoering door derden Deze dienstverleningsovereenkomst en de rechten en verplichtingen uit deze dienstverleningsovereenkomst kunnen door gemeenten niet zonder toestemming van de wederpartij aan derden worden overgedragen. Pagina 5 van 17
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Serviceafspraken
Loket
5.1
Opdrachtgever heeft een loket voor de inwoners van Wassenaar voor aangelegenheden over specifieke MO-taken. In het jaarplan worden de service-afspraken daaromtrent nader gespecifieerd.
5.2
Opdrachtnemer heeft een loket voor de inwoners van Voorschoten voor aangelegenheden over specifieke MO-taken. In het jaarplan worden de service-afspraken daaromtrent nader gespecificeerd.
5.3
Gemeenten zijn verplicht te voorzien in werkplekken die aan de geldende Arbo- en (veiligheids)eisen voldoet. Alle werkzaamheden worden in beginsel onder de geldende werkprotocollen van de opdrachtnemer uitgevoerd.
Artikel 6 6.1
Toegang tot systemen Opdrachtgever geeft opdrachtnemer toegang tot al zijn financiële en administratieve systemen die nodig zijn om de MO-taken te kunnen uitvoeren.
Artikel 7 7.1
Klachten Klachten van inwoners van opdrachtgever over de verleende dienstverlening door opdrachtnemer kunnen worden ingediend bij en worden be- en afgehandeld door de klachtencoördinator van opdrachtnemer. Indien nodig neemt de klachtencoördinator van opdrachtnemer contact op met de accounthouder van opdrachtgever. Klachten worden been afgehandeld volgens de door opdrachtgever gestelde regels daaromtrent.
Artikel 8 8.1
Bezwaren Behandeling van bezwaren vallen onder de bedrijfsvoeringstaken. Belanghebbenden die bezwaar willen maken tegen een besluit dat door opdrachtnemer in mandaat van het college van opdrachtgever is genomen, worden gewezen op de mogelijkheid om deze in te dienen bij het college van de gemeente Wassenaar. De behandeling van bezwaarschriften vindt plaats door de commissie voor de behandeling van bezwaren van de gemeente Voorschoten met inachtneming van de regels die de bestuursorganen van Wassenaar hebben bepaald. Besluiten op bezwaar worden door het college van Wassenaar genomen.
Hoofdstuk 4 Artikel 9
Governance van de samenwerking
Bestuurlijk opdrachtgevers-/opdrachtnemersoverleg
9.1
Er is een bestuurlijk OGON voor uitvoering van de taken bedoeld in Artikel 3.1. Een bestuurlijk OGON bestaat uit de portefeuillehouders voor de betreffende taken voor beide gemeenten en wordt bijgestaan door werknemers van beide gemeenten.
9.2
Het bestuurlijk OGON wordt zo gehouden dat de uitkomsten kunnen worden betrokken in de planning en controlcyclus.
9.3
Het bestuurlijk OGON vindt minimaal twee keer per jaar plaats.
9.4
Het bestuurlijk OGON is verantwoordelijk voor: 9.4.1
relatiebeheer tussen opdrachtgever en opdrachtnemer;
9.4.2
verkennen van de gemeentelijke ambities en op basis hiervan een heldere, duidelijke en uitvoerbare taakopdracht vaststellen: de ‘wat vraag’ en de beleidsmatige randvoorwaarden voor taakuitvoering;
9.4.3
vaststelling van een gezamenlijke aanpak en werkwijze voor de taakuitvoering op strategisch niveau; Pagina 6 van 17
9.5
9.4.4
vaststelling van volume, budget en randvoorwaarden voor taakuitvoering, mede aan de hand van landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen;
9.4.5
vaststelling van een duidelijke en haalbare PDCA-cyclus;
9.4.6
zorgdragen voor voldoende financiële middelen, te betalen door opdrachtnemer aan opdrachtgever voor de uitvoering van de opdracht;
9.4.7
bewaken van de voortgang van opdrachten op strategisch niveau;
9.4.8
bespreken van de effecten van onvoorziene ontwikkelingen en omstandigheden op de opdrachtuitvoering en de taak als zodanig, en
9.4.9
besluitvorming in het gedelegeerd OGON gerezen vraagstukken waarvoor bestuurlijke besluitvorming aangewezen is.
Het bestuurlijk opdrachtgevers-/opdrachtnemersoverleg: 9.5.1
besluit het gezamenlijk jaarplan voor te leggen aan de colleges ter vaststelling;
9.5.2
bespreekt de conceptbegroting en concept-jaarrekening betreffende onder meer de kosten van formatie en organisatie, voor het organisatieonderdeel dat de taakopdracht uitvoert, met uitsluiting van de (beleidsinhoudelijke) programmakosten en
9.5.3
evalueert jaarlijks de uitvoering van de taakopdracht.
