Amendement 334 PvdA GL SP over Inkomstenverordening (def.)
Tekst van het document
Amendement 334
Onderwerp: Raadsvoorstel Verordening individuele inkomenstoeslag Voorschoten 2025 Z/25/097861/439988 De raad van de gemeente Voorschoten, in vergadering bijeen op 15 mei 2025, gezien het raadsvoorstel Z/25/097861/439988, d.d. 25 maart 2025 Constaterende dat: • De raad op 26 september 2024 in ruime meerderheid Motie 339 heeft aangenomen met de opdracht dat huishoudens met kinderen geen financiële nadelen mogen ondervinden van het nieuwe dynamische minimabeleid; • Het nieuwe raadsvoorstel voor de Verordening individuele inkomenstoeslag 2025 voorziet in een uniform bedrag van €450 per huishouden, onafhankelijk van het aantal gezinsleden of de aanwezigheid van kinderen; • Dit betekent dat gezinnen met kinderen vaker lager uitkomen dan voorheen, en dus wel degelijk financieel worden benadeeld; Overwegende dat: • De raad met Motie 339 uitdrukkelijk heeft aangegeven dat de lasten van het nieuwe beleid niet op kinderen mogen worden afgewenteld; • Het college met het huidige raadsvoorstel de inhoud van deze motie nadrukkelijk niet uitvoert; • Voor de jaren 2026 en 2027 iets meer financiële ruimte is gekomen in de begroting van de gemeente Voorschoten. Besluit de ontwerpverordening als volgt te wijzigen: Artikel 4 van de verordening te vervangen door een nieuw artikel dat luidt als volgt: Artikel 4. Hoogte individuele inkomenstoeslag 1.
Een individuele inkomenstoeslag bedraagt per kalenderjaar €450 per huishouden. 2. In afwijking van het eerste lid bedraagt de individuele inkomenstoeslag voor huishoudens met één of meer ten laste komende kinderen (waarvan het oudste kind 12 jaar of ouder is) €600 per kalenderjaar. 3. Als één van de gehuwden is uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag ingevolge de artikelen 11 of 13, eerste lid, van de Participatiewet, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag. 4. Voor toepassing van dit artikel is de situatie op de peildatum bepalend. Waarbij de financiële gevolgen worden verwerkt in de kadernota 2026. En artikel 6 lid 1 te vervangen door de volgende tekst: Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2025 en vervalt van rechtswege op 1 januari 2028. Ondertekening en naam: Arnold Posthuma, PvdA Paul ’t Lam, GroenLinks Erik Maassen, SP Aantekening griffier: Het amendement is afgewezen.