CConstaterende datvoorschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

2489 Mail dd 17-05-2024 Inwoner over Energietransitie (incl. bijlage)

Gemeenteraad Voorschoten 23 mei 2024, gemeente voorschotenBij agendapunt: Brief van instelling / burger8.720 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Van:

GriffieVS

L.S Hierbij het verzoek om deze nieuwsbrief onder de leden van uw gemeenteraad te verspreiden. Beste lezer, Hierbij ontvangt u een nieuwsbrief met veel informatie over de energietransitie, in het bijzonder over de voor- en nadelen van de verschillende typen warmtenetten. In het nieuws gaat het vooral over de problemen met het elektriciteitsnetwerk en met de warmtenetten. Bij de warmtenetten gaat het over de hoge kosten en de betaalbaarheid voor de huurders. Aan verschillende andere aspecten wordt niet of nauwelijks aandacht besteed. De genoemde problemen hebben alleen betrekking op hoge en midden- temperatuur warmtenetten (we noemen dit verder hoge temperatuur warmtenetten) in relatie tot de grote warmtebedrijven als b.v. Vattenfall en Eneco. In deze uitgebreide nieuwsbrief schetsen we een volledig beeld van de situatie en welke andere mogelijkheden er zijn. Daarbij gaan we ook in op de totstandkoming van twee nieuwe wetten. Lage temperatuur warmtenetten hebben totaal andere kenmerken dan hoge temperatuur warmtenetten. Daar wordt geen of nauwelijks aandacht aan besteed. We gebruiken de ontwikkeling van een modern energiesysteem (warmte, koeling, elektriciteit en de opslag van warmte en de opslag van elektriciteit) in de wijk Houtkwartier in Leiden als voorbeeld voor een lage temperatuur warmtenet.

We maken in de nieuwsbrief een vergelijking tussen de karakteristieken van een hoge temperatuur en een lage temperatuur warmtenet. Op dit moment is er te weinig inzicht in de totale kosten van de hoge temperatuur warmte. De warmtebedrijven (b.v. Vattenfall, Eneco etc.) zijn nog niet verplicht om inzicht te geven in de kosten. Op basis van onze huidige inzichten zou het kunnen gaan om een financieel gat van 20.000 euro en meer per aansluiting in Leiden en omgeving. De stadsverwarming in Leiden (hoge temperatuur warmte) wordt vanaf de zomer van 2027 gevoed met warm water (met een transport temperatuur van 130 graden) vanuit het Rotterdamse havengebied. Dit leidt tot een factor 2-3 meer CO2-uitstoot dan de huidige situatie met de Unipercentrale als bron. In plaats van beter voor het klimaat wordt dit tegen hoge kosten slechter voor het klimaat. De aanleg van een lage temperatuur energienet in het Houtkwartier is goedkoper dan een aansluiting op de stadsverwarming. Het biedt meer mogelijkheden (warmte, koeling en opslag van warmte en elektriciteit) terwijl de stadsverwarming alleen warmte biedt. De CO2-uitstoot is nihil terwijl de CO2-uitstoot van de stadsverwarming significant toeneemt. Er is sprake van een nauwe samenwerking tussen het Houtkwartier en de Merenwijk. De Merenwijk is één van de voorrangswijken bij de energietransitie.

Op 27 mei worden bewoners van de Merenwijk geïnformeerd over het verzamelen van gegevens over hun huidige situatie en hun wensen voor de toekomst. We gebruiken daarvoor de webapplicatie, die door het Houtkwartier is ontwikkeld. Door de Merenwijk is een nota met uitgangspunten opgesteld ter voorbereiding van het schrijven van een Startnotitie voor het Wijkuitvoeringsplan. Deze uitgangspunten kunnen in principe in elke wijk worden toegepast, zeker daar waar hoge temperatuur warmtenetten niet passen.

Met vriendelijke groet, mede namens

van Tegengas Merenwijk

vz wijkvereniging Houtkwartier 1

1

NIEUWSBRIEF: Warmtenetten: kosten en CO2-uitstoot Communicatie: Bankrekening www.houtkwartier.com | communicatie@houtkwartier.com | Twitter @Houtkwartier

16 mei 2024

Inhoudsopgave Inleiding Warmtenetten in het nieuws

Wat is stadsverwarming? Wat gaat er mis met het warmtenet? Wat doet de politiek? Hoe nu verder?

Huidige situatie: aansluitingen op de stadsverwarming Toekomst: aansluiten op een collectief grootschalig hoge temperatuur warmtenet Nieuwe we en Kosten Bronnen en CO-uitstoot

Huidige situatie in het Houtkwartier: aansluitingen op gas Toekomstige situatie: Individuele oplossingen Bijlage 1: Lage temperatuur energienet in Houtkwar er Huidige aanslui ngen op de stadsverwarming Status ontwikkelingen wijk Houtkwar er Status en ervaringen met het invullen van het dossier binnen onze wijk

Bijlage 2: Vergelijking lage temperatuur energienet Houtkwar er met een collec ef hoge temperatuur warmtenet Bijlage 3: Uitgangspunten voor opstellen Startno

e Merenwijk-laag

2

Inleiding De laatste maanden wordt in het nieuws vaak aandacht besteed aan de energietransitie in de wijken. Het is de bedoeling dat de aardgasvoorziening stopt en dat iedereen op een andere manier gaat koken en verwarmen. Dat gaat niet gemakkelijk. Naast de problemen met het elektriciteitsnetwerk gaat het in het nieuws vooral over warmtenetten. Bij de warmtenetten gaat het over de hoge kosten en de betaalbaarheid voor de huurders. Aan verschillende aspecten wordt niet of nauwelijks aandacht besteed. De genoemde problemen hebben alleen betrekking op hoge en middentemperatuur warmtenetten (we noemen dit in het vervolg hoge temperatuur) in relatie tot de grote warmtebedrijven als b.v. Vattenfall en Eneco. Lage temperatuur warmtenetten hebben totaal andere kenmerken. Het kernpunt van de energietransitie, de noodzakelijke feitelijke reductie van de CO2-uitstoot, komt daarbij niet of nauwelijks aan bod. Wanneer je daadwerkelijk de CO2-uitstoot wilt beperken, komen alleen schone energiebronnen in beeld. Bij een toekomstgerichte energietransitie gaat het niet alleen om warmte maar ook om koeling, elektriciteit en de opslag van warmte en de opslag van elektriciteit. Je zou daarbij moeten kijken naar de totale energievoorziening in wijken.

Dit is bijvoorbeeld gebeurd in het advies van het Expertteam Energiesysteem 2050, Outlook Energiesysteem 2050 | Expertteam Energiesysteem 2050 (etes2050.nl), hoofdstuk 4. De nieuwe grootschalige hoge temperatuur warmtenetten, die in Nederland worden ontwikkeld, zijn met name van de zogenaamde middentemperatuur. De warmte die geleverd wordt, is ongeveer 70 graden. Dat is ook voldoende voor het tapwater, om legionella te voorkomen. Inmiddels is de techniek vooruit gegaan, en zijn er slimme energiesystemen ontwikkeld met warmte van lagere temperaturen, waarbij elektriciteit en warmte geïntegreerd zijn. Deze technieken worden internationaal op dit moment gezien als de beste. Door lage temperatuur warmtenetten toe te passen sluiten we aan bij de ontwikkelingen in het buitenland. In de prak jk hebben we te maken met twee nogal verschillende denkwerelden:  Gaat het om van het aardgas af of om het beperken van de klimaatschade o Nederlandse regering wil van het aardgas af. o EU en nagenoeg alle landen willen de CO2-uitstoot verminderen om de klimaatschade te beperken.  Hoge of lage temperatuur warmtene en o Hoge temperatuur focus in Nederland (> 70 graden). o Lage temperatuur of omschakelen naar lage temperatuur zoals in het buitenland en het beleid van de EU.

Voorbeelden van lage temperatuur warmtene en in Nederland zijn: Raamplankwar er in Haarlem, De Binckhorst in Den Haag, Houtkwar er in Leiden, Mijnwater in Heerlen en Muiden (in verschillende stadia van ontwikkeling). In deze uitgebreide nieuwsbrief schetsen we een volledig beeld van de situatie en welke andere mogelijkheden er zijn. Verantwoording  De delen “Inleiding” en Warmtenetten in het nieuws”” zijn geschreven door Wim Scholten, Annelies Huygen en Cent van Vliet.

De delen “Huidige Situatie: aansluitingen op de stadsverwarming”, Toekomst: aansluiten op een collec ef grootschalig hoge temp warmtenet”, “Huidige situa e in het Houtkwar er: aanslui ngen op gas”, “Toekoms ge situa e: Individuele oplossingen”, “Bijlage 1 Lage

3

temperatuur energienet in het Houtkwar er” en Bijlage 2: “Vergelijking lage temperatuur energienet Houtkwar er met een collec ef hoge temperatuur warmtenet” zijn geschreven door Wim Scholten en Annelies Huygen. Bijlage 3 “Uitgangspunten voor opstellen Startno e Merenwijk-laag” is geschreven door Cent van Vliet en 3 andere bewoners van de Merenwijk.

Warmtenetten in het nieuws Wat is stadsverwarming? De meeste mensen gebruiken nog steeds aardgas om hun huis te verwarmen. Nederland moet in 2050 klimaatneutraal zijn: iedereen zal zijn huis dan op een CO2-neutrale manier moeten verwarmen. Warmtenetten, ook wel stadsverwarming, is een van de manieren om dat te doen in stedelijk gebied. Op dit moment zijn ongeveer een half miljoen woningen in Nederland aangesloten op de stadsverwarming op een totaal van 8 miljoen woningen. Volgens het vigerende beleid zouden in 2030 één miljoen woningen in Nederland aangesloten zijn op de stadsverwarming. Het beleid is er nu op gericht om tot 2050 tenminste 2,5 miljoen woningen aan te sluiten op een warmtenet.

Het is de bedoeling, dat bewoners met een aansluiting op de stadsverwarming niet duurder uit zijn dan met een aansluiting op aardgas. Om dat te bereiken bepaalt de overheid (=Autoriteit Consument en Markt (ACM)) ieder jaar opnieuw wat de maximale tarieven voor warmte mogen zijn. De laatste maanden bleek dat huurders in onder meer Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag hoge rekeningen kregen voor de levering van stadswarmte, hoger dan bij aardgas. De toezegging, dat bij nieuwe aansluitingen de bewoners niet duurder uit zijn, wordt niet nagekomen. In heel Nederland lopen er op dit moment stadswarmte-projecten om nog eens een half miljoen huishoudens aan te sluiten, waarmee het totaal op een miljoen woningen moet komen. Deze warmtenetten vervoeren restwarmte van bijvoorbeeld de industrie of afvalverbrandingsinstallaties naar woningen. Ze worden als oplossing gezien om veel woningen van het fossiele gas af te krijgen. Maar dit jaar is er veel onvrede over de hoge tarieven die worden gerekend aan bewoners, die bovendien geen vrije keuze voor een leverancier hebben. Als eenmaal een contract is gesloten, zitten zij daar voor een lange tijd aan vast. Inmiddels zijn in Amsterdam, Utrecht en Den Haag grote stadsverwarmingsprojecten stop gezet, vanwege de hoge kosten en de risico’s.

Wat gaat er mis met hoge temperatuur warmtenetten? In meerdere steden kregen afnemers dit jaar te maken met hoge rekeningen voor hun stadsverwarming. In Amsterdam stegen de prijzen met 30 procent. Dat was mogelijk binnen de grens, die de overheid heeft gesteld. Vattenfall zei de prijzen te moeten verhogen, omdat het geconfronteerd werd met hogere kosten van personeel en materialen. Ook inflatie speelde een rol. Door die oplopende kosten kozen wooncorporaties in Amsterdam ervoor om geen nieuwe warmtenetten meer aan te leggen bij sociale huurwoningen. Een belangrijke voorwaarde was namelijk dat de prijzen niet hoger zouden uitpakken dan die van aardgas. Dat gebeurde toch. De tarieven van stadswarmte zijn nu nog steeds gekoppeld aan de gasprijs, al lopen deze wel achter. De overheid wil de twee loskoppelen, omdat gas de komende jaren alleen maar duurder wordt. De tarieven voor warmte worden dan gebaseerd op de totale kosten van het betreffende warmtenet en een winstpercentage. Een goed idee volgens toezichthouder ACM, maar dat kan er wel voor zorgen dat stadswarmte alsnog duurder wordt dan gas. Daarom moeten er meer maatregelen vanuit het kabinet komen, concludeert de ACM.

4

Wat doet de politiek? Als poging om de situatie voor afnemers van stadswarmte te verlichten, kondigde demissionair klimaatminister Rob Jetten in maart 2024 aan een spoedwet in te voeren. Die moet ervoor zorgen dat de vaste kosten voor klanten binnen de perken blijven, maar geldt pas vanaf 2025. Wethouders uit enkele grote steden blijven evenwel aandringen op meer overheidssteun. Het grote gevaar hiervan is, dat meer effectieve en vaak ook schonere, alternatieven sterk worden benadeeld. Op 12 april 2024 heeft minister Jetten bekend gemaakt, dat hij 1 miljard extra beschikbaar gaat maken voor nieuwe hoge temperatuur warmtenetten en 0,5 miljard voor bestaande hoge temperatuur warmtenetten. De totale maatschappelijke kosten voor dit onderdeel van de energietransitie worden hierdoor met 1,5 miljard verhoogd. Hiermee dreigen nog meer alternatieven, hoewel technisch interessanter met minder CO2-uitstoot, uit de markt te worden geprijsd. Hoe nu verder? De spoedwet van Jetten kan een tijdelijke oplossing bieden, denkt Annelies Huygen, hoogleraar regulering van energiemarkten aan de Universiteit Utrecht. Zij noemt het wel een "lapmiddel". De hoogleraar doet al jaren onderzoek naar de warmtenetten en vertelt dat die in het buitenland vaak twee tot drie keer goedkoper zijn, onder meer doordat er daar geen koppeling aan de gasprijs is.

Huygen vindt daarnaast dat onze netten best traditioneel zijn. "We kunnen beter overgaan op nieuwe concepten, zoals b.v. lage temperatuur warmtenetten en moderne systemen met warmte, koeling, elektriciteit en opslag van warmte en elektriciteit. In Zweden, maar ook kleinschalig in Haarlem (= zonnewarmtenet) zijn ze al bezig met een toekomstgerichte oplossing. Nu nog duur, maar wél de toekomst volgens Huygen.

Huidige situa e: aanslui ngen op de stadsverwarming In de huidige situa e stelt de ACM (Autoriteit Consument en Markt) elk jaar de maximale tarieven vast, die door een warmteleverancier in rekening mag worden gebracht. Voor 2024 is begin december 2023 het volgende gepubliceerd:  Aansluitkosten 5250,24 euro  Afsluitkosten 5277,68 euro  De vaste kosten voor de levering van warmte per jaar 796 euro per jaar  De gebruikskosten (26 GJ warmte en warm water) 1040 euro per jaar De tarieven zijn a ankelijk van de gasprijs. De warmtebedrijven gaan, zo leert de ervaring, met hun tarieven maar weinig onder deze ACM tarieven zi en. Deze tarieven zijn veel hoger dan in het buitenland. Dat scheelt een factor 2 tot 3. De vaste kosten, die onderdeel uitmaken van de tarieven, zijn ona ankelijk van de groo e van de woning, het gebouw of appartement of van het gebruik. Zonder ook maar iets te gebruiken is een bewoner al bijna 800 euro per jaar kwijt, ook als deze woont in een perfect geïsoleerde studentenflat. 26 GJ voor warmte en warm water is een gemiddeld gebruik voor een woning op stadsverwarming. Het is een equivalent van 740 m3 gas. Het feitelijke gebruik per woning zal hiervan afwijken. Het gemiddelde gebruik van een woning op aardgas is hoger dan bij een woning op stadsverwarming, omdat het bij stadsverwarming vooral over appartementencomplexen gaat.

