Conceptverslag openbare gecombineerde commissie Samenleving & Ruimte 12 februari 2025
Tekst van het document
Conceptverslag openbare gecombineerde commissie Samenleving en Ruimte van 12 februari 2025 Voorzitter: H. Abrahams Aanwezig: I.Bakker-de Waal(CDA), M. Bunschoten (LEF!), W.J. Dedert (BVNL), E. van Dort (ONS Brielle), L.M. Hamstra (VVD), B. Heijndijk (IBV), P. Feelders-Heijndijk (GL/PvdA), E.S.J. Hoogzand (FVD), J. Houtman (D66), J. Krajenbrink-Meinds (IBV), M. Mentink (VVD), K. Muller (VVD), R. Peperkamp (Vrij Voorne), F.J.M. de Reus (IBV), M.de Rijke ((LEF!), G. Ruigrok (FvD), W. Smit (Ons Brielle), E.A. Thiel (VVD), G. Verkuijl (GL/PvdA), A. Vermeer (PVaZ), B. Verschoor (GL/PvdA), S. Visser (CDA), A. van Vliet (PVaZ), H. Westbroek (IBV), M. Witte (Vrij Voorne). Portefeuillehouders: I.Bal, A-J. Spoon Commissiegriffier: Marloes Hoek 1. Opening en vaststelling agenda Opening De voorzitter opent de vergadering en verwelkomt de aanwezigen en degenen die deze vergadering via het internet volgen. Afwezig met kennisgeving: R. De Zoete (D66), E.G. Mulder (D66) en H. Van Noort (GL-PvdA) Agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
2. Mededelingen. Er zijn geen mededelingen vanuit de portefeuillehouders of de commissie. 3. Spreekrecht. Er hebben zich geen insprekers aangemeld. 4. Vaststelling conceptverslag van de vergadering van: 4a. de commissie Samenleving van 14 januari 2025 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 4b. de commissie Ruimte van 15 januari 2025. Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 5. Vaststelling lijst van toezeggingen. 5 a. van de commissie Samenleving De voorzitter neemt de lijst door met de commissie. SL24-016 en SL24-024 mogen van de lijst afgevoerd worden. SL24-001 mag volgende vergadering van de lijst afgevoerd worden als terugkoppeling is geweest. SL24-025 en SL-026 blijven op de lijst, mevrouw de Rijke (LEF!) zal aangeven welke vragen nog onduidelijk zijn of onvoldoende beantwoord zijn zodat hierop geantwoord kan worden. 5 b. van de commissie Ruimte
R 19 moet geplande datum afdoening aangepast worden naar Q2/2025 R 13, R 26 en R 31 mogen in overleg met de heer Mentink (VVD) van de lijst af. Op verzoek van de heer Mentink (VVD) wordt toegevoegd aan de lijst van toezeggingen de toezegging van de wethouder betreffende het Streekarchief die in de voorgaande vergadering van de commissie ruimte is bevestigd. Agendapunt 6. Terugkoppeling uit de Gemeenschappelijke regelingen. De heer Smit (Ons Brielle) geeft aan dat er een online bijeenkomst is geweest van de GGD. Deze bijeenkomst wordt de 19de februari herhaald en hij beveelt deze van harte aan om terug te kijken. Agendapunt 7. Splitsen omgevingsplan Buitengebied Westvoorne Veegplan 4. (I.Bal) De commissie is positief over het Veegplan 4, er worden door een aantal partijen nog enkele vragen c.q. opmerkingen gemaakt. De heer Ruigrok (FVD) vraagt onder andere waarom er geen milieueffectenrapportage wordt uitgevoerd en vraagt zich af wat er met de vermindering van de stikstofdepositie gedaan gaat worden en wil graag de nota’s van zienswijzen inzien. De heer Heijndijk (IBV) vraagt wanneer de indieners van de zienswijzen echt geholpen gaan worden. Mevrouw de Rijke (LEF!) heeft vragen over de locatie Zanddijk 1, waarom hier geen mer en geen exploitatieplan voor vast wordt gesteld.
