CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

2570 Aanbiedingsbrief dd 11-09-2024 Concept GR Holland Rijnland (incl. bijlagen)

Gemeenteraad Voorschoten 26 september 2024, gemeente voorschotenBij agendapunt: Brief van instelling / burger12.027 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Artikel 43 Wijziging 1. Zowel het Algemeen Bestuur, op voorstel van het Dagelijks Bestuur, als de Colleges en Raden van de Deelnemende gemeenten kunnen voorstellen doen tot wijziging van de Regeling. 2. De Regeling kan worden gewijzigd bij daartoe strekkende gelijkluidende besluiten van twee derde van de Colleges en twee derde van de Raden van de Deelnemende gemeenten 3. Een wijziging van artikel 5 en artikel 43, derde lid van deze Regeling vereist de instemming van alle Colleges en Raden. 4. Een besluit tot wijziging, treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op die waarin het besluit is bekend gemaakt, tenzij in het betreffende besluit anders is bepaald.

Artikel 44 Opheffing 1. Tot opheffing van deze Regeling kan slechts worden overgegaan bij daartoe gelijkluidende besluiten van de Colleges en Raden van alle Deelnemende gemeenten. 2. Een besluit tot opheffing vermeldt de datum waarop de opheffing ingaat. De opheffing gaat eerst in nadat deze is bekend gemaakt. 3. Het Dagelijks Bestuur zal, nadat tot opheffing besloten is, overgaan tot de voorbereiding van de liquidatie van Holland Rijnland en stelt daartoe zo spoedig mogelijk een ontwerp liquidatieplan op. Het liquidatieplan wordt ‐ nadat de Raden van de gemeenten zijn gehoord ‐ vastgesteld door het Algemeen Bestuur. In het liquidatieplan kan van de bepalingen van deze Regeling worden afgeweken.

Versie 15 juli 2024 4. Het Dagelijks Bestuur is belast met de liquidatie conform het liquidatieplan. 5. Van het besluit tot liquidatie wordt Gedeputeerde Staten in kennis gesteld. 6. Het openbaar lichaam Holland Rijnland blijft na zijn ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van zijn vermogen nodig. Zo nodig blijven de Bestuursorganen en commissies van Holland Rijnland ook na het tijdstip van opheffen in functie totdat de liquidatie is beëindigd. HOOFDSTUK 10 ARCHIEF Artikel 45 Archiefzorg Overeenkomstig de door het Algemeen Bestuur vast te stellen verordening, draagt het Dagelijks Bestuur zorg voor de archiefbescheiden van Holland Rijnland, met inachtneming van het bepaalde in de Archiefwet 1995.

Artikel 46 Archiefbeheer 1. De secretaris is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de organen van Holland Rijnland, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. 2. Het Dagelijks Bestuur stelt voorschriften vast voor het beheer van de archiefbescheiden van de organen van Holland Rijnland, die nog niet naar de archiefbewaarplaats zijn overgebracht.

Artikel 47 Archiefbewaarplaats Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden van de organen van Holland Rijnland wijst het Dagelijks Bestuur overeenkomstig de Archiefverordening Holland Rijnland Erfgoed Leiden en Omstreken als archiefbewaarplaats aan.

Artikel 48 Toezicht Met het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van de organen van het openbaar lichaam, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats, is belast de archivaris van Erfgoed Leiden en Omstreken.

Artikel 49 Verantwoording 1. De archivaris van brengt tweejaarlijks aan het Dagelijks Bestuur verslag uit over het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van de organen van Holland Rijnland, die nog niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. 2. Het Dagelijks Bestuur brengt tweejaarlijks verslag uit aan het Algemeen Bestuur over de uitoefening van de aan hen opgedragen zorg voor de archiefbescheiden en de uitvoering van

Versie 15 juli 2024 het archiefbeheer van de organen van Holland Rijnland.