5

Toekomst: aansluiten op een collec ef grootschalig hoge temperatuur warmtenet Nieuwe we en Er zijn twee nieuwe we en in ontwikkeling:

 Wet Collec eve Warmtevoorziening (WCW): o Het herziene wetsontwerp is 15 november 2023 naar de Raad van State gestuurd. De

Raad van State hee nu een advies uitgebracht. De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een aantal bezwaren bij het wetsvoorstel en adviseert het wetsvoorstel niet bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal in te dienen, tenzij het is aangepast. In het wetsvoorstel staat b.v.: o De regie ligt bij de gemeente (b.v. kavels en contracten toewijzen) o 51% van het eigendom in publieke handen o Kostengebaseerde tarieven (niet meer a ankelijk van de gasprijs) o Coöpera es (< 1500 aanslui ngen) mogen een eigen warmtenet aanleggen zonder te moeten voldoen aan alle regels en voorschri en uit de wet o Geen verplichte aanslui ng op een collec ef warmtenet Wet Gemeentelijk Instrumentarium Warmte (WGIW): o Het concept wetsontwerp is in april 2024 door de Tweede Kamer goedgekeurd. o Het biedt de gemeente de mogelijkheid om met een opzegtermijn van 8 jaar in wijken de toevoer van aardgas af te sluiten.  N.B.: De gemeenteraad van Leiden hee al eerder een mo e aangenomen om de gasinfrastructuur te handhaven tot 2050 om innova es en eventueel gebruik van waterstof of groen gas (dat gebruik kan maken van het huidige leidingenstelsel voor aardgas) mogelijk te maken.

Kosten Volgens het wetsontwerp van de WCW gaat het in de toekomst om op kosten gebaseerde tarieven met een redelijke winstmarge. Dit betekent dat je alle kosten van de warmtevoorziening (incl. de kosten van WarmtelinQ) bij elkaar moet optellen. Het totaal van die kosten deel je dan door het aantal aanslui ngen om het tarief te bepalen. Dit betekent, dat voor warmteprojecten vóórdat zij worden aangelegd al een scha ng moet worden gemaakt van de totale kosten en van het toekoms ge warmtetarief (bij verschillende aannames voor het aantal aanslui ngen). Het gaat dan om een betrouwbare indica e, die in de loop van de jd kan worden herzien. Op basis van die indica e kunnen burgers/eigenaren dan een keuze maken. Het is merkwaardig, dat de warmtebedrijven (b.v. Va enfall, Eneco) op dit moment geen inzicht hoeven te geven in de kosten en de daaraan gerelateerde tarieven. De gemeente Leiden en omliggende gemeenten accepteren dat tot nu toe. Dit betekent, dat er 0p dit moment is er te weinig inzicht in de totale kosten van warmte. De warmtebedrijven (b.v. Va enfall, Eneco etc.) zijn nog niet verplicht om inzicht te geven in de kosten, omdat de tarieven worden gebaseerd op het maximum. Hierdoor is er te weinig over bekend. Voor het collec eve grootschalige hoge temperatuur warmtenet voor Leiden en omgeving is de situa e qua kosten en daarvan afgeleide tarieven onduidelijk.

Op basis van wat nu bekend is, kan je wel een berekening maken. o Het ministerie en de provincie hebben gepubliceerd welke bedragen zij beschikbaar hebben gesteld voor de aanleg van WarmtelinQ. Dat gaat in totaal om 550 miljoen euro. We hebben

6

o

o

o

o

geen inzicht in hoe dat geld wordt besteed en welke investeringen de Gasunie en Va enfall / Eneco eventueel daarnaast nog doen. We nemen aan dat de 550 miljoen wordt besteed aan de aanleg van de basisinfrastructuur (= pijpleidingen, pompsta ons en warmtewisselaars). In een ar kel van Omroep West, dat op de website van WarmtelinQ staat, wordt aangegeven dat het zou gaan om 120.000 aanslui ngen. Waar deze aanslui ngen liggen is niet nader aangeduid. WLQ+ (=de uitbreiding van WLQ met een a akking van Rijswijk naar Leiden) hee een maximale capaciteit van 100 MW warmte. Per woning is 2 MW warmte nodig, Volgens de gemeente hee de huidige stadsverwarming in Leiden 12.000 aanslui ngen. Op de website van Va enfall staat dat de regio Leiden in 2022 9.900 aanslui ngen had voor kleinverbruik en 188 voor grootverbruik. Omgerekend naar woningequivalenten gaat het om 22.239 aanslui ngen. Dan is er ruimte voor 28.000 nieuwe aanslui ngen op de stadsverwarming van de regio Leiden. Bij de 28.000 nieuwe aanslui ngen gaat het om woningen en gebouwen in 6 gemeentes (Leiden, Leiderdorp, Zoeterwoude, Voorschoten, Oegstgeest en Katwijk). We hebben geen inzicht in de totale kosten. Naast de genoemde 550 miljoen is sprake van hoge addi onele kosten voor de aanleg van piek- en backup centrales.

En niet te vergeten de forse kosten kosten van de aanleg van distribu ene en binnen de verschillende gemeentes en de aansluitkosten. Voor de gemeente Den Haag hee het bedrijf Fakton uitgerekend, dat de tekorten 14.000 euro per aanslui ng zouden zijn. Gezien de afstand tussen Ro erdam en Leiden en de gespreide ligging van de gemeentes (noodzaak van extra transportne en) in de Leidse regio gaan we uit van tenminste een tekort van 20.000 euro per aanslui ng. Dit betre een indica e gebaseerd op onze huidige inzichten.

De gemeenten Doesburg, Utrecht, Pijnacker – Nootdorp, Alphen a/d Rijn en inmiddels ook Amsterdam en Ro erdam hebben grote twijfels over de betaalbaarheid van een grootschalig collec ef hoge temperatuur warmtenet. In de gemeente Den Haag hee de wethouder de aanleg van grootschalige collec eve warmtene en s lgelegd vanwege onduidelijkheden over de kosten. De mogelijke financiële consequen es van de nieuwe wet WCW spelen daarbij ook een rol. Donderdag 11 januari 2024 was er een werksessie van de betreffende raadscommissie in Den Haag. Een 5-tal sprekers (o.m. Annelies Huygen) hee hun visie gegeven. Het bedrijf Fakton hee de resultaten gepresenteerd van de berekening van de kosten van de aanleg van een grootschalig hoge temperatuur warmtenet voor 46.000 woningen in Den Haag. De tekorten zouden 14.000 euro per aanslui ng zijn. Dat kan deels worden opgelost met subsidies. Dan nog zouden de gemeente Den Haag of de bewoners/eigenaren gezamenlijk 400 miljoen!! euro moeten bijdragen. Naar aanleiding hiervan zijn vanuit de gemeenteraad Leiden vragen gesteld over de betaalbaarheid van het collec eve grootschalige warmtenet in Leiden. In het antwoord van de verantwoordelijke wethouder staat dat het tekort in Leiden gemiddeld 7.000 euro per woning zou zijn.

