Bijlage 1.4 - Evaluatie VVE beleidsplan 2019-2022
Tekst van het document
Evaluatie VVE beleidsplan 2019-2021 Gemeente Voorschoten Een goede start met gelijke kansen “Goed onderwijs is de basis in de ontwikkeling van onze kinderen. Taalbeheersing is cruciaal om mee te kunnen doen aan de samenleving. Daarom willen we dat kinderen en volwassenen goed kunnen lezen en schrijven.” Met de evaluatie van dit beleidsplan kijken we naar het beleid en de uitvoering van de Voor- en Vroegschoolse Educatie VVE1. Hierbij nemen we de motie van de raad van d.d. 13 juni 2019 mee. Als gevolg van de nieuwe verdeelsystematiek voor de rijksmiddelen gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOAB) ontvangt de gemeente Voorschoten vanaf 2019 voor het eerst middelen voor de uitvoering van voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Hierop volgde in 2020 een VVE Inspectieonderzoek en een eindrapport met een aantal, deels dwingende aanbevelingen. De inspectie houdt toezicht op de kwaliteit van de VVE in voor- en vroegscholen en het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid.
De aandachtspunten vanuit het inspectierapport zijn: • Jaarlijks overleg tussen de gemeente, de VE kinderopvang houders en schoolbesturen • Afspraken maken en door ontwikkelen van de doorgaande leerlijn • Ontwikkelen resultaatafspraken met schoolbesturen • Gemeentelijk beleid ontwikkelen omtrent ouderparticipatie De GGD toetst, als primaire toezichthouder, de uitvoering van de basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie en let bijvoorbeeld op voldoende VVE tijd, beroepskracht-kind ratio, kwaliteit van beroepskrachten (opleidingsplan, taalniveau), VVE programma, de locatie, pedagogisch beleidsplan, gezondheid- en veiligheidsplan. Met partners werken we dit jaar aan een nieuw VVE beleidsplan 2023-2026, waarin de aanbevelingen van de inspectie uiteraard meegenomen worden. In deze evaluatie lopen we het VVE beleidsplan 2019-2021 zoveel mogelijk chronologisch per hoofdstuk door, met visie en doel als uitgangspunt. VVE is gericht op het vroegtijdig signaleren en zoveel mogelijk bestrijden van onderwijsachterstanden en inzet op brede talentontwikkeling op de peuterleeftijd. Door vroegtijdige inzet van kwalitatief hoogwaardige voor- en vroegschoolse voorzieningen worden eventuele ontwikkelachterstanden bij (doelgroep)peuters vroegtijdig gesignaleerd en zo effectief mogelijk preventief aangepakt.
Een goede voorbereiding is de basis voor een goede start in het primair onderwijs en de verdere schoolloopbaanontwikkeling. Voorschoolse aanbieders in Voorschoten Van de kinderopvang aanbieders in Voorschoten (Norlandia, Stichting Kinderopvang Voorschoten, Het postkantoor, BLOS, ’t Kwebbeltje en de Uitvinder) is de Stichting Kinderopvang Voorschoten (SKV) de enige organisatie die op dit moment voldoet aan de gestelde voorwaarden voor een educatief aanbod en gebruik maakt van de gemeentelijke Voorschoolse educatie subsidie. De wens van de raad, verwoord in de motie (101) van de raad d.d. 13 juni 2019 was:
De nummeringen in deze evaluatie corresponderen met de hoofdstukken uit het beleidsplan VVE 2019-2022.
1
• Het onderwijs en ouders moeten kunnen kiezen met welke aanbieder van voorschoolse educatie zij willen samenwerken; • Gesubsidieerde monopolyposities in Voorschoten niet wenselijk zijn en ook geen vanzelfsprekendheid mogen worden; • De kwaliteit van onderwijs en voorschoolse educatie in Voorschoten toeneemt indien ouders en onderwijs kunnen kiezen voor een aanbieder van voorschoolse educatie die past bij hun pedagogische visie; • VVE een wettelijk taak is en dat Voorschoten in deze niet afhankelijk mag zijn van slechts een aanbieder van voorschoolse educatie; • De overheid zorg behoort te dragen voor een gelijk speelveld tussen exploitanten / aanbieders van voorschoolse educatie. Het college verzocht op 13 juni 2019 dan ook: - het beleid voor voorschoolse educatie zodanig uit te werken dat ouders en scholen binnen twee jaar zelf kunnen kiezen met welke aanbieder van voorschoolse educatie zij willen samenwerken, indien zich nieuwe aanbieders melden die voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen; - de uitwerking van het beleid voor voorschoolse educatie binnen twee jaar te evalueren en deze evaluatie aan de raad van Voorschoten aan te bieden. Bij hoofdstuk 3.5 van het beleidsplan: “Kwaliteitskader Voorschoten” worden de voorwaarden geschetst die de gemeente stelt aan het Voorschoolse aanbod en de VE aanbieder.
Deze voorwaarden zijn later verfijnd in de Subsidieregeling voorschoolse educatie 2020 en de eerste wijziging hiervan. Deze voorwaarden zijn gebaseerd op de landelijk vastgestelde kwaliteitseisen waar de gemeente Voorschoten door de Inspectie op gecontroleerd wordt. De GGD GHOR toetst minimaal eens per jaar of VE locaties op de volgende voorwaarden: • Werken met een NJI erkend VVE-programma en het observatie- en registratiesysteem. • Doelgroep peuters worden, volgens protocol ‘warm’ overgedragen naar de basisschool. • Inzet van een hbo’er, met een pedagogische achtergrond per groep voor minstens 4 uur per week per VE groep. • Er is een ouderbeleidsplan voor het beleid op het gebied van ouderbetrokkenheid. • Er is beleid voor kinderen die extra zorg nodig hebben, zo vroeg mogelijk signaleren van onderwijs- en ontwikkelingsachterstanden en eventueel inschakelen van externe hulp. • De peuteropvang werkt bij het signaleren en bestrijden van eventuele onderwijs- en ontwikkelingsachterstanden samen met het CJG, maatschappelijk werk en de basisscholen. • Er wordt voortdurend ingezet op professionalisering van de pedagogische en didactische vaardigheden van de beroepskrachten. De focus ligt hierbij op de kennis en vaardigheden om opbrengstgericht te werken en doorgaande leerlijnen vorm te geven.
Tot op heden is de SKV de enige aanbieder, die voldoet en wil voldoen aan de gestelde criteria. De gemeente heeft de andere aanbieders gevraagd of ze Voorschoolse educatie onder deze voorwaarden aan willen bieden. Geen van de aanbieders koos ervoor een officiële VE aanbieder te willen zijn. - Postkantoor, ‘t Kwebbeltje en de Uitvinder hebben aangegeven hier niet geïnteresseerd in te zijn. - BLOS maakt wel gebruik van Peuterpraat, maar wil verder geen officiële VE aanbieder zijn. - Norlandia, met alleen kinderdagverblijven, wil om economische en organisatorische redenen niet. Norlandia is 11 jaar geleden (toen KindeX), bij de start van VVE in Voorschoten, wel meegenomen in het gemeentelijk gefinancierde VVE scholingstraject en materiaalaanschaf. 2
Maar doordat er sindsdien geen bij- en nascholingen zijn georganiseerd, zijn medewerkers nu niet meer gekwalificeerd. Uitvoering van de motie, gebaseerd op principiële en politieke redenen zoals keuzevrijheid, monopolie positie, gelijk speelveld en afhankelijkheid impliceert opnieuw een behoorlijke, zowel eenmalige als structurele investering. Opvolging hiervan vergt financiële dekking. Daarnaast is de gemeente niet in de positie om (veelal commerciële) organisaties te ‘dwingen’ VE aan te bieden. De kosten en het werk om te ‘faciliteren’ zijn, gezien de reacties van de aanbieders niet uitgewerkt. De motie heeft wel het gesprek op gang gebracht met partners over de inhoudelijke voor- en nadelen van één enkele aanbieder. De kwaliteit van het huidige Voorschoolse aanbod staat niet ter discussie en wordt al jaren uitgevoerd door een zeer gespecialiseerde en gedreven aanbieder. De SKV voldoet aan alle wettelijke VVE taken die horen bij een VE aanbieder. Zij is gericht op innoveren want het ‘kan altijd beter’ en werkt in goede samenwerking en met korte lijnen met alle keten- en zorgpartners. De SKV heeft alleen peutergroepen (geen hele dag opvang). Dat betekent dat als ouders, na indicatie kiezen voor een kinderdagverblijf (vb. door werk, opleiding, lestijden), ze geen VE aanbod krijgen.
Bij BLOS krijgen ze wel een groot deel van de dag een VE aanbod, maar niet volgens alle VE voorwaarden. Dit leidt tot non-bereik en dat willen we in het belang van het kind voorkomen. De laatste maanden van 2021 maakten 8 kinderen, (24%) die op basis van de doelgroep definitie in aanmerking kwamen voor VE geen gebruik van VE, omdat ze naar een andere vorm van opvang gingen. Doorverwijzen naar de SKV kost een commerciële kinderopvang inkomsten. SKV en Norlandia spelen hierop in met een aanbod van 2 dagdelen voor kinderen die bij Norlandia staan ingeschreven. In 2021 was op twee locaties sprake van deze combinatiegroep. Op deze combinatiegroepen staan een volledig VE gekwalificeerde ‘pedagogisch medewerker VE’ van de SKV en van Norlandia. Twee dagdelen is niet de vereiste 16 uur, maar “iets is beter dan niets” voor peuters die anders helemaal gaan aanbod VE zouden krijgen. Een van de twee groepen is helaas per 1 januari 2022 weer gesloten omdat Norlandia toen, door personeelsgebrek, geen pedagogisch medewerker VE kon inzetten. In 2022 gaan alle kinderopvang aanbieders met elkaar in gesprek om actiever met ouders (van geïndiceerde kinderen) te kijken of ze naast de reguliere opvang ook 2 of 4 VE-dagdelen (2 gratis) bij de SKV willen en kunnen afnemen. De keuze ligt bij ouders.
In de komende periode wordt, met alle partners die actief zijn in de kinderopvang, geïnvesteerd in het terugbrengen van dit ‘non-bereik’ van 8 kinderen. Hoofdstuk 3 en 3.2 Huidige situatie De huidige doelgroep definitie (hoofdstuk 3.2) wordt in de komende periode met alle partners die actief zijn rondom het jonge kind geactualiseerd. Het Rijk heeft geïnvesteerd in het versterken van VVE aanbod door het VE aanbod per week van 10,5 uur naar 16 uur op te hogen (minimaal 960 uur per jaar vanaf de leeftijd van 2,5 jaar tot instroom basisschool). Een en ander moest wettelijk per 1 augustus 2020 gerealiseerd zijn. Op 1 januari 2020 was dit uitgebreide aanbod al in Voorschoten gerealiseerd voor nieuwe peuters. Bij reeds geplaatste kinderen verliep de invoering geleidelijk met een overgangsperioden van maximaal enkele maanden. ▪ Er is op dit moment een aanbod voor doelgroep peuters van 2,5 tot 4 jaar voor 40 weken per jaar. 3
▪ Er is geen wachtlijst voor doelgroep peuters. ▪ het VE aanbod is 16 uur per week, verspreid over minimaal 4 dagdelen van maximaal 4 uur. ▪ Ouders van reguliere peuters kunnen naar wens een aantal dagdelen afnemen van 4 uur. Het zijn gemengde groepen met een integraal aanbod. De kinderen die niet onder de doelgroep definitie vallen, doen gewoon mee met het educatieve voorschoolse programma. ▪ De gemeente betaalt 2 dagdelen voor doelgroepkinderen, de ouders betalen zelf 2 dagdelen op basis van de reguliere inkomensafhankelijke ouderbijdrage. ▪ Bij VE aanbieders betalen alle type ouders (wel of geen recht op kinderopvangtoeslag) dezelfde inkomensafhankelijke ouderbijdrage, gebaseerd op de kinderopvangtoeslagtabel opgesteld door de VNG. De gemeente betaalt een deel van het verschil tussen de kostprijs peuteropvang en het landelijk tarief kinderopvangtoeslag. Tabel 1: vier verschillende groepen Type ouders
Uren
Dagdelen
Ouder(s) van doelgroep peuters met toeslagaanspraak Ouder(s) van doelgroep peuters zonder toeslagaanspraak Ouder(s) van reguliere peuter met toeslagaanspraak Ouder(s) van reguliere peuter zonder toeslagaanspraak
16 uur: 8 uur gratis en 8 uur kinderopvangtoeslag
