Beantwoording technische vragen 407 408 409 410 412 413 over Kaderbrief 2022.xlsx
Tekst van het document
Technische vragen Kaderbrief 2022 Voorschoten # Fractie vraag# Pagina Vraag 407 ONS Voorschoten 1 8 C9, WMO bezuiniging 150K EUR: kan een onderbouwing gegeven worden van de omvang van de ingeschatte bezuiniging ?
Antwoord De kostenbesparende maatregelen WMO worden in een apart voorstel aangeboden aan uw raad (zaaknummer Z/21/52973), en zijn inmiddels besproken in de commissie M&S van donderdag 24 juni. Hierin worden diverse maatregelen toegelicht. Deze moeten na besluitvorming nog verder worden uitgewerkt. Over de voortgang wordt de raad via de reguliere P&C-cyclus geïnformeerd. Dit staat gepland voor bij de begroting 2022, waarbij ook de besparingen worden toegelicht. Zie ook 410 PVDA, vraag 8.
407 ONS Voorschoten
2
9 C10, Jeugdkosten: kan een onderbouwing gegeven worden van de omvang van de beoogde besparing van 605 K EUR ?
Om de stijgende jeugdkosten tegen te gaan worden in de Kaderbrief 2022 twee kostenbesparende maatregelen voorgesteld, die ook benoemd zijn in het eerder verschenen AEF rapport. Allereerst wordt voorgesteld om de inzet van zogeheten POH’ers (Praktijk Ondersteuners Huisartsen) te continueren en verder uit te breiden. Daarnaast wordt voorgesteld om de uitstroom van cliënten naar de WLZ (Wet Langdurige Zorg) te bevorderen. Met beide investeringen wordt een structurele besparing van € 605.000 per jaar beoogd.
407 ONS Voorschoten
3
7 C4 Project bureau wonen: waarom wordt dat niet een integraal onderdeel van de nieuwe ambtelijke organisatie, en komt dat “bovenop” de in september 2021 te starten nieuwe ambtelijk organisatie ?
Een projectbureau als integraal onderdeel van de nieuwe ambtelijke organisatie impliceert structureel hogere (personeels)kosten omdat de omvang van de ambtelijke organisatie toeneemt. Wij verwachten dat dit voor de financiële positie van Voorschoten op langere termijn niet wenselijk is. Wij zoeken de oplossing meer in een flexibele schil die in overwegende mate door initiatiefnemers wordt bekostigd via anterieure overeenkomsten / kostenverhaal. De opzet van het projectbureau en de inzet van meer opgavegericht werken van de organisatie als geheel worden in onderling samenhang ontwikkeld.
407 ONS Voorschoten
4
8 Onder C6 worden problemen rond beschikbare capaciteit bij Maatschappelijke Ontwikkeling Het verschil tussen 2022 en 2023 in de hogere lasten voor capaciteit zit voor een deel in de kosten voor het actieplan jeugd. De lasten hiervan zijn door uw raad al opgenomen in de beschreven, onder O3 de inzet van bestemmingreserve Sociaal Domein om incidentele lasten i.v.m. capaciteitsvraag voor MO te dekken, uit de tabellen blijkt dat dit (O3) m.i.v. 2023 zal zijn. begroting van 2022. Daarom zijn de lasten voor de capaciteitsuitbreiding in 2022 lager dan Wat wordt, volgens deze kaderbrief, gedaan om in 2022 op een vergelijkbaar niveau als dat in latere jaren. Voor wat betreft dekking uit de Reserve Sociaal Domein: hierbij geldt dat alleen de lasten 2023, de problemen bij capaciteitsvraag MO het hoofd te bieden? En in samenhang met deze die vooralsnog als incidenteel worden gezien, gedekt worden door een onttrekking uit de vraag waarom worde reserves Sociaal Domein niet al in 2022 voor dit doel ingezet? reserve. Omdat de capaciteitsuitbreiding zowel incidentele als structurele onderdelen kent, verschilt de dekking ook jaarlijks.
