Zienswijze Windproject Brielse Brug 10 GEANONIMISEERD
Tekst van het document
Zienswijze Windproject Brielse Brug. Aan de gemeenteraad van de gemeente Voorne aan Zee Postbus 13 3220 AA Hellevoetsluis
Gemeente Hellevoetsluis In-gekomen d.d.
2 7 FEB 2024 18 februari 2024 Betreft: Zienswijze Windproject Brielse Brug. Geachte raad, Hierbij maken wij onze zienswijze kenbaar over het Windproject Brielse Brug. Het grootste pijnpunt van dit windproject betreft de totstandkoming en het onderzoek van dit project; het plaatsen van twee windturbines van 230-249 meter hoog in de omgeving van de N57 ter hoogte van de Brielse Brug. In deze zienswijze richten wij ons dan ook met name op de totstandkoming/onderzoek en geven wij aan wat er mis is met dit vooronderzoek en waarom het geen goed plan is om deze twee windturbines te plaatsen dichtbij de woonkernen van Rozenburg, Zwartewaal, Brielle en Vierpolders.
Aantasting van ons woonklimaat Wij zijn woonachtig in Vierpolders aan de Dorpsdijk, waar wij al ruim 20 jaar genieten van het vrije uitzicht aan de achterzijde van onze woning. Wij kijken uit op het grasland met daarachter een gedeelte van het bedrijventerrein Seggelant, het kruispunt van de N218 met de N57 en de N57 zelf. Met op de horizon de industrie en een ruim aantal windmolens. Het plaatsingsgebied van de windturbines van het Windproject Brielse Brug staan op zeer geringe afstand, van niet alleen onze woning (ongeveer 2 km), maar ook van een aanzienlijk aantal andere woningen. Er zijn woningen, die zelfs nog dichterbij het plaatsingsgebied liggen (ongeveer 750m !). Ook bevinden zich op nog geringer afstand een net gerealiseerd vakantiepark, een bedrijventerrein een scholengemeenschap, een basisschool in aanbouw, sportvelden en een zorgboerderij. Duidelijk zal zijn dat een aanzienlijk aantal van de omringende bewoners overlast zal ervaren, in de vorm van geluidhinder, slagschaduwhinder, lichtschittering. Aantasting van landschap, cultuurhistorie, natuur en oppervlaktewater, en tot slot zijn er ook effecten te verwachten op recreatie, toerisme en glastuinbouw. In onze zienswijze is onderstaand per vetgedrukt thema een aantal vragen opgenomen (genummerd en onderstreept).
Energietransitie / Lokale Toepassing Op zowel wereldwijd en Europees niveau worden begrijpelijk verschillende maatregelen genomen om af te stappen van de geëigende fossiele (eindige) energiebronnen en toe te groeien naar duurzame alternatieven. Dit streven gaat echter gepaard met een strategie die vaak voor de gewone burger totaal niet navolgbaar is. Als we ons beperken tot dit {lokale) project rijst de simpele vraag; voor welke doelgroep is de op te wekken duurzame energie nou precies bestemd? Ons is niet duidelijk in hoeverre de plaatsing van de (megalomane) objecten nu precies bijdraagt aan de duurzaamheidsdoelen van de gemeente Voorne aan Zee en ook niet waar de toekomstige op te wekken energie aan besteed gaat worden. Het bekende spreekwoord " Niet de lusten, wel de lasten" lijkt hier van toepassing.
1
1.) Is het mogelijk om duideliiker te specificeren in hoeverre de plaatsing bijdraagt aan de eventueel aanwezige lokale energie-doelen en in welke mate profiteren de direct omwonenden en uberhaupt geheel Voorne-Putten van de toekomstig opgewekte energie?
Aantasting van de horizon
Met de beoogde hoogte van de windturbines van 230 m zullen deze objecten de vierde plek innemen op de lijst van hoogste constructies van Nederland. (Bron:https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst van hoogste constructies van Nederland). In deze lijst staan op 1 de Gerbrandytoren (366m), op 2 Televisietoren Smilde (303), op 3 Haliade-X prototype windturbine op de Maasviakte (260m). Dit om aan te geven hoe buitenproportioneel hoog deze beoogde windeturbines zijn. Zonder overdrijving zal duidelijk zijn dat we hier van monsterlijke horizonvervuiling kunnen spreken. Pondera (initiatiefnemer) heeft hier zelfs een hele studie voor laten uitvoeren door OVSL (ADVIEZEN 21-08-2023 22. 4178-2023) met als eindconclusies dat de hoogte van deze twee windturbines het landschap beinvloedt. Zij beweren dat met mitigerende maatregelen het effect op het landschap valt te compenseren. Door het versterken van de groene buffer aan de noordzijde, dan wel de polderdijk te versterken. Bron: (Ruimtelijke onderbouwing 720135 biz. 40 figuur 4.13).
Deze mitigerende maatregelen zijn alleen van toepassing op het inkoopstation. De twee windturbines zijn nog steeds nadrukkelijk in het landschap aanwezig.
2.) Er is hier sprake van alleen een compensatie op het landschap van het inkoopstation. Wat zijn de compensaties/mitigerende maateregelen ten opzichte van het landschap voor de windturbines zelf?
