CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Lijst Ingekomen stukken raadsvergadering 13 maart 2025

Raadsvergadering 13 maart 2025, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Ingekomen stukken22.820 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Ze hopen dat door een eigen systeem er een administraHeve drempel ontstaat die ervoor zorgt dat de vijver van mensen die ingeschreven staat in het eigen systeem kleiner wordt. Voor woningzoekende uit de regiogemeenten en woningzoekenden uit Ridderkerk betekent dit extra administraHe en extra kosten, want men moet zich in meerdere systemen gaan inschrijven als ze de keuzevrijheid in de gehele regio wil behouden. Ook de gemeente en de corporaHes worden geconfronteerd met extra kosten als gevolg van een eigen systeem. De andere elf gemeenten uit de regio betreuren deze stap. Doordat de gemeenten onderling en ook de corporaHes samenwerken zijn we efficiënt in de verdeling van woonruimte en komen we tegemoet aan woonwensen. We maken in onze regio ook mogelijk dat de maximale ruimte uit de wet om lokaal voorrang te geven kan worden benut. Ook de provincie en het rijk zijn er niet gelukkig mee, want zij willen juist dat wij als regio’s goed samenwerken. Er lijken ook arHkelen in de wet te staan die ertoe kunnen leiden dat de gemeenten in de regio moeten blijven samenwerken.

Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 1

3

Samen met de provincie gaan we met het verkennen van deze mogelijkheid door. Dit alles zal de komende Hjd nog vervolg gaan krijgen. Vervolgens gaat Dhr. Schepers dieper in op de voorliggende tekst van de Verordening. De centrale vraag bij het opstellen van de nieuwe tekst was: wat moet de essenHe zijn? Gekozen is voor een verordening, zoveel als mogelijk, op hoofdlijnen. Het is geen dichtgeHmmerd verhaal, er zijn ook keuzemogelijkheden opgenomen en er is ruimte voor het lokale gesprek tussen gemeente en corporaHes. - Urgent woningzoekenden zijn mensen in nood. Die willen we snel helpen. Zij krijgen dan ook voorrang. Hierbij is reeds voorgesorteerd op de komende Wet Regie VolkshuisvesHng. Deze is specifiek in het benoemen van urgenHe-categorieën. - Vervolgens is meer aandacht voor doorstroming - Door het opnemen en verder verfijnen van de mogelijkheid van LoHng worden woningzoekenden, die niet in nood zijn en nog geen lange inschrijfduur hebben, meer geholpen. - In de voorgestelde tekst zijn enkele keuzemogelijkheden opgenomen, waarvoor u lokaal al dan niet kunt kiezen. Zo kan een keuze worden gemaakt in de verfijning van lokale binding door vitale beroepen aan te wijzen. Ook kunt u kiezen om bijv. sociale koop op te nemen. In de verordening zijn deze mogelijkheden expliciet uitgewerkt.

Want als je daarvoor kiest als gemeente is het voor een woningzoekende wel van belang dat dan overal gelijkluidende regels zijn. Specifiek gaat Dhr. Schepers vervolgens in op het thema binding. Lokale binding betekent dat je maatschappelijk of economisch gebonden bent. Er is dus sprake van binding als er aan woningzoekenden eisen worden gesteld die te maken hebben met locaHe. Dit kan op alle niveaus: regio, gemeente, wijk of buurt. De weUelijk toegestane 50% lokale binding gee2 aan op welk aandeel van de woningzoekenden je als gemeente mag sturen. De meeste urgent woningzoekenden vallen onder deze binding. Urgent woningzoekenden nemen ongeveer 25% van de ruimte in. Welke woningzoekenden urgent zijn wordt deels bepaald door de Wet en deels op basis van eigen gemeentelijke invulling. Voor de overige 25% is dan ruimte voor overige mensen met lokale binding, zoals doorstromers, ouderen, vitale beroepen etc. In de verordeningstekst is ruimte gegeven om hierover lokaal het gesprek aan te gaan. Voor deze 25% kan je eigenlijk zeggen, dat de verordening is te zien als een soort gereedschapskist, waarbij je met een weUelijke bovengrens te maken hebt en waarbij je met elkaar eigenlijk in gesprek gaat over welk gereedschap je juist wil inzeUen ten behoeve van welk doel. De overige 50% mag je niet op voorhand met lokale binding toewijzen.

Maar het zal duidelijk zijn dat bij de toewijzing zonder directe sturing ook woningen worden toegewezen aan mensen die in de eigen gemeente wonen. Tot slot gaat dhr. Schepers in op hoe de toewijzing in zijn werk gaat. Feitelijk zijn er drie manieren van toewijzing. - Als een woningzoekende in nood is, krijgt deze een urgenHe en hee2 daarmee voorrangsposiHe bij het verkrijgen van een sociale huurwoning. - Vervolgens kan je een woning krijgen op basis van inschrijfduur. Diegene met de meeste inschrij2ijd, die komt het eerste aan de beurt. Het kan daarbij soms lang duren, maar je komt een keer aan de beurt. We willen bij deze groep bevorderen dat er acHef wordt

Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 1

4

gezocht naar een woning. Daarom is voor doorstroming ook een voorrangsposiHe opgenomen. Als we naast deze twee mogelijkheden verder niets doen, dan zijn er groepen woningzoekenden die buiten de boot vallen. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen met korte inschrijfduur, zoals de groep jongeren of spoedzoekers met weinig inschrij2ijd. Om deze groepen ook een mogelijkheid te bieden een woning te bemachHgen is er een derde manier. - Als je je pas hebt ingeschreven en je bent niet in nood, dan kan je via LoHng of directe kans proberen een woning te bemachHgen. Op dit moment is het nog zo dat ook bij loHng urgenten nog voor gaan. Dat is aangepast. Iedereen die meedoet aan deze vorm maakt evenveel kans. Tevens gaan de corporaHes ervoor zorgen dat loHng evenwichHger wordt toegepast. Weth. Kuiper dankt dhr. Schepers voor de toelichHng en gee2 graag nog de ruimte voor nadere vragen. Na de beantwoording van alle vragen sluit hij de bijeenkomst.

Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 1

5

Aan: Gemeenteraden SvWrR Betre3: Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2, Overzicht gestelde vragen.

Onderstaand tre3 u aan de Fjdens de regionale bijeenkomsten WRB van januari 2025 gestelde vragen en antwoorden. Vraag: Klopt het dat als je niet in Ridderkerk woont en je wel in Ridderkerk zou willen wonen dat je dan een aparte inschrijving nodig hebt? Antwoord SvWrR: Dat klopt. Om straks in Ridderkerk te kunnen slagen heb je een apart inschrijving nodig. Ze mogen mensen van buiten niet weigeren. Het is overigens nog een punt van aandacht hoe wordt omgegaan met de rechten die mensen hebben opgebouwd. Zij hebben jaren inschrijfgeld betaald om ook bij de woningcorporaFes in Ridderkerk te kunnen slagen en daardoor inschrijfduur opgebouwd. Die inschrijfduur kan door een wijziging van het systeem niet zomaar komen te vervallen. Vraag: Begrijpt u het sen=ment dat in de raad van Ridderkerk lee?? Antwoord SvWrR: In elk gemeente wordt de schaarste gevoeld. Het aantal reacFes sFjgt enorm, de zoekduur neemt toe en dat toont aan hoe groot het tekort is. Voor sommigen voelt het daardoor lasFger om solidair te blijven. Dat senFment is begrijpelijk, maar overal een hekje om de gemeente proberen te zeOen is niet raFoneel. Mensen willen soms heen en weer verhuizen in verschillende fasen van het leven. We moeten af van het beeld dat de mensen die uit een andere gemeente komen iets mankeren of minder waard zijn. Dat is niet zo.

Vraag: zijn er extra kosten/uiBredingskosten te verwachten? Antwoord SvWrR: Ridderkerk is uit het Samenwerkingsverband gestapt en hee3 besloten uit het regionale woonruimtebemiddelingssysteem te stappen. Het woonruimtebemiddelingssysteem wordt georganiseerd door de samenwerkende corporaFes, via Maaskoepel. Er zijn tal van extra kosten te verwachten. Ridderkerk zal haar eigen systeem oprichten en beheren. De corporaFes worden geconfronteerd met extra kosten omdat ze mogelijk in meerdere systemen moeten adverteren. ParFjen moeten zich daarop beraden. Er zijn geen uiOredingskosten uit het SvWrR. Vraag: Is er een kans dat de gemeente Ridderkerk volgende week of over 6 maanden zegt dat ze er toch in willen blijven? Antwoord SvWrR: Ja, die kans is nog aanwezig. De huidige verordening is ook daar nog steeds van kracht. Ze gaan nu eerst ook allerlei dingen uitzoeken in Ridderkerk. Het is ook goed voorstelbaar dat ze dezelfde verordeningstekst gaan gebruiken, maar alleen op het punt van het regionale verdeelsysteem afwijken. Qua termijnen/Fjd wordt het spannend of ze het allemaal gaan halen. Er moet veel gebeuren en er moet veel worden uitgezocht. Ook is het even afwachten wat andere parFjen als het Rijk en provincie nog gaan doen.

Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2

1

Daarnaast gaat de wetgeving uit van vrije vesFging. Dat is een grondrecht. Je mag alleen in bepaalde omstandigheden, als de schaarste echt kan worden aangetoond, onder specifieke voorwaarden en met bepaalde bovengrenzen barrières opwerpen die inbreuk doen op die vesFgingsvrijheid. Daarom doen we ook elke 4 jaar een evaluaFe, schaarsteonderzoeken en stellen we de verordening opnieuw voor maximaal 4 jaar vast. Antwoord Maaskoepel: Ridderkerk denkt dat minder mensen van buiten zich gaan inschrijven in een eigen verdeelsysteem en dat dit een soort afschrikwekkende werking hee3. Alle woningzoekenden die we hebben gesproken die zijn tot heel erg veel bereid om een woning te kunnen vinden, zelfs inschrijven voor vrije sector middenhuur, ook al kunnen ze dat eigenlijk niet betalen. Er zijn sterke vermoedens dat zij zich ook in Ridderkerk zullen inschrijven. Er zou zelfs een tegengesteld effect kunnen optreden als de inschrijfduur in Ridderkerk in eerste instanFe aanmerkelijk lager blijkt. Dat zou op dat moment ook een aanzuigende werking kunnen krijgen. Vraag: Het is een concept verordening op hoofdlijnen en aangegeven wordt dat deze niet is ‘dicht ge=mmerd’. Waarom is niet gekozen voor het ‘dicht =mmeren’ en hoe kan het dat er toch nog een fors pakket ligt? Antwoord RIGO: Er ligt inderdaad nog wel veel tekst, maar wat we willen regelen moet wel goed in de tekst opgenomen worden.

Het valt in deze regio erg mee wat tekst betre3. In de regio Amsterdam bijvoorbeeld ligt een verordening van 300 pagina’s. Antwoord Maaskoepel: Een dichtgeFmmerde verordening gee3 de gemeenten en corporaFes weinig ruimte. Wat nu voorligt gee3 de corporaFes ruimte om, samen met de gemeente, maatwerk te kunnen leveren. Antwoord SvWrR: Alles vastleggen kan leiden tot onrechtvaardigheid, daarom is gekozen voor ruimte voor maatwerk. Vraag: er worden met name eengezinswoningen gebouwd en de appartementen die vrijkomen die zou je eigenlijk willen benuBen voor doorstroming. Wat zijn de mogelijkheden daarvoor? Antwoord SvWrR: Die uitdaging komt in alle gemeenten voor. Je bouwt nieuwe seniorenappartementen en wil daarmee graag doorstroming bevorderen. Het is dan goed om te weten dat het percentage van woningen dat je met voorrang mag toewijzen gaat over alle verhuringen in een jaar. Er zijn meer verhuringen dan alleen verhuringen van nieuwbouw. Je hebt ook nog bestaande woningen die vrijkomen. Je kunt er dan voor kiezen om een nieuwbouwcomplex volledig met voorrang toe te wijzen aan lokale inwoners om de doorstroming te bevorderen. De bestaande woningen adverteer je dan vrij voor mensen uit de eigen gemeente én mensen uit de regio. Daarnaast zeOen corporaFes bijvoorbeeld wooncoaches in om mensen te laten doorstromen.

