Bijlage 1.1 - VVE-resultaatafspraken gemeente Voorschoten.pdf
Tekst van het document
VVE-resultaatafspraken gemeente Voorschoten 23 juni 2022
Inleiding Vanaf 2011 geldt er een wettelijke verplichting voor gemeenten en schoolbesturen voor het maken van resultaatafspraken vroegschoolse educatie (WPO artikel 167 lid1b). Dit instrument is in het leven geroepen zodat gemeenten en schoolbesturen met elkaar in gesprek gaan en blijven over vroegschoolse educatie. In de meeste gemeenten is de voorschoolse sector ook betrokken bij deze resultaatafspraken, zodat het gesprek over VVE met de hele VVE-sector gevoerd kan worden. De resultaatafspraken VVE dienen een beeld te geven wat alle inspanningen in VVE opleveren voor kinderen. De resultaatafspraken Voorschoten zijn opgesteld door de VVE-partners in de gemeente Voorschoten: gemeente, VVE-aanbieder SKV en de vier schoolbesturen. De resultaatafspraken gelden voor de periode april 2022 tot en met december 2026, zodat deze tegelijk eindigen met de GOAB-periode 2023-2026 vanuit het Rijk. Jaarlijks bespreken we als VVE-partners de voortgang op de resultaatafspraken. We trekken hierbij beleidsconclusies en houden VVE-uitvoeringsafspraken tegen het licht. We evalueren ieder jaar de uitgangspunten en de ambities van de resultaatafspraken en we passen deze aan waar nodig. Toelichting van termen.
Doelgroepkinderen: Alle kinderen die via de JGZ geïndiceerd zijn voor VVE op basis van de doelgroepdefinitie VVE in de gemeente Voorschoten, ongeacht of zij een voorschoolse aanbod hebben gevolgd. De doelgroepdefinitie VVE is vanaf 1 juli 2022: Kinderen met een risico op, of een geconstateerde ontwikkelings/taalachterstand (met accent op Nederlands), die extra ondersteuning nodig hebben om deze (dreigende) ontwikkelingsachterstand in te lopen of te voorkomen.
1
Voorschoolse Educatie: Het aanbod aan peuters tussen 2-4 jaar oud op een kinderopvanglocatie die in het Landelijk register Kinderopvang als VVE staat geregistreerd en dus werkt met een VVE-programma. Officiëel start VVE pas vanaf het moment dat een kind 2,5 jaar oud is. De resultaatafspraken voor de voorschoolse educatie in Voorschoten zullen zich echter op de peuters tussen 2 en 4 jaar oud richten, omdat peuters in Voorschoten al VVE-aanbod krijgen vanaf 2 jaar. Over het algemeen maken de peuters tussen 2 en 2,5 jaar oud 8 uur per week gebruik van het VVE-aanbod. Vroegschoolse educatie: Alle ontwikkelingsstimulering van kleuters, wat kan via een VVEprogramma, maar ook via andere methoden die een rijk aanbod aan ontwikkelingsstimulering bevatten. Dit komt overeen met de gebruikte definitie van de onderwijsinspectie.
Beoogde doelen met de resultaatafspraken We beogen met deze nieuwe resultaatafspraken dat (voor)scholen inzicht krijgen hoe kinderen de voorschool/het basisonderwijs instromen en hoe de jonge kinderen zich ontwikkelen. De resultaatafspraken leveren op gemeentelijk niveau op dat er een beeld ontstaat wat VVE in de breedte oplevert. Dit is een aangrijpingspunt voor een kwaliteitsdialoog over VVE. De keuzes die beleidsmatig en op uitvoerend niveau gemaakt zijn en worden, bepalen deels de uitkomsten van VVE. Beleid en uitvoering rond VVE is in Voorschoten continu in ontwikkeling. Zaken als bereik en warme overdracht hebben of krijgen onze gezamenlijke aandacht. Dit soort keuzes hebben op lange termijn ook invloed op de resultaatafspraken, bijvoorbeeld omdat er straks meer en dus andere kinderen gemonitord worden. Het is goed te realiseren dat deze zaken verband hebben met elkaar en in de kwaliteitsdialoog willen wij hier ook ruimschoots aandacht aan besteden. Visie en uitgangspunten Onze visie is dat we inzicht wensen in de opbrengsten van kinderen met risico op onderwijsachterstand om van daaruit met elkaar in gesprek te gaan. We streven hierbij na dat (mogelijke) achterstanden door VVE op vroege leeftijd worden weggewerkt. Dit is een zeer ambitieus streven voor de langere termijn.
Voor de periode van dit convenant nemen we als korte termijn ambitie: het inlopen van achterstanden bij de meeste jonge doelgroepkinderen tussen 2 en 6 jaar oud. Om deze achterstanden in te lopen, voeren we op basis van beschikbare gegevens van onze gemeente een kwaliteitsdialoog over VVE op zowel management/ambtelijk niveau als op bestuurlijk niveau. Resultaatafspraken monitoren is en wordt in Voorschoten geen verantwoordingsinstrument en mag ook niet gebruikt worden als keuringsinstrument of als politiek bespreekpunt. We meten de opbrengsten omdat we met elkaar het kwaliteitsbewustzijn VVE willen verhogen, door gezamenlijk goede duiding te geven van de uitkomsten. We weten immers dat inspanningen
2
in de VVE lonend zijn, blijkend uit tal van landelijke en internationale onderzoeken 1. VVE rendeert, vooral als de kwaliteit van de pm’er en leerkracht goed is. Met deze visie in het achterhoofd, werken we vanuit de volgende uitgangspunten: 1. Bij de resultaatafspraken treden wij als gelijkwaardige partners op. Het is ieders verantwoordelijkheid om de gevraagde inspanningen te leveren om tot de beoogde uitvoering van de resultaatafspraken te komen. 2. De resultaatafspraken betreffen zowel de voorschoolse als de vroegschoolse sector. We maken aparte afspraken voor de voorschoolse en de vroegschoolse periode, omdat dan gericht aan SKV en de basisscholen gevraagd kan worden de benodigde gegevens aan te leveren. In de gesprekken over de uitkomsten houden we nadrukkelijk ook oog voor de doorgaande lijn tussen voorschoolse- en vroegschoolse educatie. 3. De resultaatafspraken betreffen bij aanvang het domein Taal. Andere domeinen, zoals Rekenen, Sociaal-Emotioneel of Motorisch, betrekken we later. We bespreken jaarlijks of wij een ander domein meenemen in de resultaatafspraken. 4. In Voorschoten streven we na dat de meeste doelgroepkinderen een meer dan gemiddelde ontwikkelingsgroei ten opzichte van zichzelf maken door VVE. Dit betekent dat de meeste doelgroepkinderen die een achterstand hebben, deze achterstand verkleinen.
We stellen doelen die ambitieus en realistisch zijn, zodat we op termijn onze ambities waar kunnen maken. 5. In Voorschoten richten de resultaatafspraken voorschools zich op kinderen met een doelgroepindicatiei. Dit is namelijk de groep kinderen waarvan we wensen dat zij een eventuele achterstand in de taalontwikkeling inlopen, mede door VVE. Uit ervaringen in het land blijkt dat scholen eind groep 2 veelal geen selectie kunnen maken van kinderen die een doelgroepindicatie VVE hebben. Om die reden kijken we voor de vroegschoolse resultaatmeting in eerste instantie niet specifiek naar kleuters met een doelgroepindicatie VVE, maar naar alle kleuters die vroegschools met een taalachterstand instromen. Dit betreft circa 20% van alle kleuters. Op termijn willen wij wel specifiek zicht krijgen op de ontwikkeling van doelgroepkleuters. Daarom vragen we vanaf de eerste resultaatmeting ook naar de specifieke selectie ‘doelgroepkleuters’.