Aanvullend heeft Feddes Olthof in opdracht van de gemeente onderzoek gedaan naar de hoogte van de windturbines met als uitkomst dat de hoogte de schaal van het landschap ontstijgen. En dat we als toeschouwer de werkelijke hoogte niet meer kunnen "lezen". Het maakt dan niet meer uit of ze 200250 meter hoog zijn. Dat klopt inderdaad, maar dit is vanaf de grond gezien (Bron https://pureenergie.nl/kennisbank/hoe-belangrijk-is-de-hoogte-van-een-windmolen/). Ook zullen deze windturbines op grote afstand nog te zien zijn. 3a.) Kunt u uitleggen waarom het wel belangrijk is dat deze windturbines in verhouding staan tot de andere al bestaande windturbines, maar niet tot andere objecten in de omgeving. Naar onze mening is die verhouding toch echt scheef (Briels Dorn is slechts 60 meter hoog). Als je als inwoner binnen de gemeente gaat bouwen of verbouwen is vaak daarvoor een omgevingsvergunning (toestemming) nodig omdat het invioed heeft op de omgeving. Met elkaar hebben we afspraken gemaakt over wat wel en niet mogelijk is. Veel daarvan staat in het omgevingsplan. De gemeente let er met de omgevingsvergunning op of uw aanvraag (initiatief) past in die afspraken. Ook kan de gemeente de aanvraag voorleggen aan de welstandscommissie. (Bron https://www.voorneaanzee.nl/omgevingsvergunning).
3b.) Kunt u ons uitleggen waarom er voor dit soort (particulieren) plannen vaak eisen worden gesteld (bijvoorbeeld hoogte van een te bouwen afscheiding, breedte van te plaatsen dakkapel) omdat dit het beeld van de bestaande bebouwing zou aantasten en het bouwen van deze windturbines die het landschap aanzienlijk zullen aantasten en waar veel meer inwoners last van zullen hebben niet aan de eisen van een welstandscommissie behoeven te voldoen?
2
Beschermd stadgezicht: Het gebruik van zonnepanelen op zichtbare plekken vanaf de openbare weg is in de binnenstad is over het algemeen verboden. Het zou het aanzien van de Brielse historische binnenstad te veel verstoren en is ook niet toegestaan omdat de Brielse vesting is aangewezen als beschermd stadsgezicht. In de Brielse binnenstad mogen straks waarschijniijktoch zonnepanelen komen, mits ze niet te veel opvallen.
Volgens het rapport van Pondera valt het gehele plangebied en de windturbines van Windproject Brielse Brug buiten deze beschermingsgebieden waardoor er geen afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden van het beschermd stads- en dorpsgezicht. Omdat de twee windturbines door de dichte bebouwing ook beperkt zichtbaar zijn voor personen vanuit de vesting van Brielle. Verder staat in dit rapport dat de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE) adviseert in zijn algemeenheid (dus niet specifiek voor de hier aanwezige beschermde stads- en dorpsgezichten) een afstand van 1.800 a 2.000 meter aan te houden tussen turbines en de grenzen van een beschermd gezicht. Maar dat dit niet specifiek geldt voor de hier aanwezige beschermde stads- en dorpsgezichten. 4.) Kunt u onderbouwen waarom zonnepanelen het beschermd stadgezicht wel zouden aantasten en deze beoogde windturbines niet? Kunt u tevens onderbouwen waarom er wordt afgeweken van de norm van het RCE. Dit is weliswaargeen voorgeschreven norm, maar wel een belangrijk aandachtpunt om als gemeenteraad mee te nemen.
Geluid In 2104231_4729572 Ontwerp Maaatwerkbesluit wordt nergens gesproken hoe de geluidnormering van 47 dB Lden en 41 dB Lnight tot stand zijn gekomen. Dit blijken ook nog eens gedateerde normen te zijn en de norm is ook niet gelijk aan de norm van windturbines Haringviietdam (rapport Peutz). 5.) Daarom het verzoek om in het ontwerp maatwerkbesluit uit te leggen waarom de normen gekozen zijn. De eigen, lokale milieunormen moeten een actuele, deugdelijke, op zichzelf staande en op de aan de orde zijnde situatie toegesneden motivering hebben. Bron https://www.helpdeskwindopland.nl/eigen+milieunormen/default.aspx
In 2104231_4729672 Ontwerp Maaatwerkbesluit staat dat de geluidbelasting is beoordeeld op basis van het door Pondera opgestelde rapport. Het akoestische rapport vormt de onderbouwing voor het plaatsen van windturbines. 6.) Bent u ervan bewust dat:
•
De aanvrager er belang bii heeft dat het akoestisch rapport aantoont dat er wordt voldaan aan de normstelling. De aanvrager beschikt over kennis en inzicht. De aanvrager de opsteller van het akoestisch rapport kan bei'nvloeden. De verifieerbaarheid van een dergeliik akoestisch onderzoek op voorhand door de VROMInspectie laag wordt ingeschat. (bron Rapportage HUF-beoordeling "wiiziging milieuregels windturbines").
Hinder en slaapverstoring zijn de belangrijkste klachten. Ook de visuele landschappelijke bezwaren (niet passend, rusteloosheid van draaiende wieken en schaduwen) scoren hoog. Op basis hiervan wordt ervoor gepleit de bezorgdheid bij de omwonenden weg te nemen 'door een eerlijke en open
3
'v
procedure met een betrouwbare en onpartijdige overheid waarin bewoners daadwerkelijk wat te zeggen hebben. En ook eerlijke en onpartijdige akoestische adviseurs die niet doen of hun neus bloedt, of kennis achterhouden'. Dit standpunt wordt herhaald in het RlVM-rapport 'Gezondheidseffecten van windturbinegeluid' (bron Ned Tijdschr Geneeskd. 2021;165:D5999)
7.) Bent u daarom net als wii van mening dat de basering van de geluidsbelasting op basis van de rapportage van Pondera erg fraude gevoelig is? En bent u daarom ook van mening dat de geluidsbelasting gebaseerd zou moeten zijn op een rapport dat door een onafhankelijk bureau is opgesteld die geen belangenverstrengeling heeft? Zo nee, waarom niet? 8.) Bent u er van bewust dat de geluidsnormen te weten 47 dB Lden en 41 dB Lnight jaargemiddelden zijn?
Volgens Herman Brdring, hoogleraar bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen, worden door de jaargemiddelden de 'lawaaipieken' gecamoufleerd. "Je kan een hoge geluidsbelasb'ng hebben en als het daarna een paar dagen windstil is, zit Je gemiddeld goed." HiJ vergelijkt het met een straat waar je 50 kilometer per uur mag rijden. "Als je dat met gemiddelden zou handhaven mag je eigenlijk 120 kilometer per uur rijden, als je de dagen erna maar 30 rijdt." De omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid bevestigt dit aan Zembla (b ro n: https://www.bnnvara.nl/zembla/artikelen/inspectie-burgers-onvoldoende-beschermd-tegengeluidsoverlast-windmolens "Het geluid mag dus op sommige momenten wat harder zijn, als het gemiddelde over een heel jaar maar binnen de norm blijft."
De Nederlandse Wind Energie Associate (NWEA), zegt hierover dat het klopt dat de Lden-systematiek werkt met een jaargemiddelde, in theorie zouden er dus hoge pieken en periodes van stiltes kunnen zijn. Maar in de praktijk produceren windmolens geen extreem hoge 'momentane' geluidspieken. Bij windturbines zullen in de praktijk die precies op de Lden47 contour liggen maximaal 45-46 dB(A kunnen 'veroorzaken'. https://www.nwea.nl/kb/reactie-op-twaalf-argumenten-om-de-nederlandsegeluidsnorm-voor-industriele-windturbines-aan-te-scherpen/ De NWEA is de branchevereniging van de windsector en bevordert de ontwikkeling van windenergie met het oog op een duurzame Nederlandse energievoorziening. (belangenverstrengeling!) Door een jaargemiddelde norm wordt niet alleen het maximale geluidniveau, maar ook het aantal keer dat deze 'piekhinder' kan optreden sterk beperkt. Dit komt doordat de hoogste geluidniveaus in sterke mate bijdragen aan het gemiddelde, zeker gedurende de nacht omdat het geluid dan extra zwaar wordt meegewogen. Bij windmolens is geen sprake van kortstondig luid piekgeluid zoals dat soms bij industriegeluid kan voorkomen. Bron: Antwoorden op Kamervragen over geluidsoverlast windmolens https://www.omgevingsweb.nl/beleid/antwoorden-op-kamervragen-overgeluidsoverlast-windmolens/.
Zowel de NWEA en de Kamer zeggen hier dat er geen piekgeluid kan voorkomen. Opmerkelijk dat voormalig minister Wiebes in 2020 nog wel spreekt van piekbelasting (zie verder in dit document). Uit verschillende akoestische rapporten blijkt dat er wel degelijk overschrijding optreedt van door de fabrikant opgegeven specificaties. Bron: akoestische onderzoeken van de windparken Spui, Ospeldijk, N33 (de Bromtoon) en de Rietvelden en Hooftplaatpolder. https://www.windwiki.nl/wpcontent/uploads/2023/ll/Akoestisch-onderzoek-windpark-De-Rietvelden-Den-Bosch.pdf. https://pure.rug.nl/ws/portalfiles/portal/14438871/NWU122.pdf Uit het akoestisch onderzoek van de Rietvelden is geconstateerd dat ter plaatse van drie onderzochte woningen een geluidbelasting van ten hoogste 49 dB Lden en 43 dB knight is opgetreden. Hiermee is
4
sprake van een overschrijding van de geluidgrenswaarden (Lden = 47 dB en Lnight - 41 dB) zoals opgenomen in het Activiteitenbesluit milieubeheer doch deze valt binnen de gehanteerde meet- en rekennauwkeurigheid van ± 2 dB. Het hoorbare geluid van industriele windturbines (IWT's) is anders dan verkeerslawaai: pulserend, zwiepend, zoevend, bonkend en beinvloed door de dampkring. De relatie tussen enerzijds de variabele windsnelheid, de hoek waaronder de wind de wieken treft, de hoogte van de mast en de geluidsproductie op diverse afstanden tot de mast is ingewikkeld. De windsnelheid varieert. Door 24uursverschillen in temperatuur van aarde en lucht ontstaan verticale luchtstromen en tussen luchtlagen bestaan windsnelheidsverschillen. Hoge IWT's vangen wind van andere en vaak hogere snelheden dan laag bij de grond. Het hoorbare lawaai van IWT's is's nachts hinderlijker dan overdag, omdat er's nachts minder omgevingslawaai is en de verstoring van het windturbinegeluid meer opvalt. 's Nachts waait het in hogere luchtlagen ook vaak harder dan op de grond, waardoor IWTlawaai sterker blijkt dan de fabrikant opgeeft. (Ned Tijdschr Geneeskd. 2021;165:D5999).
