CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen 794 VL over Regionaal publiek integraal warmtebedrijf WLR

Gemeenteraad Voorschoten 11 december 2025, gemeente voorschotenBij agendapunt: Wensen- en bedenkingenprocedure voorgenomen oprichting van een Regionaal Publiek Integraal Warmtebedrijf Warmte Leidse Regio (RPIW WLR)2.136 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen over lopende agendapunten 794

Datum

Dinsdag 7 oktober

Steller vragen

Geert-Jan van den Ende

Over agendapunt

Commissie WRG 9 oktober 2025 Wensen en bedenkingenprocedure voorgenomen oprichting van een Regionaal Publiek Integraal Warmtebedrijf Warmte Leidse Regio (RPIW WLR)

Het college wordt verzocht de volgende vragen schriftelijk te beantwoorden: 1. Waarom is het businessplan geheim dit maakt ruggenspraak van gemeenteraadsleden met achterban en deskundigen onmogelijk? Kan de vertrouwelijkheid opgeheven worden of kan er een regeling bedacht worden waarbij inzage mogelijk is? Dit is een regionale afspraak en werkwijze. Openbaarmaking kan onze onderhandelingspositie bij het vervolgproces, alsmede die van andere gemeenten, schaden. Raadsleden kunnen de globale businesscase (Bijlage 5) via de griffie inzien. 2. Er wordt gesproken over een aansluitpercentage van 80% voor woningen in Voorschoten om positief uit te komen in de businesscase. Hoe gaat de gemeente dit bereiken en waar is deze 80% op gebaseerd. Wat als het percentage blijft steken op 30-50 procent? In de bijlage van EY Parthenon wordt het percentage van 80% als een ambitieuze aanname genoemd. Een hoge aansluitgraad is essentieel voor de financiële haalbaarheid van een warmtenet ontwikkeling. Om de ontwikkeling van het warmtenet in een wijk mogelijk te maken is een sluitende businesscase noodzakelijk voor die wijk. De minimale aansluitgraad om de businesscase sluitend te krijgen verschilt per wijk. Omdat in dit stadium nog veel onzeker is in de businesscase, is er voor gekozen om voor de aansluitgraad een gangbare aanname uit de warmtemarkt te hanteren (bijlage 8, pagina 24). 3.

De omschreven kosten voor de Gemeente Voorschoten lopen van circa € 107.559 in 2026 en circa € 843.000 tot 2035, op tot ruim € 1 miljoen tot 2050 (bron op blz. 13). De globale businesscase laat echter een indicatief tekort zien van € 458 miljoen (bron op blz. 14). Wat is het totale financiële risico voor de gemeente Voorschoten? Het raadsvoorstel gaat over de wensen en bedenkingen ten aanzien van oprichting van een Warmtebedrijf en de juridische spelregels om zo ver te komen. Dit voorstel gaat niet over de financiën. De raad krijgt hierover volgens planning in medio 2026 separaat een voorstel voorgelegd. Over de daadwerkelijke financiële risico’s voor Voorschoten is op dit moment nog te veel onduidelijk omdat de business case nog verder moet worden uitgewerkt. 4. Wethouders zitten in de stuurgroep, in maart zijn er verkiezingen. Wat gebeurt er als er een nieuwe wethouder geïnstalleerd wordt? Worden de taken dan direct aan de nieuwe wethouder overgedragen en raken we dan vier jaar kennis kwijt? In het geval dat er een nieuwe wethouder in Voorschoten dit onderwerp in de portefeuille krijgt, dan neemt deze plaats in de stuurgroep. De kennis die de afgelopen 4 jaar is opgedaan gaat daarmee niet geheel verloren. Het is gangbaar dat er met overdrachtsdossiers voor nieuwe wethouder wordt gewerkt.