Dit kan deels worden opgelost met subsidies en de rest moeten bewoners/eigenaren zelf investeren of de gemeente kan ervoor kiezen om de resterende kosten geheel of gedeeltelijk te vergoeden. De gemeente Leiden lijkt veel te op mis sch over de kosten van een grootschalig collec ef warmtenet. Waarom zou het in Leiden, op een veel grotere afstand van Ro erdam, goedkoper zijn dan in Den Haag? Bronnen en CO2-uitstoot Bij hoge temperatuur warmtenetten worden afvalverbranding, verbranden van biomassa, bruinkool, steenkool en gas als bronnen voor het produceren van warm water gebruikt. Het Programma Bureau

7 voor de Leefomgeving (PBL) publiceert elk jaar een lijst met emissiefactoren en de daaraan gerelateerde CO2-uitstoot. https://www.co2emissiefactoren.nl/lijst-emissiefactoren/ De lijst CO2-emissiefactoren is per categorie of als totale lijst te bekijken. De lijst CO2-emissiefactoren is zelf geen instrument om CO2-uitstoot te berekenen, maar heeft als doel eenduidige basiscijfers te leveren voor CO2-instrumenten. Bij Instrumenten is een overzicht van rekentools te vinden, die gebruik maken van de lijst CO2-emissiefactoren. Hiermee kan eenvoudig de CO2-footprint van een organisatie of activiteit worden bepaald. In de onderstaande tabel is weergegeven:  Dat een woning met een gasverbruik van 1500 m3 per jaar (48 GJ) een CO2-uitstoot heeft van 2706 kg.  Dat een woning aangesloten op een hoge temperatuur warmtenet met een vergelijkbaar jaarverbruik van 51 GJ een CO2-uitstoot heeft van 7426 kg heeft (met inachtneming van de genoemde uitgangspunten).  In de kolom toelichting is voor elke emissiefactor de hoeveelheid CO2-uitstoot te zien per GJ warmte. Tabel: Berekening CO2-uitstoot1 Verwarming woning zelf Aardgas verbruik woning (m3/jr)

1500

Omrekening m3 naar GJ

31,65

Jaarverbruik in GJ

47,48

CO2-Uitstoot

Aangesloten op warmtenet

CO2-uitstoot zonder vrijstelling

CO2-uitstoot met vrijstelling Toelichting

2706

Jaarverbruik in GJ

76,56

38% verlies ingecalculeerd

Basislast (afval in GJ)

25,53

2665

2665

104,4 (kg/GJ)

Basislast (Olieraffinaderij in GJ)

25,53

1851

0

72,5 (kg/GJ)

Pieklast in aardgas

25,53

1455

1455

57 (KG/GJ)

Totaal Totaal

3303 2706

7426

4120

Uitgangspunten - Basislast / pieklast: 2/3 en 1/3 - Warmteverliezen: warmtenet 30% lokaal, 6% WarmtelinQ+, 2% verpompen en aanpassen temperatuur - Emissie conform overheidsnormen - Invoer warmte Rotterdam, oloeraffinaderij / Afvalverbranding: 50/50

Een paar opvallende feiten:  Verwarmen via een aansluiting op hoge temperatuur warmtenet leidt tot een factor 2-3 meer CO2-uitstoot dan verwarmen via een aansluiting op aardgas.  Dat is in lijn met de betreffende emissiefactoren en hun uitstoot per GJ. De bestaande stadsverwarming in Leiden zal in de zomer van 2027 overschakelen naar WarmtelinQ als toevoerleiding. In dat geval fungeert de afvalverbranding Rijnmond (AVR) als bron voor het produceren van warm water. Dit warme water heeft een transport temperatuur van 130 graden. In het Klimaatakkoord is afgesproken, dat de AVR een “schone” bron is met een CO2-uitstoot nul.

1

De nadelen van warmtenetten voor consumenten, Lenting Eureka & Advies , 21 december 2022

8 Een berekening van de fysieke werkelijkheid toont dat de CO2-uitstoot van de AVR 23.500 kg/jaar bedraagt. 2 De gasgestookte elektriciteitscentrale van Uniper aan de Langegracht is de huidige bron voor de stadsverwarming. De Unipercentrale hee een CO2-uitstoot van 8.400 kg/jaar.3 Daarbij geldt dat gas de laagste CO2-uitstoot hee van alle mogelijke fossiele brandstoffen. Dit leidt er toe dat de stadsverwarming in Leiden vanaf de zomer van 2027 een factor 2-3 meer CO2-uitstoot zal hebben dan de huidige situatie met de Unipercentrale als bron. In plaats van beter voor het klimaat wordt dit slechter voor het klimaat. N.B.1: Op dit moment wordt al een kwart van het verbrande afval geïmporteerd vanuit Engeland. De duidelijke tendens van het produceren van minder afval in Nederland zal leiden tot nog grotere importvolumes als de capaciteit van de afvalverbranding leidend is. N.B.2: In bovenstaande berekeningen is geen rekening gehouden met het het feit dat het produceren van de materialen en de feitelijke aanleg van WarmtelinQ en WarmtelinQ+ ook leiden tot CO2-uitstoot.

Huidige situa e in het Houtkwar er: aanslui ngen op gas Een nieuwe gasaanslui ng aanleggen mag al enkele jaren niet meer. Netbeheerders rekenen 700 – 800 euro voor het verwijderen van een gasaanslui ng. Het is niet al jd duidelijk of burgers deze kosten daadwerkelijk moeten betalen. Een bewoner van Enschede hee via een gerechtelijke uitspraak zijn meter zonder kosten laten verzegelen. Kosten gasgebruik Op basis van de ingevulde dossiers en veel gesprekken zijn de volgende observa es gemaakt voor het Houtkwar er:  Nieuwbouw appartementen gebruiken 300 – 500 m3 gas per jaar  Nieuwbouw woningen gebruiken 800 – 1000 m3 gas per jaar  Oude (monumentale) woningen gebruiken 3500 – 4000 m3 gas per jaar Tarief: 1,32 euro per m3 Vaste leveringskosten: 7,10 euro per maand Netbeheerkosten: 20,93 euro per maand Volgens TNO is de CO2-uitstoot van een CV ketel 2900 kg per jaar. Dit is gebaseerd op een gemiddeld stookgedrag en bij de huidige grijze stroommix. Dit getal is wat hoger dan in de eerder getoonde tabel.

Toekomstige situatie: Individuele oplossing Woningen kunnen ook individueel van het gas af gaan. Bij de individuele oplossingen gaat het vaak om lage temperatuur warmte. Een warmtepomp is dan meestal de bron voor het leveren van de warmte. Dit is een alternatief voor een warmtenet. Bij een warmtepomp verwarm je je woning dan in feite op basis van elektriciteit en wordt het voordeel van de COP (= Coëfficiënt Of Performance) benut. 2 3

20220612 CO2 Berekeningen Energietransitie Leiden en WarmtelinQ versie 3.1. 20220612 CO2 Berekeningen Energietransitie Leiden en WarmtelinQ versie 3.1.

9

De meest gebruikte bron voor een warmtepomp is warmte uit de buitenlucht. Dit een zogenaamde lucht-water warmtepomp. Er bestaan veel meer mogelijke bronnen b.v. bodemwarmte uit de grond of PVT-zonnepanelen op basis van water-water warmtepompen. Kleine appartementen kunnen ook verwarmen met infraroodpanelen en in sommige gevallen ook met een airconditioner. De kosten zijn sterk situatie afhankelijk. Hoe groot de warmtebehoefte is, is o.a. afhankelijk van de status van uw woning, de mate van isolatie en het gewenste comfort. Meer info over de kosten en besparingen kan worden gevonden via de volgende link. h ps://www.eigenhuis.nl/verduurzamen/maatregelen/duurzaam-verwarmen/warmtepomp/kostenbesparing-warmtepomp Op basis van de ingevulde dossiers en veel gesprekken zijn de volgende observa es gemaakt (zie bijlage 1 de achtergronden van deze observa es):  Een groot deel van de invullers hee moeite met het invullen van de toekoms ge situa e.  Adressen, die en een elektrische auto en een warmtepomp hebben, gaan 4-5 keer meer elektriciteit gebruiken dan in de huidige situa e.  De meeste adressen met zonnepanelen produceren veel meer stroom dan ze zelf gebruiken. De CO2-uitstoot van een warmtepomp is 986 kg per jaar i.p.v. een CV-ketel met een CO2-uitstoot van 2900 kg per jaar. Vaak wordt gedacht dat een warmtepomp geen CO2 uitstoot.

