Raadsvoorstel Verordening (land)toeristenbelasting VaZ 2025
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Onderwerp: Portefeuillehouder: Zaaknummer:
Verordening (land)toeristenbelasting Voorne aan Zee 2025 Robert van der Kooi 204435-2024
Gevraagd besluit De raad van de gemeente Voorne aan Zee besluit de verordening (land)toeristenbelasting Voorne aan Zee 2025 vast te stellen Advies van commissie De commissie AZM heeft in de vergadering van 4 december 2024 – met uitzondering van de fractie Vrij Voorne, die het voorstel niet rijp voor behandeling in de raad vindt - geadviseerd om dit voorstel als bespreekstuk te agenderen voor de raadsvergadering van 19 december 2024. 1.
Inleiding Toeristenbelasting kan worden geheven wanneer niet-ingezetenen verblijf houden in de gemeente. In de praktijk zijn er twee vormen: de ‘gewone’ toeristenbelasting, ook wel landtoeristenbelasting genoemd en een watertoeristenbelasting. Binnen onze gemeente zijn beide vormen actief. De nu nog geldende verordeningen toeristenbelasting van de voormalige gemeenten Hellevoetsluis, Westvoorne en Brielle komen van rechtswege te vervallen op 31 december 2024. Om het heffen van toeristenbelasting vanaf 2025 te continueren is het noodzakelijk om een nieuwe verordening toeristenbelasting vast te stellen.
2.
Begrotingsprogramma, bestaand beleid, kaders en eerdere besluiten Dit voorstel maakt onderdeel uit van het harmonisatietraject van de land- en watertoeristenbelasting. Voor de verordening watertoeristenbelasting is een afzonderlijk voorstel opgesteld. Ook is de verordening forensenbelasting nauw verbonden met de land- en watertoeristenbelasting. Dit is ook een afzonderlijk voorstel.
3.
Argumenten Alle drie voormalige gemeenten heffen toeristenbelasting naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Bij de berekening wordt ook gekeken naar het aantal te overnachten personen en het soort onderkomen waar overnacht wordt. Naast een bedrag per persoon per overnachting zijn er ook forfaitaire tarieven. Forfaitaire tarieven worden toegepast op vaste seizoen- en jaarplaatsen. De huidige tarieven (land) toeristenbelasting zijn als volgt: Hotel/B&B/part.woning e.d. Forfait tarief Brielle € 2,44 € 1,35 Westvoorne € 2,32 € 0,99 Hellevoetsluis € 1,23 Vast bedrag
Forfaitaire berekening bij vaste seizoen- en jaarplaatsen De toeristenbelasting stond dit jaar voornamelijk in het teken van een uitgebreid onderzoek naar de forfaitaire heffingsmaatstaven die zijn opgenomen in de
verordening. De forfaitaire berekeningswijze is bedoeld als een vereenvoudiging van de administratieve handelingen die door de belastingplichtige moet worden verricht om tot de vaststelling van het aantal gerealiseerde overnachtingen te komen. Het gaat hier uitsluitend om de categorie vaste seizoen- en jaarplaatsen. De voormalige gemeenten Brielle en Westvoorne werken met een forfaitaire berekeningswijze. Bij de voormalige gemeente Hellevoetsluis krijgen vaste seizoenplaatsen, afhankelijk van het aantal maanden, een vast bedrag in rekening gebracht. Voor het vaststellen van een nieuwe forfaitaire heffingsmaatstaf die geldt voor de gehele gemeente is eerst inventarisatie nodig. Dit is uitgevoerd. Alle campings zijn bezocht waarbij de basisinformatie (capaciteit, bezetting en vormen van verblijf) is vastgesteld. Vervolgens volgt er een onderzoek naar het verblijfsritme van de leden van de vaste standplaatsen, die niet-woonachtig zijn binnen de gemeente Voorne aan Zee. Helaas is dit onderzoek gestagneerd. Een branchevertegenwoordiger heeft aan haar leden het advies gegeven om geen medewerking te verlenen, omdat zij de toepassing van de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen over de gegevenslevering betwisten. Dit alles heeft geleid tot een impasse op juridisch vlak en een vertraging van enkele maanden.