1 O.a. Pre-Cool onderzoek Nederland, (www.pre-cool.nl) en Cattan, Crawford en Dearden
(https://www.ifs.org.uk/uploads/publications/comms/R99.pdf)
3
Resultaatafspraken VVE Het doel van VVE is daadwerkelijk een ontwikkelingsgroei op taal te realiseren voor kinderen met een (verhoogd risico op) taalachterstand. Daarom spreken we de volgende concrete ambities af:
De voorschoolse VVE-sector (2-4 jaar) Bij minstens 80% van de doelgroeppeuters die met een taalachterstand binnenstromen is deze achterstand bij uitstroom afgenomen (volgens de gehanteerde observatiemethode)2. Deze kinderen maken dus een bovengemiddelde ontwikkeling door op taal en maken hiermee een inhaalslag t.o.v. zichzelf.
De vroegschoolse VVE-sector (4-6 jaar) Bij minstens 80% van de (doelgroep)kleuters die met een taalachterstand instromen in groep 1, is deze achterstand eind groep 2 afgenomen (volgens de gehanteerde observatiemethode). Deze kinderen maken dus een bovengemiddelde ontwikkeling door op taal en maken hiermee een inhaalslag t.o.v. zichzelf.
Uitvoeringsafspraken bij de resultaatafspraken We maken de volgende uitvoeringsafspraken om de ambities van de resultaatafspraken te meten en hierover een kwaliteitsdialoog met elkaar te voeren: Voor het meten: 1. De metingen vinden volledig AVG-proof plaats. 2. Bij de metingen doen mee: alle VVE-voorschoolse locaties (VVE-kenmerk in LRK) en alle scholen. We kiezen bewust voor alle scholen, omdat kinderen met een taalachterstand/doelgroepindicatie VVE op iedere school in de gemeente Voorschoten kunnen instromen. Peuters uit Voorschoten die VVE hebben gevolgd op een kinderopvanglocatie buiten de gemeente, worden niet in de monitor meegenomen. Kleuters die buiten de gemeente wonen worden wel meegenomen in de monitor. Met 2
4
We sluiten zoveel mogelijk aan bij de observatiemethode die de locatie zelf hanteert. KIJK! drukt de ontwikkelingsgroei uit in maanden en is er een achterstand vanaf -2 maanden. Parnasyss werkt met beheersingsniveau doelen, vanaf 0 tot en met beheersingsniveau 2b.
3.
4.
5.
6.
7.
VVE-kinderen in de basisscholen bedoelen we de kinderen die een VVE-indicatie hebben gekregen vanuit JGZ, vaak rond de 2-2,5 jarige leeftijd. De eerste meting vindt plaats september/oktober 2022 door de voor- en vroegscholen, zodra de gegevens van schooljaar 2021/2022 verzameld zijn. De eerste meting wordt gezien als een pilot en legt de basis voor de daaropvolgende metingen. We streven ernaar dat de ambtelijke en bestuurlijke kwaliteitsdialoog VVE ieder jaar uiterlijk half maart gevoerd is (de eerste keer is dit dus maart 2023), zodat scholen in het jaarplan voor komend schooljaar de punten van de kwaliteitsdialoog mee kunnen nemen. De laatste meting start september/oktober 2025. Registreren: a. Scholen leggen vanaf 1 augustus 2022 na de warme overdracht van doelgroeppeuters in het leerlingdossier vast dat een kind een doelgroepindicatie VVE heeft en voorschoolse educatie heeft gevolgd. Daarmee krijgen ze op termijn bij een resultaatmeting vroegschools inzicht in de ontwikkeling van doelgroepkleuters VVE. b. Scholen leggen vanaf 1 augustus 2022 na de overdracht van doelgroeppeuters na toestemming van ouders in het leerlingdossier vast dat een kind een doelgroepindicatie VVE heeft en géén voorschoolse educatie heeft gevolgd óf dat verwacht wordt dat een kind op basis van de doelgroepdefinitie een VVEindicatie heeft maar dit niet bekend is bij de kinderopvang en ouders.
