CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Ingekomen stukken raadsvergadering 30 01 25

Raadsvergadering 30 januari 2025, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: Ingekomen stukken21.534 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ingekomen stukken Advies: Voor kennisgeving aan te nemen Datum

10-12-2024

Nummer

2025-001

Onderwerp

Voorbereiding VRR jaarwisseling 2024 2025

Hoofddocument

2025-001 Brief Voorbereiding VRR jaarwisseling 2024-2025

Afzender

Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Datum

12-12-2024

Nummer

2025-002

Onderwerp

Vervoerplanprocedure 2026

Hoofddocument

2025-002 Collegebrief Vervoerplanprocedure 2026

Afzender

MRDH

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Bijlagen: 2025-002 Bijlage 1 Factsheet Vervoerplanprocedure 2026 2025-002 Bijlage 2 Planning Vervoerplanprocedure 2026

Datum

12-12-2024

Nummer

2025-003

Onderwerp

Raadsinformatiebrief Aula 2

Hoofddocument

2025-003 raadsinfo Aula 2

Afzender

College van B&W

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

1

Advies: Ter afdoening in handen te stellen van het college van B&W Datum

13-12-2024

Nummer

2025-004

Onderwerp

Kadernota 2026 GRJR

Hoofddocument

2025-004 Begeleidend memo Kadernota 2026

Afzender

GR Jeugdhulp Rijnmond

Advies

Ter afdoening in handen te stellen van het college van B&W

Bijlagen: 2025-004 GRJR Brief aan raden bij Kadernota 2026 2025-004 Bijlage 1. GRJR Kadernota 2026

Advies: Voor kennisgeving aan te nemen Datum

17-12-2024

Nummer

2025-005

Onderwerp

Samen sterk voor schone lucht

Hoofddocument

2025-005 Open Brief Samen sterk voor schone lucht

Afzender

Anoniem

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Datum

17-12-2024

Nummer

2025-006

Onderwerp

raadsinformatiebrief ontwerpbesluit vergunningaanvraag Willemansweg

Hoofddocument

2025-006 raadsinformatiebrief ontwerpbesluit vergunningaanvraag Willemansweg

Afzender

College van B&W

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

2

Datum

17-12-2024

Nummer

2025-007

Onderwerp

raadsinformatiebrief weigeringsbesluit omgevingsvergunning Windproject Brielse Brug

Hoofddocument

2025-007 raadsinformatiebrief weigeringsbesluit omgevingsvergunning Windproject Brielse Brug

Afzender

College van B&W

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Datum

19-12-2024

Nummer

2025-008

Onderwerp

Vastgestelde beleidsregels Wet aanpak woonoverlast

Hoofddocument

2025-008 vastgestelde beleidsregels Wet aanpak woonoverlast

Afzender

College van B&W

Afzender: College van B&W Datum

19-12-2024

Nummer

2025-009

Onderwerp

Ondertekende Reactie op brief 'Stankoverlast' Dorpsraad Tinte

Hoofddocument

2025-009 ondertekend Reactie op brief Dorpsraad Tinte Canadelaar geanonimiseerd

Omschrijving

Antwoord op LIS stuk 2024-234

Afzender

College van B&W

Advies: Voor kennisgeving aan te nemen Datum

20-12-2024

Nummer

2025-010

Onderwerp

Ontwikkelingen gesloten jeugdhulp

Hoofddocument

2025-010 Raadsbrief JHP aangevuld met data

Afzender

Algemeen Bestuur van de GR Jeugdhulp Rijnmond

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

3

Bijlagen: 2025-010 Bijlage 1 - BRP JHP Zuidwest 3e actualisatie 2025-010 Bijlage 1a - Bijlage 3 BRP DOS hybride groep 25042024 2025-010 Bijlage 1b - BRP bijlage 4a Inventarisatie Alternatief regionaal aanbod 27052024 - deel 1 2025-010 Bijlage 1c - BRP bijlage 4b Inventarisatie Alternatief regionaal aanbod 27052024 -deel 2

Datum

23-12-2024

Nummer

2025-011

Onderwerp

Stand van zaken Experiment Gesloten Coffeeshopketen (EGC)

Hoofddocument

2025-011 Raadsinformatiebrief Stand van zaken Experiment Gesloten Coffeeshopketen (EGC)

Afzender

College van B&W

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Datum

23-12-2024

Nummer

2025-012

Onderwerp

Voorbereiding jaarwisseling 2024 2025

Hoofddocument

2025-012 Raadsinformatiebrief Voorbereiding jaarwisseling 2024-2025

Afzender

College van B&W

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Bijlagen: 2025-012 bijlage Voorbereiding VRR jaarwisseling 2024-2025

4

Datum

23-12-2024

Nummer

2025-013

Onderwerp

Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (BO MIRT)

Hoofddocument

2025-013 Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (BO MIRT)

Afzender

College van B&W

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Bijlagen: 2025-013 Bijlage Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 6 en 7 november 2024 2025-013 Bijlage MIRT-brief najaar 2024

Advies: Ter afdoening in handen te stellen van het college van B&W Datum

07-01-2025

Nummer

2025-014

Onderwerp

Zienswijze omtrent de ontwerp omgevingsvergunning Willemansweg te Oostvoorne geanonimiseerd

Hoofddocument

2025-014 Zienswijze omtrent de ontwerp omgevingsvergunning Willemansweg te Oostvoorne geanonimiseerd

Afzender

Inwoner

Advies

Ter afdoening in handen te stellen van het college van B&W

Datum

13-01-2025

Nummer

2025-015

Onderwerp

Proces partnerselectie uitvoeringsorganisatie afvalinzameling

Hoofddocument

2025-015 brief RAD en IRADO aan raad Vaz

Afzender

RAD, Irado

Advies

Ter afdoening in handen te stellen van het college van B&W

5

Afzender: College van B&W Datum

15-01-2025

Nummer

2025-016

Onderwerp

Raadsinformatiebrief jaarverslag archiefinspecteur

Hoofddocument

2025-016 Raadsinformatiebrief jaarverslag archiefinspecteur (231505-2024)

Omschrijving

Zie ook toezegging AZM24-015

Afzender

College van B&W

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Advies: Voor kennisgeving aan te nemen Datum

15-01-2025

Nummer

2025-017

Onderwerp

Beantwoording schriftelijke vragen ex art. 33 RvO vragen fractie GL-PvdA taakstelling huisvesting statushouders

Hoofddocument

2025-017 Raadsinformatiebrief artikel 33 vragen taakstelling GLPvdA

Afzender

College van B&W

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

Datum

16-01-2025

Nummer

2025-018

Onderwerp

Brief uitkomst risicoanalyse toezicht en handhaving kinderopvang

Hoofddocument

2025-018 Brief uitkomst RA T&H KO 2023 Gemeente Voorne aan Zee

Afzender

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Advies

Voor kennisgeving aan te nemen

2025-001 Brief Voorbereiding VRR jaarwisseling 2024-2025

Het bestand 2025-001 Brief Voorbereiding VRR jaarwisseling 2024-2025 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14929111/1/2025-001+Brief+Voorbereiding +VRR+jaarwisseling+2024-2025?connection_type=17&connection_id=11269412

Postbus 21012 3001 AA Rotterdam Telefoon 088 5445 100 E-mail: informatie@mrdh.nl Internet: www.mrdh.nl

Aan: Colleges van B&W van de regiogemeenten MRDH Directies van de Vervoerbedrijven Bestuur van Metrocov

KvK nummer: 62288024 Bankrekeningnummer NL96 BNGH 0285 1651 43 contactpersoon A.J. van der Lely

Verzonden per e-mail e-mail a.vanderlely@mrdh.nl

Datum

telefoonnummer 088 5445 107

11 december 2024

uw kenmerk

Onderwerp

Vervoerplanprocedure 2026

ons kenmerk 116584 aantal bijlage(n) 2

Geacht(e) college, directie en bestuur,

Met deze brief informeren wij u dat de MRDH de vervoerplanprocedure voor 2026 start. We hanteren daarbij opnieuw net als vorig jaar de reguliere vervoerplanprocedure. De nieuwe vervoerplannen van EBS, HTM en RET dienen voor de dienstregeling van 2026. Deze gaat vermoedelijk begin 2026 in. In de vervoerplannen zetten EBS, HTM en RET uiteen welke dienstregeling ze willen rijden, op het niveau van lijnvoering, frequenties en aansluitingen. De vervoerplannen zijn een praktische invulling van opdracht 3 uit de Strategische Agenda 20232026 namelijk Actieve en collectieve vormen van mobiliteit stimuleren en opdracht 5. Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk. In alle concessies ligt de opbrengstverantwoordelijkheid bij de vervoerders. Dit met de verwachting dat deze verantwoordelijkheid de concessiehouder prikkelt om zijn aanbod zo goed mogelijk op de behoeften/wensen van (potentiële) reizigers af te stemmen om zo meer betalende reizigers te trekken. De keuze om de opbrengstverantwoordelijkheid bij vervoerders neer te leggen, betekent wel dat de vervoerders voldoende ontwikkelruimte moeten krijgen om de kwaliteit van het openbaar vervoer af te stemmen op de behoeften van reizigers en aan te passen aan (onvoorziene) ontwikkelingen in de metropoolregio.

De reguliere vervoerplanprocedure Voor de dienstregeling van 2026 zal de MRDH in 2025 de reguliere vervoerplanprocedure doorlopen. Met het vaststellen van ‘Borging toekomstbestendig OV in de hele regio’ op 15 november 2023 is een nieuw stabiel uitgangspunt voor de komende jaren ontstaan. Zo zijn de concessies per 1 januari 2024 herijkt. De reguliere vervoerplanprocedure is erop gericht om gemeenten en het Metrocov goed te betrekken bij de totstandkoming van de vervoerplannen van de OV-bedrijven. • Vóór het opstellen van de vervoerplannen 2026 zijn de gemeenten al ambtelijk uitgenodigd geweest hun wensen en suggesties bij de OV-bedrijven en MRDH kenbaar te maken. Hiervoor organiseerde MRDH afgelopen 24 oktober gesprekken met gemeentelijke ovadviseurs en de vervoerkundigen van de OV-bedrijven. In deze gesprekken hebben de vervoerbedrijven ook hun eerste ideeën gedeeld. Ook zijn de in 2026 verwachte

Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Delft, Den Haag, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Maassluis, MiddenDelfland, Nissewaard, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen, Voorne aan Zee, Wassenaar, Westland en Zoetermeer.

vervoerontwikkelingen, voorziene werkzaamheden, aanpassingen aan de infrastructuur en komende ruimtelijke ontwikkelingen besproken. • De vervoerplannen worden voorgelegd aan de colleges van B&W van de gemeenten in een reactieperiode van negen weken. De gemeenten worden uitgenodigd, indien ze dat zelf wensen, deze periode ook te gebruiken om bij de gemeenteraad, raadscommissies en desgewenst mogelijk inwoners, opmerkingen en reacties te verzamelen om te komen tot een gemeentelijke reactie aan MRDH en de OV-bedrijven. MRDH geeft zeker een week meer tijd aan de gemeenten om tot een reactie op de vervoerplanen te komen, dan vorig jaar. Dit naar aanleiding van de terugblik op de vervoerplanprocedure van vorig jaar. Met daarbij bovenstaande nadrukkelijke oproep aan de gemeenten om ook aan de kant van de gemeenten het proces om te komen tot een reactie goed in te richten, verwachten we dat de gezamenlijke opgave tot een goed einde gebracht kan worden. De MRDH vraagt dus nadrukkelijk de colleges van B&W om, als ze dat zelf wensen, vanaf nu tijdig (in overleg met griffies) te starten met het interne gemeentelijke proces om de raden en desgewenst mogelijk inwoners te betrekken om te komen tot één gemeentelijke reactie aan MRDH en de OVbedrijven over de vervoerplannen 2026.

• Ook het regionale reizigersplatform Metrocov wordt betrokken bij het reflecteren en adviseren over de vervoerplannen. • De MRDH stelt in samenwerking met de OV-bedrijven een Nota van Reactie op waarin de binnengekomen reacties beantwoord worden. Deze Nota van Reactie wordt op 9 juli 2025 in de bestuurscommissie vervoersautoriteit vastgesteld en vormen in combinatie met de eerdere concept vervoerplannen de basis van de uitwerking tot de dienstregeling van 2026 door de OV-bedrijven. Het is belangrijk te beseffen dat het openbaar vervoer nog altijd in zwaar weer verkeert. Het aantal reizigers is in sommige concessies nog niet op het pre-coronaniveau. Ook is er nog altijd sprake van afgeschaalde dienstregelingen als gevolg van personeelstekorten. Ook de op de bezuiniging van het Rijk vanaf 2026 van 10% op de BDU is nog niet van tafel. Mede daarom gaat MRDH voor 2026 uit van hetzelfde aantal dienstregelingkilometers, een gelijkblijvend productieniveau als in 2025. Door uit te gaan van een gelijkblijvend productieniveau ten opzichte van 2025 wordt er dus niet op voorhand geanticipeerd dat de bezuiniging van het Rijk ook echt opgelegd wordt. In de herijkte concessies is afgesproken dat alle vervoerders zich richten op verdere groei van de reizigersaantallen binnen de bestaande financiële kaders.

Tegelijkertijd wordt het haalbare productieniveau op de korte en middellange termijn vooral bepaald door de beschikbaarheid van personeel. Deze beschikbaarheid staat zoals u weet door eerdere bestuursberichten over afschalingen van de dienstregeling als gevolg van personeelstekorten nog altijd onder grote druk. In de bijgevoegde planning leest u de planning voor de procedure in 2025 met daarbij het verzoek aan de Colleges van B&W en het Metrocov om zodanig rekening te houden met de data van reactieperiode, dat er tijdig tot een reactie aan MRDH en de OV-bedrijven gekomen kan worden. Ik vertrouw er op u goed geïnformeerd te hebben.

Jeffrey Keus Portefeuillehouder OV-exploitatie Bijlagen

1. 2.

Factsheet vervoerplanprocedure Planning vervoerplanprocedure 2026 2

2025-002 Bijlage 1 Factsheet Vervoerplanprocedure 2026

Het bestand 2025-002 Bijlage 1 Factsheet Vervoerplanprocedure 2026 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14938677/1/2025-002+Bijlage+1+Factsheet +Vervoerplanprocedure+2026?connection_type=16&connection_id=997430

Vervoerplanprocedure 2026 BCVA kaders en planning

Woensdag 11 december 2024

vervoerders dienen vervoerplannen in verzending van de vervoerplannen naar de gemeente-ambtenaren

Vrijdag 28 februari 2025

gemeenten ambtelijke reactie op vervoerplannen Vervoerders passen eventueel vervoerplannen aan Presidium aanleveren en evt MT aanleveren

Woensdag 5 maart 2025

MT in geval van grote issues / politieke gevoeligheid Presidium vrijgave reacties

Vrijdag 28 februari 2025

kennis nemen van, checken op (spel)fouten en bepalen of

Donderdag 7 maart Vrijdag 8 maart 2025

Dinsdag 11 maart 2025 Woensdag 12 maart 2025

Reactieperiode start Aan gemeenten en Metrocov aanleveren van de Vervoerplannen 2026 Metrocov