In Beantwoording Kamervragen over verbijstering van politic! overtotstandkoming van Windpark Spui in Piershil/Nieuw-Beijerland zegt oud-Minister Wiebes hier het volgende over: "De jaargemiddelde geluidbelasting wordt internationaal gebruikt als maat om de nadelige effecten van omgevingsgeluid in te schatten, zoals in het kader van de Europese richtlijn voor omgevingsgeluid en de WHO, en is ook internationaal de meest gebruikte maat voor het reguleren van windturbinegeluid." 9.) Kunt u beargumenteren waarom de WHO richtlijn voor jaargemiddelde geluidsbelasting wel landelijk wordt opgevolgd, maar waarom de richtlijn voor de norm van 45dB Lden niet wordt overgenomen?
Het is goed mogelijk dat de geluidpieken een bijdrage leveren aan de hinder, ongeacht de precieze geluidniveaus van deze pieken. Deze piekgeluiden zijn echter verdisconteerd in Lden. De jaargemiddelde dosismaat Lden is een goede voorspeller voor hinder en slaapverstoring.
Voor windpark Spui geldt dat na uitgebreide controles, dat het windturbinepark voldoet aan de geluidsnormen en ergeen aanleiding is tot handhaving. Desondanks worden omwonenden toch nog geconfronteerd met een hogere geluidsoverlast. 10.) Bent u net als wij van mening dat de gestelde geluidsnormen, gezien de piekbelastingen en de meetonnauwkeurigheid een norm is die onvoldoende bescherming biedt aan de direct omwonenden? En dat het daarom van wezenlijk belang is de kennis, dat er structureel overschrijding van de norm plaatsvindt, mee te nemen in het beleid, en een veilige marge in te bouwen? Zo nee, waarom niet? lla. ) En wat moet er gebeuren als geluidsnormen met piekbelasting wordt overschreden? Uit de onderzoeken van Pondera blijkt zelfs dat er mitigerende maatregelen getroffen moeten worden om te voldoen aan de (ruimere) grenswaarden van 47 dB Lden en 41 dB Lnight uit het Activiteitenbesluit. En dat er geen onderbouwing is welke maatregelen afdoende zijn, (rapport van Peutz). llb. ) Is er dan nog ruimte om bij structurele overschrijding van de norm mitigerende maatregelen te treffen?
Dat windturbines een ruis veroorzaken die heel wat mensen vervelend vinden, is na vele discussies en onderzoeken duidelijk. Het gebeurt soms dat een windturbine 66k een extra hinderlijke bromtoon
5
>•
of een fluitend geluid maakt dat binnen de geluidsnorm valt. Een dergelijk geluid wordt 'tonaal' geluid genoemd. Een tonaal geluid is voor omwonenden vervelender dan ruis. Het wordt namelijk waargenomen als 'janken, gieren, brommen of trillen'. Dit ontstaat dan ook als er lets niet klopt in de constructie van de windmolen en hoeft dus niet altijd te ontstaan. Tonaal geluid is aan de sinusvormige toon te herkennen op de geluidsmeter. Als het geluid niet luider is dan ruis, is het echter niet te meten, waardoor het handhaven ook moeilijk wordt. Gemeente Lingewaard heeft hier daarom een regeling voor. In de vergunningen die de gemeente verleend staat een voorschrift dat bij waargenomen tonaal geluid een toeslag van 0 tot 6 dB wordt gehanteerd. Hierdoor kan de geluidsnorm overschreden worden en is handhaven dus wel mogelijk. (bron https://geluidnieuws.nl/home/toeslaR-tonaal-Reluid-windturbines/ )
12.) Bent u net als wii van mening dat van belang is om net als gemeente Lingewaard een extra voorschrift op te nemen voor het hinderlijke tonale geluid om omwonenden te beschermen? Zo nee waarom niet?
Wat ook niet in het rapport van Pondera ter sprake komt is wat het cumulatie effect zou kunnen zijn van de geluidbelasting als de verbreding van de N57 gerealiseerd wordt. 13.) Daarom het verzoek om de Reluidshinder van eventuele verbreding van de N57 mee te nemen in het beleid. Kunt of wilt u niet aan dit verzoek doen, dan graag argumentatie waarom niet.
Bepaling aantal ernstig gehinderden uit rapport van Pondera
Om de effecten van Windproject Brielse Brug op de omgeving te bepalen is op basis van de dosiseffectrelatie uit het TNO-rapport (Hinder door geluid van windturbines, TNO, 2008-D-R1051/B) het aantal personen bepaald die naar verwachting ernstige hinder kan ervaren als gevolg van windturbinegeluid.
•
De onderzoeksgegevens uit dit TNO rapport dateren uit 2000, 2005 en 2007 (respectievelijk 24,19 en 17 jaar geleden).
•
De respondenten van de drie studies bevonden zich voor het grootse gedeelte in de 35-40 Lden klasse. In de Nederlandse studie waren ook relatief veel respondenten blootgesteld aan windturbinegeluid onder de 35 dB(A).
•
Twee studies uit dit TNO rapport waren uitgevoerd in vlakke landschappen en in een onderzoek woonde de helft van de respondenten van deze studie in heuvelachtig gebied, met gevolgen voor de zichtbaarheid van de windturbines en mogelijk ook voor een goede bepaling van de geluidbelasting. Hoewel er geen significante effecten werden gevonden van vlak versus complex landschap, is het mogelijk dat dergelijke landschapsverschillen toch een rol spelen bij de mate van hinder die men rapporteert.