Artikel 10
Gedelegeerd opdrachtgeversoverleg
10.1 Er is een gedelegeerd OGON voor de uitvoering van de taken bedoeld in Artikel 3.1. Het gedelegeerd OGON bestaat uit de gemeentesecretarissen van beide gemeenten en wordt bijgestaan door werknemers van beide gemeenten. 10.2 Het gedelegeerd OGON vindt minimaal vier keer per jaar plaats. 10.3 Het gedelegeerd OGON is verantwoordelijk voor: 10.3.1 faciliteren en het toezien op een goede aansluiting van de taakuitvoering bij de wensen en noden van de opdrachtgever; 10.3.2 relatiebeheer tussen opdrachtgever en opdrachtnemer; 10.3.3 voorbereiding van het bestuurlijke OGON; 10.3.4 implementeren van de door een bestuurlijke OGON genomen besluiten; 10.3.5 ambtelijke verantwoording aan het bestuurlijke OGON; 10.3.6 vaststelling van heldere, duidelijke en uitvoerbare randvoorwaarden voor de taakopdracht: het ‘richten van de wat vraag’ op de ‘hoe vraag’ en het bijbehorende uitvoeringsbeleid; 10.3.7 vaststelling van een gezamenlijke aanpak en werkwijze voor de taakuitvoering op strategisch-tactisch niveau; 10.3.8 het aansturen van de eigen accounthouders; 10.3.9 handhaving van de PDCA-cyclus van het jaarplan; 10.3.10 sturen en toezien op de naleving door de opdrachtgever gestelde kaders en opdrachten; 10.3.11 vaststellen van de informatiebehoefte van de bestuurlijk opdrachtgever en bestuurlijk opdrachtnemer en het sturen op het realiseren ervan; Pagina 7 van 17
10.3.12 sturen op het kunnen realiseren van informatieverplichtingen die zo veel mogelijk aansluiten bij de P&C-cyclus van de opdrachtgever en opdrachtnemer, zoals voor de raden, de rijksoverheid, het CBS en de VNG, en 10.3.13 escaleren van gerezen vraagstukken waarvoor bestuurlijke besluitvorming nodig is. 10.4 Het gedelegeerd opdrachtgeversoverleg: 10.4.1 adviseert het bestuurlijk opdrachtgeversoverleg over een gezamenlijk jaarplan; 10.4.2 bespreekt de conceptbegroting en concept-jaarrekening betreffende onder meer de kosten van formatie en organisatie, voor het organisatieonderdeel dat de taakopdracht uitvoert, met uitsluiting van de (beleidsinhoudelijke) programmakosten; 10.4.3 bespreekt het volume, de periodieke uitputting van het budget en de randvoorwaarden voor taakuitvoering, mede aan de hand van landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen 10.4.4 adviseert het bestuurlijke OGON over de jaarlijkse evaluatie van de uitvoering van de taakopdracht; 10.4.5 beslist over wat wel en niet mogelijk is in het kader van de uitvoering van de taakopdracht; 10.4.6. beslist bij onvoorziene omstandigheden; en 10.4.7 besluit over van gerezen vraagstukken in het accounthoudersoverleg waarvoor besluitvorming in het gedelegeerd OGON nodig is. Artikel 11
Accounthoudersoverleg
11.1 Er is een accounthoudersoverleg voor de uitvoering van de taken bedoeld in Artikel 3.1. Het accounthoudersoverleg bestaat uit de leidinggevende functionaris in de organisatie van opdrachtnemer, die het organisatieonderdeel aanstuurt dat met uitvoering van de taakopdracht belast is en een functionaris in de organisatie van opdrachtgever, die belast is met het voeren van regie op de uitvoering van de taakopdracht. Het accounthoudersoverleg kan worden bijgestaan door werknemers van beide gemeenten. 11.2 Het accounthoudersoverleg MO vindt minimaal zes keer per jaar plaats. 11.3 Het accounthoudersoverleg is verantwoordelijk voor: 11.3.1 relatiebeheer tussen opdrachtgever en opdrachtnemer; 11.3.2 bespreken van de conceptbegroting en concept-jaarrekening betreffende onder meer de kosten van formatie en organisatie, voor het organisatieonderdeel dat de taakopdracht uitvoert, met uitsluiting van de (beleidsinhoudelijke) programmakosten; 11.3.3 de voorbereiding van de gedelegeerd OGON en het mede inhoud geven aan de bestuurlijke OGON; 11.3.4 implementeren van de door een gedelegeerd opdrachtgeversoverleg genomen besluiten; 11.3.5 ambtelijke verantwoording aan het gedelegeerd opdrachtgeversoverleg; 11.3.6 goede procesvoering tussen de gemeenten; 11.3.7 doen uitvoeren van de taakopdracht, de ‘wat vraag’ binnen de gestelde beleidsuitgangspunten, uitvoeringsbeleid en de bijbehorende
randvoorwaarden; 11.3.8 opstellen van het jaarplan 11.3.9 aansturing van taakuitvoering op tactisch-operationeel niveau; Pagina 8 van 17
11.3.10 handhaving van de PDCA-cyclus van het jaarplan; 11.3.11 sturen en toezien op de naleving door de opdrachtgever gestelde kaders en, opdrachten en, 11.3.12 realiseren van de informatieverplichtingen, zoals gesteld door het gedelegeerd OGON. 11.4 Het accounthoudersoverleg: 11.4.1 beslist bij feitelijke vragen over de uitvoering van de taakopdracht; 11.4.2 beslist over feitelijke inzet van mensen en middelen, 11.4.3 bespreekt het volume, de periodieke uitputting van het budget en de randvoorwaarden voor taakuitvoering, alsmede de fiscale aspecten in het kader van fiscale beheersing en monitoring, mede aan de hand van landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen en 11.4.4 escaleert naar het gedelegeerd OGON bij gerezen vraagstukken waarvoor besluitvorming nodig is. Artikel 12