Woensdag 12 maart 2025

tussentijdse gemeentelijke concept reactie Reactieperiode einde

Vrijdag 25 april 2025 Vrijdag 16 mei 2025

Start opstellen van de Nota van Reactie Nota van Reactie gereed

Maandag 19 mei 2025 Dinsdag 27 mei 2025

Vooroverleg Presidium aanleveren

Woensdag 28 mei 2025

Vooroverleg Presidium Presidium aanleveren

Maandag 2 juni 2025 Woensdag 4 juni 2025

Woensdag 12 maart 2025 ntb

AoVa aanleveren

maandag 16 juni 2025

Presidium AoVa

Donderdag 19 juni 2025 maandag 23 juni 2025

BcVa aanleveren BcVa vaststellen vervoerplannen

woensdag 25 juni 2025 Woensdag 9 juli 2025

geen deadline, maar gewenste datum

stukken onder voorbehoud van goedkeuring Presidium op 19 juni 2025

E-mail gemeente@voorneaanzee.nl Telefoonnummer 140181

Aan de raad van de gemeente Voorne aan Zee

Verzenddatum 12-12-2024 Uw kenmerk Ons kenmerk 196020-2024 Bijlage(n) -

Onderwerp Informeren gelijkwaardigheid nieuwbouw aula t.o.v. traditionele bouwwijze Hellevoetsluis, 3 december 2024 Geachte leden van de raad, Bij het beschikbaar stellen van het krediet voor de nieuwbouw van de aula van de begraafplaats in Oostvoorne, is door u gevraagd om aan te geven dat de kosten en levensduur van de gekozen duurzame en circulaire bouwwijze minimaal gelijkwaardig zijn aan een traditionele bouwwijze van de aula. Als gemeente Voorne aan Zee vinden wij het belangrijk om een stimulans te geven aan de verduurzaming en hiermee een bijdrage te leveren aan het milieu. Bij de nieuwbouw van gemeentelijk vastgoed streven we waar mogelijk naar duurzaam bouwen waarbij de principes van circulariteit worden toegepast. Bij het ontwerp voor de nieuwbouw aula is dan ook het duurzaam en circulair bouwen als uitgangspunt meegegeven zodat we als gemeente met deze nieuwbouw aan de gestelde regels van de klimaatdoelstelling 2050 kunnen voldoen. Het gebouw is dan ook energieneutraal en de gebruikte materialen kunnen in principe hergebruikt worden. Als voorwaarden hebben we gesteld dat de materialen die gebruikt worden voor deze nieuwbouw, duurzaam en kwalitatief hoogwaardig moeten zijn en minimaal gelijkwaardig als bij de kwaliteit en levensduur van traditionele bouw.

Circulaire gebouwen worden gebouwd met hoogwaardige, duurzame materialen die specifiek zijn gekozen vanwege hun lange levensduur en herbruikbaarheid. Daardoor is de technische levensduur van circulaire gebouwen minstens gelijk aan die van traditionele gebouwen. Een belangrijk principe van circulair bouwen is ontwerp voor aanpasbaarheid. Dit betekent dat het gebouw ook eenvoudig kan worden aangepast, uitgebreid of zelfs gedemonteerd kan worden zonder grote structurele ingrepen. Dit verlengt de functionele levensduur van het gebouw. Circulaire bouw kost gemiddeld 10% tot 30% meer dan traditionele bouw. Daarbij is ook aangetoond dat circulair bouwen op de lange termijn besparingen van 20% tot 40% kan opleveren door lagere onderhoudskosten, energiebesparing en restwaarde van materialen. De hogere investeringskosten kunnen daardoor in 10 tot 20 jaar worden terugverdiend, afhankelijk van de intensiteit van het gebruik van het gebouw. Dit betekent dat de investering ruim binnen de verwachte levensduur is terugverdiend en er in principe geen extra verduurzamingsinvesteringen voor het gebouw nodig zijn om aan de klimaatdoelstelling 2050 te voldoen. Bezoekadres Oostzanddijk 26 3221 AL Hellevoetsluis Telefoon 14 0181 Email gemeente@voorneaanzee.nl

Postadres Postbus 13 3220 AA Hellevoetsluis KvK 88738388 BTW NL826902273B01

Samengevat Als je de duurzame circulaire bouwwijze met de daarbij horende materialen van de aula in Oostvoorne tegenover de traditionele bouwwijze zet, kunnen we naar aanleiding van het huidige plan stellen dat de kwaliteit van de materialen voor duurzaam circulair bouwen gelijk of zelfs beter zijn dan de materialen bij het traditioneel bouwen. Daarnaast is deze bouwmethode geënt op het kunnen besparen van energie, is het gebouw toekomstbestendig en kunnen materialen bij ontmanteling van het gebouw hergebruikt worden. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Voorne aan Zee

L. Mans Msc gemeentesecretaris

A.R.C. Scheepers RA Msc burgemeester

2025-004 Begeleidend memo Kadernota 2026

Het bestand 2025-004 Begeleidend memo Kadernota 2026 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14957255/1/2025-004+Begeleidend+memo +Kadernota+2026?connection_type=17&connection_id=11295479

2025-004 GRJR Brief aan raden bij Kadernota 2026

Het bestand 2025-004 GRJR Brief aan raden bij Kadernota 2026 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14957256/1/2025-004+GRJR+Brief+aan+rad en+bij+Kadernota+2026?connection_type=16&connection_id=998575

2025-004 Bijlage 1. GRJR Kadernota 2026

Het bestand 2025-004 Bijlage 1. GRJR Kadernota 2026 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14957260/1/2025-004+Bijlage+1_+GRJR+Ka dernota+2026?connection_type=16&connection_id=998575

2025-005 Open Brief Samen sterk voor schone lucht

Het bestand 2025-005 Open Brief Samen sterk voor schone lucht kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14966125/1/2025-005+Open+Brief+Samen +sterk+voor+schone+lucht?connection_type=17&connection_id=11310147

2025-006 raadsinformatiebrief ontwerpbesluit vergunningaanvraag Willemansweg

Het bestand 2025-006 raadsinformatiebrief ontwerpbesluit vergunningaanvraag Willemansweg kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14965577/1/2025-006+raadsinformatiebrief +ontwerpbesluit+vergunningaanvraag+Willemansweg?connection_type=17&connection_id=11309523

2025-007 raadsinformatiebrief weigeringsbesluit omgevingsvergunning Windproject Brielse Brug

Het bestand 2025-007 raadsinformatiebrief weigeringsbesluit omgevingsvergunning Windproject Brielse Brug kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14966129/1/2025-007+raadsinformatiebrief +weigeringsbesluit+omgevingsvergunning+Windproject+Brielse+Brug?connection_type=17&connection_id=11310162

E-mail gemeente@voorneaanzee.nl Telefoonnummer 140181 Verzenddatum 19 december 2024

Aan de gemeenteraad van Voorne aan Zee Uw kenmerk

Ons kenmerk 237816-2024 Bijlage(n) -

Onderwerp vastgestelde beleidsregels Wet aanpak woonoverlast

Geachte leden van de raad, Woonoverlast is in Nederland een serieus maatschappelijk probleem, ook in Voorne aan Zee. Inwoners ervaren dagelijks meer dan toelaatbare overlast van hun directe buren, waaronder geluidsoverlast, overlast als gevolg van huisdieren, stankoverlast, problemen door drugs- en/of drankgebruik, agressief gedrag of intimidatie. De aanpak van deze overlast vinden wij van prioritair belang. De Wet aanpak woonoverlast (artikel 151d Gemeentewet) maakt het mogelijk dat de raad de burgemeester de bevoegdheid toekent om bij ernstige en herhaaldelijke woonoverlast gedragsaanwijzingen op te leggen. U heeft de burgemeester die bevoegdheid toegekend in artikel 2:79 van de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) Voorne aan Zee 2024. In dit artikel is de verplichting opgenomen om beleidsregels te formuleren. Hierbij willen wij u informeren dat de ‘beleidsregels Wet aanpak woonoverlast Voorne aan Zee 2024’ zijn vastgesteld op 2 december 2024. De beleidsregels maken inzichtelijk in welke gevallen en onder welke voorwaarden de burgemeester toepassing kan geven aan de discretionaire bevoegdheid tot het geven van een gedragsaanwijzing. In het beleid wordt duidelijk naar voren gebracht dat een gedragsaanwijzing enkel wordt ingezet, als geen andere middelen meer ingezet kunnen worden, zoals bijvoorbeeld buurtbemiddeling.

In alle gevallen is het streven naar een duurzame, oplossingsgerichte aanpak de insteek. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Voorne aan Zee

L. Mans Msc gemeentesecretaris

Bezoekadres Oostzanddijk 26 3221 AL Hellevoetsluis Telefoon 14 0181 Email gemeente@voorneaanzee.nl

A.R.C. Scheepers RA Msc burgemeester

Postadres Postbus 13 3220 AA Hellevoetsluis KvK 88738388 BTW NL826902273B01

2025-009 ondertekend Reactie op brief Dorpsraad Tinte - Canadelaar geanonimiseerd

Het bestand 2025-009 ondertekend Reactie op brief Dorpsraad Tinte - Canadelaar geanonimiseerd kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14978624/1/2025-009+ondertekend_Reactie +op+brief+Dorpsraad+Tinte+-+Canadelaar+geanonimiseerd?connection_type=17&connection_id=11334602

Aan: Van: Datum: Onderwerp:

Gemeenteraden Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond 13 december 2024 Ontwikkelingen gesloten Jeugdhulp

Kenmerk: 24MO01174 Behandelend ambtenaar: Joan van Amersfoort Contactgegevens ambtenaar: Jlfg.vanamersfoort@rotterdam.nl

Geachte gemeenteraad, Jeugdregio Rijnmond werkt samen met de andere vier jeugdregio’s van Zuid-Holland en met de betreffende zorgaanbieders en gecertificeerde instellingen (jeugdbescherming) aan afbouw van gesloten jeugdhulp. Deze afbouw is een landelijke ambitie en brengt inhoudelijke en financiële vraagstukken met zich mee. In deze brief informeren wij u over de stand van zaken ten aanzien van gesloten jeugdhulp, ook wel JeugdhulpPlus (JHP) genoemd. Interbestuurlijk Toezicht is afgerond We hebben u eerder geïnformeerd over de afbouw van JHP en de consequenties die de afbouw van de JHP met zich meebrengt. De afbouw leidde onder andere tot grote(re) financiële problemen bij de door de regio gecontracteerde aanbieders iHUB en Schakenbosch. Het bleek niet eenvoudig om te komen tot goede afspraken. Dit resulteerde in een besluit van de staatssecretaris in november 2022 om het landsdeel Zuidwest (alle gemeenten van ZuidHolland) onder Interbestuurlijk Toezicht (IBT) te plaatsen. Nu, twee jaar later, is het gelukt om tot concrete afspraken met aanbieders te komen over het tempo, de wijze waarop de afbouw plaatsvindt en de financiële afwikkeling van deze afbouw. Deze afspraken waren voor de staatssecretaris voldoende basis om het IBT te beëindigen. Op 28 november 2024 heeft hij dat ook daadwerkelijk gedaan.

Bovenregionaal plan gesloten jeugdhulp geactualiseerd In 2021 heeft coördinerende gemeente Rotterdam voor het landsdeel een bovenregionaal plan gesloten JHP (BRP) opgesteld. In dit plan zijn de ambities van het landsdeel ten aanzien van de JHP geformuleerd. De VNG en het ministerie van VWS hebben in december 2022 aan de coördinerende gemeenten in Nederland gevraagd om periodiek hun BRP te actualiseren. Rotterdam heeft dit plan en de actualisaties voor het landsdeel opgesteld en afgestemd met de vijf jeugdregio’s, de jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen. De derde actualisatie is op 23 september 2024 goedgekeurd. U vindt deze in de bijlage. In november heeft het ministerie van VWS de Specifieke Uitkering (SPUK) ‘transformatie gesloten jeugdhulp’ gepubliceerd. De actualisatie van het BRP is nodig om de aanvraag voor de SPUK ‘transformatie gesloten jeugdhulp’ te kunnen indienen. De SPUK is bedoeld voor het financieren van kosten die te maken hebben met de af/om/opbouw van gesloten jeugdhulp, respectievelijk alternatieven zorgvormen. Tot slot was deze actualisatie ook nodig voor de beslissing van de staatssecretaris Jeugd om het IBT te beëindigen. Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond p/a Gemeente Rotterdam Publieke Gezondheid, Welzijn & Zorg Postbus 70032 3000 LP Rotterdam www.jeugdhulprijnmond.nl

1

Integrale visie op zorg en onderwijs Het BRP bevat een integrale visie op zorg en onderwijs per 2028. Dit betekent doorontwikkeling van jeugdzorg naar hoog intensieve zorg en onderwijs, op daartoe passende locaties nabij thuis, via af- en ombouw van de huidige JHP. Om dit te bereiken is voor de komende jaren een concrete capaciteitsverdeling voor JHP met zorgaanbieders per locatie afgesproken, inclusief een methodiek om te monitoren en sturen op de afbouw van JHP. Onderwijs en zorg vormen samen fundamenten voor de ontwikkeling en het welzijn van kinderen en jongeren. De samenwerking tussen beide is cruciaal voor een gezonde toekomst. Zeker voor kinderen en jongeren die te maken hebben met een intensieve zorgbehoefte en/of problematische thuissituatie, is het belangrijk dat zij perspectief hebben. Een doorlopende leerlijn helpt hierbij het beste en de zorg sluit hierop aan. Realisatie afbouw De ambitie uit het BRP zorgt ervoor dat er in Zuid-Holland vanaf 1 januari 2028 nog maar één locatie overblijft waar 54 plekken voor JHP geleverd worden. Het gaat om de locatie Schakenbosch in Leidschendam. Dat betekent daarmee ook dat op de huidige locaties Bergse Bos (Rotterdam) vanaf Q3 2025, Rijnhove (Alphen aan den Rijn) vanaf 1 april 2026 en ’t Anker (Harreveld) vanaf 1 april 2025 JHP afgebouwd moet worden.

Op dit moment zijn er voor ZuidHolland nog circa 130 plekken voor JHP in gebruik. Opbouw van alternatieven Om de afbouw van JHP te realiseren is het nodig dat alternatieve zorgvormen opgebouwd worden. Het afbouwen van JHP betekent immers niet dat de zorgvraag die deze jongeren hebben er niet meer is. Deze jongeren worden nu al vaker geplaatst in open residentiële groepen. Dat zorgt voor flinke inhoudelijke uitdagingen bij de aanbieders met risico’s voor de jongeren, de medewerkers en soms ook de omwonenden als gevolg. We constateren dat deze hulp duurder wordt om de risico’s te verminderen. Gemeenten hebben met de financiële impact hiervan te maken, terwijl het budget bij gemeenten onder grote druk staat. Wij zien de opbouw van alternatieven daarom in het licht van de kostenbesparende maatregelen die regionaal zijn afgesproken. Op dit moment zijn er al diverse alternatieven beschikbaar. Het gaat om bijvoorbeeld School2Care (dit betreft een doorlopend integraal dagprogramma dat zich richt op het begeleiden van jongeren naar (vervolg)opleiding en/of werk), diverse ambulante teams (gericht op intensieve zorg die thuis in het gezin wordt geboden) en kleinschalige voorzieningen (gericht op jongeren die vanwege allerlei complexe problemen niet langer thuis kunnen wonen en hulp in een kleine setting van maximaal 6 jongeren krijgen). Dit is niet genoeg.

Daarom is aan onze regionaal gecontracteerde aanbieders gevraagd om alternatieve zorgvormen te ontwikkelen en hiervoor businesscases (met financiële en maatschappelijke impact) op te leveren.

2

Met vriendelijke groet, Namens het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond,

R. Buijt Voorzitter

S. Hammer Secretaris/Directeur

Bijlage: 1. Derde actualisatie Bovenregionaal Plan JHP

3

2025-010 Bijlage 1 - BRP JHP Zuidwest 3e actualisatie

Het bestand 2025-010 Bijlage 1 - BRP JHP Zuidwest 3e actualisatie kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14978800/1/2025-010+Bijlage+1+-+BRP+JH P+Zuidwest+3e+actualisatie?connection_type=16&connection_id=1001925

2025-010 Bijlage 1a - Bijlage 3 BRP DOS hybride groep 25042024

Het bestand 2025-010 Bijlage 1a - Bijlage 3 BRP DOS hybride groep 25042024 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14978802/1/2025-010+Bijlage+1a+-+Bijlage +3_BRP+DOS+hybride+groep+25042024?connection_type=16&connection_id=1001925

2025-010 Bijlage 1b - BRP bijlage 4a Inventarisatie Alternatief regionaal aanbod 27052024 - deel 1

Het bestand 2025-010 Bijlage 1b - BRP bijlage 4a Inventarisatie Alternatief regionaal aanbod 27052024 - deel 1 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14978803/1/2025-010+Bijlage+1b+-+BRP_b ijlage+4a+Inventarisatie+Alternatief+regionaal+aanbod+27052024+-+deel+1?connection_type=16&connection_id=1001925

2025-010 Bijlage 1c - BRP bijlage 4b Inventarisatie Alternatief regionaal aanbod 27052024 -deel 2

Het bestand 2025-010 Bijlage 1c - BRP bijlage 4b Inventarisatie Alternatief regionaal aanbod 27052024 -deel 2 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14978804/1/2025-010+Bijlage+1c+-+BRP_bi jlage+4b+Inventarisatie+Alternatief+regionaal+aanbod+27052024+-deel+2?connection_type=16&connection_id=1001925

2025-011 Raadsinformatiebrief Stand van zaken Experiment Gesloten Coffeeshopketen (EGC)

Het bestand 2025-011 Raadsinformatiebrief Stand van zaken Experiment Gesloten Coffeeshopketen (EGC) kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14980734/1/2025-011+Raadsinformatiebrief +Stand+van+zaken+Experiment+Gesloten+Coffeeshopketen+%28EGC%29?connection_type=17&connection_id=11342432

2025-012 Raadsinformatiebrief Voorbereiding jaarwisseling 2024-2025

Het bestand 2025-012 Raadsinformatiebrief Voorbereiding jaarwisseling 2024-2025 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14981649/1/2025-012+Raadsinformatiebrief +Voorbereiding+jaarwisseling+2024-2025?connection_type=17&connection_id=11346228

2025-012 bijlage Voorbereiding VRR jaarwisseling 2024-2025

Het bestand 2025-012 bijlage Voorbereiding VRR jaarwisseling 2024-2025 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14981650/1/2025-012+bijlage+Voorbereidin g+VRR+jaarwisseling+2024-2025?connection_type=16&connection_id=1002808

2025-013 Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (BO MIRT)

Het bestand 2025-013 Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (BO MIRT) kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14981694/1/2025-013+Bestuurlijk+Overleg+ Meerjarenprogramma+Infrastructuur+Ruimte+en+Transport+%28BO+MIRT%29?connection_type=17&connection_id=11346305

2025-013 Bijlage Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 6 en 7 november 2024

Het bestand 2025-013 Bijlage Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 6 en 7 november 2024 kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://voorneaanzee.notubiz.nl/document/14981695/1/2025-013+Bijlage+Afsprakenlijs t+Bestuurlijke+Overleggen+MIRT+6+en+7+november+2024?connection_type=16&connection_id=1002815

> Retouradres Postbus 20901 2500 EX D en Haag

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat Rijnstraat 8 2 5 15 XP D en Haag P ostbus 20901 2 5 00 E X Den Haag T 0 7 0-456 0000 F 0 7 0-456 1111 Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815 Bijlage(n)

Datum Betreft

12 november 2024 MIRT-brief najaar 2024

7

Geachte voorzitter, Goede mobiliteit en bereikbaarheid zijn van cruciaal belang voor onze samenleving. Voor onze welvaart, onze economie en ons welzijn. Met een groeiende bevolking en groeiende economie groeit ook de behoefte aan mobiliteit. Ook de eisen die daaraan worden gesteld nemen toe, bijvoorbeeld als gevolg van het veranderende klimaat of op het terrein van cyberveiligheid. De veiligheid, betaalbaarheid en de toegankelijkheid van de infrastructuur en het gebruik ervan moeten op orde zijn en blijven. Dit kabinet doet ve el op het gebied van bereikbaarheid, zowel op instandhouding als op aanleg. Ook heeft het kabinet € 2,5 mld. beschikbaar gesteld voor investeringen in het infrastructuurnetwerk en ontsluiting van woningbouw. Dit in aanvulling op de middelen die het vorige kabinet beschikbaar heeft gesteld. Door een combinatie van verschillende ontwikkelingen (onder andere beschikbaarheid van vakmensen en vergunningen voor stikstofruimte) staat de uitvoering van plannen van het Mobiliteitsfonds (MF) wel in toenemende mate onder druk en daarmee ook de bereikbaarheid en mobiliteit van Nederland. Daarnaast is de aankomende decennia sprake van groeiende opgaven op het gebied van instandhouding, waardoor een groter deel van de beschikbare middelen en vakmensen hiervoor nodig is en dus niet kan worden ingezet om de netwerken verder te ontwikkelen.

Ook kunnen prijsontwikkelingen van de Grond -, Weg- en Waterbouwsector in de praktijk tot toekomstige budgettaire knelpunten op het MF leiden, zoals in de eerder verzonden Kamerbrief over de prijsbijstellingssystematiek is aangegeven.1 Alles bij elkaar is het in toenemende mate merkbaar dat niet alles tegelijk mogelijk is. De ruimte om nieuwe projecten te starten is schaars. Dit geldt voor de vergunningsruimte, financiële middelen en de beschikbaarheid van vakmensen bij uitvoeringsorganisaties en de markt. Het vorige kabinet werd geconfronteerd met de gevolgen van bovenstaande ontwikkelingen. Dit heeft in 2023 geleid tot de herprioritering van het MF waarbij belangrijke projecten zijn gepauzeerd.2 Een groot deel van het budget bij de projecten die gepauzeerd zijn, is ingezet voor het dekken van tekorten op in uitvoering zijnde projecten en instandhouding. Dit alles om – met datgene wat wel 1 Kam erstuk 36410-XII, nr. 50 2 Kam erstuk 29 385, nr. 119

P agina 1 van 31

kan – Nederland veilig, bereikbaar en leefbaar te houden. Deze projecten zijn behouden in het MIRT-overzicht, omdat de onderliggende opgaven niet zijn verdwenen. Deze projecten blijven belangrijk. Zoals in het Regeerprogramma is vermeld (en met de Kamer tijdens de begrotingsbehandeling is besproken), is het de ambitie om binnen deze context op infrastructuurterrein toch het maximale te doen binnen de kaders van het Regeerprogramma en het Hoofdlijnenakkoord. Daarbij gaat het zowel om de instandhouding, het naar behoren uitvoeren van gestarte investerin gen in de afgelopen jaren én de ontwikkeling van de netwerken. De Kamer is eerder geïnformeerd over de adviezen en aanbevelingen uit twee rapporten (validatierapport Rebel Group en rapport Kohsiek), die het belang onderstrepen van de huidige focus op instandhouding gelet op de forse opgave en daarmee het vergroten van de maakbaarheid.3 Daarom gaat het jaarlijkse onderhoudsbudget voor Rijkswaterstaat (RWS) omhoog van € 2 mld. naar € 3 mld. in de periode tot 2030. Ook is extra budget vrijgemaakt voor instandhouding van het spoor waardoor het jaarlijks onderhoudsbudget voor spoor stijgt naar ongeveer € 2,3 mld. per jaar. Voor zowel de RWS-netwerken als het spoor is het basiskwaliteitsniveau (BKN) vastgesteld.

Dat geeft aan waar een weg, vaarweg, waterwerk of een spoorweg in de basis aan moet voldoen om gebruikers goed te kunnen blijven bedienen. Het vormt de basis van de instandhoudingsopgave. Door daarop te richten en binnen de gehele keten van beleid, uitvoering en marktpartijen goed samen te werken, kan toch zo veel mogelijk gedaan worden met de beschikbare mensen en middelen.

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat

Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815

Voor wat betreft de MIRT-projecten is aan het lid Van Dijk toegezegd om voorafgaand aan het notaoverleg MIRT een prioritering aan te brengen in de MIRT-projecten en daarbinnen inzichtelijk te maken op basis van welke afwegingen volgend uit het analysekader deze prioritering is aangebracht. Daarbij wordt ook de motie van de leden Stoffer en Grinwis betrokken. 4 Benadrukt wordt dat er ten aanzien van de MIRT-projecten nog geen keuzes zijn gemaakt. Hiervoor is meer tijd nodig. De integrale afweging kan pas plaatsvinden bij de voorjaarsbesluitvorming. Er is baat bij een ordentelijk proces. Dat is ook besproken met de regio’s. Uiteraard is bij de regio’s sprake van teleurstelling, maar er is ook begrip. De regio heeft met vergelijkbare problematiek te maken. In de Bestuurlijke Overleggen (BO’s) MIRT is daarom slechts een beperkt aantal nieuwe besluiten genomen ten aanzien van infrastructuurprojecten. Het budgettaire kader is - naast de vergunbaarheid en maakbaarheid - voor deze kabinetsperiode echter het uitgangspunt waarbinnen, wederom, scherpe keuzes moeten worden gemaakt. Grote projecten die in het Regeerprogramma expliciet zijn genoemd, kunnen alleen een stap verder worden gebracht door he t bestaande MIRT-programma erbij te betrekken en integraal af te wegen. Deze scherpe keuzes moeten daarnaast ook hand in hand gaan met het verbeteren van de beheersing.

