Beantwoording technische vragen 585 CDA over beleidsplan voor- en vroegschoolse educatie
Tekst van het document
Technische/informatieve vragen over lopende agendapunten 585
Datum
6 juni 2023
Steller vragen
Bas van Benschop (CDA)
Over agendapunt
Cie M&S 8 juni 2023, ag.punt 5; Beleidsplan voor en vroegschoolse educatie 2023 – 2026 Het college wordt verzocht de volgende vraag schriftelijk of mondeling te beantwoorden: Is gekeken naar de mogelijkheid om het non bereik VVE te verkleinen door consultatiebureaus een rol te geven?
Ja. Met de JGZ (consultatiebureau) zijn aanvullende afspraken gemaakt om het non-bereik te verminderen. Er is een nieuwe werkwijze ingevoerd over de terugkoppeling en registratie van peuters met een voorschoolse educatie (VE) indicatie. De JGZ registreert: 1. Het aantal doelgroepkinderen die vallen onder de Voorschotense doelgroep definitie. (Beoordelingscriteria voor de voorschoolse educatie) 2. Het aantal kinderen dat door de JGZ geïndiceerd is. (Dat kunnen ook kinderen zijn die onder de 1 jaar vallen, maar dat hoeft niet) 3. Het aantal kinderen dat wel geïndiceerd is, maar niet geplaatst is met de reden waarom. - de JGZ weet wanneer ouders niet kiezen voor voorschoolse educatie en noteert de reden. - de JGZ heeft elke 6 weken overleg met de VE-aanbieder waarbij alle geïndiceerde kinderen gecheckt worden op plaatsing (met toestemming van de ouders). Ook in dit geval met vermelding van reden als het niet tot plaatsing leidde. Eventuele vervolgacties en mogelijkheden worden besproken met de VE-aanbieder. Dit kan ook betekenen dat er weer contact wordt opgenomen met de ouders door de JGZ. - De JGZ kan toestemming vragen aan de ouders of zij interesse hebben in een bezoek van de peuterconsulent (medewerker van Voorschoten Voor Elkaar) om deze ouders beter te informeren over de voordelen van VE en eventueel te ondersteunen bij het invullen van aanmeldingsformulieren. 4.
Het aantal kinderen zonder indicatie, waarvan bijv. scholen of kinderopvang later aangeven dat ze in aanmerking hadden moeten komen voor een VE-indicatie. Met de bedoeling om te kunnen achterhalen hoe het komt dat deze kinderen gemist zijn. (ter verbetering van het proces). Kinderen kunnen nu ook bij de JGZ ‘aangedragen’ worden voor indicatie door bijvoorbeeld: a. De SKV en reguliere kinderopvang op basis van eigen expertise/ observatie. b. Van logopedisten, Voorschoten Voor Elkaar, Vluchtelingenwerk etc. c. Van scholen (broertjes/ zussen). De JGZ neemt dit advies serieus en over. Hierdoor is de kans kleiner dat er kinderen gemist worden in de toeleiding. Toelichting (indien nodig): Veel van de ouders van de doelgroep kinderen die niet bereikt kunnen worden, hebben waarschijnlijk eerder wel contact gehad met de consultatiebureaus. Deze kunnen dan ook mogelijk een rol spelen bij toeleiding naar de VVE.
Technische/informatieve vragen over lopende agendapunten 585