Daarmee krijgen ze op termijn inzicht in het bereik van doelgroepkinderen. Alle voorschoolse locaties en scholen hanteren een genormeerd volgsysteem. Dit betekent dus dat zij inzicht krijgen of het kind qua taal achterblijft, in de pas loopt of een voorsprong heeft. De keuze van het systeem is aan de locaties en scholen/schoolbesturen zelf. Bij locaties/scholen die pas net (korter dan 2 jaar) een nieuw kindvolgsysteem hanteren, kijken we in overleg met de locatie/school wat passend is met betrekking tot deelname aan de monitor. Uitgangspunt is hierbij dat de locatie/school van mening is dat de gegevens uit het nieuwe of het reeds oude systeem een betrouwbaar beeld geven van de ontwikkeling van kinderen van de locatie/school. Het aantal maanden voorschoolse educatie wordt door de voorschool bijgehouden. Op basis van het aantal maanden vve kan gekeken worden wat het effect is in Voorschoten van veel maanden VVE-aanbod versus weinig maanden VVE-aanbod. Dataverzameling geschiedt bij voorkeur door locaties/scholen zelf, waarbij zij gebruik maken van analyses die men zelf ook met regelmaat benut. In de LEA wordt bepaald door wie en hoe de metingen van resultaatafspraken worden uitgevoerd.
Zie verder de bijlage voor de verdere implementatierichtlijnen.
5
Voor de kwaliteitsdialoog: 1. De Voor- en Vroegschoolse partners in de gemeente Voorschoten bespreken jaarlijks met de gemeente en de JGZ de uitkomsten van de resultaatafspraken, het aantal afgegeven VVE-indicaties door JGZ en de proceskant van VVE, zoals doorgaande lijn, afspraken over ouderbetrokkenheid en/of afspraken over overdracht. De essentie is dat we zoeken naar kwaliteitsbewustzijn van VVE-beleid en -uitvoering en welke verbeteringen mogelijk/wenselijk zijn. 2. De (voor)scholen stellen hun scores niet aan de gemeente of andere VVE-partners beschikbaar, maar anoniem aan de persoon/organisatie die door de LEA is aangewezen voor het monitoren van de resultaatafspraken. De gemeente stimuleert dat locaties/scholen voor zichzelf en met hun directe VVE-partners een goede analyse maken wat de betekenis is van de eigen uitkomsten. 3. In de gemeentelijke rapportage wordt anoniem op gemeentelijk niveau gerapporteerd. De uitkomsten zijn dus niet terug te leiden naar individuele kinderen of locaties/scholen. Hierbij geldt dat de bespreking enkel bedoeld is voor de kwaliteitsverbetering VVE en op geen enkele manier als verantwoording geldt. 4. Naast het gesprek op gemeentelijk niveau wordt gestreefd naar een gesprek tussen de intern begeleiders van de scholen en tussen de pedagogisch medewerkers en de pedagogisch coaches van de kinderopvanglocatie(s).
6
Bijlage 1: Implementatierichtlijnen vve-resultaatafspraken Welke gegevens gevraagd? Voorschools Voor de eerste meting, betreffend schooljaar 2021-2022: 1. Selecteer alle VVE-kinderen die tussen 1 augustus 2021 en 31 juli 2022 zijn uitgestroomd naar het basisonderwijs. 2. Van deze VVE-kinderen willen we weten wat de observatiescore op domein taal was tijdens de laatste observatie voordat zij naar het basisonderwijs gingen. 3. Van deze VVE-kinderen willen we tevens weten wat de observatiescore op domein taal was tijdens de eerste observatie nadat zij ingestroomd zijn. 4. Geef aan hoeveel maanden het kind voorschoolse educatie heeft genoten. 5. Beoordeel elk kind dat op de observatie instroom ‘Nee’ of ‘Enigszins’ scoorde of er een bovengemiddelde taalontwikkelingsgroei is.