Dat is correct wanneer naar het elektriciteitsgebruik wordt gekeken en er sprake is van schone bronnen. De productie van warmtepompen en windmolens vereisen materialen en energie wat leidt tot een zekere CO2-uitstoot en andere milieubelastingen. Hierbij is wel sprake van voortdurende innovaties en worden er steeds betere warmtepompen ontwikkeld. We elijke ontwikkelingen warmtepompen  Als je CV-ketel vervangen moet worden dan mag dat vanaf 2026 alleen door een hybride oplossing (= is een combina e van een warmtepomp met een CV-ketel) of een volledige elektrische oplossing. Er is een aantal uitzonderingen gedefinieerd waarbij je nog wel een CVketel mag vervangen door een CV-ketel. Deze spelregels zijn nog niet defini ef vastgelegd in een wet. N.B.: In het regeerakoord van 15 mei 2024 staat dat de verplich ng om een (hybride) warmtepomp te installeren bij vervanging van een gasgestookte cv-ketel per 2026 komt te vervallen. Hoe effec ef die laatste maatregel is, moet blijken. De Europese Commissie hee afgelopen jaar een update aangekondigd van de zogenoemde ecodesign-regeling, die minimumeisen stelt aan de energieefficiën e van verwarmingstoestellen. Als het aan de Commissie ligt mogen er vanaf 2029 in de EU geen gasgestookte cv-ketels meer verkocht of geproduceerd worden.  Vanaf 2027 mogen alleen nog warmtepompen met propaan als koelmiddel worden verkocht.

Dit gee significant minder milieubelas ng dan de tradi onele warmtepompen met een ander koelmiddel.  Vanaf 2032 zijn de huidige warmtepompen verboden. Dan moeten ze allemaal propaan als koelmiddel gebruiken.

10

Bijlage 1: Lage temperatuur warmtenet in Houtkwartier, Leiden Binnen de wijk Houtkwartier in Leiden wordt een modern lage temperatuur energienet ontwikkeld. De geleverde temperatuur heeft dan een lagere temperatuur dan de traditionele hoge temperatuur warmtenetten. In een situatie met een lage temperatuur warmtenet hebben woningen meestal bepaalde eigen voorzieningen nodig zoals b.v. voor tapwater en water in de badkamer. Het kan ook gaan om lage temperatuur radiatoren en/of isolatie. Via het lage temperatuur netwerk kunnen woningen ook worden gekoeld. Lage temperatuur warmtenetten hebben veel voordelen ten opzichte van de traditionele hoge temperatuur warmtenetten. De totale kosten van het lage temperatuur warmtenet en alle bijbehorende voorzieningen zijn in het algemeen lager dan bij hoge temperatuur warmtenetten. De temperatuur van het aangevoerde water is relatief laag. De warmteverliezen tijdens het transport naar de afnemer zijn veel lager. De bron van de energie ligt dicht bij de afnemers. De transportafstanden zijn daardoor klein. Een ander voordeel van lage temperatuur warmtene en is dat alle lokale warmtebronnen kunnen worden gebruikt. Een belangrijke bron voor ons eigen energienet is de WKO op het terrein van Alrijne. Een WKO is een ondergrondse warmte/koude opslag, waaruit warmte en koude wordt gewonnen.

Op het energienet kunnen ook andere bronnen worden aangesloten zoals andere WKO’s, Aquathermie (warmte uit water van de Poelwetering), restwarmte van Alrijne (koelen opera ekamers), PVT-zonnepanelen, bodemwarmte, riolering, restwarmte uit ven la e van b.v. de sporthal of de scholen etc.. Het zal op den duur ook mogelijk zijn om zonnewarmte uit zonnecollectoren te integreren. Overtollige elektriciteit van zonnepanelen omze en in warmte en opslaan is een andere mogelijke toepassing bij lage temperatuur verwarming. Sommige woningen en gebouwen hebben voor verwarming warmte van een hogere temperatuur nodig. Dan dient een warmtepomp te worden geïnstalleerd om de temperatuur van de warmte omhoog te brengen. Dat is efficiënter dan bij een traditionele lucht/water warmtepomp. Als het heel koud is, is de lucht ook heel koud. Een traditionele lucht/water warmtepomp moet dan heel hard werken om tot de gewenste temperatuur te komen en wordt hierdoor inefficIënt. Een warmtepomp, die het lage temperatuur warmtenet als bron heeft, vertrekt van de constante temperatuur van die warmtebron (b.v. 30 graden). Er is dan relatief weinig elektriciteit nodig om op het gewenste temperatuurniveau te komen. Naast warm water om te verwarmen is in de keuken en de badkamer warm water van tenminste 60 graden nodig. Dit moet apart worden geregeld b.v. met een elektrisch boiler of een elektrische doorstromer.

Het Houtkwartier heeft een heterogene bebouwing. De oudste woning is van 1875 en de nieuwste is van 2024. Er is sprake van een 12-tal schoollokaties, 10 kinderdagverblijven, een ziekenhuis, een sporthal en een gezondheidscentrum. Een woningcorporatie is het enige element, dat in de wijk ontbreekt. Status ontwikkelingen wijk Houtkwar er (6 feb 2024) Alrijne hee van de provincie een vergunning gekregen om in Leiden een WKO-installa e (Warmte, Koude en Opslag) te realiseren. Dit betekent o.a. de aanleg van 2 boorgaten tot een diepte van 80 – 90 meter. Het ene boorgat is om warm bodemwater op te pompen en het andere om het retour-

11 water weer terug de grond in te pompen. Er wordt gewerkt aan het verdere ontwerp en de benodigde offertes. Het plan is om de WKO-installa e nog dit jaar aan te leggen. Eind van dit jaar zou het moeten werken voor het Alrijne ziekenhuis incl. de vleugel met 84 appartementen waar nu de Oekraïners zijn gehuisvest. Het WKO-systeem zal daarna stap voor stap (modulair) worden uitgebreid naar de rest van de wijk. Dat betekent, dat we steeds opnieuw bekijken wat de volgende stap is. In principe zullen we daarna beginnen met delen van de wijk, die het dichtst bij Alrijne liggen. Naar verwach ng zal over 5-7 jaar de complete wijk zijn aangesloten. Met deze manier van werken kunnen we de risico’s beheersen en is het ook mogelijk om nieuwe ontwikkelingen in te passen. We volgen een andere werkwijze dan de gemeente met prioriteiten voor het collec eve grootschalige warmtenet. Bij de gemeente gaat het alleen om warmte en het betreffende wijkplan ligt vast voor een periode van 8 jaar. De basistemperatuur voor ons wijkenergienet is 30 graden. Dan hebben we het over een lage temperatuur energienet. Dat hee verschillende belangrijke voordelen. Voor woningen en gebouwen van na 2000 is dit voldoende om die woningen en gebouwen te verwarmen. Deze woningen hebben alleen een extra voorziening nodig voor warm tapwater in de keuken en de badkamer. We hebben echter ook veel oude woningen en gebouwen.

