CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag van de openbare raadsvergadering van Voorne aan Zee dd 6 juli 2023 (aangepaste versie pag. 14 partijnaam Voncken was onjuist)

Raadsvergadering 31 augustus 2023, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Vaststelling verslagen raadsvergaderingen d.d. 22 juni en 6 juli 20237.984 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag van de openbare raadsvergadering van de gemeente Voorne aan Zee, gehouden op donderdag 6 juli 2023 om 20.00 uur in de raadzaal van het gemeentehuis te Hellevoetsluis. Aanwezig:

Mede Aanwezig:

mevrouw M.P. den Brok-Swakhoven, mevrouw J. Krajenbrink-Meinds, mevrouw H.D. Boender, mevrouw L.M. Hamstra, mevrouw E.A. Thiel, mevrouw M.P.W. van der Velden, mevrouw H. van Noort, mevrouw B. Verschoor, mevrouw M. de Rijke, mevrouw I.M. Dudink, mevrouw A. Vermeer, mevrouw I. Bakker-de Waal, mevrouw G.J. Witte, mevrouw E. Priester en de heren H. Heijndijk, H. Kap, E.S. Noordzij, F.J.M. de Reus, R.J. Soetens, N.P. Braal, B.J.W. Voncken, H.S.A. Abrahams, W.A.J. Borgonjen, E.G. Mulder, W.J. Dedert, W. Smit, H. Westbroek, H. de Jong, J. Noordermeer, J. ’t Mannetje, B.J. van Stijn, L.T. van Ravenhorst en F.S.J. Hoogzand. wethouders mevrouw J. Postma-van Doorn en de heren R.M. van der Kooi, P. Schop, I. Bal, D.D. van Orselen en A.J. Spoon.

Afwezig:

de heer F. Demirtürk.

Voorzitter:

de heer P. Rehwinkel (burgemeester)

Griffier:

mevrouw A. Goslings

Notulist:

mevrouw M. van Eijsden-Briggeman

1.

Opening.

De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. Hij meldt vervolgens dat de heer Demirtürk afwezig is. De voorzitter zegt dat de agenda enigszins is aangepast, omdat hij om 22.00 uur de voorzittershamer over zal dragen aan de plaatsvervangend voorzitter, de heer Van Ravenhorst, vanwege de opening van het Tintefeest. Vervolgens zegt hij dat bij agendapunt 11 ‘vragenuur’, er door mevrouw Witte vragen zullen worden gesteld over het windmolenpark in Brielle. 2.

Mededelingen.

Mevrouw Vermeer (PVaZ) doet namens de coalitie een mededeling naar aanleiding van de ontstane situatie na het vertrek van wethouder Sormaz. Zij zegt dat de coalitie na zorgvuldig beraad heeft besloten, dat de coalitie ongewijzigd blijft en er geen nieuwe wethouder wordt aangesteld. Vervolgens zegt zij dat mevrouw De Rijke er voor heeft gekozen om geen deel meer uit te maken van de coalitie, en afscheid heeft genomen van BVNL en een eigen partij (LEF) heeft opgericht. Mevrouw Vermeer zegt toe bovenstaande mededeling nog schriftelijk naar de raad te zullen sturen. Mevrouw De Rijke (LEF!) zegt blij te zijn met haar besluit om BVNL te verlaten en een eigen koers te kunnen gaan varen met haar partij LEF!. Zij hoopt met haar partij voor Voorne aan Zee iets te kunnen gaan betekenen. De heer Van Ravenhorst (GL/PvdA) vraagt zich af wat nu de positie is van BVNL, en of deze partij nog onderdeel uitmaakt van de coalitie. 1

Mevrouw Krajenbrink (IBV) wenst mevrouw De Rijke veel succes in haar nieuwe rol. Zij zegt dat BVNL een volwaardig coalitie lid is zonder wethouder, en dat de coalitie het eens was om geen wethouder in de coalitie te hebben namens BVNL. De heer Smit (ONS Brielle) vraagt naar de positie van de heer Dedert binnen de coalitie. De heer Dedert (BVNL) zegt dat hij zich zal houden aan de afspraken uit het coalitieakkoord. Mevrouw Witte (Vrij Voorne) zegt het een moedige stap te vinden van mevrouw De Rijke, en hoopt dat zij met haar partij een voorbeeld kan zijn voor de jongere generatie. De mededelingen worden voor kennisgeving aangenomen. 3.

Vaststelling agenda.

De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 4.

Ingekomen stukken.

De voorzitter zegt dat er in de raad van 31 augustus aanstaande een up-to-date lijst met nog openstaande ingekomen stukken, die in handen van het college zijn gesteld wordt bijgevoegd. De ingekomen stukken worden voor kennisgeving aangenomen. 5.

Spreekrecht.

Van het spreekrecht wordt geen gebruik gemaakt. 6.

Uitbreiding tijdsbestedingsnorm wethouder Postma.

Mevrouw Krajenbrink (IBV) maakt een compliment richting wethouder Postma, die zich de afgelopen tijd enorm heeft ingezet. Zij beseft dan ook dat er een uitbreiding nodig zal zijn om haar taken, die uitgebreid zijn uit te voeren. Vervolgens maakt mevrouw Krajenbrink eveneens een compliment aan het college, die na vertrek van wethouder Sormaz het achterstallige werk daadkrachtig heeft opgepakt. De fractie van IBV heeft er vertrouwen in dat de dienstverlening aan de burgers, en alle andere onderwerpen vanuit het collegeprogramma in actief beleid zullen worden omgezet. De fractie van IBV zegt in te kunnen stemmen met het voorstel. De heer Van Ravenhorst (GL/PvdA) zegt eveneens in te kunnen stemmen met het voorstel. Hij maakt vervolgens een opmerking over de wijziging in portefeuilleverdeling binnen het college, en spreekt zijn zorg uit over de portefeuille zorg, die over 3 wethouders wordt verdeeld. Hij zegt dat met name de integraliteit binnen het sociaal domein hard nodig is, en hoopt dat de samenhang hierdoor gewaarborgd blijft. Hij wil graag van het college weten op welke wijze dit wordt opgelost. De voorzitter zegt dat het college kennis neemt van de zorg die wordt uitgesproken door de heer Van Ravenhorst.

2

De portefeuilles zoals die in het raadsvoorstel staan, zijn van dien aard, dat deze voldoende aandacht verdienen, en dus over verschillende wethouders zijn verdeeld, om zo ook de continuïteit te waarborgen. Het voorstel wordt unaniem aangenomen. 7.

Collegeprogramma 2023-2026

De heer Kap (IBV) zegt dat het voorliggende collegeprogramma een goed beeld geeft van zaken die aangepakt moeten worden, en die door iedereen zullen worden herkend. Hij zegt dat er nu een uitdaging ligt om dit om te zetten in beleid en oplossingen, zodat de inwoners hier ook daadwerkelijk iets van merken. IBV kijkt uit naar de komende periode waarin ook de begroting wordt vastgesteld, en er zal blijken wat er op korte termijn mogelijk is. De samenwerking waartoe binnen de raad is opgeroepen ziet IBV als constructief, en zegt graag deze samenwerking aan te willen gaan. Tenslotte zegt de heer Kap geen vragen te hebben aan het college. IBV wil na een bewogen halfjaar graag aan de slag. De heer De Jong (VVD) spreekt van een goed stuk en een goede vertaling van het coalitieprogramma. De onderwerpen die de VVD belangrijk vindt zijn o.a. wonen, bouwen, landschap centraal, aandacht voor ondernemers en economische ontwikkeling, duurzaamheid, veiligheid en dienstverlening hebben een belangrijke plek gekregen in voorliggend programma. Voorliggend stuk is een koers en richting die wordt ingeslagen, en de VVD ziet de uitwerking van de onderwerpen met vertrouwen tegemoet. De heer Van Ravenhorst (GL/PvdA) constateert de het collegeprogramma veel ambities bevat. Hij vindt dat de ambities erg strak zijn geformuleerd, dus je hier ook niet tegen kunt zijn.

Hij vraagt vervolgens wat het college heeft gedaan na het coalitieakkoord, hij ziet geen planning, geen prioritering, geen toets op haalbaarheid van de ambities. Tijdens de evaluatie is de wens geuit om als raad en college samen op te trekken in het stellen van prioriteiten voor deze raadsperiode, en GL/PvdA is hier blij mee. De heer Van Ravenhorst stelt voor om op korte termijn een gesprek met het college en raad te organiseren, en de prioriteiten te verkennen, zodat hierover afspraken kunnen worden gemaakt. GL/PvdA is verheugd, dat ook het college aangeeft samenwerking te zoeken binnen de raad en de regio. Met betrekking tot woningbouw adviseert de heer Van Ravenhorst naast de oplossingen waaraan gewerkt wordt ook snel tijdelijke voorzieningen te realiseren voor jongeren, arbeidsmigranten, statushouders, vluchtelingen en spoedzoekers. Hij zegt dat de nood hoog is bij deze groepen, en wellicht kan het woonbedrijf hierin iets betekenen. Vervolgens merkt de heer Van Ravenhorst op, dat in het programma wordt gesproken over het streven om de MKB vriendelijkste gemeente te willen zijn. GL/PvdA vindt dit een mooi streven, maar vraagt dan ook om vanuit het sociaal domein te werken aan de inzetbaarheid van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Hij ziet eveneens graag, dat er ook wordt gestreefd de duurzaamste gemeente te zijn.

GL/PvdA ziet eveneens graag, dat zaken waarbij de inwoners direct belang hebben, niet worden uitgesteld, zoals bijvoorbeeld de hondenbelasting en hierover een besluit te nemen, want daadkracht wekt vertrouwen bij de inwoners. Tenslotte vraagt hij naar de ambitie met betrekking tot kernenergie.

3

De heer Borgonjen (CDA) is blij met het collegeprogramma, maar merkt op dat het programma geen thema heeft. ‘Samen verder’ zou wat betreft het CDA een suggestie kunnen zijn. Met betrekking tot met name de samenwerking in de raad is het CDA van mening, dat dit nog versterkt kan worden door samen op te trekken, en te komen tot bijvoorbeeld een raadsagenda. Het CDA is van mening, dat het collegeprogramma een open houding uitstraalt en is hier blij mee. De heer Borgonjen zegt dat woningbouw voor het CDA prioriteit heeft. Hij is blij met het toevoegen van mantelzorgwoningen in het programma, maar mist nog wel een tijdslijn. Het CDA vraagt hoe het college omgaat met de gevolgen van de vergrijzing, daar waar het zorg en wonen betreft, en vraagt hoe zij aankijkt tegen andere woonvormen zoals bijvoorbeeld de knarrenhoven. Met betrekking tot de dorpsvisies en de dorpsraden vraagt het CDA nogmaals extra aandacht voor het niet of nauwelijks hebben van financiële middelen voor dit jaar. De heer Borgonjen verwijst hierbij naar de motie: ‘Overbruggingssubsidie voor dorpsraden’. Het CDA vindt het vervolgens belangrijk dat er voor de scholen een financiële uitwerking en tijdslijn is. Hij noemt hier met name de school in Zwartewaal.

Het CDA zegt duurzaamheid belangrijk te vinden, en gaat ervan uit dat het college ook een betrouwbare samenwerkingspartner wil zijn voor regionale en bovenregionale ontwikkelingen in het kader van duurzaamheid. De heer Borgonjen vraagt of er ook nog andere locaties voor windmolens worden overwogen. Met betrekking tot jongerenparticipatie vraagt het CDA wat er gaat gebeuren met de verschillende sportparken, zoals bijvoorbeeld het Geuzenpark, en de harmonisatie van de sportsubsidies. Het CDA ziet vervolgens dat er een financiële paragraaf ontbreekt, en er wordt verwezen naar de begroting. Het CDA zou echter graag al wel enig inzicht hebben. Zij vraagt nogmaals aandacht voor de veiligheid aan de Kerkstraat in Hellevoetsluis en vraagt of de raad een voorstel kan verwachten, of dat er alleen een wens ligt voor meer BOA’s. Met betrekking tot de fietspaden vraagt het CDA waarom het project trambaan niet doorgaat. Tenslotte vraagt het CDA zich af of de gemeente goed voorbereid is op de nieuwe ontwikkelingen, zoals de omgevingswet, wetgeving ICT, vergrijzing etc. en wil hierover graag worden geïnformeerd. Het CDA geeft de boodschap mee om de samenwerking op te zoeken, de concreetheid en uitvoering te vergroten, en aan de slag te gaan.

Mevrouw Vermeer (PVaZ) bedankt de burgemeester en wethouders voor het vele werk dat zij hebben verzet gedurende het eerste halfjaar, dat niet altijd even gemakkelijk is geweest. Zij schetst een beeld van het ontstaan van een nieuwe gemeente en wat hiervoor geregeld moet worden met betrekking tot verordeningen, regelingen en afspraken. Zij geeft aan dat dit een behoorlijk intensief proces is, en ook de raad aanwezig is geweest bij de inwerkavonden. Mevrouw Vermeer is van mening, dat politiek bedrijven gedaan wordt uit passie voor je gemeente, de cultuur, het groen, de gezellige dorpen en stad met haar inwoners, die het waard zijn om hard voor te werken. PVaZ is blij met het voorliggende collegeprogramma waarin goede voornemens en plannen staan omschreven, en ondersteunt de aanpak. Zij is van mening dat het belangrijk is, dat er passende woningen, veilige wegen, goede voorzieningen, gezellige ontmoetingsplekken voor jong en oud zijn, en er veiligheid op straat is. Mevrouw Vermeer zegt dat dit er voor zorgt, dat je mensen vasthoudt in de dorpen en wijken. Vervolgens is het goed als ouderen, volwassenen, jongeren en kinderen een stem krijgen en de gemeente naar haar inwoners toegaat, en goed naar hun luistert. Zij zegt dat met name de dorps- en wijkraden hierbij een belangrijke rol vervullen.

4

De heer Mulder (D66) vindt het collegeprogramma wat oppervlakkig en mist de diepgang, en heeft soms met verwondering de ambities gelezen. Wat betreft D66 komst de vertaling en verbinding naar de programma’s op een later moment tot uitdrukking in de jaarlijkse programmabegroting. D66 vindt woningbouw een belangrijk thema, en wil hierover graag in debat. De heer Mulder zegt meer ambitie te willen zien om vooral sociaal, duurzaam en groen te bouwen. Bij de gebiedsinrichting zou wat betreft D66 meer aandacht moeten zijn voor de ontsluiting en de inrichting. Tevens gericht op groene wijken, elektrificatie van het wagenpark, deelvervoer en auto te gast in de woongebieden. Met betrekking tot de huisvesting van scholen mist D66 de ambitie om onverkort te kiezen voor het IKC concept, zeer duurzame scholen te realiseren op basis van de best beschikbare techniek. De heer Mulder leest dat de rode loper wordt uitgerold voor de ondernemers, en dat de gemeente de MKB vriendelijkste gemeente van Nederland wil worden. Hij zegt het voldoende te vinden als de gemeente uitblinkt in de dienstverlening richting het bedrijfsleven. Voor ondernemerschap zou wat betreft D66 nog ruimte zijn voor circulaire economie, zorgsector, onderwijs en energietransitie en voor dit soort ondernemers zou de groene loper uitgerold moeten worden.

D66 is van mening dat de loper voor alle inwoners in Voorne aan Zee moet worden uitgerold, omdat ondernemers en inwoners elkaar nodig hebben. De heer Mulder zegt van mening te zijn dat niet de ene groep boven de andere groep moet worden gesteld. Met betrekking tot de vaststelling van het OZB tarief zijn eveneens de ondernemers gespaard, en D66 hoopt dan ook dat bij de eerstvolgende vaststelling van het OZB-tarief deze ongelijkheid door de raad wordt rechtgetrokken. D66 juicht realistische begrotingen toe, maar vraagt zich af of het college over voldoende controlemiddelen beschikt. Zij stelt deze vraag, omdat D66 is gewezen op de beperkte tijd en vooral beperkte beschikbare ambtelijke capaciteit. De heer Mulder zegt dat D66 graag zou zien dat er meer capaciteit wordt ingezet, met name voor de financiële beheersing, zodat ook de raad haar rol op een goede manier kan vervullen en niet achteraf voor voldongen feiten komt te staan. De heer Mulder zegt vervolgens dat D66 blij is met de ambitie energie neutraal en duurzaam. Vervolgens zegt de heer Mulder dat D66 ook geen voorstander is van extra windopgave op land. Hij vraagt hoe er verder wordt gegaan met de bestaande opgave aan het Haringvliet. De heer Smit (ONS Brielle) ziet een aantal onderwerpen, die ook zij belangrijk vindt terugkomen in het programma, echter nog niet duidelijk genoeg.

Met betrekking tot de ambitie dienstverlening, die voor ONS Brielle prioriteit heeft, verwijst hij naar een brief van een commissielid met voorbeelden waarbij de communicatie en dienstverlening nog steeds niet goed gaat, en concludeert dat het hard nodig is, dat hieraan iets gedaan wordt, en dat mensen antwoorden krijgen. Dorps- en wijkraden vindt ONS Brielle belangrijk, en vraagt hoe dit in Hellevoetsluis ingevuld gaat worden. Met betrekking tot wonen is ONS Brielle van mening, dat de integrale aanpak van wonen en leven te langzaam gaat, en het van groot belang is dit goed op te pakken, en hierbij ook de kennis te gebruiken die in de raad aanwezig is. ONS Brielle is blij met de duidelijkheid over de windenergie in Brielle. Er wordt gewerkt aan een bestaand plan, ondanks de belofte van IBV en BVNL in de verkiezingstijd, om dit niet te doen. Vervolgens ziet hij in het programma niets terug over het regenboogakkoord. ONS Brielle neemt het aanbod van het college om samen met de raad in gesprek te gaan serieus. Zij hoopt, dat wanneer er besluiten moeten worden genomen of wanneer het college zaken aan de orde wil stellen, zij vooraf met de raad en commissie in gesprek gaat om te komen tot een breed gedragen beleid.

5

De heer Hoogzand (Forum voor Democratie) zegt weinig opmerkingen te hebben ten aanzien van het collegeprogramma. Hij spreekt zijn zorg uit over het antwoord met betrekking tot integraal benaderen, en vraagt zich af of het geen tijd is, dat de gemeente zich integraal inzet voor de eigen inwoners zonder een uitvoeringsorgaan te zijn van het Rijk of de Provincie. Met betrekking tot de woningnood is de heer Hoogzand van mening, dat deze eerder groter dan kleiner zal worden. Hij ziet graag dat de inwoners op de eerste plaats komen. Mevrouw Witte (Vrij Voorne) hoopt dat door de nieuwe portefeuilleverdeling en de uitbreiding van het aantal uren van wethouder Postma, er een stabiele basis ontstaat en een krachtig bestuur, zoals wordt voorgesteld. Zij vraagt vervolgens hoe het college denkt de kennis van de inwoners te benutten, en te betrekken bij de verschillende vraagstukken, en of zij wel met de juiste stakeholders in gesprek is. Vrij Voorne ziet veel ambities in het collegeprogramma, maar ziet niet hoe dit te bereiken en met welke middelen. Vervolgens vraagt zij hoe het college invloed uit kan oefenen op een adequate dienstverlening, die voor de inwoners van groot belang is. Met betrekking tot de dorps- en wijkraden is Vrij Voorne benieuwd naar de kaders en uitgangspunten. Mevrouw Witte kijkt uit naar voorstellen omtrent een burgerberaad.

Bij de ambitie energieneutraal en duurzaam ontbreekt een visie, en Vrij Voorne ziet graag een aanleiding, doelstelling en omschrijving hoe e.e.a. wordt aangepakt. Tevens de randvoorwaarden en de middelen die per opgave of project beschikbaar zijn. Ten aanzien van de samenwerking tussen college en raad spreekt het college over een gereedschapskist, en Vrij Voorne is benieuwd naar de inhoud hiervan, en hoe de instrumenten worden toegepast. Vrij Voorne pleit vervolgens voor meer blauw op straat en merkt op, dat er in de voormalige gemeente Westvoorne preventief werd gewerkt door de afdeling VTH. Door het inzetten van wijkboa’s en stagiaires wierp dit zijn vruchten af. Mevrouw Witte zegt dit graag terug te willen zien in het straatbeeld in Voorne aan Zee. Met betrekking tot wonen en bouwen is Vrij Voorne van mening, dat er ambities zijn die opnieuw tegen de wetgeving aangehouden zouden moeten worden. Zij noemt bijvoorbeeld het inpandig splitsen van woningen, dit doordat woningen voor steeds meer mensen onbetaalbaar en onbereikbaar worden. Vervolgens pleit Vrij Voorne voor meer creatieve oplossingen, zoals knarrenhoven, flexwoningen, Tiny Houses en oplossingen voor arbeidsmigranten. Vrij Voorne is tevens van mening dat het van belang is, dat ook de voorzieningen op orde blijven.

Met betrekking tot ruimtelijke en duurzame ontwikkelingen is mevrouw Witte van mening dat dit vraagt om een actieve en directe communicatie met, en naar de inwoners. Tenslotte zegt zij kritisch te blijven volgen welke voornemens gerealiseerd zullen worden. De heer Dedert (BVNL) zegt zich niet te hebben voorbereid op dit stuk. Mevrouw Den Brok (fractie Den Brok) merkt op, dat het coalitiedocument door 4 partijen is opgesteld en het collegeprogramma door 3, en dit erg vreemd te blijven vinden. Zij deelt de mening van de heer Mulder met betrekking tot de ondernemers, en zegt dat niet alleen de ondernemers, maar alle inwoners belangrijk zijn. In het coalitiedocument wordt gesproken over de rode loper en een loketfunctie, maar zij ziet dit niet terug in het collegeprogramma. Met betrekking tot energie en windmolens is het onduidelijk of het college nu voor- of tegen windmolens is. Ten aanzien van de verduurzaming van woningen mist zij de eigen panden van de gemeente. Vervolgens mist zij een uitspraak over kernenergie. Mevrouw Den Brok is blij met de ambitie eigen kracht en bestaanszekerheid, en vindt het een goede insteek om aan de voorkant te kiezen voor preventie. 6

Zij hoopt dat de verdeling van beschikbare middelen goed en breed bekeken gaat worden, en dus niet alleen binnen het sociaal domein. Tenslotte zegt mevrouw Den Brok benieuwd te zijn naar de concrete invulling van het document richting de begroting, en hoopt dat het college en de raad dit traject samen kunnen doorlopen. Mevrouw De Rijke (LEF) vraagt ten aanzien van het bedrijventerrein Kickersbloem 3, dat nog niet is afgebouwd, waarom er nu al een onderzoek zou moeten worden gestart naar de uitbreiding van het bedrijventerrein. Het lijkt haar beter om eerst Kickersbloem 3 af te bouwen. Vervolgens vraagt zij met betrekking tot de opvang van asielzoekers of zij ervan uit kan gaan dat er nee wordt gezegd tegen de opvang, totdat de spreidingswet er is. Tenslotte vraagt zij wat er gaat veranderen om een uitnodigende en open houding als gemeente te bereiken, en op welke termijn dit wordt verwacht. Zij merkt op, dat hiervan op dit moment nog geen sprake is. Wethouder Schop zegt dat het collegeprogramma dat nu voorligt recht doet aan het coalitieakkoord, en het college aangeeft hoe en waaraan zij wil gaan werken. Hij zegt dat het college zich ervan bewust is dat het programma uitdagend is, en er zeker ook nieuwe opdrachten voorbij zullen komen. Daarnaast beschikt de gemeente niet over onbeperkte middelen en mogelijkheden, dus zullen er ook beperkingen zijn.

De wethouder zegt dat er ook geen zekerheden zijn want de wereld veranderd steeds, en dit vraagt om aanpassing. Het college vindt het een belangrijke opdracht om de komende jaren met de raad samen te werken. Af en toe zullen er keuzes moeten worden gemaakt, omdat we afhankelijk zijn van de middelen en mensen die beschikbaar zijn. De wethouder zegt dat het college met de raad in gesprek zal gaan om de juiste keuzes te kunnen maken. Om elkaar echt te begrijpen en naar elkaar te luisteren is het beter om dit in een kleinere zetting te doen, zodat er dieper op zaken ingegaan kan worden. De wethouder zegt dat het college graag met de raad aan de slag wil gaan. Vervolgens zegt de wethouder dat de reeds gestelde mondelinge of schriftelijke vragen richting geven waar het college aan moet denken, en rekening mee moet houden. De wethouder zegt vervolgens dat de dienstverlening, wonen en bouwen prioriteit heeft bij het college, en zegt dat de gemaakte opmerkingen door de raad, tijdens de overwegingen die het college maakt worden meegenomen. Het college zal de raad zo nodig benaderen voor verduidelijking of advies. De wethouder zegt dat het college samen met de raad en de ambtelijke organisatie hard aan de slag zal gaan om het collegeprogramma uit te voeren, en daar waar mogelijk te verbeteren.

Mevrouw Witte (Vrij Voorne) merkt op dat het collegeprogramma veel ambitie en verwachtingen uitspreekt, en vraagt hoe de financiële middelen zich verhouden tot het ambitieniveau dat wordt geschetst. Vervolgens vindt zij het jammer dat er op weinig vragen een concreet antwoord wordt gegeven. Tenslotte wil Vrij Voorne graag opheldering over de gesprekken met de initiatiefnemer van het windmolenpark Brielle en de bewoners. De heer Smit (ONS Brielle) zegt blij te zijn met de handreiking die door het college wordt gedaan. Vervolgens vindt de heer Smit het heel bijzonder dat BVNL geen reactie heeft. De heer Mulder (D66) zegt afstand te nemen van de opmerkingen die vanavond zijn gemaakt over asielzoekers en statushouders. 7

Vervolgens zegt hij blij te zijn met de reactie van het college, en vraagt hij te willen streven naar de inwoners-vriendelijkste gemeente van Nederland met een groene loper. De heer Mulder hoopt dat hij vanavond de andere partijen heeft kunnen overtuigen waar volgens D66 de accenten op zouden moeten worden gelegd. Hij hoopt o.a. op ondersteuning bij de besluitvorming over de OZB. Mevrouw Vermeer (PVaZ) bedankt het college voor de beantwoording, en zegt enthousiast te zijn om aan de slag te gaan. De heer Borgonjen (CDA) bedankt voor de reactie maar zou graag een wat meer inhoudelijke reactie zien, en vraagt of het college ook een tijdlijn aan kan geven. Vervolgens is het CDA blij dat het college met de raad in gesprek gaat, het zou mooi zijn als het college dan ook tegemoet zou kunnen komen aan de punten die door het CDA naar voren zijn gebracht. De heer Borgonjen vraagt evenals de heer Smit, waarom er niets is terug te zien over het regenboogakkoord, en is ook het CDA verbaast dat er geen inbreng is van BVNL. Met betrekking tot de opvang van asielzoekers is het CDA van mening dat de spreidingswet niet hoeft te worden afgewacht, en mensen moeten worden opgevangen wanneer zij in Nederland zijn, en de gemeente hierin haar verantwoordelijkheid moet nemen. De heer Kap (BVNL) bedankt het college voor de beantwoording en hij hoopt dat er gaandeweg meer concreetheid komt.