Antwoord RIGO: Deze nieuwe verordening maakt het mogelijk om hier heel verfijnd mee om te gaan. Je kunt dan bijvoorbeeld voorrang geven aan 65-plussers, die komen uit de buurt en die een grote woning achter laten. Die ‘lagen’ kun je inbouwen, zodat je kunt bereiken wat je lokaal wilt bereiken.

Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2

2

Vraag: In Nissewaard wordt doorstroming bevordert en ingezet op escala=ewoningen. Kan en mag dat? In Nissewaard wordt doorstroming bevordert en ingezet op escala=ewoningen. Kan en mag dat? Antwoord RIGO: Ja, dat kan. Het is een voorbeeld van lokaal maatwerk. Het moet wel goed geregeld zijn met de corporaFes bij de prestaFeafspraken. Antwoord SvWrR: Doorstroming, met name van ouderen, kan bevorderd worden via een wooncoach. Vraag: Als je 50% lokale ruimte op is moet je dan de andere woningen toebedelen aan mensen uit de regio cq niet zijnde de eigen gemeente? Antwoord RIGO: Nee. De 50% die overblij3 nadat de lokale ruimte is benut, daar mag je geen voorrang verlenen, maar dat wil alleen zeggen dat je alleen mensen uit de regio niet meer mag ‘uitsluiten’. Iedereen maakt in die 50% die overblij3 kans, waardoor er ook woningzoekenden uit de eigen gemeente in dat stuk van de vrijkomende woningen zullen slagen. Vraag: Vaak zijn de kosten ook het probleem bij doorstroming. De ouderen betalen nu redelijk lage huren en als ze naar een nieuwe woning gaan is deze fors duurder. Hoe los je dat op? Antwoord RIGO: Uit onderzoek weten we dat als het gaat over drempels bij doorstroming er eigenlijk 3 of 4 dingen redelijk cruciaal zijn. Een is, dat de woningen die je aanbiedt moeten voldoen aan de eisen van de senioren die bijvoorbeeld hun gezinswoning willen verlaten.

Ten tweede moeten ze de mogelijkheid hebben om met voorrang naar een woning toe te verhuizen, dus dat regelen we in de Verordening. Als derde is het van belang om bij het kostenelement ook breder te kijken dan de huur alleen, want als je een gezinswoning met energielabel E achterlaat met een energierekening van € 300 per maand en je gaat naar een gasloos appartement met nul-op de meter, dan maakt het ook nog wel iets uit. Dat is ook onderwerp van gesprek met een corporaFe, want dat wordt niet in de verordening geregeld. En tensloOe, en dat is een hele belangrijke. Voor heel veel oudere bewoners van een grote woning is vaak de stap naar een andere woning psychisch. De drempel is dan het besef van dit is mogelijk mijn laatste verhuizing. Ook in prakFsche zin: Wat komt er allemaal bij kijken bij een verhuizing en hoe moeten we het allemaal organiseren? Voor dat stukje is er vaak de verhuiscoach om daarbij te helpen. Aanvullende vraag: Als ik kijk naar een specifieke casus van een vrouw die eigenlijk wil verhuizen. Die zit nu in haar eentje in een eengezinswoning en tegen haar wordt gezegd dat ze beter kan blijven ziBen waar ze zit, omdat het zoveel duurder is om te verhuizen. En dan kunnen we heel veel aandacht hebben voor de doorstroming, maar bij nieuwbouw ziBen er logisch ook hoge kosten aan.

Antwoord SvWrR: Uw punt is heel terecht, want dit is echt iets wat heel veel ouderen zeggen. Het gevaar is dat er daardoor te lang wordt gewacht met doorstromen. Maar meestal gaat het niet om geld, want als mensen echt een laag inkomen hebben en je gaat nu naar een dure woning, gaat dat weer gecompenseerd door de huurtoeslag of inderdaad de totale woonlasten met de energiekosten, maar uiteindelijk zijn er heel veel andere zaken die meespelen. Zoals voldoende ruimte. Dat is allemaal heel terecht. Het is dus heel wat meer dan kale huur. Wel schrikken mensen vaak, maar, en Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2