Daarom maken we voor de aanslui ngen tenminste een tweedeling:  Nieuwbouw (van na 2000) 30 graden aanslui ng (geen extra warmtepomp nodig, wel een voorziening voor warm tapwater).  Oudere woningen hebben ook een voorziening nodig voor ruimteverwarming voor een 50 graden aanslui ng (propaan warmtepomp) en echt oude woningen, die niet goed geïsoleerd kunnen worden / zijn ,ook met een propaan warmtepomp, voor een 70-80 graden aanslui ng. De extra kosten van een aanslui ng zijn in belangrijke mate a ankelijk van de situa e. Door woningen en/of gebouwen te combineren kan op de betreffende kosten worden bespaard. Vragen:  Wat is de rol van Alrijne? o Alrijne hee op de andere loca es al eerder een WKO aangelegd. Alrijne hee besloten om ook voor de loca e in het Houtkwar er een WKO aan te leggen en die ook beschikbaar te stellen voor de wijk. Alrijne zorgt daarbij voor het ontwerp, de ontwikkeling en het technisch beheer.  Hoe lang zal Alrijne een ves ging van het ziekenhuis hebben in het Houtkwar er? o De Raad van Bestuur hee besloten dat deze ves ging nog tenminste 20 jaar zal bestaan. De Raad van Bestuur hee besloten om in deze ves ging te investeren.  Kunnen de Raadsherenbuurt en de Vogelwijk ook meedoen? o Ja, de inten e bestaat om de energiene en van de verschillende wijken met elkaar te verbinden. Op die manier kan je elkaars back-up zijn.

In het ontwerp moet daar wel rekening mee worden gehouden o Volgens het herziene wetsontwerp van de nieuwe warmtenet moeten wijken autonoom zijn en mag je ze niet met elkaar verbinden. Dit betekent dat elke wijk apart een back-up en een piek voorziening zou moeten realiseren. Dat leidt onnodig tot hoge kosten voor coöpera es. De betreffende bepaling zou geschrapt moeten worden.

12

Status en ervaringen met het invullen van het dossier binnen onze wijk Het dossier speelt een belangrijke rol bij het ontwerp en het vaststellen van de benodigde capaciteit van ons lage temperatuur energienetwerk Houtkwar er in combina e met individuele oplossingen. Inzicht in de verdeling tussen individuele of een collec eve oplossing is nodig. Het dossier is bedoeld om een goed inzicht krijgen in:  De huidige situa e: o De huidige energievoorziening o De getroffen energiebesparende maatregelen o De huidige gebruikcijfers  De toekoms ge situa e: o Een individuele of een collec eve oplossing o De toekoms ge energievoorziening  Belangrijk om te weten of er plannen zijn voor aanschaf van een warmtepomp en/of een elektrische auto. o Verdere energiebesparende maatregelen o Scha ng toekoms ge gebruikcijfers In onze wijk hebben we 1080 adressen.

Op basis van de ingevulde dossiers en veel gesprekken zijn de volgende observa es gemaakt:  2/3 van de adressen wil meedoen met het wijk-energienet  Een groot deel van de invullers hee moeite met het invullen van de toekoms ge situa e  Adressen, die en een elektrische auto en een warmtepomp hebben, gaan 4-5 keer meer elektriciteit gebruiken dan in de huidige situa e  Nieuwbouw appartementen gebruiken 300 – 500 m3 gas per jaar  Nieuwbouw woningen gebruiken 800 – 1000 m3 gas per jaar  Oude (monumentale) woningen gebruiken 3500 – 4000 m3 gas per jaar  De meeste adressen met zonnepanelen produceren veel meer stroom dan ze zelf gebruiken Voor de meeste mensen is het bijzonder moeilijk om de toekoms ge situa e in te vullen. Ze hebben al helemaal geen idee van de toekoms ge gebruikcijfers. Om de toekoms ge situa e te kunnen bepalen is het volgende belangrijk:  Vul de huidige situa e volledig in  Voor de toekoms ge situa e: o Wil je individueel of collec ef? o Zal je in de toekomst een warmtepomp en/of een elektrische auto hebben?  Geef aan wat je vooral niet wilt. Op basis van deze informa e kunnen we dan als stuurgroep een scha ng maken van het toekoms ge gebruik. In onze wijk is een 10-tal gebouwen aangesloten op de huidige stadsverwarming. We hebben de eigenaren schri elijk gevraagd of ze interesse hebben om eventueel over te stappen op ons eigen moderne energienet.

We willen ook graag de contractuele situa e kennen. Er zijn tot nu toe 9 reac es:  2 gebouwen hebben een jaarlijks doorlopend contract, dat kan worden opgezegd. Zij hebben interesse. Het gaat om 86 eenheden.  2 appartementencomplexen hebben interesse. Dit gaat om een 90-tal eenheden.  1 gebouw hee een contract, dat nog tot 2034 doorloopt.  Voor 1 appartementencomplex hebben we nog geen reac e ontvangen (44 eenheden)

13 

Eén eigenaar hee aangegeven, dat de 4 appartementencomplexen net allemaal een nieuwe aanslui ng hebben op de huidige stadsverwarming. Het gaat om 442 eenheden. Er is geen behoe e om dat te veranderen.

14

Bijlage 2: Vergelijking lage temperatuur energienet Houtkwar er met een collec ef grootschalig hoge temperatuur warmtenet Er is een vergelijking gemaakt tussen een eigen energienet (warmte, koeling en opslag) en een collec ef grootschalig hoge temperatuur netwerk (alleen warmte). Dit is bedoeld om de vergelijking met cijfers en feiten te illustreren. Het resultaat is samengevat in de figuur op de volgende bladzijde. Resultaat vergelijking We hebben gekeken naar de aspecten kosten/tarief, het klimaat, de mogelijkheden/func onaliteiten en het beheer en organisa e. Met meer func onaliteit betaal je bij aanslui ng op een eigen energienet significant minder dan bij een aanslui ng op een collec ef grootschalig warmtenet. Een eigen lage temperatuur energienet is beter voor het klimaat. Je bent lid van een coöpera e en mede-eigenaar versus een warmtebedrijf als Va enfall, dat bepaalt wat er gebeurt. De (voorlopige) kosten/tarieven zijn bepaald op basis van hetgeen nu bekend is. Ze geven een goede indica e. Je moet ze in de loop der jd steeds opnieuw uitrekenen. Dat doe je steeds op een moment dat je beter zicht hebt in wat er nodig is. Het is een kwes e van welke en hoeveel materialen er nodig zijn, wat de tarieven zijn, hoe lang de WKO-installa e en het netwerk mee gaan, de financiering en rentekosten.

Verder is het van belang om een goed inzicht te hebben in hoeveel adressen mee willen doen met ons eigen energienet. Als iedereen mee zou doen gaat het om 1080 aanslui ngen. Voor een ander scenario is gerekend met 352 adressen. Iedereen kan en mag meedoen met ons eigen lage temperatuur energienet!!!. Het is echter niet realis sch om te denken, dat iedereen zal meedoen. Dan is het wel de vraag hoeveel adressen minimaal zouden moeten meedoen om op acceptabele kosten / tarieven uit te komen. Ook met 352 adressen zijn we goedkoper uit dan met een aanslui ng op een collec ef grootschalig warmtenet Bij een eigen energienet moet ook rekening worden gehouden met de kosten van het electriciteitsgebruik wanneer bij de aanslui ng een warmtepomp nodig is. In bijlage 1 is dit al beschreven.

