2655.1 Aanbiedingsbrief dd 09-12-2024 Rekenkamer WVOLV over Begroting 2025 GR RK (incl. bijlage 1)
Tekst van het document
Aan: De gemeenteraadsleden en burgercommissieleden van Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en LeidschendamVoorburg Datum: 9 december 2024 Betreft: Aanbieding Begroting 2025 GR Rekenkamer WVOLV Bijlagen: 1) Begroting 2025 2) Brief provincie
Geachte leden, Hierbij ontvangt u ter kennisname de Begroting 2025 van de gemeenschappelijke regeling Rekenkamer Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg. De gemeenteraden van Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg hebben in 2024 besloten de gezamenlijke Rekenkamercommissie WVOLV om te zetten naar de gemeenschappelijke regeling Rekenkamer WVOLV. Deze gemeenschappelijke regeling is met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2024 in werking getreden. De Wet gemeenschappelijke regelingen schrijft voor dat een gemeenschappelijke regeling een eigen begroting en jaarrekening vaststelt en deze binnen de wettelijke termijnen toezendt aan de gemeenteraden en de provincie. Bij de uiteindelijke vaststelling van de GR Rekenkamer WVOLV is gebleken dat aan deze wettelijke termijnen in dit jaar niet voldaan kon worden. In overleg met de provinciale toezichthouder is besloten om voor dit overgangsjaar 2024 een afwijkende procedure te doorlopen. Afgesproken is om de Begroting 2025 vast te laten stellen door de Rekenkamer WVOLV en deze te versturen aan Gedeputeerde Staten. Daardoor kon de Begroting 2025 alsnog worden beoordeeld, en ontstaat meteen inzicht voor de volgende jaren waaruit een consistent financieel beeld blijkt.
Bij het instellen van de gemeenschappelijke regeling waren de Begroting 2024 en de Jaarrekening 2023 al vastgesteld en afgestemd met de gemeenten.
De provincie heeft inmiddels als financieel toezichthouder de Begroting 2025 getoetst of deze structureel en reëel in evenwicht is en geoordeeld dat de begroting voldoet aan deze criteria. De brief van de provincie is als bijlage toegevoegd. Vanaf volgend jaar zal het reguliere proces rondom het aanbieden van de jaarstukken conform de Wet gemeenschappelijke regelingen doorlopen worden en wordt u in de gelegenheid gesteld om uw zienswijze in te dienen op de ontwerpbegroting. In onderstaande tabel staan de termijnen vermeld voor het aanleveren van de jaarstukken in 2025 van de GR Rekenkamer WVOLV. Tabel 1: Stroomschema aanbieden jaarstukken GR Rekenkamer WVOLV Gemeenteraden Gedeputeerde Staten Ontwerpbegroting 2026 Uiterlijk 1 april 2025 (ter zienswijze) Jaarverslag + Vóór 30 april 2025 Vóór 15 juli 2025 Jaarrekening 2024 (ter kennisname) Begroting 2026 Vóór 15 september 2025 De Rekenkamer zal geen kadernota opstellen aangezien de beleidsmatige kaders opgenomen zijn in het tweejaarlijks vast te stellen onderzoeksplan. De financiële kaders worden in de ontwerpbegroting meegenomen. De Rekenkamer verwacht u voldoende geïnformeerd te hebben met dit schrijven. Mocht u contact willen opnemen met de Rekenkamer, dan kunt u dat doen via de secretaris, Bart Simon (06-25503107, info@rekenkamerwvolv.nl).
Met vriendelijke groet, Rekenkamer Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg
Dolf Kamermans, voorzitter
2
BEGROTING 2025
BEGROTING 2025-2028
Inhoudsopgave 1. Aanbieding
3
1.1 Inleiding
3
1.2 De gemeenschappelijke regeling en haar bestuur
3
1.3 Leeswijzer
4
2. Programmaplan
5
2.1. Inleiding
5
2.2. Programma Rekenkamer 2025
5
2.3 De kosten van de Rekenkamer in beeld
6
3. Paragrafen
4.
7
3.1. Inleiding
7
3.2. Paragraaf weerstandsvermogen
7
3.3. Paragraaf Bedrijfsvoering
10
Financiële begroting 2025-2028
11
4.1 Inleiding
11
4.2.Uitgangspunten
11
4.3. Financiële meerjarenbegroting
11
4.4. Bijdragen gemeenten
12
4.5. Reservemutaties
13
5.
Besluit bestuur
14
6.
