Beantwoording schriftelijke vragen ex art. 39 RvO 256 PvdA over Onroerende zaakbelasting.pdf
Tekst van het document
Schriftelijke vragen
ex Artikel 39 Reglement van Orde gemeenteraad Voorschoten
Datum Nummer vraag Ons zaaknummer
di 17 mei 2022 256 Z/Z/22/065666/300640
Datum verzending Behandelaar Portefeuillehouder Bijlage
Onderwerp
17 mei 2022 Erwin Hiep Wethouder Cramwinckel 0
Onroerende Zaakbelasting (OZB)
Geachte Raad, Door de PvdA-fractie zijn op donderdag 28 april 2022 vragen gesteld met betrekking tot Onroerende zaakbelasting (OZB). De beantwoording van deze vragen treft u hieronder aan. Vraag 1. Is het College bekend met het rapport ‘OZB woningen en niet- woningen 1998-2019’ van het Centrum voor Economisch Onderzoek voor Lagere Overheden (COELO). Zie Microsoft Word - Rapport ozb woning en niet-woning definitief (coelo.nl) )? Antwoord 1. Ja het College is bekend met dit rapport, dit geeft inzicht over de ontwikkelingen in de jaren 1998 tot en met 2019. Uit het rapport is niet te achterhalen hoe men tot deze conclusie is gekomen. Vraag 2. Wat vindt het College van het verschil tussen de stijging in opbrengsten van OZB woning en OZB niet- woningen die in tabel 7 op bladzijde 27 in het bewuste rapport staat vermeld? Hieruit blijkt dat de lasten van eigenaren van huizen in Voorschoten in de periode 2015-2019 stevig zijn toegenomen, terwijl de lasten voor de eigenaren van niet- woningen maar een fractie zijn gestegen. Antwoord 2. Het betreft hier geen verschil in opbrengst maar gemiddelde stijging per inwoner. De verhouding opbrengst woningen en niet-woningen (vastgesteld in de begrotingen) is in verhoudingen jaarlijks nagenoeg gelijk gebleven. De inkomsten zijn jaarlijks in gelijke mate geïndexeerd. Vraag 3.
Bent U het met de PvdA eens dat eigenaren van niet- woningen een evenredige bijdragen moeten leveren aan de gemeentelijke voorzieningen, en dat die lasten niet alleen op de schouders van onze burgers c.q. huiseigenaren komen te liggen? Antwoord 3. Elk jaar is het aan de raad deze afweging te maken bij de begrotingsbehandeling / behandeling van het tarievenvoorstel en te kiezen hoe deze lasten verdeeld worden.
Vraag 4. Wat zouden de extra opbrengsten in euro’s voor de gemeente Voorschoten zijn, wanneer een verhoging van de OZB niet-woningen tot het gemiddelde percentage in de Voorschotense regio gaat, te weten een stijging tot en met 0,4382%, gerekend vanaf het huidige percentage van 0,2296%? Antwoord 4. De huidige opbrengst, begroting 2022, Niet-woningen eigenaar bedraagt € 631.358. Bij een gemiddeld tarief zoals genoemd van 0,4382% is de opbrengst € 1.204.796 derhalve een meeropbrengst van € 573.438. Dit heeft echter wel tot gevolg dat er een stijging is van, afgerond, 91%. Vraag 5. Wat zouden de extra opbrengsten in euro’s voor de gemeente Voorschoten zijn, wanneer een verhoging van de OZB niet-woningen tot een percentage van de eerst volgende gemeente in de Voorschotense regio gaat, te weten Leiderdorp? Dit zou een stijging tot en met 0,3405% zijn, gerekend vanaf het huidige percentage van 0,2296%. Antwoord 5. De huidige opbrengst, begroting 2022, Niet-woningen eigenaar bedraagt € 631.358. Bij een verhoging eerstvolgende gemeente (Leiderdorp) naar een tarief van 0,3405% is de opbrengst € 936.177 derhalve een meeropbrengst van € 304.819. Dit heeft echter wel tot gevolg dat er een stijging is van, afgerond, 48%.
Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders,
A.R. de Graaf, gemeentesecretaris
drs. N. Stemerdink, burgemeester
Deze brief is digitaal vastgesteld. Hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief.