Achtergrondinformatie - Informatiebrief 063 Stand van zaken actieplan jeugdhulp (incl. bijl.).pdf
Tekst van het document
063
Actieplan jeugdhulp Stand van zaken juli 2020
2019-2021
Inhoud:
Inleiding ................................................................................................................................................... 2 1. Preventie ............................................................................................................................................. 3 a.
Verdere verbetering verbinding onderwijs en jeugdhulp 2019-2021 ......................................... 3 Vervolgstappen ter verbetering onderwijs en jeugdhulp: .............................................................. 3
b.
Uitvoering lokale toegang jeugdhulp .......................................................................................... 5 Vervolgstappen uitvoering lokale toegang jeugdhulp: ................................................................... 5
c. Toevoegen GGZ expertise (bijvoorbeeld orthopedagoog) aan BWO voor begeleiding op locatie tot en met 2020 ................................................................................................................................... 6 Stand van zaken:...................................................................................................................... 6 d.
Continueren van semi-vrij toegankelijke ambulante jeugdhulp ................................................. 7 Vervolgstappen continuering semi-vrij toegankelijke ambulante jeugdhulp: ................................ 7
e.
Continueren van het Veilig Verder Team (VVT) tot en met 2020 ............................................... 7 Vervolgstappen continueren VVT: .................................................................................................. 8
2. Kwalitatieve en kostenbewuste toegang tot jeugdhulp...................................................................... 9 f.
Uitvoeren pilot Ondersteuner Jeugd en Gezin (OJG) .................................................................. 9 Vervolgstappen oriëntatie pilot praktijkondersteuner GGZ jeugd: ................................................ 9
g.
Stimuleren kostenbewust handelen jeugdconsulenten: .......................................................... 10 Vervolgstappen kostenbewust handelen jeugdconsulenten: ....................................................... 10
h. Lokaal implementeren en investeren capaciteit invoering resultaatgericht jeugdhulpstelsel . 11 3. Integrale hulp en ondersteuning ....................................................................................................... 12 i. Stimuleren integrale werkwijze door lokale implementatie van het transformatieprogramma ‘Beter Samenspel’ met de Gecertificeerde Instellingen via een maatwerkprogramma. .................. 12 Vervolgstappen implementatie maatwerkprogramma: ............................................................... 12 j.
Screenen van de top 20 meest complexe jeugdigen op integrale en meest passende hulp .... 13 Vervolgstappen screenen meest complexe jeugdigen:................................................................. 13
4. Begrenzing jeugdhulp ........................................................................................................................ 14 k.
Doorontwikkelen van verlengde jeugdhulp 18-23-jarigen........................................................ 14 Expertiseteam VNG: Niet afbakenen, maar transformeren .......................................................... 14
l.
Aanscherpen van voorwaarden voor jeugdhulpvervoer........................................................... 15
m.
Onderzoek naar het gebruik van Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED)............................... 15
n. Het optimaliseren van het beleid persoonsgebonden budget ................................................. 16 5. Financiële vertaling van de maatregelen in de begroting ................................................................. 17 Uit Kadernota 2021, onderdeel jeugdhulp: ................................................................................... 17
Pagina 1 van 19
Inleiding Het actieplan jeugdhulp Voorschoten 2019-2021 is vastgesteld op 9 juli 2019. Hierin zijn drie doelen opgenomen te realiseren met het uitvoeren van de maatregelen per thema. Twee doelen die geformuleerd zijn, zijn kwantitatief: 1. Terugbrengen aantal jeugdigen dat gebruik maakt van geïndiceerde jeugdhulp; 2. Terugbrengen gemiddelde kostprijs per jeugdige per jaar. In 2019 maakten 629 unieke jeugdigen gebruik van geïndiceerde jeugdhulp. De gemiddelde kostprijs per jeugdige was € 6.401,-. In 2019 waren er 23 unieke jeugdigen die gebruik maakten van pgb jeugd. De gemiddelde kostprijs per jeugdige was € 15.800,-. In 2019 is er aan 41 jeugdigen semi vrij toegankelijke jeugdhulp geboden (intensieve ambulante gezinsbegeleiding via het voormalige CJG. De gemiddelde kostprijs per jeugdige was € 4.695,-. Verklaringen voor de stijgende kosten in 2019 t.o.v. 2018 liggen in de volgende omstandigheden:
• • •
De meeste kinderen maken gebruik van zorgvormen als jeugd ggz en ambulante hulp; De meeste zorgkosten worden gemaakt bij zorgvormen als jeugd ggz en ambulante hulp; Het aantal unieke jeugdigen in zorg lijkt te stabiliseren ten opzichte van 2018. Wel is er sprake van meer gebruik van complexere zorgvormen en vooral een langere zorgduur bij meer complexe zorgvormen.
Voor 2020 is er een verwachte stijging van de zorgkosten wegens stijgende tarieven van jeugdhulp, tevens is er extra geld voor tijdelijke capaciteit uitgetrokken. Acties die bijdragen tot de doelstellingen zijn het investeren in de Ondersteuner Jeugd en Gezin, waarmee gestuurd kan worden op het aantal cliënten dat wordt doorverwezen naar geïndiceerde jeugd GGZ. Tevens het verstevigen van de lokale toegang via Voorschoten Voor Elkaar, het versterken en nog beter benutten van preventieve – en lichte jeugdhulp, draagt eraan bij dat het aantal jeugdigen met jeugd GGZ kan worden teruggedrongen. Hierom zetten we in op het aansturen van de lokale toegang op de regievoering en taakverdeling, daarbij op het kostenbewust handelen van de jeugdconsulenten en samenwerking met de gecertificeerde instellingen (G.I.’s) door het lokaal vertalen van het programma Beter Samenspel. Nadat energie is gestoken in de analyses, zijn mensen ingehuurd om bovengenoemde acties uit te voeren. Door het prille stadium van de (samen met de gemeente nog verder uit te werken) opdracht die er ligt voor Voorschoten Voor Elkaar en een acute herprioritering in verband met corona, zijn niet alle acties conform planning uitgevoerd. Naast een invloed die gemeenten pogen te hebben op hun kosten jeugdhulp, zijn er ook autonome ontwikkelingen.
Door corona worden bijvoorbeeld aan het einde van dit jaar weer grotere aantallen jeugdigen in zorg verwacht. Ook de prijsindexaties van afgelopen jaar en komend jaar zijn autonome oorzaken van de gemiddelde kostprijs per jeugdige. Het andere doel is kwalitatief: 3. Innoveren, leren en ontwikkelen om te komen tot de meest effectieve jeugdhulp in het kader van het resultaatgerichte jeugdhulpstelsel. Acties die hierbij horen zijn bijvoorbeeld de verbinding met het onderwijs, het verbeteren van de kwalitatieve keten en het onderzoeken van de 20 duurste kinderen. Deze acties zijn een continu proces waarbij de nieuwe jeugdconsulenten met Voorschoten Voor Ekaar en andere netwerkpartners samenwerken, waaronder de Ondersteuner Jeugd en Gezin. Dit jaar zal ook de training Beter Samenspel worden gedaan.
Pagina 2 van 19
1. Preventie Doelen: 1. Het terugbrengen van het aantal jeugdigen dat gebruik maakt van (niet vrij toegankelijke) (hoog) specialistische jeugdhulp door het efficiënter inrichten van het voorveld en de klantroute; 2. Het terugbrengen van de gemiddelde kostprijs per jeugdige per jaar, door onder andere waar mogelijk het verkorten van trajecten en wanneer mogelijk eerder af te schalen; 3. Innoveren, leren en ontwikkelen om te komen tot de meest effectieve jeugdhulp in het kader van het resultaatgerichte jeugdhulpstelsel. Acties:
a. Verdere verbetering verbinding onderwijs en jeugdhulp 2019-2021 Zowel landelijk als voor gemeente Voorschoten geldt dat er een sterke behoefte is aan een betere aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp. School is een van de belangrijkste vindplaatsen van jeugdigen die jeugdhulp nodig hebben. Immers, gaat het op school niet lekker, dan liggen in veel gevallen daarvoor thuis of in de ontwikkeling ook oorzaken. Gezamenlijk brengen we het huidige preventieve jeugdhulp- en onderwijs ondersteuningsaanbod in kaart, om in beeld te krijgen wat er is, dubbelingen helder te krijgen en scholen een overzicht te kunnen geven wat er in te zetten is in het preventieve veld. Voor het terugbrengen van thuiszitters en risicoleerlingen zijn deze voor Voorschoten in beeld gebracht aan de hand van het Jaarverslag Leerplicht. Door het in beeld brengen van deze thuiszitters (vijf in Voorschoten in schooljaar 2018-2019, van wie er twee wachten op instroom de juiste onderwijsvorm) is meer inzicht verkregen in de oorzaken van het thuiszitten. Er zijn tien leerlingen van wie de ouders vrijstelling hebben gekregen voor inschrijving onderwijs wegens psychische en/of lichamelijke klachten. Deze leerlingen ontvangen dagbesteding op gespecialiseerde kinderdagverblijven.
