Raadsvoorstel Verordening OZB 2026
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Onderwerp: Portefeuille: Zaaknummer:
Verordening onroerende-zaakbelastingen Voorne aan Zee 2026 Robert van der Kooi 136714-2025
Gevraagd besluit De raad van de gemeente Voorne aan Zee besluit: Tot vaststelling van de Verordening onroerende-zaakbelastingen Voorne aan Zee 2026 Advies van commissie Let op, enkel in te vullen door de Griffie zelf! 1. Inleiding De programmabegroting 2026 bevat de paragraaf Lokale Heffingen met kaders voor de gemeentelijke belastingen. In de begroting staan de geraamde opbrengsten onroerendezaakbelastingen (OZB). Deze vormen een belangrijke inkomstenbron voor de gemeente. De aanslagen OZB 2026 moeten gebaseerd zijn op de juiste juridische grondslag en tarieven. De geraamde opbrengst maakt een tariefaanpassing noodzakelijk. Daarom ligt de nieuwe Verordening onroerende-zaakbelastingen Voorne aan Zee 2026 ter goedkeuring voor. 2. Begrotingsprogramma, bestaand beleid, kaders en eerdere besluiten Dit voorstel sluit aan bij de uitgangspunten van de Kadernota 2026. De geraamde opbrengst is opgenomen in de programmabegroting 2026. In de paragraaf Lokale Heffingen van deze begroting staan de belastingkaders voor 2026. 3. Argumenten De hoogte van de OZB wordt berekend als een percentage van de WOZ-waarde. De gemeente stelt deze waarde jaarlijks vast op basis van de waardepeildatum 1 januari van het voorgaande jaar. Voor 2026 is dat 1 januari 2025.
Omdat de tarieven tijdig moeten worden vastgesteld en de herwaardering nog niet is afgerond, baseren we de tarieven op een zorgvuldige schatting. De hoogte van de OZB hangt af van de combinatie van de WOZ-waarde en het tarief. Hierdoor kan het gemeentelijke tarievenbeleid (verhogen van de tarieven met het indexatiecijfer) niet rechtstreeks op het tarief worden toegepast. Er moet rekening worden gehouden met fluctuaties in de waarden. Daarom is gekozen om de totale OZB-opbrengsten als uitgangspunt te nemen. De tarieven zijn berekend op basis van een zorgvuldige schatting van de WOZ-waarden, zodat de verwachte opbrengst overeenkomt met de geraamde opbrengst in de begroting. Bij het berekenen van deze totale opbrengst is rekening gehouden met een indexatie van 3,8%. Naar verwachting stijgen de woningwaarden gemiddeld 10,3% en de waarden van niet-woningen met 2,0%. De tarieven zijn aangepast op basis van de fluctuaties (in de huidige tijd een stijging) in de WOZ-waarden.
Op basis van bovenstaande uitgangspunten zijn de voorgestelde tarieven voor 2026: 0,0884 - OZB woningen % OZB niet-woningen 0,2102 - eigendom % 0,1352 - OZB niet-woningen gebruik %
Een andere wijziging die wordt voorgesteld is de volgende. Onze gemeente hanteert bij de OZB een minimum bedrag voor aanslagen. Dit gaat om een bedrag van € 9,00. De meeste aanslagen worden gecombineerd opgelegd (OZB, afvalstoffen- en rioolheffing). Daardoor geldt het minimum soms wel voor de ene aanslag, maar niet voor de andere. Dit zorgt voor onduidelijkheid en een gevoel van onrechtvaardigheid bij inwoners. Daarnaast komt de bedoelde situatie weinig voor. Het voorstel is daarom om het minimum bedrag voor aanslagen OZB te laten vervallen. Hierdoor zijn maatwerkscripts voor de belastingsoftware niet meer nodig. Dit bespaart werk en verkleint het risico op fouten bij wijzigingen in verordeningen of het automatiseringssysteem. Het effect op de belastinginkomsten is nihil. Het vervallen van het minimum aanslagbedrag kan leiden tot een klein positief saldo. 4. Communicatie en participatie Op basis van artikel 139 van de Gemeentewet wordt de verordening gepubliceerd in het Gemeenteblad. De verordening treedt na publicatie in werking op 1 januari 2026. De verordening wordt tijdig gedeeld met SVHW. 5. Duurzaamheid Niet van toepassing 6. Kosten, baten en dekking De programmabegroting 2026 bevat de geraamde opbrengsten OZB. 7. Regionale afstemming Niet van toepassing Bijlage(n): 1
2