Half september 2024 is een akkoord bereikt over de werkwijze en voorwaarden van het onderzoek. Dit moment is echter te laat om tijdig onderbouwde forfaits gereed te hebben voor de verordening 2025. De duur van een dergelijk onderzoek neemt enkele maanden in beslag. Voor de nu voorliggende verordening is dan ook gebruik gemaakt van voorlopige cijfers op basis van recente onderzoeken van het onderzoeksbureau. De forfaitaire berekening voor vaste standplaatsen kent vanaf 2025 een aantal categorieën, met daarbij de behorende kengetallen (zie artikel 6 van de verordening). Het onderzoek naar het verblijfsritme wordt binnen enkele maanden hervat. Als de onderzoeksresultaten hoger uitvallen dan de voorlopige forfaits, dan worden deze voor het eerst toegepast in 2026. Bij het lager uitvallen van de onderzoeksresultaten is het formeel mogelijk om de verordening landtoeristenbelasting tussentijds te wijzigen. Vanuit de sector is echter wel aangegeven dat bij een geringe daling tussentijdse aanpassing voor het belastingjaar 2025 wellicht achterwege kan blijven, omdat dit leidt tot veel administratief werk voor de ondernemers. Tariefdifferentiatie Het is mogelijk om bij verschillende vormen van verblijf tariefdifferentiatie toe te passen. Vaak geldt er dan voor een hotel/pension/B&B een ander tarief dan voor een camping met vaste seizoen- en jaarplaatsen.
Landelijk kent 40% van de gemeenten een tariefdifferentiatie bij toeristenbelasting. De andere 60% werkt met één tarief. Dit alles hangt af van welke vormen van verblijf een gemeente heeft. In de meeste grote steden zijn veelal wel hotels/pensions/B&B’s aanwezig, maar geen campings. De gemeente Voorne aan Zee heeft verschillende vormen van verblijf, waardoor tariefdifferentiatie gewenst is. Bij de voormalige gemeente Brielle en Westvoorne werd tariefdifferentiatie al toegepast. Vanaf 2025 zal dit gemeente breed van toepassing zijn. Dit betekent dat voor de voormalige gemeente Hellevoetsluis voor met name de korte verblijfaccomodaties (hotel/pension/B&B) een behoorlijk hoger tarief per persoon per overnachting gaan betalen.
2
Motie arbeidsmigranten Op 9 november 2023 is een motie ingediend en aangenomen over het huisvestingsbeleid en belasten van arbeidsmigranten. Arbeidsmigranten vestigen zich tijdelijk in Nederland. Bij voorkeur zien gemeenten dat deze groep zich als ingezetenen in de gemeentelijke BasisRegistratiePersonen (BRP) inschrijven wanneer ze langer dan vier maanden in de gemeente verblijven. Dit is vanwege de uitkering uit het gemeentefonds voor elke inwoner waarmee de voorzieningen (gedeeltelijk) onderhouden worden. De praktijk wijst echter uit dat veel werknemers zich niet inschrijven. Voor de niet-inschrijvers is het heffen van toeristenbelasting mogelijk. Toeristenbelasting is verschuldigd over zakelijke of privé overnachtingen van mensen die niet staan ingeschreven in de gemeente. Dit betekent dat ook toeristenbelasting mag worden geheven voor het verblijf van arbeidsmigranten of voor zakelijke overnachtingen. Vanaf 1 januari 2025 is de verordening toeristenbelasting zo ingericht dat het ‘formeel’ mogelijk is gemaakt om arbeidsmigranten in de heffing te betrekken. Daarmee leveren deze “tijdelijke inwoners” een financiële bijdrage aan de gemeentelijke voorzieningen. Op dit moment is nog niet volledig in beeld waar de arbeidsmigranten zich bevinden.
Daarvoor is een inventarisatie nodig om vervolgens de verblijfbieders aan te kunnen schrijven voor het doen van aangifte toeristenbelasting. BTW verhoging logies Vanuit TOP Voorne Putten en de branchevertegenwoordiging Hiswa/Recron wordt aandacht gevraagd voor de aanstaande BTW verhoging (naar verwachting per 1 januari 2026). Daarbij vervalt het verlaagde tarief in de omzetbelasting van 9% naar 21% voor logies. Voor kampeermiddelen blijft wel het verlaagde tarief van toepassing. Er zijn zorgen vanuit de sector. Omringende landen zoals België, Duitsland en Frankrijk hanteren een BTW-tarief tussen de 6% en 10%. Dat kan betekenen dat onze buurlanden niet, minder of korter komen en wellicht dat Nederlanders minder in eigen land op vakantie gaan. Het is daardoor geen zekerheid dat toeristen komen zoals ze kwamen. Een eventuele excessieve verhoging van toeristenbelasting komt daar wellicht dan nog eens bovenop. Minder toeristen betekent dat onze gasten niet, korter of minder op de terrassen en in de restaurants zitten en niet of minder besteden bij de middenstand. De sector roept dan ook op om het tarievenbeleid gematigd te houden. Tarieven 2025 en benchmark Gemeenteraden hebben veel vrijheid bij het bepalen van de tarieven van de toeristenbelasting.
In de verordening wordt vastgesteld volgens welk tariefstelsel de belasting verschuldigd is en welke basis voor de berekening wordt gebruikt. Een vast bedrag per overnachting is gebruikelijk. Deze manier is nu ook al van toepassing bij de voormalige gemeenten en wordt gecontinueerd. Vervolgens wordt tariefdifferentiatie toegepast voor vaste seizoen- en jaarplaatsen waar een forfaitaire berekeningswijze van toepassing is. De landelijke tarieven per overnachting voor hotels/pensions/B&B’s variëren behoorlijk. Volgens de Coelo Atlas 2024 ligt het tarief in bijna de helft van de gemeenten die toeristenbelasting heffen tussen 1 euro en 2 euro per nacht. De grote 3
steden zijn duidelijk duurder dan gemiddeld. In Amsterdam betaal je maar liefst € 17,13. Het gewogen gemiddelde bij alleen gemeenten met toeristenbelasting is € 3,21. De grootste gemeenten hebben mogelijk niet altijd het grootste aantal overnachtingen. Daarom is het mediane tarief ook relevant. Dat is het tarief dat precies in het midden ligt, de helft van de gemeenten heeft een hoger tarief en de helft een lager tarief. De mediaan is daardoor minder gevoelig voor extreme waarden dan het gemiddelde. Het mediane tarief van de heffende gemeenten met toeristenbelasting is € 1,89. De tarieven 2024 van omliggende gemeenten voor de hotels/pensions/B&B’s/particuliere verhuur zijn: Gemeente Tarief Nissewaard € 1,56 Goeree-Overflakkee € 1,50 Hoeksche Waard € 1,25 Schouwen-Duiveland € 1,83 / € 2,04* Voornemens tarieven 2025 omliggende gemeenten In de perspectiefnota 2025 van de gemeente Nissewaard is aangegeven dat het tarief voor 2025 met 5% wordt verhoogd. Het nieuwe tarief zou dan uitkomen op € 1,64. Het tarief van de gemeente Goeree-Overflakkee blijft voor 2025 ongewijzigd. Dit komt doordat deze gemeente een convenant met de sector heeft afgesloten voor 3 jaar. In 2025 loopt dit convenant af. In de programmabegroting 2025 van de gemeente Hoeksche Waard staat aangegeven dat het tarief voor 2025 naar € 1,28 gaat. * In de gemeente Schouwen-Duiveland is een laag- en hoogseizoen tarief.