Artikel 50 Terbeschikkingstelling 1. De Deelnemende Colleges en Raden aan de Regeling stellen tijdig aan het Dagelijks Bestuur van Holland Rijnland de archiefbescheiden beschikbaar, die nodig zijn voor de uitvoering van de overgedragen taken. 2. In een verklaring van terbeschikkingstelling worden de periode van terbeschikkingstelling en het toezicht op het beheer van de ter beschikking gestelde archiefbescheiden vastgelegd. 3. In de verklaring kunnen nadere voorwaarden worden gesteld aan de terbeschikkingstelling. HOOFDSTUK 11 GESCHILLEN Artikel 51 Geschillen 1. In geval van geschillen als bedoeld in artikel 28 Wgr, geldt eerst de in dit artikel beschreven procedure, alvorens het geschil wordt voorgelegd aan gedeputeerde staten. 2. Als een geschil ontstaat treden het Bestuur en het College en/of de Raden van de betreffende gemeente(n) terstond met elkaar in overleg om het geschil verder te verkennen en op te lossen. 3. Als onderling het geschil niet opgelost kan worden, wijst iedere partij een deskundige aan. Deze deskundigen brengen, als zijnde een geschillencommissie, gezamenlijk een advies uit aan het Bestuur over de mogelijkheden om partijen tot overeenstemming te brengen. Voorafgaand aan het uitbrengen van het advies hoort de commissie de bij het geschil betrokken Bestuursorganen. 4.

Na ontvangst van het advies treden de in het tweede lid bedoelde partijen nogmaals in overleg om te trachten tot een oplossing van het geschil te komen. Als het overleg niet tot een oplossing leidt, is elk der partijen vrij om het geschil overeenkomstig het gestelde in artikel 28 van de Wgr, voor te leggen aan Gedeputeerde Staten. 5. De kosten voor de geschillencommissie worden door Holland Rijnland en de betreffende deelnemer(s) ieder in gelijke delen gedragen. HOOFDSTUK 12 SLOTBEPALINGEN Artikel 52 Evaluatie van de Regeling 1. Het Dagelijks Bestuur evalueert om de vier jaar het functioneren van de Regeling, te beginnen in 2025. 2. Het Algemeen Bestuur bepaalt voorafgaand aan de uitvoering van de evaluatie het doel, de reikwijdte en de wijze van evaluatie.

Versie 15 juli 2024 Artikel 53 Duur en inwerkingtreding 1. De Regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. 2. Het College van de gemeente Leiden draagt zorg voor publicatie in het Gemeenteblad en voor verzending van de Regeling aan Gedeputeerde Staten. 3. De Regeling treedt in werking op [DATUM 2025] en vervangt de Gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland. 4. De besluiten welke genomen zijn krachtens de regeling Samenwerkingsorgaan Holland Rijnland, Gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland, Samenwerkingsorgaan Duin- en Bollenstreek (SDB), het Samenwerkingsorgaan Leidse Regio (SLR), het Samenwerkingsorgaan Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting Leidse Regio (het SROVLR), het Samenwerkingsorgaan Verkeer en Vervoer Leidse Regio (het SVVLR), de Gemeenschappelijke regeling Volwasseneneducatie Leidse Regio (GRVE LR), het Intergemeentelijk Overleg Werk en Inkomen Leidse Regio (W&I LR) en het Samenwerkingsorgaan Rijnstreekberaad, inclusief wijzigingen worden geacht ter uitvoering van deze regeling te zijn genomen. Alle rechten en verplichtingen die berusten op de voornoemde regeling gaan over naar deze nieuwe regeling.

Artikel 54 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Gemeenschappelijke Regeling Regio Holland Rijnland.

Ondertekening Aldus vastgesteld en laatstelijk gewijzigd in de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur van Regio Holland Rijnland op <datum invoegen>

De Voorzitter, P.A.C.M. van der Velden

De secretaris, L.P. Vokurka

LEESWIJZER BIJ CONCEPT GR HOLLAND RIJNLAND Datum: 05 september 2024 Onderwerp: Leeswijzer bij concept GR Holland Rijnland

Geachte lezer, De Gemeenschappelijke Regeling Holland Rijnland was sterk verouderd en was op enkele punten niet in lijn met de Wet gemeenschappelijke regelingen. Ook vereiste de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen dat de regeling op onderdelen werd aangepast. Daarnaast is de regeling leesbaarder gemaakt, aangescherpt en verduidelijkt. Hieronder wordt per hoofdstuk de belangrijkste wijzigingen in de concept GR toegelicht. HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN In hoofdstuk 1 zijn de definities van de regeling opgenomen. Er zijn definities toegevoegd en gewijzigd om te komen tot een duidelijke regeling. HOOFDSTUK 2 OPENBAAR LICHAAM In hoofdstuk 2 wordt het instellen van het openbaar lichaam Regio Holland Rijnland geregeld. Ook omvat dit hoofdstuk het beschrijven van het doel en belang van Holland Rijnland. Gewijzigd: naam Met de naamswijziging naar ‘Regio Holland Rijnland’ wordt beoogt meer onderscheidend te worden van andere organisaties met de woorden ‘Holland Rijnland’ in hun naam. Ook geeft de nieuwe naam meer duidelijkheid over de organisatievorm. HOOFDSTUK 3 TAKEN EN BEVOEGDHEDEN In hoofdstuk 3 zijn de taken en bevoegdheden beschreven. Deze bepalingen zijn in deze wijziging aangescherpt, verduidelijkt, in aparte artikelen ondergebracht én in lijn gebracht met vigerende wet- en regelgeving.