Bevoegdheden en verantwoordelijkheden
12.1 De burgemeesters en de colleges verlenen waar nodig mandaat, volmacht en machtiging aan de deelnemers van de overleggen genoemd in Artikel 9, Artikel 10 en Artikel 11. 12.2 De burgemeester en het college van opdrachtgever verleend waar nodig mandaat, volmacht en machtiging aan de accounthouder van opdrachtnemer en aan werknemers van opdrachtnemer die betrokken zijn bij de uitvoering van de taakopdracht. 12.3 De opdrachtgever is verantwoordelijk voor het geven van goede, duidelijke en uitvoerbare taakopdrachten. 12.4 De opdrachtnemer neemt alleen uitvoerbare opdrachten aan. 12.5 De opdrachtnemer is verantwoordelijk ervoor dat de organisatieonderdelen die met de uitvoering van de opdracht worden belast over de benodigde personele bezetting en het vereiste kennisniveau beschikken om de opdracht uit te voeren. Partijen voeren hierover regelmatig overleg. 12.6 Iedere gemeente staat jegens de andere gemeente in voor: 12.6.1 de integriteit van haar handelen; 12.6.2 de uitvoering van de taken overeenkomstig de daarvoor geldende wet- en regelgeving; 12.6.3 (des)kundig handelen; 12.6.4 professionele en relationele onafhankelijkheid, en 12.6.5 het tijdig, volledig, juist en conform afspraak nakomen van alle gemaakte afspraken.
12.7 Gemeenten zijn zorgvuldig in het verstrekken van gevraagde en ongevraagde informatie die nodig is om de samenwerking goed en doelmatig te kunnen uitvoeren. Artikel 13
Rapportage
13.1 Voor zover mogelijk één keer per kwartaal doch in ieder geval drie keer per jaar rapporteert de opdrachtnemer over uitvoering van de opdracht met inbegrip van uitputting van het budget, aan de accounthouder en het gedelegeerd opdrachtgeversoverleg. 13.2 De opdrachtnemer stelt een jaarrapportage op en daarnaast rapportages ten behoeve van de producten in de planning en controlcyclus over de uitputting van budgetten voor de opdracht, Pagina 9 van 17
die vallen onder het budgethouderschap van opdrachtnemer. De jaarrapportage bevat daarnaast de volgende onderwerpen: 13.2.1 realisatie van strategische doelen van de afdeling MO; 13.2.2 realisatie van beleidsdoelstellingen van de gemeenten; 13.2.3 realisatie van producten; 13.2.4 uitvoering van de bedrijfsvoeringstaken, waaronder in ieder geval jaarlijks de in Artikel 7 en Artikel 8 genoemde onderwerpen; 13.2.5 belangrijke en onvoorziene ontwikkelingen. 13.3 De in lid 13.2 genoemde onderwerpen worden integraal besproken met het oog op realisatie en, waar nodig, aanpassing van het jaarplan. Hoofdstuk 5 Artikel 14
Financiering
Raming en verantwoording
14.1 De opdrachtgever betaalt de verschuldigde vergoeding op basis van het jaarplan en, bij meerwerk, op basis van de aanvullende opdrachtovereenkomsten. 14.2 De raming van de kosten en de middelen voor de uitvoering van basisdienstverlening en, indien mogelijk, meerwerk van MO-taken zijn opgenomen in het jaarplan. 14.3 Vóór 1 mei van het jaar voorafgaand aan een begroting (Y-1) wordt in het bestuurlijk OGON besproken : 14.3.1 De basisformatie en de (geïndexeerde) raming voor de salarissen en werkgeverslasten per gemeente voor uitvoering van het basis dienstverlening voor het begrotingsjaar (Y); 14.3.2 De materiële taak-specifieke kosten per gemeente voor uitvoering van de basisdienstverlening voor het jaar begrotingsjaar (Y); 14.3.3 De formatie en de (geïndexeerde) raming voor de salarissen en werkgeverslasten ten laste van de opdrachtgever noodzakelijk voor bedrijfsvoeringstaken die verband houden met uitvoering van deze overeenkomst voor het begrotingsjaar (Y); 14.3.4 De materiële kosten ten laste van de opdrachtgever noodzakelijk voor bedrijfsvoeringstaken die verband houden met uitvoering van deze overeenkomst voor het jaar begrotingsjaar (Y); 14.4 De raming overeenkomstig de leden 14.3.1 en 14.3.3 bevat onder meer de raming van de kosten ten laste van de opdrachtgever voor: 14.4.1 De opslag vanwege het risico voor vervanging van personeel wegens ziekte of anderszins en
kosten van aanspraken van werknemers op wettelijke, boven- en nawettelijke uitkeringen bij beëindiging van arbeidsovereenkomsten dan wel de kosten van afkoop daarvan. bij onvrijwillige contractbeëindiging; 14.4.2 Overige personeelskosten, en 14.4.3 Huisvesting. 14.5 Vóór 1 mei van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar (Y-1) worden de voorstellen en ramingen van kosten en middelen voor de uitvoering van meerwerk, in het kader van de taakopdrachten in Artikel 3, door de opdrachtgever ingebracht in het bestuurlijk opdrachtgeversoverleg ten behoeve van het vaststellen van het jaarplan.