In de programmabegroting is aangegeven dat vanaf 2025 geen onderscheid meer wordt gemaakt tussen een laag- en hoogseizoen. Binnen twee jaar wordt stapsgewijs toegegroeid naar hetzelfde tarief. Voor 2025 wordt het tarief € 2,02. De landelijke tarieven voor het overnachten op een camping (met of zonder forfait) ligt, volgens de Coelo Atlas 2024, ook tussen de 1 euro en 2 euro per nacht. Het gewogen gemiddelde bij alleen gemeenten met toeristenbelasting is € 2,06. Net als bij de overnachtingen van de hotels/pensions/B&B’s ook voor de campings een mediane tarief. Het mediane tarief van de heffende gemeenten met toeristenbelasting is € 1,50. De tarieven 2024 van omliggende gemeenten voor de campings zijn: Gemeente Tarief Nissewaard € 1,11 Goeree-Overflakkee € 1,50 Hoeksche Waard € 1,25 Schouwen-Duiveland € 1,57 Voornemens tarieven 2025 omliggende gemeenten In de perspectiefnota 2025 van de gemeente Nissewaard is aangegeven dat het tarief voor 2025 met 5% wordt verhoogd. Het nieuwe tarief zou dan uitkomen op € 1,17.
4
Het tarief van de gemeente Goeree-Overflakkee blijft voor 2025 ongewijzigd. Dit komt doordat deze gemeente een convenant met de sector heeft afgesloten voor 3 jaar. In 2025 loopt dit convenant af. Deze gemeente hanteert geen tariefdifferentiatie. In de programmabegroting 2025 van de gemeente Hoeksche Waard staat aangegeven dat het tarief voor 2025 naar € 1,28 gaat. Deze gemeente hanteert geen tariefdifferentiatie. In de programmabegroting 2025 van de gemeente Schouwen-Duiveland is aangegeven dat het tarief voor 2025 naar € 1,79 gaat. In de jaarrekening 2023 is een totale opbrengst gerealiseerd van € 2.024.000,-. Dit is ca. € 200.000,- minder dan geraamd. Voor 2024 is een opbrengst begroot van € 2.200.000,-. Pas in het 2e kwartaal van 2025 wordt duidelijk of deze raming gehaald wordt. Bij twee van de drie voormalige gemeenten wordt niet gewerkt met een voorlopige aanslag, waardoor pas na afloop van het belastingjaar aangifte wordt gedaan. Na het verwerken van de aangiftes worden de belastingaanslagen opgelegd. De tarieven 2024 van de voormalige gemeenten zijn gelijk aan die van 2023. De verwachting is dat hiermee ook de gerealiseerde opbrengst van 2024 gelijk (of wellicht nog minder) zal zijn als die van 2023. In de programmabegroting 2025 is een totale opbrengst van toeristenbelasting (landen watertoeristenbelasting) begroot op € 2.469.000,-. Hiervan wordt ca.
€ 80.000,- opgebracht door de watertoeristenbelasting. Het overige deel, € 2.389.000,- is voor de (land)toeristenbelasting. Om deze begrote opbrengst te behalen (uitgaande van een gelijkblijvende toeristenstroom) is het noodzakelijk om het tarief op € 2,50 per persoon per overnachting vast te stellen. En het tarief voor de forfaitaire berekening voor vaste seizoen- en jaarplaatsen op € 1,70. Dit betekent dat de gemeente Voorne aan Zee vanaf 2025 het hoogste tarief van de hotels e.d. heeft in vergelijking met enkele omliggende gemeenten. Ten opzichte van het landelijk gewogen gemiddelde van de hotels e.d. ligt het nieuwe tarief lager (€ 3,21 versus € 2,50) Ten opzichte van het mediane tarief van de hotels e.d. ligt het nieuwe tarief hoger (€ 1,89 versus € 2,50) Voor het overnachten op een camping (met of zonder forfait) ligt het nieuwe tarief ten opzichte van het landelijk gewogen gemiddelde lager (€ 2,06 versus € 1,70). Ten opzichte van het mediane tarief ligt het nieuwe tarief hoger (€ 1,50 versus € 1,70) Situatie oud-nieuw Hotels e.d. 2024 Brielle € 2,44 Westvoorne € 2,32 Hellevoetsluis € 1,23 Nissewaard Goeree-Overflakkee Hoeksche Waard Schouwen-Duiveland
€ 1,56 € 1,50 € 1,25 € 1,83/ € 2,04
Hotels e.d. 2025 € 2,50 € 2,50 € 2,50 € 1,64 € 1,50 € 1,28 € 2,02
Verschil Forfait tarief 2024 € 0,06 € 1,35 € 0,18 € 0,99 € 1,27 Vast bedrag € 1,11 € 1,50 € 1,25 € 1,57
Forfait tarief 2025 € 1,70 € 1,70 € 1,70
Verschil € 0,35 € 0,71
€ 1,17 € 1,50 € 1,28 € 1,79
5
Meerjarige afspraak tarieven Voor de recreatiesector is het van belang om tijdig te weten wat de hoogte van het tarief is. Het is namelijk een wezenlijk onderdeel van de totale overnachtings- of pakketprijs die de consument betaalt. Boekingen voor een volgend seizoen worden vaak in het lopende seizoen gepland. Vanuit TOP Voorne Putten is het verzoek ontvangen: - om een (meerjarige) afspraak te maken over de te hanteren methodiek om het tarief te bepalen (bijv. een vast jaarlijks verhogingspercentage); - en een vast moment in het voorjaar waarop de nieuwe tarieven voor het volgende jaar bekend worden. Het is helaas niet mogelijk om tegemoet te komen aan het verzoek voor het belastingjaar 2025. De Kadernota 2026, die in het voorjaar van 2025 wordt opgesteld, is hier wel een geschikt moment voor. 4.
Communicatie en participatie Bij de start van het actualisatietraject van de land- en watertoeristenbelasting is een klankbordgroep ingesteld. Eén klankbordgroep voor de landtoeristenbelasting en één klankbordgroep voor de watertoeristenbelasting. Elke klankbordgroep bestaat uit een aantal exploitanten, een vertegenwoordiger van de branche, TOP Voorne Putten, wethouder Toerisme en enkele ambtenaren. De klankbordgroep begeleidt o.a. de onderzoeken en levert input aan de onderzoekers om met name de communicatie met de exploitanten over de onderzoeken zo soepel mogelijk te laten verlopen. Samenwerkingverband Vastgoedinformatie Heffing en Waardebepaling (SVHW) verzorgt de heffing en inning van de (land)toeristenbelasting. SVHW past het aangifteformulier 2025 aan. Het communiceren richting de ondernemers over de wijzigingen gaat in overleg met SVHW.
5.
Duurzaamheid n.v.t.
6.
Kosten, baten en dekking De inkomsten uit de (land)toeristenbelasting vallen toe aan de algemene middelen van de gemeente. Dat betekent dat de inkomsten geen vooraf bepaald bestemmingsdoel hebben maar dat de gemeenteraad bepaalt waarvoor de opbrengsten uit deze belastingen worden ingezet. In de programmabegroting 2025 is een opbrengst van de totale toeristenbelasting (land- en watertoeristenbelasting) geraamd op € 2.469.000,-. Hiervan wordt ca. € 80.000,- opgebracht door de watertoeristenbelasting. Het overige deel, € 2.389.000,- is voor de (land)toeristenbelasting. Om deze begrote opbrengst te behalen (uitgaande van een gelijkblijvende toeristenstroom) is het nodig om het tarief op € 2,50 per persoon per overnachting vast te stellen. En het tarief voor de forfaitaire berekening voor vaste seizoen- en jaarplaatsen op € 1,70.
7.
Regionale afstemming n.v.t.
6
Bijlage(n):
7