Voorkomen moet worden dat het starten van nieuwe of gepauzeerde projecten met onvoldoende beheersing leidt tot kostenoverschrijdingen en daarmee een nieuwe ronde herprioritering noodzakelijk maakt. Alleen zo kan de jaarlijkse investeringsruimte weer ingezet worden om nieuwe opgaven aan te pakken. Op dit moment komt jaarlijks na aftrek van verplichtingen circa € 1,5 mld. aan investeringsruimte beschikbaar door extrapolatie van de meerjarenraming van het 3 Kam erstuk 29 385, nr. 139

4 Kam erstuk 36 600-XII, nr. 49

P agina 2 van 31

MF. In de Ontwerpbegroting 2025 is deze ruimte voor 2038 toegevoegd. In de Ontwerpbegroting 2025 is een deel hiervan (€ 400 mln.) ingezet ter dekking van het BKN spoor. Er resteert hiervan dus nog circa € 1,1 mld. In de ontwerpbegroting 2026 wordt hier weer een nieuwe tranche aan toegevoegd waardoor deze ruimte verder aan zal groeien.

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat

Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815

Een substantieel deel van deze middelen zal ingezet moeten worden ter dekking van tegenvallers, reeds voorziene kostenstijgingen bij de projecten die al in realisatie zijn en onvoorziene tegenvallers, zoals bij de A27 Houten – Hooipolder en de ViA15. Het gaat hier om grote bedragen. De inzet is vanzelfsprekend om deze kostenstijgingen door scopeaanpassing en een andere fasering en contractering zoveel mogelijk te beperken. De mogelijkheid hiertoe bij projecten die reeds een vastgesteld projectbesluit hebben is evenwel beperkt. Bij projecten die ook al zijn gecontracteerd is er nog minder ruimte om dit te doen. Tegenover de (al dan nog resterende) investeringsmiddelen, staan dan onder meer de ambities en opgaven opgenomen zoals in het Regeerprogramma. Aan de toezegging aan het lid Van Dijk om een prioritering aan te brengen in de MIRT-projecten en daarbinnen inzichtelijk te maken op basis van welke afwegingen volgend uit het analysekader deze prioritering is aangebracht, zal stapsgewijs worden voldaan. De eerste stap is om criteria vast te stellen aan de hand waarvan de weging plaats zal vinden.

In willekeurige volgorde betreft het de volgende criteria:  de benodigde personele en financiële middelen,  de bijdrage aan de woningbouwopgave,  de fase waarin het MIRT-project zich bevindt (realisatie, planning- en studies, verkenning of onderzoek),  de mate waarin het MIRT-project bijdraagt aan maatschappelijke opgaven op terrein van bereikbaarheid, (verkeers)veiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid,  de mate waarin het project bijdraagt aan het functioneren van internationale, nationale of regionale netwerken,  de mate waarin sprake is van cofinanciering door andere overheden of partijen,  de regionale verdeling,  het zicht op de vergunbaarheid (stikstofruimte). Het doel is om richting het voorjaar te komen tot een integrale afweging tijdens de voorjaarsbesluitvorming. De onderdelen van de motie van de leden Stoffer en Grinwis over de strategische keuzes met betrekking tot de budgetspanning en de mogelijke risico’s van budgettekorten worden hierin meegenomen. Het gaat hierbij nadrukkelijk om een politieke en bestuurlijke weging. De inzet van IenW is daarom om in de eerste plaats recht te doen aan de prioriteiten zoals deze in het Regeerprogramma zijn opgenomen.

Naast het mogelijk maken van de groeiende opgave van instandhouding, betekent dat het zetten van bijvoorbeeld vervolgstappen met de Lelylijn, Nedersaksenlijn en OV-verbinding Amsterdam – Haarlemmermeer, en is het de wens van IenW om ieder jaar één van de gepauzeerde projecten op te starten (onder voorbehoud van de benodigde vergunningsruimte, financiële middelen en personeel waarna al dan niet wordt begonnen met de opstart, zoals vermeld in het Regeerprogramma). Daarnaast is het de intentie om met de aannemerscombinatie tot overeenstemming te komen over de realisatie de ViA15 en de “kansrijke” stikstofprojecten verder te brengen. Tot slot is de inzet om een aantal kleine maatregelen te treffen om de P agina 3 van 31

bereikbaarheid zo goed mogelijk op orde te houden. Gegeven het hierboven geschetste financieel kader en de beperkte maakbaarheid, is dit zeer ambitieus te noemen en kan dit alleen met een combinatie van enerzijds een verscherpte beheersing op de inzet van de beschikbare middelen, capaciteit en stikstofruimte en anderzijds prioritering binnen het bestaande MIRT-programma waarbij rekening wordt gehouden met de opgave voor instandhouding. Zoals hierboven aangegeven wordt de Kamer bij de voorjaarsnota 2025 nader geïnformeerd over de integrale afweging binnen het MF.

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat

Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815

Het besluit rond de inzet van de restbudgetten van de gepauzeerde projecten (in totaal zo’n € 700 mln.), moet in dit licht worden bezien. De Kamer heeft op 20 juni 2024 het beoordelingskader voor de inzet van restbudgetten ten behoeve van mitigerende maatregelen ontvangen, waarin ook het besluitvormingsproces daaromtrent is uiteengezet.5 In lijn met dit proces heeft de regio – na samenspraak met ambtelijk IenW – in september voorstellen voor de maatregelpakketten ingediend. IenW heeft hierover vervolgens besloten. Daarbij zijn niet alle voorstellen gehonoreerd. De gereserveerde budgetten zullen als volgt worden ingezet: 1. € 47 mln. wordt ingezet voor een tweetal kleine, maar belangrijke maatregelen: de A4/N211 Harnaschknoop en verbindingsboog A1/A30. Hierbij worden delen van de projecten A4 Haaglanden – N14 en A1/A30 gerealiseerd. Vanwege schaarse RWS-capaciteit, is een voorwaarde van IenW dat de provincie Zuid-Holland de realisatie (incl. planuitwerking) van de A4/N211 op zich neemt. 2. € 159 mln. wordt beschikbaar gesteld aan de regio’s voor de voorstellen van de regio tot mitigerende maatregelenpakketten. Mitigerend in de zin dat ze een (beperkte) oplossing bieden voor de oorspronkelijke problematiek die een gepauzeerd project beoogde op te lossen.

Deze voorstellen zijn positief beoordeeld door IenW langs de lat van het gezamenlijk afgestemde beoordelingskader tussen Rijk en regio. Het betreft maatregelen(pakketten) voor een werkgevers - en logistieke aanpak, voor OV en fiets, voor een aanpak van sluipverkeer op het onderliggend wegennet of een korte termijn aanpak met ondersteunende fysieke maatregelen. Het gaat om de volgende projecten: A58 Stedelijke Regio Breda Tilburg (€ 23 mln.), A2 Deil – Vught (€ 54 mln.), A15 Papendrecht-Gorinchem (€ 16 mln.), A4 Haaglanden – N14 (€ 16 mln.) en A1/A28 knooppunt Hoevelaken (€ 50 mln.). Ook voor deze maatregelen geldt dat de regio deze moet kunnen uitvoeren. 3. De verdeling van de resterende circa € 490 mln. loopt mee in de voorjaarsbesluitvorming 2025. Intentie is om dit bedrag deels te reserveren voor de herstart van projecten en deels voor kleine maatregelen, gericht op het verbeteren van het autonetwerk (op OWN of HWN) of de doorstroming van automobiliteit op het nationale netwerk. Een eventuele reservering voor kleinere maatregelen kent daarbij een maximum van € 290 mln. Onder voorbehoud van de integrale weging blijft er zo minimaal € 200 mln. beschikbaar voor de herstart van projecten. Maakbaarheid en stikstofruimte zijn daarbij randvoorwaarden. De regio’s is gevraagd met voorstellen te komen die op korte termijn te realiseren zijn.

