CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag van de extra openbare raadsvergadering van Voorne aan Zee van 28 nov 2024

Raadsvergadering 30 januari 2025, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Verslagen raadsvergaderingen d.d. 28 november en 19 december 20247.230 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag van de extra openbare raadsvergadering van de gemeente Voorne aan Zee, gehouden op donderdag 28 november 2024 om 21.00 uur in de raadzaal van het gemeentehuis te Hellevoetsluis. Aanwezig:

mevrouw H.D. Boender, mevrouw L.M. Hamstra, mevrouw E.A. Thiel, mevrouw G.J. Witte, mevrouw M.P.W. van der Velden, mevrouw J. KrajenbrinkMeinds, mevrouw M. de Rijke, mevrouw I. Dudink, mevrouw I. Bakker- de Waal, mevrouw M. den Brok-Swakhoven en de heren F. Demirtürk, H. Heijndijk, B.J.W. Voncken, W.A.J. Borgonjen, N.P. Braal, E.G. Mulder, W. Smit, W.J. Dedert, H. de Jong, H. Westbroek, E. Noordzij, J. Noordermeer, E. Hoogzand, R. de Zoete, H. Kap en B. van Stijn.

Afwezig:

wethouder R.M. van der Kooi, de dames H. van Noort, E. Priester-Tinkhof, A. Vermeer, B. Verschoor en de heren H.S.A. Abrahams, J. ’t Mannetje, L.T. van Ravenhorst, F. de Reus en M. Soetens.

Mede aanwezig:

wethouders A.J. Spoon, D.D. van Orselen en I.S. Bal.

Voorzitter:

burgemeester A.R.C. Scheepers.

Griffier:

A. Goslings.

Notulist:

mevrouw M. van Eijsden-Briggeman.

1.

Opening.

De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. Hij heet in het bijzonder welkom de grote groep bezoekers op de publieke tribune. De voorzitter zegt dat dames Van Noort, Priester-Tinkhof, Vermeer, Verschoor en de heren Abrahams, ’t Mannetje, Van Ravenhorst, De Reus en Soetens zijn verhinderd, en dat wethouder Spoon en mevrouw Van der Velden later komen. Hij meldt, dat de heer Noordermeer (PVaZ) niet aan de beraadslagingen en stemming deel zal nemen vanwege zijn werkzaamheden in de glastuinbouw, en omdat hij elke schijn van belangenverstrengeling wil vermijden. De voorzitter zegt, dat op verzoek van 12 raadsleden aan hem als voorzitter van de raad is gevraagd om een extra raadsvergadering. Conform artikel 17 lid 2 Gemeentewet: “de raad vergadert voorts indien de burgemeester het nodig oordeelt of indien ten minste een vijfde van het aantal leden (7 leden) waaruit de raad bestaat schriftelijk, met opgave van redenen, daarom verzoekt”. Gezien de 12 ondertekenaars van het verzoek is aan deze voorwaarde voldaan. 2.

Vaststelling agenda.

1

De voorzitter zegt dat de agenda bestaat uit een motie Compound Willemansweg, ingediend door de fracties van Vrij Voorne, ONS Brielle en LEF! De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3.

Spreekrecht.

De voorzitter zegt dat een viertal inwoners hebben aangegeven gebruik te willen maken van het spreekrecht. Dit zijn mevrouw Van Toledo, en de heren Kruyt, Buijnink en Kome. Inspreker 1 De heer Kruyt spreekt namens een grote groep omwonenden van de Willemansweg zijn zorg uit over het plan voor een compound voor de huisvesting van arbeidsmigranten aan de Willemansweg. Hij zegt s van mening te zijn dat dit project niet past binnen het omgevingsplan, noch binnen de koers voor de oude zeekleipolders, zoals bepaald door de gemeente. Het project voldoet niet aan de eisen op het gebied van ruimtelijke ordening, is een milieu- en verkeersbelasting voor het gebied, en in strijd met het algemeen belang. Hij zegt naar aanleiding van het ondertekende besluit door de voormalige gemeenteraad van Westvoorne, dat op basis van rechtspraak door de Raad van State in augustus 2024 een algemene (niet geconcretiseerde) verklaring van geen bedenkingen te algemeen wordt geacht, en dus in het geheel geen juridische basis heeft, bij deze verboden door de wet. De gemeenteraad is dus sowieso bevoegd tot inspraak en om het instrument verklaring van geen bedenkingen toe te passen. Indien dit niet wordt toegepast bij deze vergunningsaanvraag zou volgens de heer Kruyt niet de juiste procedure worden gevolgd.

De heer Kruyt zegt dat het legaliteitsbeginsel en zorgvuldigheidsbeginsel wordt geschaad naar de burgers en de gemeenteraad, en dat ook detournement de procedure ook hier van toepassing is (de overheid verplicht is om te kiezen voor de procedure die de meeste rechtsbescherming biedt aan de burger). Tenslotte zegt hij dat de omwonenden erop vertrouwen, dat in hun belang een juridisch juiste en democratische procedure wordt gevolgd. De heer Borgonjen (CDA) vraagt of er ook inhoudelijke bezwaren zijn tegen de komst van deze compound. De heer Kruyt zegt dat er zeker inhoudelijke bezwaren zijn, de compound zal te massaal zijn en een zware belasting zijn op de omgeving en de gemeenschap. Hij zegt dar er eerst een vergunning voor een kruimelregeling is aangevraagd, en dit later is omgezet naar een uitgebreide procedure. Hij is van mening, dat bij deze uitgebreide procedure tegen de aanvrager had moeten worden gezegd, dat de raad hierbij betrokken moet worden. De heer Dedert (BVNL) concludeert, dat de heer Kruyt refereert aan een uitspraak van de Raad van State uit 2014, en hij vraagt wat de gevolgen zouden kunnen zijn als de bestuursrechter hem op dit moment in het gelijk zou stellen. De heer Kruyt zegt van mening te zijn dat op basis van deze rechtspraak deze procedure sowieso zou worden afgekeurd als de raad het instrument verklaring van geen bedenkingen niet zou mogen gebruiken.

Alle eventuele andere procedures en vergunningaanvragen uit het verleden, die onder dezelfde regeling vallen met gebruik van hetzelfde document, en door het college zijn goedgekeurd zonder dat de raad hierbij is betrokken, kunnen potentieel ongeldig verklaard worden.

2

Mevrouw Witte (Vrij Voorne) vraagt of de heer Kruyt ook zijn zienswijze heeft ingediend bij de eerste vergunningsaanvraag voor deze locatie, en zo ja, heeft hij toen ook deze argumenten naar voren gebracht. De heer Kruyt zegt dat hij alle argumenten, zoals hij deze vanavond naar voren heeft gebracht, behalve de verklaring van geen bedenkingen, als zienswijze heeft ingediend. De gemeente heeft in een algemene reactie hierop gezegd, dat er niets met de zienswijze zou worden gedaan. Inspreker 2 De heer Buijnink spreekt namens het buurtcomité Willemansweg zijn zorg uit over de wijze waarop door het college wordt omgegaan met de gemeenteraad en over de houding van het college naar de inwoners van de gemeente. Hij wijst erop dat de eerdere vergunningsaanvraag voor het compound is afgewezen op een zestal punten. Hij is verbaast dat de gemeente erkend geen toezicht te kunnen houden op de huisvesting en mogelijke misstanden, en dit plan promoot als het beste idee van het jaar. De privacy is kennelijk van onderschikt belang, er is namelijk ook een adressenlijst voor de informatieavond verstrekt aan de aanvrager, en het lijkt erop dat dit plan koste wat het kost moet slagen. De heer Buijnink is van mening dat er stelselmatig is verzuimd door het college om de raadsleden van de geldende procedure op de hoogte te brengen.

Het college heeft de kans gehad om de raad bij deze gevoelige kwestie te betrekken, en had bij de verandering van de kruimelregeling naar de uitgebreide procedure de aanvrager hiervan op de hoogte kunnen stellen. Het college heeft er voor gekozen dit niet te doen, ondanks de 40 ingediende zienswijzen. Hij is van mening dat deze vergunning de deur openzet voor andere ondernemers met een groot stuk grond, en zegt dat dit onwenselijk is. Mevrouw De Rijke (LEF!) vraagt of de uitnodiging voor de informatieavond geadresseerd was aan de bewoners of op naam gesteld. Vervolgens vraagt zij op welke vragen, die zijn gesteld door het buurtcomité aan de gemeente nog geen antwoord is ontvangen. De heer Buijnink zegt dat deze brief aan de bewoners was gericht. Vervolgens zegt hij dat het ging om de vraag door wie wordt het MER rapport getoetst, en een vraag hoe de gemeente tegenover de spuitzone staat. Met betrekking tot de participatie richting de inwoners vraagt mevrouw Krajenbrink (IBV) wat de mening is van het buurtcomité over de kwaliteit van de burgerparticipatie tijdens de voorlichtingsbijeenkomst in Vierpolders. De heer Buijnink zegt dat de kwaliteit van de burgerparticipatie niet geheel voldeed. Inspreker 3 De heer Kome is van mening dat verantwoord met de vierkante meters grond moet worden omgegaan. Een compound ziet hij als onverantwoord grondgebruik.

Vervolgens merkt hij op dat in de rapporten geen rekening gehouden zijn met de flora- en faunawet zoals deze is bedoeld, en dat ook het grondonderzoek gebrekkig is uitgevoerd. De ecologische verbindingszones zijn niet integraal meegewogen in de beoordeling, maar alleen marginaal. Ten aanzien van het percentage water dat door het waterschap geëist wordt, zegt de heer Kome dat het percentage van 10% reeds is achterhaald. De heer Kome zegt vervolgens dat het beleid niet gewijzigd mag worden, en op het moment dat het college de raad om advies vraagt wordt de regel niet veranderd, want dit is een normale zaak in een procedure. Hij adviseert om advies te vragen aan de raad, en dit te beschouwen als een bindend advies. 3

De heer Dedert (BVNL) vraagt wat de heer Kome bedoelt met de flora- en faunawet. De heer Kome zegt dat dit een Europese wetgeving is. Hij zegt dat door de lichtinval van het verkeer er een lichtverstoring is in het gebied, en dit een van de kwalijkste milieuverstoringen is in Nederland. Het verstoort vogels, insecten, vleermuizen en planten. Vervolgens vraagt de heer Dedert (BVNL) waarom de heer Kome van mening is dat het grondonderzoek gebrekkig is uitgevoerd. De heer Kome zegt begrepen te hebben dat grondonderzoek niet zo belangrijk wordt gevonden. Hij zegt dat op non-food gewassen over het algemeen meer pesticiden gebruikt wordt als op food gewassen. Hij zegt dat op dit perceel jarenlang non-food gewassen zijn geteeld en hier een zeer grondig diepgaand onderzoek nodig is. De heer Dedert (BVNL) vraagt hoeveel procent water op dit moment door het waterschap wordt geëist. De heer Kome zegt dat in de beleidsplannen reeds 15% water wordt genoemd. De heer Mulder (D66) vraagt een nadere toelichting over de zorg over de ecologische verbindingszone. De heer Kome zegt dat het nabijgelegen bos een NN gebied is, en dit verbinding moet vinden in de polder. Wanneer hier permanente lichtverstoring plaatsvindt zal dit een probleem zijn.

Inspreker 4 Mevrouw Van Toledo spreekt haar zorg uit over haar perceel, en zegt dat dit een perceel is met een agrarische bestemming en dit alleen voor agrarische doeleinden gebruikt mag worden. Het perceel grenst aan het beoogde perceel waarvoor een vergunning is aangevraagd, en zij ziet een belemmering bij de uitoefening van het agrarische bedrijf. Zij zegt dat er een spuitvrije zone van 50 meter noodzakelijk is, en merkt op dat er voor de bewoners van de compound geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat gewaarborgd kan worden, omdat die binnen vijftig meter vanuit de perceelsgrens gehuisvest gaan worden. Zij betreurt het dat er niet met haar als aangrenzende grondeigenaar is gesproken over het voornemen om deze plannen te realiseren. Zij is van mening, dat de initiatiefnemer zich niet heeft gehouden aan de daarvoor geldende regels, en zegt als direct belanghebbende tegen de plannen te zijn. De heer Heijndijk (IBV) vraagt of er bij de eerste vergunningsaanvraag wel is gesproken met mevrouw Van Toledo door de initiatiefnemer of gemeente, en of er tijdens de informatieinformatiebijeenkomst gesproken is over participatie met de omwonenden. Mevrouw Van Toledo zegt persoonlijk niet te zijn benaderd. Tijdens de informatiebijeenkomst heeft zij net zoals iedereen die daar aanwezig was vragen kunnen stellen. Mevrouw Krajenbrink (IBV) vraagt wat een spuitzone precies inhoudt.

Tevens vraagt zij wanneer de spuitzone in acht wordt genomen, of het bebouwde stuk grond wat bestemd zou worden voor de compound dan te klein wordt. Vervolgens vraagt zij wat mevrouw Van Toledo van de kwaliteit van de participatie vond tijdens de informatieavond. Mevrouw Van Toledo zegt tijdens een avond in Vierpolders aanwezig te zijn geweest. Deze avond werd als een informatieavond kenbaar gemaakt, maar er werd zeker geen informatie 4

gegeven, en er konden alleen vragen worden gesteld. Vanuit de initiatiefnemer werd eveneens geen informatie verstrekt. Een spuitzone betekent, dat er minimaal 50 meter afstand tussen het agrarisch gebruik, en in dit geval de compound moet worden gehanteerd. Zij zegt dat hier dus geen gewasbeschermingsmiddelen mogen worden gebruikt, met als resultaat dat hier dan ook geen gewassen geteeld kunnen worden. Dit houdt in, dat een van de percelen van mevrouw Van Toledo voor 25% niet meer kan worden gebruikt, en dit een flinke schadepost tot gevolg zal hebben. De heer Dedert (BVNL) vraagt of mevrouw Van Toledo van mening is dat de initiatiefnemer in gebreke is gebleven qua participatie, en op grond hiervan de vergunning niet verleend mag worden. Mevrouw Van Toledo zegt dat dit inderdaad een van de zaken is. Zij zegt eveneens bezorgd te zijn over het verkeer. Mevrouw De Rijke (LEF!) vraagt of mogelijk het plan niet door kan gaan als de initiatiefnemer rekening moet houden met de spuitzone. Mevrouw Van Toledo zegt dat dit onderzocht zal moeten worden. De heer Mulder (D66) vraagt of mevrouw Van Toledo de indruk heeft dat iedereen die uitgenodigd had moeten worden, ook daadwerkelijk een uitnodiging heeft ontvangen. Mevrouw Van Toledo zegt hier haar twijfels over te hebben, en heeft vernomen dat niet iedereen is uitgenodigd. 4.

Motie Compound Willemansweg.

De voorzitter zegt dat de inspraak uit de commissie Ruimte van 27 november jongstleden door mevrouw Dielemans en de heer Caspers bij de discussie wordt betrokken. De motie Compound Willemansweg, ingediend door de fracties van Vrij Voorne, ONS Brielle en LEF! wordt door mevrouw Witte (Vrij Voorne) toegelicht. Vooraf zegt mevrouw Witte (Vrij Voorne), met betrekking tot participatie, dat het organiseren van een participatieavond een verplichting is onder de nieuwe Omgevingswet, en deze niet geldig was ten tijde van deze aanvraag. Er is wel als voorwaarde opgenomen om erop toe te zien, dat er een informatieavond georganiseerd zou worden. Zij zegt dat dit een andere juridische lading heeft dan de verwachting die zij proeft in de raad, dat een participatie verplicht zou zijn geweest. De heer Smit (ONS Brielle) zegt dat de raad naast haar controlerende taak eveneens een morele plicht heeft, om besluiten die het college voornemens is te nemen van een dringend advies te voorzien, indien zij hiervoor aanleiding heeft. Na juridisch onderzoek heeft de raad geconstateerd dat dit een collegebevoegdheid zou kunnen zijn, en dat de verklaring van geen bedenking van de raad niet vereist is. Dit betekent echter, dat dit wel is toegestaan en de heer Smit vraagt waarom dit niet door het college aan de raad is voorgelegd.

Vervolgens geven de geldende regels van de Omgevingswet een andere toepassing, en hij adviseert het college eens te kijken naar de brief van glastuinbouw Nederland. De heer Smit constateert dat plaatsing van een compound binnen het huidige vigerend kader van het omgevingsplan niet mogelijk is. Met betrekking tot het zintuigelijk bodemonderzoek zegt hij dit heel vreemd te vinden, en is van mening dat dit nader dient te worden onderzocht. Met betrekking tot de zogenaamde spuitzone is er geen dialoog geweest met de omgeving. 5

Hij zegt een ander beeld te hebben bij een dialoog met de omgeving, en niet zoals werd geschetst door de insprekers, zoals dit is gebeurd tijdens de informatieavonden. Vervolgens is de heer Smit van mening, dat de compound niet valt onder de verstedelijkingsafspraken die zijn gemaakt, omdat het niet aan de rand is van een kern. De heer Smit plaatst vervolgens vraagtekens bij de bouwkosten van € 174.000 en de projectkosten van € 174.000. Hij is van mening dat het project hier niet voor kan worden gerealiseerd, en dit zou moeten worden onderzocht. Ten aanzien van de huisvesting is de beeldvorming dat het gaat om expats. Hij zou zich voor kunnen stellen dat expats niet met vier personen in een container gaan wonen. Het is echter nog steeds niet duidelijk om welke mensen het hier gaat. ONS Brielle is van mening, dat een verlenging van 10 jaar, zoals de initiatiefnemer zou willen in ieder geval niet aan de orde kan zijn. ONS Brielle is van mening, dat wanneer voor deze compound een vergunning wordt verleend de leefbaarheid onder druk zal komen te staan, omdat dit kan leiden tot een precedent. De heer Smit vraagt zich vervolgens af of er nog meer zaken zijn die onder de regeling van 2010 vallen. Tenslotte adviseert hij het college kritisch te kijken naar deze aanvraag en de gevolgen hiervan.

Mevrouw De Rijke (LEF!) blikt terug op een eerste aanvraag van de initiatiefnemer in 2023, en een informatieavond in Oostvoorne die niet goed verliep. Het was duidelijk dat er massaal weerstand was tegen het plan, en de initiatiefnemer kon niet goed antwoord geven op vragen. Nadat door het college werd aangegeven, dat er een eventuele bereidheid was om aan het verzoek te voldoen heeft er een commissievergadering plaatsgevonden, en daarna was er een lange stilte. Nadat er in mei 2024 een beleid huisvesting arbeidsmigranten is vastgesteld door de raad, werd er een select groepje omwonenden uitgenodigd voor een informatiemiddag/avond bij de grondeigenaar. Tijdens deze informatiemiddag/avond konden mensen vragen stellen, en was ook de gemeente aanwezig. Door veel omwonenden werd dit ervaren als partijdigheid. Er werden ook verschillende antwoorden gegeven op dezelfde vragen. Mevrouw De Rijke constateert dat uit de acties van de wethouder geen enkel gevoel is voor de onrust in de samenleving over deze aanvraag, en er wordt geschermd met de regels uit 2010. Het besluit uit 2010, dat een verklaring van geen bedenkingen niet vereist is bij een aanvraag met een bestemmingsplan dat ouder is dan twee jaar, betekent niet dat de wethouder niet alsnog het plan aan de raad had voor kunnen leggen.

Mevrouw De Rijke vraagt waarom de wethouder de raad niet alsnog bij dit gevoelige dossier heeft betrokken, om haar hier volledig over te laten beslissen. Vervolgens vindt zij het een slechte zaak dat de bewoners meer informatie hadden dan de raad, en de raad zelf op zoek moest gaan naar de betreffende stukken. In de vergunningsaanvraag ontbreekt de investering van het project, en zij vraagt aan de wethouder wat hij ziet als een acceptabele kostenopgave als projectkosten voor een compound van 170 arbeidsmigranten. De heer Borgonjen (CDA) zegt regelmatig het signaal te horen dat Oostvoorne als kern onevenredig zwaar wordt getroffen. Er is echter wel een huisvestingsprobleem voor arbeidsmigranten. Hij zegt dat er een aanvraag is gedaan voor een derde Maasvlakte, en partners hiervoor binnenkort worden uitgenodigd. Hij vraagt het college om de huisvestingsproblematiek hier aan de orde te willen stellen. Het CDA heeft het gevoel dat het college zich op juridisch drijfzand begeeft, en vraagt hoe het college hier tegenaan kijkt en hier verder mee omgaat in het maken van de keuze. De heer Borgonjen zegt dat het CDA de motie kan ondersteunen, juist omdat de zorgvuldigheidseisen goed naar voren zijn gebracht. Indien het college besluit de vergunning toch te verstrekken voor de periode van 3 jaar, zal er na deze periode door de raad een beslissing moeten worden genomen.

Hij zegt dat het op 6

dat moment goed zou zijn, om een goed beeld te hebben van de situatie. Belangrijk is daarom, dat wanneer de vergunning wordt verleend er goed wordt gemonitord. Mevrouw Hamstra (VVD) zegt naar aanleiding van de voorgaande sprekers, de insprekers, gevoerde gesprekken en bezoeken aan de informatiebijeenkomsten voorafgaande aan de vergadering van vanavond, en de zorgen die worden geuit door de inwoners, dit deels zelf te hebben ervaren. De VVD spreekt de hoop uit, dat het college alle input die is geleverd meeneemt in haar overwegingen. De VVD staat niet onwelwillend tegenover de motie, maar wacht eerst de reactie van het college af. Vervolgens vraagt mevrouw Hamstra naar aanleiding van de inspraak door de heer Kruyt over juridische haken en ogen, hoe het college dit zal wegen en hoe de raad dit mee moet nemen in haar afweging. Met betrekking tot de toekomstige ontwikkelingen en de huisvesting van arbeidsmigranten vindt de VVD het belangrijk, dat de raad en het college de regie neemt, en er een integrale visie wordt ontwikkeld. Het is van belang te weten hoeveel mensen er niet ingeschreven staan in de gemeente, maar hier wel woonachtig zijn. De VVD is daarom ook blij, dat er in 2025 vorm wordt gegeven aan het inzichtelijk maken en belasten van niet ingeschreven arbeidsmigranten voor overnachtingen in deze gemeente.

De VVD vraagt het college om proactief in gesprek te gaan met het Havenbedrijf en gezamenlijk te zoeken naar gepaste huisvesting voor bedrijven in de haven. Er zal een winwin situatie ontstaan door gezamenlijk op te trekken, waarbij de benodigde arbeidsmigranten in de tuinbouw, die zijn gevestigd op het grondgebied van Voorne aan Zee, worden meegenomen. Het is van belang de raad hierbij te betrekken, zodat er een gedragen visie en beleid kan komen. De VVD vindt vervolgens dat de leefbaarheid binnen de gemeente gewaarborgd moet blijven, en stelt daarom voor om schaarse vergunningen te introduceren. Door de ondernemer is aangegeven tijdens de informatiebijeenkomst in Hotel van Marion in Oostvoorne dat de periode gemaximeerd was en hij bereid is een som geld te storten als garantie. Mevrouw Hamstra vraagt of indien de vergunning wordt verstrekt het college kan garanderen dat drie jaar ook drie jaar blijft. De heer Hoogzand (Forum voor Democratie) vraagt ten aanzien van de motie hoe de indieners ermee omgaan, wanneer een verlenging van de vergunning ruim van tevoren opnieuw wordt aangevraagd. Naar aanleiding van punt 2, 3e bullet vraagt hij wat er wordt bedoeld met het woord: ‘goed’ na te gaan, en dient te worden teruggekoppeld aan de raad.

De heer Voncken (IBV) zegt dat het vraagstuk huisvesting arbeidsmigranten in de toekomst vaker aan de orde zal komen, en het goed is om als raad hierover een discussie te voeren, randvoorwaarden te stellen en duidelijk te zijn. IBV is van mening, dat hierover op korte termijn moet worden gesproken. Het is van belang dat er geluisterd wordt naar de insprekers en de inwoners, en dit wordt meegenomen in de beslissing. IBV wacht vervolgens de reactie en antwoorden van het college af. De heer Mulder (D66) is van mening, dat er een oplossing moet worden gezocht voor de arbeidsmigranten, maar het aantal van 170 personen te massaal te vinden op deze locatie. Hij zegt geen voorstander te zijn van het verstrekken van een vergunning, maar wanneer het college besluit om toch een vergunning af te geven is hij van mening, dat de tijdelijkheid van drie jaar hard moet zijn, en dat dit aan de initiatiefnemer duidelijk moet worden gemaakt. Hij vraagt aan het college op welke wijze deze termijn zo hard mogelijk kan worden gemaakt. Ten aanzien van de motie zegt de heer Mulder het antwoord van het college af te wachten.

7

De heer Van Stijn (GL/PvdA) zegt dat zijn partij belang hecht aan goede huisvesting voor arbeidsmigranten, en zegt dat er gezocht zal moeten worden naar geschikte locaties. Tenslotte spreekt hij zich positief uit over de motie. De heer Dedert (BVNL) sluit zich aan bij de vorige sprekers, maar vooral bij de woorden van de heer Smit. Hij is vervolgens van mening, dat de beslissing voor het al dan niet afgeven van een vergunning moet worden teruggegeven aan de raad. Er is massale weerstand tegen de komst van de compound, er zijn gegronde argumenten van omwonenden, en er is veel onrust. De inwoners vrezen voor de leefbaarheid en veiligheid. De heer Dedert zegt tenslotte de motie te steunen. Mevrouw Den Brok (fractie Den Brok) zegt dat het proces geen schoonheidsprijs verdient, en is benieuwd naar de reactie van het college naar aanleiding van de vragen en opmerkingen van vanavond. Zij zegt eveneens van mening te zijn, dat er in de toekomst een zorgvuldig proces moet worden doorlopen, en dat kritisch moet worden gekeken naar de termijn van 3 jaar.

Naar aanleiding van opmerkingen van de heer Hoogzand (Forum voor Democratie) zegt mevrouw Witte (Vrij Voorne) naar aanleiding van de 2e bullet, dat er geen sprake kan zijn van een precedentwerking, en dat dit inhoudt dat deze procedure voor deze locatie op dit moment op zichzelf staat, en geen vrijbrief kan zijn voor andere aanvragers op die locatie, en hier nadrukkelijk afspraken over gemaakt moeten worden. Naar aanleiding van de 3e bullet zegt mevrouw Witte dat automatisch aangenomen kon worden dat dan de verklaring van geen bedenkingen ingebracht had moeten worden bij de raad. Wethouder Bal zegt naar aanleiding van de vraag of er nog meer aanvragen zijn die onder hetzelfde regime vallen, dat het gaat om minder als 10 aanvragen op het grondgebied van de voormalige gemeente Westvoorne, maar niets van deze aard of omvang. Het gaat hier om aanvragen over een carport, dakkapel en een bijgebouw. Met betrekking tot de termijn van drie jaar zegt de wethouder, dat de initiatiefnemer zich heeft gerealiseerd welke politieke en maatschappelijke zorgen dit teweeg brengt, en daarom in een email heeft aangegeven dat de aanvraag voor 36 maanden is. Mevrouw Krajenbrink (IBV) merkt op, dat er echter door de initiatiefnemer tijdens de informatieavond is gezegd dat hij niet voor maar drie jaar een dergelijke investering gaat doen, en dit zeker 10 jaar zal zijn.

Mevrouw Krajenbrink zegt zich zorgen te maken over deze opmerking, en vraagt naar de borging van drie jaar. De wethouder zegt dat er een afspraak is gemaakt voor drie jaar, en dat tijdig richting het aflopen van de vergunning de initiatiefnemer in kennis wordt gesteld wanneer e.e.a. verwijderd moet zijn. Indien dit niet gebeurt zullen er juridische stappen worden ondernomen, en de kosten zullen verhaald worden. Mevrouw Krajenbrink (IBV) is van mening, dat een dwangsom ten grondslag moet liggen aan het vastleggen van het gehele proces. Wethouder Bal zegt dat de regels voor iedereen gelden en strak worden toegepast, en hier niet van afgeweken kan worden door opeens andere regels toe te passen. De heer Smit (ONS Brielle) vraagt of het juridisch mogelijk is om een verlenging aan te vragen. Wethouder Bal zegt dat de aanvraag in 2023 is ingediend, en daarom het besluit van de voormalige gemeente Westvoorne uit 2010 geldt. 8

Hij zegt dat er geen verlenging mogelijk is, en er na drie jaar een nieuwe aanvraag gedaan zal moeten worden. Een eventuele nieuwe aanvraag zal volgens het bindend adviesrecht aan de raad moeten worden voorgelegd. De wethouder merkt hierbij nog op dat niet kan worden voorkomen dat iemand een aanvraag indient. Mevrouw Krajenbrink (IBV) zegt dat het haar gaat om borging van het feit dat deze drie jaar hard is. Dit is in meerderheid een vereiste voor de raad. Zij zegt dat er zonder borging geen vergunning kan worden gegeven. De heer Smit (ONS Brielle) stelt voor om dit in een anterieure overeenkomst vast te leggen. Wethouder Bal zegt, dat wanneer er een vergunning wordt afgegeven hierin de termijn van drie jaar komt te staan, en dat deze termijn hard is. Er kan echter niet worden afgedwongen dat iemand instemt met aanvullende afspraken. De heer Heijndijk (IBV) benadrukt, dat de raad graag afspraken wil maken met het college dat zij de raad en de inwoners serieus neemt. Wethouder Bal zegt dat het uitgangspunt helder is, en drie jaar ook drie jaar is.

Met betrekking tot de opmerkingen van mevrouw De Rijke over de informatieavond zegt de wethouder, dat er tijdens de informatieavond in Van Marion het verwijt is geweest dat de gemeente niet aanwezig was om haar inwoners te woord te staan, en er nu het verwijt wordt gemaakt dat er partijdigheid zou zijn door de aanwezigheid van de gemeente bij de volgende informatieavond.. Hij zegt dat het de bedoeling was om de inwoners zo goed mogelijk te informeren over het proces. Naar aanleiding van de vraag waarom er niet voor is gekozen om de raad alsnog mee te laten beslissen zegt de wethouder, dat in de verordening uit 2010 staat dat dit niet vereist is, en dit wil zeggen dat de raad besloten heeft dat het voor bepaalde categorieën niet nodig is om dit te doen. De wethouder zegt, dat er dus ook een verwachting ligt bij de initiatiefnemer om dit dus ook niet aan de raad voor te leggen. Mevrouw Krajenbrink (IBV) merkt op, dat het een mooi moment zou zijn geweest als tijdens de overgang van de kruimelprocedure naar een uitgebreide procedure, de wethouder had gezegd dat hij de raad hierbij wil betrekken. Wethouder Bal benadrukt, dat het niet is vereist, dus iedereen dus mag verwachten dat het niet gebeurt.

De wethouder zegt dat de verwarring vorig jaar is ontstaan toen er drie verordeningen waren van de drie voormalige gemeenten, en er een vierde verordening in de maak was hoe dit onder de nieuwe Omgevingswet gedaan zou moeten worden. Hij zegt niet goed scherp te hebben gehad welke procedure hierop van toepassing was. Het betekent wel dat dit een collegebevoegdheid is, en dit ook zo opgepakt gaat worden. De spelregels tijdens de procedure kunnen niet zomaar gewijzigd worden voor een initiatiefnemer. Mevrouw Witte (Vrij Voorne) zegt dat de wethouder ‘niet vereist’ interpreteert als zijnde verboden om de raad er nog bij te betrekken. Zij vraagt of het nu een kwestie is van niet willen of van niet kunnen, en vraagt om een onderbouwing. Wethouder Bal zegt, dat dit juridisch niet mogelijk is, ook op basis van het verwachtingsmanagement ten aanzien van dit soort aanvragen naar initiatiefnemers toe. De wethouder zegt, dat het een groot risico is om de spelregels tijdens dit proces te veranderen. De wethouder zegt voor de zuivere weg te kiezen.

9

De heer Mulder (D66) zegt graag de hardheid van het juridische risico verwoord te willen zien. Wethouder Bal zegt nogmaals dat hetgeen hij eerder heeft aangegeven de juridische duiding is zoals de juristen het college hebben geadviseerd. Mevrouw De Rijke (LEF!) zegt dat de initiatiefnemer zelf is uitgegaan van een bestemmingsplan uit 2022, en dus ervan uit had moeten gaan dat er wel degelijk een verklaring van geen bedenkingen van toepassing is. Zij zegt dat de woorden ‘niet vereist’ niet opgaan als gekeken wordt waar de initiatiefnemer vanuit is gegaan. Wethouder Bal zegt, dat de wet helder is en dat ‘niet vereist’ dus niet nodig is, gelet op de regelgeving uit 2010. De initiatiefnemer is destijds ook geïnformeerd over dit uitgangspunt, dat een verklaring van geen bedenkingen van de raad niet nodig is. Mevrouw Krajenbrink (IBV) merkt op, dat er ook een ander juridische standpunt ligt als bijlage van de inspreker de heer Struijk, en eveneens een uitspraak die in 2014 is gedaan door de Raad van State, en dit toch een ander inzicht geeft. De wethouder zegt, dat in deze uitspraak is gesteld dat een algemene niet concrete of ongeclausuleerde verklaring van geen bedenkingen niet toegestaan is.

Het college is van mening, dat hiervan op dit moment geen sprake van lijkt te zijn, omdat dit zou betekenen dat voor alle ontwikkelingen geen verklaring van geen bedenkingen nodig is, en dit niet het geval is. De heer Smit (ONS Brielle) is van mening dat bij de overgang van de kruimelprocedure naar een uitgebreide procedure het college de kans heeft gehad om te zeggen, dat zij in deze situatie een verklaring van geen bedenkingen aan de raad voor gaat leggen. Wethouder Bal zegt dat dit conform het beleid uit 2010 niet vereist was voor de uitgebreide procedure. Naar aanleiding van de opmerking van de heer Borgonjen over toekomstige en onvoorziene ontwikkelingen zoals een 3e Maasvlakte zegt de wethouder in de gesprekken die hierover nog gevoerd gaan worden met de Provincie de zorgen mee te zullen nemen dat er wel kritisch moet worden gekeken wat realistisch is voor deze gemeente. De wethouder zegt vervolgens dat zal worden bezien of er afspraken kunnen worden gemaakt voor een aantal locaties, zodat hierdoor meer duidelijkheid aan de inwoners kan worden gegeven. De heer Mulder (D66) stelt voor dit op de LTA (Lange termijn agenda) te plaatsen en hier een strategie voor te ontwikkelen. Naar aanleiding van de motie zegt de wethouder dat er na een eerste informatieavond ook daadwerkelijk aanpassingen zijn gedaan aan het plan met betrekking tot een groene inpassing van de locatie.

Het is vervolgens juist dat e.e.a. niet past binnen het bestemmingsplan, vandaar dat er ook een vergunningsaanvraag ligt. Met betrekking tot het bodemonderzoek heeft de DCMR hierin geadviseerd en beoordeeld welk bodemonderzoek er nodig is. Dit is niet alleen een zintuigelijk onderzoek geweest, maar er zijn ook boringen uitgevoerd. In de aanvraag is eveneens aandacht voor de NN gebieden en de spuitzone, en hier is een onderbouwing voor aangeleverd. Met betrekking tot de vraag van mevrouw De Rijke over de project- en bouwkosten zegt de wethouder dat de units in eigendom zijn, en niet in de aanvraag zijn meegenomen. Hiermee wordt de drempel van € 500.000 niet gehaald.

10

Mevrouw Witte (Vrij Voorne) zegt dat de projectomschrijving aangeeft ‘het realiseren van een tijdelijke campus’. Zij zegt dat dit aanleiding genoeg is om dit door de aanvrager te laten onderbouwen. Het bedrag van € 500.000 is een ondergrens bij aanbestedingen, maar het gaat hier om een vergunningverlening. Tevens wordt er nergens gesproken over het verrichten van grondwerk. Wethouder Bal zegt dat dit alleen afdwingbaar is als iemand aan die regel voldoet, en dat willekeur niet toegepast kan worden. De heer Smit (ONS Brielle) vindt het merkwaardig dat de units niet in de beoordeling worden meegenomen, omdat dit wel onderdeel is van het kapitaal van de vergunning. Wethouder Bal zegt dat de waarde van een product dat geplaatst gaat worden niet wordt meegerekend. Het gaat hier om de bouwkosten die relevant zijn voor de Bibob toets. De units zijn reeds in eigendom, dus geen onderdeel van de bouwkosten. De heer Mulder (D66) zegt dat een Bibob toets is bedoeld om ondermijning te voorkomen. Hij is van mening dat het college moet vragen hoe die containers in eigendom zijn gekomen. Mevrouw De Rijke (LEF!) zegt dat de bouwkosten en de totale projectkosten exact hetzelfde zijn, en dit volgens haar niet het geval kan zijn. Zij vraagt of de kosten gecheckt zijn en of hier verantwoording over is afgelegd.

Wethouder Bal zegt, dat er is gekeken of de bedragen realistisch zijn op basis van de werkzaamheden die verricht zullen worden. Hij zegt dat er geen signalen zijn, dat dit niet zou kloppen. Er is getoetst aan de regels, en het is niet raar dat bedragen hetzelfde zijn. Hij zegt op dit moment wel het gevoel te krijgen dat de raad een vergunningsaanvraag aan het beoordelen is, en dit niet de bedoeling kan zijn. De heer Borgonjen (CDA) vraagt ten aanzien van de tijdelijke termijn van 3 jaar of het mogelijk is dat deze 3 jaar wordt gemonitord om te zien hoe dit verloopt. De wethouder zegt dat dit ook door de Provincie is geadviseerd vanwege het verkeerskundige aspect. Hij zegt vervolgens dat de effecten vanwege de tijdelijkheid zullen worden gemonitord. Vooraf zal duidelijk zijn welke aspecten gemonitord, en getoetst gaan worden. Met betrekking tot de motie zegt de wethouder dat de vaststelling in de ruimtelijke onderbouwing niet correct is. Hij zegt dat het juist gaat om het plan uit 2020 wat door de raad is vastgesteld, en dat hieraan getoetst dient te worden. Dit plan is ouder dan twee jaar en daarom is het niet noodzakelijk om het omgevingsplan buitengebied (waar een kleine wijziging op heeft plaatsgevonden) te benutten als aanknopingspunt. Met betrekking tot een Bibob procedure zegt de wethouder, dat dit wettelijk niet mogelijk is, omdat dit door de regels wordt geblokkeerd.

De wethouder zegt dat het college het oordeel over de motie aan de raad overlaat. De heer Mulder (D66) zegt, gezien de discussie, verbaast te zijn dat het oordeel over de motie aan de raad wordt overgelaten, en vraagt wat de reden hiervan is. Wethouder Bal zegt, dat er in de motie ook punten staan waarvan het college zegt zich dit goed voor te kunnen stellen, en daarom het oordeel over de motie overlaat aan de raad. Vervolgens wordt de vergadering geschorst van 23.20 tot 23.45 uur.

11

Mevrouw Witte (Vrij Voorne) zegt de motie Compound Willemansweg Oostvoorne, ingediend door de fracties van Vrij Voorne en ONS Brielle, ongewijzigd te handhaven. Vervolgens wordt er door de fracties van LEF!, Forum voor Democratie, ONS Brielle en Vrij Voorne een motie VVGB (Verklaring van geen bedenkingen) ingediend. De motie wordt door mevrouw De Rijke (LEF!) toegelicht. Vervolgens spreekt zij in tweede termijn haar zorg uit over de som van de kosten die niet gelijk aan elkaar kunnen zijn. Zij zegt dat in de projectkosten de bouwkosten zijn inbegrepen. Zij zegt niet te begrijpen dat het college hier zo gemakkelijk over spreekt, en niet is nagegaan of dit klopt. Vervolgens heeft zij twijfels over de units, en of die op dit moment wel van IMC Cross Border zijn, dit gezien de nagenoeg lege BV. Zij merkt op dat er geen anterieure overeenkomst is, en vreest dat de gemeente bij eventuele planschade aansprakelijk wordt gesteld, omdat die afspraken niet in een anterieure overeenkomst zijn vastgelegd. Vervolgens vindt zij het aannemelijk dat gezien de leeftijd van de initiatiefnemer hij in het geval de vergunning wordt verleend, deze wordt doorverkocht inclusief de BV. De raad kan er dan niet vanuit gaan dat na drie jaar alles opgeruimd wordt, maar dat er weer tijdig een nieuwe aanvraag ligt die beoordeeld moet worden.

Wethouder Bal zegt ten aanzien van deze motie dat deze helder is, maar niet uitvoerbaar, zoals hij al eerder in de discussie van vanavond heeft aangegeven. Het college ontraadt de motie. Mevrouw Hamstra (VVD) zegt de motie Compound Willemansweg Oostvoorne te steunen, maar de motie VVGB voor vergunningsaanvraag Willemansweg niet. Vervolgens zegt mevrouw Hamstra dat de initiatiefnemer bereid zou zijn om een waarborgsom in depot te storten waardoor de raad de zekerheid zou hebben voor de termijn van drie jaar. Zij doet een oproep aan de initiatiefnemer om dit ook te doen. Ten aanzien van de groeninpassing vraagt zij erop toe te zien dat dit ook daadwerkelijk dienst doet, dit heeft vooral te maken met de hoogte van de voorziening. Mevrouw Hamstra heeft evenals mevrouw De Rijke vraagtekens bij de kosten, en zij vindt deze niet aannemelijk. Zij merkt op dat wanneer dit niet klopt, de gemeente ook leges mis zal lopen, en hoopt dat op een goede basis de leges kunnen worden berekend. Tenslotte wil de VVD graag dat de afspraken die worden gemaakt met het Havenbedrijf in de KTA (korte termijn aanpak) worden opgenomen. De heer Hoogzand (Forum voor Democratie) vraagt waarom het gevoel leeft dat dit project er kost wat het kost moet komen. De heer Borgonjen (CDA) vraagt of de wethouder mogelijkheden ziet om de vergunning niet te verlenen.