De kennis is daarnaast ambtelijk ook goed geborgd waardoor een nieuwe wethouder adequaat wordt geïnformeerd. 5. Waarom komen er alleen maar ambtenaren in de werkgroep te zitten? De afgelopen jaren is toch wel bewezen dat er veel expertise in Voorschoten is voor wat betreft het energie

Technische vragen over lopende agendapunten 794

vraagstuk. Voor de kwartiermakersfase wordt in de projectstructuur een werkgroep opgericht, zoals beschreven staat in artikel 4.4 en 4.5 uit Bijlage 3. De (ambtelijke) werkgroep bestaat zoals te doen gebruikelijk uit ambtenaren om de samenwerking binnen de organisatie adequaat en passend te organiseren en het beleid zorgvuldig voor te bereiden. De betrokken ambtenaren hebben veel kennis van energie en warmtetransitie en betrekken overige benodigde expertises. Om de expertises die in Voorschoten aanwezig zijn te kunnen gebruiken, wordt in de kwartiermakersfase de Raad van Advies, zoals beschreven in hoofdstuk 7.6 van het globaal ontwerp, verder uitgewerkt. In deze raad kunnen ook lokale initiatieven en externe deskundigen hun kennis en ervaring delen met de vennootschap. Daarnaast wordt in deze fase onderzocht hoe een participatietraject kan worden opgezet, zodat inwoners en lokale deskundigen op passende momenten actief kunnen meedenken en bijdragen aan het proces. Dit staat ook vermeld in Bijlage 7, hoofdstuk 2 (paragraaf 4) en hoofdstuk 3 (paragraaf 2). 6. In bijlage 8 Second Opinion Voorschoten. Voorschoten is kwetsbaar voor tegenvallers. Hoe gaat Voorschoten hiermee om in de nabije toekomst? In de kwartiermakersfase wordt de businesscase verder uit gewerkt, ook ten aanzien van het beheersen en beperken van mogelijke financiële risico’s.

Daarnaast is in artikel 7.8 van de aandeelhoudersovereenkomst (bijlage 2) bepaald dat geen van de partijen verplicht kan worden tot additionele inleg bovenop de in de tranche gecommitteerde financiële middelen. Dit beperkt de financiële risico’s voor de gemeente Voorschoten als aandeelhouder van de vennootschap. 7. Gelet op artikel 123 en 147 gemeentewet waar liggen de besluitvormende bevoegdheden van de raad inzake budgettering en lokale besluitvorming met betrekking tot het warmtenet? Artikel 123 en 147 van de Gemeentewet betreffen de bevoegdheden van de raad om haar eigen organen te besturen en regelgevende bevoegdheid. In de Wet collectieve warmte staat dat het warmtenet onder de verantwoordelijkheid valt van het bestuur van het warmtebedrijf. In het juridische ontwerp van dat warmtebedrijf (zie Bijlage 1 en 2) is vastgelegd welke invloed de aandeelhouders, waaronder de gemeente Voorschoten, hebben op dat bestuur. De burgermeester kan de gemeente vertegenwoordigen in de AVA of kan een wethouder hiervoor mandateren (gemeentewet artikel 171, lid 1). Het college van B&W beslist over het stemgedrag (gemeentewet artikel 160, lid 1). De gemeenteraad houdt toezicht op hoe het college deze rol uitvoert. Daarnaast worden er via het omgevingsplan door de raad regels opgesteld over hoe kabels, leidingen en andere onderdelen van het warmtenet in de openbare ruimte worden aangelegd. 8.

Bijlage 4 RPIW WLR blz. 18 onder artikel 5.2. Waardepropositie staat onder één van de bullets: Levering warmtapwater: Levering van warmtapwater op een temperatuur die voldoet aan de legionella-preventieregelgeving. Het warmtenet is toch een gesloten systeem? Kan restwarmte gebruikt worden als warmte tapwater? Als een warmtebron een temperatuur heeft van 85 graden of meer dan is het geschikt om een middentemperatuur-warmtenet te voorzien van warmte. Restwarmte heeft vaak een temperatuur die hoger is dan 85 graden. Een warmtenet dat op middentemperatuur(MT) opereert kan veilig warmtapwater bereiden bij een afnemer. Bij een afnemer van MT-warmte wordt namelijk een warmte-afleverset geplaatst door het warmtebedrijf. In deze afleverset zit een warmtewisselaar die het water van het drinkwaterbedrijf en het warmtenetwater van elkaar scheidt. Via de warmtewisselaar warmt het warmtenetwater het drinkwater op naar een veilige temperatuur. Het water dat door de leidingen van een warmtenet stroomt komt dus nooit uit een kraan bij een afnemer.