BIJLAGEN:
15
Bijlage 1: Exploitatie overzicht met toelichting
15
Bijlage 2: Wettelijke bevoegdheden Rekenkamer- Gemeentewet
17
Pagina 2
BEGROTING 2025-2028
1. Aanbieding 1.1 Inleiding Voor u ligt de begroting 2025 van de gemeenschappelijke regeling Rekenkamer Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg (hierna te noemen Rekenkamer WVOLV). De gemeenteraden hebben in 2024 besloten de gezamenlijke rekenkamercommissie om te zetten naar de gemeenschappelijke regeling Rekenkamer WVOLV. Deze is met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2024 in werking getreden. Volgens artikel 2 van de gemeenschappelijke regeling behartigt de Rekenkamer WVOLV de belangen van de gemeenten op het terrein van de uitvoering van de gemeentelijke rekenkamerfunctie zoals genoemd in de gemeentewet. Belangrijkste onderdeel van de uitvoering betreft het uitzetten van onderzoeksopdrachten op het gebied van effectiviteit en efficiency van het gemeentelijk beleid bij onderzoeksbureaus, het contractmanagement op de onderzoeksopdrachten, en opleveren en presenteren van een advies op de onderzoeksresultaten aan de gemeenteraden. De Rekenkamer WVOLV is een gemeenschappelijk orgaan, en bezit geen eigen rechtspersoonlijkheid. Anders dan andere vormen van gemeenschappelijke regelingen heeft het maar één bestuur. Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moeten gemeenschappelijke regelingen een sluitende meerjarenbegroting aan te bieden over het begrotingsjaar en de drie daaropvolgende jaren.
Deze meerjarenbegroting betreft daarom de periode 2026-2028. De bijdrage in de uitvoeringskosten – zoals aangegeven in de begroting – worden in de jaarrekening van de individuele gemeenten, in de desbetreffende gemeentelijke programma’s verantwoord. In de jaarrekening van de Rekenkamer wordt inhoudelijke verantwoording over de begroting afgelegd.
1.2 De gemeenschappelijke regeling en haar bestuur Het doel van de gemeenschappelijke regeling (artikel 2) is het behartigen van de belangen van de gemeenten op het terrein van uitvoering van de rekenkamerfunctie. De Rekenkamer WVOLV heeft vier deelnemende gemeenten, namelijk: • • • •
Wassenaar Voorschoten Oegstgeest Leidschendam-Voorburg
Het bestuur bestaat per datum van de begroting uit de volgende leden en secretaris: Voorzitter:
Dolf Kamermans
Plv. voorzitter: Enno Gerdes Lid:
Anita Pronk
Lid:
Ann-Marie Kühler
Lid:
Martijn Spaan
Lid:
Michiel Teeuwen
Secretaris:
Bart Simon
Pagina 3
BEGROTING 2025-2028 1.3 Leeswijzer Hoofdstukken 2 betreft de beleidsbegroting, Hoofdstuk 3 gaat in op de verplichte paragrafen. De hoofdstukken 4 en verder betreffen de financiële begroting conform de BBV. In hoofdstuk 2 is de inhoudelijke beschrijving van de doelstellingen van de Rekenkamer beschreven. In dit hoofdstuk worden de eerste twee W-vragen beantwoord, namelijk “Wat willen we bereiken?” en “Wat gaan we daarvoor doen?”. Tevens wordt globaal aangegeven wat deze zaken zullen gaan kosten. In hoofdstuk 3 staan vervolgens de verplichte paragrafen beschreven, waarna hoofdstuk 4 de financiële begroting met een toelichting op de uitgangspunten en de uiteenzetting van de financiële positie bevat.
Voorschoten, 6 november 2024 Dolf Kamermans
Voorzitter Rekenkamer
Pagina 4
BEGROTING 2025-2028
2. Programmaplan 2.1. Inleiding De Rekenkamer WVOLV voert de rekenkamerfunctie voor de vier gemeenten uit. De werkzaamheden vloeien voort uit de Gemeentewet en de Wet versterking decentrale rekenkamers. De Rekenkamer WVOLV onderzoekt de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde beleid. Centraal staat daarbij de vraag “Bereiken de gemeenten bepaalde doelen? En kan dit slimmer?”. Op basis van de onderzoeksresultaten brengt de Rekenkamer WVOLV advies uit aan de gemeenteraden. De Rekenkamer WVOLV heeft op basis van de gemeenschappelijke regeling en de Gemeentewet de volgende taken in chronologische volgorde, De Rekenkamer WVOLV: ● ● ● ● ●
● ●
Legt tweejaarlijks een onderzoeksprogramma voor aan de raden. Bericht de raden hoe zij omgaat met onderzoeksonderwerpen die de raad heeft voorgesteld. Bepaalt zelfstandig welke onderzoeken zij verricht. Stelt de colleges van de deelnemende gemeenten tijdig in kennis van een voorgenomen onderzoek. Legt haar bevindingen en haar oordeel vast in rapporten, met dien verstande dat dit geen gegevens en bevindingen betreft die naar hun aard vertrouwelijk zijn. Voordat een rapport wordt vastgesteld vindt er ambtelijk en bestuurlijk wederhoor plaats. Rapporteert en adviseert de gemeenteraden over de vastgestelde rapportages. Legt tenminste eenmaal per jaar verantwoording af over haar begroting en jaarstukken.
2.2. Programma Rekenkamer WVOLV 2025 De Rekenkamer WVOLV voert de rekenkamerfunctie voor de vier gemeenten uit in 2025. Een deel van de werkzaamheden hebben betrekking op de uitvoering, afronding en oplevering van onderzoeken die in 2024 zijn gestart, daarnaast zal in 2025 een nieuw aantal onderzoeken worden gestart.
Onderzoeksprogramma begroting 2025 Onderzoeksthema
Verwachte oplevering aan raden
Oplevering onderzoeken uit 2024 1.
Asielbeleid
Q 1 - 2025
Op te starten onderzoeken in 2025 2.
Groot onderzoek
Q 3 - 2025
3.
DoeMee-Onderzoek 2025
Q 4 - 2025
4.
Nog nader te bepalen onderzoek
Q 4 - 2025
Voor de uitvoering van de bovengenoemde onderzoeken huurt de Rekenkamer WVOLV gespecialiseerde onderzoeksbureaus in. De Rekenkamer WVOLV selecteert en contracteert de
Pagina 5
BEGROTING 2025-2028 onderzoeksbureaus en ziet erop toe dat de onderzoeksrapporten tijdig en overeenkomstig de afspraken worden opgeleverd. Naast het selecteren, uitzetten en regie houden op onderzoeken stelt de Rekenkamer WVOLV tweejaarlijks een nieuw onderzoeksplan op en bespreekt dit met de gemeenteraad. Op basis van dit onderzoeksplan wordt jaarlijks een onderzoeksprogramma opgesteld. Ten minste eenmaal per jaar legt de rekenkamer verantwoording af over de begroting en de jaarstukken.
2.3 De kosten van de Rekenkamer WVOLV in beeld De Rekenkamer WVOLV heeft zelf maar 1 taakveld waarvoor zij werkzaam is (0.4 rekenkamerfunctie). Tevens is het verplicht de lasten onder Overhead en Onvoorzien te verantwoorden. Onderdeel
Lasten (begroot)
Baten (Begroot)
Programma onderzoeken rekenkamer
€
164.695
Overhead rekenkamer
€
54.116
Onvoorzien
€
5.455
€
199.266
€
-
Algemene dekkingsmiddelen*
n.v.t.
n.v.t.
Bedrag heffing VPB**
n.v.t.
n.v.t.
Totaal voor resultaatbestemming
€
224.265
€
199.266
Reservemutaties € -
Stortingen in reserve Onttrekkingen aan reserve Totaal na resultaatbestemming
€
224.265
€
25.000
€
224.265
Het aandeel van de overhead in de totale kosten van de Rekenkamer WVOLV bedraagt 24% (€ 54.116 / € 224.265). In paragraaf 4.3 is een apart overzicht opgenomen over de lasten onder overhead. In de begroting is een post onvoorzien opgenomen van circa € 5.000,-. Gelet op het feit dat onvoorziene kosten bij de Rekenkamer WVOLV beperkt voorkomen.
Pagina 6
BEGROTING 2025-2028
3. Paragrafen 3.1. Inleiding In het Besluit Begroting en Verantwoording zijn zeven verplichte paragrafen opgenomen voor provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen. Deze zijn niet allemaal relevant voor de Rekenkamer WVOLV. Om die reden worden de paragrafen Financiering, lokale heffingen, grondbeleid, onderhoud kapitaalgoederen en verbonden partijen niet genoemd.
3.2. Paragraaf weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate de Rekenkamer WVOLV in staat is tegenvallers op te vangen. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen; I.
De weerstandscapaciteit; de middelen en de mogelijkheden waarover de Rekenkamer WVOLV beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken.
II.
Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.
De paragraaf betreffende het weerstandsvermogen bevat ten minste: A.
Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit
B.
Een inventarisatie van de risico’s
C. Het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de mate aan waarin de Rekenkamer WVOLV middelen beschikbaar heeft om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd moet worden. Onverwachte tegenvallers dienen direct gemeld te worden bij het bestuur, waarna gezamenlijk en in overleg met de vier gemeenten bekeken wordt hoe deze tegenvallers op te lossen. Financieel technisch zijn de vier gemeenten verantwoordelijk voor eventuele tegenvallers.
Beschikbare weerstandscapaciteit (=beschikbare vermogen) De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden om niet begrote kosten, die onverwachts en substantieel zijn, op te kunnen vangen. Tot de aanwezige weerstandscapaciteit van de Rekenkamer WVOLV wordt gerekend: de bestemmingsreserve Rekenkamer WVOLV en de post onvoorzien. Weerstandscapaciteit Bestemmingsreserve Rekenkamer WVOLV, stand per 1-1
I/S
2025
2026
2027
2028
Incidenteel
€ 100.000
€ 75.000
€ 55.000
€ 35.000
Post onvoorzien
Structureel
€
5.455
€ 5.456
€ 5.456
€ 5.456
€ 105.455
€ 80.456
€ 60.456
€ 40.456
Totaal
Pagina 7
BEGROTING 2025-2028 Benodigde weerstandcapaciteit (= Risico’s). De risico’s van de Rekenkamer WVOLV zijn beperkt. 1.
2.
Maximale Financiële Impact
Kans Gewogen risico
1. Onvoorziene overschrijding van het onderzoeksbudget
€
50.000
20%
€
10.000
2. Onvoorziene overschrijding personeelskosten
€
35.000
10%
€
3.500
€
13.500
Risico
Totaal gewogen risico's
3. (=1*2)
Onvoorziene overschrijding van het onderzoeksbudget Beschrijving Risico De kosten van een onderzoek vallen hoger uit dan vooraf begroot. Omdat meer uren aan onderzoekscapaciteit moest worden ingezet dan vooraf was bedacht, of vanwege een noodzakelijke vervolgopdracht aan een ander bureau vanwege een faillissement of andere oorzaken. Genomen beheersmaatregel Door een goede beoordeling van de kredietwaardigheid van onderzoeksbureaus en het werken met vaste prijsafspraken voor een onderzoek kan dit risico grotendeels worden beperkt. Kans en Financiële impact Gemiddeld is de Rekenkamer WVOLV aan een uitbesteed onderzoek € 50.000 kwijt. De maximale financiële impact is dat een onderzoek volledig opnieuw uitgevoerd moet worden of de meerkosten bedragen maximaal eenzelfde bedrag. De kans dat dit risico zal voordoen wordt geschat op maximaal 20%.
Onvoorziene overschrijding personeelskosten Beschrijving Risico De personele kosten en vergoedingen aan de leden vallen hoger uit, door ziektevervanging en/of onvoorziene CAO-ontwikkelingen. Genomen beheersmaatregel Niet van toepassing. Kans en Financiële impact De Rekenkamer WVOLV heeft 1 stafmedewerker in dienst. Mocht deze langdurig uitvallen dan zal de Rekenkamer WVOLV voor vervanging moeten zorgen. In het ergste geval krijgt de Rekenkamer WVOLV dan te maken met dubbele lasten. De financiële impact bedraagt maximaal € 35.000. De kans dat dit risico zal voordoen is laag en wordt geschat op maximaal 10%.
Pagina 8
BEGROTING 2025-2028 Ratio weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio weerstandsvermogen en afgezet tegen de algemeen geldende weerstandsnorm. Die ratio geeft de verhouding weer tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij horende benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten is onderstaand weergegeven.
Ratio Weerstandsvermogen
Beschikbare weerstandscapaciteit
€ 105.455
Benodigde = weerstandscapaciteit
€ = 13.500
= 7,81
Het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement in samenwerking met de universiteit Twente hanteert de volgende waarderingstabel ratio weerstandsvermogen: Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
2,0 < x
Uitstekend
1,4 < x < 2,0
Ruim voldoende
1,0 < x< 1,4
Voldoende
0,8 < x < 1,0
Matig
0,6 < x < 0,8
Onvoldoende
X < 0,6
Ruim onvoldoende
Het weerstandsvermogen van de Rekenkamer is met een ratio van 7,81 meer dan uitstekend.
Pagina 9
BEGROTING 2025-2028 3.3. Paragraaf Bedrijfsvoering De paragraaf bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken en realisatie van beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering.
Personeel en Organisatie De Rekenkamer WVOLV bestaat uit zes leden en een secretaris. De formatie bedraagt 0.56 fte (20 uur secretaris). De GR Rekenkamer WVOLV is een gemeenschappelijk orgaan, de gemeente Voorschoten is belast met de uitbetaling van vergoedingen aan de leden en het salaris van de secretaris.
Financieel beheer en Administratieve Organisatie Voor wat betreft het financieel beheer en het betalingsverkeer, dit is allemaal ondergebracht bij gemeente Voorschoten. Dit betekent dat de Rekenkamer WVOLV niet beschikt over haar eigen financiële verordeningen, of Treasurystatuut, maar dat die van gemeente Voorschoten van toepassing zijn.
Oprichting GR Rekenkamer WVOLV Nieuw is dat met ingang van 1-1-2024 de Rekenkamercommissie WVOLV is omgevormd naar de gemeenschappelijke regeling Rekenkamer WVOLV. De reden voor deze omzetting is noodzakelijk om te kunnen voldoen aan de Wet versterking decentrale overheden. In 2024 is de huidige verordening op de Rekenkamercommissie WVOLV ingetrokken en de GR Rekenkamer WVOLV worden ingesteld.
Planning en Control Een gemeenschappelijke regeling is in tegenstelling tot een rekenkamercommissie gebonden aan landelijke verantwoordingsvereisten, zoals deze zijn gesteld aan de BBV. De nieuwe opzet van de planning en control cyclus zal moeten worden beschreven om te voldoen aan de eisen van de BBV. In de planning en control cyclus is de verantwoording aan het bestuur voorzien. Daarnaast zullen de P&C producten, begroting en jaarrekening ook moeten voldoen aan de inhoudelijke eisen die de BBV daaraan stelt. Deze begroting is daarvan het eerste resultaat.
Informatisering en automatisering De Rekenkamer WVOLV beschikt over eigen applicaties (ondersteund door externe leveranciers) voor de uitvoering van de taken waaronder het berichtenverkeer. Ook de website van de Rekenkamer WVOLV zal het komend jaar verder worden aangepast aan de nieuwe situatie vanwege de omzetting naar een gemeenschappelijke regeling.
Pagina 10
BEGROTING 2025-2028
4. Financiële begroting 2025-2028 4.1 Inleiding In dit hoofdstuk wordt de financiële begroting 2025-2028 van de Rekenkamer WVOLV weergegeven. Dit is een begroting die de structurele kosten van de Rekenkamer WVOLV bevat. De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) is op 15 november 2012 ingesteld. De bezoldiging van het personeel van de Rekenkamer WVOLV is op basis van de gemeentelijke CAO (CAR) en blijft onder de WNT-norm.
4.2.Uitgangspunten Voor de begroting hanteert de Rekenkamer WVOLV de uitgangspunten zoals verwoord in de artikel 10 Bijdragen gemeenten en artikel 12 Vergoeding van de gemeenschappelijke regeling Rekenkamer WVOLV. Daarin is de inwonerbijdrage vastgesteld op 1,27 per inwoner (prijspeil 2025). Jaarlijks zal deze bijdrage per inwoner met de CBS-index CPI alle Huishoudens worden geïndexeerd.
4.3. Financiële meerjarenbegroting De Rekenkamer WVOLV is een kleine en platte organisatie met een beknopte begroting waarbij de kostenposten onder te verdelen zijn in personele kosten, vergoeding leden en onderzoekskosten. Begroting 2025 - Lasten
2025
2026
2027
Personele formatie t.b.v. onderzoek
€
35.620
€
35.620
€
35.620
€
35.620
Vergoedingen leden rekenkamer
€
32.075
€
32.075
€
32.075
€
32.075
Onderzoekskosten
€
97.000
€
97.000
€
97.000
€
97.000
Overhead
€
54.116
€
49.116
€
49.116
€
49.116
Onvoorzien
€
5.455
€
5.456
€
5.456
€
5.456
Totaal lasten
€
224.265
€
219.266
€
219.266
€
219.266
Begroting 2025 - Baten
2025
Bijdragen gemeente
€
199.266
€
199.266
€
199.266
€
199.266
Totaal Baten
€
199.266
€
199.266
€
199.266
€
199.266
Totaal Saldo Voor bestemming
€
-25.000
€
-20.000
€
-20.000
€
-20.000
€
25.000
€
20.000
€
20.000
€
20.000
2026
2028
2027
2028
RESERVEMUTATIES Toevoegingen Onttrekkingen
Pagina 11
BEGROTING 2025-2028 Totaal Saldo na bestemming
€
-
€
-
€
-
€
-
Op basis van de wijzigingen in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dient de overhead afzonderlijk in de begroting opgenomen te worden. De overhead maakt integraal onderdeel uit van de nominale begroting. De overhead van de Rekenkamer WVOLV in 2025 is € 54.116. Dit bedrag wordt als volgt gespecificeerd: Overhead 2025
2025
2026
2027
2028
Personele formatie t.b.v. overhead
€
35.620
€
35.620
€
35.620
€
35.620
Opleiding en ontwikkeling
€
2.200
€
2.200
€
2.200
€
2.200
ICT en communicatie
€
3.031
€
3.031
€
3.031
€
3.031
Financiële administratie
€
5.000
€
5.000
€
5.000
€
5.000
Representatie
€
6.815
€
1.815
€
1.815
€
1.815
lidmaatschappen
€
1.450
€
1.450
€
1.450
€
1.450
Totaal
€
54.116
€
49.116
€
49.116
€
49.116
Voor 2025 en verder geldt dat, met uitzondering van incidentele baten en lasten, alle posten structureel zijn.