Vervolgstappen ter verbetering onderwijs en jeugdhulp: Voorschoolse voorzieningen: JGZ (Jeugdgezondheidszorg vanuit de GGD) is met het consultatiebureau het orgaan dat indiceert of een kind een achterstand in de ontwikkeling heeft en of het recht heeft op voor- of vroegschoolse educatie. Op de VVE locaties worden signalen van ouders en kinderen opgevangen door zowel de JGZ als de pedagogisch medewerkers. De sociale attitude van ouders kan meegenomen worden in de afweging van de signalen, net als gebeurt bij het stellen van een sociaal medische indicatie. De sociale attitude, oftewel gedrag en houding van ouders, kan een signaal zijn voor een mogelijk verstoorde ontwikkeling buiten de kindfactoren om. Door signalen te melden, zodat er op ingespeeld kan worden en er iets mee gedaan kan worden door de hulpverlening, kan (mogelijke) verdere verstoring van de ontwikkeling voorkomen worden. In de subsidiebeschikkingen JGZ worden maatregelen opgenomen om de signaleringsfunctie van JGZ te versterken. Planning: Q3 2020: Maatregelen opnemen in subsidiebeschikkingen; Q4 2020: Inventarisatie verbeterpunten samenwerking JGZ en overige jeugdhulp; Q1 2021: Verbeterplan opstellen met betrokkenen a.d.h.v. inventarisatie; Q2 2021: Start implementatie van het verbeterplan; Q4 2021: Evaluatie verbeterplan; Q1 2022: Resultaten van evaluatie vastleggen in werkafspraken.
Pagina 3 van 19
Primair onderwijs: De school is een van de grootste vindplaatsen van jeugdhulpvragen. Hierom is het belangrijk dat er een nauwe samenwerking bestaat tussen onderwijs en jeugdhulp. Vanuit de wet op Passend Onderwijs bieden scholen (onderwijsgerichte) hulp op maat aan leerlingen die dat nodig hebben. Vaak spelen er bij deze leerlingen meerdere problemen, waardoor zij lastiger aan leren toekomen. Leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben worden op school gezien door de intern begeleider (IB’er) en besproken in een Zorgadviesteam (ZAT). Wanneer er meer nodig is dan alleen ondersteuning gericht op onderwijs, is het van groot belang dat scholen de juiste weg naar de jeugdhulpverlening weten te vinden. Onderwijs en jeugdhulp dienen dan samen te werken om passende hulp aan de jeugdigen te bieden en waar nodig een integraal arrangement op te stellen. Vanuit verschillende signalen wordt geconstateerd dat de basisscholen in Voorschoten elk een eigen vorm van Zorgadviesteams (ZAT) aanhouden, waardoor toegang tot de jeugdhulp op soms onduidelijke wijze plaatsvindt en dat de gemeente te laat betrokken wordt in het proces. Hierdoor krijgen jeugdigen niet altijd de juiste vorm van jeugdhulp en ontbreekt afstemming regelmatig. Voor scholen lijkt het ook niet altijd duidelijk waar zij met een vraag om jeugdhulp terecht kunnen binnen de gemeente.
Om de samenwerking tussen het primair onderwijs en jeugdhulp in Voorschoten te versterken, is de gemeente aangesloten bij het IB-netwerk. Begin schooljaar 2020 zal de gemeente een miniconferentie organiseren met het IB-netwerk en betrokken jeugdhulpverleners, waarbij men met elkaar in gesprek gaat over hiaten en wensen in de samenwerking. Vanuit de input van deze conferentie zullen gedurende het schooljaar richtlijnen opgesteld worden over het moment en de manier van samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp, met als doel dat jeugdigen beter en efficiënter geholpen worden. Hiermee willen we als gemeente tevens een strengere filtering bewerkstelligen en meer controle krijgen op de jeugdhulpstromen vanuit onderwijs. Met name door de betere afstemming met onderwijs zal de gemeente meer controle hebben en doordat de jeugdigen eerder in beeld zijn bij de jeugdhulppartijen, kunnen de jeugdigen sneller geholpen worden en kan escalatie van problematiek en inzet van duurdere vormen van hulpverlening voorkomen worden. Het streven is dat de structuur van samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp verbeterd en zo mogelijk gedefinieerd is.
Planning: Q3 2020: aansluiten van gemeente bij IB-netwerk en betrekken juiste lokale jeugdhulppartners vanuit de BWO; Q4 2020: miniconferentie aansluiting jeugdhulp-onderwijs; Q4 2020: start verbetering aansluiting jeugdhulp-onderwijs; Q3 2021: evaluatie aansluiting jeugdhulp-onderwijs. EED Behoefte en mogelijkheden om een poortwachtersfunctie in te stellen voor diagnose en behandeling van Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED) worden geïnventariseerd. Zowel diagnose als behandeling worden vergoed vanuit de Jeugdwet. Momenteel is er geen duidelijke poortwachtersfunctie belegd voor verwijzing naar diagnose EED, noch voor het indiceren van recht op behandeling na gestelde diagnose. Scholen werken volgens een protocol bij dyslexie, waarin er via remedial teaching vanuit Passend Onderwijs extra ondersteuning wordt gegeven aan leerlingen met dyslexie. Bij zwaardere vormen van dyslexie wordt in anderhalf jaar een Masterplan opgesteld, waarin verschillende meetmomenten zijn. De leerling die vanuit het Masterplan een vermoeden EED heeft, wordt in dat geval verwezen voor diagnose naar een zorgaanbieder dyslexie. De diagnose wordt vergoed vanuit de Jeugdwet, evenals de behandeling van EED, echter, de gemeente heeft in de huidige constructie weinig grip op het aantal verwijzingen en de rechtmatigheid ervan.
Met het uitvoering geven aan dit actiepunt werken we toe naar een duidelijke regierol en meer controle op het aantal diagnoses en behandelingen EED.
Pagina 4 van 19
Planning: Q3 2020: Benchmarken gemeenten die wel een poortwachtersfunctie EED hebben belegd; Q4 2020: Inventarisatie mogelijkheden beleggen poortwachtersfunctie EED bij Samenwerkingsverband Leidse regio en jeugdconsulenten; Q1 2021: Mogelijkheden afstemmen met Samenwerkingsverbanden, scholen en eventueel jeugdconsulenten; Q2/Q3 2021: Besluit over al dan niet instellen poortwachtersfunctie EED. Naast onderzoek naar uitbreiding van de poortwachtersfunctie EED gaan we onderzoek doen naar de mogelijkheden om twee kinderen tegelijk te laten behandelen. Deze maatregel is in de Leidse regio als bezuinigingsvoorstel gedaan. Planning: Doorlopend: Monitoren onderzoek Leidse regio en afwachten van resultaten, aan de hand hiervan acteren op mogelijkheden voor Voorschoten. Voortgezet onderwijs en mbo: Actiepunten m.b.t. aansluiting jeugdhulp en onderwijs zijn opgenomen in de ontwikkelagenda onderwijs. Hierover is afstemming tussen jeugd onderwijs. Planning: Doorlopend: Uitvoering geven aan ontwikkelagenda onderwijs.
b. Uitvoering lokale toegang jeugdhulp Sinds 1 juli 2019 vindt de toegang tot hulp voor het jeugd en volwassen domein plaats bij de brede welzijnsorganisatie Voorschoten Voor Elkaar (VVE). Doel achter de opdracht voor VVE is het terugbrengen van het beroep op maatwerkvoorzieningen, door enerzijds inwoners te faciliteren om zelf ondersteuning te organiseren en anderzijds signalen te vertalen naar voorstellen voor mogelijke wijzigingen in (gemeentelijk) beleid en het aanbod van (collectieve) voorzieningen. VVE betreft één organisatie, waarin alle ondersteuning met een preventief karakter (0delijn) en de professionele disciplines (1stelijn) voor de doelgroep 0 – 100 zijn gebundeld. Het overleg over de (verdere uitwerking) van de opdracht (brede welzijnsorganisatie en toegang) vindt periodiek plaats. Er is in januari 2020 een samenwerkingsovereenkomst afgesloten, waarin de gemeente zowel de rol van opdrachtgever van als partner voor VVE heeft. In het geval van jeugd heeft dit als gevolg dat er vanuit de gemeente per juni 2020 een projectleider wordt ingezet om samen met VVE de lokale toegang jeugdhulp verder vorm te geven.