Gewijzigd: onderscheid tussen basistaken en aanvullende taken In de artikelen 3 t/m 6 hebben we vanuit het doel van de gemeenschappelijke regeling invulling gegeven aan de taken en bevoegdheden. De artikelen zijn geheel herschreven, waarmee we hebben beoogd om deze toekomstbestendig te formuleren. Er is een concretiseringsslag gemaakt op de bijbehorende bevoegdheden. De belangrijkste wijzigingen zijn:

Holland Rijnland is een regio van dertien gemeenten in de Randstad van de kust tot in het Groene Hart. We werken samen en geven uitvoering aan opgaven op het gebied van ruimte, wonen, economie, landschap, mobiliteit en maatschappij.

•

• •

We maken onderscheid in basistaken (artikel 4 en 5) en aanvullende taken (artikel 6). Aanvullende taken horen niet in het basispakket, het artikel 6 regelt in het tweede lid dat de Deelnemende gemeente(n) waarvoor Holland Rijnland een aanvullende taak verricht de kosten draagt voor de aanvullende taak. De strategische en beleidsmatige taken zijn meer op hoofdlijnen benoemd door te spreken over “ruimtelijke en economische aangelegenheden”; Het in co-creatie met Deelnemende gemeenten opstellen, periodiek actualiseren van een Regionale Investeringsagenda Holland Rijnland (RIA) alsmede het realiseren van de RIA is opgenomen in de concept GR.

Maatschappij Maatschappij is niet opgenomen als basistaak in de concept GR. Enkele taken binnen het sociale domein zijn wel expliciet genoemd, onder andere het Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, de regionale huisvestingsverordening, huisvestingsvergunning en urgentie en het Collectief Vraagafhankelijk Vervoerssysteem. In een apart traject vindt een evaluatie plaats op de taken op het onderwerp Maatschappij. Holland Rijnland kan vanuit haar rol een (bestuurlijk) platform bieden. Recreatie & Toerisme Met de reorganisatie #Kracht15 in 2015 is besloten dat Holland Rijnland geen taken meer uitvoert op het gebied van Recreatie & Toerisme. Om deze reden zijn de taken niet meer expliciet opgenomen in de concept GR. Activiteiten op het gebied van Recreatie & Toerisme hebben raakvlakken met de thema’s Economie en Groen. Eventuele toekomstige taken op dit terrein kunnen we onderbrengen bij Economie, waarbij we oog houden voor de relatie met Groen. Gewijzigd: Zienswijzen bij meer besluiten (artikel 7) De Wet gemeenschappelijke regeling verplicht afspraken te maken welke besluiten van het bestuur vatbaar zijn voor een zienswijze van de gemeenteraden. Daarom is artikel 7 ‘Bijzondere besluitvormingsprocedure’ gewijzigd.

Besluiten die vatbaar zijn voor een zienswijze zijn expliciet: verordeningen, majeure besluiten, beleidsbeslissingen en overige maatregelen die ingrijpende gevolgen kunnen hebben, het liquidatieplan en incidentele zienswijzen wanneer het Algemeen Bestuur (hierna: AB) daartoe besluit. HOOFDSTUK 4 BESTUUR In hoofdstuk 4 wordt de samenstelling en werkwijze van de bestuursorganen van Holland Rijnland beschreven. Gewijzigd: samenstelling AB De samenstelling van het AB en het Dagelijks Bestuur (hierna: DB) is gewijzigd. De werkwijze waarin de gemeenten die een DB-lid leveren een extra AB-lid mogen leveren is niet in lijn is met de Wet gemeenschappelijke regelingen. De inrichting van de samenstelling van het AB, DB en de stemverhouding is dualistisch ingestoken. Een GR kent op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen een monistisch stelsel. De huidige werkwijze is niet in lijn met de wet. Daarom is gekomen tot een samenstelling van het AB die:

• • •

In lijn is met wet- en regelgeving; In beperkte mate afwijkt van het huidige model; Ruimte biedt voor ruime vertegenwoordiging vanuit de gemeenteraden.