•
In het Nederlandse onderzoek naar de geluidhinder door windturbines van 2007 komen veel locaties voor waar kleinere windturbines staan met lagere ashoogten. In het Nederlandse onderzoek uit 2007 is de Nordex N80, 2,5 MW met een ashoogte van 80 m de hoogste windmolen. Ter vergelijking, de windturbines van windpark Brielse Brug hebben een ashoogte van 149-167m.
14.) Bent u net als wij van mening dat het niet aanvaardbaar is dat Pondera de gegevens uit het rapport van TNO gebruikt om het aantal ernstig gehinderden te bepalen. Zo nee, waarom niet?
6
In de ruimtelijke onderbouwingen van Pondera wordt veel waarde gehecht aan het RIVM rapport "Gezondheidseffecten van windturbinegeluid". Amsterdamse artsen hebben in 2021 een raadsarrest ingediend, waarin wordt beschreven dat in de onderzoeken die het RIVM beoordeelt, de tiphoogte van turbines maximaal 120 meter bedraagt. Er zijn geen wetenschappelijke studies beschikbaar over de gezondheidseffecten van windturbines met een tiphoogte hoger dan 120 meter, die binnen 2000 meter van omwonenden staan met 42dB geluidsbelasting of hoger. De conclusies die Pondera trekt uit dit rapport zijn daarom niet van toepassing bij het windproject Brielse Brug. Eerder hebben arts/epidemioloog Dick BijI en wetenschapper Joris van Hoof de rapporten van het RIVM uit 2019 en 2020 beoordeeld op wetenschappelijke houdbaarheid en betrouwbaarheid. Beiden beoordeelden de wetenschappelijke kwaliteit als onvoldoende en als niet onafhankelijk vanwege belangenverstrengeling. (Bron wind wiki).
15.) Deelt u onze mening dat het op grond van het RlVM-rapport niet te verantwoorden is om de voorgenomen plannen om windturbines te plaatsen nabij woonwijken ten uitvoer te brengen? Zo nee, waarom niet?
In de rapportage schrijft Pondera dat in diverse onderzoeken is gevonden dat slaapverstoring en andere gezondheidseffecten van omwonenden van windparken gerelateerd kunnen zijn aan hinder, in plaats van directe blootstelling aan geluid van een windturbine. De gezondheidsklachten houden voornamelijk verband met een scala aan niet-akoestische factoren en minder met het feitelijke blootstellingsniveau. Voor andere gezondheidseffecten zoals hart- en vaatziekten, stofwisselingsstoornissen, mentale gezondheid en cognitieve effecten is niet voldoende bewijs gevonden.
Er zijn zeer veel wetenschappelijke onderzoeken gedaan naar windturbines en het effect daarvan op de gezondheid. Metvaakals belangrijke voorlopige bevindingen dat er mogelijk verbanden bestaan tussen blootstelling aan windturbines en gezondheidsaspecten, hoewel er geen duidelijke conclusies kunnen worden getrokken over de causaliteit. Vanwege de aard van de verkregen data en de slechte kwaliteit van het huidige bewijs. Toekomstige studies zouden een longitudinaal ontwerp moeten aannemen en zich moeten concentreren op objectieve metingen, ondersteund door gevalideerde subjectieve methoden zoals vragenlijsten. Dit is de eindconclusie van een recent overzichtsartikel van Godono A, et al Association between exposure to wind turbines and sleep disorders: A systematic review and metaanalysis. Int J Hyg Environ Health. 2023 Sep. doi: 0.1016/j.ijheh.2023.114273.
S. van Manen in Medisch Contact is van mening dat onderzoek naar de effecten van windturbines op omwonenden zich in de regel beperkt tot interviews en vragenlijsten, ook in Nederland. Mede hierdoor is het niet goed mogelijk om voldoende wetenschappelijke bewijskracht te verzamelen. Er wordt nauwelijks tot geen biomedisch onderzoek gedaan. Verder stelt het RIVM dat voor andere gezondheidseffecten, zoals slaapverstoring, slapeloosheid en hart- en vaatziekten, en mentale effecten er geen verband met geluid van windturbines is aangetoond. Dat kan betekenen dat er te weinig studies zijn, dat de kwaliteit van de studies waarin de relatie tussen geluid van windturbines en gezondheidsproblemen is onderzocht onvoldoende is, of dat de resultaten van de studies niet duidelijk samenhangen met geluid.
De eindconclusie van Gezondheidseffecten van windturbinegeluid Analyse van het RlVM-rapport 2020-0214 I. van der Kamp en G.P. van den Berg doi 10.21945/RIVM-2020-0214 opgesteld door dr. D. BijI, oud-huisarts, epidemioloog luidt: https://www.windwiki.nl/wpcontent/uploads/2021/ll/Gezondheidseffecten-van-windturbinegeluid-D.-Biil-2021.pdf
7
Dat de conclusies die het RIVM trekt op basis van hun literatuuronderzoek niet zijn gebaseerd op het beste wetenschappelijke bewijs. De gebruikte literatuur kent meer of minder ernstige tekortkomingen waardoor de conclusies in twijfel moeten worden getrokken. Op basis van slecht wetenschappelijk onderzoek kunnen geen harde conclusies worden getrokken met betrekking tot de gezondheidseffecten van windturbinegeluid op mensen. De conclusie dat er geen aanwijzingen zijn voor gezondheidseffecten van windturbinegeluid moet daarom worden verworpen. Er is dringend behoefte aan goed wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd door onafhankelijke onderzoekers die geen belang hebben bij de uitkomsten daarvan.