4.4. Bijdragen gemeenten Tabel Bijdragen gemeenten (baten) Bijdrage per gemeente
Aantal inwoners per 1-1-2024
Tarief per inwoner
Bijdrage 2025 e.v.
Wassenaar
27.100
€ 1,27
€
34.417
Voorschoten
25.625
€ 1,27
€
32.544
Oegstgeest
25.948
€ 1,27
€
32.954
Leidschendam-Voorburg
78.229
€ 1,27
€
99.351
Totaal
156.902
€ 199.266
Pagina 12
BEGROTING 2025-2028 4.5. Reservemutaties Bestemmingsreserve Rekenkamer WVOLV
2025
2026
2027
2028
Stand per 1 januari
€ 100.000
€ 75.000
€ 55.000
€ 35.000
Toevoeging rekeningresultaat 2024 Stand per 1-1- na mutatie rekeningresultaat
€
€
€
€
-
-
-
-
€ 100.000
€ 75.000
€ 55.000
€ 35.000
€
€
€
€
Stortingen Begrote storting
-
-
-
-
Onttrekkingen Begrote onttrekking
€ -25.000
€ -20.000
€ -20.000
€ -20.000
Stand per 31 december
€ 75.000
€ 55.000
€ 35.000
€ 15.000
In de gemeenschappelijke regeling is opgenomen dat onderbesteding gereserveerd kan worden ter compensatie in volgende jaren. Enige reservevorming is mogelijk indien een lopend onderzoek niet is afgerond voor het einde van het kalenderjaar. De huidige omvang van de reserve betreft het totaal van onderbestedingen in de afgelopen jaren. De begrote onttrekking betreft de afwikkelingskosten van een onderzoek (asielbeleid) dat voor 2024 was begroot en is gestart maar dat in 2025 zal worden afgewikkeld (€ 20.000). Daarnaast worden de incidentele kosten ten laste gebracht van deze reserve (€ 5.000).
Pagina 13
BEGROTING 2025-2028
5. Besluit bestuur Het bestuur van de Rekenkamer; Gelet op de Wet Gemeenschappelijke Regelingen;
BESLUIT: 1. De begroting van baten en lasten voor het jaar 2025 vast te stellen; 2. De meerjarenbegroting van de jaren 2026-2028 voor kennisgeving aan te nemen;
Aldus besloten in de openbare vergadering van het bestuur op 6 november 2024.
De voorzitter,
De secretaris,
Dolf Kamermans
Bart Simon
Pagina 14
BEGROTING 2025-2028
6. BIJLAGEN: Bijlage 1: Exploitatie overzicht met toelichting Lasten
Begroting 2024
Begroting 2025
Verschil 2025 t.o.v 2024
Personele Formatie
€
35.620
€
35.620
+
€
-
Vergoedingen leden rekenkamer
€
31.446
€
32.075
+
€
629
Onderzoekskosten
€
102.500
€
97.000
+
€
-5.500
Overhead
€
50.873
€
54.116
+
€
3.242
Onvoorzien
€
5.194
€
5.455
+
€
261
Totaal lasten
€
225.633
€
224.265
€
-1.369
Baten
Begroting 2024
Begroting 2025
Bijdragen gemeente
€
190.633
€
199.266
Totaal Baten
€
190.633
€
Totaal Saldo Voor bestemming
€
-35.000
Onttrekkingen reserve
€
Totaal Saldo na bestemming
€
Verschil 2025 t.o.v 2024 +
€
8.632
199.266
€
8.632
€
-25.000 -/-
€
-10.000
35.000
€
25.000
€
-10.000
-
€
-
€
-
Stortingen reserve +
Toelichting op exploitatieposten Per onderdeel is aangegeven wat het verschil is met de begroting 2024.
Lasten: Personele Formatie (+ € 0) De kosten van de personele formatie van de secretaris zijn gelijk gebleven. Het uurtarief blijft gedurende de gehele contractperiode gelijk.
Pagina 15
BEGROTING 2025-2028 Vergoedingen leden Rekenkamer (+629) De vergoeding van de leden van de rekenkamer is gekoppeld aan de gemiddelde vergoeding van raadsleden van de deelnemende gemeenten. Deze pakt in 2025 hoger uit.