Technische vragen over lopende agendapunten 794

Afnemers van MT-warmte kunnen daarbij vaak ook nog kiezen welke comfortklasse warmwater (CW) zij willen hebben als zij bijvoorbeeld een regendouche of 2 douches tegelijk willen gebruiken. 9. Er is geld tekort (er wordt dus niet voldaan aan het betaalbaarheidscriterium) en er zijn ook niet voldoende warmtebronnen beschikbaar. Waarom is er niet voor gekozen om de kwartiermakers fase uitstellen tot dat er betaalbare haalbare alternatieven zijn gevonden? Waarom is er niet voor gekozen het warmte bedrijf voorlopig op te zetten als een studie/ontwikkelingssamenwerking met beperkte financiering? De keuze om nu te starten met de kwartiermakersfase is bewust gemaakt, ondanks de huidige financiële onzekerheden en het feit dat nog niet alle warmtebronnen volledig zijn ingevuld. WarmtelinQ komt er in elk scenario en biedt een robuuste, betaalbare, duurzame warmtebron waarmee een groot deel van Voorschoten kan worden aangesloten op een collectief warmtenet. Dit is een kans om een belangrijke stap te zetten richting onze eigen duurzaamheidsdoelen. Tegelijkertijd vormt netcongestie een groeiend probleem in de regio; warmtenetten bieden een belangrijk alternatief voor de inzet van individuele warmtepompen en kunnen zo bijdragen aan het ontlasten van het elektriciteitsnet.

Daarnaast is met amendement 97 van de Wet collectie Warmte (behandeling in de Tweede Kamer in juni 2025) de betaalbaarheid van collectieve warmte wettelijk geborgd. Door nu te starten met de kwartiermakersfase kunnen we tijdig de benodigde keuzes voorbereiden, partners betrekken en de haalbaarheid verder uitwerken. Uitstel zou betekenen dat we kostbare tijd verliezen. 10. Klopt het dat met de voorgestelde stemverhoudingen nu 2/3e van de stemmen in handen is van Firan en EBN. Deze bedrijven hebben heel andere belangen en kunnen bijna alles doordrukken zonder dat de gemeenten (zelfs gezamenlijk) er ook maar iets aan kunnen doen. Klopt het dat dit anders is dan in alle voorgaande presentaties voorgespiegeld? Waarom is gekozen voor deze aanpassing? Kan onderzocht worden of er extra regels vastgesteld kunnen worden waardoor het belang van Gemeenten wordt geborgd. Nu lijkt het erop dat je (extra) moet betalen zonder zeggenschap, klopt deze aanname? Om van gelijkwaardig aandeelhouderschap te spreken is gekozen om de aandelen in drie gelijke delen te verdelen. Daarmee krijgen de gemeenten gezamenlijk 33 1/3% van de stemmen, en Firan en EBN krijgen ook elk 33 1/3% van de stemmen. In de akte van oprichting staan in artikel 9.9 twee soorten besluiten die genomen kunnen worden in de algemene vergadering. Voor de normale besluiten (9.9.1 t/m 9.9.10) is een meerderheid van 66 2/3% nodig.