Het aantal AB leden neemt toe van 26 naar 39. Uit de AB-leden worden DB-leden gekozen. Elke gemeente levert drie AB-leden, waarvan tenminste één lid ook lid van het College van B&W is. De gedachte hierachter is tweeledig: 1. De gemeentebesturen zijn duaal en ook colleges dragen bevoegdheden over; 2. Een gemeente die geen lid van het college aan het AB levert ‘onttrekt’ zich van de mogelijkheid een DB-lid te leveren. Gewijzigd: stemverhouding AB De stemverhouding van het AB is ook aangepast. Ook deze bepaling was in strijd met de Wet gemeenschappelijke regelingen. In de huidige GR is opgenomen dat de gemeenten één stem per 10.000 inwoners hebben, wat vervolgens vermenigvuldigd wordt met drie. Een DB-lid (dat tevens lid is van het AB) heeft maximaal één stem. Differentiatie binnen gemeenten in het aantal stemmen dat een AB-lid heeft is niet in lijn met de Wet gemeenschappelijke regelingen. Er is in de concept GR een stemverhouding opgenomen die samen met de samenstelling het dichts in de buurt komt van de huidige stemverhouding. Elk lid van het Algemeen Bestuur krijgt stemmen afhankelijk van het inwonertal van de deelnemende gemeente die het lid heeft aangewezen, hetgeen per 10.000 inwoners bepaald wordt. Overige wijzigingen Er zijn nieuwe artikelen (artikel 11 en 17) toegevoegd dan wel aangevuld die de bevoegdheden van het DB en AB uitwerkt.

Er is één apart artikel waarin de verantwoordings- en informatieplicht wordt beschreven (artikel 20). HOOFDSTUK 5 COMMISSIES In hoofdstuk 5 zijn de bepalingen over de adviescommissies verduidelijkt. Nieuw: ambtelijke adviescommissie Ook biedt de concept GR nu een mogelijkheid om ambtelijke adviescommissies in te stellen (artikel 24). Een ambtelijke adviescommissie adviseert het AB en DB over de voorstellen die aan het AB en DB worden voorgelegd. HOOFDSTUK 6 BETREKKEN VAN RADEN, INGEZETENEN EN BELANGHEBBENDEN In hoofdstuk 6 wordt beschreven op welke wijze raden, ingezetenen en belanghebbenden worden betrokken bij besluitvorming. Nieuw: Gemeenschappelijke adviescommissie De Wet gemeenschappelijke regeling geeft gemeenteraden de mogelijkheid om een gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen. Dit is ook nieuw in de concept GR

(artikel 25). De wijze waarop inwoners de mogelijkheid krijgen tot inspraak over bepaalde onderwerpen wordt beschreven in artikel 26. HOOFDSTUK 7 HET AMBTELIJK APPARAAT In hoofdstuk 7 wordt de ambtelijke organisatie van Holland Rijnland beschreven. Gewijzigd: benoeming secretaris In de huidige GR benoemt het AB de secretaris en het DB benoemt de controller. Gebruikelijk is dat het AB een toezichthoudende rol heeft namens de deelnemende gemeenten, dat komt in deze constructie niet goed tot uitdrukking. In de concept GR (artikel 27) wordt voorgesteld: • Het DB benoemt de secretaris; • Het DB benoemt de controller; • Het DB mandateert aanstelling overig personeel aan secretaris/directeur. HOOFSTUK 8 FINANCIËLE BEPALINGEN In hoofdstuk 8 staan de financiële bepalingen. Gewijzigd: P&C cyclus De Wet gemeenschappelijke regelingen heeft de termijnen voor de jaarrekening, ontwerpbegroting en begroting gewijzigd. Deze wijzigingen zijn doorgevoerd in de regeling (artikel 31). Nieuw: onderzoeksmogelijkheden van rekenkamers Ook is een nieuw artikel opgenomen (artikel 36) waarin wordt verduidelijkt dat lokale rekenkamers de mogelijkheid hebben onderzoek te doen naar het gevoerde bestuur van Holland Rijnland. De concept GR voorziet daarmee in aanvullende controle-instrumenten. In de concept GR is niet het recht van enquête opgenomen.

