Raadsvoorstel vaststellen Participatiebeleid Voorne aan Zee 'Samen aan Zet'
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Onderwerp: Portefeuillehouder: Zaaknummer:
Participatiebeleid ‘Samen aan zet’ Daan van Orselen 129467-2023
Gevraagd besluit De raad van de gemeente Voorne aan Zee besluit om het participatiebeleid ‘Samen aan zet’ vast te stellen.
Advies van commissie Let op, enkel in te vullen door de Griffie zelf! 1.
Inleiding
In de voorbereiding op de fusie is opdracht gegeven tot het opstellen van participatiebeleid voor de nieuwe gemeente. De voorbereiding heeft (participatief) plaatsgevonden in 2022. Dat beleid ligt nu voor ter besluitvorming. In het collegeprogramma wordt het opstellen van participatiebeleid als een van de acties genoemd. Het participatiebeleid ‘Samen aan zet’ (hierna: participatiebeleid) waarover wij u vragen een besluit te nemen, spitst zich toe op burger- en overheidsparticipatie. Bij burgerparticipatie (bewonersparticipatie) zijn inwoners betrokken bij beleid of projecten van de gemeente of van andere initiatiefnemers. Bij overheidsparticipatie participeert de gemeente in initiatieven van de samenleving. Het beleid laat zien wat we van elkaar mogen verwachten als het om het betrekken van bewoners en/of ondernemers gaat bij beleid, projecten en trajecten, van agendering van beleid tot evaluatie van projecten. Beleid hebben is nodig, maar de implementatie daarvan – het werken met dit beleid – is minstens zo belangrijk.
2.
Begrotingsprogramma, bestaand beleid, kaders en eerdere besluiten
Het participatiebeleid bouwt verder op beleid en visies die zijn opgesteld voorafgaand aan de vorming van de nieuwe gemeente, zoals: Eerder participatiebeleid van de voormalige gemeenten Toekomstvisie Voorne aan Zee Besturingsvisie ‘Op weg naar één gemeente op Voorne’ Dienstverleningsconcept Voorne aan Zee Het participatiebeleid anticipeert op wetten die nog in moeten gaan: de Wet versterking participatie op decentraal niveau en de Omgevingswet. Beide wetten stimuleren gemeenten om samen met inwoners beleid te maken en uit te voeren. Vanuit het wetsvoorstel ‘Versterking participatie op decentraal niveau’, een uitbreiding van artikel 150 van de Gemeentewet, worden gemeenten verplicht om voor januari 2025 hun huidige inspraakverordening uit te breiden met een participatieverordening. In Voorne aan Zee wordt de participatieverordening opgesteld op basis van dit participatiebeleid. Dit participatiebeleid past volledig binnen de ambities die het college heeft vastgelegd in het collegeprogramma. Daarin wordt het opstellen van participatiebeleid genoemd als een van de acties.
3.
Argumenten
Met participatie willen we als gemeente Voorne aan Zee zorgen dat we in het beleid en de dienstverlening van de gemeente goed de behoeften en belangen van de inwoners, ondernemers en maatschappelijke
instellingen in beeld hebben en meewegen. Er zit veel kracht in de samenleving en de uitdagingen waar de gemeente mee te maken krijgt, worden steeds ingewikkelder. Samen weten we meer en krijgen we betere plannen. Participatie helpt de gemeente om zicht te hebben op de diverse belangen en goede afwegingen te kunnen maken. Het draagt er ook aan bij dat inwoners en organisaties ervaren dat hun inbreng ertoe doet. Door participatie krijgen inwoners en organisaties meer inzicht, kennis en informatie over onderwerpen in hun directe leefomgeving. Dat vergroot hun betrokkenheid bij de gemeente, maar door mee te doen kan dit ook bijdragen aan onderlinge verbondenheid in de samenleving. Bij de uitgangspunten voor participatie die in het beleid genoemd zijn, is rekening gehouden met de inbreng die we hebben opgehaald bij de diverse groepen die bevraagd zijn in de beeldvormende fase. In het beleid is voortgebouwd op bestaande visies, op eerder beleid en is gebruik gemaakt van kennis en expertise vanuit vakspecialisten. Bijvoorbeeld als het gaat om participatie onder de Omgevingswet. Vooraf een goed proces ontwerpen Participatie is altijd maatwerk en verschilt per fase van het proces. Het is een onderdeel van het werk van veel medewerkers die zich bezighouden met het ontwikkelen van beleid en projecten.