Pagina 10 van 17
14.6 De gegevens bedoeld in leden 14.3 tot en met 14.5 worden opgenomen in het jaarplan en daarmee overeenkomstig Artikel 9 vastgesteld. 14.7 Bij bepaald meerwerk dat niet in het jaarplan is opgenomen, brengt de opdrachtgever een voorstel voor meerwerk in het bestuurlijk OGON. Het voorstel bevat de gegevens bedoeld in de leden 14.3. en 14.4, De kosten komen ten laste van de opdrachtgever. 14.8 De kosten bedoeld in artikel 14.3.1 en 14.3.3 worden na afloop van het jaar herberekend op basis van de geldende CAO en besluiten over aanpassing van de werkgeverslasten en verrekend tussen gemeenten. De overige kosten worden afgerekend op basis van het vastgestelde jaarplan en gezamenlijke besluiten over meerwerk. 14.9 In bijzondere gevallen kan worden afgeweken van de voorgaande leden. Het besluit daartoe wordt genomen door bestuurlijk OGON. Het bestuurlijk OGON informeert daarover de respectievelijke colleges. 14.10Jaarlijks evalueert het bestuurlijk OGON de wijze van verrekening van de kosten. Indien de evaluatie daartoe aanleiding geeft formuleert het bestuurlijk opdrachtgeversoverleg een wijzigingsvoorstel voor de colleges. 14.11Gemeenten gaan ervan uit dat de diensten belast zijn met btw. Opdrachtnemer heeft recht op aftrek van btw terzake de dienstverlening aan opdrachtgever.
De in rekening gebrachte btw kan opdrachtgever grotendeels op de gebruikelijke wijze compenseren via het btwcompensatiefonds of in aftrek op de aangifte btw. Een deel van de in rekening gebrachte btw kan kostenverhogend werken. 14.12Gemeenten streven ernaar de dienstverlening kostendekkend te laten plaatsvinden, teneinde te voorkomen dat vennootschapsbelasting wordt geheven terzake de dienstverlening. Indien opdrachtnemer structurele overschotten realiseert, wordt vastgesteld of een objectieve vrijstelling van toepassing is. 14.13Gemeenten zullen tenminste twee keer per jaar de fiscale aanpak evalueren en, indien noodzakelijk, bijsturen teneinde fiscale risico’s en lasten te beperken. 14.14 Gemeenten kunnen samen of ieder voor zich ter verkrijging van zekerheid de fiscale aspecten afstemmen met de belastingdienst. 14.15De fiscale processen en financiële systemen zullen zodanig worden ingericht dat de gemaakte afspraken volgende de geldende fiscale wet- en regelgeving kunnen worden uitgevoerd en verantwoord. Artikel 15
Financiële verantwoording
15.1 Opdrachtnemer begroot jaarlijks bij het opstellen van de eigen begroting de verwachte kosten voor uitvoering van de taken op zo’n wijze dat dit opdrachtgever volstaat tijdig zijn begroting op te stellen. Opdrachtnemer geeft daarbij inzicht de te leveren prestaties en budgetten, 15.2 Opdrachtnemer verantwoordt jaarlijks bij het opstellen van de eigen jaarrekening de gemaakte kosten voor uitvoering van de taken op zo’n wijze dat dit voor opdrachtgever volstaat tijdig zijn jaarrekening op te stellen. 15.3 Opdrachtnemer geeft opdrachtgever voor elk gedelegeerd OGON inzicht in uitvoering van de diensten, de realisatie van de opdrachten en de uitputting van de budgetten. 15.4 Opdrachtnemer geeft de aangewezen accountant van opdrachtgever alle nodige inzicht en medewerking ten behoeve van de uitvoering van zijn werkzaamheden voor opdrachtgever.