Vervolgens zegt hij de motie Compound Willemansweg Oostvoorne te steunen. De motie VVGB voor vergunningsaanvraag Willemansweg steunt het CDA niet, omdat zij het geen goede zaak vindt als de spelregels worden veranderd. De besluitvorming moet zorgvuldig zijn. De heer Voncken (IBV) zegt de motie Compound Willemansweg te steunen en zal zich nog beraden over de motie VVGB voor vergunningsaanvraag Willemansweg. Vervolgens zegt hij dat het voor IBV belangrijk is dat er op korte termijn wordt gekeken naar een plan voor de toekomst van arbeidsmigranten, en dat dit zo snel mogelijk via de agendacommissie wordt geagendeerd. De heer Mulder (D66) zegt beide moties te steunen.

12

Hij zegt dat de initiatiefnemer wat D66 betreft had kunnen verwachten dat hierop een procedure zou volgen, waarin de raad wel een stemrecht heeft als het gaat om een verklaring van geen bedenkingen. De heer Smit (ONS Brielle) zegt eveneens beide moties te steunen. Hij spreekt van een teleurstellende avond, gezien de antwoorden van het college. Hij vraagt het college om de motie nog eens goed tegen het licht te houden, en in de overweging mee te nemen. Vervolgens wordt nog gevraagd naar de reactie van het college op de brief van glastuinbouw Nederland. Mevrouw Witte (Vrij Voorne) constateert dat er gedurende de gehele vergadering argumenten zijn uitgewisseld, maar er feitelijk geen stap verder is gekomen. Zij zegt niet de indruk te hebben dat de argumenten zullen worden meegenomen door het college, omdat het lijkt of er al een voornemen is om een vergunning te verlenen. Mevrouw Witte zegt beide moties te steunen. Mevrouw Den Brok (Fractie Den Brok) zegt motie Compound Willemansweg te steunen. Motie VVGB voor vergunningsaanvraag Willemansweg kan zij niet steunen omdat zij van mening is dat lopende het traject de spelregels niet kunnen worden aangepast. De heer Van Stijn (GL/PvdA) sluit zich hierbij aan. De heer Dedert (BVNL) zegt beide moties te steunen.

De voorzitter zegt ten aanzien van de vragen over een Bibob toets dat de gemeente een Bibob beleid heeft en dat in een aantal voorkomende gevallen er een Bibob toets uitgevoerd moet worden. Hij zegt dat er geen gronden zijn om voor deze aanvraag een Bibob toets uit te voeren. Wethouder Bal zegt ten aanzien van de opmerking over eventuele planschade, dat uit onderzoek blijkt dat er op basis van deze korte termijn van drie jaar waarschijnlijk geen sprake van planschade zal zijn. Mocht dit wel het geval zijn zullen de kosten op de initiatiefnemer worden verhaald. Mevrouw De Rijke (LEF!) zegt dat dit voorkomen kan worden door dit in een anterieure overeenkomst op te nemen. De wethouder zegt dat dit geldt voor bestemmingsplannen en omgevingsplannen, en dat hiervoor een gegronde reden voor moet zijn, en dat hier niet aan de orde is. Ten aanzien van de oproep aan de initiatiefnemer door mevrouw Hamstra over een waarborgsom zegt de wethouder, dat dit op basis van vrijwilligheid is, maar hij hoopt dat de oproep door de initiatiefnemer gehonoreerd wordt. Met betrekking tot de groeninpassing en de hoogte van de groenvoorziening zegt de wethouder, dat de initiatiefnemer aangespoord zal worden om te kiezen voor een zo hoog mogelijke groenvoorziening.

Ten aanzien van de kosten en dat deze niet aannemelijk zouden zijn zegt de wethouder, dat na een toetsing de inschatting is dat de som wel aannemelijk is. Het gevoelen dat de vergunning kost wat het kost moet worden verstrekt wordt door de wethouder bestreden. Hij zegt dat de aanvraag zal worden beoordeeld en de feiten zullen worden gewogen en dat ook de advisering door de provincie hierin wordt meegenomen. Ten aanzien van de motie VVGB voor vergunningsaanvraag Willemansweg zegt de wethouder, dat het een groeiend risico is als de spelregels gedurende het traject worden aangepast. De initiatiefnemer kan dan met succes de rechtelijke procedure doorlopen met

13

meer kans op succes. Dit zal zowel voor de gemeente als voor de inwoners een nadelige uitkomst zijn. Met betrekking tot de brief van glastuinbouw Nederland zegt de wethouder dat in het voorjaar het gemeentelijk beleid voor arbeidsmigranten door de raad is vastgesteld. De provincie interpreteert dit als zijnde arbeidsmigranten in zijn algemeenheid, en hier vallen dus ook expats onder. Deze categorie voldoet dus aan het gemeentelijk beleid, en aan het provinciaal beleid. Ten aanzien van de vraag wat er in de toekomst met het perceel gaat gebeuren en hoe dit zich verhoudt tot de concept omgevingsvisie zegt de wethouder, dat het gebied de afgelopen jaren qua glastuinbouw is veranderd en minder interessant is geworden. Het is daarom denkbaar dat ondernemers met andersoortige initiatieven zullen komen. De wethouder zegt dat het goed is om hier met glastuinbouw Nederland over in gesprek te gaan, omdat hier verwarring over is ontstaan. Vervolgens wordt tot stemming van de moties overgegaan. Motie Compound Willemansweg Oostvoorne. De motie wordt in stemming gebracht. De motie wordt unaniem aangenomen. De heer Hoogzand (Forum voor Democratie) vraagt vervolgens om hoofdelijke stemming van onderstaande motie. Motie VVGB voor vergunningsaanvraag Willemansweg. De motie wordt in stemming gebracht.

De motie wordt met 10 stemmen voor (D66, ONS Brielle, Vrij Voorne, BVNL, LEF!, FVD, IBV (Krajenbrink, Heijndijk) en 15 stemmen tegen (GL/PvdA, VVD, IBV (Voncken, Westbroek, Demirtürk, Kap, Noordzij ), CDA, Fractie Den Brok) verworpen. 5.

Sluiting.

De voorzitter sluit de vergadering om 00.15 uur.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 30 januari 2025. de griffier, de voorzitter.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15061725/2