3

tegelijkerFjd, als mensen zich verdiepen, dan blijkt in ieder geval dat het financiële argument maar in enkele gevallen aan de orde is. Antwoord corporaFe: We hebben het uitgezocht omdat deze discussie in veel gemeenten aan de orde komt. De mensen komen vaak uit minder goed geïsoleerde eengezinswoningen. Mensen gaan naar een laatste woning, die is wel beter geïsoleerd. Het blijkt dat na verhuizing 3/4 van de mensen er op vooruitgaan, omdat de energielasten wat lager zijn. De huur is wat hoger, maar het belangrijkste argument is toch dat de mensen hun laatste woning in gaan. En ze hebben een aantal complexen op het oog. In iedere stad of ieder dorp zijn er ongeveer maar 3 gewilde complexen of de nieuwbouw en dat hee3 meer invloed op de doorstroming dan de iets hogere huurrijs. Dat is eigenlijk veel belangrijker dan dit. Antwoord SvWrR: Als U ouderen spreekt, maak er dan ook echt reclame voor dat ze op Fjd een stap nemen. Doe het als je nog iets te kiezen hebt en als je nog zelf onder eigen regie kan kiezen waar je naartoe wil gaan. Hoe vaak hoor je mensen niet zeggen “had ik het maar eerder gedaan". Antwoord CorporaFe: Het is daarbij ook de nadrukkelijke uitnodiging: Breng de mensen in contact met onze wooncoaches of ga in gesprek met de corporaFe. Het is alFjd maatwerk en de financiële situaFe kunnen wij met onze specialisten, samen met de gemeente, goed bespreken.

Uiteindelijk heb je gewoon aandacht voor de mensen nodig en daarmee hebben mensen Fjd nodig om te wennen aan de te nemen stappen. Het zit hem veel meer in het onbekende waardoor dat het niet lukt, dan dat er geen mogelijkheden zijn. We moeten ook meer bijbouwen, want de tekorten zijn er. Antwoord SvWrR: We bouwen als gemeenten best veel, maar zelfs dan bouw je er maar een paar procent erbij. De komende jaren zeOen we dan ook veel in op de bestaande voorraad. We willen er voorzorgen dat meer mensen op de op de juiste plekken terecht gekomen. Immers de kwaliteit van leven is van belang. Doorstromen is daarom ook belangrijk. Vraag: De grootste winst lijkt te behalen bij het doorstromen van de ouderen. Het is wel heel gevaarlijk als mensen dat zo horen. Mensen kunnen onder druk gezet worden door hun omgeving. Is dat geen risico? Antwoord SvWrR: Iedereen mag blijven wonen waar hij wil, er is geen enkele druk. Antwoord RIGO: Op basis van woonwensenonderzoek moeten we ook realisFsch zijn: 60 tot 70% van de oudere mensen denken nog niet aan verhuizen. Die wonen premg en dat is ook niet erg. De verordening is zo opgezet dat als mensen kunnen en willen verhuizen, dat het in ieder geval niet door woonruimteverdeling wordt belet om die stap te kunnen maken en dat dat stukje organiseren we hier in die huisvesFngsverordening.

Daar zullen in ieder geval geen drempels ziOen, maar dat er verder allerlei andere ingewikkelde overwegingen zijn is begrijpelijk.

Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2

4

Vraag: Gaat het bij binding om 50% van de vrijkomende woningen en welke sanc=e staat er op een hoger percentage? Antwoord RIGO: De huisvesFngswet schrij3 voor dat 50% het maximum is. Gemeenten mogen als ze een verordening opstellen, geen regels opnemen die in strijd zijn met de wet. De tekst van de verordening moet voorgelegd worden aan de provincie en de provincie toetst of gemeenten zich wel houden aan de wet. In de prakFjk komt het wel eens voor dat een gemeente over die 50% heen gaat. De provincies hebben daarbij sinds kort een nieuwe rol. Ze handhaven de woonruimteverdeling, maar hoe ze daar in de prakFjk op acteren, moet nog blijken. Het is te ingewikkeld om daar nu iets over te zeggen. Meer principieel zou ik denken dat een gemeente zich ook moet houden aan de eigen wet van de overheid. Vraag: Mag je dit percentage bekijken over een langere periode of is het per kalenderjaar? Antwoord RIGO: Het werkt per jaar en per segment. Je mag er niet voor kiezen om 0% nieuwbouw betaalbare koopwoningen te doen en 100% sociale huurwoningen van corporaFes. Segmenten mogen onderling niet worden uitgewisseld. Vraag: Wat kan ik uit de cijfers uit de verschillende gepresenteerde kolommen in de presenta=e halen? Antwoord RIGO: Wat je in de tabel ziet is de reden dat iemand meetelt met de binding.

