Zienswijze Voorkeursrecht Windgatseweg GEANONIMISEERD
Tekst van het document
*
advocaten KANTOOR
AANGETEKEND Burgemeester en wethouders van de Gemeente Voorne aan Zee Postbus 13 3220 AA HELLEVOETSLUIS
TEVENS PER E-MAIL: gemeente@voorneaanzee.nl Rotterdam, 29 april 2026 betreft uw ref. onze ref. behandeld door telefoon e-mail
: : Windgatseweg 2/2a :
ZIENSWIJZE
Geachte heer, mevrouw, Namens cliënte *GEANONIMISEERD* zend ik u hierbij haar zienswijze naar aanleiding van het ontwerp raadsvoorstel (bijlage 1) en het ontwerp raadbesluit ter zake van de bestendiging van de voorkeursbeschikking van het college van 7 april 2026 met betrekking tot de percelen plaatselijk bekend Windgatseweg 2 en 2a te Rockanje (bijlage 2). * GEANONIMISEERD* kan zich niet verenigen met het ontwerp raadsvoorstel en ontwerp raadsbesluit tot bestendiging van de voorkeursrechtbeschikking van 7 april 2026. Het ontwerp voorstel is bijzonder summier en bovendien aantoonbaar onjuist. De paragraaf "Argumenten" beslaat slechts de volgende onderbouwing: "Bovendien wenst de gemeente graag binnen afzienbare tijd een herontwikkeling van deze locatie gerealiseerd te zien naar een gecombineerde woon(zorg)voorzie ning. De huidige eigenaar tracht al geruime tijd om tot een herontwikkeling te komen, maar komt daarin de gemaakte procesafspraken niet na. De huidige eige naar geeft bovendien aan de percelen te willen verkopen.
-2Rotterdam, 29 april 2026
Het ligt daarom niet in lijn der verwachting dat de huidige eigenaar op termijn de herontwikkeling zal realiseren. Om die reden doet de gemeente er goed aan om het heft in handen te nemen door het vestigen van een voorkeursrecht en daarmee de regie over de beoogde herontwikkeling tot een gecombineerde woon(zorg)voorziening zo veel als mogelijk te behouden". Nu een verd ere kenbare motivering ontbreekt zal ook *GEANONIMISEERD* haar zienswijze hiertoe beperken. In strijd met de feiten wordt gesteld dat het (door toedoen van *GEANONIMISEERD*) niet in de lijn der verwachting zou liggen dat *GEANONIMISEERD* tot herontwikkeling komt. Degenen die binnen de gemeente Voorne aan Zee bij dit dossier betrokken zijn, weten dat dat niet correct is. *GEANONIMISEERD* en de gemeente hebben een Voorovereenkomst gesloten ten behoeve van de herontwikkeling. In het kader daarvan heeft *GEANONIMISEERD* de noodzakelijke voorbereidingen getroffen en documentatie bij de gemeente ingediend. Het is de gemeente die tot nu toe alles heeft laten liggen en haar contractueel vastgelegde inspanningsverplichting jegens *GEANONIMISEERD* ter zake niet is nagekomen. Al enkele maanden terug is de gemeente namens *GEANONIMISEERD* daarop aangeschreven, hetgeen helaas niet voorafgaand aan dit ontwerp-raadsbesluit tot herstel van het verzuim heeft geleid.
De gemeente stelt dat zij eigen herontwikkelplannen wil kunnen realiseren, door de loca tie geschikt te maken voor een gecombineerde woon(zorg)voorziening. Hier moet ver meld dat dit niet de aanleiding of reden kan zijn voor de vestiging van een voorkeursrecht. De reeds voorafgaand aan dit ontwerp raadsbesluit in behandeling zijnde herontwikkel plannen van VDW zien namelijk precies op een dergelijk gecombineerde woon(zorg)voor ziening. VDW heeft tijdig aan de gemeente kenbaar gemaakt dat bij een verkoop van de locatie, mede gezien de daarin reeds gedane investeringen, die herontwikkeling tot een gecombineerde woon(zorg)voorziening daarvan onderdeel zal blijven uitmaken. Ook dat kan dus geen redengevend argument zijn om nu een voorkeursrecht met dezelfde inhoud op te tuigen. Er wordt verder gesteld dat *GEANONIMISEERD* haar procesafspraken niet zou nakomen. In het midden blijft welke procesafspraken hierbij voor ogen staan, zodat VDW niet in staat is daar adequaat op te reageren met deze zienswijze. *GEANONIMISEERD* betwist echter dat zij procesafspraken zou hebben geschonden en benadrukt dat zij ter zake ook nimmer door de gemeente in gebreke is gesteld of anderszins tot nakoming c.q. invulling van procesafspraken is aangesproken.
Zou de gemeente werkelijk van oordeel zijn geweest dat *GEANONIMISEERD* beter invulling moest geven aan procesafspraken (denk aan: indiening aanvragen, aanvulling stukken, verbetering gronden e.a.) dan past het de gemeente in het kader van haar publieke taak en de door haar contractueel vastgelegde verplichtingen in licht van voornoemde Voorovereenkomst *GEANONIMISEERD* hierop te wijzen. Het vestigen van een voorkeursrecht is daarvoor niet het geëigende middel. Volgens *GEANONIMISEERD* ligt hier nadrukkelijk 'detournement de pouvoir' op de loer. Niet enkel om voornoemde redenen, maar ook omdat de gemeente er, voorafgaand aan het voorlopig aanwijzingsbesluit van het College van B&W en dus ook voorafgaand aan het ontwerp raadsbesluit, reeds mee bekend is dat *GEANONIMISEERD* mede op instigatie van haar hypotheekhouder, ertoe heeft besloten de locatie van de hand te doen. Zo beoogt *GEANONIMISEERD* haar hypotheekhouder te lossen en met een nieuwe eigenaar van de locatie de voorziene herontwikkeling in te vullen. Waar *GEANONIMISEERD* vanwege de tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten op de locatie (waarvoor zij reeds in juni 2024 op basis van het toen daarvoor vastgestelde advocaten
*
-3Rotterdam, 29 april 2026
beleid van de gemeente een aanvraag voor een tijdelijke vergunning had ingediend, maar ondanks herhaald verzoek al uitzonderlijk lang niets op had vernomen) een dwangsom diende te voldoen, heeft zij aangeboden deze te voldoen. Mondeling werd aan *GEANONIMISEERD* medegedeeld dat het betalingsvoorstel niet werd geaccepteerd. Pas na kennisneming van het besluit van het College tot vaststelling van het voorlopig voorkeursrecht kreeg *GEANONIMISEERD* schriftelijk bericht dat: a) het betalingsvoorstel werd afgewezen, b) de aanvraag tijdelijke vergunning waarop al talloze maanden werd gewacht werd afgewezen en c) de gemeente zich niet langer gebonden acht aan haar contractuele herontwikkelafspraken met *GEANONIMISEERD*. Tegelijkertijd met de afwijzing van de vergunningaanvraag en het bericht dat de ge meente zich niet langer gebonden acht aan haar herontwikkelafspraken, werd ook een bericht aangaande bestuursdwang tot sluiting van de tijdelijke huisvesting van arbeids migranten ontvangen. Voor *GEANONIMISEERD* zijn hiermee alle puzzelstukjes van de onvoorspelbare en ondoorzichtige handelwijze van het College, en de gemeente meer in het algemeen, op hun plaats. De gemeente is er al langere tijd op uit, al of niet in samenspraak met andere stakeholders, om de locatie van *GEANONIMISEERD* te eigen bate én tegen minimale kosten te verwerven.