Definitieve besluitvorming over deze maatregelen loopt mee met de integrale besluitvorming rond het MF in het kader van de voorjaarsbesluitvorming 2025. De exacte voorwaarden aan de hand waarvan deze maatregelen worden getoetst, zullen nog dit najaar, na 5 Kam erstuk 36 410-A, nr. 61

P agina 4 van 31

overleg met de regio’s door IenW worden vastgesteld. Anders dan de besluiten 1 en 2 hoeft er geen directe koppeling te zijn met de opgaven waarvoor de gepauzeerde projecten e en oplossing bieden. Voorwaardelijk is wel dat de maatregelen maakbaar moeten zijn (onder andere stikstof) en er geen personele inzet van RWS voor de realisatie van de maatregelen nodig is. Dit betekent dat de resterende projectbudgetten op nul worden gezet en niet meer beschikbaar zijn binnen het project. Wel blijven de projecten in het MIRT-overzicht opgenomen.

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat

Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815

Verder verzoekt de motie van de leden Stoffer en Grinwis om inzicht te geven in de precieze budgetbehoefte voor instandhouding en nieuwe infrastructuurprojecten tot 2038 in verhouding tot de hiervoor beschikbare middelen. Om aan dit deel van de motie invulling te geven, wordt verwezen naar het overzicht met mogelijke financiële tegenvallers en nieuwe beleidswensen van meer dan € 500 mln. dat eerde r aan informateur Plasterk is verstrekt. Dit overzicht biedt een grof overzicht van de mogelijke financiële vraagstukken over de gehele looptijd van het MF. Het overzicht laat ook zien dat er scherpe inhoudelijke keuzes nodig zijn om het lopende programma in te blijven passen binnen het MF. Het spreekt voor zich dat dit binnen de begrotingsregels moet gebeuren. Bij het overzicht moeten de volgende punten in acht genomen worden:  De motie vraagt om de precieze budgetbehoefte voor nieuwe infrastructuurprojecten. Een gedetailleerd actueel inzicht, post per post, kan niet openbaar gemaakt worden omdat het hier om marktgevoelige informatie gaat. Desgewenst kan de Kamer hier vertrouwelijk over worden geïnformeerd.  Voor wat betreft de instandhouding RWS wordt verwezen naar de brief aan de Kamer inzake de validatie van de budgetbehoefte van de RWSnetwerken.  De tegenvaller op het BKN spoor is verminderd door alsnog een stevig pakket aan versobering en efficiencymaatregelen te treffen.

Hierdoor was circa € 900 mln. extra benodigd vanuit het MF ter dekking hiervan.  De budgetten van projecten- en programma’s zijn in beginsel taakstellend. Dit betekent dat tegenvallers ingepast dienen te worden middels scopeaanpassingen of fasering. De regels budgetdiscipline stellen dat departementen tegenvallers zelf inpassen door middel van keuzes elders binnen de eigen begroting. Dat geldt ook voor het MF.  Er zijn ook kostenstijgingen en tegenvallers die kleiner zijn dan € 500 mln. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het project Kornwerderzand.  Bij de A27 Houten – Hooipolder worden de ontwerpen en planningen momenteel nader uitgewerkt door de opdrachtnemers. Hierbij is het beeld dat de kosten aanzienlijk hoger uitvallen dan eerder was voorzien. Deze inzichten zullen worden betrokken bij een besluit over deze tegenvaller bij de integrale besluitvorming voorjaarsnota 2025, waarna de Kamer hierover zal worden geïnformeerd.  Er zijn nieuwe kostenramingen voor de Lelylijn en Nedersaksenlijn met de Kamer gedeeld.6  Ook heeft de Kamer inzicht gekregen in de mogelijke meerkosten van de intelligente wegkantstations.

6 Kam erstuk 36 600-A, nr. 6

P agina 5 van 31

Naast het voorgaande is er in de BO’s MIRT 2024 gesproken over verschillende MIRT-projecten en -programma’s. Met het vervolg van deze brief wordt de Kamer, mede namens de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, geïnformeerd over de uitkomsten van de BO’s MIRT 2024 en over de laatste ontwikkelingen binnen de verschillende MIRT-projecten en -programma’s. Een volledig overzicht van alle gemaakte bestuurlijke afspraken is te vinden in de bijlage bij deze brief.

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat

Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815

Het vervolg van deze brief is als volgt opgebouwd: 1. Terugmelding afspraken BO’s MIRT en voortgang MIRT-projecten en programma’s 1.1. Regio Zuidwest 1.2. Regio Zuid 1.3. Regio Noord 1.4. Regio Noordwest 1.5. Regio Oost 1.6. Goederenvervoercorridors 1.7. Algemeen 2. Moties en toezeggingen in het kader van het MIRT 3. Slot 1. Terugmelding afspraken BO’s MIRT en voortgang MIRT-projecten en programma’s In het MIRT is afgelopen periode weer hard gewerkt aan het volbrengen van tal van MIRT-projecten. Zo kan na de uitspraak van de Raad van State een vervolg worden gegeven aan de ViA15, om de doorstroming rond Arnhem en Nijmegen te verbeteren. Dat is in Groningen al gebeurd; eerder dan gepland ging daar de Zuidelijke Ringweg open, belangrijk voor de bereikbaarheid en veiligheid van weggebruikers. Ook op het spoor gebeurt veel; begin 2025 starten de werkzaamheden voor verbetering van de Maaslijn, een belangrijk regionaal spoortraject dat er voor zorgt dat dieseltreinen vervangen kunnen worden voor elektrische treinen. Tevens zijn afspraken gemaakt over de cofinanciering van twaalf doorfietsroutes door het hele land, zodat mensen makkelijker en veiliger met de fiets naar het werk kunnen. Op en aan het water houdt ons werk ook niet op. Met de feestelijke opening van de Nieuwe Sluis in Terneuzen krijgt Zeeuws -Vlaanderen een economische boost en kunnen schepen sneller doorvaren.

Ook is de aanleg begonnen van de projecten Meanderende Maas en Lauwersmeer-Vierhuizergat, om de waterveiligheid in Brabant, Gelderland en Groningen te vergroten. Ten slotte zet IenW ook in op infrastructuur ten behoeve van nieuwe woningen. Dit kabinet voegt € 2,5 mld. toe aan het MF om deze (nieuwe) woningen te ontsluiten. De ministeries van VRO en IenW stemmen de gebieds gerichte investeringen voor nieuwe woningbouw (onderdeel van de € 5 mld.) en de investeringen in bijbehorende infrastructuur (€ 2,5 mld.) op elkaar af. De verwachting is om komend voorjaar bij de Bestuurlijke Overleggen Leefomgeving (BOL’s) 2025 de eerste afspraken hierover te kunnen maken. 1.1. Regio Zuidwest In het BO MIRT Zuidwest is een open gesprek gevoerd over het Regeerprogramma, opgaven in de regio én over de samenwerking Rijk-regio de komende jaren. Aandacht is gevraagd voor gezamenlijke realisatiekracht en randvoorwaarden. Vanuit Rijkszijde is uitgesproken om na de studie van het P agina 6 van 31

Toekomstbeeld Midden-Zeelandroute met gelijkwaardige inspanning de ruimtelijke en infrastructurele keuzes te maken die zullen landen in een gezamenlijke propositie ter besluitvorming aan het kabinet, Gedeputeerde Staten en betreffende colleges van burgemeester en wethouders . Met Zeeland is een afspraak gemaakt voor financiering van Zeeland Bereikbaar voor de periode 2025 2028. Hiermee kan het samenwerkingsverband voor een gezamenlijke hinderaanpak opgestart worden.

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat

Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815

Met Zuid-Holland zijn afspraken gemaakt over het inzetten van een deel van de restbudgetten van de gepauzeerde projecten A4 Haaglanden – N14 en A15 Papendrecht – Gorinchem. Voor beide projecten zijn maatregelen afge sproken die een bijdrage leveren aan het tegengaan van de negatieve gevolgen van pauzeren met een omvang van € 16 mln. voor de A4 Haaglanden – N14 en € 16 mln. voor de A15 Papendrecht – Gorinchem. Voor de capaciteitsuitbreiding van de aansluiting van de N211 op de A4 (Harnaschknoop) is het besluit tot realisatie genomen. IenW draagt de kosten en de provincie Zuid-Holland zal het werk uitvoeren. Op het BO MIRT Zuidwest is een terugmelding gedaan uit het BO goederenemplacement IJsselmonde dat op 5 november plaatsvond en waarin Rijk, gemeente Rotterdam en Havenbedrijf Rotterdam deelnamen. Voor de verdere uitwerking van het project station Stadionpark wordt, met het oog op o.a. ruimte voor extra woningbouw, verplaatsing van goederenemplacement IJsselmonde als uitgangspunt gehanteerd. De betrokken partijen (Rijk, gemeente Rotterdam en Havenbedrijf Rotterdam) werken, onder voorbehoud van diens politieke besluitvorming (waaronder financiering), het daarvoor benodigde investeringsbesluit richting BOL en/of BO MIRT ve rder uit en spreken elkaar hierover in februari 2025.Dit onder voorbehoud van (politieke) besluitvorming van genoemde betrokken partijen. 1.1.1.