Steeds wordt, voordat we met een onderwerp aan de slag gaan, nagedacht over het te doorlopen proces. Is er ruimte voor participatie en in welke mate? Wat ligt er al vast? Is er voldoende tijd voor participatie? Is er voldoende geld en capaciteit beschikbaar voor een participatietraject? Het is belangrijk om hier direct bij de start goed over na te denken en een goede afweging te maken over de meerwaarde: weegt in dit project de investering (in geld, tijd van medewerkers, tijd van participanten) op tegen de opbrengst? In ieder college-advies en raadsvoorstel is een participatie- en communicatieparagraaf opgenomen, waarin de staat hoe de participatie plaatsvindt of heeft plaatsgevonden. Participatie maakt ook altijd onderdeel uit van een startnotitie of een plan van aanpak / projectplan. In het beleid zijn de rollen van organisatie, college en raad verder uitgewerkt. Belangen afwegen Dat participatie plaatsvindt, wil niet zeggen dat altijd iedereen tevreden is met de uitkomst. Het kan gebeuren dat er sprake is van verschillende of zelfs tegengestelde wensen of belangen. Het is aan de gemeente om uiteindelijk een afweging in al die belangen te maken, en te besluiten wat de meeste maatschappelijke meerwaarde heeft.
Het is wel van belang dat de gemeente goed valideert (laat zien dat er aandacht was voor de inbreng, hoe de inbreng is gewogen) en haar afwegingen en besluiten goed terugkoppelt aan de participanten. Door de organisatie wordt in de advisering naar college en raad inzichtelijk gemaakt hoe participatie heeft plaatsgevonden, wat er is opgehaald, welke keuzes zijn gemaakt en welke afwegingen worden voorgesteld aan college of gemeenteraad. Implementatie beleid Er komt een plan van aanpak voor het implementeren, bewaken en verder ontwikkelen van het participatiebeleid. Een praktische gereedschapskist met een methode en middelen om in te zetten bij participatieprocessen hoort bij de implementatiefase. Deze gereedschapskist bevat analyses, afwegingskaders, stappen en tools voor een participatieproces, met mogelijkheden voor maatwerk passend bij groepen en trajecten. Er wordt niet alleen gekeken naar wat de organisatie nodig heeft, maar ook naar tools die belangrijk zijn voor bijvoorbeeld raadsleden, of handvatten voor initiatiefnemers die participatietrajecten gaan begeleiden.
4.
Communicatie en participatie
Het participatiebeleid is participatief tot stand gekomen. In de eerste helft van 2022 zijn allerlei betrokkenen bevraagd: de gemeenteraden, colleges, inwoners, ondernemers, maatschappelijke instellingen (waaronder adviesraden sociaal domein) en medewerkers. Onder inwoners is een digitale enquête gehouden. Uit al deze inbreng zijn de uitgangspunten voor participatie in Voorne aan Zee opgesteld. Aan diverse betrokkenen zijn de uitgangspunten voor het participatiebeleid voorgelegd zodat zij zich er een oordeel over konden vormen (juni-september 2022). Daarna is het beleid uitgewerkt (oktober 2022 – april 2023). Op 1 juni 2023 heeft nog een laatste oordeelsvormende interactieve bijeenkomst plaatsgevonden met de gemeenteraad over het opgestelde beleid. 2
4.
Duurzaamheid Nvt.
5.
Kosten, baten en dekking
Voor de implementatie van het beleid is het nodig dat medewerkers die in hun werk participatietrajecten begeleiden daarvoor toegerust worden (praktische training / begeleiding) en dat er een gereedschapskist komt met een methode en middelen om uitvoering te kunnen geven aan het beleid. Er wordt een ervaren partij en methode gezocht die medewerkers de eerste twee jaar de praktische middelen en ondersteuning kan bieden die nodig is, waarbij medewerkers ‘leren door te doen’. Ook wordt gekeken wat nodig is voor de andere rollen (zoals gemeenteraad, initiatiefnemers). De benodigde financiële middelen hiervoor worden bij de begroting opgevoerd en zullen naar verwachting ongeveer € 65.000,- bedragen voor de eerste twee jaar. Dit budget betreft de overkoepelende, organisatiebrede kosten voor de implementatie van het participatiebeleid. Kosten voor individuele trajecten worden hier niet uit bekostigd, maar komen uit budgetten van beleidsterreinen of projecten.
7.
Regionale afstemming Nvt.
Bijlage(n): Participatiebeleid
3