Vervolgstappen uitvoering lokale toegang jeugdhulp: Door te investeren in de versterking van de lokale toegang en het beter benutten van het preventieve veld, waar veel expertise aanwezig is, kunnen verwijzingen richting jeugd GGZ voorkomen worden, doordat meer jeugdigen vanuit de lokale toegang, het preventieve veld en lichte jeugdhulp geholpen kunnen worden. Hiermee krijgt de gemeente, mede met de inzet van de Ondersteuner Jeugd en Gezin, meer grip op verwijzingen jeugd GGZ. Om dit actieplan lokaal tot een succes te maken m.b.t. kostenbesparing, zal in samenhang met de opdracht die er licht voor VVE en gemeente als partner, verder geïnvesteerd moeten worden op het inzichtelijk maken en structureren van alle huidige processen rondom de toegang jeugd en de route van een aanvraag jeugdhulp. Met het in kaart brengen van alle werkprocessen en expertise binnen de lokale toegang, komt de huidige situatie beter in beeld en kunnen hierop vervolgens de gewenste verbeteringen worden doorgevoerd. Hierdoor zal efficiënter (samen)gewerkt kunnen worden. De lokale toegang bestaat in Voorschoten uit Voorschoten Voor Elkaar, het Centrum voor jeugd en gezin (CJG) voor de jeugdgezondheidszorg (JGZ), de Ondersteuner Jeugd en Gezin en de jeugdconsulenten.
Tot op heden zijn de processen omtrent de lokale toegang nog onvoldoende inzichtelijk en te veel versnipperd om concrete verbeteringen door te voeren en het preventieve veld
Pagina 5 van 19
beter te benutten. Doordat de opdracht vanuit de gemeente zowel door gemeente als VVE tot op heden anders geïnterpreteerd werd, het plotseling moeten staken van de uitrol richting een resultaatgericht stelsel en vervolgens de staat van een intelligente lockdown, is het tijd om per heden gezamenlijk een plan uit te rollen om de lokale toegang jeugd en de aanpalende preventieve en lichte jeugdhulp stevig vorm te gaan geven. Hieruit voortvloeiende afspraken en/of maatregelen zullen worden opgenomen in de subsidiebeschikkingen. Als werkprocessen in beeld zijn, kunnen deze geoptimaliseerd worden en kunnen werkafspraken, taken en rolverdeling tussen de medewerkers binnen en buiten de lokale toegang jeugd vastgelegd worden. Dit zal concrete winst opbrengen gezien de grote mate van efficiëntie die ermee behaald wordt. De winst zal met name terug te zien zijn in duidelijkere regievoering, duidelijke structuur en een strengere filtering van de jeugdhulpvraagstukken. Door te investeren in het beter in beeld brengen van de processen en expertise binnen de lokale toegang jeugd en aanpalend, kan tevens worden ingezet op betere benutting van het preventieve veld, waarin de samenhang met het Sportakkoord en Preventieakkoord onderzocht en gerealiseerd kan worden.
Hiermee bewegen we meer naar een goedkoper voorveld dat sneller en effectiever ingezet kan worden, waardoor minder verwijzingen naar dure tweedelijns jeugdhulp nodig zullen zijn. Uiteindelijke doel is de totstandkoming van een goedwerkende integrale toegang (0-100+) met één duidelijk loket voor alle inwoners vanuit de visie inwoners te versterken in het optimaal benutten van hun eigen kracht en eigen verantwoordelijkheid en daar waar nodig toe te leiden naar de juiste vorm van ondersteuning. Planning: Q3 2020: Opzetten en uitwerken projectplan door gemeente en VVE incl. benchmarken bwo’s andere gemeenten; Q4 2020: Uitwerken van verschillende scenario’s m.b.t. vormgeving lokale toegang en voorstel doen voor het gewenste scenario; Q1 2021: Plan m.b.t. gewenste scenario opstellen en uitrollen in werkgroepen; Q3 2021: Tussentijdse evaluatie met VVE en partners en bijstelling projectplan; Q1 2022: Evaluatie met VVE en partners en bijstelling projectplan; Q3 2022: Gewenst resultaat: Samenwerking binnen lokale toegang en aanpalend de preventieve en lichte jeugdhulp is geoptimaliseerd, positie van de jeugdconsulenten is bekend en werkprocessen in beeld gebracht.
c. Toevoegen GGZ expertise (bijvoorbeeld orthopedagoog) aan BWO voor begeleiding op locatie tot en met 2020 Door een diversiteit aan expertise bij Voorschoten Voor Elkaar te positioneren, waaronder ggz expertise, kan er een brede integrale analyse en de juiste triage worden gedaan en wordt de toegang versterkt. Het doel is dat ouders, kinderen en jongeren preventief, met lichte individuele en collectieve ondersteuning sneller en vaak dichtbij kunnen worden geholpen. Er wordt efficiënt gebruik gemaakt van het bestaande regionale en lokale collectieve aanbod en er wordt inzichtelijk gemaakt wat mogelijk nog te ontwikkelen. Er moet (meer) zicht komen op de instroom, soorten vragen, welke interventies er gepleegd zijn en welke lacunes er nog zijn. Stand van zaken: De opdracht aan VVE vanuit de subsidiebeschikking voor GGZ expertise, is het regelen van voldoende GGZ-expertise binnen het preventieve veld. VVE vult deze opdracht in door het inzetten van twee vaste medewerkers met de benodigde GGZ-expertise op de binnenkomende GGZ-vragen. Cliënten worden binnen VVE niet behandeld, maar wel begeleid, waardoor minder verwijzingen naar jeugd GGZ nodig is, gezien een groot deel van de vragen opgelost kunnen worden met de begeleiding door VVE.
Pagina 6 van 19
In de beschikking wordt vermeld dat de opdracht succesvol is/wordt uitgevoerd: Als VVE ouders, kinderen en jongeren, met matige opvoed- en opgroeiproblemen op maat verder kan helpen. Door de juiste deskundigheid vanuit het team in te zetten en te doen wat nodig is. Als er een betere samenwerking en verbinding tussen de Ondersteuner Jeugd en Gezin bij de huisarts, de jeugdgezondheidszorg van de GGD HM, de jeugdconsulenten van de gemeente en het (voorschoolse) onderwijs is ontstaan. Planning: Juli 2020: Augustus 2020: Q4 2020 e.v.:
Evalueren pilot toevoegen GGZ expertise; Formuleren van eventuele vervolgopdracht in nieuwe subsidiebeschikking. Monitoren van de eventuele vervolgopdracht.
d. Continueren van semi-vrij toegankelijke ambulante jeugdhulp De vernieuwing in de jeugdhulp beoogt in hoofdlijnen drie bewegingen. Dit zijn: 1. (verder) versterken van de basisvoorzieningen: meer preventie, vroeger signaleren (afvang in het voorveld); 2. (verder) verbeteren zorgbehoeftebepaling: sneller de juiste zorg op maat; 3. Van (semi)residentieel naar deeltijd, (intensief) ambulant, waaronder ook vernieuwingen in ‘dwang’: passende zorg, zo licht als kan, zo zwaar als moet. In het kader van het meer ambulant maken van de jeugdhulp is besloten intensieve ambulante gezinsbegeleiding (i.a.g) (jeugd en opvoedhulp) lokaal beschikbaar te maken via de toegang. Hierdoor is de hulp sneller en eenvoudiger beschikbaar. In Voorschoten wordt deze hulp uitgevoerd door Cardea. Op basis van het aanmeldoverleg 18min binnen VVE wordt besloten welke gezinnen voor deze vorm van hulp in aanmerking komen, met als doel het traject zes tot maximaal negen maanden te laten duren, gezien sommige gezinnen voorheen langer dan anderhalf jaar in zorg bleven. Voor een aantal gezinnen met ernstige problematiek voert de gezinsbegeleiding procesregie. De inzet voor deze jeugdhulp is voor de periode 2018-2020 omdat de hulp lokaal hard nodig is. Door het lokaal aanbesteden van deze jeugdhulp, heeft de gemeente meer grip op de doelen en resultaten.
