Beantwoording schriftelijke vragen ex art. 39 RvO 261 D66 over bouwontwikkelingen Vlietland (def.).pdf
Tekst van het document
Schriftelijke vragen ex Artikel 39 Reglement van Orde gemeenteraad Voorschoten
Datum Nummer vraag Ons zaaknummer
di 28 juni 2022 261 Z/22/066417\308763\1
Datum verzending Behandelaar Portefeuillehouder
Onderwerp
Doorontwikkeling ontwerpbestemmingsplan Vlietland Noord
Martin Mulder M. Cramwinckel
Bijlage
Geachte Raad, Door de D66-fractie zijn op dinsdag 8 juni 2022 vragen gesteld met betrekking tot doorontwikkeling ontwerpbestemmingsplan Vlietland Noord. De beantwoording van deze vragen treft u hieronder aan. Vraag 1. Heeft het college kennis genomen van het bovengenoemde plan? Antwoord 1. Ja. Vraag 2. Deelt het college de mening dat de gewijzigde inrichting vervelende consequenties heeft voor de huidige gebruikers van het park waaronder een groot aantal Voorschotenaren? Antwoord 2: Zie de beantwoording van vraag 3. Vraag 3. Heeft het college die consequenties onderzocht? Te denken aan: a. Toenemende parkeerdruk rondom de Vlietlandbrug (Blauwe brug) als gevolg van het verdwijnen van het het grote parkeerterrein aan het Vinkepad ten noorden van de spartelvijver. b. Voor in de recreatiewoningen vertoevende mensen die aan de westzijde van de Vliet boodschappen willen doen (Mall of the Netherlands), naar het strand (Wassenaar) willen of een vergelijkbare bestemming met de auto willen bereiken ligt het voor de hand om hun auto in Vlietwijk te parkeren om de drukke A4 en N206 te vermijden. c. Het gebied waar gebouwd gaat worden wordt nu door veel Voorschotenaren gebruikt om te recreëren en hun hond uit te laten.
Als dit gebied straks een bouwput is en vervolgens gaat bestaan uit 222 vakantiewoningen met een tuin, waar kunnen deze Voorschotenaren dan terecht om naast het gangbare recreëren ook verkoeling te zoeken bij hittegolven en voldoende groene ruimte bij een volgende pandemie? d. Het effect van de realisatie van de 222 recreatiewoningen is dat dit de realisatie van gewone woningen vertraagd. De beperkte hoeveelheid menskracht, van ambtenaar tot stukadoor, en bouwmaterialen veroorzaakt mede de vertraging in het oplossen van de wooncrisis. Antwoord 3. Het college van Leidschendam-Voorburg heeft in het voorliggende bestemmingsplan een aantal hierna aan te duiden consequenties inzichtelijk gemaakt. Wij zullen in onze zienwijze hier een aantal kritische kanttekeningen bij plaatsen zoals, uiteengezet in het antwoord op de vragen van de PvdA nr. 065.
a.
In hoofdstuk ‘5.4. Verkeer en parkeren’ van de Toelichting van het bestemmingsplan wordt aangegeven dat er bij de te realiseren horeca bij het badstrand een nieuwe parkeerplaats wordt gerealiseerd.
b.
In hoofdstuk ‘5.4. Verkeer en parkeren’ van de Toelichting van het bestemmingsplan wordt aangegeven dat de parkeerbehoefte van de recreatiewoningen (2,1 parkeerplaats per recreatiewoning) binnen het recreatiepark zelf gerealiseerd wordt. Het park is met de auto goed bereikbaar via de Hofvlietweg en de Afslag 7 Zoeterwoude -Dorp van de A4. Het is niet de verwachting dat recreanten zo ver van hun recreatiewoning gaan parkeren.
c.
In hoofdstuk ‘2.3.6. Omgevingsverordening Zuid-Holland’ van de Toelichting van het bestemmingsplan is de volgende toelichting gegeven: “Met de komst van de recreatiewoningen zal een groot gedeelte van het gebied niet meer openbaar toegankelijk zijn. Wel worden fiets- en wandelroutes in het gebied gerealiseerd. Deze routes blijven openbaar toegankelijk. Nu maakt het vigerende bestemmingsplan deze ontwikkeling in de publieke ruimte op deze locatie al mogelijk. De ontwikkeling wordt zorgvuldig ingebed in het recreatiegebied. Er wordt zorg gedragen voor een goede landschappelijke inpassing, zodanig dat het gebied naar de omgeving zijn groene karakter behoudt. De dagrecreatieve capaciteit en kwaliteit van openbaar toegankelijke gebieden en voorzieningen blijft behouden en wordt versterkt. Het gebied zal door de groene en waterrijke inrichting zijn ecologische functie behouden en versterken. Dit wordt beschreven in hoofdstuk 4. Aanvullende maatregelen worden niet noodzakelijk geacht. Zoals in 2019 bij de uitgifte van erfpacht is voorzien, wordt het gebied omheind en afgesloten met een slagboom. Desondanks blijven binnen het gebied fiets- en wandelroutes openbaar toegankelijk. Hiermee kan iedereen in het groene en waterrijke gebied blijven recreëren.”
d.
In hoofdstuk ‘2.2.3. Ladder voor duurzame verstedelijking’ van de Toelichting van het bestemmingsplan wordt beschreven dat er een sterke behoefte is aan het programma van recreatiewoningen en horeca. Het geschetste effect kan zich voordoen. Het aan de gemeente Leidschendam-Voorburg om hierin een verantwoorde keuze te make, in overleg met de provincie en ons als buurgemeente.
Vraag 4. Wat zijn de resultaten van het onderzoek naar de consequenties? En als dat nog is onderzocht, wanneer gebeurt dat dan wel? Antwoord 4: Zie de beantwoording van vraag 3. Vraag 5. a. Deelt het college de mening van D66 dat een zienswijze indienen nodig is om voor Voorschotense/regionale belangen op te komen? Graag een toelichting. b. zo ja. Wil het college ervoor zorg dragen dat de zienswijze binnen de gestelde termijn wordt ingediend. Antwoord 5. Het college is bereid een zienswijze op te stellen, zoals uiteengezet in het antwoord op de vragen van De PvdA no. 065, en zal dit zo nodig met een pro forma reactie, gevolgd door een uitvoerige reactie, veilig stellen.
Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,
A. R. de Graaf, gemeentesecretaris
drs. N. Stemerdink, burgemeester
Deze brief is digitaal vastgesteld. Hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief.