Windproject Brielse Brug raadsvoorstel
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Onderwerp: Portefeuillehouder: Zaaknummer:
Coördinatieregeling en verklaring van geen bedenkingen windproject Brielse Brug Igor Bal 216096-2023
Gevraagd besluit De raad van de gemeente Voorne aan Zee besluit om 1) De coördinatieregeling op grond van artikel 3:30 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) van toepassing te verklaren op de voorbereiding en bekendmaking van het windproject Brielse Brug, bestaande uit een omgevingsvergunning waarbij met toepassing van artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) wordt afgeweken van het bestemmingsplan, een besluit tot ontheffing van de Wet natuurbescherming (Wnb) en een Maatwerkbesluit op grond van het Activiteitenbesluit; 2) Het coördinatiebesluit de dag na bekendmaking in werking te laten treden; 3) Op grond van artikel 2.27 (Wabo) juncto artikel 6:5 Besluit omgevingsrecht (Bor) een ontwerp verklaring van geen bedenkingen af te geven voor de realisatie van windproject de Brielse Brug; 4) De ontwerp verklaring van geen bedenkingen tevens aan te merken als een definitieve verklaring van geen bedenkingen, indien tijdens de inzage termijn geen zienswijzen ingediend worden. Advies van commissie Let op, enkel in te vullen door de Griffie zelf! 1. Inleiding Op 8 juli 2022 heeft Pondera Consult (hierna: de initiatiefnemer) namens Windproject Brielse Brug B.V. een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend voor het oprichten van twee windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder te Brielle (aan weerszijden van de N57).
De omgevingsvergunning is aangevraagd voor een periode van 25 jaar. Tevens heeft de initiatiefnemer verzocht om de voorbereiding en bekendmaking van de omgevingsvergunning met buitenplanse afwijking, het besluit tot ontheffing van de Wnb en het Maatwerkbesluit op grond van het Activiteitenbesluit te coördineren. De gemeente Voorne aan Zee is bevoegd om te beslissen op de aanvraag. Dit volgt uit de bestuursovereenkomst die is gesloten tussen de Provincie Zuid-Holland en de voormalige gemeente Brielle. Op grond van deze bestuursovereenkomst heeft de gemeente Voorne aan Zee (rechtsopvolger van de gemeente Brielle) een inspanningsverplichting om met toepassing coördinatieregeling voor 31 december 2025 twee windturbines te realiseren in de Nieuwe Ondernemingspolder te Brielle. Ter plaatse van de projectlocatie geldt het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte "omgevingsplan Buitengebied Brielle – Veegplan 1". De locatie heeft de bestemming ‘algemeen grondgebruik’ en ligt in de zone ‘Jonge Zeekleipolders’. Deze gronden zijn bedoeld voor de agrarische sector en laat de nieuwvestiging van andere functies niet toe.
Met toepassing van artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3 van de (Wabo) kan medewerking worden verleend aan de gevraagde omgevingsvergunning. Voorwaarde voor verlening van deze vergunning is dat uw raad verklaart hiertegen geen bedenkingen te hebben. De verklaring kan slechts worden verleend of geweigerd in het belang van een goede ruimtelijke ordening. Kortom, alleen ruimtelijke belangen mogen meegewogen worden bij de besluitvorming. 2. -
-
-
-
-
-
-
-
-
Begrotingsprogramma, bestaand beleid, kaders en eerdere besluiten In 2012 ondertekend de gemeente Brielle het “Convenant Realisatie Windenergie Stadsregio Rotterdam”. In de voormalige Stadsregio Rotterdam spraken de gemeenten, provincie Zuid-Holland en andere partijen af om minimaal 150 MW aan windenergie te realiseren in 2020. In december 2016 dienen de gezamenlijke gemeenten op Voorne-Putten een handreiking in bij de provincie met hun eigen voorstel voor windlocaties. De provincie heeft deze handreiking aangenomen en op basis van een planMER en provinciale ruimtelijke criteria uiteindelijk 16 definitieve locaties voor windenergie opgenomen in de ontwerp herziening van de Visie Ruimte en Mobiliteit (VRM) van de provincie. Hieronder valt de locatie N57 Entree Noord (Nieuwe Ondernemingspolder te Brielle) Op 9 februari 2018 sluiten de gemeente Brielle en de Provincie Zuid-Holland een bestuursovereenkomst waarin de gemeente zich committeert om windturbines van minimaal 6 en ten hoogste 9 MW te realiseren in de Nieuwe Ondernemingspolder voor 2020. Op 20 februari 2018 spreekt de gemeenteraad van Brielle zich samen met de andere gemeenten op Voorne-Putten uit om uiterlijk in 2040 energieneutraal te zijn. Dit is beschreven in de Routekaart Duurzaam Voorne Putten 2040.
In december 2018 stelt het college van Burgemeester en wethouders van Brielle de Leidraad Windenergie Voorne Putten vast en legt deze ter inzage. In deze leidraad staan de uitgangspunten en randvoorwaarden die de gezamenlijke gemeenten op Voorne-Putten hanteren bij het beoordelen van plannen met betrekking tot windenergie. Op 29 oktober 2019 heeft de gemeenteraad van Brielle de Haalbaarheidsvisie windenergie Brielle vastgesteld. Dit document biedt tezamen met de Leidraad Windenergie en de bestuursovereenkomst een beoordelingskader voor de verdere (ruimtelijke) procedures voor de ontwikkeling van windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder. Op 10 december 2021 hebben het college van B&W van de gemeente Brielle en de provincie Zuid-Holland de bestuursovereenkomst gewijzigd in maximaal twee windturbines met het meest optimale vermogen, met dien verstande dat het totaal opgesteld vermogen van de beide turbines kleiner is dan 15 MW. Medio mei 2022 neemt het college van B&W van Brielle onder voorwaarden een positieve grondhouding aan over het principeverzoek om twee windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder te realiseren waarna de initiatiefnemers op 8 juli 2022 een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de realisatie van twee windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder indienen. Op 22 resp.
29 november 2022 heeft het college van Brielle besloten om een anterieure overeenkomst aan te gaan met de Brielse Brug B.V. welke op 21 december 2023 is ondertekend.
2
3. Argumenten 3.1 Coördinatieregeling De Wet ruimtelijke ordening (Wro, art. 3.30) maakt het mogelijk om de verschillende besluiten die samenhangen met de realisatie van een bepaalde ontwikkeling te coördineren. Coördinatie houdt concreet in dat de benodigde omgevingsvergunning met buitenplanse afwijking, het besluit tot ontheffing van de Wnb en het Maatwerkbesluit gelijktijdig ter inzage worden gelegd. Na verlening van de vergunningen worden deze besluiten bovendien gelijktijdig bekendgemaakt. Een groot voordeel is dat na gecoördineerde bekendmaking van de verschillende besluiten er slechts één rechtsgang is voor belanghebbenden, direct bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling). Dat betekent dat niet voor ieder besluit afzonderlijk een bezwaar-, beroeps- en eventueel hoger beroepsprocedure hoeft te worden doorlopen. Voor de Afdeling geldt bovendien bij de coördinatieregeling een krappere termijn om tot een uitspraak te komen dan in andere gevallen, namelijk uiterlijk binnen zes maanden na ontvangst van het verweerschrift. Binnen een relatief beperkte tijd na bekendmaking van de gecoördineerd voorbereide en bekendgemaakte besluiten wordt aldus duidelijkheid verkregen over de onherroepelijkheid. De initiatiefnemer heeft de gemeente verzocht om toepassing van de coördinatieregeling als bedoeld in paragraaf 3.6 van de Wro.
Daarnaast bepaalt artikel 2 sub c van de bestuursovereenkomst dat de gemeente Brielle en haar rechtsopvolgers toepassing geven van de coördinatieregeling. Tot slot conformeert de gemeente zich aan toepassing van de coördinatieregeling in de anterieure overeenkomst. Het geheel overziend zien wij geen reden de coördinatieregeling ex artikel 3:30 Wro niet van toepassing te verklaren. 3.2 Verklaring van geen bedenkingen Het plan voor het oprichten van twee windturbines in de Nieuwe Ondernemingspolder is niet in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan. Met toepassing van artikel 2.12, eerste lid onder a onder 3 van de Wabo kan worden afgeweken van het bestemmingsplan mits uw raad verklaart dat geen bedenkingen te hebben tegen dit plan. Wij zijn van mening dat dit project ruimtelijk aanvaardbaar is en merken in verband daarmee het volgende op. De omgevingsvergunning voor het windproject Brielse Brug heeft betrekking op de activiteiten bouwen en afwijken van het bestemmingsplan. De verklaring van geen bedenkingen is uw beslissing omtrent de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het project. Een verklaring van geen bedenkingen kan alleen worden op grond van ruimtelijke belangen als dat in het belang is van een goede ruimtelijke ordening ex artikel 6.5 Bor.
Vanwege de aanvraag om omgevingsvergunning is een ruimtelijke onderbouwing opgesteld en is onderzoek verricht naar alle ruimtelijk relevante aspecten op het gebied van milieu, water, natuur, slagschaduw, archeologie, landschap, gezondheid en beleid. De ruimtelijke onderbouwing is onder meer voorgelegd aan DCMR, Waterschap Hollandse Delta, Provincie Zuid-Holland, Rijkswaterstaat en GGD. Naar aanleiding van overleg met deze partners is de ruimtelijke onderbouwing aangepast en zijn enkele onderzoeken aangevuld. De ruimtelijke onderbouwing en de onderzoeken zijn getoetst aan het van toepassing zijnde ruimtelijke beleid en aan relevante wet- en regelgeving. Uit deze toetsing volgt dat het te realiseren Windproject Brielse Brug voldoet aan de goede ruimtelijke ordening. Dit wordt hieronder nader toegelicht aan de hand van het provinciaals- en gemeentelijk beleid en de toepasselijke wet- en regelgeving. Tevens wordt ingegaan op het participatieproces. 3
Provinciaal omgevingsbeleid Op de projectlocatie is de Omgevingsverordening Zuid-Holland van toepassing. Daarin is de Nieuwe Ondernemingspolder te Brielle aangewezen als locatie om windturbines te ontwikkelen. Daarnaast is er een bestuursovereenkomst gesloten tussen de provincie en de gemeente waarin een inspanningsverplichting voor de gemeente is opgenomen om windenergie te realiseren op deze locatie. Gemeentelijk beleid De gemeente heeft de ambitie om energieneutraal te worden in 2040. Dit is vastgelegd in de Routekaart Duurzaam Voorne-Putten 2040. De voorgestelde ontwikkeling levert een adequate bijdrage aan deze beleidsdoelstelling. Vast staat dat een initiatief minimaal aan de wettelijke eisen dient te voldoen. Naast de wettelijke eisen heeft de gemeente de haalbaarheidsvisie windenergie vastgesteld. Om de effecten op de omgeving te mitigeren zijn in dit beleidskader harde en zachte randvoorwaarden opgenomen. Wettelijke eisen De wettelijke eisen waar dit project aan moet voldoen zijn vastgelegd in het thans geldende Activiteitenbesluit Milieubeheer, welke van toepassing is op dit project omdat het project voorziet in de ontwikkeling van maximaal twee windturbines. Om de negatieve gevolgen van het project zoveel mogelijk te beperken heeft de initiatiefnemer de gemeente verzocht om een maatwerkbesluit te nemen.
Dit maatwerkschrift betreft regels omtrent geluid en slagschaduw die verder gaan dan de eisen uit het thans geldende Activiteitenbesluit Milieubeheer. Hiermee geeft de initiatiefnemer invulling aan randvoorwaarden uit de haalbaarheidsvisie. Een andere randvoorwaarde heeft betrekking op de inpassing van de windturbines in het landschap. In de ruimtelijke onderbouwing is hieraan een paragraaf besteed. In de (ontwerp) omgevingsvergunning is een voorwaarde opgenomen om de landschappelijke inpassing van het plan te borgen. Verder heeft commissie ruimtelijke kwaliteit geconcludeerd dat het plan voldoet aan de redelijke eisen van welstand. Participatie In de Leidraad Windenergie is het belang aangegeven van een zorgvuldig omgevingsproces door middel van actieve samenwerking met stakeholders. In de Leidraad is de voorwaarde opgenomen dat een initiatiefnemer een participatieplan opstelt en hieraan actief invulling geeft met inachtneming van de Leidraad windenergie. Het door Pondera opgestelde participatieplan is aan de anterieure overeenkomst gehecht en maakt daarvan onderdeel uit. De initiatiefnemer heeft inmiddels twee algemene themabijeenkomsten georganiseerd waar iedereen welkom was. Tevens is met een specifieke groep omwonenden, op verzoek van deze omwonenden, een extra bijeenkomst gehouden. Daarnaast voert de initiatiefnemer met individuele directe belanghebbende gesprekken.
Nadat de (ontwerp) omgevingsvergunning met de bijbehorende documenten ter inzage zijn gelegd zal voor iedereen een nieuwe themabijeenkomst worden georganiseerd. Hiermee is en wordt voldaan aan het gemeentelijke beleid voor procesparticipatie. De gemeente heeft in de Leidraad windenergie beleid vastgesteld over financiële participatie. Dit beleid is tevens vastgelegd in de anterieure overeenkomst. De initiatiefnemers geven de lokale gemeenschap de mogelijkheid om voor 25% eigenaar te worden van de windturbines. Om dit te organiseren wordt er samenwerking gezocht met een lokale energiecoöperatie. 4
Daarnaast richten de initiatiefnemers een gebiedsfonds op dat zal worden beheerd en bestuurd door inwoners van de gemeente. Met het gebiedsfonds kunnen maatschappelijk verantwoorde projecten ondersteund worden die maximaal ten goede komen aan de inwoners en bedrijven van de gemeente. Het proces van de financiële participatie is in gang gezet en wordt komende tijd verder vorm gegeven. Op het moment van de vergunningverlening zal er meer duidelijk zijn over de invulling van de financiële participatie. Tussenconclusie Windturbines zijn in overeenstemming met de goede ruimtelijke ordening als wordt voldaan aan de wettelijke normen. Daarvan is in dit geval sprake. Met inachtneming van het voorgaande kan worden geconcludeerd, dat de bouw en exploitatie van het windproject Brielse Brug voldoet aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening en er geen gronden zijn om de verklaring van geen bedenkingen te weigeren. 4. Communicatie en participatie De initiatiefnemer handelt conform het participatiebeleid zoals dat is vastgelegd in de Haalbaarheidsvisie windenergie en de Leidraad windenergie. Zie voor een verdere toelichting hierover paragraaf 3.2 onder gemeentelijk beleid. 5. Duurzaamheid De voorgestelde ontwikkeling past binnen de duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente, regio en provincie Zuid-Holland. 6.
Kosten, baten en dekking De kosten voor het project worden gedragen door de initiatiefnemer. Voor de aanvraag omgevingsvergunning worden leges in rekening gebracht op grond van de Legesverordening. Daarnaast is een anterieure overeenkomst gesloten met de initiatiefnemer. De anterieure overeenkomst bevat financiële afspraken en afspraken over de onderlinge verantwoordelijkheden die betrokken partijen hebben. Verder bevat de anterieure overeenkomst afspraken over de communicatie en de wijze van samenwerking. In de anterieure overeenkomst is een inspanningsverplichting opgenomen waarbij de gemeente zich heeft verbonden om zich in te spannen tot verlening en juridische verdediging van de omgevingsvergunning tot afwijking van het bestemmingsplan. Financiële afspraken: - Alle planontwikkelkosten waaronder het opstellen van de aanvraag voor omgevingsvergunning en hiervoor benodigde onderzoeken en rapporten komen voor rekening van initiatiefnemer. - De aan de besluitvorming verbonden kosten komen voor rekening van initiatiefnemer. - Kosten voor eventuele planschade komen voor rekening van de initiatiefnemer. - De initiatiefnemer vergoed eventuele schade die ontstaat ten gevolge van de ontwikkeling en realisatie van het Plangebied.
- Bij de oplevering van het Plangebied, inclusief de inrichting van het openbaar gebied, zal namens initiatiefnemer een eindopname worden verricht waarvan de gegevens worden verstrekt aan de gemeente. De kosten van de eindopname zijn voor rekening van initiatiefnemer. - Het project zal voor de duur 25 jaar geëxploiteerd worden. Na afloop van de exploitatieperiode geldt er een opruimplicht voor initiatiefnemer die ziet op de verwijdering van de windturbines. 5
7. Regionale afstemming De voortgang van het windproject Brielse Brug wordt besproken tijdens het bestuurlijk overleg windenergie waaraan alle regiopartners deelnemen. De gemeente deelt de voortgang van het windproject met enige regelmaat met de Provincie Zuid-Holland. Verder is de provincie gevraagd om advies uit te brengen over de aanvraag. 8. Aanpak Nadat uw raad een ontwerp verklaring van geen bedenkingen heeft afgegeven wordt het ontwerpbesluit van de omgevingsvergunning, de ontwerpverklaring van geen bedenkingen, de ontheffing Wnb en het maatwerkbesluit gedurende zes weken ter inzage gelegd met de mogelijkheid voor het inbrengen van zienswijze. Zijn er geen zienswijzen ingediend, dan kan ons college direct een besluit nemen op de aanvraag om een omgevingsvergunning. Mochten er wel zienswijzen worden ingediend zullen deze na afloop van de termijn worden beoordeeld en verwerkt. Na verwerking van de zienswijzen wordt uw raad gevraagd om al dan niet een definitieve verklaring van geen bedenkingen af te geven. Daarna neemt het college het besluit tot het al dan niet verlenen van een omgevingsvergunning. Na vergunningverlening kan door belanghebbenden beroep worden ingediend bij de Afdeling. Bijlage(n): Bijlage 1: Raadsbesluit Bijlage 2, Aanvraag omgevingsvergunning en bijbehorende stukken; Bijlage 3, Ontwerp omgevingsvergunning; Bijlage 4, Ontwerp Maatwerkbesluit.
Bijlage 5, Ontwerp beschikking
6