Vanuit de contracten kan worden gestuurd op de aantallen en kunnen kosten beheersbaar worden gemaakt.
Vervolgstappen continuering semi-vrij toegankelijke ambulante jeugdhulp: In het geval van een nieuwe lokale aanbesteding per januari 2021 wordt wederom gestuurd vanuit de contracten met de aanbieder. Met de betrokken partijen en Cardea wordt vanaf juni 2020 een evaluatie gestart om te beslissen of de i.a.g. op dezelfde manier in dezelfde omvang wordt gecontinueerd. Afhankelijk van de reikwijdte en duur van de evaluatie kunnen de resultaten nog meegenomen worden in de contractering van de semi-vrij toegankelijke jeugdhulp. Dit kan op basis van de definitieve evaluatie of wanneer dit gezien de tijd niet mogelijk is via mondelinge overdracht tussen de betrokken medewerkers. Planning: Q3 2020: Evaluatie semi-vrij toegankelijke jeugdhulp Cardea binnen VVE; Q4 2020: Contractering en aanbesteding semi-vrij toegankelijke jeugdhulp.
e. Continueren van het Veilig Verder Team (VVT) tot en met 2020 Het VVT is een vrijwillige, maar niet vrijblijvende preventief bedoelde maatregel voor bepaalde gezinnen over wie een Veilig Thuis melding is gedaan. Het VVT bestond uit een samenwerking vanuit het CJG tussen verschillende lokale partijen (MEE, Kwadraad, Cardea, Rivierduinen, Veilig Thuis en jeugdconsulenten). Vanuit een VVT team wordt, samen met het gezin, middels de Veilig Verder methodiek een veiligheidsplan plan opgesteld. Het veiligheidsplan richt zich op duurzaam herstel van veiligheid binnen het gezin. Na afloop van de interventie wordt het veiligheidsplan overgedragen aan de lopende hulpverlening.
Pagina 7 van 19
Eind december 2018 heeft het college besloten om de subsidies van MEE en Kwadraad stop te zetten per 1-1-2020 en een Brede Welzijnsorganisatie op te zetten in Voorschoten. Dat is Voorschoten Voor Elkaar. De medewerkers van Kwadraad en MEE die in het VVT team meedraaiden zijn niet meegegaan naar Voorschoten Voor Elkaar. Gezien de opdracht aan VVE om in het preventieve veld te opereren, is niet de verwachting dat VVE een rol in het VVT (wil) nemen. Veilig Thuis heeft daarnaast aangegeven dat ze de formatie van de voorzitter (4 uur per week) niet meer kunnen leveren. Ze hebben de mensen hard nodig in het team van VT zelf. Bovengenoemde ontwikkelingen hebben ervoor gezorgd dat de huidige VVT constructie is stopgezet per 1-1-2020 in overleg met partijen. Uit overleg met dezelfde betrokken partijen (VVE, Jeugdgezondheidzorg, Cardea, gemeente, Veilig Thuis) is vastgesteld dat de gemeente zelf een principebesluit hierover moet nemen, alvorens het veld ingericht kan worden. Oplossing voor de korte termijn is: Cardea heeft aangeboden om tijdelijk de ingang/toegang voor de zwaardere jeugd casuïstiek te zijn voor VT. De meldingen in het volwassen domein worden door Voorschoten Voor Elkaar opgepakt. Opties voor de lange termijn zijn: • •
•
Regierol vanuit de gemeente op thema veiligheid; Beleid: formuleer, op basis van de visie ‘gefaseerde ketenzorg’, een integrale gemeentelijke visie (o.a. Wmo, jeugd, WP&I, gezondheidszorg en veiligheid) op de inrichting van de lokale (wijk)teams voor de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling waarin het perspectief op veiligheid is opgenomen; implementatie via een projectplan.
Vervolgstappen continueren VVT: Per januari 2020 is er vanuit de WODV een jeugdprofessional ACT (Activatie, Coördinatie en Transformatie) als procesregisseur ingezet om de acties voortkomende uit de meldingen van Veilig Thuis te coördineren. Echter, het komt er in de werkelijkheid op neer dat de procesregisseur de meldingen in zijn geheel afhandelt, oftewel ook de veiligheidsplannen maakt met de gezinnen en begeleiding biedt. Om de procesregisseur te versterken hierin, wordt er tijdelijk, voor de duur van een half jaar, een jeugd- en veiligheidsprofessional vanuit Jeugdformaat ingezet om onder coördinatie van de procesregisseur de meldingen op te pakken. In de tussentijd zal de gemeente, samen met de lokale toegang, het preventieve veld en andere partners een lokaal plan opstellen omtrent de samenwerking rondom jeugd en veiligheid en de te gebruiken methodiek, waarbij niet vaststaat dat de VVT- of een andere methodiek toegepast zal gaan worden. Het belangrijkst is een goed functionerend lokaal samenwerkingsverband rondom jeugd en veiligheid.
Planning: Q3 2020: Start project doorontwikkeling VVT lokale samenwerking jeugd en veiligheid en facilitering deelnemers; Q1 2021: Eerste resultaten project (vaste deelnemers, opzet convenanten); Q3 2021: Benodigde convenanten worden gesloten; Q3 2021: Expertiseontwikkeling deelnemers rondom thema veiligheid; Q1 2022: Evaluatie project doorontwikkeling lokale samenwerking jeugd en veiligheid. Q3 2022: Gewenst resultaat: Samenwerking omtrent jeugd en veiligheid is lokaal geborgd en werkprocessen zijn vastgesteld.
Pagina 8 van 19
2. Kwalitatieve en kostenbewuste toegang tot jeugdhulp Doelen: 1. Het terugbrengen van het aantal jeugdigen dat gebruik maakt van (niet vrij toegankelijke) (hoog) specialistische jeugdhulp door het efficiënter inrichten van het voorveld en de klantroute; 2. Het terugbrengen van de gemiddelde kostprijs per jeugdige per jaar, door onder andere waar mogelijk het verkorten van trajecten en wanneer mogelijk eerder af te schalen; 3. Innoveren, leren en ontwikkelen om te komen tot de meest effectieve jeugdhulp in het kader van het resultaatgerichte jeugdhulpstelsel. Acties:
f. Uitvoeren pilot Ondersteuner Jeugd en Gezin (OJG) Huisartsen hebben een spilfunctie in de jeugdhulpketen. De meeste jeugdigen (ongeveer 70%) worden via de huisarts verwezen naar basis- en/of specialistische jeugd GGZ. Een OJG kan de juiste schakel zijn tussen huisartsen en de overige lokale toegang jeugdhulp (zoals jeugdgezondheidszorg, Voorschoten Voor Elkaar, jeugdconsulenten). Per 1 juli 2019 is gestart met uitvoering geven aan de pilot OJG. Op hoofdlijnen zijn voor de pilot de volgende doelstellingen geformuleerd: 1. Verbetering van de signaleringsfunctie van de huisartsenpraktijk, waardoor (eventuele onnodige) diagnoses worden voorkomen en kinderen zo nodig sneller en op de juist plek worden behandeld; 2. Integrale aanpak van psychosociale problematiek in gezinnen die zich melden bij de huisarts; 3. Betere samenwerking en verbinding tussen de huisartsenpraktijk, de jeugdgezondheidzorg van de GGD HM, Voorschoten Voor Elkaar als Brede Welzijnsorganisatie, de jeugdconsulenten van de gemeente, JGGZ-instellingen en het onderwijs. Ad. 1.: De huisartsen in Voorschoten sturen álle jeughulpgerelateerde meldingen die bij de praktijken binnenkomen door naar de OJG. Vanaf de start van de pilot t/m juni dit jaar heeft de OJG 144 aanmeldingen gehad.
Van deze 144 aanmeldingen heeft de OJG 35% preventief kunnen helpen met begeleidingsgesprekken, 9% is doorverwezen naar het preventieve veld (6% Voorschoten voor Elkaar, 3% intensieve ambulante gezinsbegeleiding), 2% naar de jeugdconsulenten. 43% is na triage door de OJG verwezen naar tweedelijnshulp en 11% van de aanmeldingen was nog niet afgesloten. Uit bovenstaande cijfers valt op te maken dat een groot deel van de aanmeldingen preventief geholpen kan worden door de OJG en de lokale preventieve en lichte jeugdhulp. Ad. 2/3.: De OJG koppelt de voortgang van de aanmeldingen jeugdhulp terug aan huisartsen en gemeente. Als gemeente hebben we meer grip op het aantal verwijzingen naar tweedelijns jeugdhulp met de inzet van de OJG. De OJG kent het lokale veld goed en is onderdeel van het lokale aanmeldoverleg jeugd, waaraan afgevaardigden van het gehele lokale veld deelnemen. Casuïstiek wordt hier besproken en gezamenlijk wordt besloten door welke partij de aanmeldingen behandeld kunnen worden.
Vervolgstappen oriëntatie pilot praktijkondersteuner GGZ jeugd: Vooralsnog zien de effecten van de inzet van de OJG er positief uit. Op dit moment starten we een evaluatie van de pilot, om specifieker in te kunnen gaan op de beoogde resultaten van de pilot. Aan de hand van de evaluatie willen we de inzet van de OJG structureel gaan inbedden, waarvoor we gaan kijken naar de gewenste vorm van aanstelling.
Pagina 9 van 19
Planning: Q3 2020: Evaluatie pilot OJG met alle betrokkenen; Q3/4 2020: Raad informeren en structurele inzet OJG opnemen in de begroting; Q4 2020: Gewenste vorm van aanstelling OJG realiseren; Q1 2021 e.v.: Structurele inzet van OJG.
g. Stimuleren kostenbewust handelen jeugdconsulenten: Uit de analyse van de kostenstijging jeugdzorg is vastgesteld dat de intensiteit bij bepaalde producten is toegenomen, bijvoorbeeld bij ambulante hulp. De jeugdconsulenten zijn de verwijzers die het meest naar ambulante hulp verwijzen. Er zijn een behoorlijk aantal jeugdigen die deze hulp ontvangen en ook de kosten zijn aanzienlijk. Daarom wordt ingezet op het versterken van het kostenbewust handelen van medewerkers in de toegang: 1. 2.
Verwijsgedrag optimaliseren (m.n. ambulante hulp); Cliënten grensgebied Jeugdwet en Wet langdurige zorg actief benaderen en ondersteunen bij aanvragen.
Ad. 1. In de productcatalogus van Servicebureau Haaglanden (inkoopbureau jeugdhulp H10 gemeenten) zijn de tarieven opgenomen om het kostenbewust handelen van verwijzers te stimuleren. Dit is bij de jeugdconsulenten onder de aandacht gebracht om toe te passen bij het (kostenbewust) indiceren van jeugdhulp. Daarnaast wordt geoefend met een (regionaal) opgesteld normenkader, te starten met jeugd-ggz. Dat vraagt wel dat zowel de capaciteit jeugdconsulenten als administratie op orde is gezien de grote caseload.
Vervolgstappen kostenbewust handelen jeugdconsulenten: Ad. 1.:Om het verwijsgedrag van de jeugdconsulenten verder te optimaliseren vindt inventarisatie plaats van welke kennis en instrumenten reeds aanwezig zijn en welke ontbreken. Acties hieromtrent betreffen: Het invoeren van q-controle op declaraties en beschikkingen. Jeugdconsulenten krijgen hierdoor meer grip op de zorgzwaarte en duur van de jeugdhulptrajecten die worden ingezet. Het op- en bijstellen van de werkprocessen intern en extern (zoals verbinding met onderwijs en preventief veld); Onderzoeken welke behoefte er is aan training en coaching op afbakening van wetgeving; Het instrumentarium (formulieren en handleidingen) van de jeugdconsulenten verder uitbreiden; De sociale kaart bijhouden. Planning: Q2 2020 e.v.: Structurele, doorlopende afstemming omtrent bovengenoemde acties met kwaliteitsadviseur jeugd; Q2 2020: Voorbereiding en training q-controle door jeugdconsulenten; Q3 2020: Start q-controle op aanbieders door jeugdconsulenten; Q1 2021: Evaluatie q-controle en bijstelling. Ad. 2. :Vanuit het Rijk wordt gekeken naar mogelijkheden voor soepeler overgang en samengaan van wetgeving en controle op overlapping van Jeugdwet met Wlz die juridisch eenvoudiger is dan in de huidige situatie.
Onderzocht worden de mogelijkheden voor een toets op Wlz rechtmatigheid, overlapping en samengang te borgen in het proces, bijvoorbeeld de vraagstelling op te nemen in het ondersteuningsplan. Planning: Q3 2020 e.v.: Structurele, doorlopende afstemming met kwaliteitsadviseur jeugd; Doorlopend: Afwachten versoepeling vanuit het Rijk.
Pagina 10 van 19
h. Lokaal implementeren en investeren capaciteit invoering resultaatgericht jeugdhulpstelsel De jeugdconsulenten oefenen met het normenkader (regionaal opgesteld), de rekentool (stimuleren kostenbewustzijn) en sturen op hoeveelheid jeugdhulp die afgenomen wordt. In de regio zal er waarschijnlijk 2de kwartaal 2020 gestart worden met ontwikkeltafels samen met de jeugdzorgaanbieders en lokale teams om bovenstaande ook samen te oefenen. Planning: Het resultaatgerichte jeugdhulpstelsel vindt, onder andere wegens het coronavirus en nog niet vastgestelde tarieven, voorlopig nog geen doorgang. Overleggen vinden wel nog plaats binnen H10 regio. De ketenregisseur jeugd zal de implementatie van dit onderwerp op zich nemen en de beleidsadviseur de ontwikkeling van het beleid hieromtrent. Vertaling naar het lokale aanbod jeugdhulp en de relatie tot het actieplan geschiedt in samenspraak met de ketenregisseur.
Pagina 11 van 19
3. Integrale hulp en ondersteuning Doelen: 1. Het terugbrengen van het aantal jeugdigen dat gebruik maakt van (niet vrij toegankelijke) (hoog) specialistische jeugdhulp door het efficiënter inrichten van het voorveld en de klantroute; 2. Het terugbrengen van de gemiddelde kostprijs per jeugdige per jaar, door onder andere waar mogelijk het verkorten van trajecten en wanneer mogelijk eerder af te schalen; 3. Innoveren, leren en ontwikkelen om te komen tot de meest effectieve jeugdhulp in het kader van het resultaatgerichte jeugdhulpstelsel.
Acties
i. Stimuleren integrale werkwijze door lokale implementatie van het transformatieprogramma ‘Beter Samenspel’ met de Gecertificeerde Instellingen via een maatwerkprogramma. Het regionale transformatie-programma ‘Beter samenspel voor veilig opgroeien’ probeert het werken volgens 1 gezin 1 plan 1 regisseur verder te verbeteren, de kwaliteit van jeugdhulp te verhogen en de kosten te verlagen. Als doelen zijn gesteld: gemiddelde kostendaling hulp met 20%, daling van het aantal crisissen in gezinnen die al hulp ontvangen met 75%, doorstroming van gezinnen die al hulp ontvangen naar het gedwongen kader daalt met 25% en het aantal gezinnen dat binnen het jaar terugkeert naar de Gecertificeerde Instellingen daalt met 75%. De lokale situatie kan natuurlijk afwijken van de regionale verwachtingen en financiële effecten worden pas meerjarig verwacht. De nieuwe werkwijze komt samengevat neer op meer verbindingen leggen tussen de Gecertificeerde Instellingen (voor jeugdbescherming en jeugdreclassering) met het lokale team, in gevallen waarin veiligheid een rol speelt (preventief) en daarnaast het stimuleren van een meer gezinsgerichte aanpak die is gericht op het doorbreken van intergenerationele patronen bij opgelegde maatregelen jeugdbescherming (curatief).
Het stimuleren van deze werkwijze moet ertoe leiden dat veiligheid meer wordt ingebed in de lokale teams en dat op- en afschaling worden bevorderd. Er wordt een lokaal maatwerkprogramma opgesteld op basis van de ervaringen van de voorlopergemeenten (Den Haag, Zoetermeer en Westland). Hiermee moet duidelijk worden wat dit lokaal precies vraagt en aan welke voorwaarden moet worden voldaan zodat duidelijk is, hoe en wanneer dit kan worden geïmplementeerd.
Vervolgstappen implementatie maatwerkprogramma: Vanuit Werkorganisatie Duivenvoorde wordt deelgenomen aan regionale overleggen omtrent het programma Beter Samenspel, van waaruit geput kan worden uit ervaringen met de voorlopergemeenten. Het opstellen van een lokaal maatwerkprogramma zal later in 2020 worden gestart. Planning: Q3 2020: Start voorbereiding implementatie samen met G.I.; Q3 2020 e.v.: Implementatie gelijktrekken met planning rondom lokale toegang en VVT.
Pagina 12 van 19
j. Screenen van de top 20 meest complexe jeugdigen op integrale en meest passende hulp Uit informatievoorziening is gebleken dat er een relatief kleine groep jeugdigen bestaat waarvoor relatief heel veel kosten worden gemaakt. Uit een lokale analyse van de top 20 meest complexe jeugdigen over de jaren 2016-2018 is gebleken dat het jeugdigen betreft die veelal gebruik maken van vormen van intensieve hulp, dat zij gebruik maken van meerdere vormen van hulp, dat hierbij meerdere organisaties zijn betrokken, dat een groot deel van deze jeugdigen ook een maatregel binnen het gedwongen kader heeft, kortom dat ook sprake is van hoog specialistische jeugdhulp en veelal multiproblematiek. In 2016/2017/2018 is voor deze screening van de duurste jeugdigen uitgegaan. Hieruit kwam naar voren dat: In 2016 17% van de totale uitgaven voor jeugdhulp naar 1% van de jeugdigen in zorg ging, In 2017 was dit 36% voor 2% van de jeugdigen in zorg en In 2018 38% voor 4% van de jeugdigen in zorg. In 2018 waren de kosten van de top 20 duurste jeugdigen in zorg gemiddeld €61.366 per jeugdige, waarbij de hoogste kosten €171.178,- en de laagste kosten €27.316,- per kind.
Vervolgstappen screenen meest complexe jeugdigen: Een definitie voor ‘meest complexe jeugdige’ is nog niet compleet en de screening is vanuit het actieplan nog niet opgepakt. Dit is mede afhankelijk van het op sterkte zijn van de formatie jeugdconsulenten. Er moet een plan gemaakt worden met het team jeugdconsulenten, wanneer het op formatie is, hoe hieraan uitvoering gegeven gaat worden. De bezetting van het team jeugdconsulenten is tot voor kort ver onder de norm geweest, sinds april 2020 is het team versterkt, maar nog steeds onder formatie. De meest complexe jeugdigen betreft een zeer kwetsbare doelgroep die veel dure hulp nodig heeft, waarop weinig bespaard zal kunnen worden. Wel kan er geleerd worden van de samenwerking tussen de verschillende betrokken instanties. De nieuwe ketenregisseur zal samen met de jeugdconsulenten een start maken door de hulpverlening aan de drie duurste jeugdigen te evalueren. De duurste jeugdhulptrajecten zijn niet zomaar te voorkomen. Wel kan gekeken worden of er tussenvoorzieningen of preventieve maatregelen mogelijk zijn. Met andere woorden of de keten verbeterd kan worden. Dit wordt ook in H10 verband (en landelijk via de verbeterplannen GI en veiligheidsketen) opgepakt.
Voorstel is om niet alleen naar de hoogste kosten van de hulp, maar vooral ook naar het aantal betrokken instanties per kind en de resultaten die beoogd en behaald zijn te kijken, om van daaruit een definitie te creëren voor ‘meest complexe jeugdigen’. Vanuit kennis op de inhoud kan daaruit voortvloeiend gestuurd worden op efficiëntie. Planning: Q3 2020: Planning evaluatie door ketenregisseur en jeugdconsulenten; Q4 2021: Bepalen vervolgstappen a.d.h.v. resultaten evaluatie; Q2 2021: Start vervolgstappen: optimalisatie ketensamenwerking in complexe, dure jeugdhulp trajecten.
Pagina 13 van 19
4. Begrenzing jeugdhulp Doelen: 1. Het terugbrengen van het aantal jeugdigen dat gebruik maakt van (niet vrij toegankelijke) (hoog) specialistische jeugdhulp door het efficiënter inrichten van het voorveld en de klantroute; 2. Het terugbrengen van de gemiddelde kostprijs per jeugdige per jaar, door onder andere waar mogelijk het verkorten van trajecten en wanneer mogelijk eerder af te schalen; 3. Innoveren, leren en ontwikkelen om te komen tot de meest effectieve jeugdhulp in het kader van het resultaatgerichte jeugdhulpstelsel. Acties
k. Doorontwikkelen van verlengde jeugdhulp 18-23-jarigen De doorstroming naar andere aanpalende wetgeving kan worden bevorderd. Dit kan door de voorwaarden aan te scherpen en de overgang tussen de Wet langdurige zorg, Zorgverzekeringswet en Wet maatschappelijke ondersteuning te bevorderen en daarnaast de overgang 18-/18+ te versoepelen. Op dit gebied wordt regionaal opgetrokken en van elkaar geleerd, maar er zijn op dit moment nog geen concrete voorstellen. Het is de bedoeling eventueel aangepaste voorwaarden vast te leggen. Doorstroming kan ook worden bevorderd door cliënten eerder en actiever voor te bereiden via het actief ondersteunen van cliënten door jeugdhulpaanbieders (waarvoor eisen zijn opgenomen in de contracten) en/of de jeugdconsulenten die hierop monitoren en actief ondersteunen, in geval zij zelf in de betreffende casussen regie voeren. Voorwaarde hiervoor is wel dat de capaciteit van jeugdconsulenten is toegerust op de omvang van de taken. Dit is tot op heden nog niet het geval. Om de doorstroming te bevorderen wordt het gebruik van juridische kaders aangemoedigd en wordt de afbakening tussen verschillende wetgevingen duidelijker in kaart gebracht. Schema’s die hieruit ontstaan worden toegevoegd aan het instrumentarium van de jeugdconsulenten. Het werkproces voor de overgang 18-/18+ is in ontwikkeling. Beschermd wonen en Wmo worden hierin betrokken.
De grootste problematiek ligt (landelijk) bij de doelgroep achttienjarigen die vanuit residentiële jeugdhulp moeten doorstromen naar een Wmo voorziening, veelal beschermd wonen. Om deze overgang beter te laten verlopen zullen naast de werkprocessen tevens afspraken gemaakt moeten worden door de gemeenten met de residentiële jeugdhulpaanbieders en aanbieders beschermd wonen.
Expertiseteam VNG: Niet afbakenen, maar transformeren Op 25 maart jongstleden heeft de VNG het rapport van het Expertiseteam gepubliceerd aangaande het vraagstuk over afbakening van de Jeugdhulp. Opvallende uitkomst is dat het Expertiseteam de discussie over afbakening niet wil voeren: “Volgens het Expertiseteam is het verder inperken van de jeugdwet een heilloze weg. De openheid van de Jeugdwet is een groot goed: de openheid geeft vrijheid om – over de grenzen van wetten heen – te doen wat nodig is. Het categorisch verbieden van bepaalde vormen van jeugdhulp maakt maatwerk onmogelijk (…)”1 Het is de zienswijze van het Expertiseteam dat de transformatiedoelen nog recht overeind staan en een scherpere afbakening van de Jeugdwet leidt tot afschuifgedrag waar kinderen en ouders niet mee geholpen zijn. Het Expertiseteam denkt dat er valt te besparen door het beter en effectiever benutten van de wettelijke kaders en het doorzetten van de transformatie. Zij adviseert daarom om een ontwikkelagenda op gemeentelijk of regionaal niveau te maken om de transformatiedoelen daadwerkelijk te realiseren. Een ontwikkelagenda met vijf bouwstenen, waaraan gemeente(n) en partners zich écht committeren, meedoen is niet vrijblijvend. In de begeleidende brief geeft zij aan: dit is iets voor de lange termijn, voor na de coronacrisis.
1 ‘De kracht van wijd reiken. Advies om de transformatie van jeugdhulp te laten slagen’ Eindrapport en advies van het VNG Expertiseteam
Reikwijdte Jeugdhulpplicht. Maart 2020
Pagina 14 van 19
Vijf bouwstenen voor een ontwikkelagenda: 1. Differentiëren naar vragen van kinderen en hun ouders; 2. Het ontzorglandschap en het goede gesprek over opvoeden en opgroeien; 3. Maken van consistente inrichtingskeuzes; 4. Aangaan duurzaam partnerschap met een beperkt aantal zorgaanbieders; 5. De kokers doorbreken en een alternatief aanbod ontwikkelen. De VNG heeft op 23 april jongstleden het advies van het expertiseteam in de commissie Zorg Jeugd en Onderwijs besproken. Op basis van deze bespreking heeft VNG op 25 mei haar reactie gegeven. De VNG spreekt in haar reactie lof uit over het rapport en staat achter het antwoord van het expertiseteam, namelijk dat we de jeugdhulp niet verder moeten afbakenen, maar dat we moeten transformeren. Tegelijkertijd is een urgente vraag van gemeenten naar concrete mogelijkheden om grip te krijgen op de jeugdhulp, zowel inhoudelijk als financieel. In haar reactie gaat de VNG in op de volgende elementen: 1. De uitspraak van het expertiseteam dat een verdere afbakening de jeugdhulp niet helpt; 2. De gemeentelijke/regionale ontwikkelagenda; 3. Breedte van de jeugdwet en krappe afbakening van aanpalende wetten.2 Op lange termijn kunnen de bouwstenen voor de ontwikkelagenda in het beleid van Voorschoten helpend zijn en bijdragen aan aanvullende beperkingen van de bestedingen.
Op korte termijn biedt het geen handvatten om duidelijke keuzes op het gebied van afbakening te maken. In dat kader adviseren wij om het advies van het expertiseteam op te volgen: niet verder afbakenen, wel transformeren. Planning: Q3 2020 e.v.: Vertaling van regionale ontwikkelagenda’s naar lokale transformatie en visie op jeugdhulp binnen dit actieplan;
l. Aanscherpen van voorwaarden voor jeugdhulpvervoer Het college van Voorschoten heeft de nieuwe, aangescherpte beleidsregels voor jeugdhulpvervoer eind maart 2020 vastgesteld. Werkinstructies en schema’s zijn gedeeld met de jeugdconsulenten, zij hebben een duidelijk kader en zijn bekend met leerlingenvervoer. Met behulp van de werkinstructies kunnen de jeugdconsulenten ouders meer in hun eigen kracht zetten, onder andere door uitgebreid te kijken naar de eigen mogelijkheden en draagkracht van ouders. Komende periode zullen de effecten van de beleidsregels en de werkinstructies omtrent jeugdhulpvervoer gemonitord worden. Planning: Afgerond.
m. Onderzoek naar het gebruik van Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED) Uit onderzoek lijkt gebruik van diagnose van en behandeling voor EED regionaal niet af te wijken van de norm voor drukbevolkte gebieden met grote schoolklassen tot wel 32 leerlingen. Door extra aandacht voor dyslexie is het aantal trajecten in 2018 met een sprong gegroeid, inmiddels vlakt dit weer af. Vanuit lokaal onderzoek (februari 2020) komt naar voren dat de uitgaven aan EED in 2019 significant zijn gestegen ten opzichte van 2018, als gevolg van het flink aantal nieuwe EEDtrajecten dat is gestart. Deze komen van een aantal scholen waar dyslexie vaker voorkomt dan elders in de gemeente. Positief is dat het aantal diagnoses in 2019 is gedaald, dat tot minder trajecten en lagere kosten zal leiden in 2021. Er is geen sprake van dyslexietrajecten die de gemiddelde trajectduur of kostprijs overschrijden. Planning: Afgerond. Wel: Aantal diagnoses en behandelingen blijven monitoren. Verdere acties: zie planning pagina 4 betreffende poortwachtersfunctie EED. 2 Voor de volledige reactie van de VNG, zie: https://vng.nl/sites/default/files/2020-05/200529-vng-reactie-expertiseteam-reikwijdte-
jeugdhulpplicht.pdf
Pagina 15 van 19
n. Het optimaliseren van het beleid persoonsgebonden budget Voor jeugdhulp zijn er in principe twee bekostigingsvormen; zorg in natura of een persoonsgebonden budget. Uit informatievoorziening is gebleken dat het aantal persoonsgebonden budgethouders relatief stabiel is maar dat het budget per budgethouder stijgt, ofwel de intensiteit/complexiteit neemt toe. In dat kader is op 9 juli 2019 voorgesteld: 1. Het pgb tarief voor inhuur van het sociaal netwerk maximaal het tarief Wet minimumloon te maken en 2. Maximaliseren van het pgb tarief voor inhuur zelfstandig werkende gekwalificeerde aanbieders (tot maximaal 80% tarief ZIN als gevolg van lagere overhead ten opzichte van instellingen). Ad. 1. :Tot op heden wordt het pgb jeugdhulp tarief à €20,- per uur gebaseerd op het pgb tarief vanuit de Wlz en Zvw, welke schommelen tussen de €20,- en €23,- per uur. Jeugdconsulenten hebben de mogelijkheid naar beneden af te wijken tot grens minimumloon. Met het van toepassing verklaren van de Wet Minimumloon op de pgb’s in de Wmo en de Jeugdwet maken sommige gemeenten daadwerkelijk gebruik van de mogelijkheid dit tarief te verlagen, met name bij de Wmo huishoudelijke hulp. Wij moeten ons afvragen of dit wenselijk is om door te voeren voor de pgb jeugdhulp die vanuit het sociale netwerk geboden wordt. Het merendeel van de aanvragers van pgb jeugdhulp bestaat uit relatief sterke gezinnen.
Deze aanvragers hebben vooraf meestal goed nagedacht over welke hulp het best passend is voor de jeugdige, daarbij gebeurt het organiseren van pgb jeugdhulp vanuit eigen kracht, wat een voorwaarde is vanuit de Jeugdwet. Bovendien is pgb jeugdhulp vaak goedkoper dan jeugdhulp vanuit het regionaal gecontracteerde ZIN aanbod. Ad. 2. : Het maximaliseren van het pgb tarief voor inhuur van zzp’ers naar 80% van vergelijkbaar ZIN aanbod zal worden meegenomen in de verordening en beleidsregels jeugdhulp wanneer deze gewijzigd worden i.v.m. de inkoop. Ad. 1en2: Vanuit een rechtmatigheidstoets o.b.v. managementinformatie van de SVB over de afgelopen jaren komt naar voren dat er sprake is van een flinke onderbesteding van het toegekende pgb budget voor jeugdhulp, vermoedelijk doordat er (te) ruime pgb’s zijn toegekend en/of dat budgethouders niet tijdig aangeven geen gebruik meer te willen maken van het budget. Verder zijn er geen vreemde vertegenwoordigers uit de toets naar voren gekomen en er zijn geen onregelmatigheden qua rechtmatigheid aangetroffen.
Pagina 16 van 19
5. Financiële vertaling van de maatregelen in de begroting Vanuit het actieplan jeugdhulp sturen we op de kostbare jeugd GGZ door de lokale toegang en het preventieve veld te verstevigen, zodat meer jeugdigen preventief geholpen kunnen worden en minder verwijzingen naar jeugd GGZ nodig zijn. De tarieven jeugdhulp gaan stijgen en er is extra inzet van tijdelijke capaciteit voor de maatregelen vanuit het actieplan. Met het uitvoeren van de maatregelen uit dit actieplan jeugdhulp krijgt de gemeente (met name lokaal) meer grip op de jeugdhulp en de structureel stijgende kosten.
Uit Kadernota 2021, onderdeel jeugdhulp: Het onderwerp met het grootste financiële effect - bijna € 500.000 - in dit actieplan (overgenomen vanuit de kadernota) is de ontwikkeling van de kosten van Jeugdhulp. Dit blijft een onderwerp waarin de gemeente weinig beleidsvrijheid heeft en slechts beperkt kan sturen op de uiteindelijke hoogte van de lasten. In diverse publicaties wordt gesteld dat het verschil tussen de rijksmiddelen en de gemeentelijke uitgaven aan jeugdhulp inmiddels is opgelopen tot jaarlijks meer dat € 1 mld. Naast de inzet op preventie zet het college ook in op een stevige voortzetting van de lobby, mede via de VNG, om dit onderwerp landelijk op de agenda te houden. Tabel:
1. Stijging zorgkosten jeugdhulp Zorg in natura jeugd (ZIN) De kosten voor jeugd via ZIN zijn de afgelopen jaren gestegen, in 2018 fors ten opzichte van 2017, voor 2019 weinig afwijkend ten opzichte van 2018. Opmerkelijk hierbij is dat het aantal jeugdigen in zorg niet is gestegen, maar dat sprake is van een meer complexe zorg en langere zorgduur. De prognose wordt goed in de gaten gehouden. De kosten voor ZIN in Voorschoten waren in 2019 licht lager dan vorig jaar (€ 50.000, los de indexatie die verderop staat). Vooralsnog ramen we als gevolg van autonome ontwikkelingen € 50.000 minder. De regionale tarieven jeugdhulp ZIN 2020 in de overbruggingsovereenkomsten zijn geïndexeerd met de rijksbijdrage OVA 4,9% ten opzichte van de tarieven in 2018 en 2019. Als wordt uitgegaan van recente prognoses van de kosten over 2019 en het aandeel van Voorschoten in het regionale zorggebruik, moet voor 2021 rekening worden gehouden met een bedrag van € 350.000. Persoonsgebonden budget jeugd (pgb jeugd) De ontwikkelingen persoonsgebonden budget kennen een stijging; het aantal budgethouders lijkt redelijk constant, maar de omvang van het gemiddelde budget per budgethouder stijgt (meer complexe zorgvragen). Gezien het feit dat de tarieven voor professionele zorg via een PGB zijn gebaseerd op een % van de tarieven ZIN en dat deze voor 2020 zijn geïndexeerd, valt een lichte stijging te verwachten.
Het is vanwege het maatwerk dat wordt geleverd, niet in te schatten wat de financiële implicaties precies zijn, maar waarschijnlijk gering. Voor de begroting ramen we een verhoging van de lasten voor PGB van € 110.000. Inzet jeugdhulp via lokale jeugdteam CJG Voorschoten en VVE Als flexibele schil rond het CJG Voorschoten en Voorschoten Voor Elkaar wordt intensieve ambulante gezinsbegeleiding door Cardea ingezet. Dit levert een waardevolle bijdrage aan de lokale zorgstructuur, vooral vanwege de expertise veiligheid. Binnen de beschikbare formatie kan de casuïstiek net worden opgevangen. In de begroting 2020 is € 320.000 ruimte beschikbaar voor jeugdhulp in het lokale jeugdteam. Omdat een jeugd ggz partij zich in 2019 heeft teruggetrokken uit de samenwerking met het jeugdteam, is er ruimte in de begroting 2020 beschikbaar. Deze wordt ingezet voor een pilot jeugd ggz expertise in de toegang die wordt uitgevoerd door Voorschoten Voor Elkaar waar de toegang is belegd. Er is een drie jarig contract tegen dezelfde
Pagina 17 van 19
voorwaarden tot en met 2020. Voor 2021 en verder moet een nieuwe inkoop worden uitgevoerd. Gezien de verwachte ontwikkelingen op het gebied van kostendekkende en reële tarieven wordt voor 2021 een lichte stijging van de kosten voorzien. De omvang van de financiële gevolgen zijn waarschijnlijk beperkt maar nu nog niet precies in te schatten. Overige individuele voorzieningen jeugd De afgelopen periode zijn de uitgaven voor overige voorzieningen jeugd gestegen. Dit wordt veroorzaakt door dat meer jeugdigen gebruikmaken van vervoer in het kader van de Jeugdwet (zittend ziekenvervoer jeugd ggz, vervoer naar onderwijs-zorgcombinatie of bijvoorbeeld zorgboerderij). Daarnaast wordt er meer maatwerk geleverd (divers, bijvoorbeeld inzet opvang kinderdagverblijf ter ontlasting). Wij ramen hogere kosten van € 50.000. Uitkomst spoedappel rechtszaak inkoop jeugdhulp 2020 en verder en ontwikkeling landelijke tarieven De inkoop jeugdhulp op basis van een resultaatgericht stelsel zijn voorlopig stopgezet als gevolg van de uitspraak in de rechtszaak tegen de tarieven inkoop jeugdhulp 2020 en verder. Er is een spoedappel ingediend, dat momenteel wordt behandeld en waarvan uitspraak later volgt. In de Kamerbrief ‘naar een betere organisatie van jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering’ van november 2019 heeft de minister naar deze rechtszaak verwezen.
Hij heeft aangegeven dat er moet worden gestreefd naar faire tarieven. De tarieven moeten in overeenstemming worden gebracht met de Jeugdwet, zodat de tarieven (alsnog) kostendekkend en reëel worden. Ook heeft de rechter uitgesproken dat indexering moet worden meegenomen in de tarieven en dat dit zichtbaar en volledig moet gebeuren. Onderdeel van een fair tarief zijn dus ook afspraken over indexatie (loon- en prijsbijstelling). Hierbij moet worden meegenomen dat, gezien de afgelopen periode afgesloten Cao’s in diverse sectoren als bijvoorbeeld onderwijs en ziekenhuizen, ook valt te verwachten dat andere Cao’s in de zorg een stijging van de loon- en prijskosten met zich meebrengen. Parallel aan de behandeling van het spoedappel worden al nieuwe inkooptarieven gevoerd, om continuïteit van de jeugdzorg te waarborgen. Duidelijk is dat tarieven binnen de nieuwe situatie gemiddeld genomen zullen toenemen. De exacte omvang van de financiële gevolgen is op dit moment nog niet in te schatten, maar in de raming van de kosten voor zorg in natura voor 2021 is al wel rekening gehouden met indexatie voor 2021. Focus voor 2021 en verder zal moeten liggen op verlaging van de aantallen cliënten in de jeugdzorg, zowel op servicebureau Haaglanden (H10) niveau als op lokaal niveau.
Lokaal moet daarbij gedacht worden aan verdere voortzetting van de inzet van een praktijkondersteuner Jeugd huisartsen, meer lokale opvang door o.a. Voorschoten Voor Elkaar en een strengere filtering. 2. Kosten jeugdbescherming en jeugdreclassering (Gecertificeerde Instellingen) In het kader van deze Kamerbrief hebben de (bovenregionale) regio's voor de Gecertificeerde Instellingen de opdracht gekregen verbeterplannen op te stellen voor 1 mei 2020. In het kader van de ontwikkelde verbeterplannen wordt uitgegaan van vermindering van de caseload en indexatie van de tarieven. De financiële consequentie daarvan voor 2021 is een toename van de kosten met € 36.000 in 2021 en voor 2022 en verder € 9.100. 3. Verwachte investeringen toegang en voorveld jeugd De afgelopen periode is de aandacht uitgegaan naar de transitie en de verdere inrichting van het jeugdhulpstelsel. Nu richt de aandacht zich steeds meer op de doorontwikkeling hiervan. Om lokaal meer sturing te geven aan jeugd, is duidelijk dat de focus zich meer moet richten op de toegang, lichte jeugdhulp en preventie. Als eerste stap is voor wat betreft de doorontwikkeling van toegang met Voorschoten Voor Elkaar een pilot gestart om expertise jeugd ggz in te zetten in 2020. De kosten hiervan worden voorlopig ten laste van het budget inzet jeugdhulp via lokale jeugdteam Voorschoten gebracht.
Er volgt overleg met alle betrokken partijen wat nodig is aan maatregelen en wat dit vraagt aan eventuele investeringen. Daarnaast volgt in Q3 de evaluatie POH jeugd, waarbij de eerste signalen goed zijn. De verwachting is dat deze inzet wordt gecontinueerd of geïntensiveerd met als doelstelling de toestroom beter te filteren. De omvang van de financiële gevolgen is op dit moment nog niet in te schatten.
Pagina 18 van 19
4. Ontwikkelingen coronacrisis Als gevolg van de Corona crisis worden verschillende ontwikkelingen verwacht. Aan de ene kant wordt verwacht dat jeugdhulpaanbieders extra kosten maken als gevolg van volgen noodzakelijke maatregelen RIVM en mogelijk uitval van zieke medewerkers. Aan de andere kant wordt verwacht dat jeugdhulpaanbieders minder of juist meer omzet maken. Minder omzet wordt verwacht omdat sommige cliënten als gevolg van angst zorg mijden, of omdat zorg moet worden stopgezet als gevolg van maatregelen RIVM (dagbesteding bijvoorbeeld). Meer omzet wordt verwacht omdat cliënten extra zorg nodig hebben, omdat bijvoorbeeld dagbesteding wordt stopgezet, of juist doorstroming in zorg wordt belemmerd. De ontwikkelingen worden gevolgd in samenwerking met de Serviceorganisatie Jeugdhulp Haaglanden. Daarbij wordt rekening gehouden met afspraken die door het Rijk en VNG worden overeengekomen.