407 ONS Voorschoten
5
# In de commissie WRG van 17 juni jl. heeft wethouder Spil bij de behandeling van het agendapunt 4 , Verduurzaming gemeentelijk vastgoed, aangegeven dat de afweging om volgens het raadsvoorstel te investeren in verduurzaming gemeentelijk vastgoed: in de kadernota zal staan. Naast alle andere integrale afwegingen. Waar is in deze kaderbrief toelichting te vinden op de dekking van de collegeplannen m.b.t. verduurzaming gemeentelijk vastgoed zoals die zijn besproken in de commissie WRG van 17 juni jl.?
Wethouder Spil heeft inderdaad foutief geantwoord in de commissie WRG en dat in dezelfde commissie gerectificeerd. De investeringskosten van het voorgelegde pilot-plan verduurzaming worden in 2021 genomen en komen, behalve voor de daaruit voortvloeide kapitaallasten, dus niet terug in de kaderbrief 2022.
407 ONS Voorschoten
6
# Wat zijn, per jaar, de begrote kosten en investeringen die in de periode 2022-2025 voor verduurzaming van gemeentelijk vastgoed in deze kaderbrief zijn opgenomen?
In de kaderbrief 2022 zijn geen kosten voor verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed opgenomen omdat in 2021 wordt begonnen met verduurzamen. Op 8 juli a.s. wordt de raad een voorstel daartoe aangeboden. De visie op energie en klimaat is het handvat voor de gemeentelijke verduurzamingsambities alsmede landelijke verduurzamingsambities. De gemeente wil in 2021 beginnen met deze ambities en start een pilot (doe- en leertraject) voor vier panden in haar gemeentelijk vastgoedportefeuille. De opgedane ervaringen worden meegenomen in het vervolgproject verduurzamen gemeentelijk vastgoed, waarbij ook de bijbehorende kosten in beeld worden gebracht.
1 van 6
Technische vragen Kaderbrief 2022 Voorschoten # Fractie vraag# Pagina Vraag 408 Groen Links 1 # Het college stelt dat er met twee maatregelen in de jeugdzorg alvast besparingen gerealiseerd kunnen worden, namelijk extra investeringen in de praktijkondersteuning huisartsen en het stimuleren van doorstroming naar de wet Langdurige zorg. Beide maatregelen leveren een gezamenlijke besparing van 605 k€ op, wat een structureel voordeel van 273 k€ betekent. Kan aangegeven worden wat de besparingen van elke maatregel apart is?
Antwoord De kostenbesparende maatregelen op het gebied van jeugdzorg worden na het zomerreces aan uw raad aangeboden. Dan wordt ook ingegaan op de uitwerking van de besparingen.
408 Groen Links
2
# Kan aangegeven worden hoe de extra rijksmiddelen jeugdzorg leiden tot een extra voordeel van De extra rijksmiddelen voor jeugd zoals deze zijn opgenomen in de kaderbrief (van € 1 345 k€? Er wordt een bedrag van minimaal een 1000 k€ aan extra gelden voor 2022 genoemd miljoen in 2022 aflopend tot € 500.000 in 2025) zijn middelen die door het rijk zijn en een voordeel van 300 k€ voor 2021, maar het is ons niet duidelijk hoe een en ander zich aangekondigd voor de periode 2022 en verder. verhoudt tot het voordeel van 345 k€. De € 345.000 zoals die staat genoemd op pagina 11 van de kaderbrief zijn extra middelen voor jeugdzorg voor het jaar 2021 (op macroniveau € 300 miljoen). Deze € 345.000 heeft daarmee geen betrekking op 2022 en verder, en komt ook niet terug in de tabellen in deze kaderbrief.
409 CDA
1
# Op blz 2 van het raadsvoorstel wordt vermeld dat het nadelig effect van jeugdhulp (- 624 k) en wmo (– 489 k) op het meerjarenbeleid 1.1 mio structureel is. Is in dit saldo het effect van de wmo en jeugdhulp zoals opgenomen in de voorjaarsnota 2021 verwerkt? Zo nee, wat betekent voor de ombuigingsopgave ? Moet deze navenant omhoog ?
In de kaderbrief is het structureel effect van de wijzigingen in de voorjaarsnota opgenomen. Het effect van de voorjaarsnota 2021 is dus verwerkt in de Kaderbrief 2022, en komt daar niet nogmaals bovenop.
409 CDA
2
# Op welke uitgangspunten is de geraamde opbrengst van de opbrengst Arendsoog van 189 k gebaseerd ? Is deze raming ‘hard’ / gegarandeerd ?
Operatie Arensoog is gebaseerd op de jaarrekening 2020. Op basis daarvan is geconcludeerd dat een aantal budgetten kunnen worden afgeraamd. Uiteraard kunnen zich gedurende het jaar ontwikkelingen voordoen, maar op basis van de huidige inzichten wordt met deze wijziging een reële raming bereikt.
409 CDA
3
# In de investeringsplanning bij de kadernota 2022 lijkt de investering in de ‘nieuwbouw’ Fortgensschool te ontbreken terwijl die investering in een eerdere investeringsplannen / begrotingen wel was opgenomen. Waarom ontbreekt deze ? En wat betekent dit ontbreken voor de door het bestuur van de Fortgensschool ingediende aanvraag onderwijshuisvesting ?
Bijlage 5 geeft de mutaties in de investeringsplanning weer. Omdat de Fortgensschool al in de investeringsplanning staat opgenomen, staat de mutatie bij het IHP bij de deze kaderbrief op 0. De bijbehorende kapitaallasten vanaf 2024 wijzigen wel, in verband met het niet langer kunnen hanteren van een uniform percentage voor de restwaarde. Dit heeft dus geen effect op de aanvraag van de Fortgensschool. De investering staat op de planning en de bijbehorende kapitaallasten zijn opgenomen in de begroting.
2 van 6
Technische vragen Kaderbrief 2022 Voorschoten # Fractie vraag# Pagina Vraag 409 CDA 4 # In de investeringsplanning bij de kadernota 2022 overstijgen de kapitaalasten in jaren 2024 (207 k ) en 2025 (262 k) het kader van de raad. Het plafond is hier 100 k per jaar. Waarom respecteert het college het kader / plafond van de raad hier niet ?
Antwoord De bedragen die opgenomen zijn in Bijlage 5 - Mutaties Investeringsplanning 2022 - 2025 betreffen de mutaties ten opzichte van de eerdere investeringsplanning. De opgenomen investeringen bestaan zowel uit vervangingsinvesteringen, nieuwe investeringen en investeringen vanuit het gesloten systeem. De vervangingsinvesteringen en de investeringen vanuit het gesloten systeem dienen buiten beschouwing gelaten te worden en hiermee blijven wij het vastgestelde investeringsplafond respecteren.
409 CDA
5
# In de investeringsplanning bij de kadernota 2022 worden vervangingsinvesteringen in wegen in De vervangingsopgaven voor wegen zijn zo veel mogelijk gekoppeld aan de de jaren ’22 en ’24 teruggedraaid’. Waarom wordt hiervoor gekozen ? En wat betekent voor het vervangingsopgaven voor riolering (integrale gebiedsgerichte aanpak). Daarom kunnen door de raad vastgestelde kwaliteitskader van de openbare ruimte (niveau C ) ? vervangingsopgaven opgeschoven zijn ten opzichte van eerdere planning. Daarbij is en blijft kwaliteitsniveau C het uitgangspunt.
409 CDA
6
# Op blz 134 van de begroting 2021 wordt vermeld dat bij de kadernota 2021 besloten is het indexcijfer voor levering derden niet toe te passen. Is deze indexering in 2021 daadwerkelijk niet toegepast ?
Bij het opstellen van de begrotingen wordt het principe gehanteerd van reële ramingen. Dit houdt in dat de indexatie niet jaarlijks op de betreffende budgetten wordt toegepast, maar dat budgetten worden aangepast wanneer dit nodig wordt geacht. Bij de kadernota 2021 is er wel een structurele stelpost voor prijsstijgingen opgenomen ad € 155.000. Zie ook p. 14 van de Kadernota '21. Bij de Voorjaarsnota 2021 is gebleken dat er geen beroep op de stelpost indexering gedaan hoefde te worden.