4 dagdelen van 4 uur
16 uur: 8 uur gratis en 8 uur betaald door eigen, inkomensafhankelijke ouderbijdrage
4 dagdelen van 4 uur
8 uur betaald via de kinderopvangtoeslag
2 dagdelen van 4 uur
8 uur betaald middels eigen bijdrage op grond van inkomensafhankelijke ouderbijdragentabel
2 dagdelen van 4 uur
Ouderbijdrage algemeen De ouderbijdrage is een bijdrage per uur peuteropvang. Het maximum uurtarief dat in aanmerking komt voor de toeslagregeling voor dagopvang 2022 bedraagt €8,50. De ouderbijdrage 2022 van SKV is €8,93 per uur. Ouders betalen zelf het verschil van netto €0,43 cent tussen de toeslagregeling en de ouderbijdrage. Kinderopvangtoeslag: De Rijksoverheid betaalt een percentage van de kosten kinderopvang. De hoogte is inkomensafhankelijk, hoe lager het inkomen, hoe hoger de bijdrage. Bij een inkomen lager dan €20.585,- is de vergoeding 96% voor het eerste kind van maximaal €8,50 per uur. Is het inkomen meer dan €127.939,- is dat 33,3% van maximaal € 8,50 per uur voor het eerste kind. Bij het berekenen wordt gekeken naar de kosten van de kinderopvang (met een maximum van €8,50 per uur), het (gezamenlijke) toetsingsinkomen en de gewerkte uren van de minst werkende ouder. Zie de toeslagentabel van de Belastingdienst. https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/kinderopvangtoeslag/bedragen-kinderopvangtoeslag-2022
Ouderbijdrage Voorschoolse Educatie (VE) De standaard ouderbijdrage voor 1 kind met een VE aanbod voor 40 weken per jaar en 16 uur per week, is voor gezinnen in de laagste inkomenscategorie: 40 weken x 16 uur x €0,73 (0,39 + 0,34) = netto €473,30 per jaar. Gemeenten kunnen de ouderbijdrage baseren op een maximale afname van 8 uur en de extra verplichte 8 uur zelf financieren. De gemeente Voorschoten wil geen financiële drempel voor deelname aan het VE programma en betaalt 2 dagdelen. Deze ouders krijgen dus 2 dagdelen gratis en betalen €236,65 per jaar in plaats van €473,30. Om het aanbod op het gewenste niveau te houden en zoveel mogelijk peuters te bereiken legt de gemeente maximaal €1,00 per kind 4
per uur (doelgroep en regulier) bij om het verschil te verminderen tussen de uur kostprijs en de gevraagde ouderbijdrage. Deze bijdrage is in de subsidie verwerkt. Hoofdstuk 3.3 en 3.9 Kwaliteit Het Rijk ziet een belangrijke rol weggelegd voor professionalisering en HBO-ers binnen de VE. Er moet minimaal een HBO pedagogiek gekwalificeerde begeleider/coach voor tenminste 4 uur per week per groep, boven de reguliere formatie ingezet worden. (Deze uren zijn gebaseerd op het aantal te verwachte VE geïndiceerde kinderen op de groep, het aantal VE groepen en het aantal ‘pedagogisch medewerkers VE’ dat op de VE groepen werkt). De HBO pedagogisch coach draagt actief bij aan verbetering van de didactische en pedagogische kwaliteit, opbrengstgericht werken, geeft beleidsmatige adviezen en ondersteuning bij ontwikkel- en/of opvoedingsvragen in voorkomende situaties. SKV investeert veel in brede deskundigheidsbevordering. Naast de inzet van de HBO-er voldoen alle ‘pedagogisch medewerkers VE’ aan de opleidingseisen (pedagogische vakopleiding en ten minste een afgeronde VE opleiding van 12 dagdelen), de 3F taaleis (niveau van MBO-4) op de onderdelen lezen en mondelinge vaardigheden en is iedereen geschoold in de visie en werkwijze van het programma van de Vreedzame school dat is ontwikkeld door het CED.