Het gaat soms over urgent woningzoekenden, soms over regionale voorrang en soms over lokale voorrang. In sommige gemeenten liggen de percentages laag, waarbij je het gesprek kunt voeren of dat meer mag/moet zijn. Antwoord Maaskoepel: Het is een kans om te sturen, maar je kunt dat als gemeente ook niet doen. De kans wordt geboden en de verordeningsafspraak die we nu hebben en de manier van samenwerken met corporaFes maakt dat we er in deze regio afspraken over kunnen maken en kunnen sturen. Vraag: Hoe kijkt de provincie aan tegen de wens om eigen woningzoekenden voorrang te geven? Antwoord RIGO: De provincie hee3 advies uitgebracht op deze tekst. Dat is weOelijk verplicht sinds vorig jaar. De provincie hee3 enerzijds begrip voor het gevoel dat volksvertegenwoordigers hebben om op te komen voor de eigen woningzoekenden en wijst anderzijds ook wel op het belang van de vrije vesFging van woningzoekenden. Vraag: Zijn de cijfers uit de presenta=e de jaarcijfers van 2023 of 2024? Antwoord SvWrR: Het zijn de cijfers van 2023 want de van 2024 zijn nog niet definiFef. Ps. In de presenta-e van 30 januari 2024 zijn voorlopige cijfers 2024 opgenomen.

Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2

5

Vraag: Ik zou als raadslid graag de cijfers per maand willen hebben. Er staat nu een percentage voor het hele jaar en dan kun je niet bijsturen. Als je de cijfers voor bijvoorbeeld februari weet, kan je alsnog gasgeven of juist afremmen. Bovendien kan je dan het effect van specifieke projecten zien. Antwoord SvWrR: De verordening is een raadsstuk, op de hoofdlijnen, en de raad stelt de kaders, die in de verordening worden opgenomen. Binnen deze kaders wordt door de gemeente en corporaFes gewerkt. Binnen de uitvoering kan vrij goed gestuurd worden op een hoog aandeel lokale binding. Het aantal vrijkomende woningen is over de jaren heen ook redelijk stabiel en ook de geplande oplevering van nieuwbouwprojecten is inzichtelijk. Het aantal verhuringen in een jaar kan daardoor vrij goed voorspelt worden. Vraag: Bent u het eens dat de raden kaders stellen en controleren? Het tweede punt is dat is we in Voorne aan zee het gemeentelijk woningbedrijf hebben. Daar zit de gemeente zelf aan het stuur. Het is een van de vijf gemeentelijk woningbedrijven in Nederland nog. Ligt het daar dan niet anders? Antwoord RIGO: Het is de gemeenteraad die het woonbedrijf de kaders meegee3. CorporaFes en het woonbedrijf zijn gemandateerd door B&W om in hun naam een huisvesFngsvergunning te verlenen op basis van de door de gemeenteraad vastgestelde verordening.

Antwoord SvWrR: Een verordening is het kader waarbinnen mensen werken, bijvoorbeeld bij Maasdelta en andere woningcorporaFes. Die maken keuzes voor advertenFes, bijvoorbeeld de keuze om een complex te reserveren voor 65+-ers. Datzelfde wordt gedaan door iemand bij het gemeentelijk woonbedrijf en die is gehouden aan dezelfde regels. Dus daarin is dat niet wezenlijk anders. Aanvullende vraag: Gemeenten mogen gebruik maken van die maximale 50%, maar het is geen moeten? Antwoord RIGO: Dat klopt. Antwoord SvWrR: Er zijn verschillende vormen die meetellen. De medisch urgenten zijn nog steeds de grootste groep, daarnaast de HerhuisvesFngsurgenten, als je iets sloopt en mensen moeten worden gehuisvest, en zo heb je dus diverse vormen. Iemand die bijvoorbeeld zijn inkomen verliest of er ernsFg op achteruit gaat en de woning niet meer kan betalen, krijgt urgenFe op woonlasten. Er zijn verschillende urgenFecategorieën die meetellen voor de lokale binding. Dat is nog iets anders dan dat je zegt deze woningen die willen we per se aan lokale mensen toewijzen. Het is de optelsom van de verschillende kolommen (presentaFe dia lokale binding) en die tellen op tot een percentage dat maximaal 50 mag zijn. Vraag: Wat wordt in de presenta=e bedoeld met ‘met uitzondering van 5.5.