409 CDA
7
# In de kadernota 2022 wordt als optie voorgesteld de indexatie van levering derden (opnieuw) niet toe te passen. Dit genereert vanaf 2022 in dekking van 132 k per jaar. Wat is gecumuleerde effect van het achterwege laten van de indexering levering derden in 2021 en in 2022 uitgedrukt in euro’s per jaar ?
In de kaderbrief wordt als dekkingsmogelijkheid voorgesteld om de indexering voor leveringen derden voor 50% toe te passen, wat voor het begrotingsjaar 2022 lagere lasten opleverd van € 132.000. Er is geen sprake van een cumulatieve reeks.
409 CDA
7a
# Wat is het effect van het achterwege laten van de indexering levering derden in 2021 en 2022 op de kwaliteit van de openbare ruimte in relatie tot het door de raad vastgestelde kwaliteitsniveau C? En in welke mate treedt hier kapitaalvernietiging op als gevolg van het niet uitvoeren dan wel het temporiseren van dergelijke onderhoud ? kan dergelijk achterstallig onderhoud op een later moment nog wel worden ingehaald ? en: hoe wordt hier gemonitord?
Zoals gesteld in de beantwoording van vraag 5, heeft dit geen effect op de kwaliteit van de openbare ruimte. Budgetten worden bijgesteld wanneer dit nodig wordt geacht. Daarbij is en blijft kwaliteitsniveau C het uitgangspunt.
409 CDA
8
# In de investeringsplanning bij de kadernota 2022 wordt de vervangingsinvestering in het riool (jaar 2022) van 1.55 mio teruggedraaid. Wat is hiervoor de aanleiding ? En wat betekent dat voor het door de raad in het IWKP vastgestelde vervangingstempo van de riolering? Neemt de achterstand in vervanging van riolering hiermee verder toe?
Bij de voorjaarsnota 2020 is al besloten om de rioleringsopgave te temporiseren. Dit is mede het gevolg van een wijziging van de aanpak van de onderhoudsprojecten, genaamd Integraal Gebiedsgericht Werken (IGW). Door het beter prioriteren van de werkzaamheden wordt er efficiënter en effectiever gewerkt. De opgaven die in het IWKP zijn opgenomen worden wel uitgevoerd, de betreffende rioleringe wordt enkel iets later vervangen.
409 CDA
7
# Uit de kadenota 2022 blijkt dat de rioolheffing voor inwoners gaat stijgen. Met welk percentage stijgt de heffing en wat is hiervan de oorzaak?
In de conclusie is aangegeven dat een kostenstijging onvermijdelijk is, dit heeft echter niet specifiek betrekking op 2022. De gemeente is wettelijk verplicht om haar zorgplichten voor afval-, hemel- en grondwater na te komen. Hoe gemeenten op korte en lange termijn invulling geven aan de gemeentelijke zorgplichten wordt vastgelegd in het verbreed gemeentelijke rioleringsplan (vGRP). Dit is een verplicht plan op grond van de Wet milieubeheer. Op 16 mei 2019 is het Integraal Water Keten plan (IWKp) 2019-2023 vastgesteld, dit neemt de plaats in van het vGRP. Voor de rioolheffing is het uitgangspunt is dat de kosten voortkomend uit de zorgplicht voor 100% worden gedekt uit de rioolheffing. Het kostendekkingsplan uit het IWKp 2019-2023 is hierbij het uitgangspunt tot en met 2023.
409 CDA
8
# Uit de voorjaarsnota 2022 blijkt dat de vervanging van de riolering onder de Leidseweg Noord geen 915 k kost maar bijna 1.6 mio. Wat is het effect / het aandeel van de extra onttrekking van ruim 650 k uit de voorziening op de aangekondigde stijging van de rioolheffing?