Onderzoekskosten (- € 5.500) Buiten de in het onderzoeksprogramma opgenomen rekenkameronderzoeken zijn in vergelijk tot 2024 geen andere onderzoeksactiviteiten, zoals workshops, voorzien. Hierdoor liggen de onderzoekskosten lager.
Overheadkosten (+ € 3.242) Naast prijsstijgingen worden er in 2025 structureel extra overheadkosten gemaakt vanwege de administratieve verplichtingen vanuit de GR WVOLV, zoals de accountantsverklaring. Daarnaast worden incidentele kosten gemaakt voor de viering van het 20-jarig bestaan van de Rekenkamer WVOLV. In 2024 waren er incidenteel extra overheadkosten vanwege de omzetting van de gezamenlijke Rekenkamercommissie WVOLV naar de GR Rekenkamer WVOLV. De omzetting vraagt om twee maanden extra inzet van de ambtelijk secretaris en aanpassing van de website en communicatie uitingen. Deze incidentele kosten vallen in 2025 weg.
Onvoorzien: (+ 264) Volgens de BBV richtlijnen is de Gemeenschappelijke regeling verplicht een post onvoorzien in de begroting op te nemen.
Baten: Bijdragen gemeenten (+ € 8.632) In de statuten van de GR is de bijdrage voor 2025 vastgesteld op € 1,27 per inwoner. In 2024 bedroeg deze nog € 1,22 per inwoner. Daarnaast is het aantal inwoners gewijzigd ten opzichte van het jaar daarvoor.
Reservemutaties: Onttrekkingen reserve (- € 10.000). In 2025 wordt € 10.000 minder onttrokken dan in de begroting 2024, doordat een kleiner bedrag aan onderzoekskosten van 2024 naar 2025 is doorgeschoven dan in 2024. Naast de doorgeschoven onderzoekskosten vindt ook voor incidentele kosten een onttrekking plaats. Deze zijn voor 2024 en 2025 gelijk.
Pagina 16
BEGROTING 2025-2028 Bijlage 2: Wettelijke bevoegdheden Rekenkamer- Gemeentewet Hoofdstuk XIa. De bevoegdheid van de rekenkamer Artikel 182 1. De rekenkamer onderzoekt de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde beleid. Een door de rekenkamer ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde beleid bevat geen controle van de jaarrekening als bedoeld in artikel 213, tweede lid. 2. Op verzoek van de raad kan de rekenkamer een onderzoek instellen. 3. Bij het uitvoeren van haar taken kan de rekenkamer gebruik maken van de resultaten van door anderen verrichte controles, onverminderd haar bevoegdheid tot het verrichten van onderzoek. Artikel 183 1. De rekenkamer is bevoegd alle documenten die berusten bij het gemeentebestuur te onderzoeken voor zover zij dat ter vervulling van haar taak nodig acht. 2. Het gemeentebestuur verstrekt desgevraagd alle inlichtingen die de rekenkamer ter vervulling van haar taak nodig acht. 3. Indien de zorg voor een administratie aan een derde is uitbesteed, is het eerste lid van overeenkomstige toepassing op de administratie van de betrokken derde dan wel van degene die de administratie in opdracht van die derde voert. Artikel 184 1.
De rekenkamer heeft de in de volgende leden vermelde bevoegdheden ten aanzien van de volgende instellingen en over de volgende periode: a. openbare lichamen, bedrijfsvoeringsorganisaties en gemeenschappelijke organen ingesteld krachtens de Wet gemeenschappelijke regelingen, waaraan de gemeente deelneemt, over de jaren dat de gemeente deelneemt in de regeling; b. naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid waarvan de gemeente meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal houdt en naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, waarin de eerstgenoemde naamloze en besloten vennootschappen middellijk of onmiddellijk meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal houden, over de jaren dat de gemeente het geplaatste aandelenkapitaal houdt; c. naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid waarvan de gemeente samen met een of meer andere gemeenten, een of meer provincies, een of meer waterschappen of de Staat meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal houdt en naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, waarin de eerstgenoemde naamloze en besloten vennootschappen middellijk of onmiddellijk meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal houden, over de jaren dat de gemeente het geplaatste aandelenkapitaal houdt; d.