en 5.6 in de tabel over lokale binding? Antwoord RIGO: Om het nog ingewikkelder te maken, er zijn enkele urgenFecategorieën die weOelijk verplicht zijn en waar je geen bindingseisen aan mag stellen. Mantelzorg is er daar één van, maar ook bijvoorbeeld mensen die vluchten voor relaFoneel geweld. Daar mag je geen bindingseisen aan stellen. De Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2

6

gedachte daarachter is dat als iemand bedreigd wordt in Noordoost Groningen het soms heel erg wenselijk kan zijn dat die heel snel naar hun woning in Zeeland wordt bemiddeld. We mogen van de wet dan niks eisen dat dit in de weg kan staan. De wet zegt daarvan, die moet je in je verordening hebben en daar mag je geen bindingseisen aan stellen. Naast de urgenten heb je het in de prakFjk eigenlijk over 25% van de verhuringen waarover je het lokale gesprek over zou kunnen voeren over hoe je die inzet. De eerste vraag is: zet ik hem in en vraag twee is als ik hem wil inzeOen, waartoe dan? In RoOerdam wil men bijvoorbeeld voorrang geven aan vitale beroepen, zoals in de verordening als opFe is opgenomen. Het gaat dan om het voorrang geven aan leraren, omdat het moeilijk is om die voor de klas te krijgen. In andere gemeentes spelen bijvoorbeeld discussies over ‘We hebben hier een klein dorp waar er twee woningen per jaar vrijkomen, daarvan willen we dat ze beschikbaar komen voor mensen met lokale binding’. Dat is dus weer een andere vorm van sturing. Het gaat uiteindelijk om de lokale keuze of je de ruimte wil vullen en hoe je dat doet. Je zou de verordening kunnen zien als een soort gereedschapskist, waarbij je met een weOelijke bovengrens te maken hebt en waarbij je met elkaar eigenlijk in gesprek gaat over welk gereedschap je juist wil inzeOen ten behoeve van welk doel.

Aanvullende vraag: Hoe zit dit met het lokale woonbedrijf in Voorne aan Zee? Antwoord RIGO: Het lokale woonbedrijf werkt ook conform dezelfde verordening en het lokale woonbedrijf werkt ook met Woonnet Rijnmond. Dus die werkt in hetzelfde systeem als de corporaFes. Het is dezelfde systemaFek, dezelfde manier van sturing en afspraken maken die u ook met corporaFes kunt maken. Vraag: Maar het woonbedrijf maakt deel uit van de gemeentebegro=ng. De winst- en verliesrekening komt ook ten laste van onze gemeente. De gemeente en haar inwoners hebben het woonbedrijf groot gemaakt (of juist klein gehouden). We vinden het dan las=g uitlegbaar dat van deze woningen dan voor maar voor 50% voor lokale inwoners zijn Hoe is dit uit te leggen? Antwoord Maaskoepel: Dan moeten we in de geschiedenis duiken. Oorspronkelijk is een deel van de corporaFes ook gemeentelijke woonbedrijf geweest, die uiteindelijk zelfstandig zijn geworden om moverende redenen. Uiteindelijk hebben we als sector maatschappelijk gezien hetzelfde belang en hebben we ook dezelfde roots. We staan met elkaar voor een gezamenlijke opgave. Antwoord SvWrR: Een belangrijk punt om te benadrukken is dat we maximaal 50% mogen oormerken. De prakFjk is, zeker in bepaalde kernen, bijvoorbeeld Voorne aan zee, dat op de meerderheid van de woningen wel wordt gereageerd door mensen die daar graag willen wonen.