Mevrouw Feelders (GL/PvdA) vraagt aandacht voor het gevraagde beslispunt 3 in het besluit, dit is onduidelijk, of dit aangepast kan worden. Wethouder Bal geeft aan dat het niet noodzakelijk is om een mer uit te voeren omdat het geen stedelijke ontwikkeling betreft. Betreffende Zanddijk 1, daar is reeds een omgevingsvergunning voor verleend, daarom wordt het nu in het omgevingsplan opgenomen. Nota van zienwijzen volgt wanneer plan 4b op de agenda komt. Wethouder Bal zegt toe het beslispunt 3 aan te passen, de vraag over stikstof schriftelijk te beantwoorden en later dit jaar (Q3) terug te komen op de andere 3 locaties. De commissie acht het voorstel rijp voor behandeling in de raad van 13 maart als bespreekstuk. Agendapunt 8. Kadernota van de GR Jeugdhulp Rijnmond Wethouder Spoon: In oktober 2024 is er een bijeenkomst geweest waar is gesproken over het werk en de kosten van de GRJR. Er is besproken welke richting we op kunnen gaan en welke afspraken we als college met de raad kunnen maken. Deze afspraken en richtingen zijn vastgelegd in een raadsinformatiebrief die in het najaar naar de raad is gestuurd. Deze raadsinformatiebrief heeft als basis gediend voor de informele zienswijze. College en raad hebben zorgen over de ontwikkelingen bij de GRJR. Het college heeft deze zorgen overgebracht aan de GRJR.
Er is voor gekozen instemming te vinden bij de raad, zodat we verder kunnen zonder obstakels. Mochten er nog aanvullingen op deze zienswijze zijn dan hoort de wethouder deze graag. Mevrouw Muller (VVD) geeft aan dat zij tezamen met de andere raadsrapporteur, de heer Van Stijn (GL/PvdA), het belangrijk vond om de zienswijze, met hun aanvullende input, in de commissie te bespreken. Mevrouw Krajenbrink (IBV) maakt zich zorgen. Er komt veel op ons af, zoals de wethouder al aangaf. Wat IBV in hoge mate interesseert, is wat het college anders gaat doen. Het IBV schaart zich achter de informele zienswijze. Mevrouw Muller (VVD) maakt zich zorgen over de stijgende kosten van de GRJR. Zij vraagt zich af wat de reden voor de alsmaar stijgende kosten is. Ligt dat bijvoorbeeld aan de langdurige trajecten. Deze zijn namelijk niet altijd in het belang van de jongeren. De GRJR doet te weinig om deze trend te doorbreken. Zij roept op om de inkoopprocessen te verbeteren en te onderzoeken hoe de kosten tot stand komen. Is het vragen om meer geld wel een oplossing als de kosten blijven toenemen? Zij stelt voor om, naar voorbeeld van de gemeente Zwolle, sociaal contracteren te overwegen in plaats van het klassieke inkoopmodel, wat mogelijk kan helpen om binnen de begroting te blijven. Daarnaast wijst zij
op de verantwoordelijkheid van de gemeente bij de beoordeling van declaraties en vraagt zij zich af of er niet meer zelfstandige woonplekken moeten worden gecreëerd om de uitstroom uit zorg met verblijf mogelijk te maken. Zij pleit om een scherpere informele zienswijze richting de GRJR in te dienen om meer inzicht en grip te krijgen op de kostenstijgingen. Mevrouw Bakker (CDA) stelt voor dit toch wat technische onderwerp toegankelijker te maken voor volgend jaar. Ze is benieuwd naar de resultaten van het rekenkameronderzoek over inkoopmethoden en subsidieregelingen voor jeugdreclassering, jeugdbescherming en veilig thuis. Het CDA ziet drie opvallende punten: We moeten naar nieuwe inkoopvormen kijken. Het college heeft relevante opmerkingen gemaakt in de zienswijze. Het CDA pleit ervoor om het advies over zorgkosten één op één over te nemen en niet naar beneden bij te stellen. Het CDA vraagt zich af of terugkerende zorg altijd nodig is en of er alternatieve oplossingen mogelijk zijn. Mevrouw Vermeer (PVaZ) Het aantal jeugdigen dat hulp ontvangt, blijft al sinds 2020 relatief gelijk, Maar de kosten blijven wel stijgen. Er zijn veel dure vormen van zorg nodig. Veilig thuis blijkt onder de maat te presteren. Wat betekent dit voor de kinderen? Ondanks al die organisaties is de boel niet onder controle.
