CConstaterende datVoorne aan Zee
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptraadsvoorstel Integraal armoedebeleid

Raadsvergadering 19 december 2024, gemeente Voorne aan ZeeBij agendapunt: “Een stap vooruit”, integraal armoedebeleid Voorne aan Zee 2025 - 20281.861 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Onderwerp: Portefeuillehouder: Zaaknummer:

“Een stap vooruit” integraal armoedebeleid Voorne aan Zee 2025 – 2028 A.J. Spoon 200521-2024

Gevraagd besluit De raad van de gemeente Voorne aan Zee besluit: 1. “Een stap vooruit”, integraal armoedebeleid Voorne aan Zee 2025 -2028 vast te stellen en deze in werking te laten treden op 1 januari 2025; 2. in te stemmen met het beschikbaar stellen van de benodigde structurele extra lasten voor de aanpak van armoede en schulden ad € 110.000 en deze mutatie op de begroting 2025 te verwerken in een begrotingswijziging; 3. de Verordening Individuele Inkomenstoeslag gemeente Voorne aan Zee 2024 met ingang van 31 december 2024 vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van de Verordening Individuele Inkomenstoeslag gemeente Voorne aan Zee 2023. Advies van commissie De commissie adviseert om het voorstel als bespreekstuk te agenderen voor de raadsvergadering van 19 december 2024. Inleiding Per 1 januari 2023 zijn de voormalig gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne gefuseerd. De voormalig gemeenten hadden geen integraal armoedebeleid. Hierdoor was er behoefte aan de ontwikkeling van integraal armoedebeleid. Daarnaast is vanwege de fusie het minimabeleid geharmoniseerd. Aangezien in het harmonisatietraject van het minimabeleid is aangegeven dat het minimabeleid na een jaar zou worden geëvalueerd, is de evaluatie van het minimabeleid meegenomen bij de ontwikkeling van het integraal armoedebeleid.

Het beleidsplan biedt voor de komende vier jaar een samenhangende aanpak voor het bestrijden van armoede. 1. Begrotingsprogramma, bestaand beleid, kaders en eerdere besluiten In het collegeprogramma is opgenomen dat er armoedebeleid wordt ontwikkeld. Daarnaast is in het harmonisatietraject van het minimabeleid aangegeven dat het geharmoniseerde minimabeleid na een jaar zou worden geëvalueerd. De resultaten van de evaluatie meegenomen in de ontwikkeling van dit integraal armoedebeleid. Tijdens het harmonisatieproces van het minimabeleid is door de raden van de voormalig gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne de Verordening Individuele Inkomenstoeslag gemeente Voorne aan Zee 2023 vastgesteld. Op grond van de Wet Ahri komt deze verordening eind dit jaar te vervallen. Om die reden is het noodzakelijk om een nieuwe verordening (onder gelijktijdige intrekking van de verordening van 2023) vast te stellen. Inhoudelijk is de verordening niet gewijzigd. De beantwoording van de toezeggingen SL23-002, SL23-003 en SL23-007 zijn in het beleidsplan opgenomen. 2.

Argumenten

De belangrijkste argumenten voor de ontwikkeling van integraal armoedebeleid zijn: Wettelijke verplichting Op grond van de Wgs is een gemeente verplicht om elke vier jaar een beleidsplan schulddienstverlening vast te stellen. De termijnen van de plannen van de voormalige gemeenten zijn inmiddels verlopen. Vanwege de ontwikkelingen op het gebied van armoede is er behoefte aan de ontwikkeling van een integraal beleid, waarin schulddienstverlening een onderdeel is. Met een integrale aanpak wordt de vicieuze cirkel doorbroken en armoede effectief aangepakt. Fusie van de gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne Voor de bestrijding van armoede is het minimabeleid een belangrijk aspect. Vanwege de fusie is het minimabeleid geharmoniseerd. In het harmonisatietraject van het minimabeleid is aangegeven dat het minimabeleid na een jaar zou worden geëvalueerd. De evaluatie en de resultaten van de evaluatie van het minimabeleid zijn meegenomen bij de ontwikkeling van het integraal armoedebeleid. Samenhangende aanpak bestrijding armoede Het beleidsplan biedt een brede aanpak voor het bestrijden van armoede. Dit is noodzakelijk om structurele problemen effectief aan te pakken en de bestaanszekerheid van inwoners te verbeteren.