In Voorschoten is een kindvolgsysteem (KVS) voor de voorschoolse locaties ontwikkeld, Voorschotens model, gebaseerd op ervaringen in Alphen aan den Rijn. Met dit KVS worden doelgroepkinderen drie keer geobserveerd. Het bevat kwantitatieve gegevens waarbij gescoord wordt met ‘ja’, ‘enigzins’, ‘nee’ en ‘niet van toepassing’ en daarbij mogelijkheid om toelichting te geven.
7
Voorbeeld van gewenste datagegevens, via Voorschotens model van SKV VVE-kind
Observatie
Observatie
Verschil uit en
instroom
uitstroom domein instroom
domein Taal
Taal
domein Taal
Wel/geen bovengem. Groei Domein Taal
1
Nee
Enigzins
Ja
Ja
2
Enigzins
Enigzins
Nee
Nee
3
Nee
Ja
Ja
Ja
4
Enigzins
Ja
Ja
Ja
5
Nee
Nee
Nee
Nee
Totaal/gemiddelde
60% Ja
Vroegschools De scholen in Voorschoten gebruiken diverse observatiesystemen om de ontwikkeling van kleuters te volgen. Dit zijn onder meer Kleuter in Beeld, Kleuterplein (licentie hiervan is recent verlopen) en KIJK!. Mede om deze reden is een algemeen, breed toepasbare resultaatafspraak geformuleerd. Voor KIJK! geven wij hieronder een uitwerking hoe de data verzameld gaan worden. Met deze uitleg gaan we ervan uit dat de systematiek helder is voor een ieder. Voor de eerste meting, betreffend schooljaar 2021-2022: 1. Selecteer alle kinderen die augustus 2022 naar groep 3 gaan. 2. Selecteer de kinderen die in het systeem als vve-doelgroepkind geregistreerd staan en daarnaast de kinderen die bij aanvang ondergemiddeld scoorden op het domein taal. (Vaak zal er sprake zijn van overlap tussen beide categorieën.) 3. Van deze kinderen willen we weten wat de observatiescore op het domein taal tijdens de eerste observatie was bij entree in het basisonderwijs. Selecteer de kinderen waarbij de observatiescore volgens de normering van het eigen systeem onder de verwachte/gemiddelde score ligt. Bij KIJK! is dus de score bij periode ‘-2 maanden’ onder het gemiddelde.
8
4. Van deze kinderen willen we tevens weten wat de observatiescore op het domein taal was tijdens de laatste observatie vlak voor entree groep 3. 5. Geef aan hoeveel maanden het kind bij jouw school in de kleutergroepen heeft gezeten. 6. Beoordeel per kind dat met een achterstand instroomde of er een bovengemiddelde taalontwikkelingsgroei is. 7. Deel de kinderen in in één van de volgende drie categorieën: ‘VVE-indicatie en VE voorschools-gevolgd’, ‘VVE-indicatie en geen VE-voorschools gevolgd’ en ‘Geen VVEindicatie, maar wel taalachterstand’. Er kan ook een vierde categorie worden toegevoegd, te weten ‘VVE status niet bekend’.
Voorbeeld van gewenste datagegevens, via KIJK! Kleuter Observatie
1
2
3
4
5
Observatie
Wel/geen
VVE
VE
instroom
uitstroom
bovengem.
indicatie
voorschools
Taal
Taal
groei
Min 6
Min 2
maanden
maanden
Min 4
Min zes
maanden
maanden
Min 8
Min 4
maanden
maanden
Min 4
Min 4
maanden
maanden
Min 12
Min 6
maanden
maanden
gevolgd Ja
Ja
Ja
Nee
Ja
Nee
Ja
Ja
Ja
Nee
Nee
Nee
Ja
Niet bekend Niet bekend
60% Ja
Het voorstel is om deze gegevens in een standaard excelformulier te gaan zetten, zodat via excel-filter snel de analyses gemaakt kunnen worden met betrekking tot de geformuleerde VVE-resultaatafspraken.
9