15

U ziet, dat de kosten van ons eigen energienet belangrijk lager zijn dan de kosten van het collec eve hoge temperatuur warmtenet De genoemde bedragen zijn excl. subsidies. De kosten, die aan u in rekening worden gebracht bestaan uit de volgende posten De vaste kosten voor de warmte, koeling en opslag zijn voor iedereen hetzelfde!! Het bovenstaande overzicht gaat over de kosten van ons eigen lage temperatuur energienetwerk. We gaan er vanuit dat de kapitaalkosten + een garan e kunnen worden geleend en worden terugbetaald over een periode van 30 jaar. De verschillende kosten elementen voor het basis systeem zijn:  Het WKO-systeem.  De transportleidingen voor het lage temperatuur energienetwerk.  Twee pompen voor het rondpompen van het warme water. Deze kosten worden verdeeld over het aantal aanslui ngen. De vaste kosten bedragen (deze kosten zullen in de loop der jd veranderen):  424 euro per jaar voor 1080 aanslui ngen.  751 euro per jaar voor 352 aanslui ngen. Aansluitkosten Zoals eerder beschreven zijn de aansluitkosten a ankelijk van de situa e. Bij de aansluitkosten gaat het om:  De aanleg van een pijp van het distribu enet naar de aanslui ng op uw huisinstalla e.  De installa e van een warmtewisselaar om warmte tussen ons eigen energienet en uw huisinstalla e te kunnen uitwisselen.

16 

De kosten voor een individuele warmtepomp om de temperatuur van het warme water omhoog te brengen. Het toepassen van een warmtepomp leidt tot een toename van het elektriciteitsgebruik en dus tot een hogere elektriciteitsrekening. Zoals eerder beschreven verwachten we dat de toename van het elektriciteitsgebruik beperkt is.

De arbeidskosten voor het aansluiten van een woning/gebouw en een eventueel benodigde warmtepomp zijn 2.000 – 3.000 euro. We gaan er vanuit dat de arbeidskosten voor het aansluiten van een woning/gebouw wordt gesubsidieerd. Dat is in elk geval de huidige situa e Voor woningen en gebouwen van na 2000 is het lage temperatuur energienet voldoende om die woningen en gebouwen te verwarmen. We hebben in het Houtkwar er echter ook veel oude woningen en gebouwen. Daarom maken we voor de aanslui ngen tenminste een tweedeling:  Nieuwbouw (van na 2000) 30 graden aanslui ng (geen warmtepomp nodig).  Oudere woningen met een 50 graden aanslui ng (propaan warmtepomp) en echt oude woningen, ook met een propaan warmtepomp, met een 70-80 graden aanslui ng. De kosten van een aanslui ng zijn in belangrijke mate a ankelijk van de situa e. Door woningen en/of gebouwen te combineren kan op de betreffende kosten worden bespaard. Een propaan warmtepomp kost 8.000 – 10.000 euro per stuk a ankelijk van de benodigde capaciteit. Via de gezamenlijke inkoop van de warmtepompen kunnen we een belangrijke kor ng bedingen. Het is de bedoeling het geld voor de benodigde warmtepompen te lenen en terug te betalen over een periode van b.v. 15 jaar. De eigenaar van een woning/gebouw, die een warmtepomp nodig hee , betaalt dan ca. 800 euro per jaar. De kosten van een warmtewisselaar bedragen 145 euro per jaar.

N.B.: Er is geen CV-ketel meer nodig. Het onderhoud van de CV-ketel vervalt. De eventueel benodigde warmtepomp zal wel onderhoud nodig hebben. De variabele kosten Er zijn geen variabele kosten verschuldigd voor het gebruik van warmte, koeling en de opslag De variabele kosten bedragen:  0 euro per jaar (we hoeven alleen maar warm water rond te pompen) Kosten warm water in keuken en badkamer De kosten om in de keuken en de badkamer warm water van tenminste 60 graden te hebben, zijn situa e a ankelijk. Bij woningen en gebouwen met een hoge temperatuur aanslui ng (60 graden en meer) leidt dit niet tot extra kosten. Bij een lage temperatuur aanslui ng (kleiner dan 60 graden) is een 10 liter keukenboiler en een doorstroom boiler nodig voor warm water in de badkamer. Inclusief installa ekosten gaat het om een bedrag van 600 euro (= ~40 euro per jaar) Verschillende kosten tabellen In de volgende 4 tabellen zijn voor verschillende situa es en keuzes de daaraan gerelateerde kosten weergegeven. De eerst twee tabellen betreffen het eigen energienet van het Houtkwar er. De laatste twee tabellen zijn gerelateerd aan aanslui ngen op de stadsverwarming.

17

Tabel met verwachte kosten in euro per jaar versus warmtebehoe e (1080 aanslui ngen energienet Houtkwar er) Warmte, koeling en opslag Vaste Aansluitkosten Variabele Warm water Totaal per jaar kosten kosten kosten Investering Arbeidskosten, Geen Keukenboiler in aanleg aanslui ng, kosten Doorstroomboiler eigen warmtepomp en energienet; warmtewisselaar lening met rente 6% en aflossing in 30 jaar 30 graden 424 0+0+145 =145 0 40 609 50 graden 424 0+800+145=945 0 40 1409 70-80 graden 424 0+800+145=945 0 0 1409 Tabel met verwachte kosten in euro per jaar versus warmtebehoe e (352 aanslui ngen energienet Houtkwar er) Warmte, koeling en opslag Vaste Aansluitkosten Variabele Warm water Totaal per jaar kosten kosten kosten Investering Arbeidskosten, Geen Keukenboiler in aanleg aanslui ng, kosten Doorstroomboiler eigen warmtepomp en energienet; warmtewisselaar lening met rente 6% en aflossing in 30 jaar 30 graden 751 0+0+145 =145 0 40 936 50 graden 751 0+800+145=945 0 40 1736 70-80 graden 751 0+800+145=945 0 0 1736

18

Tabel met verwachte kosten in euro per jaar versus warmtebehoe e (aanslui ngen op stadsverwarming) Alleen warmte Iedereen hee een gemiddeld gebruik en daarom zijn variabele kosten voor iedereen hetzelfde Berekend op basis van spelregels in nieuwe Wet Collec eve Warmtevoorziening (kostprijs+) Vaste kosten zijn excl. kosten van piek- en back-up centrale en de distribu ene en Vaste kosten Aansluitkosten Variabele Warm water Totaal per jaar (indica e) kosten kosten Belangrijk Indica e van 5250 euro Gebruik Zie variabele deel vaste kosten voor aansluitkosten van kosten kosten aanleg basis voor aanslui ng, warmte ontbreekt!!! infrastructuur warmtewisselaar en warm van 20.000 en water euro per warmtemeter; aanslui ng lening met rente minus 6% terugbetalen aansluitkosten over 15 jaar lening 6% Arbeidskosten rente en niet terugbetalen meegerekend in 30 jaar 30 graden 900 540 1040 0 2480 50 graden 900 540 1040 0 2480 70-80 gradem 900 540 1040 0 2480 Tabel met verwachte kosten in euro per jaar versus warmtebehoe e (aanslui ngen op bestaande stadsverwarming) Alleen warmte Volgens huidige tarieven van de overheid (=Autoriteit Consument en Markt) Aansluitkosten van 5.250 euro worden terugbetaald in 15 jaar Vaste Aansluitkosten Variabele Warm water Totaal per jaar kosten kosten kosten Verwarming 5250; lening Gebruik Zie variabele Warm met rente 6% van kosten kraanwater terugbetalen warmte

Mee arief over 15 jaar en warm Arbeidskosten water niet meegerekend 30 graden 796 540 1040 0 2536 50 graden 796 540 1040 0 2536 70-80 gradem 796 540 1040 0 2536 . Met vriendelijke groet,

vz wijkvereniging Houtkwartier

19

Bijlage 3: Uitgangspunten voor opstellen Startnotitie Merenwijk-laag Inleiding Voor het opstellen van de Startnotitie Merenwijk-laag is het noodzakelijk uitgangspunten vast te stellen. Een succesvolle energietransitie vergt een integrale aanpak. Onderstaande uitgangspunten moeten dan ook in hun onderlinge samenhang worden bezien. Het weghalen van één van deze hoekstenen tast het hele gebouw aan. Uitgangspunten 1. De energietransitie is een uitdaging van ongekende weerga. De keuzes en uitvoering zijn complex en tijdrovend. In 2050 zal de vraag naar energie volledig door schone energie zijn beantwoord. Bij schone energie komt bij het opwekken ervan geen CO2 vrij in zowel directe als indirecte zin. De hoeveelheid schone energie voor de bewoner is direct afhankelijk van de beschikbare opwekkings- en transportcapaciteit. Besparen van energie en het uitbreiden van opslagcapaciteit hebben vergelijkbare prioriteit. Bij de energietransitie gaat het naast warmte ook om koeling en energieopslag. In de gebouwde omgeving is de transitie alleen succesvol als bewoners er direct bij betrokken zijn en wanneer zij bij de besluitvorming een doorslaggevende stem hebben. Daarvoor moeten betrouwbare en verifieerbare gegevens beschikbaar zijn. 2. Bewoners krijgen een gelijke behandeling.