Zij zou eigenlijk wel een streepje bij de zienswijze willen toevoegen, namelijk om de GRJR te vragen bij de inkoop van contracten expliciet te kijken naar de input en output, de effectiviteit en het resultaat van hulptrajecten van organisaties. Mevrouw M. Witte (Vrij Voorne) is het eens met mevrouw Bakker en maakt zich ook grote zorgen dat Veilig Thuis onder de maat presteert. Gaat de gemeente hier iets aan doen, of wordt dat alleen door de GRJR bepaald? De heer Smit (ONS Brielle). De processen binnen de GRJR zijn zwaar en duur. Het is belangrijk dat je bij de inkoop kritisch kijkt naar de processen. Kunnen die processen niet anders ingericht worden. Zijn oproep zou dan ook zijn om alert te zijn. In de zienswijze kan hij zich met eventuele aanvullingen wel vinden. De heer Houtman (D66) heeft een drietal vragen. Hij is het er mee eens dat in een vroeg stadium naar oplossingen moet worden gezocht. Dit is al eerder benoemd en misschien kunnen er op die manier minder kosten worden gemaakt als we eerder ingrijpen. Dat betekent dat we mogelijk minder middelen hoeven in te zetten. Verder kan het inkoopsysteem wellicht anders worden ingericht. Tot slot wil hij weten wat de gevolgen zijn van het feit dat de Waterweggemeenten uit de GRJR zijn gestapt.. Mevrouw Verkuijl (GL-PvdA) vindt het goed dat er ondanks dat er niet om een zienswijze is gevraagd deze toch wordt gegeven.
Zij vraagt zich af in hoeverre de andere 12 gemeenten dit ook doen en of daar dezelfde soort punten uit zijn gekomen. Als dat het geval is, zouden we dan niet samen sterker staan als we een gezamenlijke zienswijze indienen.. Wethouder Spoon concludeert dat de belangrijkste zorgen gaan over de jeugd en de stijgende kosten van jeugdzorg. De uitdaging is om de kostenstijging in de hand te krijgen. Hij weerlegt de stelling van mevrouw Krajenbrink van het IBV dat de verantwoordelijkheid over de schutting wordt gegooid. De verantwoording komt wel bij de gemeente terecht en de samenwerking om de kanteling binnen de jeugdhulp te realiseren, wordt als belangrijk gezien. Hij is het eens met de VVD dat we moeten zorgen dat de prijs van de hulp omlaag gaat in plaats van het lobbyen om meer geld. Maar als het Rijk op de bijdrage aan de gemeente bezuinigt moet we natuurlijk wel actie ondernemen. Hij signaleert evenals het CDA dat verwijzing naar andere zorg helpt om strakker toezicht te houden op de kostenontwikkeling en dat een goede samenwerking en verwijzing naar het zorgdomein ook belangrijk is om kosten te besparen. Preventie wordt opgepakt. Zelf inkopen is ingewikkeld. Er wordt gewerkt aan regionale inkoop van jeugdhulp, waarbij de samenwerking met gemeenten zoals Maassluis, Vlaardingen en Schiedam wordt versterkt.
De wethouder van Nissewaard heeft de nodige aandacht voor de problematiek bij Veilig Thuis. De wethouder zegt toe dat hij de raads- en commissieleden regelmatig actuele informatie zal verstrekken over de GRJR via een raadsinformatiebrief. Tevens zegt hij toe dat hij het voorstel van de VVD om naar de inkoop suggestie van de gemeente Zwolle te kijken mee zal nemen in de zienswijze. Ook zegt hij toe om op voorstel van het CDA bij de GRJR te bewerkstelligen dat hun kadernota voor 2027 in meer leesbare taal wordt geschreven. Hij zegt ook toe om op voorstel van mevrouw Vermeer van PVaZ de formulering in de zienswijze aan te passen als het gaat om nog effectiever in te kopen.
Mevrouw Bakker (CDA) pleit ervoor dat de zorgkosten in de eigen begroting worden opgenomen, in plaats van apart in de begroting van de GRJR. Ze is benieuwd naar de mening van de wethouder op haar voorstel om het advies een op een over te nemen omdat de provincie hier ook scherp bij meekijkt. De heer Smit (ONS Brielle)dringt erop aan om kritisch te kijken naar de processen om kosten te besparen. Mevrouw Muller (VVD) heeft twee punten: Ten eerste vraagt ze of de stagnatie in de uitstroom van zorg naar zelfstandig wonen komt door een tekort aan zelfstandige woonplekken en of dit lokaal verholpen moet worden. Ook wil zij aandacht vragen voor de inzet van zzp'ers bij de ingekochte organisaties, omdat deze veel geld kosten en een groot teamverband fijner zou zijn voor de kinderen. Ze vraagt om hier met de GRJR afspraken over te maken om zo de kosten te verminderen en de continuïteit van de zorg te verbeteren. Mevrouw Verkuijl (GL-PvdA) heeft nog geen antwoord van de wethouder gekregen op de vraag in hoeverre er samenspraak is geweest met de andere 12 gemeentes en of zij ook een kijk op de kadernota geven en met dezelfde knelpunten zitten. Mevrouw Vermeer (PVaZ) vraagt of er een verklaring voor is dat andere gemeenten minder hard stijgen in kosten. (zie pagina 37 van de Kadernota).