Ook als zulks aantoonbaar de rechtspositie van haar ingezetene *GEANONIMISEERD* ( en daarmee feitelijk ook van het gezin *GEANONIMISEERD* schaadt. De gemeente weet dat zij met deze stappen en met de vestiging van het voorkeursrecht de verkoopbaarheid van de loc atie van *GEANONIMISEERD* schaadt; De gemeente weet dat zij met deze stappen en met de vestiging van het voorkeursrecht de (her-)financ ierbaarheid van de loc atie schaadt; De gemeente heeft met dat doel eind 2025 reeds (zo ziet *GEANONIMISEERD* nu) een dergelijke financiering gedwarsboomd door te weigeren haar beslag op de locatie kortstondig op te heffen (en daarna terug te leggen), wetende dat haar rec htspositie jegens *GEANONIMISEERD* als beslaglegger daarmee niet zou zijn geschaad; De gemeente weet dat de aangekondigde bestuursdwang niet alleen 150 bewoners dakloos maakt, maar lijkt gezien de opmerkelijke timing hiervan vooral te eigen bate een verder waardedrukkend effec t te willen bewerkstelligen. Al met al is er dus helemaal geen kenbaar nieuw ruimtelijk belang of omgevingsvisie die aan dit ontwerp-raadsvoorstel ten grondslag ligt.
Alles wijst er daarentegen op dat het College door het (op onrechtmatige wijze) inzetten van diverse publiekrechtelijke be voegdheden met behulp van de raad a) tegen zo gunstig mogelijke condities de locatie van *GENAONIMISEERD* wenst te verwerven, en b) daarop vervolgens de reeds bij *GEANONIMISEERD* in voorbereiding zijnde herontwikkelplannen voor een gecombineerde woon(zorg)voorziening gaat uitvoeren. *GEANONIMISEERD* stelt dat het vaststellen van dit ontwerp raadsbesluit dus zal leiden tot misbruik van recht. *GEANONIMISEERD* stelt dan ook dat het ontwerp raadsvoorstel en het ontwerp raadsbesluit niet tot basis kunnen dienen om het, volgens *GEANONIMISEERD* o Hoogachtend, grond van het voorgaande uiterst wankele en ondoordachte, colleGebesluit te bes
*
advocaten
BIJLAGE 1
*
advocate
G E M E E NTE
-, =~ voorne r aan zee RAADSVOORSTEL Onderwerp: Portefeuillehouder: Zaaknummer:
Bestendigen van het voorkeursrecht Windgatseweg 2 en 2a Rockanje Igor Bal
Gevraagd besluit Een besluit op grond van artikel 9.1 lid 1 en onder c Omgevingswet, waardoor de voorkeursrechtbeschikking van het college van 7 april 2026 met betrekking tot de percelen aan de Windgatseweg 2 en 2a to Rockanje wordt bestendigd en deze percelen de komende drie jaar belast blijven met een gemeentelijk voorkeursrecht. Advies van commissie Inleiding In de gemeente Voorne aan Zee ('de gemeente') zijn meerdere planontwikkelingen voorzien. De Omgevingswet — waarin de Wvg met ingang van 1 januari 2024 is opgenomen — biedt de gemeente de mogelijkheid om meer grip op het grondverwervingsproces to krijgen. Door het vestigen van een gemeentelijk voorkeursrecht op (gehele of gedeeltelijke) kadastrale percelen is een eigenaar, erfpachter en/of beperkt gerechtigde, als deze zijn grond wil vervreemden, namelijk verplicht om de grond eerst aan de gemeente to koop aan to bieden. Vervreemding aan een derde is dan alleen onder strikte voorwaarden mogelijk. Het vestigen van een voorkeursrecht is ingevolge artikel 9.1 lid 1 Omgevingswet mogelijk op percelen waaraan een niet-agrarische bestemming is toegedacht die afwijkt van het huidig gebruik. Deze toegedachte bestemming kan vastgelegd zijn in het Omgevingsplan Voorne aan Zee, maar ook in een omgevingsvisie / omgevingsprogramma of in het besluit tot vestiging van het voorkeursrecht zelf.