Dit betekent dat 2 van de 3 partijen dit besluit kunnen nemen. In 9.9.11 staan belangrijke besluiten vermeld. Deze besluiten vergen een meerderheid van 87%. Deze besluiten zijn onmogelijk te nemen door Firan en EBN, zonder dat minimaal 2 gemeenten ook instemmen. Hiermee is geborgd dat belangrijke financiële en strategische beslissingen altijd met de gemeenten genomen moeten worden. In Bijlage 6 staan onder 3.1 en 3.2 ook wensen en bedenkingen van het college over dit onderwerp. Tot slot staat er in Bijlage 7 onder hoofdstuk 4, paragraaf 1 de wens van alle deelnemende gemeenten om het belang van kleinere gemeenten nog beter te waarborgen. 11. Waarom moet informatie uit de vennootschap vertrouwelijk worden behandeld. Waar blijft

Technische vragen over lopende agendapunten 794

dan de mogelijkheid tot controle? (Aandeelhoudersovereenkomst). Kan dit transparanter geregeld worden? Hoe sluit dit aan met de samenwerkingsovereenkomst waarin naar: regie op publieke waarden wordt gestreefd? Het college streeft er naar om op deze manier de vennootschap zo transparant mogelijk te laten opereren. Het is dus niet per definitie dat alle informatie die de vennootschap genereert vertrouwelijk is. Artikel 12 van de aandeelhoudersovereenkomst bepaalt dat aandeelhouders, in het geval dat er vertrouwelijke informatie door de vennootschap wordt geproduceerd, deze informatie niet mogen verspreiden. Het gaat daarbij om informatie die het functioneren van de vennootschap onmogelijk maakt als het openbaar zou worden. Daarbij worden in artikel 12.2 nog een aantal uitzonderingsgronden genoemd, zoals de Woo, waarop zelfs vertrouwelijke informatie openbaar gemaakt kan worden. 12. Alle tot nu toe gemaakte begrotingen zijn eigenlijk slechts ramingen waarvan het niet duidelijk is of er posten voor onvoorzien en escalatie naar de uitvoeringsdata zijn opgenomen. Ook baseren diverse begrotingen zich op verschillende scopes voor warmte vraag/aanbod, aantal aansluitingen en bronnen.

Hoe groot is de onzekerheidsmarge van de getallen uit de business case? Hoe denkt men om te gaan met grote overschrijdingen? In Bijlage 8 staat in hoofdstuk 3.1 (pagina 17) vermeld dat in de businesscase een onzekerheidsmarge van 30% is gehanteerd voor onvoorziene kosten en nog eens 10% om rekening te houden met projectmanagement en engineering. Mocht het toch voorkomen dat er grote kostenoverschrijdingen plaatsvinden die niet door de onzekerheidsmarges opgevangen kunnen worden dan kan het zo zijn dat het bestuur van de vennootschap het businessplan moet wijzigen. De aandeelhouders moeten een wijziging van het businessplan goedkeuren als het om grote wijzigingen gaat, conform 6.1.7.d uit de akte van oprichting (pagina 9). 13. Is de basis of estimate van het business (zie bijlage Basis of estimate aace) plan beschikbaar zodat er inzicht verkregen wordt in de bronnen en methode van begroten? Dit om de getallen in de business case op waarde te kunnen schatten. In de second opinion van EY (Bijlage 8) staat op pagina 19 vermeld welke kengetallen gebruikt zijn bij het opstellen van de businesscase en hoe deze verhouden tot de markt. Gedetailleerdere informatie is op dit moment niet beschikbaar omdat de raming is opgemaakt op basis van het globaal (voor)ontwerp uit het Toekomstbeeld van de regionale energie strategie Holland Rijnland en de kentallen van adviesbureau GreenVis.

In de Kwartiermakersfase worden meerdere details van het technische ontwerp uitgewerkt waarmee ook meer informatie over de kostenopbouw van het ontwerp beschikbaar komt. Daarnaast wordt gewerkt aan het warmteprogramma dat in 2026 wordt opgeleverd. De resultaten uit het warmteprogramma zijn ook essentieel om het technisch ontwerp verder uit te werken. 14. Hoe reëel is de is de geschetste tijdlijn? Ondanks dat er in de kwartiermakersfase veel werk verzet moet worden achten de gemeente Voorschoten en de andere partijen in de regio de geschetste tijdlijn op pagina 4 van het raadsvoorstel

Technische vragen over lopende agendapunten 794

als haalbaar en realistisch.

* Aangeven wat van toepassing is.

Toelichting (indien nodig):

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=ce3bc902-3a7f-4a93-af2c-ff50e374336d