Het beoogde effect van het beleidsplan is om een meer samenhangende en effectieve aanpak van armoede te realiseren waarbij de ondersteuning beter aansluit op de behoeften van de doelgroep. Om dit te bereiken zijn zeven strategische doelstellingen in het beleidsplan opgenomen: 1. Toegankelijke en laagdrempelige dienstverlening: de inwoner weet de gemeente te vinden en weet welke ondersteuning er geboden wordt. Om de doelgroep zo goed mogelijk te bereiken vraagt dit een eenvoudige en duidelijke manier van communiceren door de gemeente. 2. Integrale aanpak binnen het sociaal domein: de inwoner krijgt passende ondersteuning op alle relevante levensgebieden die spelen binnen het sociaal domein. 3. Kinderen een kans bieden om mee te doen: door middel van de minimaregelingen ondersteunen wij de kinderen om deel te nemen aan sociale en sportieve activiteiten. 4. Het bieden van inkomensondersteunende maatregelen voor inwoners met een laag inkomen: de doelgroep is bekend met deze regelingen en maakt er gebruik van. 5. Het zoveel mogelijk lokaal organiseren van de schulddienstverlening: hierbij is aandacht voor de samenwerking met interne en externe partijen die een rol kunnen spelen in het toepassen van maatwerk. 6.

Preventie, vroegsignalering en nazorg: gelet op recente ontwikkelingen waarbij zowel het minnelijk als het wettelijk traject verkort is tot 18 maanden is het van belang om schuldenproblematiek zo veel mogelijk te voorkomen en te traceren. Waarbij een vloeiende overgang tussen de verschillende fasen van schulddienstverlening (preventie, vroegsignalering, curatie in de vorm van schuldregelingen en nazorg) van belang is. Met de nazorg wordt vervolgens toegewerkt naar meer zelfredzaamheid. 7. Aandacht voor verschillende doelgroepen: er zijn een aantal groepen die extra aandacht verdienen bij de aanpak van de armoede- en schuldenproblematiek, zoals de laaggeletterden, gezinnen met minderjarige kinderen en jongeren. Verordening Individuele Inkomenstoeslag gemeente Voorne aan Zee De individuele inkomenstoeslag is één van de inkomensondersteunende regelingen die de gemeente biedt. Vooruitlopend op de nieuwe gemeente Voorne aan Zee hebben de raden van de voormalig Gemeenten Brielle, Hellevoetsluis en Westvoorne de Verordening Individuele Inkomenstoeslag gemeente Voorne aan Zee 2023 vastgesteld. Op grond van de Wet Ahri komt deze verordening eind dit jaar te vervallen. Om die reden is het noodzakelijk om een nieuwe verordening (onder gelijktijdige intrekking van de verordening van 2023) vast te stellen. Inhoudelijk is de verordening niet gewijzigd.

3. Communicatie en participatie Afgelopen maanden is door middel van interviews, stellingen, brainstormsessies en een enquête ervaringen, meningen en visies opgehaald bij onze inwoners, interne collega’s, maatschappelijke partners, de Raad en de Adviesraad Sociaal Domein op het gebied van het te ontwikkelen integrale armoedebeleid en de evaluatie van het minimabeleid. Inwoners zijn op verschillende manieren benaderd om deel te nemen aan de enquête. Ten eerste zijn de leden van het inwonerspanel uitgenodigd om aan de enquête deel te nemen. Daarnaast hebben inwoners die gebruikmaken van de minimaregelingen en/of de schulddienstverlening een brief ontvangen met de uitnodiging om mee te doen. Verder zijn gemeentelijke kanalen, zoals de gemeentepagina in lokale kranten en sociale media, ingezet om inwoners te verzoeken deel te nemen aan de enquête. In totaal hebben 923 inwoners aan de enquête meegedaan. Bij de maatschappelijke partners zijn interviews afgenomen. Uw Raad is in een informatieve bijeenkomst aan de hand van een aantal stellingen bevraagd. De interne collega’s hebben tijdens brainstormsessies hun input kunnen leveren. Ook aan de Adviesraad Sociaal Domein zijn een aantal vragen voorgelegd. Daarnaast is het concept beleidsplan ter advisering aan de Adviesraad Sociaal Domein voorgelegd.

Samengevat de meest belangrijke conclusies uit de opgehaalde input: - De huidige inkomensondersteuning is voldoende, maar de informatievoorziening kan beter. - Er is behoefte aan informatie over de inkomensondersteuning en op welke regelingen de inwoner recht heeft. Inwoners blijken namelijk niet altijd goed op de hoogte te zijn van de inkomensondersteuningsmogelijkheden. - In geval van het Kindpakket en het Participatiefonds wordt zowel de verstrekking in natura (voorkeur van maatschappelijke partners) als de verstrekking in een geldbedrag (voorkeur van inwoners) als voorkeursoptie genoemd. Verder wordt hierbij aangegeven dat deze regelingen ontoereikend zijn om datgeen te bekostigen waar het voor bedoeld is. Naar aanleiding van de opgehaalde input heeft er met betrekking tot het Kindpakket een nader onderzoek plaatsgevonden. De uitkomsten van dit onderzoek en de voorkeursoptie voor wat betreft de invulling van het Kindpakket zijn in een informatieve bijeenkomst met uw Raad gedeeld. De voorkeursoptie Kindpakket is in het beleidsplan opgenomen. Naast de opgehaalde input zijn ook de landelijke ontwikkelingen meegenomen in het beleidsplan. In het kader van de schulddienstverlening zijn er landelijk afspraken gemaakt om de dienstverlening in gemeenten gelijk te trekken, zodat inwoners in alle gemeenten dezelfde basisdienstverlening schuldhulpverlening ontvangen.