Het moge duidelijk zijn dat er op zijn minst wetenschappelijke onzekerheid bestaat rondom windturbines en gezondheidseffecten! Het is dan ook de hoogste tijd dat het voorzorgsbeginsel ook wordt toegepast bij de bouw van windturbines in de bewoonde omgeving.
16.) Op welke wijze denkt u invulling te geven aan uw verantwoordeliikheid als volksvertegenwoordiger om het voorzorgsbeginsel te hanteren en uw inwoners te beschermen tegen eerdergenoemde gezondheidsrisico's? Bent u, net als wij, van mening dat u pas tot uitvoering van de voorgenomen plannen kunt besluiten, als overtuigend is aangetoond dat deze geen gezondheidsrisico's opleveren en bovendien te alien tiide niet ten nadele van de omwonenden zullen uitpakken? Zo nee, waarom niet?
Opmerkelijk is dat in het onderzoeksrapport van Pondera met geen enkel woord gerept wordt over de effecten van windturbine geluid op de gezondheid van kinderen. Te meer omdat de beoogde windturbines op zeer korte afstand van een basisschool in aanbouw worden gebouwd.
Er is geen onderzoek beschikbaar naar effecten van windturbine geluid op gezondheid van kinderen. Voor andere geluidbronnen is beperkt onderzoek gedaan naar het effect van geluid op hinder/slaapverstoring/mentale gezondheid van kinderen. Voor vliegverkeer en wegverkeer is een relatie aangetoond van geluidniveau en leerprestatie (begrijpend lezen). (Bron https://www.rivm.nl/windenergie/windturbines-gezondheid/vragen-en-antwoordengezondheidseffecten-windturbines#toepasbaarheid) 17.) We vragen u opdracht te geven om gedegen, onafhankelijk onderzoek uit te laten voeren naar de specifieke gezondheidsrisico's met betrekking tot het Windproject Brielse Brug, voor windturbines van 230m en hoger, binnen 2000 meter van de woonkernen. En dan tevens in dit onderzoek het effect van windturbines op de gezondheid van kinderen mee te nemen.
8
Laag frequent geluid
In het rappport van Pondera staat dat et RIVM op verzoek van de GGD-en de invioed op de beleving en gezondheid van omwonenden door windturbines heeft onderzocht (2013). Hieruit voIgt dat windturbines weliswaar laagfrequent geluid produceren maar dat er geen bewijs bestaat dat dit een factor van belang is voor de hinderbeleving. Er is geen aparte beoordeling nodig boven op de bescherming die de zogenoemde A-gewogen normstelling op basis van dosis-effectrelaCe reeds biedt. De mate van bescherming en de normering worden eveneens beschouwd in een literatuuronderzoek naar laagfrequent geluid van windturbines van Agentschap NL. (2013). Ook hier zijn geen aanwijzingen dat het aandeel laagfrequent geluid een bijzondere dan wel belangrijke rol speelt. Er is geen algemeen geaccepteerd normstelsel voorhanden waarmee laagfrequente geluidhinder kan worden geobjecCveerd. Laagfrequent geluid (LFG) is geluid in het voor mensen laagst hoorbare frequenCegebied, onder 200 Hz. Windturbines stralen, net als de meeste geluidbronnen, ook laagfrequent geluid uit.
Infrasone (IS) en laagfrequente (LF) trillingen worden vooral voortgebracht door compressie van lucht tussen de wieken en de mast. Die trillingen gaan via de mast en het betonnen fundament tot kilometers door de bodem. Hogere masten en langere wieken veroorzaken meer en lagere geluidstrillingen.
ILFN is geluid/lawaai in de infrasone frequences (<20Hz) en lage frequences (<125 Hz) worden vaak samen omschreven als "infrasound and low frequency noise" ILFN. ILFN verplaatst zich sneller door de bodem dan door de lucht en kan zich Centallen kilometers verspreiden, afhankelijk van grondsoort en bodemopbouw. Natuurlijke IS trillingen ontstaan onder andere door donderslagen, aardbevingen en tsunami's. Mensen wekken IS en LF op met dieselmotoren, venClaCesystemen, windturbines en luchtstromen tussen gebouwen. Het is belangrijk onderscheid te maken tussen (a) bewust waarnemen van ILFN (percepCe) en (b) het somaCsche effect van ILFN op het lichaam. Ook niet-waargenomen sCmuli beinvioeden lichaam en gedrag. Infrasoon geluid, letterlijk 'beneden het gehoor', mits met voldoende intensiteit aangeboden wekt dit geluid toch sensaCes op die deels worden gehoord, deels gevoeld, zonder dat te kunnen onderscheiden. We weten dat IS en LF subliminaal binnenoorstructuren kunnen sCmuleren. Het is onzeker hoe en waar precies de excitaCe plaatsvindt, en vervolgens hoe na excitaCe de signalen hun weg vinden naar audiCeve of non-audiCeve centra in het CZS.
Er zijn geen normen voor laag frequent geluid (20-125Hz) en infrasone trillingen (<20 Hz) die afkomsCg zijn van windturbines. Wereldwijd is nog onvoldoende onderzocht of, hoe en in welke mate al dan niet waarneembare infrasone trillingen hinder en gezondheidsklachten kunnen veroorzaken. (bron Ned Tijdschr Geneeskd. 2021;165:D5999).
18.) Bent u net als wij van mening dat er nog veel onzekerheden zijn over de risico's van ILFN op inwoners die dichtbii windturbines wonen en dat het daarom een belangrijk aspect is om mee te nemen in het beleid? Zo nee, waarom niet?