Een voorkeursrecht dat wordt gevestigd door de raad is op grond van het besluit zelf maximaal drie jaar geldig. Verlenging van het voorkeursrecht is alleen mogelijk als de raad binnen die termijn een omgevingsvisie, omgevingsprogramma of toedeling in een omgevingsplan vaststelt, waarin de toegedachte bestemming Hader wordt uitgewerkt. Een voorkeursrecht op grond van een omgevingsvisie of omgevingsprogramma heeft wederom een geldigheidsduur van maximaal drie jaar, op grond van een omgevingsplan maximaal vijf jaar plus vijf jaar als het voorkeursrecht wordt verlengd. Een voorkeursrecht kan al met al in totaal zestien jaar en drie maanden op een perceel van kracht blijven. Voorafgaand aan besluitvorming door de raad heeft het college voor `voorbescherming' gezorgd, door een voorkeursrechtbeschikking to nemen op 7 april 2026. De bevoegdheid tot vestiging van dit voorlopig voorkeursrecht ontleent het college aan artikel 9.1 lid 2 Omgevingswet. Een voorlopig voorkeursrecht heeft een maximale geldingsduur van drie maanden.
Bij het vestigen van een voorkeursrecht is het essentieel dat de belanghebbenden voorafBeen kennis hebben van het voorgenomen besluit. Om die reden blijft de verplichting belanghebbenden to horen achterwege op grond van artikei 4:11 Algemene wet bestuursrecht ('Awb'). Door het gevraagde besluit to nemen wordt het voorlopig voorkeursrecht van het college bestendigd en kan de gemeente de komende jaren grip houden op de ontwikkeling van de locatie Windgatseweg 2 en 2a in Rockanje. Repeteerverbod: Indien de raad besluit het voorlopige voorkeursrecht niet to bestendigen en besluit niet over to gaan tot het definitief vestigen van een voorkeursrecht op voornoemde percelen, houdt het door het college gevestigde voorlopig voorkeursrecht na 3 maanden op to bestaan (want: komt van rechtswege to vervallen). Het is dan gedurende een termijn van twee jaar niet toegestaan op dezelfde percelen opnieuw een voorkeursrecht to vestigen (op dezelfde grondslag). De termijn waarbinnen, na het verval of de intrekking daarvan, niet opnieuw een voorkeursrecht kan worden gevestigd, blijft op grond van artikel 9.3 van de Omgevingswet twee jaar, net als onder de inmiddels vervallen Wvg (artikel 9c Wvg). 2.
Begrotingsprogramma, bestaand beleid, kaders en eerdere besluiten
Voor het voorkeursrecht is voldoende dat in het college- en raadsbesluit een niet-agrarische bestemming wordt toegedacht die afwijkt van het huidig gebruik. De grondslag voor de (definitieve) aanwijzing door uw raad is artikel 9.1 lid 1 onder c Omgevingswet; de grondslag voor de eerdere voorlopige aanwijzing door het college was artikel 9.1 lid 2 Omgevingswet. De percelen zijn — voor de voorlopige aanwijzing door het college — niet eerder betrokken (geweest) bij een (voorlopige) aanwijzing op grond van de Wvg, waardoor het repeteerverbod uit c.q. artikel 9.3 lid 1 Omgevingswet niet wordt geschonden. 3.
Argumenten
De Omgevingswet biedt de gemeente de mogelijkheid om meer grip op het grondverwervingsprocesto krijgen. Door het vestigen van het gemeentelijk voorkeursrecht op de genoemde percelen vergroot de gemeente dan ook haar regie op het proces om tot verwerving van deze percelen to komen. Bovendien wenst de gemeente graag binnen afzienbare tijd een heronfinrikkeling van deze locatie gerealiseerd to zien Haar een gecombineerde woon(zorg)voorziening. De huidige eigenaar tracht al geruime tijd om tot een herontwikkeling to komen, maar komt daarin de gemaakte processafspraken niet na. De huidige eigenaar geeft bovendien aan de percelen to willen verkopen. Het ligt daarom niet in lijn der verwachting dat de huidige eigenaar op termijn de herontwikkeling zal realiseren. Om die reden doet de gemeente er goed aan om het heft in handen to nemen door het vestigen van een voorkeursrecht en daarmee de regie over de beoogde herontwikkeling tot een gecombineerde woon(zorg)voorziening zo veel als mogelijk to behouden.
Door het vestigen van een gemeentelijk voorkeursrecht op (gehele of gedeeltelijke) kadastrale percelen is een eigenaar, erfpachter en/of beperkt gerechtigde, als deze zijn grond wil vervreemden, namelijk verplicht om de grond eerst aan de gemeente to koop aan to bieden (artikel 9.7 Omgevingswet). Daarnaast geldt dat de gemeente door het voorkeursrecht de nietigheid van rechtshandelingen kan inroepen die zijn verricht met de kennelijke strekking afbreuk to doen aan het voorkeursrecht (artikel 9.22 lid 1 Omgevingswet). Dit geldt zodoende ook voor het vestigen van hypotheekrechten of aandelentransacties die de strekking hebben om afbreuk to doen aan het voorkeursrecht. 4.
Communicatie en participatie
Voor de vestiging van een voorkeursrecht is participatie en/of communicatie niet aan de orde. Voor verlenging van het voorkeursrecht moet een nieuw ruimtelijk plan worden ontwikkeld, waarin gelegenheid wordt gegeven voor participatie. Er vindt over dit onderwerp communicatie plaats met de belanghebbende. Daarnaast volgt een aankondiging via officiele bekendmakingen. 5.
Duurzaamheid
De doelstellingen en het programme zijn nog niet vastgesteld. In het proces tot vaststelling van een omgevingsvisie, omgevingsprogramma of wijziging van het Omgevingsplan Voorne aan Zee zullen ook duurzaamheidsambities worden geformuleerd. Kosten, baten en dekking Aan dit besluit zijn op zichzelf vooralsnog geen financiele consequenties verbonden. Wanneer de betrokken gronden door de grondeigenaar aan de gemeente to koop worden aangeboden en — na een onderhandeling (en besluitvorming door het college en de read) — eventueel worden verworven, den worden de kosten ten taste gebracht van een nieuw voor deze locatie to vormen project. 7.
Regionale afstemming
N.v.t. Bijlage(n): Bijlage 1 - kadastrale kaart voorkeursrecht Bijlage 2 - perceel lijst voorkeursrecht
BIJLAGE 2
*
advocaten
G E M E E NT E
voorne r aan zee RAADSBESLUIT
Onderwerp:
Bestendigen van het voorkeursrecht Locatie Windgatseweg 2 en 2a to Rockanje
Zaaknummer:
De raad van de gemeente Voorne aan Zee besluit: Gelet op het bijbehorende raadsvoorstel; Gelet op de van toepassing zijnde bepalingen uit de Omgevingswet en de Algemene wet bestuursrecht ('Awb'):
Besluit: 1.
2.
Ingevoige artikel 9.1 lid 1 onder c Omgevingswet op de percelen plaatselijk bekend Windgatseweg 2 en 2a to Rockanje, kadastraal bekend gemeente Rockanje, sectie A, Hummer 1223 en gemeente Westvoorne, sectie B, Hummer 1354 en 1995 een gemeentelijk voorkeursrecht to vestigen. De percelen zijn vermeld op de bij dit besluit horende kadastrale tekening en perceel lijst, waarop de eigenaren, beperkt gerechtigden, kadastrale percelen en perceel groottes zijn vermeld. Het voorkeursrecht heeft een geldingsduur van drie jaar, waarbinnen een ruimtelijk plan (omgevingsvisie of omgevingsprogramma of toedeling in het Omgevingsplan Voorne aan Zee) moet worden vastgesteld om het voorkeursrecht to verlengen. Binnen drie jaar na dit besluit over to gaan tot vaststelling van een omgevingsvisie/omgevingsprogramma en/of wijziging van het Omgevingsplan Voorne aan Zee.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Voorne aan Zee van 2026 Week 28; donderdag 9 juni 2026 de griffier,
de voorzitter,
A. (Ariette) Goslings
A.R.C. (Arno) Scheepers RA Msc