Wethouder Spoon geeft richting het CDA aan dat er zeker realistisch zal worden begroot en dat het niet rooskleuriger zal worden voorgesteld dan het in feite is. Het verzoek van de heer Smit om kritisch te kijken naar inkoopprocessen wordt door hem bevestigd. Er is binnen de gemeente een ambtelijk – bestuurlijke werkgroep opgericht die zich richt op de kosten van de jeugdzorg, waarbij de inkooporganisatie en financiën betrokken zijn om creatieve oplossingen te bedenken binnen de regels en met het belang van de jeugd voorop. Hij geeft aan dat de uitstroom naar 18+ zorg, die de VVD aangeeft, zal worden betrokken in de uitvoeringsagenda van de WWZ visie en is wat terughoudend om de opmerking over de ZZP’ers mee te nemen in de zienswijze, maar dat het beter is deze in het AB van de GRJR te bespreken. De VVD kan zich hierin vinden. Hij zegt toe dat hij probeert de 3 aanvullingen uit de eerste termijn in de zienswijze te verwerken en daarna zal komen met een concept zienswijze. Op de vraag van de voorzitter geeft wethouder Spoon nog aan dat onze zienswijze met andere gemeente binnen de GRJR wordt gedeeld. De commissie acht het voorstel rijp voor behandeling in de raad van 13 maart als bespreekstuk. Agendapunt 9. Raadsinformatiebrief “Naar sobere, tijdelijke huisvesting voor statushouders’ Ingekomen stukken raad van 19/12/24, verzoek om te bespreken van mw. Dudink, ONS Brielle.
De heer Smit (Ons Brielle) in afwezigheid van mevrouw Dudink(Ons Brielle) geeft een introductie op het te bespreken onderwerp; De aanleiding is de brief over sobere huisvesting, de volgende stap is wat gaan we aan de huisvesting in zijn algemeenheid doen. De druk op de sociale huisvesting is hoog. Er zijn wel plannen maar dat duurt nog jaren voordat die gerealiseerd zijn. Er gebeuren nu dingen in de regio wat plots wel kan, waarom kunnen er nu niet zaken geregeld worden, wat is realiseerbaar. Het wordt tijd om te stoppen met het orthodoxe nadenken over huisvesting. De tijd is nu rijp dat we moeten gaan inventariseren waar woningbouw nodig is en kijken naar leegstaande gebouwen die we kunnen verbouwen. Buiten de box gaan denken. Bewust moeten zijn dat mensen die buiten deze zaal zitten met verbazing kijken waarom sommige zaken niet gerealiseerd kunnen worden. Het wordt tijd om over muren heen te stappen. Oproep aan de commissie of de commissie bereid is hierover mee te willen denken. Voor de meerderheid van de commissie is het niet helemaal duidelijk wat er nu besproken wordt, of het om sobere huisvesting voor statushouders gaat of het breder trekken naar sociale huisvesting in zijn algemeenheid en/of out of de box te denken.
De heer Dedert (BVNL) heeft zich daarbij voorbereid op een inhoudelijke reactie op de raadsinformatiebrief en stelt daarbij diverse vragen aan het college. De heer Smit (Ons Brielle) geeft aan dat dit niet de bedoeling is, c.q. het doel van deze bespreking.
Het voorstel vanuit de commissie is om dit punt voor een aparte avond te agenderen zodat iedereen zich hierop goed kan voorbereiden en er een goede discussie kan plaatsvinden. Wethouder Spoon stelt voor om in april bij de avond van Projecten dit onderwerp toe te voegen en dan het gesprek aan gaan wat er op dit moment gebeurd en ook het out of de box denken erbij betrekken. Er zijn wellicht genoeg mogelijkheden die wel kunnen. Mocht er daarna nog aanleiding zijn om dit verder te bespreken in een commissie kan dat altijd. De voorzitter dankt de wethouder voor het voorstel en concludeert dat we inderdaad moeten kijken wat daarin de mogelijkheden zijn en dit onderwerp goed is voor een thema-avond. 10. Rondvraag.
Er is zij geen vragen voorgesteld.
11. Sluiting. De voorzitter dankt een ieder voor de aanwezigheid en inbreng en sluit de vergadering.
De commissiegriffier,
De Voorzitter,