Na vaststelling van het beleidsplan worden de interne collega’s, inwoners en maatschappelijke partners op de hoogte gebracht van de inhoud het beleidsplan en welke gevolgen het heeft voor de praktijk. Ook gedurende de looptijd van het beleidsplan worden zowel de interne als externe partijen meegenomen in de uitrol van het beleidsplan. De Adviesraad Sociaal Domein ontvangt een kopie van het vastgestelde beleidsplan en wordt geïnformeerd over de aanpassingen die gedaan zijn naar aanleiding van het advies. Het beleidsplan wordt na vaststelling gepubliceerd. Er wordt een communicatieplan opgesteld met betrekking tot de uitrol van het beleid richting inwoners en stakeholders. In Q4 2027 wordt het beleid breed geëvalueerd waarbij onder meer de inwoners en maatschappelijke partners worden betrokken.

4. Duurzaamheid Niet van toepassing. 5. Kosten, baten en dekking Om het beleidsplan tot uitvoering te brengen zijn financiële middelen nodig. Rekening houdend met de structurele tekorten waar gemeenten vanaf 2026 mee te maken hebben, moeten er keuzes worden gemaakt. Uitgangspunt is dat bestaande budgetten gehandhaafd worden voor al bestaand beleid en nieuw beleid. In het beleidsplan zijn zowel voor het minimabeleid als schulddienstverlening de lasten opgenomen. Te maken kosten minimabeleid In het beleidsplan is een nieuwe invulling van het Kindpakket opgenomen. Het Kindpakket zal niet langer als geldbedrag worden verstrekt, maar in natura, uitgevoerd door de Stichting Leergeld. Doordat het Kindpakket in natura wordt uitbetaald kan er een beroep op de Klijnsma gelden worden gedaan, die jaarlijks aan de gemeente beschikbaar worden gesteld via de circulaire. In de Kadernota 2025 zijn de Klijnsma gelden opgenomen voor de uitbetaling van het Kindpakket in natura. Doordat het Kindpakket in natura vanuit de Klijnsma gelden wordt betaald is er in de meerjarenbegroting budget minimabeleid 2025 -2028 een -/- post van opgenomen € 252.000,--. Dit betreft het bedrag dat was gereserveerd voor de uitbetaling Kindpakket in geldbedrag. Dit bedrag zal nu worden gebruikt om de te maken kosten van het nieuwe minimabeleid van te betalen.

Hierdoor wordt het budget voor het oude beleid Kindpakket ingezet voor de nieuwe investeringen minimabeleid.

Te maken kosten schulddienstverlening In de meicirculaire 2024 zijn verschillende taakmutaties opgenomen waaronder structurele middelen voor de aanpak van armoede en schulden (€ 110.000). Ten tijde van het opstellen van de tweede bestuursrapportage 2024 was het integraal beleid nog niet gereed waardoor deze middelen zijn vrijgevallen ten gunste van het begrotingssaldo, de algemene middelen. Door middel van dit voorstel is er een plan om gebruik te maken van de middelen die beschikbaar zijn gesteld. Daarmee wordt met terugwerkende kracht voorgesteld om het structureel benodigde budget te alloceren voor de aanpak van armoede en schulden en dit in de begroting 2025 te verwerken door middel van een begrotingswijziging.

Zowel het vorige als het huidige kabinet heeft aandacht voor de mensen die in armoede leven. In het kader van de bestrijding van armoede is preventie een belangrijk instrument. Landelijk wordt er steeds meer ingezet op preventie. Door te investeren in nieuw minimabeleid en schulddienstverlening wordt verwacht dat de inwoner sneller de juiste hulp ontvangt waardoor zoveel mogelijk wordt voorkomen dat financiële problemen uitgroeien tot problematische schulden en dure trajecten ingezet moeten worden. 6. Regionale afstemming Regionale afstemming is niet van toepassing. Bijlagen: Bijlage 1, “Een stap vooruit”, integraal armoedebeleid Voorne aan Zee 2025 -2028; Bijlage 2, Advies van de Adviesraad Sociaal Domein d.d. 12 september 2024; Bijlage 3, Brief aan Adviesraad Sociaal Domein; Bijlage 4, Verordening Individuele Inkomenstoeslag gemeente Voorne aan Zee 2024.

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14907710/4