Voor riolering wordt niet gewerkt met een voorziening maar met investeringskredieten. Vandaar is er geen sprake van een extra onttrekking. De bijkomende kosten ad € 0,7 mln. kunnen worden gedekt binnen het in de begroting 2021 beschikbaar gestelde krediet voor het IWKp (€ 2,9 mln.). Dit is vandaar ook niet direct gerelateerd aan een stijging van de rioolheffing.
3 van 6
Technische vragen Kaderbrief 2022 Voorschoten # Fractie vraag# Pagina Vraag 409 CDA 9 # Bezuinigingen op de WDOV werden in het verleden nooit geaccepteerd omdat de raad daarbij niet aangaf welke taken konden komen te vervallen. Thans worden zaken omgedraaid: het college vraagt om extra budget voor de afdeling maatschappelijk ontwikkeling terwijl de raad niet om extra taken / resultaten heeft gevraagd. Welke extra resultaten krijgt de raad in retour voor de gevraagde extra budgetten ? Hoe zijn deze taken in de afgelopen jaren uitgevoerd en bekostigd? De taken waarvoor extra dekking wordt aangevraagd zijn toch niet nieuw?
Antwoord De raad wordt gevraagd om extra budget om de capaciteit bij de afdeling Maatschappelijke Ontwikkeling op een aantal taken te verruimen omdat de vraag op diverse taakvelden de afgelopen jaren is gestegen maar de capaciteit om dit af te handelen niet is meegegroeid. Al een behoorlijke tijd is de hoeveelheid gevraagde resultaten aan de afdeling MO groot. De bedrijfsvoering sluit al geruime tijd onvoldoende aan bij deze verwachtingen en realiteit. De beschikbare capaciteit is na de invoering van de drie decentralisaties nagenoeg nooit meer bijgesteld of herijkt. De beschikbare capaciteit is niet in balans met de vraag. Hierdoor is de werkdruk die wordt ervaren bij medewerkers hoog. Dit leidt tot een onwenselijke situatie die van invloed is op het verzuim van medewerkers, de professionaliteit van medewerkers, het verloop in de organisatie, de betrokkenheid bij de organisatie en daarmee ook op de dienstverlening aan onze inwoners. Met dit budget kan op een aantal plekken geïnvesteerd worden in de uitbreiding van de capaciteit om tot een betere bedrijfsvoering te komen en daarmee de dienstverlening op peil te houden. Met de voorgestelde investering in capaciteit sluit de bedrijfsvoering meer aan op het gevraagde resultaat en kan er een duurzame verlaging van de ervaren werkdruk gerealiseerd worden.
409 CDA
10
Het bedrag van € 1 miljoen, zoals vermeld in de kaderbrief op pagina 11 en in de tabellen in # Op blz 3 van het raadsvoorstel wordt vermeld ‘dat voor 2022 een bedrag van 400 k wordt verwacht aan extra gelden jeugdzorg’ in tabel 4.2 van bijlage 4 wordt ter zake 1 mio genoemd. bijlage 4 en bijlage 6 is juist. In de tekst in het raadsvoorstel op pagina 3 is inderdaad Welk bedrag is juist: de 400 k in 2022 of de 1 mio in 2022 ? abusievelijk € 400.000 opgenomen en zal technisch worden gecorrigeerd.
409 CDA
11
# In tabel 4.2 tab 04 bij ‘extra gelden Rijk / Jeugdhulp’ (bijlage 4) wordt in 2023 750 k ingeboekt, in 2024 en 2025 telkens 500k. Wat zijn de consequenties voor de ‘knoppen’ in de kadernota 2022 als de ingeboekte extra gelden in 2023, 2024 en 2025 niet worden bevestigd in de mei-circulaire ? Opteert het college alsdan voor een sluitende begroting louter in het eerste jaar conform het provinciale toezichtkader voor preventief toezicht (dat is hier 2022) ?
409 CDA
12
# In mei 2020 heeft de raad besloten de stijging van de benodigde kredieten voor het onderhoud In deze kaderbrief wordt niet voorgesteld het bedrag ad € 73.000 in te zetten voor de wel in de begroting op te nemen (structureel ruim 80 k) , maar de daling van bepaalde voorgenomen investering in de MFA. onderhoudskredieten niet (structureel circa 73 k). Dat betekent dat er structurele ruimte is in de begroting van circa 73 kl. Bij de behandeling van het betreffende voorstel heeft de wethouder de raad toegezegd deze ruimte niet in te zetten voor de voorgenomen investering in de bibliotheek. Komt de wethouder deze toezegging aan de raad na?
409 CDA
13
# Mbt opzet projectbureau (C4) “…opzet en inrichting hiervan werken we het komende half jaar verder uit” Vraag: wordt het projectbureau nog operationeel tijdens deze collegeperiode?
Daar is het streven wel op gericht, de opzet van het projectbureau en de inzet van meer opgavegericht werken van de organisatie als geheel worden in onderling samenhang ontwikkeld. Als we aangeven dat het komend half jaar nodig is voor opzet en inrichting dan zou het projectbureau begin 2022 operationeel moeten kunnen zijn.
410 PVDA
1
# Kengetallen - Op 13 december 2018 heeft de raad de nota schuldenbeheersing vastgesteld. Het vastgestelde beslispunt 4 luidt daarbij als volgt: “Binnen het aldus afgebakende speelveld en ook rekening houdend met de verplichte kengetallen (onderstreping door PvdA) , bij kadernota de integrale meerjarige afweging te maken tussen investeringswensen en financiële mogelijkheden”. Op bladzijde 21 van het jaarverslag 2020 staat dat de netto schuldquote stijgt van 33% ultimo 2020 tot 91.8% ultimo 2030. In de kadernota ontbreekt een meerjarig overzicht van kengetallen waardoor ‘zorgvuldige integrale meerjarige afweging’ niet mogelijk is. Vraag 1: De PvdA verzoekt het college een dergelijk meerjarig kengetallenoverzicht tijdig voorafgaand aan de behandeling in de commissie B&B aan de raad toe te zenden.
De ontwikkeling van de meerjarige kengetallen is opgenomen is de Begroting 2021 pagina 128. De actualisatie hiervan zullen wij voor u opmaken bij de begroting 2022, inclusief de gevolgen van de aan u aangeboden voorjaarsnota 2021 en kadernota 2022.
De extra rijksmiddelen voor jeugdhulp vanaf 2022 zijn aangekondigd, maar nog niet verwerkt in de meicirculaire 2021. Vooralsnog zijn de bedragen in deze kaderbrief daarom een voorzichtige schatting. De verwachting is dat de middelen eerder hoger zullen zijn dan lager. Het college gaat er op basis hiervan vanuit een sluitende begroting 2022 te kunnen presenteren, waarbij de jaren 2024 en 2025 in het meerjarenbeeld eveneens sluitend zijn.
4 van 6
Technische vragen Kaderbrief 2022 Voorschoten # Fractie vraag# Pagina Vraag 410 PVDA 2.1 # Exploitatiebijdrage zwembad - Onder punt A25 meldt het college dat wordt uitgegaan van een exploitatiebijdrage vanuit de gemeente ten bedrage van € 100.000. Uit de Voorjaarsnota 2020 en antwoorden op schriftelijke vragen van de PvdA blijkt dat de exploitatiebijdrage voor het zwembad door de gemeente voor het jaar 2020 op €233.000 wordt begroot. Vraag 2.1: Waarom meent het college dat de exploitatiebijdrage in 2021 kan worden terug gebracht van € 233.000 naar € 100.000?
Antwoord Bij het bedrag ad € 100.000 gaat het niet om de exploitatiebijdrage maar om het te dekken tekort. Het te dekken tekort bij de VJN 2021 is € 148.000 (€ 233.000 exploitatiebijdrage minus € 85.000 dekking vanuit begroting). De exploitatiebijdrage 2021 is o.b.v. de huidige overeenkomst met Sportfondsen. De besprekingen met Sportfondsen lopen op het moment omdat de huidige overeenkomst afgelopen is. Aangezien er in de afgelopen jaren een flink overschot bij Sportfondsen is opgebouwd, uit nog te besteden exploitatiebijdragen uit voorgaande jaren, is er gerekend met een lager exploitatietekort ad € 100.000 voor 2022 en verder.
410 PVDA
2.2
# Vraag 2.2: Heeft het college met Sportfondsen een afspraak gemaakt inhoudende dat de De besprekingen met Sportfondsen lopen op het moment. Er zijn nog geen afspraken exploitatiebijdrage in 2022 is gemaximeerd tot € 100.000? gemaakt. # Nieuw beleid - Voor nieuw beleid is in 2023 een negatief bedrag van € 149.500 ‘beschikbaar.’ Het bedrag van € - 149.500 geeft aan dat de lasten van het nieuwe beleid hoger zijn dan de Vraag 3: Is het juist dat dit inhoudt dat het nieuwe college – gegeven de verwachtingen uit deze bijbehorende dekking. kaderbrief – in 2023 niet over de budgettaire ruimte voor nieuw beleid beschikt tenzij eerst De budgettaire ruimte voor het nieuwe college wordt bepaald door het saldo zoals dat nu wordt overgegaan tot substantiële bezuinigingen? wordt gepresenteerd in deze kaderbrief. Voor 2023 is dat saldo vooralsnog negatief, wat de ruimte beperkt. Echter is hierin het effect van de meicirculaire 2021 nog niet meegenomen, en zijn de rijksmiddelen voor jeugdhulp voorzichting geraamd. Bij het opstellen van de begroting 2022 kan het saldo voor het jaar 2023 dus nog wijzigen.
410 PVDA
3
410 PVDA
4.1
# Operatie Arendsoog - De werkzaamheden in het kader van de operatie Arendsoog leiden volgens bijlage 4 tot een financieel voordeel van € 189.500. Vraag 4.1; Zijn er kosten verbonden aan deze jaarlijkse excercitie of kan dit vanuit de staande organisatie worden uitgevoerd?
Operatie Arendsoog is gebaseerd op de jaarrekening 2020. Op basis daarvan is geconcludeerd dat een aantal budgetten kunnen worden afgeraamd. Dit brengt geen extra lasten met zich mee.
410 PVDA
4.2
# Uit de cijferopstelling in bijlage 4 blijkt dat er eenmalig in 2022 een voordeel is van € 189.500 met een gelijke structurele doorwerking in de jaren erna. Is dit ook de bedoeling of kan er ook sprake zijn van een cumulatieve reeks die in de loop der jaren ontstaat?
Onderdeel C1 (Operatie Arendsoog) zorgt voor een structureel voordeel van € 189.500 per jaar. Er is dus geen sprake van een cumulatieve reeks.
410 PVDA
5
# Projectbureau wonen - In de kaderbrief 2022 reserveert het college nog geen middelen voor het De financiering is nog onderwerp van onderzoek. Vertrekpunt is dat initiatiefnemers via anterieure overeenkomsten betalen voor de inzet van de gemeente. Gelijktijdig met het projectbureau wonen. Vraag 5: Is het college voornemens in de begroting 2022 hiervoor voorstel voor de opzet van het projectbureau komen we met dekkingsvoorstel voor de middelen vrij te maken? kosten die hiermee gemoeid zijn.
410 PVDA
6
# MFA - Besluitvorming over de MFA “is voorzien aan de hand van aparte voorstellen waarvoor wij Het gaat om de raadsinformatiebrief 045 Ontwikkeling Multifunctionele Accommodatie (MFA) van 18 juni 2021. verwijzen naar de separate informatiebrief”, aldus de kaderbrief. Vraag 6: Op welke aparte voorstellen uit de informatiebrief doelt het college?
410 PVDA
7.1
# Nieuwe huisvesting ambtelijke organisatie(PM) - Vraag 7.1: Hoeveel bedragen de kosten voor projectbegeleiding die ten laste komen van de begroting 2021?