Openstelling Blankenburgverbinding Op 7 december 2024 wordt de Blankenburgverbinding opengesteld voor het verkeer. Deze nieuwe snelweg, de A24, verbindt de A20 bij Vlaardingen (noordoever) en de A15 bij Rozenburg (zuidoever) en draagt bij aan een robuust netwerk. Hiermee neemt de drukte op de A15 en de Beneluxcorridor af en verbetert de bereikbaarheid tussen de Rotterdamse haven en de Randstad. Met de openstelling is het project nog niet volledig afgerond. Er vinden nog afrondende werkzaamheden plaats, zoals het asfalteren van de A15 en het verder aanleggen van diverse groenvoorzieningen. Dit in samenwerking met de omgevingspartijen. Deze afrondende werkzaamheden lopen naar verwachting nog door tot eind 2025. 1.1.2. Bestuursovereenkomst Randstadrail Metronet Tijdens het BO MIRT 2024 hebben de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) en IenW de bestuursovereenkomst (BOK) Randstadrail Metronet ondertekend. In de BOK zijn afspraken gemaakt over investeringen in uitbreiding van het Metronet Rotterdam en de Randstadrail door de MRDH. In totaal gaat het om een investering van € 550 mln., waarvan de MRDH en IenW ieder de helft voor hun rekening nemen. De uitbreiding behelst: 1. Het gekoppeld rijden op RandstadRail Lijn 4 (Den Haag – Zoetermeer Station Lansingerland); 2.

Het gekoppeld rijden op RandstadRail Lijn 2 (Den Haag – Leidschendam) of Lijn 3 (Den Haag – Zoetermeer Centrum) in het stedelijk gebied van Den Haag;

P agina 7 van 31

3. Verhoging van het aantal metro’s op de E-lijn (Den Haag Centraal – Pijnacker – Rotterdam Centraal – Slinge) per 2030 en op de C-lijn (Capelle aan den IJssel – Blaak – Schiedam – Spijkenisse) per 2032-2035; 4. Het vergroten van de capaciteit en doorstroming van metrostation Beurs rond 2035; 5. Het vernieuwen van de spoorbeveiliging van het gezamenlijk spoor van RandstadRail en Metronet om hier vaker te kunnen rijden.

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat

Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815

1.1.3. Opening Nieuwe Sluis Terneuzen Op 11 oktober 2024 is door de koning van Nederland en de koning van België de Nieuwe Sluis in Terneuzen officieel geopend. De gezamenlijke opening onderstreept de prettige onderlinge samenwerking waarin dit project met succes tot stand is gekomen en het grensoverstijgende belang van de Nieuwe Sluis in Terneuzen. De Nieuwe Sluis zorgt voor een betere toegang en snellere doorstroming voor scheepvaart vanaf de Westerschelde naar het Kanaal van Gent naar Terneuzen en verder. De komst van de Nieuwe Sluis zorgt voor nieuwe economische activiteiten in zowel de Zeeuws-Vlaamse als de Vlaamse regio en een betere benutting van het economisch potentieel van de Kanaalzone in beide regio's. De capaciteit van de sluizen neemt toe, waardoor de wachttijd voor binnenvaartschepen afneemt. 1.2. Regio Zuid In het BO MIRT Zuid is gesproken over de brede waaier aan opgaven in Brabant en Limburg. Hoewel het pauzeren van enkele wegenprojecten met name in Brabant behoorlijke impact heeft, werken regio en Rijk samen aan het zo goed mogelijk bereikbaar houden van de regio. Daarbij is ook de aandacht voor de grensoverschrijdende projecten. Door de ligging van Brabant en Limburg lopen er meerdere goederencorridors door deze provincies. Beide provincies hebben daar sociaal economisch voordeel van, maar ondervinden lokaal ook de lasten.

Ook voor personenvervoer zien Rijk en regio mogelijkheden om Nederland beter met de buurlanden te verbinden. Om dit in samenhang te doen, is het afgelopen jaar een Multimodale Agenda voor Zuid-Nederland opgesteld. Hierin zijn zes hoofdopgaven gedefinieerd, die het komende jaar verder worden uitgewerkt. 1.2.1. Brainport Met de extra impuls uit het Beethovenconvenant onderstreept het kabinet het belang van de Brainportregio voor heel Nederland.7 De afspraken uit het Beethovenconvenant zijn tijdens het BO MIRT verder uitgewerkt en vastgelegd. Over de mobiliteitsprojecten die daar onderdeel van uitmaken, zijn afspraken gemaakt om zo snel mogelijk tot uitvoering te komen. Naar verwachting kan in 2025 een voorkeursbeslissing voor de multimo dale OV-Knoop Eindhoven worden genomen. Daarmee verbetert de lokale en regionale bereikbaarheid door een nieuw busstation en wordt tegelijk de spoorknoop Eindhoven toekomstvast aangepakt. Ook is afgesproken om richting het volgende BO MIRT te kijken of en hoe de extra perrons ten aanzien van de spoorknoop Eindhoven op een slimme wijze kunnen worden gerealiseerd, zodat werk met werk kan worden gemaakt in de spoorknoop. In de eerste helft van 2025 kunnen de bussen over de vluchtstrook van de A67 rijden. De andere Bus op Vluchtstrook-trajecten – eerst de A2, dan de A50 – worden met prioriteit daarna gerealiseerd.

Tot slot zijn voor de MIRT-verkenning naar het verbeteren van de A2/N2 en de Brainportlijn afspraken gemaakt om in het voorjaar van 2025 formeel te kunnen starten.

7 Kam erstuk 33 009, nr. 141

P agina 8 van 31

1.2.2. Wilhelminakanaal Sluis II IenW heeft de projectbeslissing genomen waarmee de realisatie van het project Wilhelminakanaal Sluis II kan worden opgestart en Tilburg uiteindelijk bereikbaar kan worden gemaakt voor klasse IV schepen. Nadere afs praken over onder andere de cofinanciering van het project door Noord-Brabant en Tilburg zullen uiterlijk begin 2025 in een bestuursovereenkomst definitief worden bevestigd.

Ministerie van Inf rastructuur en Waterstaat

Kenmerk I E NW/BSK-2024/322815

1.2.3. AROV/Spoorbrug Maastricht Rijk en de provincie Limburg hebben in lijn met en binnen de gestelde kaders van de Kamerbrief van 20 juni 2024 (en binnen het beschikbare budget van € 36,7 mln. (prijspeil 2024)) afspraken gemaakt over de herbestemming van de Rijksbijdrage voor de tram Hasselt – Maastricht, in het kader van het Actieprogramma Regionaal Openbaar Vervoer (AROV) voor het verbeteren van de regionale en internationale bereikbaarheid.8 De provincie Limburg zal er met deze middelen voor zorgdragen dat de overwegaanpassingen tussen Maastricht en Eijsden voor de tweede Drielandentrein naar Luik worden uitgevoerd en de spoorbrug in Maastricht inclusief de pijlers wordt gesloopt, wat leidt tot het oplossen van een maritiem knelpunt en daling van de waterstand in de Maas van circa 5 cm. Daarnaast worden de gronden en assets van ProRail westelijk van de spoorbrug door de provincie Limburg verworven. Tevens zal de provincie Limburg een afspraak maken met de gemeente Maastricht over de AROV-bijdrage aan de nieuwe langzaam-verkeersbrug onder de voorwaarde dat gemeente Maastricht uiterlijk in 2026 de benodigde vergunning voor sloop van de spoorbrug zal afgeven. De AROV-overeenkomst zal met een bestuursovereenkomst wo rden beëindigd en zullen door de provincie Limburg nieuwe projectovereenkomsten worden opgesteld. In lijn met de motie van het lid De Hoop c.s.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15061524/1