Pagina 11 van 17
Artikel 16
Betaling
16.1 Het verschuldigde bedrag wordt door de opdrachtgever op basis van voorcalculatie in vier gelijke delen voorafgaand aan elk kwartaal betaald, met dien verstande dat: 16.1.1 opdrachtnemer uiterlijk op 1 november van elk boekjaar een voorschotfactuur voor het volgende jaar aan de gemeente verstuurt waarin de vier gelijke delen zijn opgenomen; 16.1.2 opdrachtgever van opdrachtnemer uiterlijk 28 kalenderdagen voorafgaand aan de laatste dag van het lopende kwartaal een voorschotfactuur voor het volgende kwartaal heeft ontvangen; 16.1.3 het verschuldigde bedrag per kwartaal altijd op de laatste dag van het voorafgaande kwartaal op een bankrekening van opdrachtnemer moet zijn bijgeschreven, en 16.1.4 opdrachtnemer uiterlijk op 1 maart van elk boekjaar de eindafrekening voor het voorafgaande boekjaar stuurt waarbij op basis van nacalculatie de definitieve verschuldigde betaling is opgenomen. 16.2 Een voorschotfactuur als bedoeld in lid 16.1 vermeldt, onder verwijzing naar de taakopdracht het volume van de dienstverlening waarop het voorschot betrekking heeft, conform een format overeen te komen door gemeenten. 16.3 Gemeenten zijn niet gerechtigd bij facturatie of bij betalingen bedragen te verrekenen die zij als opdrachtnemer gerechtigd zijn te ontvangen en als opdrachtgever verplicht zijn te betalen.
Derhalve bevatten alle facturen als bedoeld in Artikel 16 louter het verschuldigde bedrag dat op de genoemde taakopdracht betrekking heeft en komen alle betalingen die op grond van voornoemd artikel worden gedaan overeen met de gefactureerde bedragen. 16.4 Verrekeningen binnen een taakopdracht, bijvoorbeeld bij een nacalculatie op een voorschot, of een eventuele verrekening van wederzijds verschuldigde betalingen zijn toegestaan, voor zover uitdrukkelijk en schriftelijk door bevoegde functionarissen overeengekomen. 16.5 De op naam van opdrachtgever gecontracteerde derden maatschappelijke dienstverleners die verantwoordelijk zijn voor sociale voorzieningen en andere MO dienstverlening aan inwoners (van opdrachtgever) factureren rechtstreeks aan opdrachtgever. De kosten die deze derden maatschappelijke dienstverleners maken gaan rechtstreeks ten laste van de programmabegroting van opdrachtgever. 16.6 Opdrachtgever is verplicht facturen van en informatie over betalingen aan derden maatschappelijke dienstverleners bedoeld in lid 16.5 te delen met opdrachtnemer, alsmede alle daarmee samenhangende aspecten van financiële administratie. 16.7 Indien opdrachtgever de facturen niet binnen de termijn, bedoeld in lid 16.1 betaalt, draagt opdrachtnemer zorg voor een betalingsherinnering, waarna opdrachtgever onverwijld zorgdraagt voor betaling.
Indien opdrachtgever binnen een kalenderweek na de betalingsherinnering de openstaande factuur niet heeft voldaan, dan wordt vanaf dat moment de factuur vermeerderd met rente tegen het wettelijk percentage. Indien opdrachtgever drie weken na ontvangst van de betalingsherinnering de factuur niet heeft betaald, dan is opdrachtnemer bevoegd zijn werkzaamheden, voor dat deel waarop de factuur betrekking heeft te schorsen, behalve voor zover hierbij rechten van inwoners in het geding kunnen zijn. 16.8 Opdrachtnemer zal voor de verrichte dienstverlening een op naam gestelde (voorschot)factuur uitreiken conform artikel 35a van de Wet op de omzetbelasting 1968. 16.9 Facturen als bedoeld in artikel 16.1 worden verzonden naar de accounthouder van opdrachtgever via digitalefacturen@wassenaar.nl.