rechtspersonen, commanditaire vennootschappen, vennootschappen onder firma en natuurlijke personen die een beroep of bedrijf uitoefenen waaraan de gemeente of een of meer derden voor rekening en risico van de gemeente rechtstreeks of middellijk een subsidie, lening of garantie heeft verstrekt ten laste van de gemeentebegroting, over de jaren waarop deze subsidie, lening of garantie betrekking heeft; e. rechtspersonen, commanditaire vennootschappen, vennootschappen onder firma en natuurlijke personen die een beroep of bedrijf uitoefenen die goederen en diensten leveren die betrekking hebben op de uitvoering van een publieke taak waarvan de betaling ten laste van de gemeentebegroting komt en waarbij de gemeente zich het recht heeft voorbehouden bij de Pagina 17
BEGROTING 2025-2028 betreffende rechtspersoon, vennootschap of natuurlijke persoon controles uit te voeren ten aanzien van de geleverde goederen of diensten, over de jaren waarin de betaling ten laste komt van de gemeentebegroting. 2. De rekenkamer maakt bij het onderzoek ten aanzien van de in het eerste lid genoemde instellingen zoveel mogelijk gebruik van door anderen verrichte controles. 3. De rekenkamer is bevoegd bij de betrokken instelling nadere inlichtingen in te winnen over de jaarrekeningen, daarop betrekking hebbende rapporten van hen die deze jaarrekeningen hebben gecontroleerd en overige documenten met betrekking tot die instelling die bij het gemeentebestuur berusten. Indien een of meer documenten ontbreken, kan de rekenkamer van de betrokken instelling de overlegging daarvan vorderen. 4. De rekenkamer kan, indien de documenten, bedoeld in het derde lid, daartoe aanleiding geven, bij de betrokken instelling dan wel bij de derde die de administratie in opdracht van de instelling voert, een onderzoek instellen, waaronder een onderzoek naar het gevoerde beleid van de instelling, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.
De rekenkamer stelt de raad, het college en indien een onderzoek wordt ingesteld naar het gevoerde beleid van een instelling als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, de rekenkamers van de deelnemende gemeenten en provincies aan deze instelling van haar voornemen een dergelijk onderzoek in te stellen in kennis. 5. Indien de rekenkamer voornemens is onderzoek in te stellen bij een in het eerste lid, onderdeel c genoemde instelling, stelt zij, onverminderd het vierde lid, de colleges van de andere deelnemende gemeenten, de gedeputeerde staten van de deelnemende provincies, het dagelijks bestuur van de deelnemende waterschappen of Onze Minister die het aangaat in het geval van deelneming van de Staat van haar voornemen een dergelijk onderzoek in te stellen in kennis. 6. Dit artikel is niet van toepassing op financiële ondernemingen en elektronischgeldinstellingen als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht. Artikel 184a De rekenkamer is belast met het toezicht op de naleving van artikel 213, achtste lid. Artikel 185 1. De rekenkamer legt haar bevindingen en haar oordeel vast in rapporten, met dien verstande dat hierin niet worden opgenomen gegevens en bevindingen die naar hun aard vertrouwelijk zijn. 2.
Voordat de rekenkamer een rapport, bedoeld in het eerste lid, vaststelt, stelt zij in elk geval het onderzochte orgaan in de gelegenheid binnen redelijke termijn te reageren op haar bevindingen en voorlopige conclusies. 3. Na de vaststelling van het rapport, deelt de rekenkamer aan de raad, aan het college en, indien van toepassing, aan de betrokken instelling, de opmerkingen en bedenkingen mee die zij naar aanleiding van haar bevindingen van belang acht. Aan de raad of het college kan zij ter zake voorstellen doen. Mededelingen aan de raad, die gegevens of bevindingen bevatten die naar hun aard vertrouwelijk zijn, kan de rekenkamer ter vertrouwelijke kennisneming verstrekken. 4. De rekenkamer stelt elk jaar voor 1 april een verslag op van haar werkzaamheden over het voorgaande jaar. 5. De rekenkamer zendt een afschrift van haar rapporten en haar verslag aan de raad en het college. Indien zij met toepassing van artikel 184 een onderzoek heeft ingesteld, zendt de rekenkamer tevens een afschrift van het rapport aan de betrokken instelling.
Indien de rekenkamer een onderzoek heeft ingesteld bij een vennootschap als bedoeld in artikel 184, eerste lid, onderdeel c, zendt zij tevens een afschrift ter kennisneming van het rapport aan de colleges van de andere deelnemende gemeenten, de gedeputeerde staten van de deelnemende provincies of Onze Minister die het aangaat in het geval van deelneming van de Staat.
Pagina 18
BEGROTING 2025-2028 6. De rapporten en de verslagen van de rekenkamer zijn openbaar. Artikel 185a Het college zendt de raad jaarlijks een overzicht van de aan het college gedane voorstellen van de rekenkamer, vergezeld van zijn standpunt daaromtrent en van de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven.
Pagina 19