Hoofdstuk 3.6 en 3.7 en 3.11 Doorgaande lijn: observatie en overdracht naar het primair onderwijs Een soepele doorgaande leerlijn van kinderopvang (inclusief de peuterspeelzalen) naar het primair onderwijs is van groot belang voor de ontwikkeling van kinderen. Dat vraagt om samenwerking en afstemming, maar ook een gezamenlijke visie en aanpak draagt bij aan de effectiviteit. De samenwerking is prima, op de inhoudelijke afstemming is mogelijk nog winst te behalen. Door een goede overdracht van informatie/gegevens en samenwerking kan de school “doorgaan waar de kinderopvang gebleven is”. Overdracht naar de basisschool en de BSO is wettelijk verplicht voor alle kinderen. VE kinderen moeten ‘warm’ (bij voorkeur in een persoonlijke of digitale afspraak of anders telefonisch) worden overgedragen. In Voorschoten is in september 2021 een speciaal uniform observatie- en overdrachtssysteem met een bijbehorend werk- en afsprakenprotocol ingevoerd, het zogenaamde Voorschotense overdrachtssysteem. Behalve de kinderopvang het Postkantoor en Kwebbeltje, gebruiken de kinderopvang organisaties in Voorschoten dit overdrachtssysteem. Hierdoor krijgen de scholen (zodra het bij iedereen volledig ingevoerd is) in Voorschoten van praktisch alle kinderen die naar de kinderopvang zijn geweest (m.u.v. gastouders) de informatie op eenzelfde en ‘veilige’ manier.
Hierdoor krijgt de school direct een goed beeld van de ontwikkeling en mogelijke aandachtspunten. Door de ontwikkeling van een kind te volgen en vast te leggen, kunnen de aanpak en het aanbod op de kinderopvang afgestemd worden op de ontwikkelingsbehoeften van het kind. Alle kinderen worden geobserveerd en op drie momenten wordt de ontwikkeling op diverse ontwikkelingsgebieden vastgelegd in het observatiesysteem. Hiermee is het observatieformulier Peuterpraat voor SKV en Norlandia komen te vervallen. BLOS gebruikt Peuterpraat nog wel en voegt dat als bijlage toe aan het voorblad van het Voorschotense overdrachtssysteem. Hoofdstuk 3.8 en 5. Toeleiding en Bereik Het Centrum voor Jeugd en Gezin (JGZ) zorgt voor het indiceren (komt een kind in aanmerking voor een VE indicatie) en vervolgens voor de toeleiding naar de Voorschoolse voorziening. Dat gebeurt bij voorkeur rond het 2e levensjaar zodat er bij de leeftijd van 2,5 jaar minimaal een aanbod van 16 uur kan worden gerealiseerd. 5
Kinderen kunnen ook aangemeld worden door de reguliere kinderopvang, de VE aanbieder, Voorschoten Voor Elkaar, Vluchtelingenwerk of andere partners, als uit observaties blijkt dat er bij een peuter sprake is van een (dreigende) ontwikkelings- of taalachterstand en de verwachting is dat door deelname aan het VE programma de ontwikkeling van het kind positief wordt beïnvloed. Monitoren en registratie zijn verbeterd. Het consultatiebureau monitort hoeveel kinderen geïndiceerd en doorverwezen zijn. Vanaf mei 2021 zijn er nieuwe afspraken gemaakt met de JGZ en is er een nieuwe werkwijze ingevoerd over terugkoppeling en registratie. Hierdoor is nu ook inzichtelijker hoeveel geïndiceerde kinderen uiteindelijk geplaatst zijn en wat de reden is als ze niet van het aanbod van VE gebruik maken. SKV organiseert vanaf november 2021, als pilot een ‘speelgroep 1+’ voor ouders met jonge kinderen. Zo kunnen met name potentiële doelgroep ouders eventueel al vroeg geïnformeerd worden over de mogelijkheden van VE. In Voorschoten kunnen peuters vanaf 2 jaar naar de peuterspeelzaal en vanaf 2,5 jaar gebruik maken van Voorschoolse educatie. Aantal doelgroepkinderen: Verschillende bronnen komen niet helemaal overeen qua aantallen, vanwege een net andere teldatum of leeftijd waarop de telling van doelgroep peuters is gedaan. 1. Verwachte onderwijsachterstanden (cbs.nl) 2020: Teldatum 1 oktober.
Gaat uit van 2½ jaar. 2. Gegevens vanuit gemeente register 2020: Teldatum 1 januari 2021. 3. GGD gaat uit van landelijke CBS gegevens en gaat uit van indiceren vanaf 2 jaar. Landelijk stelt OCW voor 15% van de kinderen met het hoogste risico op onderwijsachterstand extra financiering beschikbaar. Van de 2730 kinderen uit Voorschoten, valt 8% binnen deze landelijke doelgroep. Hierbij baseert het CBS zich per gemeente op onderstaande kenmerken: - het opleidingsniveau van beide ouders; - het herkomstland van de moeder; - de verblijfsduur van de moeder in Nederland; - of de ouders in de schuldsanering zitten.
Voor Voorschoten gaat het Rijk er vanuit dat 8% binnen de doelgroep valt in 2020. Peuters 2020 CBS gegevens CBS gegevens GGD Gemeente register Vroegschools kleuters CBS
Vanaf 2 jaar
8% doelgroep
480 523
38 42
Vanaf 2 ½ jaar 400
8% =doelgroep 32
408
33
45
Hieronder geven we een overzicht (JGZ cijfers) over bereik geldend van 1 mei t/m 1 december 2020. Vanaf 2021 zijn er complete jaarcijfers beschikbaar. Aantal doelgroepkinderen 0-2 jaar 12
Bereik
2-4 jaar
Aantal geplaatst of wordt geplaatst (twee 2- jarigen) Aantal niet geplaatst
25
Thuistaal niet Nederlands Thuistaal Nederlands
35 11
Totaal
34
46
74%
9
Ging naar KDV of gastgezin Ouders willen niet
8 1
76% 24%
6
24 %
3.10 Ouderbetrokkenheid in positieve ontwikkeling In 2022 en verder wordt ingezet op het verstevigen en verduidelijken van gemeentelijk beleid gericht op ouderbetrokkenheid, het huidige aanbod, de aanbieders en de samenwerking. Dit doen we uiteraard samen met alle partners, zowel op bestuurlijk als uitvoerend niveau. Dit wordt in het nieuwe beleidsplan 2023-2026 uitgewerkt. Het kader is het VVE Onderzoekskader van de Inspectie. A. Waarderingskader gemeentelijk niveau Het is van belang dat een gemeente actieve participatie van ouders van doelgroep peuters inzet als instrument om achterstanden van peuters te voorkomen of te verminderen. Hiervoor is het belangrijk dat de gemeente concreet beleid ontwikkelt waarin is aangegeven welke doelen de gemeente nastreeft op het gebied van ouderparticipatie, op welke wijze de gemeente deze doelen wil verwezenlijken (inclusief financiering/subsidiëring), welke instellingen hierbij betrokken zijn en welke concrete resultaten de gemeente verwacht te behalen, om na te gaan of de doelen behaald zijn. Voor het inzetten van effectief beleid is het wenselijk dat de gemeente een heldere analyse heeft van de ouderpopulatie die zij wil bereiken met haar beleid. B.