Vanwege beperkingen van de lokale infrastructuur en beschikbare voorzieningen in Leiden zal per buurt of stadsdeel mogelijk op een andere wijze vorm en inhoud moeten worden gegeven aan de energietransitie. Zo is bijvoorbeeld bekend dat met de capaciteit van de WarmtelinQ slechts 30% van de gebouwde omgeving in Leiden kan worden aangesloten. Ook de doorslaggevende stem van bewoners leidt tot verschillende keuzes. De diverse keuzemogelijkheden die bewoners worden aangeboden, ontvangen vergelijkbare steun van de betrokken overheden. 3. De startnotitie voor het Wijkuitvoeringsplan Merenwijk-laag wordt opgesteld door de werkgroep Energietransitie Merenwijk-laag. De gemeente, DEM en Tegengas zijn permanente leden. De definitieve versie van de startnotitie wordt pas opgesteld als het advies van de agenda-leden - de drie woningcorporaties en Liander - en het advies van de Bewonersklankbordgroep is ontvangen. Ook worden mogelijkheden tot samenwerking bezien met de opstellers van de twee overige startnotities in de Merenwijk. De vastgestelde Startnotitie Merenwijk-laag wordt ter akkoord aangeboden aan het college van B&W en ter informatie aan de gemeenteraad gestuurd. 4. Het Wijkuitvoeringsplan gaat uit van een geïntegreerde aanpak van warmte, koeling, opslag en elektriciteit, en streeft naar een oplossing met een toekomstbestendigheid van tientallen jaren.

Bij de nodige investeringen worden alleen betaalbare, moderne technologieën toegepast. Dat zijn warmtenetten van de vijfde generatie. Tevens wordt rekening gehouden met de effecten van het beleid dat inzet op circulair denken en handelen. 5. De keuzes van bewoners in de Merenwijk zijn doorslaggevend in het Wijkuitvoeringsplan. Een zo breed mogelijk inventarisatie van keuzemogelijkheden is daarvoor de eerste stap. Die vloeien voort uit de resultaten van de wijk-brede enquête en voorstellen van de werkgroep. De resultaten van de enquête geven duidelijk inzicht in de huidige situatie, de reeds genomen maatregelen door bewoners en hun plannen om stapsgewijs over te schakelen op duurzame energie.

20

6. Als tweede stap zal een onderzoeksbureau de screening van deze mogelijkheden doen en specifiek letten op de toepassing hiervan in de Merenwijk. Bewoners krijgen de gelegenheid op basis van deze gegevens het aantal keuzemogelijkheden in te dikken tot maximaal zeven. Een variant waarin alle huizen aangesloten moeten worden op één collectieve voorziening is daarbij niet aan de orde. 7. Deze resterende mogelijkheden worden vervolgens gedetailleerd onderzocht door een extern bureau en intensief begeleid door de werkgroep. Daarin worden geen keuzes gemaakt. Wel wordt diepte onderzoek gedaan naar o.m. totale kosten voor de bewoner per keuze-optie, de verwachte CO2 reductie en de mogelijke toepassing van recente technologieën. Het niveau van dit onderzoek komt in de buurt van een plan van eisen voor het opstellen van offertes. Het rapport met deze gegevens wordt aan bewoners voorgelegd om hen in de gelegenheid te stellen verantwoorde keuzes te maken. Het keuzeproces wordt steeds gecombineerd met wijkbijeenkomsten waar de verschillende mogelijkheden gedetailleerd worden uiteengezet. Betaalbaarheid en haalbaarheid, op de korte- en langere-termijn, staat voorop. 8. De laatste fase van het keuzeproces vraagt nadere discussie.

Welke concrete vragen moeten worden gesteld is nog niet te zeggen en het vraagt nadere doordenking hoe in deze fase om te gaan met meerdere collectieve - denk aan warmtenet op afvalzuivering, warmte-koude-opslag netwerk, warmtenet op aquathermie - en meerdere individuele oplossingen. We denken dat een quorum van 33% zou kunnen werken. Als er één of meer collectieve oplossingen overblijven, wordt nagegaan in welke vorm dit wordt aangeboden. Bewoners kunnen kiezen voor een coöperatieve opzet of voor een aansluiting kiezen bij een warmtebedrijf dat voor minstens 50% publiek eigendom is. 9. De gemeente erkent de noodzaak van het beschikbaar zijn van collectieve voorzieningen voor individuele oplossingen, met name de levering van elektriciteit. Er worden afspraken gemaakt met Liander om dit handen en voeten te geven. Daarbij worden tevens het grote belang en de concrete mogelijkheden van particuliere- en buurtopslag van energie meegenomen. 10. Voor collectieve oplossingen wordt, voor zover als mogelijk, gebruik gemaakt van lokale en hernieuwbare duurzame bronnen waarbij opslag een essentiële voorwaarde is. Het overschot aan energie in de zomer en het tekort in de winter wordt op een slimme wijze opgeslagen en beheerd.

Verder wordt bij elk systeem aangetoond dat het betaalbaar is, dat de feitelijke CO2 uitstoot stapsgewijs wordt verminderd en uiteindelijk uiterlijk in 2050 op nul uitkomt. Voor elke collectieve oplossing komt eerlijke en volledige informatie tijdig beschikbaar voor bewoners. Er is geen verplichting tot aansluiting op collectieve systemen. 11. Voor individuele koeling, warmtepompen en elektrische verwarming is voldoende elektriciteit beschikbaar en in de overgangsperiode gas. De overschakeling naar schone energie is uiterlijk 2050 voltooid. Een exacte datum is nog niet te geven. Dat hangt van verschillende factoren af, zoals de technische levensduur van infrastructuur en hybride warmtepompen, de betaalbaarheid, technologische ontwikkelingen en de resultaten van nader onderzoek. De bestaande gasinfrastructuur blijft in stand zolang er perspectieven zijn op het gebruik van groen gas en waterstof. Dat houdt tevens de mogelijkheid open van groen gas en waterstof. Merenwijkers die kiezen voor een individuele oplossing zijn volledig vrij om stapsgewijs en weloverwogen een eigen pakket aan maatregelen te kiezen. Zo zijn de kosten voor hen overzichtelijk en is de financiering van die investeringen beheersbaar. 12. Een zorgvuldig onderzoeks- en participatieproces is leidend, niet een strakke planning.

Bij die voorbereiding hoort ook een inschatting van de risico’s en het opstellen van het bijbehorende risico-managementplan. De inschatting voor nu is dat er een afgerond Wijkuitvoeringsplan voor

21

Merenwijk-laag niet voor 2026 wordt vastgesteld. De keuzes voor de energietransitie zijn in het Wijkuitvoeringsplan opgenomen en worden aan het college en de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegd. (Duurzame Energie Merenwijk) (Tegengas Merenwijk)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duivenvoorde&id=d67db064-59fd-4797-aadb-66d6e096a6ec