9
•«
Internationaal wetenschappelijk onderzoek laat zien dat langdurige blootstelling aan het al dan niet hoorbare laagfrequente geluid (5-100 Hz) van windturbines nadelige gezondheidseffecten met zich mee kan brengen. Bij windturbines die niet hoger waren dan 110 meter (tip-hoogte) met 'n vermogen onder 1 MW, werden nog maar weinig klachten gehoord, behalve heel dichtbij de turbine. Hierover werd in de afgelopen Jaren door het RIVM gerapporteerd. In Nederland gaat het sinds kort om windturbines, op land geplaatst, met 'n tiphoogte van 145-188 meter en 'n vermogen van 3-7 MW. (In in het Windproject Brielse brug over nog hogere windturbines!-). Voorlopige conclusie: het risico op het regelmatig voorkomen van "ziekteverschijnselen" zoals tinnitus, duizeligheid, misselijkheid, abnormaal hoge bloeddruk wordt over het algemeen laag ingeschat. Daarentegen is er wel degelijk sprake van (te) hoog risico op het zich voordoen van slapeloosheid, concentratieverlies, druk op de oren c.q. het hoofd, hoofdpijn, spanningen (stress), soms lijkend op zeeziekte. Dit laatste hangt vaak samen met de stroom van klachten die bewoners van huizen in de nabije omgeving van zo'n windmolenpark (zullen) melden als niet voldaan wordt aan verschillende criteria t.a.v. de locatie van de windturbines. De WHO heeft "guidelines" geformuleerd.
In die "guidelines" is er sprake van 'n bufferzone rondom de windturbines, waarbinnen geen woningen (c.q. woonkernen) mogen voorkomen om ervoorte zorgen dat het risico op gezondheidsklachten zo laag mogelijk is. Deze "guidelines" zijn en worden door sommige landen in regelgeving opgenomen die Strenger is dan de regels die gelden voor geluid afkomstig van verkeerslawaai. Bijvoorbeeld in Beieren, Duitsland: het gemiddelde geluidsniveau, buitenshuis gemeten, mag buiten de bufferzone niet boven 35 dB(A) uitkomen, om ervoor te zorgen dat bewoners's nachts zonder problemen met open ramen kunnen slapen. Voor hoge krachtige windturbines geldt 'n veilige bufferzone met 'n straal van 10 x de ashoogte van de molen, d.w.z. voor turbines met 'n ashoogte van 150 meter heeft die bufferzone 'n straal van 1500 meter rondom elke windturbine, (bron https://mtintegraal.nl/artikelen/1169/hinderliik-geluid-van-windturbines)
In Beantwoording Kamervragen over verbijstering van politic! overtotstandkoming van Windpark Spui in Piershil/Nieuw-Beijerland zegt oud-Minister Wiebes het volgende over harde minimale afstandsnormen voor windmolens in Nederland:
"In de huidige regelgeving (nu opgenomen in het Activiteitenbesluit milieubeheer, na inwerkingtreding van de Omgevingswet in het Besluit Kwaliteit Leefomgeving) wordt de minimale afstand bepaald door de maximaal toelaatbare geluidbelasting, de slagschaduw of het plaatsgebonden risico bij een woning. Dit geeft een betrouwbaarder indicatie van de effecten dan een harde minimale afstandsnorm, welke op grond van beschikbare studies op dit moment niet is vast te stellen." (Deze studies zijn inmiddels wel beschikbaar). 19.) Bent u het met ons en dr.ir. Jan A.P.M. de Laat, klinisch-fysicus - audioloog, LUMC en prof.dr. Louw Feenstra, emeritus hoogleraar KNO, Erasmus Universitair MC en alle auters van Ned Tijdschr Geneeskd. 2021:165:05999 eens dat alles overziend de conclusie zou moeten zijn: beter voorkomen dan genezen, op 'n verantwoorde en te handhaven wijze, zoals inmiddels gebeurt in Beieren. Duitsland, en binnenkort mogelijk ook in Denemarken, Canada, Nieuw-Zeeland, Australie: indien op land geplaatste windturbines (nog) noodzakelijk zijn, plaats de turbines dan op een zodanige afstand van de rand van de bebouwde kom, namelijk lOx de masthoogte. dat het geluid en de trillingen van de turbines de nachtrust niet verstoren. Zo nee waarom niet?
10
Belangrijk om te vermelden is dat Mroczek et al. al in 2015 meldde dat de laagste algehele kwaliteit van leven en algemene gezondheid scores werden gevonden onder bewoners van plaatsen waar zich windparken in de plannings ontwikkelings- of aanbouwfase bevonden. Een mogelijke verklaring hiervoor kan zijn dat degene die in de buurt van een windturbine, die zich in de planningsfase of in aanbouw bevonden, geirriteerd zouden zijn geraakt door de onzekere windturbine-projecten en daardoor negatieve gezondheidsproblemen hebben gerapporteerd. (bron Bron Asli Ata Teneler & Hur Hassoy (2023) Health effects of wind turbines: a review of the literature between 2010-2020, International Journal of Environmental Health Research, 33:2,143-157, DOI: 10.1080/09603123.2021,2010671).
Besluitvormingsproces tot nu toe Het plaatsten van windmolens was voor de meeste partijen binnen de gemeente Voorne aan Zee een verkiezingsthema. Inwoners hebben soms gestemd op partijen of volksvertegenwoordigers die pertinent tegen de plaatsing waren. Tijdens de recente stemming in de raadvergadering bleek in sommige gevallen een nogal verrassende uitkomst; plots waren ergeen bedenkingen bij een aantal aanwezigen.