Het idee dat die andere 50% alFjd van buiten de eigen gemeente komt is niet waar. Je mag 50% oormerken en vervolgens heb je nog steeds de meerderheid van de mensen uit Voorne aan zee, die Voorne aan Zee prachFg vinden en daarom reageren op de woningen. Sterker nog, ik denk dat mensen uit Rockanje in Rockanje willen wonen, de mensen uit Brielle willen graag in Brielle wonen en de mensen uit Hellevoetsluis willen graag in Hellevoetsluis wonen. Dat is de prakFjk van alledag. Het automaFsme van je mag maximaal 50% oormerken en dus is de andere 50% van buiten, dat is gelukkig niet het geval. Vraag: Hoe lang is dat voor een woning in Voorne aan Zee ongeveer gemiddeld? Antwoord Maaskoepel: Ongeveer 4 jaar. Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2

7

Antwoord RIGO: En dan is de zoekFjd nog wat korter. De inschrij3ijd is de Fjd tussen het moment dat je je inschrij3 en het moment dat je een woning hebt. De zoekFjd is de Fjd gerekend vanaf het moment dat je ook echt acFef begint te zoeken totdat je een woning krijgt. Bij woningen die echt heel schaars zijn kan de zoekFjd overigens wat langer duren. Bijvoorbeeld grotere woningen voor grote gezinnen zijn gewoon heel schaars. Vraag: Hoe zit het met de wach`jd voor jongeren? Antwoord SvWrR: De vraag is heel simpel gesteld en het antwoord is complex. A: het verschilt per gemeente en het verschilt per categorie. We hebben de jongerencategorie, bijvoorbeeld tot 23. Je mag pas inschrijven als je 18 jaar bent en je moet de groep verlaten als je 23 jaar bent geworden. De oudste en eerst ingeschrevenen is degene met de langste inschrijfduur. De doorstroming als gevolg van een jongerencontract is maximaal vijf jaar. Het is de prakFjk, zeker nu de woningen schaars zijn, dat mensen zich als een soort verzekeringspremie meteen inschrijven. Op veel plekken zie je dat mensen zich inschrijven of op het moment dat ze 18 jaar zijn, of direct nadat ze een woning hebben gekregen of ze houden gewoon die inschrijving aan voor het Fentje per jaar. Dan Fkt de teller van die maanden inschrijfduur door, maar dat wil niet zeggen dat ze ook zo lang daadwerkelijk op zoek zijn naar een woning.

Dat geldt ook bijvoorbeeld voor ouderen: die zijn vaak al jaren ingeschreven als een soort verzekering. Het verschil tussen de Fjd dat mensen staan ingeschreven en echt acFef aan het zoeken zijn en dat ze slagen is een groot verschil. Daarom staan er soms bij sommige categorieën een echt hele hoge inschrijfduur, maar dat wil niet zeggen dat er een concreet getal is te noemen van hoe lang ben je nou bezig? Want het verschilt per gemeente, per categorie en dan moet er deze disclaimer bij staan. Vraag: Hoe stuur je op die binding en het toewijzen daarvan? Krijgen we daar de verslagen van? Antwoord RIGO: Zeker zijn hier verslagen van. De gemeente verleent huisvesFngvergunningen en houdt daar dus ook rekening met de bindingsbepalingen uit verordening en mandateert dat vervolgens aan een woningcorporaFe. Dat mandaat betekent voor het college dat zij moet controleren of de corporaFe zich houdt aan dat mandaat. De corporaFes moeten hiervoor informaFe uitwisselen waar dat uit blijkt. Dat doen ze onder andere via de rapportages die Maaskoepel levert over de woonruimteverdeeldata. Aanvullende vraag: Komen die gewoon per maand of per kwartaal of. Zou je als wethouder dan kunnen zeggen ik wil zoveel mogelijk, lokale jongeren, of binding hebben. Ik wil wel horen aan wie er dan welke huizen worden aangehouden.

Antwoord CorporaFe: Ik zit maandelijks bij de wethouder aan tafel en als we een nieuwbouwproject hebben, praten we er gewoon over hoe we die verdeling organiseren, hoe wij dat doen. We hebben daar gewoon een goed overleg. En ja, wij sturen dus echt op 50%.

Verslaglegging regionale bijeenkomsten WRB januari 2025, deel 2

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15214086/1