Beantwoording Technische vragen 806 PvdA GL over Najaarsnota 2025
Tekst van het document
Technische vragen over lopende agendapunten 806
Datum
3 december 2025
Stellers vragen
Arnold Posthuma- PvdA Albert Deuzeman- GroenLinks Commissie B&B 4 december 2025 - 6. Najaarsnota
Over agendapunt
Aanleiding: Op pagina 36 van de Najaarsnota stelt het College het volgende: ‘In 2023 zamelde Voorschoten 229 kilo restafval per inwoner per jaar in. In 2024 was dat 193 kilo. Een daling van 15 procent.’ Echter, als we de cijfers van het CBS erbij pakken zien we juist een stijging van het huishoudelijk restafval in Voorschoten: Van 178,7 kg in 2023 naar 188,6 kg in 2024. Zie: StatLine Huishoudelijk afval per gemeente per inwoner (Afval in Voorschoten door de jaren heen: 2001-2024). Ook in de begroting 2026- behandeld vorige maand in de raad- neemt het College de CBS-cijfers als uitgangspunt. Zie pagina 46 van de Begroting 2026-2029. Overigens zijn in de afgelopen begrotingen, als het over afval gaat, iedere keer de getallen van het CBS gehanteerd. Naar aanleiding van bovenstaande hebben de GroenLinks en PvdA- fracties de volgende vragen die we graag schriftelijk beantwoord zien: 1. Wat is de reden dat het College andere cijfers hanteert in de Najaarsnota over afval, dan de cijfers uit de verschillende begrotingen in de afgelopen jaren? 2. Op welke bron, definitie en berekeningsmethode zijn de door het College genoemde cijfers (229 kg in 2023 en 193 kg in 2024) precies gebaseerd, en waarom wijken deze af van de CBSgegevens die in eerdere begrotingen steeds zijn gebruikt? 3.
Kunt u toelichten waarom in de Najaarsnota wordt gekozen voor een alternatieve cijferbron, terwijl voor beleidsdoorrekeningen, monitoring en eerdere beleidsstukken juist de CBS-cijfers als standaard worden gehanteerd? 4. Hoe verklaart het College dat de CBS-cijfers een stijging van het restafval laten zien, terwijl de door het College gepresenteerde cijfers een daling suggereren? Welke cijfers geven volgens het College de feitelijke ontwikkeling het beste weer, en waarom? 5. Bent u bereid voortaan consequent één vaste bron en definitie te gebruiken bij rapportages over afval (bijvoorbeeld de CBS-definitie), zodat beleidskeuzes en scenario’s — ook rondom toekomstige vormen van afvalscheiding en -tarifering — op vergelijkbare en betrouwbare informatie worden gebaseerd In de Najaarsnota worden de cijfers uit de Benchmark Huishoudelijk Afval genoemd. Voorschoten doet sinds 2 jaar mee met deze benchmark van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor afval en reinigingsdiensten (NVRD), de brancheorganisatie. Volgens de NVRD kan de hoeveelheid restafval in de Benchmark vergeleken worden met de VANG-doelstelling voor kilo’s restafval. Nu Voorschoten 2 jaar met de Benchmark meedoet, kunnen we voor het eerst cijfers vergelijken: het aantal kilo’s restafval in 2023 en 2024. De Benchmark en de cijfers van het CBS zijn gebaseerd op dezelfde cijfers, door ons aangeleverd.
Helaas worden onze cijfers vervolgens verschillend gebruikt om een resultaat te geven. Dit is een breder bekend probleem. De eerder genoemde NVRD is bezig met een standaardisatie van definities om dit probleem te verhelpen. 1
Technische vragen over lopende agendapunten 806
Op dit moment hanteren het CBS en de Benchmark verschillende definities van “restafval”. Daardoor presenteren zij verschillende resultaten, ook al gebruiken ze dezelfde cijfers. In de Benchmark is bijvoorbeeld bij het restafval ook grof huishoudelijk restafval opgeteld en is het (na)gescheiden afval eraf getrokken. We weten op dit moment niet welke definities het CBS hanteert. We vermoeden dat de cijfers van het CBS weergeven wat inwoners in totaal aan afval hebben aangeboden, dus ook het afval wat later nog wordt (na)gescheiden. Uiteraard kunnen we dit nog verder uitzoeken, maar dat heeft meer tijd nodig. Voor nu geven wij de voorkeur aan de cijfers van de Benchmark, vooral vanwege de vergelijkbaarheid met de VANG-doelstelling.
2