Het project huisvesting ambtelijke organisatie zit in een startfase. Vandaar kan er op dit moment geen antwoord hierop worden gegeven. De verwachting is dat de kosten voor projectbegeleiding kunnen worden gedekt binnen het beschikbare budget op taakveld 0.4 (Leidseweg). Het College zal hierover t.z.t. een raadsinformatiebrief versturen.
410 PVDA
7.2
# Vraag 7.2: Wat bedoelt het college met de zin: “Deze financiële gevolgen worden verwerkt bij de begroting? Krijgt de raad voorafgaand aan de besluitvorming over de begroting 2022 een voorstel inclusief kostenraming van de verbouw/herontwikkeling van het pand?
Een voorstel m.b.t. het verbouwen, herontwikkeling of nieuwbouw zal ter besluitvorming aan de raad worden voorgelegd. De verwachting is dat dit in de raad van december a.s. zal zijn. De financiële gevolgen worden dan verwerkt in de begroting.
410 PVDA
8
# Kostenbesparende maatregelen WMO - Vraag 8: Het college wordt gevraagd een nadere financiële onderbouwing te verstrekken van het positieve saldo dat wordt begroot ten bedrage van € 150.000. Anders gezegd, welke kosten worden geraamd voor de uitvoering van de beoogde maatregelen en welke opbrengsten worden geraamd hetgeen per saldo leidt tot de door u genoemde besparing van € 150.000
De kostenbesparende maatregelen WMO worden in een apart voorstel aangeboden aan uw raad (zaaknummer Z/21/52973), en zijn inmiddels besproken in de commissie M&S van donderdag 24 juni. Hierin worden diverse maatregelen toegelicht. Deze moeten na besluitvorming nog verder worden uitgewerkt. Over de voortgang wordt de raad via de reguliere P&C-cyclus geïnformeerd. Dit staat gepland voor bij de begroting 2022, waarbij ook de besparingen worden toegelicht. Zie ook 407 ONS Voorschoten, vraag 1.
5 van 6
Technische vragen Kaderbrief 2022 Voorschoten # Fractie vraag# Pagina Vraag 412 PVDA / CDA 1 # Investeringsplafond nieuwe investeringen - Op 13 december 2018 heeft de raad besloten het investeringsplafond voor nieuwe investeringen te continueren op maximaal €100.000 aan afschrijvingslasten per jaar. In de commissie WRG van 17 juni j.l. meldde wethouder Cramwinckel dat de nota schuldenbeheersing het mogelijk zou maken om niet uit te gaan van een maximum van jaarlijks €100.000, maar van een gemiddelde. In bijlage 3 van informatiebrief 045 (MFA) schrijft het college: “Concreet betekent dit dat de totale afschrijvingskosten op nieuwe investeringen gemiddeld € 100.000 per jaar mogen bedragen”. Vraag: In welke raadsvergadering is ingestemd met een voorstel van het college om in het vervolg niet meer uit te gaan van een investeringsplafond van maximaal € 100.000 aan afschrijvingslasten per jaar, maar om dit in te ruilen voor een gemiddelde over een reeks van jaren?
Antwoord Dit heeft de Raad nog niet besloten. Het college wil de raad dan ook een voorstel doen over de invulling van de jaarlijkse investeringsruimte, inclusief behandeling allereerst in de commissie P&C. Dit heeft de volgende achtergrond. De berekening conform nota schuldenbeheersing van de jaarlijkse investeringsruimte kwam uit op gemiddeld 2,6 miljoen en afschrijvingslasten van € 100.000. De werkelijkheid laat zien dat het plafond van 2,6 miljoen de laatste jaren ruim onderschreden werd. Dit is de achtergrond voor de redenering vanuit de bedoeling van de nota schuldbeheersing om, afwijkend van een jaarlijks vastgelegde drempel, uit te gaan van een gemiddeld bedrag voor een periode. Dit zou het ook mogelijk maken om een grotere investering dan ca 2,6 mln mogelijk te maken met als gevolg hogere afschrijvingslasten mits het gemiddelde voor de planperiode de € 100.000 niet wordt overschreden. Als gezegd vraagt dit om dialoog met en besluitvorming door uw raad.
6 van 6