Pagina 12 van 17
Hoofdstuk 6 Artikel 17
Communicatie, geheimhouding en privacy
Communicatie
17.1 De gemeenten informeren elkaar, gevraagd en ongevraagd, tijdig over alle aspecten die van belang kunnen zijn voor het tijdig, volledig en juist uitvoeren van de taken. 17.2 De gemeenten treden in overleg indien er sprake is van onvoorziene of gewijzigde omstandigheden, die van dien aard zijn dat deze dienstverleningsovereenkomst gewijzigd dient te worden. Artikel 18
Geheimhouding
18.1 Gemeenten nemen zorgvuldigheid en geheimhouding in acht van alle vertrouwelijke gegevens dan wel anderszins gevoelige informatie van de andere gemeente die hen in het kader van de taakopdracht ter kennis is gekomen, tenzij 18.1.1 op gemeente(n) een wettelijke of beroepsplicht rust tot openbaarmaking; 18.1.2 het verstrekken noodzakelijk is in verband met een bestuursrechtelijke of rechterlijke procedure; 18.1.3 de andere gemeente uitdrukkelijk heeft ingestemd met ontheffing van de geheimhouding, of 18.1.4 de informatie via openbare bronnen beschikbaar is. 18.2 Tussen de gemeenten worden alle nodige overeenkomsten gesloten die de nakoming van privacywetgeving en -regelgeving borgen. Hierbij dient ervan uitgegaan te worden dat opdrachtgever en opdrachtnemer verwerkingsverantwoordelijken zijn in de zin van de Algemene Verordening Gegevensbescherming ten aanzien van de verwerking van persoonsgegevens voor de eigen processen. 18. 3 Persoonsgegevens gerelateerd aan aangelegenheden van de Werkorganisatie Duivenvoorde vallen mede onder de werking van deze dienstverleningsovereenkomst en vallen bij overgang van deze aangelegenheden specifiek onder de verantwoordelijkheid van zowel opdrachtgever als opdrachtnemer 18.4 Gemeenten nemen intern alle maatregelen die noodzakelijk zijn ter nakoming van de in dit artikel genoemde verplichtingen. Hoofdstuk 7 Artikel 19
Niet-nakoming, aansprakelijkheid en geschillenbeslechting
Niet-nakoming en Aansprakelijkheid
19.1 Indien een gemeente toerekenbaar tekortschiet in de nakoming van enige verplichting uit deze dienstverleningsovereenkomst, treden gemeenten met elkaar in overleg. In dit overleg wordt in ieder geval de oorzaak van de tekortkoming besproken en de mogelijkheden om de geconstateerde tekortkomingen binnen een redelijke termijn op te lossen. 19.2 Indien een gemeente toerekenbaar tekortschiet in de nakoming van de enige verplichting uit deze dienstverleningsovereenkomst is zij pas in verzuim nadat zij door de andere gemeente in gebreke is gesteld en een redelijke termijn heeft gekregen om die tekortkoming te verhelpen. 19.3 Opdrachtgever is gerechtigd om eventuele schade rechtstreeks door hem geleden ten gevolge van ontijdige, onvolledige of onjuiste nakoming van verplichtingen op basis van deze dienstverleningsovereenkomst door opdrachtnemer, op opdrachtnemer te verhalen. Deze aansprakelijkheid is beperkt tot de verschuldigde opdrachtsom per kwartaal van opdrachtgever aan opdrachtnemer in het kader van de betreffende taakopdracht. 19.4 In de rechtsverhouding tussen gemeenten is elke gemeente uitsluitend aansprakelijk voor schade die door een andere gemeente dan partijen of een derde is geleden als gevolg van Pagina 13 van 17
handelen of nalaten van de schadeveroorzakende gemeente en/of van diens werknemers, dat in enig verband staan met de uitvoering van de verplichtingen die volgen uit deze dienstverleningsovereenkomst. 19.5 Tekortkomingen in de nakoming die direct dan wel indirect het gevolg zijn van een gebrek aan personeel, vakantie van personeel, ziekte van werknemers, liquiditeitsproblemen dan wel solvabiliteitsproblemen, gelden als een toerekenbare tekortkoming als bedoeld in artikel 19.1. 19.6 Gemeenten stemmen in goed onderling overleg de wijze van handelen ten aanzien van de aansprakelijkheid ten opzichte van derden af. 19.7 Opdrachtnemer is aansprakelijk voor de tekortkomingen in zijn dienstverlening en schade aan openbare ruimte en eigendommen van Opdrachtgever, voor zover deze het gevolg zijn van het niet in acht nemen door Opdrachtnemer van de zorgvuldigheid, de (des)kundigheid dan wel de professionaliteit waarop in het kader van de dienstverlening mag worden vertrouwd en door hem ingeschakelde derden. 19.8 Indien de opdrachtnemer langdurig structureel zijn verplichtingen jegens opdrachtgever niet nakomt dan kan opdrachtgever de betalingsverplichtingen opschorten. Opdrachtgever stelt opdrachtnemer hiervan schriftelijk op de hoogte.
19.9 Indien de opdrachtnemer langdurig structureel zijn verplichtingen jegens opdrachtgever niet nakomt dan kan opdrachtgever een derde belasten met de uitvoering van werkzaamheden in het kader van de opdracht en de daarvoor gemaakte kosten in mindering brengen op betalingsverplichtingen jegens opdrachtnemer. Opdrachtgever stelt opdrachtnemer hiervan schriftelijk op de hoogte. 19.10Indien deze dienstverleningsovereenkomst op gezag van een rechterlijke uitspraak wordt ontbonden dragen gemeenten zelf alle kosten die daaruit voortvloeien voor de eigen organisatie. De vorige volzin is van overeenkomstige toepassing indien er voor gemeenten anderszins kosten ontstaan als gevolg van een rechterlijke uitspraak of een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Artikel 20
Geschillenbeslechting
20.1 Op deze dienstverleningsovereenkomst is Nederlands recht van toepassing. 20.2 Een geschil over deze dienstverleningsovereenkomst wordt geacht aanwezig te zijn indien een van de gemeenten dit in een aangetekende brief aan de andere gemeente kenbaar maakt. Alsdan verrichten gemeenten alle inspanning naar redelijkheid en billijkheid om het geschil minnelijk op te lossen. 20.3 Indien het de gemeenten niet lukt om het geschil gezamenlijk op te lossen, stellen zij een onafhankelijke mediator of geschillencommissie in. Een mediator wordt gezamenlijk aangewezen en krijgt een gezamenlijke opdracht van beide gemeenten. Een geschillencommissie wordt gevormd doordat gemeenten ieder een onafhankelijk lid voordragen en die leden gezamenlijk een onafhankelijke voorzitter kiezen. De gemeenten leggen gezamenlijk het geschil voor aan de geschillencommissie. 20.4 De beslissing van de geschillencommissie bedoeld in lid 20.3 is bindend voor gemeenten. Gemeenten kunnen de uitkomst ervan alleen aanvechten bij de rechter op grond van onjuiste toepassing van het recht. 20.5 Gemeenten dragen ieder voor de helft de kosten die verbonden zijn aan geschillenbeslechting overeenkomstig lid 20.3. 20.6 Indien ondanks meerdere pogingen daartoe geen mediator of geschillencommissie overeenkomstig lid 20.3.