Naar aanleiding van de opmerking van het CDA dat er een slogan ontbreekt zegt de heer Kap, dat de slogan luidt: ‘Bouwen doen we samen, met iedereen binnen en buiten Voorne aan Zee’. De heer De Jong (VVD) zegt dat de VVD initiatiefnemer is van het regenboogakkoord. De VVD vraagt het college naar de vertaling van dit akkoord. De heer Van Ravenhorst (GL/PvdA) zegt de uitgestoken hand van het college voor samenwerking graag aan te nemen. Hij vraagt vervolgens of er een antwoord kan worden gegeven op zijn vraag om tijdelijke voorzieningen te realiseren, en meer duiding over kernenergie. Is er een planning om over kernenergie het gesprek aan te gaan. De heer Dedert (BVNL) maakt excuses, en zegt dat hij door het vertrek van mevrouw De Rijke veel tijd en energie heeft moeten steken in randzaken, waardoor hij prioriteiten heeft moeten stellen en hij geen reactie op het collegeprogramma heeft kunnen geven. Mevrouw De Rijke (LEF) zegt de ambitie om de MKB-vriendelijkste gemeente van Nederland te willen worden een goed streven te vinden, maar zegt dat dit dan ook hand- in hand moet gaan met de inwoners-vriendelijkste gemeente van Nederland. Vervolgens vraagt zij of het college haar vraag over de opvang van asielzoekers wil beantwoorden, en zegt dat het belangrijk is als het college hierover een standpunt inneemt.

De heer Hoogzand (Forum voor Democratie) sluit zich aan bij de woorden van mevrouw De Rijke dat het van belang is een uitspraak te doen over de opvang van asielzoekers. Hij vraagt zich af hoe er moet worden omgegaan met de opdrachten van het Rijk en de Provincie met betrekking tot de statushouders. Hij is van mening, dat er geen plek is voor statushouders, omdat er al genoeg woningnood is voor de eigen inwoners van Voorne aan Zee. De vergadering wordt vervolgens geschorst van 21.19 tot 21.26 uur. Wethouder Schop zegt dat over de onderwerpen statushouders, asielzoekers, wonen voor doelgroepen in commissievergaderingen richting de begroting met de raad in gesprek wordt 8

gegaan. Hij zegt dat het vanavond niet het juiste moment is om hierover in gesprek te gaan, omdat deze onderwerpen meer aandacht verdienen. De heer Smit (ONS Brielle) zegt via de griffie in het volgende overleg van de agendacommissie voor te willen stellen, dat deze onderwerpen op de agenda worden geplaatst. Wethouder Bal zegt naar aanleiding van de vraag van mevrouw Witte over het windmolenpark Brielle dat er zorgvuldig naar de gegevens is gekeken, en dat er reeds zowel met de omwonenden als met de initiatiefnemer is gesproken. Hij sluit niet uit dat de gesprekken na het zomerreces een vervolg zullen krijgen. 8. Overdrachtsdocument Voorne aan Zee, reactie van het college. De heer Noordzij (IBV) zegt dat het goed is om in de nieuwe samenstelling over het overzicht met moties, gedane toezeggingen en punten, die de voormalige drie gemeenten hebben aangedragen te spreken, en deze te beoordelen. IBV wil graag in een vroeg stadium betrokken worden bij de uitwerking van het beleid, en wil hiertoe graag in overleg met elkaar om zo breed mogelijk op te trekken. De heer Noordzij zegt dat IBV goede mogelijkheden ziet om tot resultaten te komen. Een beperkt budget en beperkte capaciteit zou kunnen leiden tot het maken van andere keuzes in de uit te voeren zaken, maar dit geeft de raad wel de mogelijkheid om een verstandige keuze te maken voor de inwoners van Voorne aan Zee.

De heer De Jong (VVD) zegt in de lijst veel punten van herkenning te zien, maar er ook een aantal punten zijn die hij minder duidelijk vindt. Hij zegt dat de VVD graag in een gesprek met elkaar wil kijken in welke mate de moties, toezeggingen en andere punten passen in de beleidsvisie die reeds is vastgesteld. De heer De Jong zegt eveneens vele mogelijkheden te zien. De heer Van Ravenhorst (GL/PvdA) zegt dat voorliggend document een goede basis vormt om met elkaar het gesprek te voeren. GL/PvdA heeft begrip voor het standpunt van het college, dat er opnieuw gekeken zal worden naar de moties. Hij stelt voor om in de agendacommissie nader te bekijken welke moties en toezeggingen zinvol zijn om in de commissies te bepreken. In de commissies kan dan bepaald worden wat er met betreffende zaken moet gebeuren. De heer Van Ravenhorst benadrukt, dat de moties van de voormalige gemeenten een signaal zijn over een onderwerp wat sterk speelde, en wellicht nog speelt. Hij vindt dat dit belangrijke element nu wel een beetje aan de kant wordt geschoven. Hij vindt het ook onduidelijk op welk onderwerp generiek beleid wordt gemaakt, dat zomaar 1,5 tot 2 jaar zou kunnen duren. GL/PvdA vindt dat dit geen recht doet aan het urgente gevoel ten tijde van het indienen van de moties, en pleit er dan ook voor om voor sommige zaken te kijken naar lokaal maatwerk.

Het zoveel mogelijk betrekken van kernen en wijken staat haaks op hetgeen waarop in dit voorstel wordt gestuurd. De heer Abrahams (CDA) sluit zich aan bij de voorgaande sprekers. Hij zegt dat de fusie die is aangegaan om gemeenschappelijke doelen beter te bereiken ook inhoudt, het voortbouwen om breed gedragen voorstellen uit de voormalige gemeenten met elkaar te delen. Hij stelt voor dat het vanavond niet het moment is om de discussie te voeren over de aangenomen moties en gedane toezeggingen uit de voormalige raden. Het CDA stelt voor om de diverse onderwerpen in de betreffende commissies te bespreken, en zegt dat alleen dan recht wordt gedaan aan het vele werk wat de voormalige gemeenten 9

hebben verricht. In de commissies de onderwerpen bespreken met een advies aan de raad past eveneens goed in de participatie, en de samenwerking zoals gesteld in het collegeprogramma. Mevrouw Priester (PVaZ) sluit zich aan bij de woorden GL/PvdA en het CDA en zegt dat het vanavond niet het moment is om hierover te spreken, dit zou geen recht doen aan de tijd en het vele werk wat hieraan is besteed door de voormalige raden. Zij steunt het voorstel om het stuk in de hiervoor betreffende commissie te bespreken, en te kijken wat uitvoerbaar is en wat niet. De heer Mulder (D66) sluit zich aan bij de vorige sprekers. Hij zou vervolgens graag zien dat er een statusrapport in de vorm van een Berap komt, waarin de 3 belangrijke onderwerpen die door de voormalige raden zijn aangedragen in terugkomt, met daarbij de status, de voortgang en hoeveel procent van het einddoel is bereikt. De heer Smit (ONS Brielle) merkt op dat het niet juist is, dat er wordt aangegeven dat als een wethouder een toezegging doet, dit een persoonlijke toezegging is, en niet voor het college geldt. Hij zegt dat de wethouder altijd spreekt uit naam van het college. Vervolgens zegt de heer Smit dat iedere voormalige raad met veel toewijding onderwerpen naar voren heeft gebracht met als doel dat hiermee iets zou gebeuren.

Er zijn duidelijke afspraken gemaakt, en op een aantal zaken had al moeten worden teruggekomen, echter dit is nu doorgeschoven. Als voorbeeld noemt de heer Smit bijvoorbeeld de verduurzaming van de binnenstad Brielle. Vervolgens heeft ONS Brielle verduidelijking gevraagd naar aanleiding van het dashboard en over de gang van zaken, en op een groot aantal vragen is een antwoord gekomen. De heer Smit zegt dat ONS Brielle wordt verweten te veel vragen te stellen, maar hij concludeert dat er vragen zijn, die nog steeds niet zijn beantwoord. Tenslotte sluit hij zich aan bij de overige sprekers, en zegt uit te kijken naar een adequaat beleid. De heer Hoogzand (Forum voor Democratie) sluit zich aan bij de overige sprekers om het stuk eerst in de commissie te bespreken. Mevrouw Witte (Vrij Voorne) zegt teleurgesteld te zijn over de manier waarop het college met belangrijke en essentiële vragen van raadsleden omgaat, en vraagt zich af hoe een raad op deze wijze het collegeprogramma kan beoordelen. Zij sluit aan bij de vorige sprekers om het stuk serieus in de commissie te bespreken, te kijken naar de moties, toezeggingen en de diverse onderwerpen. Tenslotte pleit mevrouw Witte ervoor, dat er snel aandacht komt voor de essentiële zaken zoals bijvoorbeeld met betrekking tot de ontsluiting van het verkeer in de binnenstad van Brielle.

De heer Dedert (BVNL) sluit zich aan bij de woorden van mevrouw Priester om het stuk in de hiervoor betreffende commissie te bespreken, en te kijken wat uitvoerbaar is en wat niet. Mevrouw Den Brok (fractie den Brok) sluit zich eveneens aan bij de vorige sprekers om het stuk eerst in de commissie te behandelen. Zij zegt dat het ook een taak van de raad zal zijn om elkaar te overtuigen van zaken die belangrijk zijn voor de gemeente Voorne aan Zee. Wanneer de raad dan met elkaar tot overeenstemming komt over een onderwerp, en het college zou het hiermee niet eens zijn, kan de raad nog opnieuw een gezamenlijke motie indienen. Mevrouw De Rijke (LEF) sluit tenslotte eveneens aan bij de overige sprekers om het stuk in de commissie te behandelen.

10

De voorzitter zegt dat via de agendacommissie het verzoek van de raad, om het voorliggende stuk met de verschillende onderwerpen en de reactie van het college te agenderen in de hiervoor bestemde commissie, onder de aandacht zal worden gebracht. Het advies van de commissies zal vervolgens aan de raad worden aangeboden. De vergadering wordt vervolgens geschorst van 21.50 tot 21.55 uur. Wethouder Schop is verheugd over de discussie die goed is voor een democratisch proces. Hij zegt dat het goed is om het voorstel eerst in de betreffende commissie te bespreken, en te proberen om daar met elkaar tot overeenstemming te komen. Wanneer dit zo is, en het college is het hiermee niet eens, kan de raad opnieuw een gezamenlijke motie indienen. Vervolgens geeft de voorzitter de voorzittershamer over aan de plaatsvervangend voorzitter, de heer Van Ravenhorst, en verlaat de vergadering. 9.

Investeringsschema 2023.

Mevrouw Den Brok (fractie Den Brok) concludeert dat het schema gebaseerd is op de oude begrotingen van 2022 van de voormalige gemeenten, maar ziet een aantal zaken die op deze begroting stonden nu niet meer opgenomen. Daarnaast zijn er wel nieuwe investeringen opgenomen, die niet in de begrotingen van 2022 stonden. Vervolgens heeft zij vragen over de nieuwbouw van het Streekarchief. Zij vraagt waar het bedrag van 3,5 miljoen euro op is gebaseerd. Zij stelt deze vraag, omdat er 1,7 miljoen euro is opgenomen op de begroting van de voormalige gemeente Brielle, en dat hierover nog een besluit moest worden genomen. Dit bedrag was voor de verbouw van het Arsenaal ten behoeve van de eventuele vestiging van het Streekarchief. Mevrouw Den Brok zegt dat hierover nooit een besluit is genomen, en ziet nu dat het krediet overgeheveld is naar 2023, en verhoogd van 1,7 miljoen euro naar 3,5 miljoen euro. Zij uit hierover haar bedenkingen, en zegt dit een forse investering te vinden, te meer omdat de raad hierover nooit iets heeft gehoord. De heer Smit (ONS Brielle) vindt het jammer dat er zo weinig documentatie bij het voorliggende stuk aanwezig is, en pleit er voor om in het vervolg te zorgen voor betere documentatie, zodat dit voor iedereen te begrijpen is. De heer Noordermeer (PVaZ) zegt in te kunnen stemmen met de wijze die wordt ingezet.

De heer De Jong (VVD) sluit zich aan bij de woorden van de heer Smit om in het vervolg meer toelichting te geven bij dit soort investeringen, omdat het bij sommige zaken onduidelijk is waarover dit gaat. Mevrouw Witte (Vrij Voorne) zegt eveneens meer behoefte te hebben aan een onderbouwing, en sluit zich aan bij de heer Smit. Vervolgens sluit zij zich eveneens aan bij de woorden van mevrouw Den Brok met betrekking tot de investering van 3,5 miljoen euro voor het Streekarchief. De heer Noordzij (IBV) zegt het merkwaardig te vinden dat het schema, dat reeds op 20 april jongstleden is besproken, toen niet tot deze vragen heeft geleid. Mevrouw Den Brok zegt dat het schema was gebaseerd op oude begrotingen, en hiermee te hebben ingestemd. Zij geeft aan dat dit niet geldt voor een nieuw investeringsschema. Mevrouw Witte (Vrij Voorne) zegt van mening te zijn dat het zowel voor de coalitie als de oppositie van belang is dat er een goede onderbouwing ten grondslag ligt, op basis waarvan er besluiten kunnen worden genomen. 11

Wethouder van der Kooi zegt ten aanzien van de vraag over de nieuwbouw van het Streekarchief, dat er in de voormalige raad van Brielle in twee tranches een bedrag van 1,7 miljoen euro beschikbaar is gesteld, samen 3,5 miljoen euro. Vervolgens zegt hij toe, dat in voorkomende gevallen er een betere onderbouwing zal worden gegeven. Mevrouw Den Brok (fractie den Brok) zegt dat zij niet tegen de investering is, maar vindt deze wel erg fors, temeer omdat de raad niet op de hoogte is van de situatie. Zij gaat ervan uit, dat voordat er geld wordt uitgegeven, er eerst een besluit wordt genomen door de raad. De heer Abrahams (CDA) zegt dat het goed zou zijn, gezien de discussie, dat de raad meer informatie krijgt over de investeringen die zijn gedaan. Ten aanzien van de nieuwbouw van het Streekarchief zegt hij dat de beschikbaar gestelde 2x 1,7 miljoen euro bedoeld was voor de verbouwing van het Streekarchief, en niet voor het Arsenaal. Uiteindelijk is het Arsenaal niet verbouwd, en is het besluit genomen om het Streekarchief te verbouwen. Het bedrag hiervoor zou door Brielle worden voorgeschoten en later verrekend met de diverse deelnemers van het Streekarchief. Het CDA stelt dan ook voor om geen investering van 3,5 miljoen euro op te nemen, maar een eigen deel.

Mevrouw Den Brok (fractie den Brok) merkt naar aanleiding van de woorden van de heer Abrahams op, dat in de jaarrekening staat opgenomen, een verbouwing van het Arsenaal ten behoeve van het eventuele Streekarchief. Wethouder van der Kooi zegt dat het college graag voortgang wil met betrekking tot het Streekarchief en hierover nog inhoudelijk met de raad gesproken zal worden. Hij zegt dat deze wens begin dit jaar reeds is geuit. De wethouder zegt dat het Steekarchief op de lijst staat, omdat er voorbereidende werkzaamheden moeten worden gedaan, en hiervoor kosten moeten worden gemaakt. Hij zegt toe, dat nog nader inhoudelijk zal worden teruggekomen bij de raad over het Streekarchief. De heer Abrahams (CDA) stelt voor om een bedrag van € 100.000,00 op te nemen in plaats van het bedrag van 3,5 miljoen euro, als zijnde aanloopkosten. Wethouder van der Kooi zegt dat het niet de bedoeling is om komend half jaar een bedrag van 3,5 miljoen euro uit te geven. Het lijkt hem niet juist om nu al een knip te maken, en stelt voor het bedrag van 3,5 miljoen euro te laten staan, totdat er specifieker over gesproken is. De heer Abrahams (CDA) zegt het hiermee toch niet eens te zijn. Wanneer het bedrag van 3,5 miljoen euro nog niet wordt uitgegeven, is deze ook nog niet nodig. Hij pleit er nogmaals voor om een bedrag van € 100.000,00 op te nemen voor de voorbereidingskosten.

In de begroting van volgend jaar kan dan het juiste bedrag worden opgenomen dat gereserveerd moet worden voor de verbouw van het Streekarchief. De heer Smit (ONS Brielle) zegt gezien de discussie die steeds onduidelijker wordt, hij niet kan instemmen als er geen duidelijkheid wordt gegeven. De heer Mulder (D66) zegt niet te begrijpen waarom Voorne aan Zee geld moet investeren voor het Streekarchief, dit omdat zij deelneemt aan een gemeenschappelijke regeling Streekarchief. De heer De Jong (VVD) vraagt eveneens verduidelijking van de wethouder over de investering van 3,5 miljoen euro. Hij vraagt of er nog een voorstel naar de raad komt met betrekking tot de kosten voor de voorbereidende werkzaamheden. 12

Wethouder van der Kooi zegt dat er door de voormalige gemeente Brielle in een tweetal tranches van 1,7 miljoen euro een bedrag van 3,5 miljoen euro beschikbaar is gesteld. Hij zegt dat de gemeente Brielle toen optrad als bouwheer voor het streekarchief voor meerdere partners. De wethouder zegt dat het bedrag van 3,5 miljoen euro is overgenomen, en er geen mutaties zijn gedaan, dit ook vanwege de herkenbaarheid. Hij zegt dat aan de wens wordt tegemoet gekomen om nader inhoudelijk te spreken over het Streekarchief, en dat hieraan voorbereidingskosten verbonden zijn. De wethouder vraagt de raad het schema op deze wijze te lezen. Mevrouw Witte (Vrij Voorne) sluit zich aan bij de woorden van de heer Abrahams om een bedrag van € 100.000,00 op te nemen voor de voorbereidingskosten. Zij merkt op dat de situatie nu anders is als toen het besluit werd genomen. De heer Noordzij (IBV) doet gezien de ontstane discussie een voorstel van orde. Hij stelt voor om het voorliggende schema in stemming te brengen, omdat de discussie met elkaar over het Streekarchief op korte termijn zal plaatsvinden. Het investeringsschema wordt vervolgens in stemming gebracht.

Mevrouw Den Brok (fractie Den Brok) en mevrouw Witte (Vrij Voorne) zeggen in een stemverklaring in te kunnen stemmen met daarbij een stemverklaring, dat het bedrag van 3,5 miljoen euro wordt opgenomen in de begroting voor de afschrijving van de kapitaallasten en er nog geen geld wordt uitgegeven, totdat er door de raad een besluit is genomen over het Streekarchief. De heer Smit (ONS Brielle) zegt in een stemverklaring eveneens in te kunnen stemmen, mits er nog geen geld wordt uitgegeven. Wanneer het college aan de slag wil, dient zij eerst naar de raad te komen met voorstellen. De heer Mulder (D66) zegt in een stemverklaring de noodzaak te begrijpen, en vanwege gebrek aan informatie met tegenzin in te kunnen stemmen. Mevrouw Verschoor (GL/PvdA) zegt in een stemverklaring in te kunnen stemmen onder voorwaarde, dat er nog nader inhoudelijk over het Streekarchief gesproken gaat worden. Het investeringsschema 2023 wordt met 33 stemmen voor aangenomen. 10. Vaststellen jaarrekeningen 2022 van de voormalige gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne. De heer Borgonjen (CDA) licht namens de auditcommissie het advies toe. De heer Mulder (D66) zegt dat de drie jaarrekeningen van de voormalige gemeenten een plus laten zien, en het juist in de huidige situatie beter was geweest om de accountantsverklaringen te behandelen in de raad.