De GR Holland Rijnland is een gemengde regeling van colleges en raden. Door het recht van enquête op te nemen hebben raden een instrument om zichzelf te onderzoeken, dat past niet binnen het doel van de Wet gemeenschappelijke regelingen. HOOFDSTUK 9 TOETREDING, UITTREDING, WIJZIGING EN OPHEFFING In hoofdstuk 9 staan bepalingen over toetreding, uittreding, wijziging en opheffing. Gewijzigd: uittredingsbepalingen De uittredingsregeling is gewijzigd en maakt het ook mogelijk om gedeeltelijk uit te treden. Daaronder wordt verstaan het vanaf een bepaalde datum niet langer afnemen van diensten van Holland Rijnland, dan wel het niet langer delegeren van taken en bevoegdheden aan Holland Rijnland. Hiervoor zijn meerdere artikelen opgenomen (artikel 38 e.v.). HOOFDSTUK 10 ARCHIEF In hoofdstuk 10 staan bepalingen ten aanzien van het archief. Gewijzigd: archiefbepalingen De archiefbepalingen waren sterk verouderd. De bepalingen zijn uitgebreid en voorbereid op de nieuwe Archiefwet (artikel 45 t/m 50).

HOOFDSTUK 11 GESCHILLEN In hoofdstuk 11 staat het artikel over de te volgen procedure in het geval van geschillen. Gewijzigd: geschillenprocedure De geschillenprocedure is uitgebreid (artikel 51). Er wordt een procedure beschreven om te trachten om tot een oplossing van het geschil te komen alvorens het geschil voorgelegd wordt aan Gedeputeerde Staten. HOOFDSTUK 12 SLOTBEPALINGEN In hoofdstuk 12 zijn de overige bepalingen en overgangs- en slotbepalingen te vinden. Nieuw: afspraken over evaluatie Op grond van de Wet gemeenschappelijke regeling is het verplicht om afspraken te maken over evaluatie van de regeling. Daarom is een evaluatiebepaling opgenomen (artikel 52). Het AB evalueert om de vier jaar, en bepaalt zelf het doel, reikwijdte en de wijze van evaluatie.

Schuttersveld 9, 2316 XG Leiden Postbus 558, 2300 AN Leiden 071 523 90 90 www.hollandrijnland.nl IBAN: NL87BNGH0285113992 KvK: 27365539 BTW: NL813768068B01

Provincie Zuid-Holland t.a.v. Gedeputeerde Staten Postbus 90602 2509 LP Den Haag Datum: Kenmerk: E-mail:

29-02-2024 UIT-24-24447 l.vokurka@hollandrijnland.nl

Onderwerp: Actualisatie Gemeenschappelijke Regeling Samenwerkingsorgaan Holland Rijnland

Geachte mevrouw, heer, Op 1 juli 2022 is de vernieuwde Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in werking getreden. Gemeenschappelijke regelingen hebben met deze wet tot 1 juli 2024 de tijd gekregen om de wijziging in hun eigen regelingen te verwerken en bekend te maken. De Gemeenschappelijke Regeling Samenwerkingsorgaan Holland Rijnland (hierna: Holland Rijnland) maakt van de gelegenheid gebruik om de regeling niet enkel in lijn te brengen met de vernieuwde Wgr, maar wil de regeling tegelijk op inhoud en strekking toekomstbestendiger maken. Dit proces en de afstemming hierover met de deelnemende gemeenten vergt meer tijd dan voorzien. Met dit schrijven informeren wij u dat Holland Rijnland per 1 juli 2024 de gemeenschappelijke regeling nog niet geactualiseerd zal hebben. Wij verwachten dat de nieuwe regeling uiterlijk 1 januari 2025 geactualiseerd en bekend gemaakt is. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, het Dagelijks Bestuur Holland Rijnland, de secretaris-directeur,

de voorzitter,

L.P. Vokurka

P.A.C.M. van der Velden

Holland Rijnland is een regio van dertien gemeenten in de Randstad van de kust tot in het Groene Hart. We werken samen en geven uitvoering aan opgaven op het gebied van ruimte, wonen, economie, landschap, mobiliteit en maatschappij.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=4570342e-5c32-4b77-bb04-c4ab29d3b138