kan worden benoemd, het geschil niet door de mediator kan worden beslecht of na mening van een gemeente de geschillencommissie het recht onjuist heeft toegepast, als bedoeld in lid 20.4 leggen gemeenten het geschil voor aan de daartoe bevoegde rechter in de Rechtbank Den Haag. Pagina 14 van 17
Hoofdstuk 8 Artikel 21
Beëindiging en wijziging
Beëindigen overeenkomst
21.1 Een gemeente kan met inachtneming van de geldende opzegtermijn deze dienstverleningsovereenkomst geheel of gedeeltelijk opzeggen door middel van een schriftelijke en rechtsgeldig ondertekende kennisgeving aan de andere gemeente. Alsdan rust op gemeenten de verplichting op overeenstemming te bereiken over de voorwaarden en gevolgen van de beëindiging.. 21.2 De beëindiging van deze dienstverleningsovereenkomst kan niet eerder kan ingaan dan 1 januari 2024 waarbij een opzegtermijn geldt van ten minste 24 maanden. 21.3 Alle kosten bij beëindiging, waaronder frictiekosten, desintegratiekosten en gevolgschade worden berekend door een door gemeenten gezamenlijk te benoemen onafhankelijke expert. Op basis van die berekening doet een onafhankelijk expert, eveneens door gemeenten gezamenlijk te benoemen, een voorstel voor kostenverdeling, betalingstermijn en bijkomende voorwaarden. Gemeenten kunnen gezamenlijk besluiten dat het door de gemeenten zelf kan worden opgesteld. 21.4 Indien een der partijen de overeenkomst wil opzeggen met ingang van een eerdere datum of met inachtneming van een kortere opzegtermijn dan genoemd in 21.2 draagt de betreffende partij alle kosten als bedoeld in 21.3 die verband houden met de eerdere ingangsdatum of kortere opzegtermijn. Artikel 22
Transitie Personeel
22.1 Indien en voor zover de taakopdracht overeenkomstig Artikel 3 wordt beëindigd of in volume en omvang zodanig wordt gewijzigd, dat hierdoor een personele reorganisatie noodzakelijk wordt, zijn opdrachtgever en opdrachtnemer gezamenlijk ondernemer in de zin van artikel 1 onder de van de Wet op de ondernemingsraden, voor zover het de taakuitvoering betreft. De verplichtingen uit de Wet op ondernemingsraden en daarmee de verantwoordelijkheid voor het personeel rusten daardoor op beide gemeente tezamen. 22.2 Indien en voor zover de taakopdracht overeenkomstig Artikel 3 wordt beëindigd of in volume en omvang zodanig wordt gewijzigd, dat hierdoor een situatie intreedt als bedoeld in 7:662 Burgerlijk Wetboek rusten alle verplichtingen en gevolgen op partijen samen volgens een vast percentuele verdeelsleutel op basis van de actuele inwoneraantallen per gemeente. 22.3 In de gevallen bedoeld in lid 22.1 geldt het sociaal statuut en, indien daartoe op grond van het sociaal statuut wordt besloten, het sociaal plan van de gemeente Voorschoten. Opdrachtgever en opdrachtnemer zijn verantwoordelijk voor de totstandkoming van een gezamenlijk sociaal plan.
22.4 In de gevallen bedoeld in lid 22.1 dan wel 22.3 worden de verplichtingen die voor opdrachtgever en opdrachtnemer ontstaan, met inbegrip van de kosten voor werk-naar-werktrajecten, transitievergoedingen, andere afvloeiingsvergoedingen en eventueel werkloosheidsuitkering financieel vertaald volgens de vaste percentuele verdeelsleutel voor taakuitvoering overeenkomstig Artikel 14 op basis van de actuele inwoneraantallen per gemeente. 22.5 Een gemeente zal het ontstaan van de kosten als bedoeld in lid 22.4 zoveel mogelijk beperken. 22.6 In afwijking van lid 22.4 kan een gemeente besluiten om haar financiële verplichtingen als bedoeld in lid 22.4 te verminderen door betrokken werknemers een vast dienstverband aan te bieden. In die gevallen wordt het effect op de totale kosten van die gemeente gekwantificeerd.
Pagina 15 van 17
Artikel 23
Eenzijdige beëindiging van de overeenkomst
23.1 In afwijking van Artikel 21 kan een gemeente deze dienstverleningsovereenkomst met onmiddellijke ingang, zonder gerechtelijke tussenkomst, geheel of gedeeltelijk ontbinden, indien 23.1.1 de respectievelijk andere gemeente in een situatie van blijvende toerekenbare tekortkoming verkeert die binnen afzienbare tijd niet zal veranderen; 23.1.2 bij langdurige en structurele niet-nakoming bedoeld in Artikel 19.8 en Artikel 19.9 hier ondanks geschillenbeslechting overeenkomstig Artikel 20.3 geen verandering in gekomen, of 23.1.3 op grond van bijzondere omstandigheden, waaronder, maar niet uitsluitend, wijzigingen van nationale en Europese wet- en regelgeving, verdere nakoming van deze dienstverleningsovereenkomst door deze gemeente redelijkerwijs niet kan worden verlangd. 23.2 Na ontbinding overeenkomstig Artikel 23.1 rust op gemeenten de verplichting mee te werken aan een zo snel mogelijke beëindiging van de taakopdracht en overdracht van bijbehorende werkzaamheden zonder dat hierdoor door de andere partij schade wordt geleden. Tot uitvoering van de taakopdracht door beide partijen als volledig beëindigd wordt beschouwd, blijven verplichtingen uit deze dienstverleningsovereenkomst voor zover redelijkerwijze van toepassing op partijen rusten.
23.3 Eventuele gedeeltelijke ontbinding overeenkomstig 23.1 tast de geldigheid van deze dienstverleningsovereenkomst voor de niet ontbonden onderdelen van een taakopdracht of de andere taakopdracht niet aan. 23.4 Artikel 21.3 en Artikel 22 zijn bij eenzijdige ontbinding overeenkomstig dit artikel van overeenkomstige toepassing. Artikel 24
Wijziging overeenkomst
24.1 Gemeenten kunnen deze dienstverleningsovereenkomst of haar bijlagen slechts schriftelijk wijzigen, waaronder mede begrepen aanvullen. Wijzigingen hebben slechts rechtskracht nadat de zijn opgenomen in een ondertekend addendum bij deze dienstverleningsovereenkomst en of een nieuwe versie van deze dienstverleningsovereenkomst, die de voorheen geldende versie integraal vervangt; een en ander voorzien van rechtsgeldige ondertekening. 24.2 Indien wijzigingen in wet- en regelgeving of bezuinigingsmaatregelen optreden die van invloed zijn op de inhoud van deze dienstverleningsovereenkomst treden gemeenten in overleg om vervangende afspraken te maken. Gemeenten doen bij het maken van de nieuwe afspraken zoveel mogelijk recht aan de intenties die gemeenten hadden bij het aangaan van deze dienstverleningsovereenkomst. 24.3 Eventuele kosten ten gevolge van de leden 24.1 of 24.2 worden door gemeenten gedragen overeenkomstig de verdeelsleutels die gelden op grond van Artikel 14. Hoofdstuk 9 Artikel 25
Overige bepalingen
Publiekrechtelijke verplichtingen en nietigheid
25.1 De rechten en verplichtingen uit deze dienstverleningsovereenkomst dan wel volgend uit deze dienstverleningsovereenkomst worden niet ten uitvoer gelegd in strijd met publiekrechtelijke verplichtingen. 25.2 Eventuele nietigheid of vernietigbaarheid van een der bepalingen van deze dienstverleningsovereenkomst tast de rechtsgeldigheid van de overige bepalingen van deze dienstverleningsovereenkomst niet aan. Pagina 16 van 17
Artikel 26
Inwerkingtreding, looptijd en bijlagen
26.1 Deze dienstverleningsovereenkomst treedt in werking op 1 september 2021 en geldt voor onbepaalde tijd. 26.2 Gemeenten evalueren de opzet, werking en uitvoer van deze dienstverleningsovereenkomst eerst na één jaar na inwerkingtreding en daarna telkens na twee jaar. 26.3 De volgende Bijlagen maken integraal onderdeel uit van deze overeenkomst 26.3.1 Bijlage I: Basisdienstverleningspakket. Artikel 27
Citeertitel
27.1 Deze dienstverleningsovereenkomst wordt aangeduid als Dienstverleningsovereenkomst maatschappelijke ondersteuning Voorschoten en Wassenaar. Aldus opgemaakt en in tweevoud en ondertekend op 8 juni 2021, Namens gemeente Voorschoten
Namens gemeente Wassenaar
Naam:
Naam:
Burgemeester Voorschoten
Burgemeester Wassenaar
Handtekening:
Handtekening:
Digitaal ondertekend door Nadine Stemerdink op 30-06-2021
Digitaal ondertekend door Leendert de Lange op 28-06-2021
Pagina 17 van 17