Waarderingskader Voorschoolse Educatie: Dit richt zich vooral op samenwerking met partners, informeren van ouders over ontwikkelingsondersteuning op de groep en thuis, doorgaande lijn, deskundigheid beroepskrachten. Actief ouderbeleid en uitvoering is een vast en verplicht onderdeel in het pedagogisch beleidsplan van de SKV. Dat is uitvoerig uitgewerkt. Voor het SKV ouderbeleid verwijzen we naar het pedagogisch beleidsplan. Hoofdstuk 4. Samenwerkingspartners en overleg Onder de samenwerkingspartners verstaan wij de organisaties die direct en indirect betrokken zijn bij de Voor- en Vroegschoolse Educatie. Het aantal partners is uitgebreid: • Kinderopvang met VE programma; de SKV als primaire aanbieder VE; • De andere kinderopvangaanbieders; • Het consultatiebureau (JGZ); • De bibliotheek; • Voorschoten Voor Elkaar; • Logopedie aanbieders: 1801 (was Onderwijs Advies) en Logopediepraktijk Voorschoten; • Vluchtelingenwerk; • Het primair onderwijs; • Het Samenwerkingsverband Onderwijs, PPO Leiden; • JES Rijnland. Er zijn verschillende werkgroepen en overlegverbanden waar partners met elkaar afstemmen. De lijnen in Voorschoten zijn kort en dat levert veel op. Er wordt, met inachtneming van de AVG, snel en onderling afgestemd. In 2021 en 2022 is er veel extra geïnvesteerd om VVE onderdelen te ontwikkelen of te verbeteren (vb. Overdracht, Toeleiding, Ouderbetrokkenheid, Logopedie).
Zonder uitputtend te zijn en naast alle incidentele en tijdelijke overlegmomenten volgt hieronder een overzicht van de werkgroepen: • Er is gemiddeld drie-wekelijks overleg tussen de JGZ, SKV en Voorschoten Voor Elkaar. • De SKV heeft minimaal vier maal per jaar overleg met Logopedie Praktijk Voorschoten.
7
• • • •
Lokale werkgroep “het Jonge Kind” is in 2021 in het leven geroepen (in navolging van het VVE overleg) Het IB netwerk (aangestuurd door PPO Leiden, ongeveer eens per 2 maanden) Directeurenoverleg onderwijs (ongeveer elke 2 maanden) LEA (in oprichting in 2022)
Hoofdstuk 7. Financiering Jaar GOAB
2019 2020 2021 2022 Definitief €146.451,- Definitief €200.049,- Definitief €209.888,- Voorlopig €227.518,-
VVE budget 1 VVE budget 2
€49.827,-2 €154.581,-4
€42.827,€26.591,-
€49.246,-3 €26.591,-
€42.827,€26.591,-
Hoofdstuk 9. Keuzes, risico’s en kansen Uiteraard heeft Covid-19 ook invloed gehad op het VVE beleid en uitvoering. Overleggen die uitgesteld moesten worden of uitsluitend digitaal konden plaatsvinden. Onderwijsmensen hadden minder tijd voor ‘extra’ zaken. De gemeentelijke ambtenaar die ook ingezet werd op de gevolgen van Covid-19 en de maatregelen voor het onderwijs. De JGZ had minder contactmomenten met 0-4 jarigen, wat mogelijk invloed heeft op het aantal kinderen wat is geïndiceerd. Om dit te compenseren zijn NPO Voorschool middelen gebruikt om de JGZ vanaf april 2022 extra screenings te laten doen. De gemeente heeft naar aanleiding van het Inspectierapport externe expertise ingezet om de (verplichte) verbeterpunten op korte termijn te kunnen oppakken. Er zijn ook kansen. De afgelopen periode zijn diverse VVE onderdelen van het VVE beleid samen met partners uitgebreid en kritisch onder de loep genomen. Partners hebben concrete afspraken en plannen gemaakt om nog effectiever en extra in te zetten op preventie. Er is hard gewerkt en met mooie resultaten, maar dit traject is nog niet afgerond. De uitwerkingen komen terug in het VVE beleidsplan 2023-2026 dat medio dit jaar voorgelegd zal worden aan de raad. Een plan met mooie ambities gericht op wat Voorschoten nastreeft: betere kansen voor alle kinderen.
2 In 2020 zijn de kosten voor preventieve logopedie onder gebracht onder budget preventie jeugd. Dit verklaart
het lagere bedrag in 2020. 3 Incidenteel vanuit de landelijke overheid een extra bedrag ontvangen voor VVE peuters. 4 Op de gemeentelijke subsidie is in 2020 bezuinigd n.a.v. het herstelprogramma Voorschoten.
8