De heer Mulder vraagt vervolgens, of het college voornemens is de ambtelijke capaciteit op te voeren om tegemoet te komen aan de ongewenste situatie, dat informatie niet tijdig kan worden aangeleverd, en het toch weer problemen geeft om de deadline, die al jaren in de gemeentewet staat, te halen. D66 blijft het storend en verwarrend vinden dat de jaarrekeningen positief zijn, maar de begroting negatief. D66 vraagt zich daarom nog steeds af op welke manier nu gerekend

13

wordt, en wanneer de raad wordt geïnformeerd of de gewenste zaken ook daadwerkelijk zijn uitgevoerd. De heer Noordermeer (PVaZ) maakt een compliment aan de wethouder en de ambtelijke organisatie, die hard gewerkt hebben om de drie jaarrekeningen tijdig op tafel te krijgen. Hij zegt dat het natuurlijk zo is dat er zaken zijn waaruit lering moet worden getrokken, maar die worden ook in het stuk aangegeven. De heer Noordermeer kijkt uit naar het proces richting de begroting 2024, waarin deze zaken worden meegenomen. De heer Borgonjen (CDA) zegt dat de gewenste zaken voor een deel niet zijn uitgevoerd. Hij vraagt vervolgens of het bedrag van 3,5 miljoen euro dat wordt overgeheveld naar 2023 ook zorgvuldig is getoetst. Hij zegt dat het goed is om in de begroting nog eens kritisch te kijken naar de raming, en het niet zo moet zijn dat er allerlei capriolen moeten worden uitgehaald om de begroting sluitend te krijgen, terwijl aan het eind van het jaar blijkt dat er een overschot is. Vervolgens zegt hij dat er aandacht is gevraagd voor het onderhoud van kunstwerken, zoals bruggen en vraagt of hier middelen en formatie voor aanwezig is. Het CDA vraagt hier blijvend aandacht voor, omdat onvoldoende onderhoud uiteindelijk kan leiden tot vervelende gevolgen. Het CDA zegt in te kunnen stemmen met de jaarrekeningen en het advies van de auditcommissie.

De heer Borgonjen zegt vervolgens, indien er nog een managementletter komt van de accountant, deze in de auditcommissie te willen bespreken. De heer Voncken (IBV) sluit zich aan bij de vorige sprekers, en zegt in te kunnen stemmen onder voorbehoud dat er geen wezenlijke wijzigingen zijn naar aanleiding van de accountantsverklaring. De heer De Jong (VVD) gaat ervan uit dat de accountantsverklaring nog verstrekt gaat worden. Hij hoopt dat zaken waaruit lering kan worden getrokken wordt meegenomen in de ontwikkeling van de begroting 2024. De VVD pleit vervolgens voor een realistische begroting, en wanneer er overschotten in het vooruitzicht zijn, al op voorhand hierover met de raad in discussie te gaan waaraan dit zou kunnen worden besteed. De heer De Jong roept op om de focus te richten op de toekomst, en op de resultaten die de raad met elkaar kan boeken. Mevrouw Verschoor (GL/PvdA) zegt in te kunnen stemmen met de jaarrekeningen. Zij zegt dat GL/PvdA staat voor groen en sociaal met een proactief bestuur, dat transparant is in besluiten en de samenleving verbindt, maar dit maar deels terug te zien in de jaarrekeningen, zeker in relatie met het collegeprogramma. Opvallend hierbij is, dat de ambitie groot was in de 3 voormalige gemeenten, en dit zeker na de fusie niet is veranderd.

Mevrouw Verschoor ziet dat veel zaken worden doorgeschoven, zoals bijvoorbeeld onderhoud, en zegt dat het effect hiervan zal moeten worden bezien. Mevrouw Den Brok (fractie den Brok) maakt een compliment aan de ambtelijke organisatie voor het vele werk dat is gedaan. Zij is van mening dat er voor de jaarrekening 2023 rekening mee moet worden gehouden, dat de accountant een beperking heeft afgegeven voor de verklaring van rechtmatigheid, en vraagt het college dit als aandachtspunt mee te nemen. Tenslotte zegt mevrouw Den Brok onder voorbehoud van de definitieve versie in te kunnen stemmen met de jaarrekeningen inclusief de budgetoverheveling. Wethouder van der Kooi bedankt voor de gemaakte complimenten.

14

Hij zegt dat er is gekozen om de drie jaarrekeningen in een besluitstuk aan de raad voor te leggen. Hij zegt dat de accountant tevreden is over de samenwerking met de nieuwe organisatie, en dat de ambtelijke organisatie zeker moet kijken of het plaatje er beter uit kan gaan zien. Er worden maandelijks gesprekken gevoerd met de organisatie en de accountant over de rechtmatigheid. Vervolgens licht de wethouder toe, waarom de totstandkoming van de jaarrekeningen wat langer heeft geduurd, en zegt dat er is getracht om zaken in de vertrouwde vorm van de voormalige raden en colleges weer te geven, en niet alvast een nieuw format te maken. Hij zegt, dat wanneer de accountantsverklaring en de bevindingen gereed zijn, deze naar de raad zullen komen. Met betrekking tot de begroting 2024 is het van belang, dat er wordt gekeken naar zaken die moeten gebeuren, en onderhoud is hierbij zeker een van de zaken, die bij de begroting aan de orde zal zijn. De wethouder zegt dat er naar de capaciteit en de ambtelijke inrichting wordt gekeken. Ten aanzien van de overschotten deelt de wethouder de mening, dat dit een vertekend beeld geeft in hetgeen je wel of niet uitvoert. Hij zegt dat hierbij de decembercirculaire een rol heeft gespeeld, omdat deze pas begin 2023 is ontvangen, en dus niet meer kon worden verwerkt in 2022. De heer Borgonjen (CDA) vraagt of de meicirculaire al is ontvangen.

Wethouder van der Kooi zegt dat aan de raad een brief is gestuurd met betrekking tot de begroting 2024, en wat er van het college kan worden verwacht. Hij zegt dat er duidelijk met de raad zal worden gesproken over de begroting. Vervolgens wordt het voorstel in stemming gebracht. Het voorstel wordt met 33 stemmen voor aangenomen. 11.

Vragenuur.

De voorzitter zegt dat de vraag van mevrouw Witte inmiddels is beantwoord. 12.

Sluiting.

De voorzitter sluit de vergadering om 22.48 uur.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 31 augustus 2023. de griffier, de voorzitter.

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13074566/4