20.) Kunt u ons uitleggen wie deze volksvertegenwoordigers vertegenwoordigen? En bent u net als wii van mening dat hier sprake is van kiezersbedrog? Zo nee waarom niet? 21.) Kunt u ons tevens uitleggen waarom binnen bepaalde partijen binnen de gemeenteraad ongelijk gestemd wordt? Waarom wordt de fractie discipline niet aangehouden? Op basis van wat wordt er dan gestemd als er afgeweken wordt van het partij programme? Wat is belangrijker het partijbelang of het belang van de volksvertegenwoordigerszelf? En bent u net als wii van mening dat die volksvertegenwoordigers eigenlijk de benaming van volk niet waardig zijn? Zo nee waarom niet?
22.)Tevens zijn wij van mening dat bij belangrijke beslissingen binnen de raad, de gehele raad aanwezig zou moeten zijn. Het besluit genomen tijdens de raadsvergadering van 8 januari jl miste 23% van de stemmen. Zou u de mogelijkheid om bij belangrijke onderwerpen de gehele raad te laten stemmen al dan niet met machtiging kunnen onderzoeken? Als burgers is dit ook het geval bij landelijke en regionale verkiezingen. Zo nee waarom niet? Bij het bijwonen van de raadsvergadering van 8 januari vond ondergetekende P.A.C. Specht het zeer opvallend dat bezoekers nog uit plastic bekertjes konden drinken. Als gemeente zijn jullie in overtreding want vanaf 1 januari 2024 mag u bij eten en drinken ter plaatse ook geen plastic wegwerpbekers, -bestek en -bakjes meer aanbieden. (bron: https://ondernemersplein.kvk.nl/wegwerpplastic-een-overzicht-van-deregels/?gclid=CjOKCQiAzoeuBhDqARIsAI\/ldH14EG9wljjeZeMUc9tlGptDj kkInpiSulwShOHpUZfYnrqRbF nw2Qp4aAvT7EALw wcB).
24.) Hoe serieus is jullie visie van een beter milieu, als het op kleine schaal en bij zo lets simpels niet lukt? Het vertrouwen in een gemeente die een beter milieu promoot wordt zo enorm geschaad. Kunt u ons uitleggen waarom er niet eerst binnen de gemeente Voorne aan Zee naar kleine en makkelijk op te lossen zaken worden gekeken, alvorens naar dit soort grootschalige projecten over te stappen?
11
"Anders dan bij nieuwe medicijnen of voedingsmiddelen worden nieuwe technologieën dikwijls geïntroduceerd zonder dat de veiligheid is bewezen". Wij delen deze menig van wind wiki.
Ondergetekende ing. P.A.C. pecht heeft al ruim 20 jaar ervaring binnen het medisch onderzoek S verbonden aan het Erasmus medisch Centrum als research- analist. Bij de opzet van medische studies
wordt getoetst of de opzet van de beoogde studie binnen wettelijke kaders valt door onafhankelijke (!) commissies.Zoals de Medisch Ethische Toetsings Commissie (METC), een wettelijk erkende
commissie die medisch-wetenschappelijk onderzoek met proefpersonen beoordeelt. Of de Centrale Commissie Dierproeven (CCD), het centrale orgaan dat in Nederland als enige bevoegd is om
vergunningen voor dierproeven te verlenen. Bij publicatie in een medische tijdschrift wordt o.a zeer
veel waarde gehecht aan de "conflicts of interests". Waarin eventuele belangenverstrengelingen
worden omschreven. Ook worden voor publicatie de uitkomsten van het uitgevoerde onderzoek getoetst door onafhankelijke reviewers. Ervaar het dan ook als zeer schokkend dat binnen de
totstandkoming van dit project niet onafhankelijk getoetst wordt, niet duidelijk is welke feiten op
aannames berusten, de bronnen die gebruikt worden niet actueel zijn, of niet toepasbaar zijn voor dit windproject. Opvallend te noemen is dat de rapportages van Pondera zijn opgesteld door adviseurs,
die ingewikkelde gezondheidsaspecten toetsen zonder daarbij advies in te winnen bij medisch
specialisten, of wij moeten dit over het hoofd hebben gezien? Waarbij ook nog eens sprake is van
belangenverstrengeling! Dit doet ons sterk denken aan een oude, bekende reclame uitspatting "Wij van WC-eend, adviseren WC-eend".
Overlast van deze windturbines en van windturbines in het algemeen is een zeer complex vraagstuk,
waarin o .a. akoestiek, gezondheidsaspecten, hinder, maar zeker ook beleid, psychologie en
rechtvaardigheid een belangrijke rol spelen, waar de inwoners van Zwartewaal, Rozenburg, Brielle en
Vierpolders mee te maken zullen krijgen.
Helaas heeft Robert Koch, Nobel prijs Winnaar uit 1910 het bij het rechte eind gehad met zijn
voorspelling: "One day man will have to fight noise as fiercely as cholera and pest."
Wij roepen u daarom op als volksvertegenwoordigers om uw verantwoordelijkheid te nemen, zodat
wij ons gevecht tegen de komst van deze twee windturbines kunnen staken! Door geen toestemming
te verlenen voor het Windproject Brielse Brug, ofwel de twee windturbines zodanig te plaatsen dat
een afstand vanaf woonhuizen/gevoelige objecten van lOx de tiphoogte wordt aangehouden.
Met vriendelijke groet,
�
12
. . c S '--j f-
::.l � �
